Non-fictie jeugd

Brons
Over glimmende schatten in mistige moerassen
Linda Dielemans


Dit boek gaat echt over het metaal brons. Het is een hele opgave om zo’n saai onderwerp boeiend te maken voor kinderen vanaf een jaar of tien, maar Linda Dielemans slaagt daar volledig in.


Ze begint bij het begin: de bronstijd. Een periode waarin mensen leefden die niet konden lezen en schrijven, en van wie wij vandaag de dag alleen denken te weten hoe zij geleefd hebben doordat er opgravingen zijn gedaan. Linda Dielemans is archeoloog, een van de leukste beroepen ter wereld, zegt ze.

In de bronstijd, vierduizend jaar geleden, bestonden Nederland en België nog niet zoals wij het nu kennen. Het land was vlak met grote en kleinere rivieren die er vrijelijk doorheen stroomden. Er waren moerassen en heidevelden. Mensen woonden niet in steden maar in een boerderij, met koeien, schapen, varkens en geiten. Ze bebouwden het land, en gebruikten stenen werktuigen zoals ze dat al honderdduizenden jaren deden.


Tot ooit iemand in de streek die nu Servië of Turkije is een bijzondere steen ontdekte, een steen die koper bevatte. Dat moet al heel bijzonder geweest zijn: glimmende stenen. Leuk als sier, natuurlijk, maar het was veel belangrijker om goede werktuigen te hebben en koper bleek een zacht metaal, daar kon je geen werktuigen van maken. De mensen van toen hebben gezocht en gevonden: als je koper vermengde met tin kreeg je brons. En brons was wel degelijk een stevig metaal dat bewerkt kon worden worden. Een bijl is waarschijnlijk het eerste werktuig geweest, die zijn er heel veel teruggevonden. In moerassen, vennen en rivieren.
Dat is eigenlijk heel vreemd: je kan brons namelijk omsmelten, dus als je een voorwerp niet meer mooi vindt, of het is kapot, kon je er iets anders van maken.
Waarom lieten de mensen van toen toch waardevolle voorwerpen achter op natte plaatsen, hetgeen archeologen ‘deposities’ noemen?
Wat maakten mensen zoal? En hoe kwam het brons overal in de wereld terecht, terwijl koper en tin slechts op enkele plaatsen gevonden werd?


‘Zelf maakte je liever geen verre reizen. Je ging niet verder dan een paar kilometer rond je boerderij. Want waarom zou je? Alles wat je nodig had, was in de buurt. Nee hoor, laat anderen maar lekker door de bergen trekken, met een boot op zee gaan en vreemde mensen met rare kleren en kapsels ontmoeten.’
Maar wacht eens. Hoe wist je dan toch dat die zee, die bergen en mensen er waren? Er waren toch geen landkaarten of schilderijen? Hoe kon je dan weten hoe het ergens anders was?’


In die tijd moeten er ook mensen geweest zijn die er op uit trokken, een voorbeeld is het meisje van Egtved. Zij werd in 1921 gevonden bij het gelijknamige dorpje in Denemarken. Ze was een meisje van ongeveer achttien jaar. Ze zal rond 1370 voor Christus geleefd hebben. Uit onderzoek bleek dat ze niet in Denemarken geboren is, maar heen en weer gereisd moet hebben, waarschijnlijk tussen de vindplek en een plaats in Zuid-Duitsland.
Als mensen rondtrokken, maakten zij kennis met andere mensen. Die misschien anders leefden. Ze leerden van elkaar. En zo ontstond ook de handel. Want als ergens anders mensen iets hadden dat de reiziger wilde hebben, dan zorgde hij (of zij) er wel voor dat hij iets had om te ruilen.


Dit en nog veel meer wordt uit de doeken gedaan in dit fraai vormgegeven boek. De illustraties zijn van de hand van Sanne te Loo, garantie voor een fraai geheel, maar het is natuurlijk vooral de tekst die het verhaal al of niet boeiend maakt. Linda Dielemans laat zien dat een informatieve tekst over brons hoeft dus helemaal niet saai hoeft te zijn. Integendeel zelfs, het leest als een trein. Het is af en toe zelfs spannend!
Uit het citaat is duidelijk hoe de lezer aangesproken wordt. Maar: als er sprake is van het gebruiken van de derde persoon, dan geeft Dielemans de voorkeur aan ‘zij’  boven ‘hij’!


Het boek is onderverdeeld in zeven hoofdstukken, met daar tussen in een aantal verhalen, verzonnen dus, over mensen die in de bronstijd geleefd zouden kunnen hebben. Deze verhalen – op gekleurde pagina’s - maken op een andere manier inzichtelijk wat al als informatie is verteld. De verteller is dan het brons zelf, denk aan een pratende bijl!
Dat klinkt raar, maar werkt heel goed. Net zoals de prachtige kleurrijke prenten die bij zo’n verhaal staan. Het is een fantastisch boek geworden waarbij na het lezen begrippen als handel en economie helemaal niet moeilijk meer te begrijpen zijn.
Achterin vind je ook nog een woordenlijst en een kaart met vindplaatsen in Europa.


Archeoloog en schrijver Linda Dielemans (1981) heeft heel veel gehad aan het onderzoek van archeologieprofessor David Fontijn uit Leiden met wie zij vele gesprekken voerde. In 2019 won de schrijfster de Senaatsprijs van de Kinderjury met 'Schaduw van de leeuw'.


Zie ook de lesbrief over dit boek.


ISBN 9789059568945 | Hardcover| 192 pagina's | Uitgeverij Fontaine | mei 2019
Met illustraties van Sanne te Loo | Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 21 september 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Quantumfysica voor baby's
Chris Ferrie


Een boek voor baby’s over het onderwerp quantumfysica, dat is toch wel heel apart. Wat moet zo’n kind hiermee?
Volgens Chris Ferrie is het nooit te vroeg om te beginnen met wetenschap. Misschien had ik dat dan ook als jong kind al moeten doen. Want zelfs na meerdere keren lezen van het boek voor baby’s snap ik nog niets van kwantumfysica!


Google zegt: In de fysica is een quantum ‘de kleinste, ondeelbare hoeveelheid van een grootheid die bij een interactie betrokken kan zijn.’
Huh? Vooruit, verder zoeken.


'Een elementair deeltje is een deeltje dat niet in andere deeltjes is te splitsen. Het wordt geacht geen inwendige structuur te hebben, aangezien het niet is samengesteld uit nog kleinere deeltjes. Volgens de huidige modellen zijn bijvoorbeeld elektronen, neutrino's en quarks elementaire deeltjes.
Er zijn deeltjes waaruit de materie is opgebouwd en er zijn deeltjes die een kracht overbrengen.
Atomen werden in de 19e eeuw nog als elementaire deeltjes beschouwd, totdat door experimenten bleek dat zij een atoomkern bevatten, waar een elektron om draaide, maar verder leeg waren. Daarna werden de deeltjes waaruit de atoomkernen waren samengesteld (het proton en het neutron) als elementair beschouwd.'


Ha, nu wordt het wat. Er is een verband zichtbaar met hetgeen Chris Ferrie in dit boekje voor de allerkleinsten laat zien. Het boekje beperkt zich dus tot de elementaire deeltjes, de protonen, neutronen en elektronen.
Het boek begint namelijk met een afbeelding van een groen bolletje, waar onder staat:


‘Dit is een bal.’
Op de volgende pagina staat ook zo’n groen balletje maar dan met een geel golfjespatroon eromheen, en daar staat onder:
‘Deze bal heeft energie.’
Vervolgens zien we een blauw bolletje: ‘Dit is ook een bal.’
En daarna: hetzelfde bolletje, zonder omlijsting:
‘Maar deze bal heeft nul energie.’


En zo gaat het verder. Er zijn vormen getekend, met bolletjes, en daar staat dan onder wat het zijn.
Alle ballen zijn atomen, staat er, en die bestaan uit neutronen, protonen en elektronen, ieder met een eigen kleur. Er wordt verteld dat een elektron op bepaalde plaatsen kan zijn, en op andere plaatsen echt niet.


Zowel ik als die arme baby moet dit allemaal aannemen, als zoete koek slikken, want begrijpen doen we het niet. Maar misschien doen de grote geleerden dat ook niet. Blijft over dat dit een kartonboekje is waarin leuke bolletjes getekend staan, die soms hier, soms daar staan, soms paars, soms groen zijn, en soms hebben ze een geel golvend omhulsel. Leuk om naar te kijken, maar de mededeling dat je dan een quantumnatuurkundige bent is grotelijks overdreven.


Chris Ferrie maakte er een hele serie van, de Baby-universiteit:  ''The serie EVERYONE is talking about''. Andere delen gaan over onder andere over Robotica,  Raketwetenschap, de Relativiteitstheorie.


Ferrie is fysicus, wiskundige, en vader van vier aanstormende jonge wetenschappers.


ISBN  9789025114398  | hardcover | 24 pagina's | Uitgeverij Holland | augustus 2019
Vertaald uit het Engels door Emmy van Egmond | Leeftijd vanaf 1 jaar

© Marjo, 18 augustus 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De wonderlijke wereld van bomen
Illustraties: Claire McElfatrick
Tekst: Jen Green


Je ziet het al aan de omslag: niet alleen bomen, ook dieren krijgen aandacht in dit boek.
Maar zo zit de wereld dan ook in elkaar, mensen, dieren en planten, alles is onlosmakelijk met elkaar verbonden! We hebben elkaar hard nodig!

Het boek is verdeeld in vijf delen met per onderdeeltje eigen hoofdstukken. ‘Wat is een boom', ‘Bloemen, vruchten en zaden', ‘Bevriende bomen', ‘Boomgebieden' en ‘Bomen en wij'.
Er wordt aangegeven waar je een bepaalde boom kan vinden en in wat voor soort habitat (dit woord staat in de woordenlijst) de boom staat, Eventuele bijzonderheden kun je vaak terugvinden (met hulp van de inhoudsopgave).


We hebben op onze aarde verschillende soorten gebieden met een ander klimaat. En in die verschillende gebieden voelen andere bomen zich thuis. Maar ook andere dieren. Hun band met bomen wordt uitgelegd. Een eucalyptus bijvoorbeeld groeit in droge gebieden, met name in Australië. Koala’s zijn afhankelijk van deze boom, zij eten niets anders. Maar een eucalyptusblad heeft weinig voedingswaarde! Dat verklaart waarom een koala een ogenschijnlijk lui dier is.


Bomen zijn sociale levende wezens, net als wij. Zij reiken elkaar hun takken en wortels, om hulp te kunnen bieden. Ze bieden bescherming aan de jonge boompjes en nog meer. De wetenschap heeft dit nog maar net ontdekt, en doet nog volop onderzoek, maar dit staat vast: 'als een boom beschadigd is en dreigt te sterven, krijgt hij eten van de buren om hem in leven te houden.'


In feite zijn er twee soorten bomen, loofbomen en coniferen; binnen deze twee soorten zijn er talloze verschillende vormen. Dat betekent dat ook de takken, de stam en de bast, de wortels en de stronk anders kunnen zijn. Wat is het nut van deze onderdelen? Hoe groeit een boom? Welke dieren en andere organismen hebben er profijt van? Hoe gedragen bomen zich in de verschillende seizoenen? Zulke weetjes staan er volop in, maar er is ook een vrij ingewikkeld verhaal over hoe bomen kunnen eten – en hoe het zit met de afhankelijkheid van de mens van een boom. Fotosynthese, een lastig onderwerp, dat redelijk duidelijk uitgelegd wordt.  

Er valt ontzettend veel te vertellen over bomen, en gelukkig is er ook een hoofdstuk aan gewijd, waarom wij mensen ze maar beter kunnen beschermen. Ook al gebruiken we hun hout, eten we hun vruchten en moeten ze wijken vanwege onze welvaart, we kunnen niet zonder bomen, en moeten er voor zorgen dat ze blijven. Hoe meer hoe liever zelfs.


In het het boek vinden we prachtige kleurrijke levensechte illustraties, foto’s gecombineerd met tekeningen. De informatie staat verdeeld over de pagina’s, steeds twee per thema – soms moet je het boek draaien. Het zijn kadertjes met tekst, in verschillende lettertypes. Als je de pagina’s goed bekijkt, kun je ze niet missen. Vaak, maar niet altijd staat er bij de afbeeldingen van dieren en planten ook de naam.


Het boek is gemaakt in samenwerking met de Royal Horticultural Society
Voorin staat de inhoudsopgave, achterin een lijst met bomen die symbool staan voor een land of regio en een woordenlijst met lastige woorden. Het boek pretendeert niet volledig te zijn, en dat is het dan ook niet. Maar er staat genoeg informatie in voor het weetgierige kind.


Het boek begint met de definitie van een boom: grappig wel: ‘Een boom is een grote plant die ons boven het hoofd groeit.’ Volwassenen begrijpen de dubbele betekenis wel, kinderen waarschijnlijk niet. Dat is vaker het geval met de informatie die in het boek staat, de leeftijdsaanduiding vanaf 6 jaar is nogal optimistisch. Een jaar of tien, denk ik, of anders onder begeleiding.


Jen Green (1955), een Britse auteur, heeft al heel wat non-fictieboeken voor kinderen en volwassenen op haar naam staan.


ISBN 9789000367658 | hardcover | 80 pagina's | Uitgeverij Fontaine/Van Halewyck | mei 2019
Leeftijd vanaf 10 jaar (vind ik)

© Marjo, 24 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Mijn ogen zijn jouw ogen
Dagboek van een geleidehond
Ruth Wielockx & Julius Schellens


Wat een schat van een hond staat er op de cover van dit boek!  Die zou je meteen willen aaien…
Maar dàt mag nu juist niet, niet als hij aan het werk is tenminste. Want deze hond is opgeleid tot blindengeleidehond.


Wat er zoal gebeurt in een week tijd vertelt de hond zelf. Rino is zijn naam en hij helpt Lucas die blind is bij diens bezigheden.
Natuurlijk zijn er veel dingen die iedere dag terugkomen. Als Rino vertelt over hoe hij iedere dag naar het hondentoilet achter in de tuin gaat, vertelt hij meteen hoe dat in zijn werk ging als pup.


‘Toren ik nog een pup was, woonde ik bij Peter. Daar deed ik mijn plasje en drolletje ook in huis, net als de mensen. Ik ging het liefst op het wollen tapijt, dat voelde als lekker zacht gras. Telkens als ik dat deed, tilde Peter me op. Dan stopte ik vanzelf met plassen! Hij droeg me dan naar de kiezeltjes in de tuin. Als ik daar een drolletje of een plasje deed, riep hij: ‘Flink zo!’ en dan kreeg ik lekkere snoepjes en veel knuffels.’


Op deze toon vertelt Rino ook over het verbod op aaien, over het tuig dat hij aan moet - ‘zijn uniform’ - en hoe hij zijn baas op straat bijvoorbeeld de trap op en af leidt.
Hij krijgt zijn eten precies afgemeten, want hij mag niet te dik worden, en hij mag pas beginnen met eten als Lucas op het hondenfluitje blaast. Hij brengt Lucas naar de bank, waar hij op de balie springt met zijn voorpoten. De juffrouw die er achter zit, schrikt zich wild! Bij de bakker en de slager  - de patéwinkel - moet Rino zich natuurlijk netjes gedragen. Schooien is er niet bij. Mensen mogen hem ook niets geven.
Op straat weet Rino precies wanneer hij zijn baas mag laten oversteken.


‘Als het licht op groen springt, klinkt er een luid en snel ratelgeluid. Zo kan Lucas horen dat het groen is en hoe lang het groen blijft. Nu mag ik verder lopen. Vaak is er geen verkeerslicht met rateltikker, dan moet Lucas horen wanneer de auto’s stoppen. Er zijn voetgangers die oversteken bij rood licht. Dat is zo gevaarlijk! Lucas denkt dan dat hij over kan lopen. ‘Vooruit!’ zegt hij dan. Als ik een auto zie aankomen, blijf ik koppig staan. Dan luister ik niet naar Lucas.’


Als Rino uitverteld is, is ook de vertelling voorbij. Dan komt de informatie, met foto’s van een echte hond. Er wordt verteld wat voor soort hulphonden er zijn en voor wie. Je leest hoe de opleiding in elkaar zit, over het pleeggezin en het opleidingscentrum. Wat er gebeurt als de hond toch niet geschikt is, of als hij te oud wordt en met pensioen mag.
Heel uitgebreid wordt verteld wat een hond allemaal moet leren en hoe dat in zijn werk gaat. Ook welke bevelen hij leert, zelfs het bevel pipi (voor een plasje en/of hoopje). Als hij klaar is wordt er gezocht naar een match. Hond en mens moeten elkaar wel aardig vinden!
Met Rino is dat alvast gelukt. Hij is helemaal tevreden bij Lucas.


Behalve leerzaam is het ook een mooi vormgegeven boek. Een goede keuze ook om eerst de hond op een ludieke manier te laten vertellen over zijn leven en dan de ‘officiële’ informatie te geven, waar overigens behalve foto’s ook tekeningetjes bij staan.


Ruth Wielockx (Mol, 1971) studeerde Voedings- en dieetleer aan de Universiteit van Leuven en Southampton. Ook gaf ze een tijdlang les. Het toeval leidde haar naar het tekenen, en dat gecombineerd met een passie voor boeken had tot resultaat dat ze intussen al meerdere prentenboeken op haar naam heeft staan.
Julius Schellens (1949, Westerlo) is ervaringsdeskundige: hij werd op zijn 40ste blind. Overigens schreef hij zelf ook een boek ( ‘Mijn Moeder is mijn Mama niet’)


ISBN9789044835489| hardcover | 320 pagina's | Uitgeverij Clavis | april 2019
Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 27 mei 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De zijderoutes
Peter Frankopan


In een interview in Trouw zegt de schrijver: "Als kind al dacht ik; waarom kijken we zo weinig naar de geschiedenis van andere volken. Waarom wordt geschiedenis steeds zo verteld alsof alles om het Westen draait? Dat schept heel vergaande ideeën dat wij superieur zijn, dat al het goede in de wereld, de Verlichting, democratie, aan ons te danken is."

Wikipedia meldt ons: 'De (klassieke) zijderoute of zijdeweg was een netwerk van karavaanroutes door Centraal-Azië, waarlangs gedurende vele eeuwen handel werd gedreven tussen China en het oosten van Azië aan de ene kant en het Midden-Oosten en het Middellandse Zeegebied aan de andere kant. Eeuwenlang, van de klassieke oudheid tot de late middeleeuwen, was de zijderoute de belangrijkste verbinding tussen oost en west.'


Dit boek volgt niet letterlijk de zijderoutes maar geeft wel de geschiedenis weer van de handel en wat voor invloed dat had op landen en werelddelen. Het laat de verbanden zien tussen handel drijven en het contact leggen tussen verschillende culturen en religies.
Het verhaal over deze 'zijderoutes' begint bij de oudheid in Mesopotamië, bij het - vruchtbare - gebied tussen de rivieren de Eufraat en de Tigris waar de eerste steden ooit ontstonden. Er werden wegen aangelegd waarover handelswaren en post vervoerd konden worden en ook voor veiligheid werd gezorgd. Perzië was het machtigste rijk. Er waren verbindingen tussen Europa, Azië, Noord-Afrika enz. en Centraal Azië en China. Er was grote rijkdom, vorsten hadden veel macht.


Door deze 'globalisering' kwam echter ook het verschil in geloof naar voren. Het is jammer om na het lezen van dit boek te moeten constateren dat deze verschillen steeds voor enorme tweedracht hebben gezorgd tot vandaag de dag aan toe. Maar ook de hebzucht, de zucht naar macht en eigenbelang maakt dat veel landen en volkeren die aanvankelijk vreedzaam met en naast elkaar leefden elkaar naar het leven gingen staan.


Peter Frankopan vertelt in heldere en goed te begrijpen taal hoe deze bovenstaande zaken hun impact hadden in het leven van de mensen in verschillende werelddelen. Griekse religies werden bekend bij de boeddhisten en vice-versa, wat leidde tot de bouw van enorme kloosters en tempels  door de nieuwe boeddhisten. Maar ook het christendom werd dankzij de handelsroutes verspreid.


We lezen over de Hunnen en hun barbaarse praktijken. 'Ze gedroegen zich als wolven.' We lezen over Djenghis Kahn. In het bovengenoemde interview zegt Peter Frankopan daarover: "Djengis Khan associëren we met ultieme barbarij. Maar het succes van het Mongoolse Rijk dat hij in de dertiende eeuw stichtte was juist te danken aan tolerantie en samenwerking."
En zo licht de schrijver allerlei zaken toe die normaal gesproken niet benoemd worden.


We lezen o.a. over het bloedbad wat dankzij de kruistochten werd aangericht en over de aanleiding  voor die twee tochten. We lezen over latere eeuwen en het enorme verschil tussen arm en rijk. Hoe volkeren in opstand kwamen tegen dit onrecht. We lezen over de VOC, over de ontdekking van Zuid en Noord-Amerika en welke slachtpartijen er werden gehouden bij de Inka's puur uit hebzucht. Schepen volgeladen met geplunderde spullen van (Inka)goud werden afgevoerd.
We worden geïnformeerd opkomst van de Islam en waarom die ontstond. Ook de Franse Revolutie, de bouw en val van de muur, de Eerste en Tweede Wereldoorlog, de dreiging van een derde wereldoorlog etc. passeren de revue. Waarbij vooral de aanleidingen daartoe aangegeven worden. We lezen met name over Groot-Britannië (Peter Frankopan is Brits) en haar rol in de koloniën, over het enorme eigenbelang van dat land - het gaat niet om het welzijn van d ebevolking maar om de grondstoffen van de landen die Groot Brittani:e bezit) Maar ook over de tweeslachtige houding van Amerika rond Irak en Iran komt ter sprake. (Beiden werden door Amerika voorzien van wapens.) En we eindigen met de opkomst van China en haar toenemende invloed op de wereldhandel.


Het prettige is dat het geen boek met stugge, starre verhalen is geworden maar een boek met inzichtgevende vertellingen die naast alle informatie die ze opleveren ook nog eens prettig om te lezen zijn. Het boek is verder prachtig uitgevoerd en voorzien van mooie kleurrijke, toelichtende illustraties van Neil Packer. Ook de landkaarten bij de periodes die besproken worden

Een boek voor elke jongere die graag verder kijkt dan zijn neus lang is, een boek dat ook op scholen prettig in gebruik zal zijn.


ISBN 9789000362530 | Hardcover | 365 pagina's | Van Goor | september 2018 | Vanaf 10 jaar
Vertaald door Wybrand Scheffer

© Dettie, 18 mei 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het Magische Eenhoorn Genootschap
Het officiële handboek
Geillustreerd door Harry en Zanna Goldhawk
tekst: Selwyn E. Phipps


Alleen het idee om – eindelijk – eens een handboek te maken voor eenhoornliefhebbers verdient al een flinke pluim. Natuurlijk weet de lezer wel dat een eenhoorn niet echt bestaat, maar daarom zijn het nog wel mooie dieren die aandacht verdienen!
En dan is het ook nog een prachtig uitgevoerd boek, met mooie kleurrijke illustraties en heel veel informatie!


Het boek begint met een voorwoord van de schrijver, die zich voorstelt als de voorzitter – de 101e maar liefst – van het Magische Eenhoorn Genootschap. Al vanaf zijn vroege jeugd geïnteresseerd in deze magische dieren, zat hij altijd heel aandachtig te luisteren naar de reisverhalen van zijn moeder. Op een dag zou hij zelf ook gaan reizen, en dan specifiek op expeditie gaan om eenhoorns te vinden. En dat is hem gelukt zoals hij in de volgende hoofdstukken zal vertellen.


In 1577 werd het Genootschap opgericht door Luca di Bosco en Alessandra Massima. 
Over de hele wereld zijn er afdelingen opgericht die tezamen het Genootschap vormen. Selwyn Phipps zit in Zuid-Londen, in een oud Victoriaans huis waar zich ook de uitgebreide bibliotheek bevindt. Daar is (bijna) alle informatie over eenhoorns te vinden. Het genootschap doet onderzoek naar deze dieren en zorgt er voor dat ze bescherming krijgen.


En nu is er dit prachtige boek voor aspirant-leden, dat geschreven is in de hoop dat er een nieuwe generatie bereid is dit belangrijke werk voort te zetten.
Er is een wereldkaart waarop je kunt zien welke eenhoornsoorten waar voor komen en waar de afdelingen van het Genootschap zich bevinden. Er wordt verteld over de zeven verschillende soorten: hoe ze er uit zien, waar ze leven en welke eigenschappen zij hebben die anders zijn dan die van de andere soorten. Natuurlijk zijn er ook eigenschappen die overeenkomen: het zijn sierlijke wezens, met magische krachten, die hun bestaan in dienst stellen van de mens.


Informatie volop, in de vorm van opsommingen, wetenswaardigheden en zelfs een eenhoornalfabet, maar er staan ook verhalen in dit boek. Sprookjesachtige verhalen over de ontdekkers, of over avonturen die de mens in contact brachten met eenhoorns. Een er van verklaart hoe het poollicht ontstaat!
Je kan met behulp van een test bepalen welke eenhoorn het beste bij je past, en heel leuk: als je dat gedaan hebt staat er op de volgende pagina welke eigenschappen je dan waarschijnlijk zelf bezit!


De titelpagina en de inhoudsopgave zijn meteen al een lust voor het oog, met al die mooie versieringen rondom. En de eenhoorns zijn prachtig getekend. Helaas zijn er geen foto’s, dat zijn die ontdekkers vergeten…
Dat wordt goedgemaakt (dan kun je die foto’s misschien zelf ooit maken!) achterin wordt in drie stappen de mogelijkheid geboden om zelf toe te treden tot het Genootschap.


Een fantastisch boek voor iedereen die graag eenhoorns ziet of er over leest.


ISBN 9789059246317 | hardcover | 120 pagina's | Uitgeverij Baeckens | januari 2019
Vertaald uit het Engels door Astrid Staartjes | Leeftijd vanaf 8 jaar (NUR 280)

© Marjo, 7 april 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Doe-Boek Vogels
Kleuren, puzzelen, raden, ontdekken
Fanny Glazenburg (Hoofdred.)


Het boek begint al goed met een mooie stempelafdruk waar je je naam in kunt schrijven 'voor je het weet ben je je boek kwijt' staat erbij en dat is goed mogelijk want het boek heeft alles in zich wat het heel aantrekkelijk maakt voor iedereen.

Na de inhoudspagina treffen we links een paginagrote foto aan van de papegaaiduiker met zijn grappige kop. Op de rechterpagina zien we een mooie kleurplaat van dezelfde vogel en, hoewel de papegaaivogel in het echt zwarte en witte veren heeft, 'mag je deze papegaaiduiker zo vrolijk kleuren als je wilt.' Er staan overigens veel meer van deze apart kleurplaten in het boek.
wat voor geluid
Op de vogelde twee pagina's zien we prachtige afbeeldingen van de kokmeeuw en de stormmeeuw, ze lijken een beetje op de oude schoolplaten van M.A. Koekoek.
Op deze afbeeldingen kunnen we de tien verschillen zoeken. Dat is wel slim want zo bekijk je de vogels heel goed en let je veel beter op hoe ze eruitzien. Doorheen het boek staan meer van die mooie zoek-de-verschillen platen.
Vervolgens belanden we bij een kruiswoordpuzzel maar die is ook niet zoals je gewend bent want bij de puzzel staan allerlei getekende vogels en ook de beschrijvingen en de in te vullen woord gaan over vogels. De puzzel is nog best pittig om te maken maar wel érg leuk om te doen.


En zo gaat het boek door, je kunt bijvoorbeeld de vrouwtjeseenden bij de mannetjeseenden (woerden) zoeken, dat lijkt makkelijk maar de vrouwtjes zien er heel anders uit dan de woerden. Gelukkig is er wel een beetje hulp bij gegeven. Er staat een vogelpotenquiz in, je kunt het mooie ijsvogeltje door het doolhof begeleiden naar zijn visje, er staan woordzoekers in - in de vorm van een ei natuurlijk  - er staan spelletjes in die je alleen of met zijn tweeën kunt spelen.
Je kunt uitzoeken welke vogel jij zelf bent of een vogelschilderijtje maken door de genummerde vakjes in te kleuren.
Kortom, het is inderdaad een doe-boek.


Daarnaast kun je ook lezen wat verschillende soorten vogels eten, waar ze leven, hoe knap sommige vogels hun nesten maken, wat voor geluiden ze maken, hoe je vogels kunt spotten (zo heet het in de buitenlucht kijken naar vogels)  enz.
Het is echt een geweldig boek met prachtige illustraties.
Opnieuw een fantastische, mooi verzorgde, uitgave zoals we inmiddels van deze uitgever gewend zijn. Chapeau!


ISBN 9789059568556 | Hardcover | 64 pagina's | Uitgeverij Fontaine/Roots New Skool Media | december 2018
Afmeting 29,3 x 23,0 x 1,5 cm | Leeftijd vanaf ca. 6 jaar

Dettie, 2 september 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Streepjescode Rood
Tosca Menten


Dit boek kwam op tijd uit, nog net vóór de zomervakantie. Dus konden kinderen er meteen mee aan de slag. Het is namelijk een ‘steek-de-handen-uit-je-mouwenboek’, oftewel een kijk-, lees- en doeboek.
Degenen die de boeken van Tosca Menten kennen - en welk kind kent die nu niet!? – herkennen meteen de knotsgekke humor die zij ook in haar verhalen stopt.


Het zijn allerlei opdrachten, waarbij je ook moderne media nodig hebt. Nou ja, je kan zonder, maar dat is minder leuk. Er zijn puzzels, weetjes, woordgrapjes, en natuurlijk ook een leuk verhaal. Dat verhaal heeft drie aparte delen verspreid over het boek. Een verhaal met Dummie de Mummie.


Tussendoor kan je dan een opdracht doen als deze. Het heet: kijk uit je doppen. En dan staat er:
‘Zoek eerst twee doppen, liefst doorzichtige, anders kan je er niet doorheen kijken. Prik er gaatjes in en bind er een elastiekje aan. Doe de doppen als een bril voor je ogen en kijk er doorheen.
Uit je doppen kijken is heel verstandig. Wie niet uit zijn doppen kijkt, loopt per ongeluk in een sloot.‘
Ok, een beetje flauw, maar dit is toch wel de humor van Tosca Menten, en die komt in een verhaal gelukkig veel leuker over.


Er staan taalraadsels in en rekenpuzzels. Recepten en woordzoekers. En vaak is er een verwijzing naar een van de boekenfiguren: Dummie de Mummie, juffrouw Pots, Struis, Dirkje of Knor. Die hoef je niet te kennen om deze spelletjes en opdrachtjes te kunnen doen, maar misschien word je wel nieuwsgierig en ga je al de boeken van Tosca Menten lezen! Dan ben je nog veel langer zoet, dan alleen met Streepjescode Rood!


Deze vind ik ook erg leuk:

‘Heb je het warm?
Teken een ijsje (er is een lege bladzijde) en eet hem op.’


Er zijn liedjes, spelletjes om met je vriendjes te doen, en achterin vind je de oplossingen van de puzzels.


Zie ook het inkijkexemplaar


ISBN 9789000368884 | paperback | 144 pagina's | Uitgeverij van Goor | juli 2019
De illustraties zijn van Elly Hees, Katrien Holland en Tosca Menten | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 18 augustus 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het dikke kriebel-
beestjesboek

Illustraties: ivan en ilia
Tekst: Marianne Busser en Ron Schröder



De ondertitel is: ‘Vrolijke versjes en leerzame weetjes over insecten en andere kriebelbeestjes.’

Klaar is Kees, want dat is het precies wat dit boek te bieden heeft!
En inderdaad, doe je het boek open, dan vliegen en kruipen de beestjes je om de oren. Gelukkig niet letterlijk, want er zitten ook best beestjes bij die er griezelig uitzien, of diertjes die steken. Daardoor is het ook zover gekomen dat wij mensen de neiging hebben om al die kleine beestjes ver van ons weg te houden, maar eigenlijk zijn ze ieder op zich heel bijzonder.


Het is dan ook een heel goed idee om het boek te beginnen met een hoofdstuk over hoe je een insectenhotel kunt maken. Goed voor vogels, staat er. Natuurlijk. Maar ook een hele goede gelegenheid om de beestjes eens van dichtbij te bekijken.
Er zijn een paar dingen waar je rekening mee moet houden: een insectenhotel werkt het beste met gaatjes van allerlei afmetingen en je kan het beter niet schilderen, van verflucht houden ze niet. Ook kun je beestjes op andere manieren lokken – en bekijken: een omgekeerde bloempot met stro neerzetten. Of gewoon een rommelig stapeltje stenen.
En ga dan maar eens kijken welke bewoners in zo’n huisje trekken!

Misschien kun je met behulp van dit boek dan wel meer te weten komen over het beestje. Ze staan er natuurlijk niet allemaal in, dat zou een enorm dik boek worden! Maar in dit boek kan je goed kijken naar onder andere gaasvliegen, bijen, of een lieveheersbeestje. En naar beestjes als een kruisspin, een meikever of de strontvlieg. Die laatsten zal je trouwens niet zo snel in je insectenhotel aantreffen. Ook de libel of het bootsmannetje niet, want die wonen in water. Voor hen kan je dan weer een mini-aquarium maken.
En wat denk je van een wormenpot? Die heb je zo gemaakt? En dan kun je precies zien hoe wormen gangen graven en blaadjes die je hen als eten geeft de grond in trekken.


Als je genoeg gezien hebt van de waterdiertjes of de wormen, dan breng je ze natuurlijk weer terug de natuur in, want eigenlijk willen we die beestjes niet in huis. Net zomin als vliegen en muggen. Nu staan er in het boek ook natuurvriendelijke tips over hoe je kan voorkomen dat die binnen komen: een bekertje met azijn kan voorkomen dat je last hebt van vliegen en pepermuntolie schijnt ook te helpen, maar dan vooral tegen spinnen. Want ja, in huis zijn er ook best veel insecten, die daar net zo thuis zijn als jij bent…


Je hebt ze liever niet: houtwormen of zilvervisjes maar wist je dat een zilvervisje je juist helpt door mijten te eten? Zijn neefje de papiervis lijkt nogal op hem, maar die is juist wel schadelijk: een papiervisje eet papier, en maakt dus dingen kapot.
En echt, als je eenmaal die moederspin hebt gezien met al haar kleintjes, dan vind je spinnen vast minder eng!


Dat komt natuurlijk ook door de leuke tekeningen van ivan en ilia. Zij weten al die kleine kriebel- en steekbeestjes zo weer te geven dat ze er helemaal niet meer akelig uitzien. Het gezin spin dus ook, en die duizendpoot die een soort high-five doet is ook erg grappig.
Zelfs die akelige glibberige naaktslakken zien er schattig uit.
Wat zeg je? Naaktslakken zijn geen insecten? Nee, dat klopt natuurlijk.


Er staan nog meer diertjes in het boek die echt geen insect zijn  - een spin eigenlijk ook niet, want die heeft acht poten, een insect heeft er zes. De eerder genoemde worm en duizendpoot zijn ook geen insecten - een worm hoort bij de ongewervelde dieren en een slak bij de geleedpotigen. En pissebedden zijn dan weer koudbloedige schaaldieren. Toch passen ze prima in dit boek, omdat ze bij al die kleine beestjes horen die je in en rond huis kunt tegenkomen.

Zo is het dus: van dit boek kan je veel leren, en ieder boek van het echtpaar Busser – Schröder is een feest om te lezen!
Net als ieder boek dat geïllustreerd is door ivan en ilia een genot voor het oog is.


Nog wat overbodige uitleg: de hoofdstukken die meer algemene informatie geven staan als gewone tekst in het boek, maar als het over een bepaalde soort insect – of ander dier dus – gaat, is er natuurlijk de bekende versvorm, waar Marianne Busser en Ron Schröder beroemd om zijn. En die worden aangevuld met kadertjes wist-je-datjes.


Marianne Busser (1958) en Ron Schröder (1958) hebben al zo ontzettend veel geschreven dat het haast niet mogelijk dat iemand hen nog niet kent, maar voor het geval dat hebben zij ook een site:  www.mariannebusser-ronschroder.info


ISBN 9789048848508 | hardcover | 121 pagina's | Uitgeverij Moon | april 2019| Leeftijd vanaf 4 jaar
Afmeting : 25,3 x 25,2 x 1,8 cm.

© Marjo, 29 mei 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Bij de beesten af
Het liefdesleven van dieren
illustraties: Anke Kuhl
tekst: Katharina von der Gathen


Krijgen spinnen ook baby's, Hoe doen olifanten het? En wat doen slangen met elkaar? Hebben dieren ook seks?  Kunnen dieren homo zijn?
Dit zijn onder andere de vragen van nieuwsgierige kinderen als ze willen weten hoe dieren 'het' doen.


Het boek begint met de versiertrucs die dieren toepassen. De paradijsvogel is de eerste die genoemd wordt en dat is te begrijpen als je dit filmpje ziet. Verder lezen we dat vuurvliegjes  hun 'vuurtje' gebruiken om de vrouwtjes te verleiden en zij seinen terug! Natuurlijk kennen we de pauw die met zijn prachtige verenwaaier het vrouwtje probeert in te palmen. Kogelvissen zijn daarentegen weer heel creatief en maken een prachtig cirkelvormig patroon in het zand! Wonderbaarlijk om te lezen. En wist je dat zeepaardjes met elkaar dansen voordat ze gaan paren?  Maar de flamingomannetjes presenteren zich in een groepsdans, ze apen elkaars bewegingen na


Vervolgens gaan we naar de afdeling 'lekkere luchtjes'  En dat is vaak geen verleidelijke parfumgeur die wij als mens kennen! De dieren gebruiken heel andere middelen om hun aanstaande partner te verleiden... o.a. poep! Maar ook geluiden zijn belangrijk. Onder de dieren zijn er echte 'Romeo's' die een prachtig liefdeslied voor hun geliefde zingen of andere geluiden maken en die variëren van 'zingen', piepen, kwaken, grommen tot luid loeiende sirenegeluiden! Anke Kuhl heeft hierbij een geweldig kikkerkoor - met dirigent - getekend!


Hilarisch is het verhaal over de haas, die na zijn strijd om de voorkeur van een vrouwtje te winnen eerst nog even in elkaar geslagen wordt door haar voordat hij vader mag worden van haar kinderen! Bij dit verhaal zien we een humoristische tekening van een meppend vrouwtje die zegt: 'Je bent de beste, de mooiste en de slimste!' Arme vaderhaas ligt bijna voor pampus...


We lezen en zien dankzij de humoristisch getekende afbeeldingen hoe de zeven verschillende diersoorten ervoor zorgen dat de zaadcellen van het mannetje bij de eicellen van het vrouwtje komen. Ook komen we te weten welke dieren heel veel paren en welke maar één keer in hun leven. Het is heel fascinerend om te lezen op welke manier alle dieren er voor zorgen dat hun soort blijft voortbestaan. Het ene dier verplaatst zich namelijk en vindt zo wel een partner, maar hoe is het met dieren die nauwelijks van hun plek af komen zoals koraal? Ook daar krijgen we antwoord op.


Ook de papiernautilus (inktvissoort) heeft een bijzondere manier van voortplanten. Het mannetje heeft een penistentakel en die maakt hij los en laat het naar een vrouwtje zwemmen. 'In de buik van het vrouwtje barsten de spermapakketjes open, waardoor de kostbare inhoud vrijkomt.' En zo zijn er enorm veel verschillen in het met elkaar paren ofwel zorgen dat de eitjes bevrucht raken. Er staat zelfs vermeld, hoe egeltjes het doen. 'Heel voorzichtig' was altijd de grap, maar egels hebben wel een manier gevonden zodat ze kunnen paren zonder elkaar zeer te doen. Maar vooraf moeten de mannetjes - in optocht - wel wekenlang achter het vrouwtje aan lopen.


Het is onvoorstelbaar wat er allemaal te vertellen valt over de geslachtsdaad en hoe de dieren na de daad met elkaar omgaan. Bekend is dat veel spinnen hun mannetje doodbijten nadat de eitjes bevrucht zijn, maar ook andere dieren zijn niet echt liefdevolle partners of doet de daad zelf erg veel pijn, zoals bij katten...
Ook is de trouwe partner vaak ver te zoeken. Er is geregistreerd dat een vrouwtjespinquïn tweeënzestig keer met een ander dan haar partner de daad heeft gedaan, in ruil voor een steentje voor haar nest! Ach ja, wie niet rijk is moet slim zijn heeft ze vast gedacht...


De tekeningen van Anke Kuhl zijn een geweldige aanvulling op de korte teksten en verhalen over de dieren. Er is een heuse uitklapplaat met allerlei manlijke geslachtsorganen van die van een walrus, tot die van een mierenegel of dwergvleermuis. Op de achterkant zien we vrouwelijke geslachsorganen van spin en dwergkever tot de blauwe vinvis. Alle tekeningen zijn hebben iets grappigs en vaak staan er kleine opmerkingen bij waar je om moet lachen.
De illustratrice heeft alles op een aparte, aansprekende manier in beeld gebracht. We zien op de illustraties de diverse versiertrucs, de paring die bij de diverse diersoorten op allerlei manieren tot stand komt, vervolgens de groei van de bevruchte eicel tot de uiteindelijke geboorte waardoor de soort in stand blijft. En daar is het uiteindelijk allemaal om begonnen.


Daarnaast wordt aandacht besteed aan onder andere de bovenstaande vragen van de kinderen. Er is verder zoveel te lezen en te zien in dit boek dat het onbegonnen werk is om alles te benoemen. Je komt bijna ogen tekort. 'In deze klassieke natuurgids vind je alle antwoorden!' meldt de uitgever en dat klopt helemaal.  Het is echt een geweldig, informatief én leerzaam boek voor nieuwsgierige kinderen!


ISBN 9789025769192 | Hardcover | 143 pagina's | Uitgeverij Gottmer | augustus 2018
Uitstekend vertaald door Esther Ottens | Leeftijd ca. 9+

© Dettie, 20 mei 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

10 redenen waarom olifanten geweldig zijn
illustraties Hanako Cullow
tekst Catherine Barr


In dit boek maken we kennis met de Aziatische en de Afrikaanse olifant. Doorheen het hele boek wordt aangegeven welke van de twee olifantensoorten op de afbeeldingen is weergegeven.

De 10 redenen worden per twee pagina's gemeld en getoond. Zo lezen we bij reden 1 dat een baby-olifant eerst een jaar lang moet leren wat hij allemaal met zijn slurf kan doen. Verder leren we dat olifanten hun slurf gebruiken om te ruiken, te ademen, te drinken en er heel voorzichtig iets mee vast kunnen pakken. "Ze kunnen er ook geluid mee maken - dat klinkt als een trompet - en er zelfs mee snorkelen!

Op de bijbehorende afbeelding zien we grote en kleine Afrikaanse olifanten aan een meer, enkelen drinken en andere spelen en 'snorkelen' in het water. Maar we zien ook het landschap én zebra's en een giraffe die ook dorst hebben.  Naast de olifanten zwemmen ook twee nijlpaarden.
De olifanten en andere dieren zijn natuurgetrouw getekend op hun ogen na, die zijn mooi groot, waardoor ze er heel lief en aardig uitzien.

Bij elke dier en enkele planten staat de naam vermeld. Daardoor weten we dat op de volgende twee pagina's naast de Afrikaanse bosolifant een Afrikaanse perenboom, een reuzentoerako (vogel) ende westelijke laaglandgorilla's te zien zijn. We leren gelijk dat de bosolifanten onder andere zaadjes eten en weer uitpoepen zodat ze in de mest tot bloei komen.

Erg leuk is reden drie, waarin we lezen hoe olifanten met elkaar kunnen praten en over welke lange afstanden ze elkaar kunnen 'verstaan'. En zo leren we waar hun grote oren voor dienen, hoe ze de weg naar voedsel weten te vinden, hoe slim ze zijn en nog veel meer.

Bij de afbeeldingen staat ook ronde kadertjes getiteld 'help de olifant'. Daarin staan tips over hoe je het voortbestaan van olifanten kunt ondersteunen. 

Opnieuw een erg interessant en leerzaam boeken uit deze leuke serie voor kinderen vanaf 5 jaar.


ISBN 9789025770228 | Hardcover | 24 pagina's | Uitgeverij Gottmer | februari 2019
Vertaald door J.H. Gever | Afmeting 19,5 x 25 cm. Leeftijd 5+

© Dettie, 21 april 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER