Koos Spitse

Revolutie in afgelegenheid
Het bestuur van Urk, Emmeloord en Ens tussen 1783 en 1799
Koos Spitse


Dit heerlijke en uitermate interessante boek van Spitse beschrijft de Bataafse Revolutie en de tijd die daaraan voorafging in de dorpen Urk, Emmeloord en Ens. Vandaar de mooie en zeer passende titel Revolutie in afgelegenheid. Het boek begint met de landelijke ontwikkelingen tussen 1783 en 1799 en de weerslag daarvan op Urk, Emmeloord en Ens. Daarnaast maakt Spitse ook nog een vergelijk met de ontwikkelingen in die tijd in Amsterdam ten opzichte van de genoemde dorpen. Daarna behandelt hij steeds per dorp hoe de omwentelingen zijn verlopen en hoe deze van dorp tot dorp verschilden of juist overeenkwamen. Hij vergelijkt onder andere hoe de bestuurlijke vormen voor de revolutie georganiseerd waren en hoe deze tijdens het democratiseringsproces al dan niet werden gewijzigd onder invloed van de voor- en tegenstanders van de revolutie.


Op Wikipedia is te lezen dat de Bataafse Revolutie een fluwelen revolutie was, die in tegenstelling tot de Franse Revolutie zonder enig bloedvergieten is verlopen. Fluweel in die zin misschien dat het zonder wijdverbreid bloedvergieten ging, maar in het boek van Spitse is te lezen dat er wel degelijk sprake was van vlijmscherpe woorden in de historische brieven en geschriften die geschreven zijn door de ‘ambtenaren’ van de diverse besturen van de genoemde dorpen. Het schriftelijk uitvechten van meningsverschillen tussen de standpunten van patriotten en orangisten ging er bij tijd en wijle heel fel aan toe. Dit uitvechten gebeurde in de dorpen met name tussen verschillende functionarissen. De verantwoordelijken op afstand in de betrokken provincies probeerden de boel in goede banen te leiden. Vaak was niet geheel duidelijk welke bevoegdheden de functionarissen nog wel of niet bezaten na de doorgevoerde democratische besluitvorming. Vaak ook legden zij zich niet bij de besluiten neer aangezien dit gevolgen had voor hun status en financiële positie. Kortom er heerste chaos en mede ook omdat de besluitvorming per dorp anders kon zijn. Het omvormen van de vriendjespolitiek ter plaatse naar een meer rechtvaardig democratisch bestel ging er soms hard aan toe.


Uit het boekje van Spitse kan je opmaken dat hij zeer gedegen onderzoek heeft gedaan naar de brieven en geschriften uit die tijd en daarnaast heeft hij een groot talent om dit op zo’n mooie manier te beschrijven dat het boekje bijna leest als een roman. De verschillende bestuursleden leer je door het boek heen bijna persoonlijk kennen en Spitse heeft hen uit de oude geschriften tot leven gebracht. Misschien dat zijn ervaring als psychotherapeut hem geleerd heeft mensen zelfs uit wat zij schrijven te doorgronden. Echter ook de auteurs van de geschriften schrijven juweeltjes van zinnen, die in het boek vaak uitgebreid letterlijk geciteerd worden door Spitse. De persoon achter de ambtenaar klinkt ook hier en daar door in deze officiële documenten. Een mooi voorbeeld hiervan vinden we op bladzijde 100 van het boek. Een aantal ambtenaren, waaronder oud-onderwijzer Jan de Wit van Emmeloord verzoeken schriftelijk aan het Provinciaal Comité van Overijssel om de uitbetaling van hun traktement.  Rentmeester Brands, verantwoordelijk voor deze uitbetaling van de traktementen, schiet de brief van klager De Wit in het verkeerde keelgat en hij laat het Provinciaal Comité weten dat De Wit zijn geld voortaan zelf maar in Den Haag moet gaan halen. Letterlijk schrijft hij: ‘van dien oude [oud-onderwijzer De Wit] ik mag wel zeggen van dien oude gek al lang moede.’ Hij was De Wit dus meer dan zat, maar hij begrijpt dat hij dit eigenlijk niet kan schrijven en verontschuldigt zich bij het comité met de woorden: ‘neemt mijn stout schrijven niet kwaalijk, ik ben driftig.’


Spitse laat ons met dit boekje zien welke invloed belangrijke ontwikkelingen in de geschiedenis van de staatkundige vorming van Nederland hebben op het kleinste niveau en, zoals hij zelf schrijft, in afgelegenheid. Daarnaast lezen we wat dit persoonlijk betekende voor mensen die betrokken waren bij dit proces. Spitse heeft dat met dit boek op een hele toegankelijk manier gedaan en dat maakt het een zeer lezenswaardig boek.


Over de auteur

J. Spitse (1938) was tot zijn pensionering in 2000 psychotherapeut/orthopedagoog bij een RIAGG. Daarna legde hij zich toe op kerk- en regionale geschiedenis, waarover hij regelmatig publiceert.


ISBN 9789057308833, Ingenaaid gebonden met zwart-wit illustraties, 192 pagina's, Walburg Pers

© Ria, 22 mei 2013

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER