Nieuwe jeugdboekrecensies 6+

Eefje en de dieren
Matt Haig

Als haar vader zegt dat ze bijzonder is, dan zal dat wel, denkt de elfjarige Eefje. Of zeggen alle vaders dat? Maar zelf vindt Eefje ook wel dat ze een talent heeft. Behalve dat ze eigenlijk alles weet over dieren, kan ze ook hen praten! Ze kan horen wat dieren denken, en soms ook kunnen dieren horen wat zij dan terugdacht. Van haar vader mag ze dit absoluut tegen niemand vertellen en nog liever heeft hij dat ze ook niet probeert om met dieren te praten. Maar zeg nou zelf: behalve dat het leuk is, is het ook prettig om bijvoorbeeld te praten met die mus – Hip heet hij – over hoe ze haar moeder zo erg mist.
En het brengt haar ook in de problemen. Op school zit in een te kleine kooi een konijn, Kahlo heet hij. Als Eefje hoort dat hij het verschrikkelijk vindt in die kleine ruimte en dat hij terug wil naar het bos, waar hij ook vandaan komt – hij is dus geen tam konijn! – besluit Eefje hem te helpen ontsnappen.

‘Als ik ooit iets voor je kan doen, moet je het gewoon vragen.’ zegt hij voor hij weg hopt.

De directeur is erg boos en roept haar vader op school. Ze dreigt zelfs om Eefje van school te sturen.
Dat weten ze te voorkomen, maar Eefje moet haar vader nu echt beloven niet meer met dieren te praten.  Ze belooft het en probeert het ook echt, zeker als haar vader heeft uitgelegd wat er met haar moeder gebeurd is – die ook met dieren kon praten. Eefje begrijpt dat het gevaarlijk is voor haar.
Maar Eefjes oma denkt er toch anders over. Zij wil juist dat Eefje haar talent ontwikkelt, en oefent met haar. Stiekem. Eefje is namelijk niet voor niets gezegend met dat talent. Ze heeft een missie. Ze moet de wereld redden.

‘Alles is onmogelijk totdat je het doet. En jij zult het doen. Het is een vorm van zien waarvoor je geen ogen nodig hebt. Een vorm van proeven, maar dan met je geest. Elk dier is verbonden met elk ander dieren. We zijn allemaal met elkaar verbonden. Dat is de keten van het leven. Vier miljoen jaar geleden hadden we allemaal een gemeenschappelijke voorouder…’

Natuurlijk ontdekt haar vader het toch. Want er gebeurt iets waardoor ze niet anders kan dan met een dier praten. Met een leeuw zelfs.  Niet alleen haar vader, maar de hele wereld weet binnen de kortste keren wie zij is. Ook de man die zo gevaarlijk is.  

Het duurt even voor het verhaal op gang komt. Je kan natuurlijk niet zomaar ineens een meisje zijn dat de wereld moet redden. Er moet uitgelegd worden waarom het gevaarlijk is om dit talent te hebben. Er is een voorgeschiedenis nodig. Nu weet Haig dat interessant genoeg te brengen. Praten met dieren is iets wat iedere lezer wel wil kunnen, en dat doet Eefje vanaf het begin.
Aanvankelijk is het alleen voor de lol, maar vanaf het moment dat ze er anderen mee kan helpen, en dat op valt, komt ook de spanning in het verhaal. Want dan vertelt haar vader haar wat voor meisje ze is, en heeft haar oma die plannen met haar. Niet dat de volwassenen het verhaal maken, dat doet Eefje toch echt zelf.
Samen met de dieren. In het bijzonder konijnen!

Een goed verteld bijzonder verhaal, met een magisch tintje en een fijne spanningsboog. Leuke zwart-wit tekeningen maken het af. Vooral als er een aantal pagina’s gevuld worden met posters voor vermiste dieren. Het is niet grappig dat ze vermist worden, maar de tekst op die posters maakt toch wel dat je af en toe grinnikt.
De aangegeven leeftijd is 8+, dat vind ik toch wel wat aan de jonge kant. Voorlezen kan prima, maar voor zelf lezen zou ik zeggen: 10+

Matt Haig (1975) is de auteur van vijf romans, waaronder de bestseller The Humans. Zijn werk wordt gepubliceerd in meer dan dertig landen en de filmrechten van zijn debuut The Last Family in England (2004) zijn gekocht door de productiemaatschappij van Brad Pitt. Haigs eerste kinderboek, Shadow Forest, won vele prijzen, zoals The Smarties Book Prize.

ISBN 9789048850945| hardcover | 224 pagina's | Uitgeverij Moon| februari 2020
Leeftijd vanaf 8 jaar.
Illustraties van Emily Gravett
Vertaald uit het Engels door Merel Leene

© Marjo, 8  april 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Petrova en de wolf
illustraties: Myriam Berenschot
tekst: Bart Demyttenaere


Dit verhaal is gebaseerd op de muzikale vertelling van Sergej Prokofjev. Het gaat over Peter die bij zijn opa aan de rand van het bos woont. Hij heeft geen ouders meer. Peter leest graag en luistert veel naar muziek, iets wat zijn opa niet prettig vindt. 


'Stop met lezen' snauwt hij.
En zit niet zo te dromen, Peter.
Je lijkt wel een meisje.
Speel liever met een bal
of met autootjes.'


Maar Peter wil dat helemaal niet, hij haat autootjes, en als opa hem net een meisje vindt, dan wordt hij toch een meisje...
Hij pakt zijn moeders trouwjurk uit de grote kist en hij maakt zich op. Vanaf nu heet ik Petrova, besluit hij. Hij gaat stiekem de tuin uit, ook al wil opa dat niet hebben, en gaat naar het bos.


Het roodborstje is niet zoals opa, het vogeltje vindt Petrova in haar jurk prachtig, net als meneer Eend, die aangewaggeld komt. Maar de vogels zijn onderling niet zo aardig. Ze beginnen te kibbelen en daardoor zien ze de kater niet, gelukkig waarschuwt Petrova de vogels.


Ondertussen is opa wakker geworden en komt ook het bos in. Petrova moet terug komen, zegt hij, weer de tuin in, want er lopen wolven in het bos. En net als hij  dat gezegd heeft komt er inderdaad een wolf aan en die slokt meneer Eend in één hap naar binnen...


En dan laat Petrova zien dat hij met of zonder jurk, met of zonder muziek of boeken, een heel dapper en slim meisje is!


Het verhaal laat zien, dat je altijd jezelf moet blijven, ook al willen anderen, zoals opa in dit verhaal,  je veranderen. Het maakt niet uit wat je doet als je maar doet wat bij je past, zonder een ander daarmee kwaad te doen natuurlijk. Petrova wil dat iedereen eerlijk wordt behandeld, zonder boosaardigeheid. Daarnaast is Petrova ook nog eens heel dapper, iets wat opa niet verwacht had van dat 'meisje'.


De afbeeldingen zijn kleurrijk en levendig. Het zijn lieve, stoere illustraties, zoals Myriam Berenschot meldt op haar website.


Kortom, een goed verhaal dat naast dat het een mooie boodschap heeft, ook erg leuk om te zien en te lezen is.


ISBN 9789044837889 | Hardcover | 40 pagina's | Uitgeverij Clavis | februari 2020
Afmeting 29,8 x 21,8 cm | Leeftijd 6+

© Dettie, 25 maart 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Vader en dochter
Michael Dudok de Wit


'Vader en Dochter is oorspronkelijk een animatiefilm (9.22 minuten) van Michael Dudok de Wit uit 2000. De film kreeg een groot aantal prijzen, waaronder de Oscar voor beste animatiefilm in 2001. In 2007 kreeg deze film een plek in de canon van de Nederlandse film. De film heeft bijzondere geluidseffecten. Het mooie aan dit filmpje is dat er niet ingesproken wordt, de beelden - en muziek-  spreken voor zich.'


In de animatiefilm zien we een vader die op een dijk afscheid neemt van zijn dochtertje. Hij stapt in een boot en vertrekt. Het meisje wacht de hele dag op zijn terugkeer, maar hij komt niet meer terug, nooit meer. Vervolgens zien we het meisje in de loop der jaren keer op keer over de dijk fietsen, haar vaders fiets staat er nog steeds en valt langzaam uit elkaar. Het leven gaat maar het filmpje laat het stille verdriet zien van het meisje. Het zijn kleine momenten van even denken aan haar vader, daar op die dijk.We volgen het meisje tot ze zelf een oude vrouw is. Het water aan de dijk is opgedroogd en op een dag stapt zij de dijk af en wandelt over de ontstane vlakte naar...

Het filmpje is erg ontroerend en aangrijpend. Het vertaalt heel mooi het blijvende gevoel van gemis.


En nu is er een boek gemaakt van beelden uit dat animatiefilmpje en deze keer wordt er wél 'gepraat' maar dan in de vorm van tekst. De tekeningen blijven schitterend en hebben opnieuw impact. De kracht van het beeld is opnieuw groot en vertelt eveneens de mooie geschiedenis van de vader en het meisje. Maar... het boek had ook zonder woorden gekund. Nu is het hele fijngevoelige, dat de kracht van het filmpje was, dankzij de toegevoegde tekst verdwenen of in ieder geval sterk verminderd. Het is nu een verhaal geworden wat ingevuld is met woorden. De eigen invulling, de eigen interpretatie, is daardoor weggehaald.


Een eventuele verklaring voor het toevoegen van tekst is dat het filmpje meer voor iedereen is, voor zowel kinderen als volwassenen. Dit boek is echter voor kinderen vanaf 7 jaar. Mogelijk dat daardoor de tekst toegevoegd is om toch het een en ander nader te verklaren.
Toch, voor wie het filmpje niet kende zal dit boek wél het nodige effect hebben, want het blijft gewoon een prachtig verhaal.


Michael Dudok de Wit is een Nederlandse animator, filmregisseur en illustrator. Hij is sinds vele jaren gevestigd in Londen, waar hij prijswinnende reclamefilms regisseert en animeert. Hij illustreert ook kinderboeken.


ISBN 9789025878894 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij Leopold | februari 2020 (Vijfde druk)
Afmeting 30,2 x 23 cm|  Leeftijd 7-12 jaar

© Dettie, 13 maart 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Uit elkaar
illustraties: Sylvia Weve
Tekst: Bette Westera


Als ik je zie gaat mijn hart sneller kloppen.
Als ik je zie word ik rood als een biet.
Als ik je zie krijg ik knikkende knieën.
Als ik je zie wordt mijn hoofd een vergiet.


Elke huwelijk begint - lang voor die tijd - met een verliefdheid, met onhandig doen, met onzeker zijn. Je leert elkaar kennen en ontdekken. Je gaat samenwonen of trouwen. Dit kan voor altijd zijn, maar het kan ook misgaan en dan gaat het ooit zo verliefde stel uit elkaar. Voor de eventuele kinderen kan dit heel naar zijn. Zij hebben verdriet en willen eigenlijk helemaal niet kiezen tussen papa of mama, willen niet dat papa en mama iemand anders vinden.
Of misschien denken ze wel dat het hún schuld is dat papa en mama niet meer bij elkaar willen wonen.
Er gaat heel veel in zo'n kinderhoofd om en Bette Westera en Sylvia Weve haken daar op in.

In dichtvorm vertelt Bette Westera over alle mogelijke gevoelens en problemen waar een kind tegenaan loopt als ouder gaan scheiden. Dat klinkt loodzwaar maar dat is het niet want Bette Westera verstaat de kunst om de kern te zeggen maar het toch luchtig te houden en de zwierige afbeeldingen van Sylvia Weve helpen daarbij.

Op haar eigen, speelse, vlinderachtige, zangerige manier kaart Bette Westera bijvoorbeeld vreemdgaan aan in het gedicht Zoenen

Ik zag mijn vader zoenen met juf Ans,
in het portaaltje bij de afvalbakken.
Ik liep naar buiten om mijn fiets te pakken.
Hij geeft op school muziek en zij geeft Frans.

Mijn vader weet ervan, hij zag me staan.
Hij zei dat ik het beter niet kon zeggen.
Dat hij het zelf aan mama uit zou leggen.
Dat heeft hij volgens mij nog niet gedaan.


Het gedicht gaat nog verder maar deze regels zijn al veelzeggend genoeg. Bij het gedicht zien we een stel in silhouet met een fel gekleurd x-vormig kruis erdoor én een jongetje met een getekend kruis op zijn mond, met daarbij, in een tekstballon, au revoir...

Maar het zijn niet alleen de ouders die het voor kinderen ingewikkeld maken, wat te denken van alle opa's en oma's? Als papa en mama een nieuwe relatie krijgen dan zijn er ineens vier oma's én opa's, in het gedicht wordt gesproken over oma een, oma twee, oma drie en oma vier. De een heeft rood haar, de ander zit op ballet, nummer drie rookt sigaren en ga zo maar door. En ineens vijf opa's hebben is ook wel heel erg wennen...

Ontroerend tegen het schrijnende aan is het gedicht Mijn vader. Het kind vertelt wat er allemaal in huis is verdwenen sinds papa daar niet meer woont.


[...] De kale plank in onze boekenkast
Zijn telefoon niet meer aan de lader.
Zijn naam op de kalender doorgekrast.
Dat is er thuis nog over van mijn vader.


Je voelt het achterliggende verdriet van het kind.


Of wat te denken van het stel dat gaat scheiden nadat ze moesten trouwen omdat er een kleintje op komst was.


'Als hij niet was gekomen zou het anders zijn gegaan'
Ze wisten geen van beiden dat Jan-Willem dat kon horen.
Het was niet de bedoeling dat hij op de gang zou staan.


Jan-Willem heeft het echter wél gehoord en vraagt zich nu vertwijfeld af, of het beter was geweest als hij niet geboren was. Dat is natuurlijk een heel akelig gevoel om te hebben. Bij een kind kan dat heftig aankomen, maar ook dit soort zaken worden benoemd in het boek en leiden mogelijk/hopelijk tot een gesprek waarbij alle twijfel weggehaald wordt.

Maar er zijn ook heel vrolijke en positieve gedichten, bijvoorbeeld over stiefmoeders.


In sprookjes zijn stiefmoeders loeders
Maar wij hebben aardige moeders.

Geen dure madammen
die drenzen en drammen,
geniepige krengen
die ongeluk brengen
of valse mevrouwen die snibben en snauwen.


Al zijn ze soms boos en al heten ze stief
de onze zijn aardig en vrolijk en lief.

Het gedicht geen album is ook apart en een nadenkertje.


'We zijn zo al met al nog best een tijd getrouwd geweest,'
zei oma, 'Nee je opa was geen makkelijke man
en ik geen makkelijke vrouw.
De scheiding was een feest,
voor allebei.
Er is alleen geen fotoalbum van.


Heel leuk is ook het verzoek van kinderen van gescheiden ouders aan de onderwijsminister.


Beste onderwijsminister,
wij verzoeken u beleefd
om een maandje meer vakantie
voor wie twee paar ouders heeft.

De kinderen moeten twee keer op vakantie met de ene keer hun papa, de andere keer hun mama, maar dan blijft er nog wel heel weinig tijd over om bij opa of oma te logeren of even thuis te zijn...


En zo zijn er in totaal 44 gedichten rond het onderwerp 'uit elkaar' variërend van hoopvol tot schrijnend, van verdrietig tot positief, van kwaad tot lief.


Het boek zelf is apart gemaakt. De pagina's van het boek worden Japans (aan de voorzijde) gevouwen. Deze vouw blijft intact: zo is het mogelijk om tekst en illustraties over de rand van de pagina's door te laten lopen. Heel even denk je daardoor dat je een misdruk te pakken hebt en wil je al een scherp mes pakken om de pagina's los te maken. Persoonlijk zie ik het voordeel van deze vorm van presenteren niet, een tekst kan altijd doorlopen in de volgende pagina. Maar dat is mijn persoonlijke mening.


De afbeeldingen zijn abstract, groot en kleurig, soms in enkele lijnen neergezet. De kleuren zijn fel en door de afmeting van de figuren zijn ze soms niet als zodanig te herkennen. Ik moet er erg aan wennen en twijfel nog of ik het mooi vind. Een voordeel van deze illustraties is, dat het geen zoet of dramatisch geheel is geworden. De afbeeldingen spatten van de pagina's. Niets drama of ellende, alles is erg levendig en aanwezig.


Het boek is genomineerd voor de Woutertje Pieterse prijs 2020. Dat is een prijs voor het beste oorspronkelijk Nederlandstalige kinder- of jeugdboek. De jury bekroont sinds 1988 kinderboeken die uitzonderlijk zijn voor wat betreft taal, genre, thema, illustratie, vorm en/of vormgeving.
Dit boek voldoet absoluut aan de criteria, zeker wat taal, thema, illustraties en vormgeving betreft.
Persoonlijk vind ik het boek, apart, het thema goed, de gedichten zijn zoals altijd bij Bette Westera uitstekend, maar het geheel is zo enorm druk. Dat zal kinderen denk ik wel aanspreken, maar mij wat minder.


ISBN 9789025771706 | Hardcover | 136 pagina's | Uitgeverij Gottmer | november 2019
Vanaf ca. 8 jaar

© Dettie, 4 maart 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Troostevriend
Margreet Schouwenaar


‘Wie negen wordt, is niet bang. Ik weet niet waarom ik wel bang ben. De meeste kinderen van bijna negen hebben moed over. Om te pesten, brutaal te zijn, de clown te spelen. Ik heb geen overmoed. Ik heb niet eens precies genoeg moed.’


Hira is een bangeschijter. Dat vindt ze zelf tenminste. Een gevoelig kind is ze zeker.
Het begint als haar vader het huis uitgaat. Hij heeft een nieuwe vriendin en Hira’s moeder is boos en verdrietig. ‘Hij nam haar licht mee’. Mama lijkt nergens meer zin in te hebben, en een van de dingen die ze niet meer doet, is ’s avonds Hira nog even welterusten komen zeggen. En er blijft geen lichtje meer aan op de gang. Ze is tenslotte bijna negen!
Maar ‘als je goed luistert kun je het donker horen ruisen, ademen bijna. Maar dat is niet het ergste. Het donker is niet zo donker; het zijn de dingen die donker zijn. De kapstok, de jassen. De plinten. De traptreden.’ ‘In het donker komen de dingen tot leven.’


Zoals haar troostevriendje. Maar dat is niet erg, want Lexie biedt dus troost. Als onzichtbaar vriendje kende Hira hem al. Maar zoals dat gaat met troostevriendjes: hij was verdwenen toen ze ongeveer zes jaar was. En nu is hij er weer! Gelukkig, want Hira heeft behoefte aan een vriend. Niet dat ze dat toegeeft! Ze is tenslotte al negen, bijna dan, en een onzichtbaar vriendje, dat kan niet meer.


Maar nu is het Lexie die om hulp vraagt. Dat is wat anders! Wat is er aan de hand?
En Lexie vertelt: Als hun kinderen ze niet meer nodig hebben, gaan de vriendjes naar Klutswir. En daar is iets aan de hand, waardoor de vriendjes boos, verdrietig en radeloos zijn. Hira wordt gevraagd om hulp. Ze moet mee naar Klutswir, waar ze de vrienden van Lexie ontmoet. En hun vijand.


Deze avonturen beleeft ze ’s nachts. Overdag gebeurt er ook van alles. Papa heeft nooit tijd voor haar, en als hij dan eens komt, neemt hij zijn vriendin mee. Daar is haar moeder boos om, en Hira vindt het ook niet leuk. Begrijpt hij nu niet dat dit zo niet kan?
En mama die geen zin meer heeft in het leven, zelfs niet in voor Hira zorgen. Dit kan zo niet verder gaan. Gelukkig kan Hira terecht bij de buurman…


Een magisch verhaal over een parallelle wereld, waarin van alles gebeurd is en nog gebeurt, wat te maken heeft met de realiteit. Het verhaal is heel origineel, maar vooral ook geschreven in een prachtige taal. Vaak gebruikt Schouwenaar mooie vergelijkingen, terwijl haar beeldspraak zeer beeldend is.


‘Het huis veert op’
‘Als een huis naar cake ruikt, zwijgt het.’ ’een blaas zonder plas is opgelucht.’
‘De mouwen zijn te moe om te te grijpen.’


Helaas is het thema – ouders die uit elkaar gaan, en een kind dat niet weet hoe het leven nu in elkaar zit – maar al te actueel. Dit verhaal zal veel kinderen aanspreken en, omdat het zo mooi geschreven is, blijven hangen.
Hira vergelijkt de mensen om haar heen met dieren. Haar moeder is een hond, maar soms ook een puppy. De buurman is een beer, maar niet alle beren zijn gevaarlijk…


Margreet Schouwenaar (Schagen, 1955) is een Nederlands schrijfster en dichteres. Ze werkt als docent aan de afdeling OLB (Opleiding Leraren Basisonderwijs) van Hogeschool Inholland.
Op haar naam staan ook verscheidene dichtbundels.

ISBN 9789044837124  | Hardcover | 136 pagina's | Uitgeverij Clavis | november 2019
Illustraties van Danielle Schothorst | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 23 februari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het wonderlijke winterboek
Heel veel hartverwarmende voorleesverhalen over de winter
Diverse auteurs

Meer dan dertig verhalen en gedichten in een mooi gebonden boek, dat Winterboek heet. Inderdaad zijn er een aantal verhalen die te maken hebben met sneeuw en ijs, maar het merendeel gaat over Sinterklaas en Kerstmis. Het zijn verhalen die evenwel altijd leuk zijn, ook als het niet in de maand december wordt voorgelezen!

We beginnen met het verhaal over een kbv-tje (klein-bruin-vogeltje) die in de wedstrijd waarin bepaald wordt wie de winterkoning zal worden, als beste uit de bus komt. Je mag maar één keer raden hoe we dat kbv-tje nu noemen!

 

Dan volgen een aantal verhalen die met 5 december te maken hebben. Daar heb ik een voorkeur voor het verhaal dat geschreven is door Jette Schröder en geïllustreerd door ivan en ilia. Het heet ‘de beste pakjesavond ooit’. En dat is precies de juiste titel. Het gaat over een Piet die de lijst kwijt is waarop stond welke pakjes hij bij welk huis moest afleveren. Bas en Thijs zullen wel eens helpen, zij kennen iedereen in de straat. Het gaat dan ook helemaal goed, tot ze een pakje overhouden: een spelcomputer. Ze hebben er wel zelf om gevraagd maar zijn er van overtuigd dat ze zo’n duur cadeau niet krijgen. Dan is er nog maar één mogelijkheid over: die nieuwe buurjongen, over wie ze gehoord hebben dat hij nooit buiten kan spelen omdat hij ziek is.

Er is een verrassend einde, maar het is vooral een mooi verhaal omdat het gaat om elkaar helpen, over aardig zijn voor de ander.

Maar het verhaal over die enorme hoeveelheid pepernoten is ook leuk, en het verhaal waarin de sint en de kerstman allebei problemen krijgen onderweg naar de kinderen die zitten te wachten is heel goed gevonden. En dan Zina die de Sint wil opvolgen! Een goed plan natuurlijk, want de goedheiligman is al hartstikke oud…

 

Het verhaal over het vieze kerstdiner is erg goed gevonden! Er zijn vast wel (voor)lezers die ook zo’n potje zout willen!

Of Luna die zo graag mee wil doen met de taartenbakwedstrijd, en de prijs helemaal aan haar neus voorbij ziet gaan als mama plotseling weg moet, en oma – die eigenwijze oma! – haar gaat helpen.

Een beetje sentiment hoort er bij: er is een verhaal over de kerstman die zijn muts kwijt is, en een ontroerend verhaal over het kerstspel, dat op school opgevoerd wordt als verrassing voor de ouders.

Nou ja, ze zijn allemaal leuk! Ook de kortere verhalen in rijmvorm zijn fijn om voor te lezen!

Als extraatje is er ook nog een recept om oliebollen te maken. Maar als je dat recept gaat gebruiken, kun je dat beter niet op de manier doen waarop Pip en Papa het doen!

 

Bij ieder verhaal horen tekeningen, steeds door andere illustratoren. En dat zijn allemaal heel vrolijke tekeningen die mooi bij het verhaal passen!

 

Omdat smaken verschillen zijn er verhalen die ik minder leuk vind, en verhalen die ik fantastisch vind.

Toch zijn ze allemaal prima geschikt om voor te lezen! Je kan voor in het boek zien hoeveel pagina’s ze beslaan, handig, want niet ieder kind kan een lang verhaal aan, hoe spannend het ook is.

 

Een aantal verhalen zijn al eerder verschenen, die herken je meestal doordat de personages bekend zijn. Zo hoort Kolletje bij Pieter Feller, en koning Bobbel bij het echtpaar Busser & Schröder.

Andere schrijvers zijn Kees de Boer, Annemarie Bon, Iris Boter, Chariva, Lysette van Geel, Yvon Jaspers, Karine Jekel, Marloes Kemming, Kelly van Kempen, Sjoerd Kuyper, Lisa Manuels, Elisabeth Mollema, Erik van Os & Elle van Lieshout, Isabelle de Ridder, Coco van Rijn, Jette Schröder, Pamela Sharon en Carry Slee.

 

De verhalen zijn geïllustreerd door Myriam Berenschot, Nynke Boelens, Kees de Boer, Tjarda Borsboom, Iris Boter, Charlotte Bruijn, Marijke Buurlage, Job van Gelder, Saskia Halfmouw, Philip Hopman, ivan & ilia, Gertie Jacquet, Aimée de Jongh, Sandra Klaassen, Eefje Kuijl, Merel van Lamoen, Lisa Manuels, Daniëlle Schothorst, Dagmar Stam, Natascha Stenvert, Marije Tolman en Lisa van Winsen.

Oude bekenden en nieuwelingen door elkaar! Een heel erg geslaagd boek. En dus echt niet alleen voor in de winter.


ISBN 9789048849314 | Hardcover | 272 pagina's | Uitgeverij Moon | november 2019

© Marjo, 10 februari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Geloof
Ieder zijn eigen verhaal
Henk Linskens


Het meisje in dit boek onderzoekt het woord geloof, ze kijkt wat geloof nu eigenlijk is, want elk verhaal dat je verteld wordt of gelezen hebt dat geloof je of niet. Dat kan tot gevolg hebben dat je, als je angstig of verdrietig bent, door een verhaal kunt geloven dat het allemaal zo erg niet is.
Er zijn verhalen over oorlog en bommen maar ook over vrede en vriendschap. Er zijn verhalen over echtheid en schoonheid, over geloof, bijgeloof, ongeloof.
Verhalen die je laten dromen of wetenschappenlijke verhalen, die maken dat je erin kunt geloven.
Maar waar draait het nu eigenlijk om? Moet je álles geloven?  Of juist niet? Is er wel een verhaal dat helemaal waar is? Dara draait het in dit boek om.


Het filosofische verhaal is verder voorzien van bijzondere illustraties vaak vol bloemen en kleur. Maar de tekst vormt af en toe ook een tegenstelling met de afbeeldingen. Bijvoorbeeld bij de tekst: "Misschien geloof je in verhalen waarin vrede en vriendschap bergen verzetten, en oorlog en bommen niets uithalen.' Op de bijbehorende afbeelding zie je deels het meisje op een witte duif in een vrolijk landschap vol kleurige bloemen en grappige huisjes. Maar het andere deel van de tekening is donker/zwart, de wereld staat in brand, gezichtjes worden weggedragen op een brancard, donkere figuurtjes sjokken met hun huis op hun rug verder... In welke deel van deze illustratie geloof je? Welk deel is waar? Of zijn ze alle twee waar?


De teksten zijn overwegend positief, de afbeeldingen ook maar laten dus soms de andere kant zien. Het boek toont waarin je kunt of wilt geloven. In het positieve of het negatieve. In het kleurrijke of het zwart-witte. In de fantasiewereld of de realiteit. 
Het komt er op neer dat ieder heeft zijn eigen verhaal heeft waarin hij of zij wel of niet gelooft.
Maar waar je uiteindelijk in gelooft mag je helemaal zelf beslissen.


In deze tijd van Corona, is dit boek mogelijk wel een prettige aanleiding voor kinderen om deze ziekte te bespreken. Welk verhaal geloof je rond deze ziekte? Welke niet? Welk verhaal denk je dat waar is, welke niet. Wat wil je geloven? Kun je daar ook écht in geloven, enz. maar daarnaast is het gewoon een fijn kleurrijk verhaal, waarin ieder vrij wordt gelaten in hun geloof in iets.


ISBN 9789044838688 | Hardcover | 27 pagina's | Uitgeverij Clavis | maart 2020
Afmeting 29,8 x 21,9 cm | Leeftijd 6+

© Dettie, 25 maart 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Klein verhaal met een hart
verhaal, illustraties en vormgeving: Pieter Gaudesaboos 
tekst: Elvis Peeters


Pagina één: midden op de verder lege pagina staat een rood ‘ding’ getekend, in ei-vorm, met eronder de tekst:

‘Een hart, daar begon het mee.’

Op soortgelijke manier - een tekening en een korte tekst -  gaat het boek verder. Langzaam wordt duidelijk wat er eigenlijk verteld wordt. Er is een vrouw, die ontdekt dat ze een kindje zal krijgen. Terwijl ze het wonder daarvan tot zich laat doordringen is er tegelijk het besef dat er in haar wereld geen plaats is voor een extra hartje. Ze werkt dag en nacht om rond te komen, er is geen man in haar leven, hoe moet ze voor een kind zorgen?


‘Een tweede hart vergt kracht en tijd.’
Schrijnend is het als je op die pagina komt waar alleen dat ene woord staat: ‘Alleen.’


Intussen zie je in de tekeningen hoe het hartje blijft kloppen en het kind groeit. Haar zorgen nemen toe, ze beseft dat ze een beslissing moet nemen. 
Het doet pijn in haar eigen hart, maar het is het beste.


‘Jij bent er. Ergens. Op een afstand.
Ik weet niet waar.’


Ieder jaar denkt ze aan haar kind, en hoopt dat er ooit een dag komt dat ze hem of haar leert kennen.


De manier waarop dit verhaal verteld wordt, over een moeder die haar kind moet afstaan, omdat ze er zelf niet voor kan zorgen, is indringend en overtuigend. Als je een bladzijde omslaat en opnieuw zo’n op het oog eenvoudig tekeningetje ziet, midden op de pagina, met dat tekstje eronder, bekruipt je een gevoel van eenzaamheid, van verloren zijn. Het is onmiddellijk duidelijk dat een moeder haar kind niet zomaar weggeeft. Dat het een vreselijk moeilijke beslissing is.
Maar het verhaal biedt ook hoop, en troost. Want ooit...


Als een pleegouder met haar of zijn adoptiekind dit boek leest, kan het niet anders dan dat kind zijn eigen geschiedenis begrijpt. Ook al is het per geval anders natuurlijk.


Prachtig uitgevoerd boek, uitstekend geschikt om een kind te vertellen over zijn of haar adoptie. Al kan iedereen hier van genieten, zo mooi is het gedaan!


Dit is eigenlijk een boek dat je moet zien. Er over schrijven kan nooit duidelijk maken wat voor boek dit is. Kijk dus vooral naar het filmpje!


https://www.youtube.com/watch?v=BW6Y59QRBpE


Pieter Gaudesaboos (1979, Brugge) is schrijver en illustrator van kinderboeken. Zijn boek Linus won De Gouden Uil Jeugdliteratuur 2008 en Mannetje Koek schrijft een boek - Martha werd bekroond met een Boekenpluim.
Elvis Peeters (1957, Grimbergen) is auteur en muzikant. Deze naam is het pseudoniem van Jos Verlooy. Samen met Nicole Van Bael schreef hij romans. De ontelbaren, Dinsdag en Jacht werden genomineerd voor belangrijke literaire prijzen, en met hun kinderboek Meneer Papier en zijn meisje wonnen ze een zilveren griffel.


ISBN 9789401462716 | Hardcover | 160 pagina's | Uitgeverij Lannoo | februari 2020
Leeftijd vanaf 6 jaar

© Marjo, 21 maart 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Verboden te vliegen
Martine Letterie


Voor de Tweede Wereldoorlog hielden veel mensen duiven. Ze werden gefokt om er wedstrijden mee te winnen, maar ze belandden ook wel in de pan als een duif niet goed kon vliegen of als er te veel waren. Ook in het gezin van Fietje, die net als haar oudere broer Marius en hun vader dol op de duiven is.
Het gezin is vrij groot, acht kinderen zijn er al en eentje onderweg, heel normaal in die tijd. Ze wonen in een dorpje vlak bij de Belgische grens.


‘Elke dag zorgt Fietje samen met haar broer voor de duiven in het duivenhok. 'Dan wennen de duiven aan jou, voor als ik er een keer niet ben,' heeft Marius gezegd toen hij haar de eerste keer liet helpen. Maar waarom zou hij er een keer niet zijn? Hij is er immers altijd?’


Fietje weet zeker dat ze de duiven kan verstaan, en zij haar. Dat maakt het allemaal wat makkelijker. Ze heeft een speciale band met de duif Charlie. En Charlie met haar. Dat lezen we in de stukken tekst die vanuit het perspectief van Charlie geschreven zijn. Dan hebben de duiven het over de Pet en de Kuif…
Onder aan de pagina staat dat aangeduid met een tekeningetje van een duiventil.

Maar dan breekt de oorlog uit. Hun vader – op zijn Brabants ‘onspap’ - wordt opgeroepen. Fietje bedenkt een plan om daar een stokje voor te steken, maar zij kan de oorlog natuurlijk niet tegenhouden, evenmin als de maatregelen die de Duitsers nemen.


Het begint kalm, maar wordt steeds erger. Spullen inleveren, fietsen en radio’s, heel vervelend, maar waar Fietje vooral kwaad om wordt is dat de Duitsers ook duiven meenemen. En omdat er boodschappen mee overgebracht kunnen worden, mag er natuurlijk niet meer mee gevlogen worden. Dat mag niet gebeuren, vindt Fietje. Ze zorgen voor een schuilplek, waar de meest dierbare duiven opgeborgen worden. Ze krijgen een bandje om hun keel – krop – om er voor te zorgen dat ze niet kunnen koeren.
Tot haar grote schrik ziet Fietje op een dag dat Marius door de Duitsers wordt opgepakt! Snel geeft ze hem Charlie mee, die kan dan terug komen vliegen met een boodschap.


Het verhaal is opgebouwd uit vier delen: voor de oorlog; oorlog; het begin van het einde; vrijheid. Het is jammer dat het lettertype zo klein is, dat maakt het zelf lezen wat lastiger. Maar Letterie vertelt in eenvoudige taal en om voor te lezen is het in ieder geval uitstekend.
De duiven hebben een zelfde positie in de oorlog als de joden hadden: registreren, allerlei verboden, en tenslotte ‘vervolging’. 
Op een heel leuke manier lezen kinderen hoe het leven in de oorlog was: een compleet andere tijd, dus best lastig dat duidelijk te maken. Maar Letterie slaagt daar wel in. En natuurlijk leren ze ook hoe het allemaal werkt in de duivensport.


De tekeningen van Rick de Haas zijn mooi om naar te kijken.

ISBN 9789025876777 | Hardcover | 140 pagina's | Uitgeverij Leopold | april 2019
Met illustraties van Rick de Haas. | Leeftijd vanaf 6  jaar

© Marjo, 12 maart 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Gozert
Pieter Koolwijk


Ties en Gozert zijn onafscheidelijk, en dat is nu net het probleem. Ties heeft Gozert verzonnen, Gozert bestaat niet, zegt iedereen. Niemand kan hem zien en dat klopt ook volgens Ties, want Gozert is onzichtbaar, alleen hij kan hem zien. 
Zo'n denkbeeldig vriendje hebben, zou normaal gesproken niet zo erg zijn, dat gaat vaak wel weer over. Maar Gozert is niet zomaar iemand, Gozert is tof, stoer, cool, kortom Gozert is de leukste vriend die je maar kunt hebben. Alleen verzint Gozert zulke geweldige en wilde plannen dat Ties aldoor vreselijk in moeilijkheden komt.
Als het misgaat dan roept Gozert steeds heel hard, missie afbreken en, helaas, dat moet hij heel vaak roepen, maar dan is het meestal al te laat.


Ties weet dat niemand hem gelooft, hij heeft gesprekken gevoerd met dokter Kees, de hersendokter, maar zolang hij over Gozert vertelde was het niet goed, dus vertelde hij niets meer en werd beter verklaard. Gozert leverde ondertussen zijn hilarische commentaar op de dokter, de school, op alles en iedereen en bedacht gelijk weer iets om de boel wat spannender te maken en past ook onmiddellijk zijn kleding aan, is dan gekleed als een dief, piraat, brandweerman enz.
En Ties snapt de ideeën van Gozert altijd gelijk, hij ziet alles meteen voor zich en fantaseert de omgeving erbij. De wereld van Ties bestaat daardoor uit eilanden, brandende gebouwen waaruit hij mensen moet redden, en ga zo maar door. De aarde wordt dan ook niet bevolkt door mensen maar door Vikingen, Robots, Slijmerige slakken, kabouters, heksen etc., want zo noemt Gozert ze, alleen papa en mama zijn mensen.


Maar na een nieuwe missie die opnieuw razendsnel afgebroken moest worden gaan Ties en zijn ouders - en Gozert -  weer naar kabouterdokter Kees. Ties moet Govert kwijt volgens dokter Kees en hij zegt:


'Dat hij de perfecte oplossing voor ons had: een nieuw medicijn. Iets waarmee hij mij zou helpen om van Gozert af te komen.
'Maar dat wil ik helemaal niet,' zei ik boos.
'Het is beter voor je, Ties.' Mijn moeder keek me sip aan.
'Goed zo, Ties,' zei Gozert. 'Vertel het ze maar. Kabouters zijn de grootste leugenaars ter wereld.'
'Waarom luisteren jullie niet naar mij, maar wel naar een kabouter? Die zijn niet te vertrouwen.'


En deze twee zaken, de medicijnen en het niet luisteren vormen uiteindelijk de rode draad van dit verhaal.


Ties veroorzaakt ondertussen zoveel problemen dat hij uiteindelijk 'uit logeren' mag in Huize Hoopvol.  Dat vindt hij helemaal te gek. Natuurlijk gaat Gozert mee. Maar op zijn 'logeerplek' willen ze ook dat Gozert verdwijnt en ze blijven maar doordrammen dat Ties medicijnen moet slikken, dan zal alles beter worden. Maar Ties wil niet, hij kan Gozert niet in de steek laten. Gozert en hij horen bij elkaar.


In Huize Hoopvol, logeren allemaal kinderen die problemen met de wereld hebben. Er zijn twee jongens, Ufojongen en Toekomstknul, die vertellen dat ze buitenaardse wezens zijn bijvoorbeeld. Dat mag ook niet. En Luna, het mooiste en liefste meisje dat Ties ooit gezien heeft leeft in haar eigen wereld. Het is deze Luna die Ties confronteert en uitdaagt, die laat zien wat er met hem kan gebeuren als hij medicijnen slikt. Hoe moet dat nu? Zelfs Gozert weet het even niet meer.
Van de vrolijke enthousiaste Ties, die alles even leuk vindt, blijft weinig meer over als het zo doorgaat.


De mensen in Huize Hoopvol hebben overigens ook allemaal een bijnaam die passen bij hun karakter. Zo is er bijvoorbeeld Sonja de Slakkenkoningin, die een spoor van slijm nalaat. De psychiater heet Victor Robothoofd omdat hij geen enkele gezichtsuitdrukking heeft en bijna automatisch zijn werk uitvoert. En allemaal sturen ze aan op medicijngebruikt en niemand hoort het verhaal dat Ties steeds probeert te vertellen.


Pieter Koolwijk heeft met dit boek een prachtig kind neergezet dat zeker weet dat Gozert en hij bij elkaar horen, alleen de buitenwereld wil dat maar niet zien. De buitenwereld die een enorme druk op Ties en de andere kinderen legt. Ties ageert, is boos, stelt terechte vragen. Waarom zijn hij, de twee jongens en Luna gek als ze andere dingen zien en voelen dan de rest. Waarom mag en kan dat niet? Waarom moet hij medicijnen slikken als hij dat niet wil? En vooral... waarom luistert en nu niemand écht naar hem en alle andere kinderen? Waarom weten zij het allemaal beter dan de kinderen zelf?
'Jullie zijn het probleem!' roept Ties op gegeven moment. 'Niet Gozert!'


Hoe het afloopt? Niet zoals je denkt, de ontknoping is erg verrassend!


Eigenlijk zou ik over dit boek alleen moeten zeggen, 'Lees het!' en meer niet. Dit boek is namelijk eigenlijk niet in woorden te vatten. Het is een prachtig, soms ontroerend en bovenal humoristisch verhaal dat je gewoon moet ondergaan. Ook volwassenen zouden dit moeten lezen. Het is een universeel boek, geschikt voor alles en iedereen.


Lees ook de eerste pagina's van het boek.


ISBN  9789047710370 | Hardcover | 253 pagina's | NUR code 283 | Uitgeverij Lemniscaat | februari 2020
Met geweldige afbeeldingen van Linde Faas | Leeftijd 9+

© Dettie, 3 maart 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Haaientanden
Anna Woltz


Dit kinderboekenweekgeschenk 2019 is mijn eerste Anna Woltz en het smaakt naar meer, véél meer. Het verhaal raakte me en is mooi klein en optimistisch gehouden ondanks het best zware onderwerp.

Het gaat namelijk over een meisje, Atlanta, dat een bizar plan heeft, maar ze móet het doen, ze moet iets afzweren, ze moet iets in beweging zetten, ze is het lange, lange wachten zo zat. Ze wil en zal en moet in één dag het IJsselmeer rondfietsen. Met 12 boterhammen met kaas, vier bananen, een aantal flessen water én haar nachtbeugel in haar fietskratje gaat ze vastbesloten op weg.


‘Mijn vader en moeder wachten. Ik fiets. [...] Als ik iets op de wereld kan veranderen, als ik ook maar iemand kan laten zien dat ik er álles voor overheb — nou ja, dan is dit mijn manier. Deze tocht.’


Ze heeft een strak tijdschema in haar hoofd en als ze zich daaraan houdt dan moet het lukken... Maar al na 4,9 kilometer botst ze tegen een jongen, Finley, op.Na 40 kilometer duikt hij opeens weer op, aanvankelijk tot Atlanta's ergernis. Maar er is iets aan Finley dat ze toch ook wel prettig, bijna vertrouwd vindt. Hij vertelt dat hij weggelopen is en nooit meer teruggaat. Het enige wat hij meegenomen heeft zijn twee haaientanden, die brengen geluk volgens zijn moeder. Langzamerhand komen we er achter waarom hij weggelopen is en wat de reden achter Atlanta's fietstocht is.


Het is een ontroerend verhaal dat juist door zijn eenvoud zo krachtig is. De kinderen voelen elkaar aan en helpen elkaar verder op een manier die volwassenen niet zouden kunnen. Jammer dat het een bibliotheekboek is, want ik zou het graag op mijn koesterboeken-plank willen zetten.


Zie ook het interview met Anna Woltz over dit boek - inclusief foto's over dezelfde fietstocht als in het boek, die Anna zelf ook fietste. -


ISBN 9789059654983 | Hardcover | 96 pagina's | NUR 280 | Querido/CPNB | oktober 2019
Met sprekende zwart-wit illustraties van Maartje Kuiper | Leeftijd ca. 8 jaar

© Dettie, 15 februari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER