Nieuwe jeugdboekrecensies 10+

Kattenkasteel
Annick Bardijn

‘Mijn kat kwam uit het niets en werd mijn alles.’


Liz gaat met haar broer Ulrik en diens vriend Max – op wie Liz stiekem een oogje heeft – naar een verlaten kasteel bij hen in de buurt. Ze zijn een uitdaging aangegaan, daarvoor moeten ze foto’s maken om te bewijzen dat ze daadwerkelijk naar binnen zijn gegaan.
Want ja, het is verboden terrein en bovendien staat het zogenaamde Kattenkasteel bekend als een spookkasteel. Het heeft die naam omdat er een beeld van een kat op de toren staat. Er gaan griezelige verhalen de rondte over katten en heksen…
Maar daar geloven ze niet in toch?


Toch vindt Liz het inderdaad wat griezelig daarbinnen. Er hangt een unheimische sfeer.
Krijgt ze gelijk? Op enkele van de foto’s die ze maken staat een geheimzinnige lichtcirkel. Stofdeeltjes, zeggen de jongens. Maar Liz twijfelt daaraan. Ze weet zelf trouwens niet wat haar bezielt als ze uit een doos waarop met grote letters ‘Rommelmarkt’ staat, een kistje meeneemt.


‘Het voelde als een houten kistje. Ze nam de zaklamp weer in één hand, legde het kistje in haar schoot en wreef met de andere hand over het deksel.
Het hout had een mooie roodbruine kleur en de bovenkant bestond uit een mooi schilderij van een zwarte kat. De kat zat in een fiere, rechte zithouding op een vensterbank, de staart rond de poten naar voren gedraaid en keek haar met zijn gele ogen en zwarte pupillen recht aan.’


Het is dezelfde kat als op de toren, ziet ze.
En dan stoppen er auto’s bij het kasteel! Om weg te komen is het te laat en ze verstoppen zich dan maar. Tot hun grote schrik worden ze gezien. Door een jongen van hun leeftijd. Als ze later buiten zijn zijn ze verbaasd: waarom stopt niemand hen? Waarom heeft die jongen geen alarm geslagen?


Drie jaar later maakt Liz plannen om een boek te schrijven. Voor school moet ze namelijk een opdracht doen, en ze heeft schrijven altijd leuk gevonden. Ze begint met een onderzoek naar het kattenkasteel, en neemt hun eigen avontuur als basis.
Het kasteel is intussen prachtig verbouwd. Het wordt verhuurd voor feesten en zo. Als de makelaar met zijn gezin een kijkje komt nemen, kijkt Liz toe. Maar: die jongen, die kent ze! Hun eerdere avontuur blijkt niet voorbij! Integendeel: het komt nu pas echt op gang!
Er is een grote rol weggelegd voor een zwarte kat die ogenschijnlijk op willekeurige momenten komt en gaat. Natuurlijk is dat niet zomaar…


Behalve een heel leuk en spannend avontuur lezen we ook van alles over lichtbollen en andere magische dingen. Wat is een orb? En een triquetra?
Als je het verhaal helemaal uitleest – en waarom zou je niet, het sleept je mee – weet je de antwoorden op deze vragen. En ook wat de zwarte kat wil, en wie die onbekende jongen is.


Aangezien de schrijfster een Vlaamse is, zijn er soms Vlaamse woorden en klinkt de woordvolgorde ons wat vreemd in de oren.
‘Zij liet zich dan op dezelfde manier naar beneden zakken‘ of ‘we moeten hier nog wegraken.’ Nederlanders zeggen dat anders, maar we begrijpen het wel, het lijkt dus geen probleem. Vooral niet omdat de spanning toch de overhand heeft.


Bardijn schrijft lekker vlot, korte zinnen, geen lange uitweidingen, maar to the point. Leuke toevoeging zijn de kattenspreuken bij het begin van de delen die steeds een dag beslaan. En dat het verhaal zich afspeelt tegen eind oktober is ook niet willekeurig gekozen.
De afbeelding op de voorkant is prachtig.
Met achterin verwijzingen naar websites voor meer informatie.


De Vlaamse Annick Bardijn is natuurlijk kattenliefhebber. Zij is ook pedagogische begeleider en zoals zij nu bewijst: een schrijfster.


ISBN 9789083140452 | Hardcover | 254 pagina's | Phoenix | augustus 2021
Leeftijd 10+

© Marjo, 24 september 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Kind i
Steve Tasane


Vandaag is de modder droog, met korsten, en hij waait in mijn ogen. Vandaag ben ik ook jarig. Ik denk dat ik vandaag jarig ben.
Ik vroeg aan een van de volwassenen welke datum het vandaag was.
'Is het drie juli?' vroeg ik.
'Zoiets,' zei hij.
Op drie juli ben ik jarig. Ik denk dat ik vandaag jarig ben.
Ik weet het zeker. Ik word tien. Ik bén tien.
Zeker weten!


Dit begin van het boek roept gelijk vraagtekens op. Waarom weet het kind niet of het 3 juli is? Waarom dénkt hij dat hij jarig is?
Als we verder lezen, komen we erachter dat het kind in een vluchtelingenkamp zit. Het schrijnende van het wel/niet zeker weten of hij jarig is, komt door het mogelijk nóg hartverscheurender gegeven dat het kind bestolen is.  Zijn rugzak met paspoort en telefoon met foto's zijn weg. Met alle kracht probeert hij zich de gezichten zijn vader en moeder, broertjes en zusjes te herinneren. Maar ze verdwijnen steeds meer.


Omdat hij geen paspoort meer heeft, bestaat hij in feite niet meer, hij is anoniem, daarom is hij kind i genoemd - zelfs een hoofdletter kan er niet af - Een paspoort betekent alles, betekent mogelijkheden op een nieuw leven, betekent een kans op vrijheid, betekent een toekomst.


Hier in het kamp noemen we je paspoort je levensboek. Zonder paspoort heb je geen leven. Om te beginnen kun je al niet bewijzen dat je bent wie je zegt dat je bent. Misschien is je naam wel verzonnen. [...]
Je hele levensverhaal staat erin: je naam, je verjaardag, de namen van je ouders, waar je woont, waar je geweest bent, en een foto van je gezicht. Je hele leven, elk stukje op zijn eigen bladzij, bij elkaar gebonden in één belangrijk boek - je levensboek.


Bijna alle kinderen in het kamp hebben geen paspoort meer, die is gestolen, verbrand, in beslag genomen, verdronken...Natuurlijk hebben de kinderen wel een eigen naam, maar ze 'kiezen' voor anonimiteit, denken aan vroeger is vaak te moeilijk. 'Ik ga niet vertellen hoe ik vroeger leefde. ik ga vertellen hoe ik nu leef, hier in het kamp, en ik begin bij vandaag' zegt kind i dan ook aan het begin van het boek.


Kind i maakt er het beste van. Hij heeft een hutje gemaakt voor zichzelf en de eveneens ouderloze kind E en L.  Ze zijn broer en zus. Het enige bezit van de twee is een fotoalbum, waar kind L elke avond aan haar broertje uit 'voorleest'. De drie kinderen trekken altijd samen op, ze zijn een 'familie'. Kind i verzint steeds lieve, leuke dingen om de sfeer goed de houden. Hij verrast ze ook graag. Maar de situatie blijft moeilijk, eten vinden is bijna de dagtaak. Ook de regen is een ramp, alles verandert dan steeds in één grote blubbertroep.
Maar hoe lief en optimistisch Kind i ook is, de sfeer in het kamp zelf wordt steeds grimmiger. En dan komt de dag dat alles in het kamp verandert...


Met alle vreselijke toestanden die zich nu afspelen in Afghanistan komt dit verhaal extra heftig binnen. Niet in de zin van gruwelijkheden, want die worden niet verteld, maar wel de onmenselijke leefomstandigheden en de uitzichtloosheid van mensen die alles kwijt zijn - met name hun paspoort - wordt heel duidelijk gemaakt.


Door het verhaal te vertellen vanuit het perspectief van kind i, gaat wel de hardheid eraf. Kinderen zijn flexibel, zien altijd wel iets om mee te spelen, zijn snel boos maar ook snel weer vrolijk. Kind i registreert alles en heeft een mooie innerlijke wijsheid ontwikkeld zonder té wijs te zijn, daardoor wordt het een prachtig, indrukwekkend, tijdloos document.
Eigenlijk zou iedereen dit boek moeten lezen. Het zal veel meer begrip kweken voor vluchtelingen.


ISBN 9789026624650 | Hardcover | 175 pagina's | KokBoekencentrum | april 2021
Met nawoord van de schrijver en adressen van vluchtelinginstanties | Vertaald door Jaap Slingerland | leeftijd 10+

© Dettie, 26 augustus 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Billie en zijn genen
(over jou & DNA)
Stefan Boonen & Melvin


Er was eens een moeder. En er was eens een vader. Op een zaterdag – de zon scheen, het waaide – gingen ze naar De Winkel. Om er een kind te kopen. Deze kant uit, zei de verkoper. Ze liepen naar een grote hal. Allemaal rekken. En in die rekken allemaal potjes, potjes met spul in allerlei kleuren. Allemaal genen, zei de verkoper.


Het boek begint met bovenstaand schuingedrukt stukje tekst en op deze toon wordt het hele verhaal over onze genen verteld.
Want hoe leg je een kind uit wat genen zijn? En wat doen ze eigenlijk? Heeft iedereen eigenlijk genen? 
Allemaal vragen waarop je in dit boek antwoord krijgt en dat is knap want het is best moeilijk om te begrijpen waarom genen zo belangrijk en allesbepalend zijn.
Genen zorgen er namelijk voor of je blauwe of bruine ogen krijgt, maar bepalen ook de kleur van je haar, of je gek bent op chocola, of je hard kan rennen. Kortom genen bepalen hoe jij eruit ziet, of je spinazie lust, of je lange of korte vingers hebt en nog veel meer.


Stefan Boonen vertelt ons daar alles over. Want er komt meer bij kijken dan alleen maar genen. Ook je cellen en chromosomen en DNA (Dee en Aa) zijn belangrijk.
En hoe verder je in het boek leest, hoe meer je je beseft wat voor wonder er eigenlijk in jouw lichaam plaatsvindt.
Het is net een fabriekje dat precies weet hoe alles gemaakt moet worden en in elkaar zit.


Je hebt ook dominante genen, dat zijn genen die de baas spelen over andere genen. De genen erf je van je ouders (en grootouders en betovergrootouders enz).
Als jouw moeder bijvoorbeeld bruine ogen heeft en je vader blauwe ogen dan krijg jij... bruine ogen. Want bruin is een dominante gen.
Best bijzonder!

Natuurlijk is de wereld om je heen ook belangrijk. Als er weinig eten is dan word je misschien minder sterk dan je vader, of als je veel snoept krijg je toch gaatjes in je tanden, terwijl die dankzij je genen best goed zijn.

Melvin, die de tekeningen in dit boek maakte, kennen we al van de andere boeken van Stefan Boonen en ook dit keer heeft hij weer heel leuke tekeningen gemaakt waardoor je nóg beter snapt wat Stefan Boonen ons vertelt.
Al met al is het dus een prima boek!


Zie ook het inkijkexemplaar (iets naar beneden scrollen)


ISBN 9789463832694 | Hardcover | NUR 213 | 95 pagina's | Pelckmans | april 2021 | Leeftijd 10+
In samenwerking met Gert Matthijs (professor, geneticus) en Hanneke Van Camp (wetenschapscommunicator) beiden o.a. werkzaam bij KU Leuven

Dettie, 2 augustus 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De legendes van Li en Nao – Deel 1
De Grote Race
Ruby Coene


Je zou niet geloven dat Li en Nao een tweeling vormen. Ze zijn helemaal niet aan elkaar verknocht, en weten wat de ander denkt of voelt is er ook niet bij. Ook zijn ze anders van karakter. Nao is weetgierig en houdt van puzzelen. Hij weet dan ook veel. Li daarentegen handelt meer intuïtief, maar ze is ook eerlijk en moedig.


Je begrijpt dus wel dat als het gezin naar Taiwan gaat om hun opa en oma (waipo en waigong) te bezoeken, Nao er ontzettend veel zin in heeft: al die nieuwe dingen die hij gaat zien en leren! Taiwan moet heel bijzonder zijn. Ze kennen allebei al een beetje Chinees, van hun moeder geleerd. Maar Li is chagrijnig. Zij vindt het helemaal niets, ze was liever thuis gebleven. Maar dat mocht natuurlijk niet. Ze zijn nog net geen twaalf jaar.


In Taipei, de hoofdstad, logeren ze in een hotel, waar ze de eerste nacht allebei dezelfde droom hebben. Een nachtmerrie eigenlijk over een vrouw, die een kat is. Of andersom. Het is de voorbode van een spannend avontuur, maar daar hebben de twee nog geen idee van.


De volgende dag gaan ze naar hun grootouders.
En daar begint het pas echt: hun ouders worden ontvoerd! Wat weten waipo en waigong hier van? Die zitten eerst verdwaasd in de kamer, maar dan staat waipo op en pakt een houten kistje. Er zit een fluitje in waar waigong hard op blaast.
Er wordt op de deur geklopt. Papa? Mama? Maar er staat een wildvreemde man, die waipo en waigong wel schijnen te kennen.  ‘Muis,’ stelt hij zich voor. Hij vertelt dat het zijn schuld is dat hun ouders ontvoerd zijn. En dat alleen de kinderen hen kunnen terughalen. Tot Li’s grote schrik verandert hij zichzelf ineens in een muis! Wie is die man? En: wie zijn hun grootouders eigenlijk?


Muis vertelt een verhaal over de Chinese dierenriem, die ingesteld werd door de Jade Keizer: een cyclus van twaalf jaar met voor ieder jaar een dier. Hij organiseerde een race, de Grote Race, waarmee bepaald werd welke dieren het zouden worden en op welke plek ze zouden staan.
Muis won de Race. Maar, geeft hij toe: hij speelde vals. En daar was Kat zo boos om dat ze zwoer wraak te zullen nemen. En nu is ze sterk genoeg om dat te doen...


Wat hebben Li en Nao daarmee te maken?
Muis legt uit: ieder dier koos een familie uit om de magie te laten doorleven. En terwijl veel families dat geloof langzaam zijn kwijtgeraakt is de familie van Li en Nao er in blijven geloven. Zij zijn de afstammelingen van Muis. Daarom zijn nu de ouders ontvoerd. Behalve dat ze hu ouders terug willen, zijn Li en Nao volgens de legende de enigen die kunnen voorkomen dat kat haar wraak kan uitvoeren.
Maar: de kinderen zijn alleen sterk genoeg als ze samen werken. Het zal al duidelijk zijn dat daar het grote probleem schuilt.
Dan schrijft Muis met een pen Chinese tekens in de handen van Li en Nao. ‘Yiqĩ’, zegt waipo.
‘Samen.’ En de kinderen kunnen Chinees verstaan en spreken!


De grote speurtocht begint. Waar is Kat? Al snel is duidelijk dat ze de dieren van de dierenriem nodig hebben om haar te vinden. Sommige werken welwillend mee, anderen zijn al door Kat ingepalmd. Makkelijk gaat het niet worden! En dan zijn er ook nog de puzzels, raadsels en opdrachten die eerst opgelost moeten worden.


Het is veel, dit boek. Het is avontuurlijk, hetgeen je ook terugvindt in de manier waarop je het boek kan lezen. Als lezer kan je de puzzels mee oplossen, en als er meerdere oplossingen lijken te zijn, maak je een keuze een van de aanwijzingen van de schrijfster te volgen. Kies je het eerste: Ga naar hoofdstuk 43. Of Ga terug naar bladzijde 120. Dit verhoogt de spanning van het boek, want natuurlijk lees je alle mogelijkheden! En het steeds de keuzes die ofwel Li ofwel Nao maakt, waardoor je ook het verschil tussen de twee ervaart.


Avontuur dus, en karaktertekening. Dan ook: de dierenriem, de Chinese legendes. En ook nog toeristische informatie.
Er staan af en toe wat slordigheidjes in het boek. Iemand die Jan heet en in de ik-vorm vertelt zegt niet: muis kroop in Jans jaszak.
Maar daar stap je makkelijk overheen, want dit boek – een debuut! -  is zo verrassend, zo vernieuwend interactief, het is een heel fijn boek. Goed opgebouwd, ondanks het heen en weer geblader.


Dat Ruby Coene een prettige manier van schrijven - met een flinke dosis humor! - heeft staat buiten kijf en de tekeningen die er in het verhaal staan hebben een lekker Chinees tintje. Dat er een woordenlijst achterin staat is eigenlijk logisch.


Er wordt meteen al een tweede boek aangekondigd, en daar kijken we met zijn allen naar uit!


Ruby Coene (Arnhem) verzon en schreef al heel jong verhalen. Ze studeerde sociaalpedagogische hulpverlening en ontwikkelde ze een verhalende methode om educatie voor kinderen met ADHD en autisme beschikbaar te maken.


ISBN 9789048859047 | hardcover | 272 pagina's | Uitgeverij Moon| april 2021
Illustraties van Kristel Steenbergen | Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 28 juli 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Kan het nog erger?
Judith Koppens


‘Finn Sikkelberg is een sukkel!!’

Een goede binnenkomer is dit: in grote letters begint zo het eerste hoofdstuk.
De hoofdpersoon van het boek is de twaalfjarige Syl. Haar vriendje heeft net geappt dat hij de verkering uitmaakt. Hij gaat nu met Bente, zegt hij.
Syl is woest. Om het uitmaken natuurlijk, maar dat die jongen dat doet met een app! En met Bente? ‘Die stomme poedel uit 2b’? Zo noemde hij haar zelf toch? Kan het nog erger?


Als ze wil reageren ontdekt ze dat hij haar appjes niet leest. Staat zijn telefoon uit? Neemt hij haar in de maling soms? Duikt hij straks op, zich een deuk lachend omdat ze erin getrapt is? Helaas ontdekt haar vriendin dat hij haar nummer geblokkeerd heeft.
Kan het nog erger?
Maar al snel vallen haar problemen in het niet bij wat er allemaal gebeurt.


Eerst wordt mama gewaarschuwd: oma is gevallen en in het ziekenhuis beland. Als oma na een operatie naar huis wordt gestuurd zien Syls ouders de bui al hangen: ze zullen mantelzorger moeten zijn. Dus besluiten ze om nu alvast een paar dagen weg te gaan.


Anne, de zus van papa, komt oppassen, op Syl en het irritante jongere zusje. En aan Syl wordt gevraagd om af en toe bij oma op bezoek te gaan. Dat blijkt helemaal niet zo erg als ze dacht, want in het ziekenhuis leert ze Sebas kennen.
Een bijzondere jongen, ontdekt ze al snel. Want al ligt hij niet voor niets in het ziekenhuis, hij is goedlachs en zit vol streken, waarbij hij zijn kamergenoot Dirk, en natuurlijk Syl graag betrekt.
Syl gaat graag naar het ziekenhuis. Dat is natuurlijk geen plek voor alleen maar grappen, en de jongens zijn echt behoorlijk ziek, Dirk meer dan Sebas. Maar hoe ga je om met al die vervelende dingen?


'Sebas steekt zijn hand verontschuldigend omhoog. Ík zal stoppen met mijn flauwe grappen. Echt, ik beloof het.'
'Nou, als dat zou kunnen,' zucht Dirk, 'dan bel ik vandaag de krant.'


Dit is een belangrijk thema, maar er is nog meer. Syls vriendin vindt dat ze over zich laat lopen en spoort haar aan om Finn eens goed de waarheid te zeggen. Dat vindt Syl heel moeilijk, tot ‘die poedel’ haar aanspreekt. Dan komen alle emoties naar buiten!


Als er moeilijke woorden gebruikt moeten worden, worden die duidelijk uitgelegd en er zijn veel dialogen, zodat het makkelijk leest.
Ja, het boek gaat over een ernstige ziekte, over de dood. Maar het is vooral een realistisch verhaal dat vertelt hoe het in het leven kan gaan. Het is immers niet alleen maar lang leve de lol!
De toon is optimistisch. Ook al is er die traan, er zijn ook veel grappige scenes. Ontroerende voorvallen, en ja, er is angst, omdat je het leven niet kunt regelen zoals je dat zou wensen.
Kan het nog erger? Ja, het kan altijd erger. Maar Judith Koppens vertelt het zoals het is, en dat is beter dan er doekjes om draaien.


Op haar website stelt Judith Koppens:

‘Door mijn ruime ervaring als onderwijs- en gedragsspecialist weet ik hoe kinderen denken, wat ze willen en hoe ze zich ontwikkelen. Dit helpt me bij het schrijven van verhalen en teksten voor onder meer lesmethodes en educatieve tijdschriften.’


Judith Koppens (Deurne, 1969) begon als juf op een basisschool. Ze begon al snel boeken te schrijven, het eerste verscheen in 2004. intussen zijn er ruim 50 boeken voor kinderen van 3 tot 6 jaar, maar ook voor volwassenen.


ISBN 9789044841640| Hardcover | 146 pagina's | Uitgeverij Clavis | mei 2021
Illustraties van Marja Meijer | Leeftijd van 10+

© Marjo, 13 juli  2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Daisy in Love
Jette Schröder


Daisy krijgt nieuwe buren en ze heeft er een beetje de pest in, omdat ze de volgende dag, de laatste dag van de zomervakantie, met haar ouders naar de verjaardag van een oudtante moet, die 85 wordt. Haar beste vriendin Kim heeft met de rest van de klas afgesproken om te gaan zwemmen en Daisy is de enige die niet mee kan.


De zomervakantie was toch al niet naar wens gelopen. Eerst ging Kim met haar familie op vakantie naar Frankrijk en daarna ging Daisy met haar ouders en haar jongere zus naar Portugal, waardoor ze alleen de laatste week van de vakantie door kon brengen met Kim, die alleen maar kon praten over haar nieuwe vriendje Arjen, die ze op de camping in Frankrijk ontmoet. Daisy en Kim zullen na de vakantie in de tweede klas van de middelbare school beginnen.


Daisy besluit een chocolademasker op haar gezicht te smeren en haar teennagels te lakken. Om haar tenen een beetje te spreiden, doet ze er potloden, pennen, een markeerstift en een gummetje tussen haar tenen. Als ze zo op haar balkonnetje zit, hoort ze de stem van haar nieuwe buurjongen, die ook even een foto maakt van dit moment, dat ze zelf als heel gênant ervaart. De jongen stelt zich voor als Floris en zegt dat hij de nieuwe buurjongen is. Daisy eist dat hij de foto verwijdert, maar hij vindt dat zonde, omdat hij het juist een leuke foto vindt.


Op de verjaardag van haar oudtante ontmoet Daisy een achternichtje, dat ze jaren niet heeft gezien. Ze vertelt dat ze als fotomodel werkt en adviseert Daisy om een astrologie-app op haar telefoon te zetten, die haar veel heeft geholpen. Daisy volgt dit advies op en krijg vervolgens regelmatig vrij vage berichtjes. Kim ziet er niet al te veel in.
Als er op school een talentenjacht wordt georganiseerd, roept Kim dat ze daaraan mee moet doen en hoewel ze zelf haar twijfels heeft, schrijft Daisy zich toch maar in. Er gebeurt nog veel meer, maar als ik dat allemaal vertel, dan hoeft niemand het boek meer te lezen.


Nog een ding, waar ik zelf een probleem mee had. De schoolband The Moonies valt uit elkaar, omdat de bassist er uit wordt gezet, en gaat op zoek naar een nieuwe gitarist, hetgeen ik toch een beetje vreemd vond. Daisy weet dat Floris gitaar speelt en zij stelt voor dat hij zich bij de band meldt, als potentiële nieuwe gitarist. Natuurlijk wordt hij aangenomen. Rond de talentenjacht zijn er wel wat verwikkelingen, met een leerling die zeer fanatiek propaganda voor zichzelf laat maken, alsof het geen talentenjacht met een jury- en een publieksprijs is, maar een soort verkiezing.


Ik vond het een plezierig te lezen boek met een vrij grote regelafstand. Hoewel het roze omslag misschien anders deed vermoeden was het gelukkig ook weer niet superromantisch. Het boek is wel erg op de doelgroep geschreven en ik denk dat meisjes van een jaar of 12 zich wel zullen herkennen. Ik moet zeggen, dat ik, toen ik het boek uit had, wel erg benieuwd was naar het volgende boek over Daisy en Kim. Gelukkig is dit het eerste boek van een nieuwemeidenserie.


ISBN 978 94 027 0846 2 | gebonden | 271 pagina’s | Harper Collins | juni 2021

© Renate 20 juni 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Randje Buitenspel
Stijn gouden belofte Deel 1
Gerard van Gemert


In dit eerste deel uit een nieuwe serie Stijn gouden belofte dat een vervolg is op De voetbalgoden lezen we hoe het voetbaltalent Stijn Wouters vergaat zonder zijn grote vriend en mede voetballer Storm. Als voetbalgoden behaalden ze vele triomfen. Maar Storm zag ondanks een succesvol WK met Oranje een verdere carrière in de voetbalwereld niet zitten. Stijn wel! Voetballen is zijn leven.


Tot zijn grote vreugde is Stijn gekocht door Petchwood United waar ook zijn grote vriend Bert Pringel speelt. Ze spelen in de Primier Leage.
Maar ondanks de aanwezigheid van Bert mist Stijn zijn steun toeverlaat Storm wel heel erg. Waar Stijn nogal een tobber kan zijn, is Storm de stoïcijnse, nuchtere jongen die zich nergens druk over maakt. Het stel vulde elkaar altijd perfect aan. Die nuchterheid van Storm sleepte Stijn altijd door lastige situaties heen.


Maar nu moet Stijn zich dus alleen staande zien houden en dat valt niet mee. Het voetballen bij zo'n grote club is wel even wat anders dan de vertrouwde club waar de jongens bij speelden. Ineens twijfelt Stijn aan alles, kan hij eigenlijk wel goed voetballen? Is hij wel in vorm? En het wordt helemaal erg als zijn vriendin Femke, die zich totaal niet interesseert voor voetbal, aankondigt langs te komen in Engeland. Stijn heeft helemaal geen tijd voor haar! Hoe moet hij de veeleisende Femke dat duidelijk maken?


Alles loopt echter heel anders. Femke blijkt het doelwit te zijn van criminelen... Als Stijn niet doet wat zij zeggen dan zullen ze haar ontvoeren!
Ondertussen zijn er ook nog een aantal belangrijke wedstrijden te spelen.
Zoals altijd volgt een spannend verhaal waarbij uiteindelijk alles op zijn pootjes terecht komt.


Heel veel verschil tussen De voetbalgoden en deze serie kon ik niet opmerken. De verhaaltechniek is hetzelfde, voetbal is nadrukkelijke aanwezig, opnieuw treffen we Bert Pringel aan en ondanks dat Storm ontbreekt is de opbouw en het verloop van het verhaal hetzelfde als in De voetbalgoden. Alleen de tekeningen van Mark Janssen ontbreken.
Frappant is dat Femke altijd een enorme irritatie bij mij oproept, kan dat verwende, ongeïnteresseerde kind niet weg? Ze is altijd alleen maar aan het zeuren. Aan de andere kant is het knap van de schrijver dat hij die irritatie kan bewerkstelligen. Femke en Stijn zijn ook wel heel braaf. Ze geven een kusje en ze houden elkaars handje vast maar meer is er niet bij ondanks het slapen op één kamer, hun leeftijd en jarenlange verkering. 


Het eind van het verhaal vormt weer een echte Van Gemert oplossing! En hoe zit het nou eigenlijk met Storm?
Hopelijk lezen we dat snel in het volgende deel.


ISBN 9789044840803 | Hardcover | 178 pagina's | Clavis | maart 2021

© Dettie, 10 september 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Girls club
For girls only!
Hetty van Aar


"Ellen heeft een speciaal thema bedacht voor haar slaapfeest: Girls Club. Waarom? Omdat zij en haar vriendinnen de allerleukste Girls Club van de hele wereld hebben." De avond dat Ellen haar slaapfeest zal houden met haar vriendinnen Yelien, Eline, Emma en Kato, vertelt haar vader dat het hele gezin in de zomervakantie naar Serria Leone zullen gaan in plaats van Ghana. Ellens ouders zijn namelijk allebei arts. Ze gaan deze keer helpen in een ziekenhuis.


Ellen vindt het allemaal prima. Op dit moment vindt ze haar feestje belangrijker. Ze heeft namelijk een thema bedacht, getiteld Girls club. Ze heeft er veel werk van gemaakt. Haar kamer is prachtig versierd, op de slingers staan speciale vriendentekens, ze heeft heerlijke hapjes en drankjes gemaakt, de recepten heeft ze opgeschreven in hun vriendinnendagboek, en ze heeft zelfs kaarten samengesteld met allemaal vragen over vriendschap. Er kan niets misgaan.


Maar toch wordt de aanvankelijk zo gezellige sfeer anders als Ellen het nieuws over Sierra Leone vertelt. Dat klinkt wel lekker exotisch allemaal maar Yelien kent een heel ander verhaal over dat land, ze vertelt dat vooral voor vrouwen en meisjes het niet zo fijn is om daar te wonen. Het is een van de armste landen van de wereld. Door overstromingen werden veel scholen en ziekenhuizen vernield en er is geen geld voor nieuwe gebouwen. De meeste mensen kunnen niet lezen of schrijven en het grootste deel van de meisjes gaat zelfs niet naar school.
Daar schrikken Ellen en haar vriendinnen wel van. Ze willen ook heel graag de meisjes daar helpen... Maar hoe?


Gelukkig heeft mama een kennis in Sierra Leone die werkt daar namens ActionAid, een hulpverleningsorganisatie. Als Ellen nu eens Florien gaat mailen en eens zou vragen wat zij als Girls Club kunnen doen om mensen te helpen.
Het antwoord is dat bij het ziekenhuis waar Ellens ouders gaan helpen een schooltje voor meisjes gebouwd is, maar dat staat nog helemaal leeg, ze hebben echt van alles nodig, van meubilair tot schriften en pennen. En, schrijft Florien, ook daar bestaat een Girls-club!!


Dat antwoord is de start van een ongelooflijk succesvolle actie die door de meiden wordt opgezet. We lezen wat ze allemaal organiseren en ondernemen om alle spullen bij elkaar te krijgen. En dan start de reis... hoe zal het zijn?


Het verhaal laat je stilstaan bij het feit dat niet iedereen in de wereld het geluk heeft op te groeien in een omgeving waar een huis, voldoende eten en drinken en onderwijs bijna vanzelfsprekend is. Ellen weet niet wat ze meemaakt daar.
Er valt voor kinderen die dit lezen veel te leren over leefomstandigheden in een arm land dat bovendien ook nog eens vrouwen achterstelt. Meisjes worden in Sierra Leone namelijk uitgehuwelijkt en zijn soms op hun veertiende al moeder! Het niet kunnen leren maakt ook dat ze in armoede blijven leven en niet mondig worden vanwege gebrek aan kennis.


Wat besproken wordt is natuurlijk heel leerzaam en ook goed dat het besproken wordt maar toch zijn er wel enkele opmerkingen over het boek te melden.
Het is bijvoorbeeld heel jammer dat er in feite erg weinig verteld wordt over het verblijf in Sierra Leone. Er worden summier enkele schrijnende zaken aangestipt maar het maakt geen diepe indruk. Het verhaal had zich in ieder arm land kunnen afspelen.


De meisjes zijn ook erg braaf en correct. Er is geen enkele vorm van een uitspatting of ondeugend zijn. Ze zijn allemaal heel beleefd en netjes en vragen overal toestemming voor bij hun ouders. Dat maakt het verhaal niet echt spannend. Het kabbelt voort, er wordt verteld wat vertelt moet worden maar meer ook niet. Iets minder braafheid had dus wel gemogen.
De mailtjes en korte berichtjes naar elkaar zijn wel een leuke onderbreking in het verhaal.
Verder is het evengoed een prettig boek om te lezen en het is goed voor te stellen dat de Girls Only-boeken zo populair zijn.


ISBN 9789002268892| hardcover | 184 pagina's | Standaard uitgeverij | maart 2020
Leeftijd 10+

© Dettie, 11 augustus 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Fake!
Carry Slee

Max’ ouders zijn gescheiden, waarna zijn moeder is gaan drinken. Max wil niets te maken hebben met de nieuwe vriendin van zijn vader, en is woest als zijn vader het ouderlijk huis wil verkopen om een ander huis met haar te kunnen kopen. Bovendien raakt hij dan zijn lucratieve baan kwijt: hij is namelijk met zijn vrienden Levi en Ahmed in de schuur een toko begonnen waar ze fietsen en brommers repareren, met het gereedschap van zijn vader. Zijn vrienden weten niets van de problemen thuis.


Max is verliefd op Olivia, maar het lijkt niet wederkerig. We lezen dat het wel zo is, maar Olivia mag van haar vader niet ook nog eens een vriend hebben, ze zit al op een toneelclub en op school gaat het niet zo best. Haar tegenspeler op die club is Emiel, met wie ze het best kan vinden. Te goed naar Max zijn zin.
Wat hij niet weet: Emiel is homo, maar durft niet uit de kast te komen omdat zijn vader een homohaat koestert. Dus vertelt hij thuis dat hij verkering heeft met Olivia. Dat wakkert de jaloezie van Max nog meer aan. Alleen de meisjes weten hoe het echt zit.


Mila heeft verkering met Levi, en is boos op haar ouders als ze hoort dat ze hoogstwaarschijnlijk met het hele gezin gaan verhuizen naar een andere stad. Als Levi ziet dat Emiel dikke maatjes lijkt te zijn met Mila trekt hij verkeerde conclusies. Emiel pikt alle meiden in! Ze – Levi en Max - zullen hem eens een lesje leren!
Het wordt een lichte schermutseling en de jongens zetten niet door.
Helaas gebeurt er iets ergs: Emiel, die gewend is aan pesterijen, rent wel bang weg, en komt ongelukkig ten val. Hij belandt in het ziekenhuis, in coma.


En dan komt het hoofdthema van het boek ter sprake: een klasgenoot heeft dit allemaal gezien, en het gefilmd. Het leek hem een goed idee om er een lopend filmpje van te maken. Daarin lijkt het alsof Levi Emiel schopt, waardoor Emiel ten val komt. Ruben plaatst dat op YouTube.
Als hij beseft dat het niet zo’n goed idee was, is het al te laat: het filmpje is ontelbare malen gedeeld, en alles loopt uit de hand.  De politie komt op school, Levi wordt geschorst en bedreigd.
Dat het filmpje fake is, gelooft niemand meer…


De kracht van Carry Slee is dat ze haar doelgroep goed aanvoelt. Als ze schrijft voor kinderen op basisschoolleeftijd zitten haar verhalen vol fantasie, met avontuur en in het geval van Juf Braaksel zelfs met een tikje magie. In deze verhalen begint de realiteit langzaam binnen te sijpelen.
Maar de belevingswereld van tieners is anders dan die van jongere kinderen, dus als de doelgroep ouder is, op weg naar de volwassenheid, verandert ook de toon van haar verhalen. Die worden puur realistisch met alle problemen die zich in het leven voor kunnen doen: drugs, drank, pesten, scheiden, homoseksualiteit, en nog veel meer. In de moderne wereld spelen ook nog de risico’s van de moderne media. Ook dat behandelt Carry Slee, alsmede de innerlijke rijping: tieners komen voor keuzes te staan, beseffen meer en meer dat de wereld niet om hen alleen draait.  
Al zijn de problemen velerlei, haar stijl is zodanig dat haar boeken de jeugd zeer aanspreken.


Carry Slee (1949, Amsterdam) is van kind af aan bezig geweest met verhalen: eerst voor haar knuffels, later voor haar leerlingen.
Ze werd dramadocent in het middelbaar onderwijs. Haar schrijverskwaliteiten kwamen toen goed van pas, want samen met haar leerlingen bedacht ze verhaallijnen waar ze vervolgens compleet uitgewerkte toneelstukken van maakte.
Carry Slee heeft meerdere prijzen op haar naam staan; zo won zij negen keer de prijs van de Nederlandse Kinderjury en vijf keer de prijs van de Jonge Jury. En in oktober 2016 kwam daar de Gouden Boekenstapel bij: vijf miljoen van haar boeken zijn er al verkocht.


ISBN 9789000376520 | Hardcover | 272 pagina's | Uitgeverij Overamstel | mei 2021
Leeftijd: 12+

© Marjo, 1 augustus  2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Paloma
Cees van den Berg


Paloma heeft de intelligentie van haar moeder geërfd, ze zit al in 4 VWO terwijl ze pas 11 jaar is. Paloma's moeder was een beroemde wiskundige. Was inderdaad want ze leeft niet meer, ze is een jaar geleden overleden. Haar vader heeft het er erg moeilijk mee, hij is er totaal niet voor zijn dochter. Hij drinkt veel meer dan goed voor hem is waardoor hij inmiddels flink in de problemen is gekomen. Hij komt zijn afspraken niet meer na, werkt niet en langzamerhand stapelen de schulden zich op want het geld dat moeder verdiende raakt ook op.
Kortom, er moet iets gebeuren om uit de problemen te komen en Paloma weet misschien wel hoe...


Haar moeder had namelijk een plan dat veel geld kan opleveren. Het zou een revolutie in de computerwereld kunnen ontketenen. En hoewel haar moeder redenen had om het plan niet aan te bieden, gaat ze dat plan nu toch verkopen maar dan moet ze wel naar Amsterdam. Papa belooft mee te gaan, helaas vindt ze hem die ochtend van de presentatie van het plan doodziek hangend boven de wc. Oorzaak drank.
Dus gaat ze maar alleen met haar koppige geit Napoleon want die kan niet alleen blijven.


Wij mogen met Paloma meereizen en natuurlijk levert reizen met een geit problemen op, soms zelfs heel hilarische. Snap jij nou dat een buschauffeur geen geit in zijn bus wil?
Maar naast brommerige buschauffeurs ontmoet Paloma onderweg ook heel lieve mensen en ontstaat er zelfs een heel fijne vriendschap. Maar of het Paloma lukt om het plan te verkopen, zodat thuis de problemen opgelost zullen worden, is maar de vraag...


Het soms ontroerende verhaal is erg vlot geschreven, je zit vanaf de eerste pagina gelijk in het verhaal. Die vader zou je af en toe wel wat willen doen als hij weer eens zijn afspraken met Paloma niet nakomt en dronken op de bank hangt. Gelukkig heeft hij zo'n geweldige dochter die overal op af dendert en de moed erin houdt anders werd het helemaal niets met hem.
Naast de fantastische reis die Paloma maakt, is de nieuwe vriendschap ook heel bijzonder want die nieuwe vriend is ook al geen doorsneefiguur. Dat maakt het verhaal ook zo leuk. Het is gewoon puur genieten!


ISBN 9789047713531 | Hardcover met stofomslag | 192 pagina's | Nur 283 | 6 juli 2021
Leeftijd 10+

© Dettie, 21 juli 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Project Pandora
Team Leonardo 3
Erwin Claes


Wat begon met de diefstal van een eeuwenoud ivoren vikingbeeldje eindigt met een klapper waarin dat beeldje nog steeds belangrijk blijkt.


Eerst was het de maffioso Dell’Anno die uit was op het beeldje, maar hij ontdekte al snel dat er ook anderen waren die dat voorwerp wilden hebben. Waarom??? Je zou bijna medelijden krijgen met de Italiaan, nu hij in dit derde deel alle moeite doet om uit handen van de politie te blijven en zelfs zijn eten bij elkaar moet stelen op de markt. Hij is ver gezonken!
Maar hij zit niet bij de pakken neer en dus is er opnieuw een ontmoeting met de familie Verspecht.


Wie de eerdere delen gelezen heeft – wel zeer aan te raden om dit allemaal te kunnen volgen! – weet dat Ellen Verspecht met haar 12 jaar jongere broer Emil samen in Vordersteen woont. Zij werkt bij de politie, Emil gaat braaf naar school en trekt veel op met de tweeling Jasper en Myrthe, en sinds kort ook met de burgemeesterszoon Thom.


De ouders van Emil en Ellen zijn omgekomen bij een brand en hun opa in wiens huis ze wonen heeft een auto-ongeluk gehad, dat hij niet overleefde. Broer en zus blijken evenmin veilig, dus wat is er allemaal aan de hand? Waren de brand en het ongeluk dan niet een ongeluk?
De jongelui zijn in eerdere avonturen achter het bestaan van Team Leonardo gekomen, een vriendenclub die iets van plan was met geesten. Van die groep wetenschappers is alleen professor Plechelmus er nog, en die zwijgt als het graf. Toch ontdekken de jongelui het een en ander, en dat komt vooral door degenen die het geheim van de club willen gebruiken voor eigen snode doeleinden.


Intussen gaat het gewone leven ook door. Myrthe en Jasper lijken verliefd, en op school wordt een project gestart voor een race met zelfgemaakte voertuigen. Natuurlijk doen de jongens mee! De meisjes zijn intussen druk met hun blog over paarden.


Roberto Dell’Anno is een sympathieke boef, die voor de nodige humor zorgt en vanwege de ietwat technische details die we voorgeschoteld krijgen in verband met het bouwen van dat voertuig, is het een afwisselend verhaal. Het is spannend, zit vol verrassende wendingen en leest als een trein.
Een serie om eens lekker voor te gaan zitten!


Erwin Claes (1977) studeerde archeologie en was dol op schrijven. Nu heeft hij al verschillende spannende series voor de jeugd geschreven. Wat zou er volgen nu deze serie klaar is?


ISBN 9789044840940 | Hardcover | 181 pagina's | Uitgeverij Clavis | april 2021
Illustraties door Michaël Olbrechts | Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 30 juni 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER