De Lotus en de Waringinboom
Robin Raven
Het is 1948.
De vader van Jaap is een jaar eerder vertrokken naar Java, Indonesië omdat hij een goede baan kon krijgen op een suikerplantage. Nu reizen Jaap en zijn moeder hem achterna. Op de Indrapoera, het schip dat hen naar Java brengt, ontmoeten ze meneer Quist. De man die als arts gaat werken op het eiland.
Jaap vindt alles geweldig en helemaal als hij de prachtige natuur ziet, het heerlijke eten proeft en de bijzondere cultuur meemaakt, weet hij dat hij voorlopig niet meer weg wil. Maar toch is alles ook zo anders dan in Nederland. Onderweg van Soerabaja naar Djatiroto, de plaats waar ze gaan wonen, worden ze overvallen door Pamoeda's, ofwel Indonesische vrijheidsstrijders. Jaap ziet hoe twee mensen worden gemarteld en hoort later twee knallen... meneer Quist stelt hem gerust, maar Jaap weet wel beter.
Ook Jaaps vader is heel erg veranderd, hij is heel zelfverzekerd geworden en is ontspannen, hoe anders dan in Nederland. Hij blijkt de baas van de suikerplantage. Het contrast tussen de inwoners en de blanke Nederlanders is groot. Na de Tweede Wereldoorlog strijden de Indonesiërs voor hun onafhankelijkheid. Maar Jaaps vader noemt Indonesië nog steeds Nederlands Indië...
In korte tijd maakt Jaap dingen mee die hem erg aan het denken zetten. Waarom worden de bewoners van Java zo raar behandeld door de Nederlanders? Waarom heeft hij een Baboe? Waarom hoort zijn vriend Gus er niet echt bij? Waarom mag Jaap niet met hem omgaan, is dat omdat hij Indo (Nederlands-Indisch) is? Wat sluimert er bij de Pamoeda's, de Indonesiërs? Waarom zijn zij zo boos op de Nederlanders?
Maar ook de mystiek van het land speelt een grote rol. Waarom is 'het hofje' waar de waringingboom en de lotus groeien, zo'n bijzondere plek? Hoe kan het dat Jaap ineens heel goed kan zien nadat hij lotus aangeraakt heeft? Wat voor rol speelt meneer Quist? Is hij het eens met de Javanen die vrijheid willen? Of speelt hij een akelig spel? En wie is de beeldschone Sita? Het meisje dat Jaaps hart onmiddellijk veroverd heeft toen zij verscheen bij de waringingboom? Wat is haar rol op het eiland? Ook de verhouding tussen zijn vader en moeder lijkt vreemd. Jaap ziet en hoort dingen die vraagtekens oproepen.
Je blijft lezen, omdat je wilt weten wat er speelt op het eiland. Alles is ongrijpbaar maar ook tastbaar, alles is mysterieus maar ook heel realistisch. Alles is mooi en liefdevol maar ook gruwelijk.
Het verhaal geeft tevens een goed beeld van wat er o.a. politiek en inlandig speelde in Indonesië na de Tweede Wereldoorlog.
Prachtig en indrukwekkend boek!
ISBN 978 9047718574 | Hardcover | 261 pagina's | Lemniscaat | 17 februari 2026
Leeftijd 13+
© Dettie, 3 juli 2026
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Onzichtbaar
Eloy Moreno
Een boek over pesten. Die boeken verschijnen wel vaker maar dit boek is anders. Het maakt het pesten als het ware voelbaar. Maar vooral laat het zien dat iedereen wegkijkt. Dat degene die gepest wordt, als het ware onzichtbaar is want niemand komt voor diegene op. Bang als ze zijn voor hun eigen hachje of reputatie of wat dan ook.
In dit boek maken we kennis met een jongen van wie de naam niet kennen - hij staat immers voor alle gepeste kinderen. De jongen kan goed leren en dat alleen al roept weerstand op. Maar als hij zijn proefwerk niet wil delen met de grootste pestkop van de klas, als hij nee zegt, dan breekt de hel los. Dan start het verschrikkelijke pesten.
We lezen het verhaal vanuit het perspectief van de jongen maar ook vanuit de pester, ofwel de jongen ‘met de negenenhalve vinger’. Daarnaast lezen we ook hoe de vriend van de jongen en het meisje met de honderd armbandjes wegkijken. Hoe de directie van de school en de ouders van de jongen hem nauwelijks opmerken. Alleen de vrouw met het litteken ziet het wel, zij steekt haar nek uit, maar ook zij is nagenoeg onzichtbaar voor degenen die hulp zouden moeten bieden.
We lezen hoe het broedt en gist in het hoofd van de jongen. Hoe hij dingen verzint zodat hij overeind kan blijven. Hoe moet de monsters die zijn gedachten beheersen, bezweren...
Het is vreselijk wat een pester iemand aan kan doen. Maar het allerergste is het wegkijken. Het niet willen zien van de omstanders. Het pesten gaat maar door totdat de jongen bijna letterlijk onzichtbaar wordt.
Het knappe is, dat dit allemaal in mooie, inlevende taal geschreven is. Het laat de realiteit zien maar is ook een verhaal. Hoe laat zien hoe dingen werken in een gemeenschap van mensen, Hoe bang mensen kunnen zijn, niet alleen degene die gepest wordt is bang, maar ook de omstanders. Bang voor gedoe, voor de gevolgen als zij hun mond opendoen, bang om verantwoordelijkheid te nemen of bang voor de reputatie van een instelling...
Het is een boek dat klassikaal gelezen zou moeten worden, zodat iedereen begrijpt en inziet wat voor consquenties pesten kan hebben..
Prachtig is een verkeerd woord voor dit boek. Het is indrukwekkend, schrijnend en het verhaal blijft lang nazinderen.
ISBN 9789493408166 | Paperback | 320 pagina's | Uitgeverij Parade | 22 januari 2026 (eerder uitgegeven in 2018) |
Vertaald door Roy van Alkemade | Young Adult
© Dettie, 25 april 2026
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Onzichtbaar
Eloy Moreno
De hoofdpersoon is een elfjarige jongen, niet bij naam genoemd, die wakker wordt in een ziekenhuis.
Heeft hij een ongeluk gehad? Is hij ziek? Waarom is hij daar?
‘Niemand had gevraagd hoe het gebeurd was. Niemand had het over het ongeluk gehad. Alsof het de normaalste zaak van de wereld was dat hij hier in dit ziekenhuisbed was beland.
Niemand had erover willen praten.
Het ene stel ouders omdat ze wisten dat ze meer hadden kunnen doen, het andere stel omdat ze teveel hadden weggekeken.
De ene jongen omdat hij niet had willen zien wat er aan de hand was, de andere omdat hij onzichtbaar geweest was. En dan kan je later iemand niet de schuld geven dat hij je niet gezien heeft, toch?’
Nog terwijl hij in het ziekenhuis verblijft komt er een psycholoog bij de jongen langs. Ze luistert echt, zodat hij in staat is het te vertellen.
'Alles begon met de monsters, Nou ja, met de monsters, met het eerste monster.’
Het is een simpel woordje: ‘nee’.
Dat woordje is het begin van een afschuwelijke situatie, waaruit de jongen niet kan ontsnappen.
Hij wordt gepest, steeds meer, steeds erger. Hij had een vriend: de jongen met het litteken boven zijn wenkbrauw, er was een meisje waar hij gevoelens voor had (en zij voor hem): het meisje met de honderd armbandjes. Waar zijn zij als hij ze nodig heeft? Zijn moeder? De leraren op school?
Hij is helemaal alleen en niet veilig voor de jongen ‘met de negenenhalve vinger’.
Hij vertelt hoe hij na een voorval met een wespennest speciale krachten kreeg, en zich zelfs onzichtbaar kon maken.
Langzaam ontvouwt het verhaal zich, vanuit verschillende perspectieven. Het begit met een vrouw die een tatoeage laat zetten, dan is er de jongen na het ongeluk en daarna komt stukje bij beetje het vreselijke verhaal.
De betrokken leeftijdsgenoten hebben ook een stem. Zij krijgen pas laat een naam. Ze staan voor een groep, de naamloze groep mensen die niet helpt als ze zien dat iemand gepest wordt, die ook bang is voor de pester.
Die, zoals dat meestal gaat, wel anderen om zich heen heeft. De pester is vaak iemand die sterk is, populair is, die volgelingen trekt, zeker als zijn pestgedrag de gewenste reacties oproept.
Maar waarom doen mensen dat? Blijven kijken, zelfs filmen, zonder in te grijpen?
De jongen zoekt een manier om met de situatie om te gaan. Onzichtbaar worden.
Hij is toch al voor een deel onzichtbaar - anders zouden mensen die hem zien en zien wat er gebeurt, hem toch wel helpen?
Onzichtbaar zijn betekent alleen en eenzaam zijn, maar dan hoeft hij niet meer bang te zijn. Denkt hij.
Een aangrijpend verhaal, waarin vooral gewezen wordt op de omstanders. Op hen die niet te hulp schieten. Over oorzaken en gevolgen. Over hoe iets dat klein begint zo volledig uit de hand kan lopen.
Het is een emotioneel verhaal dat niet loslaat. Het is niet melodramatisch, het is helaas juist erg realistisch. Als lezer vraag je je af: wat zou je zelf doen als je in de schoenen van een van de personages stond?
Eloy Moreno (Castellón, 1976) is eigenlijk computeringenieur, maar begon in 2007 met schrijven.
Zijn debuutroman is De groene pen, in het Spaans El boligrafo de gel verde. begon met schrijven in 2007. Het was het meest verkochte boek in Spanje in die maand. Sindsdien zijn er 13 edities uitgegeven en meer dan 80.000 exemplaren verkocht.
ISBN 9789493408166 | Paperback | 320 pagina's | Uitgeverij de Parade| januari 2026 (eerder uitgegeven in 2018) | Vertaald uit het Engels door Roy van Alkemade
© Marjo, 20 april 2026
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Operatie brugklas
Jorine Lamsma
Deesje en Charlie hebben de basisschool verlaten (lees: Operatie Cupido) en beginnen op de middelbare school. En dat is wennen: niet meer de langste leerlingen van de school zijn, maar juist de kleinste!
En brugsmurf zijn, dat is helemaal niet leuk: de school is enorm, je weet de weg niet, je wordt ondersteboven gelopen, en dan al die verschillende leraren! Natuurlijk zitten er heel aardige tussen, maar helaas zijn er ook docenten die helemaal geen orde kunnen houden. Of ronduit onaardig zijn. Die van Frans bijvoorbeeld. Daar liggen Deesje en Charlie geregeld mee in de clinch.
Hun avonturen schrijven ze weer op, nu hun eerste boek zo leuk was om te schrijven. Dat ging over gescheiden ouders waar ze Cupido op los lieten. Nu schrijven ze vooral over school, maar als er thuis wat gebeurt, schrijven ze dat ook op natuurlijk.
Het wordt zo erg dat Deesje zelfs schrijft: ‘School is de hel’.
En het gaat over (bijna) volwassen worden, over de eerste verliefdheid, en - ja, dat hoort er ook bij: de eerste grote ruzie!
Maar: toch hebben we hier een boek in handen, hoe hebben ze dat dan opgelost?
In Operatie Cupido gaven ze immers het schrift steeds aan elkaar door zodat de ander verder kon schrijven, maar nu is de ruzie zodanig dat ze dat dus echt niet doen!
Niettemin – is dat een beetje een verklapper? - lezen we de verhalen die ze om en om geschreven hebben.
Wat ook leuk is: tijdens dat eerste jaar op de middelbare wordt er druk gewerkt om het boek ‘Operatie Cupido’ uit te geven. Hoe dat gaat, daar lezen we ook over, met regelmatig informatie over de uitgeverswereld.
Wat is bijvoorbeeld een colofon? Of een Franse titelpagina? Wat doen de binder en de zetter?
Er is info over zwerfhonden die uit Spanje komen; over toetsen en examens (Bibi, de grote zus van Charlie, doet eindexamen en de vader van Deesje is aan het afstuderen)
Jorine Lamsma (1970, Zwolle) Ze ging in Amsterdam naar school, op de Dr. Rijk Kramerschool, op het Vossius Gymnasium en bij Nederlandse taal- en letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam.
In 2020 verscheen haar romandebuut Het verhaal van Marie. In 2024 debuteerde ze als kinderboekenschrijver met Operatie Cupido.
ISBN 9789047718178 | Hardcover | 259 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat | september 2025
Leeftijd vanaf 13 jaar
© Marjo, 7 november 2025
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Een nieuwe keus
Simone Foekens
Met Een nieuwe keus heeft Simone Foekens een vierde boek toegevoegd aan de serie over Lydia, Tamar en de manege waar ze veel met de paarden bezig zijn. Maar Lydia heeft met de start van haar studie weinig tijd meer om naar de manege te gaan en daar worstelt ze mee.In het leven van de meiden verandert zoveel. Lydia merkt dat haar relatie met Michel onder druk komt te staan en raakt zichzelf beetje bij beetje kwijt.
Heb je college of ben je vrij? appt Lydia een poosje later naar Michel. Ik ben klaar op school. Zullen we even de stad in gaan? voegt ze eraan toe als ze niet meteen antwoord krijgt. Hij heeft haar eerste berichtje gelezen, dus waarom reageert hij niet?
Zal ze bellen? Beter van niet. Het irriteert hem vast als ze twee berichtjes vlak achter elkaar stuurt en na een paar minuten al belt. Dat zou ze zelf ook vervelend vinden. Waarschijnlijk is hij net even ergens mee bezig wat hij eerst af moet maken voor hij terug kan appen.
Ook Tamar moet wennen in de nieuwe rol die zij nu krijgt. En als de twee broers Lars en Jens haar allebei leuk vinden, weet Tamar niet meer wat ze moet doen.
En zo weet Simone Foekens de worstelingen van de tienermeisjes in Een nieuwe keus aan de lezers voor te leggen.
Het verhaal wordt levendig geschreven met veel dialogen. Om het verhaal goed te volgen, is het wel fijner om de voorgaande delen gelezen te hebben.
Echt een boek voor paardenmeisjes in de leeftijd 12 tot 15 jaar.
ISBN 978 90 331 3361 9 | Hardcover | 167 pagina’s | Uitgeverij Den Hertog | september 2025
Leeftijd 13+
© Els ten Voorde, 19 september 2025
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Zolang iemand aan je denkt
Luc Hanegreefs
Als een rode draad door het verhaal loopt de ontmanteling van een 250 kilo zware Duitse vliegtuigbom uit 1940-1941 die gevonden is in Polpar, het oosten van Londen. De hele wijk moet geëvacueerd worden. Het bericht brengt Laura en haar vader terug naar de dag dat moeder overleed dankzij een vroegtijdig ontplofte bom. Zij was hulpagente. Er wordt zelden meer over haar gesproken, dat is te pijnlijk. In het huis is ook maar één foto van moeder te zien, de rest is weggeborgen. Laura herinnert zich nauwelijks meer hoe haar moeder eruitzag.
Alles verandert als vader een vuile tas mee naar huis neemt, hij heeft hem gevonden in een container. In de tas zit een beer met een kaartje om zijn nek.
Mijn naam is BLITZY
Mijn moeder is Joan Gaskill
18.05.1930-26.07.2011
We knuffelden elkaar gedurende de Blitz
Laura griezelt aanvankelijk van die vieze tas en weigert hem en de beer wordt weggegooid. Maar 's nachts gaat haar geweten knagen en ze vist BLITZY uit de afvalbak en komt daardoor een oude man tegen die de weg kwijt is en ook een beetje in de war is. Hij heeft het over bommenwerpers die overvlogen in de Tweede Wereldoorlog... Laura brengt hem naar huis, niet wetende dat ze hem nog vaak zal zien en veel van hem zal leren.
Vervolgens gaan we terug in de tijd, naar 1940. Sarah Harwood is net vanwege het uitbreken van de oorlog vanuit Londen geëvacueerd naar een boerderij in Bencley. Haar ouders en broertje zijn nog in Londen. Het enige contact dat Sarah met het ouders en vrienden heeft, is via brieven en die krijgen wij te lezen. Vooral tussen Sarah en haar vriendin Karen is een levendige correspondentie ontstaan.
Sarah moet erg wennen aan haar nieuwe 'ouders' en het landleven. Ze beseft niet hoe zwaar het leven in Londen langzamerhand wordt. Karen schrijft wel over de bombardementen, de huizen en klasgenoten die weg zijn evenals over de benauwde schuilkelders maar Sarah heeft het te druk met haar eigen nieuwe leven. Voor haar is de oorlog ver weg. Het contrast tussen het Londense leven en het dorpse leven is enorm.
Dankzij klasgenoot Jerry, die ook naar Sarah schrijft, leren we over de kinderen die zich inzetten om mensen onder de platgebombardeerde huizen vandaan te halen. Jerry wordt een van hen. Er ontwikkelt zich rond die kinderen een aangrijpend verhaal en het is bijna jammer dat er nóg een verhaallijn toegevoegd wordt rond een meisje dat ooit in het dorp verdronken is. Een verhaal dat Sarah niet vertrouwd. Ze móet dit onderzoeken...
Ondertussen lezen we over Laura in het heden, zij zet ook haar voelsprieten uit en komt vooral dankzij de oude man veel over WOII te weten. Daar doorheen loopt ook het verhaal over dat verdronken meisje. Langzamerhand verweven al die levens van toen en nu zich met elkaar.
Luc Hanegreefs heeft er weer een spannend verhaal van gemaakt, maar het boek leest niet echt makkelijk. Door de overgangen van heden naar verleden en van Londen naar het dorp, de berichten over de te ontmantelen bom in het heden, de gesprekken met de oude man én vooral het verhaal over het verdronken meisje worden teveel items opgevoerd. Het een heeft het ander wel nodig om tot een sluitend geheel te komen maar misschien had Hanegreefs zich beter alleen bij de jongeren in Londen kunnen houden én Karen, de evacuee. Dat was al genoeg geweest om duidelijk te kunnen maken hoe de oorlog voor jongeren geweest moet zijn.
Maar het verhaal blijft wel even nazinderen en stemt tot nadenken.
ISBN 9789044858396 | Hardcover | 264 pagina's | Clavis | 30 juni 2025
Leeftijd 14+
© Dettie, 14 augustus 2025
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Noanouk
Michaël Boele van Hensbroek
Manouk heeft een vrijgevochten moeder, die haar enige dochter niet naar een kinderopvang of andersoortige oppas bracht, maar haar meenam naar het laboratorium, waar onderzoek gedaan wordt naar het 3d-printen van dieren. Daar is ook Robar, een vaderfiguur voor Manouk, die dus zelf geen vader in haar leven heeft.
Het laboratiumwerk is Manouk dus met de paplepel ingegoten en ze is er in vakanties en na school vaak aan het werk. Ze kweekt bijvoorbeeld cellen, die nodig zijn om te kunnen bioprinten.
‘Kunnen we dan binnenkort ook mensen printen? Hoe cool zou dat zijn?’
Op school is de nu vijftienjarige Manouk doelwit van pesterijen, omdat ze goed kan leren. Maar dan komt er een nieuwe leerling: Noa.
Het blijkt heel goed te klikken tussen de meisjes. Manouk en Noa worden de beste vriendinnen.
Het is dan ook een enorme schok als Noa op een dag vertelt dat ze een gezwel heeft in haar hoofd, waar de dokters niets aan kunnen doen.
Maar dan kent ze Manouk nog niet. Die zet alles op alles om Noa te redden.
De oplossing lijkt in zicht als ze tijdens een vakantie in Amerika Tom leert kennen, de zoon van haar moeders collega. Hij en zijn vader houden zich bezig met ‘mind exchange’, een proces waarbij er herinneringen tussen twee personen kunnen worden verzonden en ontvangen.
Er rijpt een plan. Maar dit kan Manouk niet alleen. En wil Noa wel meewerken?
Het verhaal valt uiteen in twee vormen: er is het sciencefictionachtige gedeelte, met het verhaal over het printen van levende wezens, eerst alleen ledematen, later in zijn geheel.
De titel schept verwachtingen, waardoor het spannend wordt: zal Manouk haar plan kunnen uitwerken?
Daarnaast is er het verhaal over de ziekte van Noa, dat helaas een stuk realistischer is.
Hoe het allemaal in zijn werk gaat wordt duidelijk uitgelegd, terwijl ook mooi geschreven wordt over de vriendschap tussen deze drie tieners, met als hoogtepunt een concert van Taylor Swift.
Hier wordt het verhaal wel even wat melodramatisch, maar hierin zullen jonge lezers zich wel kunnen vinden.
Michaël Boele van Hensbroek (1961) werd kinderarts/onderzoeker en leefde en werkte vele jaren in Afrika, waar zijn werk hem veel mooie, bijzondere en soms ook heel verdrietige momenten deed meemaken.
Een deel van de opbrengst van deze titel zal worden geschonken aan Stichting Steun Emma Kinderziekenhuis.
ISBN 9789047716938 | Hardcover | 237 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat | juni 2025 | Leeftijd vanaf 13 jaar
© Marjo, 20 juli 2025
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Alter
Marloes Morshuis
Pas als haar vriend Fabian naar het Transferum moet, dringt tot Roz door in wat voor wereld ze leven. Zo lang je je gedraagt is alles prima. En je gedragen betekent dat je doet wat je Dialego zegt.
Je wat? Je digitale alter ego. Iedereen heeft een soort spiegelbeeld dat je in de gaten houdt. Je terechtwijst als je iets doet wat niet ‘volgens de regels’ is. De regels, dat is alles wat goed is voor de wereld. Maar je wil als jongere ook wel eens uit de band springen toch? Je wil wel eens een avontuur beleven!
Maar dat mag dus niet van het dialego. In een vliegtuig stappen voor een vakantie? Niks ervan! Vlees eten? Nee. Roken? Drinken? Uit den boze. Chips en koekjes? Op rantsoen. En, zoals Roz dat zo graag doet: crossen door het bos, dat mag ook niet. Je zou zomaar een kever kunnen verpletteren.
Het systeem: Iedereen krijgt op zijn twaalfde een telefoon. Die hoor je bij je te hebben, en aan te hebben staan, want zo word je in de gaten gehouden.
De volgende vier jaren zijn een proefperiode: als je je niet gedraagt, waarschuwt je dialego. Luister je niet, dan krijg je een rood scherm. En drie keer een rood scherm binnen een jaar betekent dat je naar het Transferum moet. Wat daar precies gebeurt is niet duidelijk, maar je komt niet meer levend en wel terug. Je verdwijnt in de Schaduw. Al leef je door in je dialego!
Dat is een digitale versie van jou, voor iedereen te zien. Alleen via een scherm. En die digitale persoon is zo’n brave Hendrik dat hij/zij nauwelijks nog lijkt op de levende persoon.
En nu is Fabian weg. Hij heeft allerlei dingen gedaan ‘die niet horen’. En ook Roz heeft een rood scherm. Voor haar is er nog een optie, ze is nog geen zestien: het Altercentrum, waar Altercoaches je helpen.
Roz is wanhopig. Ze wil de echte Fabian, geen digitale versie!
Haar moeder lijkt weinig begrip te hebben, maar gelukkig is er wel de boekenwinkel waar Wilfred de scepter zwaait. Hij wil wel helpen, en heeft een plan. Maar of dat gaat slagen?
Wilfred vertelt haar meer over de bedenker van deze digitale wereld. Cato Maris schreef dertig jaar eerder een boek waar de nieuwe samenleving op gebaseerd werd. En er moest ook iets gebeuren. Het ging reuze slecht met de wereld, een enorme tweedeling, honger en armoede, een natuur die kapot ging, overal oorlogen. Dat is voorbij. Allemaal dankzij Cato Maris, die niemand ooit als echt persoon ziet. Zij is een dialego.
In het boek Alter leest Roz het boek van Cato, waarvan Wilfred het laatste exemplaar heeft - de rest is vernietigd. Waarom is dat?
En als je het boek omdraait kun jij dat verhaal ‘Alleen samen’ ook lezen.
En dan ontdek je dat er iets niet klopt…
Een utopie is eigenlijk pure fictie. Je kan de aard van de mens niet veranderen. Hoe mooi het verhaal van Cato Maris dan ook is, er zijn altijd figuren die er mee aan de haal gaan. Dat gebeurt in dit verhaal: de utopie wordt een dystopie.
Gelukkig zijn er ook mensen die het gevaar er van inzien en iets willen doen. Zijn zij sterk genoeg?
Marloes Morshuis (1970, Oldenzaal) wilde altijd al schrijven.
Maar pas in 2015, na jaren vol ander werk, verscheen het debuut Koken voor de Keizer. Sindsdien is zij niet meer weg te denken uit de jeugdliteratuur.
ISBN 9789047715863 | Hardcover | 410 +76 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat | mei 2025 |
Leeftijd vanaf 13 jaar
© Marjo, 9 juli 2025
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER