Nieuwe jeugdboekrecensies 6+

Ren toch niet weg
Tekst: Emy Geyskens
Illustraties: Hiky Helmantel


Ha, denkt Mona: verstoppertje! Leuk! En ze verstopt zich achter een struik op de speelplaats.
Maar dan hoort ze Aline:


‘Hé. Jij mag vandaag niet meespelen!’ roept ze.


Als het bij dit voorval bleef was het niet zo erg, maar Aline doet heel akelig tegen Mona. Ze zorgt er voor dat ze over een tas valt, en loopt te smoezen met Mathias, die eigenlijk de beste vriend is van Mona.
De andere kinderen uit de klas zijn een beetje bang voor Aline, want niemand helpt Mona. Het is zo erg dat ze niet naar school wil en doet alsof ze ziek is. Ze slaapt niet goed, omdat ze heel naar droomt.
Moeder snapt wel dat er iets aan de hand is, maar hoe zorgt ze ervoor dat Mona het haar vertelt?
En wat kan ze doen als haar dochter dat tenslotte doet?


In dit verhaal wordt heel duidelijk gemaakt hoe dat akelige pesten in zijn werk gaat en waarom het een hele tijd duurt voor er iets aan gedaan wordt. Mona vertelt niets, de andere kinderen ook niet en de volwassenen zien het niet. Maar gelukkig wordt ook duidelijk gemaakt dat je het wél moet vertellen: er is immers een oplossing voor!


Het verhaal is wat eenzijdig: het gaat over het pesten op zich en over het slachtoffer. Waarom de pester dit doet komt niet aan de orde, en dat zou toch best wel belangrijk kunnen zijn als je wil dat het nooit meer gebeurt.
Het is een prentenboek: de pagina’s staan vol illustraties waar de tekst op is gedrukt. Het ziet er dan ook uit als een vrolijk prentenboek. Dat is het dan ook, alleen is het er een met een boodschap: Pesten is niet leuk! Het doet pijn en kan erge gevolgen hebben.

Na het hoofdverhaal is er informatie te vinden over pestgedrag. Emy Geyskens heeft er zelf ook ervaring mee en Els Glorieux, een vrijwilliger bij de School zonder Pesten vertelt uit eigen ervaringen en wat de organisatie doet. Drie tips staan er voor wie wordt gepest:

- Praat erover!
- Zeg tegen de pester dat je zijn gedrag niet leuk vindt.
- Laat niet zien dat het je pijn doet.


Het boek maakt deel uit van de Pleisterserie: die gaan over gevoelige onderwerpen. Deze boeken bevatten een warm verhaal, een spelletje, een versje of liedje en informatieve informatie voor volwassenen. Op deze manier nodigt Pleister uit tot praten met en begrip krijgen voor elkaar.


https://www.weektegenpesten.com/
https://www.stoppestennu.nl/weektegenpesten


ISBN 9789044843361 | Hardcover | 48 pagina's | Uitgeverij Clavis | augustus 2021
Afmeting 26,8 x 25,6 | Leeftijd vanaf 6 jaar

© Marjo, 24 september 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Schateiland
geïllustreerd door Étienne Friess
tekst: Robert Louis Stevenson


Schateiland kent vele bewerkingen, in boekvorm of als film, ook voor de televisie.
Het is een bekende avonturenroman die al in 1881-1882 als feuilleton verscheen in een jeugdblad en als boek in 1883.


Hoofdpersoon is de jongen Jim Hawkins, die zijn ouders helpt in hun herberg met de aparte naam: Admiraal Benbow.
Op een dag arriveert er een bijzondere gast: een oude zeerover, Kapitein Billy Bones. Hij is nogal een ruwe bonk, maar houdt zich redelijk gedeisd. Tot er een nieuwe gast komt: Black Dog noemt hij zich en is een oude scheepsmakker. Billy Bones is zo van streek na zijn bezoek dat hij een beroerte krijgt.  


Een volgende bezoeker veroorzaakt een tweede beroerte: Billy Bones is dood. Maar gelukkig heeft hij Jim verteld over Kapitein Flint en over een begraven schat op een eiland dat hij Schedeleiland noemt. De bezoekers zijn uit op zijn scheepskist, en die mogen ze niet in handen krijgen!


Na de dood van de kapitein doorzoekt Jim de kist, en neemt er een bundel uit zonder te weten wat er in zit. Ook neemt hij het geld dat de zeeman nog verschuldigd is aan zijn ouders.
Als er inderdaad ongure figuren de herberg naderen, maakt Jim zich uit de voeten. Hij gaat naar dokter Livesey en de kasteelheer John Trelawney, die de kaart bestuderen en concluderen dat het echt om een goudschat gaat, de schat van kapitein Flint.


Jim wordt aangenomen als scheepsjongen als er een expeditie georganiseerd wordt. Maar de kapitein, Smollett, heeft zonder het te weten handlangers aangenomen die oudgedienden zijn van Kapitein Flint. Natuurlijk willen zij de schat voor zichzelf.
Als het eiland in zicht komt, ontstaat er muiterij. Long John Silver, de scheepskok, en zijn handlangers proberen het schip over te nemen. Er ontstaan diverse schermutselingen waarbij ook slachtoffers vallen. Ze gaan aan wal, waar nog meer gevochten wordt. Jim is intussen zonder dat men het gezien heeft op een andere plek aan land gegaan. Hij ontmoet ene Ben Gunn, een man die al drie jaar in eenzaamheid op het eiland woont.
Dan ontstaat er een kat-enmuisspelletje tussen de piraten en de mensen rond Jim.
Wie zal er met de schat vandoor gaan?


Deze hertelling is een uitgave in de reeks geïllustreerde klassiekers, onder artistieke leiding van Benjamin Lacombe. Dat zit dus wel goed!
Het verhaal is niet veranderd natuurlijk, maar er is wel iets heel bijzonders aan dit boek. Op een speciale manier krijg je twee verhalen voorgeschoteld: de een als tekst met ‘gewone’ mensen als personages, en het andere als beeldverhaal, dat overigens de tekst wel nodig heeft. Daarbij worden de personages voorgesteld als dieren. Die illustraties zijn niet zomaar van wat dieren, Billy Bones bijvoorbeeld is een buffel, en Jim is een muis. Ben Gunn over wie in het verhaal verteld wordt hoe zijn huid gelooid is door drie jaar zon wordt neergezet als een reptiel.
Deze illustraties zijn fenomenaal! Zo mooi dat je ze zou willen inlijsten! En er zijn er veel!
Daarnaast zijn er nog kleine tekeningetjes en sfeervolle omlijstingen. De tekst staat in twee kolommen over de pagina, met een rechtopstaande guirlande ertussen.
Fantastisch mooi boek!


De opzet van deze serie is om jonge en volwassen lezers de oude verhalen te vertellen op een vernieuwde, verhelderende manier. Die verhalen kunnen hier en daar bewerkt zijn, opnieuw geïnterpreteerd of ingekort. Eerder verschenen onder andere al Pinokkio en Bambi.


Robert Louis Stevenson (1850- 1894) was een Schots schrijver van romans, gedichten, toneelstukken en reisverhalen. Schateiland verzon hij voor zijn twee stiefkinderen.
Étienne Friess werd geboren in 1987 in La Rochelle. Hij is musicus en als illustrator gefascineerd door dieren.

ISBN 9789044843002| Hardcover | 162 pagina's | Uitgeverij Clavis | augustus 2021
Afmeting: 30,8 x 22,7 x 2,4 cm | Leeftijd 8+

© Marjo, 22 september 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De jongen die draken kweekte
Andy Shepherd


‘Als mensen me vragen wat we in grootvaders tuin kweken, denken ze waarschijnlijk aan komkommers, tomaten en snijbonen. Ze verwachten vast niet dat het ware antwoord ‘draken’ is. Maar dat is het wel. We kweken draken. En ik kan je één ding vertellen: dat is een hoop meer gedoe dan komkommers.’


Tomas  is dol op zijn grootvader, dus als die hem vraagt of hij komt helpen een stuk tuin klaar te maken om een moestuin te beginnen, doet Tomas dat. Maar er is één plant die niet echt meewerkt.


’Het lijkt wel een ondersteboven reuzenzwabber,’ verklaarde grootvader. ‘Maar dan groen en stekelig en knobbelig.’


Tomas ontdekt ook nog vruchten. Het besluit dat hij dan neemt verandert zijn hele leven. Ook al ontdekt hij op google dat het gaat om drakenfruit, hij had toch echt niet verwacht dat hij dat letterlijk moest nemen. Maar ja, dat was dus wel zo: er komt een echt draakje uit.


Na een kennismaking tussen het dier en de jongen noemt hij hem Fikkie. Een vriendje voor het leven zal Fikkie worden. En dat ondanks de puinhoop die hij er soms van maakt: onhandige bewegingen, maar vooral ook de veroorzaker van ontploffingen. Drakenpoep explodeert namelijk.
Maar ja, het is dus wel een draak(je). En die spuwt vuur. En het moet eten!
Tomas moet dus leren hoe hij het dier moet verzorgen, en… hoe hij het verborgen kan houden! Dat levert bepaald hilarische scenes op, dat kan je je voorstellen.


Gelukkig besluit hij dat hij het niet alleen kan: hij schakelt zijn vrienden in. Dat zijn Ted, en de tweeling Kat en Kai. En zijn kleine zusje Lolli, daar kan hij niet omheen, maar die kan gelukkig nog niet praten, dus ook niets verraden!
Maar er is ook die vervelende buurman van grootvader en op school heeft Tomas te maken met Liam, die in de gaten heeft dat er iets vreemds aan de hand is.


Heerlijke humor dus in dit boek, leuk om voor te lezen maar natuurlijk ook om zelf te lezen. Al moet je dan wel een goede lezer zijn. Er staan best lastige woorden in. ‘Mutantenlarf’, ‘Guatemalteekse regenstok’. Het verhaal wordt omlijst door leuke zwart wit tekeningen van Sara Ogilvie, je wil meteen ook zo’n klein draakje!
Want dat er meer fruit is begrijp je wel. En dus ook meer draakjes…


Andy Shepherd is een lerares Engels. Zij debuteerde met De jongen die draken kweekte.
Er is intussen een televisieserie in de maak.

ISBN 9789047710684 | Hardcover | 211 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat | mei 2018
Tekeningen van Sara Ogilvie | Vertaald uit het Engels door Jesse Goossens | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 12 september  2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Animal Farm
George Orwell
in een bewerking door Clavis
met illustraties van Quentin Gréban



Het verhaal in het kort:
Meneer Jansen, de eigenaar van de Herenhoeve, is een boer die veel eist van zijn dieren. Op een dag komen alle dieren bij elkaar in de schuur. Ze konden makkelijk hun hokken uit omdat de boer weer eens dronken was en niets merkte van alle commotie.
De aanleiding voor het samenkomen was een droom die Oude Majoor, een varken - ooit uitgeroepen tot Schoonheid van Willington - gehad had. Oude Majoor houdt een toespraak. Voordat hij sterft wil hij de dieren een wijze les leren:

‘Want kameraden, wat is de zin van het leven eigenlijk? Laten we wel wezen: heel hard zwoegen, we maken veel ellende mee en het leven is veel te kort. Nadat we op de wereld zijn gezet, hebben we nauwelijks genoeg om te overleven en wie van ons sterk genoeg is, moet werken tot-ie erbij neervalt. En wanneer ze niets meer aan ons hebben, worden we onbeschrijflijk wreed geslacht.’


De Mens is de vijand van het dier, zegt Oude Majoor. Ze moeten de macht overnemen. Alle dieren zijn gelijk. Geen dier zal een ander dier doden, of tiranniseren.  
Na zijn dood, een paar dagen later, zijn het de varkens, immers de slimste dieren, die een nieuwe leer ontwikkelen: Het animalisme. Zij stellen regels op, volgens de woorden van Oude Majoor en onderwijzen de anderen. Als iedereen overtuigd is, worden de boer en zijn vrouw verjaagd, nadat ze weer eens wreed opgetreden zijn tegen hun dieren en hen honger hebben laten lijden.
De revolutie is een feit.


Helaas komt er al meteen de klad in als twee varkens, Napoleon en Sneeuwbal, een strijd om de macht beginnen. Napoleon wint, Sneeuwbal wordt verjaagd en wordt vanaf dat moment gebruikt als de kwade geest die alles verziekt. Hoewel niemand hem meer ziet of hoort, geloven de andere dieren alles wat Napoleon hen wijsmaakt.
En Napoleon gaat ook niet te werk zoals Oude Majoor bedoeld had, want al snel is een varken meer dan een paard, kip of welk dier ook. De varkens grijpen de macht, en laten de andere dieren voor hen sloven. Die lijden honger, de varkens worden vetter. De regels veranderen ten voordele van de varkens en helaas zijn de anderen niet slim of krachtig genoeg om er tegen in te gaan.
Natuurlijk kan dit zo niet blijven gaan.


Animal Farm is een klassieker, een boek dat iedereen gelezen moet hebben. De leeftijd  - 8 jaar - die bij deze uitgave aangegeven wordt, is wel aan de jonge kant, maar vanaf een jaar of 11, 12 zouden kinderen het misschien wel aan moeten kunnen. Al is het dan wel wenselijk dat ze al wat weten van de geschiedenis.
Het boek is namelijk een allegorie over de revolutie in de Sovjet-Unie, begin twintigste eeuw, en over wat daarna gebeurde. De dieren staan voor machthebbers als Stalin en Napoleon. Zij gebruiken net als mensen propaganda, en doen aan volksverlakkerij. Ze voeren een schrikbewind, en buiten de andere dieren uit.
Op het laatst is er nauwelijks nog verschil tussen de mensen en de varkens.


Ieder dier heeft zijn eigen rol. Boxer is bijvoorbeeld een hardwerkend paard, en staat voor de mensen die hard moesten werken om in leven te kunnen blijven. De kat weet overal onderuit te komen, als er gewerkt moet worden is ze nergens te zien. Schapen zijn meelopers die niet zelf kunnen denken.


Animal Farm is in de oorspronkelijke vorm een pittig verhaal, en dat blijft het ook in deze bewerking. Wat hier anders is is de uitvoering.
Er zijn prachtige illustraties, kleine maar ook over twee pagina’s uitgespreid, van Quentin Gréban.
Hij studeerde voor illustrator aan het Sint-Lukasinstituut te Brussel.
Gréban illustreerde en schreef sinds 1999 meer dan 50 kinderboeken in verschillende talen. Naar eigen zeggen is hij sterk geïnspireerd door de sprookjes van Hans Christiaan Andersen. De kunstenaar maakt romantisch ogende maar realistische beelden in mooie kleuren.


Animal Farm werd oorspronkelijk gepubliceerd in augustus 1945. Het is geschreven door de Britse schrijver en journalist George Orwell (1903 -1950)
De eerste Nederlandse vertaling, van Anthony Ross, verscheen in 1947 bij Uitgeverij Phoenix onder de titel De boerderij der dieren. Het verhaal werd een sprookje voor grote mensen genoemd, en zou geschikt zijn voor kinderen vanaf 13 jaar. 


ISBN  9789044842999 | Hardcover | 384 pagina's | Uitgeverij Clavis | juli 2021
Afmetingen: 32 x 24 x 1,9 cm Vertaald en bewerkt uit het Engels door Clavis | Leeftijd 8+

© Marjo, 1 september  2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Over mieren die goud verzamelen
en andere bizarre verhalen
illustraties: Rébecca Dautremer
tekst: Brunetto Latini


Brunetto Latini (1220-1294) was o.a. een Florentijns schrijver die de encyclopedie Li Livres dou tresor samenstelde. Met de kennis van toen beschreef hij een aantal fabeldieren en echte dieren 'met al of niet gefantaseerde details die vaak uit oude bronnen werden gehaald'. Deze dieren zijn opgenomen in dit boek en Rébecca Dautremer maakte daar illustraties bij.


Dit bovenstaande staat achterin het boek en dat is in feite jammer. Aanvankelijk kwam het boek namelijk nogal vreemd op mij over. De eerste pagina's beginnen namelijk met twee bizarre dieren en hun even zo vreemde  beschrijving. Het eerste dier, de slang met de twee koppen, is zelfs nogal angstaanjagend om te zien. De kleuren op de afbeeldingen doen een beetje ouderwets aan.  Op de volgende twee pagina's zien we ineens de gewone voor ons zeer bekende ooievaar en de mier, waarover wel heel aparte verhalen verteld worden.  Er verzamelden zich vraagtekens in mijn hoofd, waarom er voor deze vorm en volgorde van dieren was was gekozen, het deed niet erg logisch aan.


En zo volgen nog een aantal tekeningen en beschrijvingen over dieren. Bijvoorbeeld over de eenhoorn die in dit boek niet het lieflijke paardje is waar kinderen momenteel zo gek op zijn. En over de walvis, die ook op de cover te zien is, deed het verhaal de ronde dat hij zo lang stil in zee lag dat er uiteindelijk een eilandje op zijn kop ontstond, mét struiken en al!
Aparte en spectaculaire verhalen dus.


Om eerlijk te zijn was ik niet erg gecharmeerd van het boek. De tekeningen vond ik erg kunstig maar naargeestig, zeker voor kinderen, en de verhalen wel aardig maar dat was het dan ook. En dan kom je aan het eind van het boek en lees je over de herkomst van de verhalen en dat zet alles in een heel ander perspectief. Dan wordt het grappig en kun je lachen om het beeld dat de mensen toentertijd over bepaalde dieren hadden. Dan besef  je dat het eeuwenoude verhalen en fabels zijn.


Met deze nieuwe gegevens in je achterhoofd verandert het boek in een prachtig werk dat een mooi beeld geeft van de fantasie van die tijd en zie je de schoonheid van de afbeeldingen die Rébecca Dautremer van deze teksten wist te maken. In totaal zijn er elf dieren afgebeeld en besproken. De paginagrote afbeeldingen doen sober aan omdat zij veelal uit maar drie kleuren zijn opgesteld. Toch zijn ze zeer sprekend en indringend.


Ik vraag me wel af hoe kinderen dit boek zullen vinden, volwassenen zullen hier mogelijk meer van genieten omdat zij het in het juiste perspectief kunnen zien.
Maar misschien vinden kinderen het helemaal geweldig, wie zal het zeggen?


ISBN 9789002273919 | Hardcover | 32 pagina's | Davidsfonds Infodok | Juli 2021
Vertaling Ed Franck | Afmeting 32 x 24,8 cm | Leeftijd 7-12 jaar

Dettie, 16 augustus 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De jongen die met draken vloog
Drakenserie Deel 3
Andy Shepherd

Het derde deel intussen. Wie Tomas is en waarom er over hem geschreven wordt zal bekend zijn. Maar zijn avonturen met de draakjes zijn nog niet voorbij.
Zijn vrienden Ted en de tweeling Kai en Kat hebben ieder een eigen draakje, en ook hun vijand, die koning van de Narigheid, Liam, heeft er een bemachtigd. Het kleine zusje van Tomas, Lolli wil er ook een, en zij wordt drie jaar. Wat is een beter cadeau dan een eigen draak ook voor haar?


Tomas moet moeilijke beslissingen nemen. Zijn grootvader zei het al en in de papieren die ze vinden van de vorige drakenoppasser wordt het bevestigd: ze moeten de dieren vrij laten. In dit klimaat kunnen ze niet overleven en tenslotte horen ze hier ook niet thuis. Ze hebben een eigen stad, ver weg hier vandaan.
Maar tjee, hun vrienden vrijlaten! Geen draakjes meer in hun leven! Wat vinden de vrienden dat moeilijk! Toch doen ze het: op de dag dat er nieuwe draakjes uit het fruit komen, vertrekken de draken van de vrienden met hen mee naar waar ze horen.
Alle draakjes? Eh, nee. Tomas kan het niet over zijn hart verkrijgen. Ook heeft hij Klokje, Lolli’s draak niet laten gaan. En Liams draak is er ook nog. Maar waar is die? Wat voert Liam in zijn schild?


Tomas moet het deze keer alleen opknappen, zijn grootvader ligt in het ziekenhuis. Hij vindt het allemaal heel moeilijk. En dan is er nog die boze buurman...


Dit boek gaat over enkele belangrijke kwesties: mensen zijn niet altijd wie ze lijken te zijn. En van iemand houden betekent ook vrij laten. Dat zit verpakt in een verhaal vol hilarische situaties, en spannende voorvallen.
Je verbaast je over die volwassenen die maar niets in de gaten hebben, ook al brabbelen hun kinderen over draken die ze hadden zien vliegen. Grootvader zei het:


‘Niemand wilde in draken geloven, dus zelfs als de volwassenen Fikkie of een van de andere draken met eigen ogen hadden gezien, hadden ze daar een of andere verklaring voor verzonnen.’


Ook in dit boek vind je leuke zwart wit tekeningen van Sara Ogilvie.


Andy Shepherd is een lerares Engels. Zij debuteerde met De jongen die draken kweekte.
Er is intussen een televisieserie in de maak.


ISBN 9789047710783| Hardcover | 255 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat | januari 2019
Vertaald uit het Engels door Jesse Goossens | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 24 september 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De Lava Zoo
Monster Zoo Deel 3
Tjerk Noordraven


Nog steeds is er geen medicijn gevonden voor de vader van Jindra. Hij is deels verlamd maar kan gelukkig wel praten nu.
Jindra bezoekt zijn vader iedere dag, zodat zijn moeder - die niets weet van de MonsterZoo! -  denkt dat hij zowat verslaafd is aan gamen, zo weinig is hij thuis. Gelukkig maakt ze zich er niet druk om, ze is te verliefd op haar nieuwe echtgenoot en heeft haar handen vol aan Jindra’s halfbroertje en halfzusjes.
Zo heeft hij in ieder geval tijd om voor de monsters te zorgen. Speciale aandacht heeft hij voor Vuurbal, het draakje dat hij graag tam wil maken. Of Vuurbal dat ook wil, dat kunnen we betwijfelen als we die avonturen lezen.


Jindra baalt wel als zijn moeder min of meer eist dat hij meegaat met haar en Benny (de stiefvader) op hun uitgestelde (huwelijks)reis naar Mexico. Eenmaal daar snapt hij ook niet waarom hij mee moest. Ze laten hem aan zijn lot over. En als hij probeert een dagje rustig aan het zwembad te vertoeven wordt hij weggepest door een stel meiden.


Dan krijgt hij een telefoontje. Hoewel hij schrikt van het verhaal dat hij te horen krijgt: als Yanis, de monsterwaker van Cyprus, hem vraagt om hulp, is het niet zo gek dat hij er op ingaat. Wat is het probleem: het eten voor de monsters dat twee keer per week afgeleverd wordt bij de LavaZoo is niet opgehaald. Als die monsters al vier dagen geen eten hebben gehad, dan is daar iets aan de hand. Yanis kan ook geen contact leggen met de monsterwaker van de LavaZoo.
Wil Jindra gaan kijken?


Natuurlijk doet hij dat. Had hij het ook gedaan als hij geweten had wat hem te wachten stond?
Het wordt levensgevaarlijk! Niet alleen voor hem, ook voor het meisje dat hij tegenkomt in de Zoo. Zij vertelt dat haar vader op jacht is naar een monster en dat ze geen contact met hem krijgt. Er is een levensgevaarlijk monster ontsnapt. Het meisje, Zora, blijkt zelf ook een bedreiging voor Jindra!
Gelukkig is Siggy er nog, de waker van de Zoo in Denemarken, die we kennen van een eerder avontuur. Zij is een hele goede vriendin geworden en komt natuurlijk helpen.
De jongelui maken een plan, dat bepaald niet waterdicht is. Het is dan ook superspannend of het zal lukken alles weer op orde te krijgen in de Lava Zoo.
En die Ernesto, waar blijft die toch?


Aan het einde van het verhaal is er sprake van een medicijn voor Jindra’s vader. Er zal zeker nog een deel 4 komen?


Opnieuw superspannend verhaal over weer heel nieuwe monsters, die levensecht afgebeeld worden door Jacqueline van Rhijn, sommige lijken wel dinosauriërs.
En wie het Boek van Wonderlijke Wezens die werkelijk bestaan kent, ziet dat er toch nog monsters zijn die daar niet in voorkomen: bijvoorbeeld de Cherufe,  de Chorti, de Ihaivulu, ook bepaald geen lieverdjes!


Het boek heeft delen met daarin weer hoofdstukken. Gevarieerde typografie en duidelijke bladspiegel. Geschikt voor jonge kinderen, maar dan wel met stalen zenuwen!


Tjerk Noordraven (1987) heeft intussen al aardig wat geschreven over monsters en andere bijzondere dieren. Hij staat bekend als die schrijver met die vleerhond op z’n schouder. Zijn hele huis staat vol met opgezette vleermuizen en vogelspinnen.


ISBN 9789047710684 | Hardcover | 264 pagina's | Uitgeverij Moon| september 2021
Tekeningen van Jacqueline van Rhijn | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 12 september 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Ren toch niet weg
Illustraties: Hiky Helmantel
Tekst: Emy Geyskens


Hoewel je het uit de titel van het boek niet kunt opmaken, gaat dit boek over pesten.
Mona wordt namelijk gepest door Aline maar Aline doet het zo 'slim' dat het niet heel erg opvalt op school.


Maar toch wordt Mona gepest. Ze mag niet mee doen met verstoppertje, of ze lacht heel hard als Mona struikelt over een tas zodat op het laatst de hele klas mee lacht, ze houdt Mathias, de beste vriend van Mona, bij haar weg. En zo gaat het maar door. 's Nachts droomt Mona er zelfs heel akelig van.


Mona vindt het vreselijk, ze krijgt er steeds meer buikpijn van en wil niet meer naar school. Mama snapt er niets van, maar Mona zegt steeds dat er niets aan de hand is, ze heeft gewoon buikpijn... Maar mama ziet gelukkig wel dat er meer aan de hand is en zegt dat praten over problemen écht helpt, en na lang aandringen vertelt Mona eindelijk wat er aan de hand is.
En dan verzint mama een heel goed plan!!


Door het verhaal wordt goed begrijpelijk gemaakt wat pesten met iemand doet en hoe stiekem een pester bezig kan zijn. Mede dankzij de kleurige tekeningen is het geen loodzwaar verhaal geworden. Wel wordt heel duidelijk gemaakt wat pesten is en wat de gevolgen daarvan zijn.


Na het verhaal over Aline en Mona is o.a. nog een interview te lezen met de schrijfster die ook gepest is op school omdat ze als enige van de klas haar brood tussen de middag thuis opat!
Els Glorieux, een vrijwilliger bij de school zonder pesten, vertelt hoe vervelend ze het vond en hoe onzeker ze door dat pesten werd. Zij vindt het heel belangrijk dat pesters leren zien wat ze doen. Een pester heeft vaak ook een reden waardoor hij of zij pest en die reden moet gevonden worden.
Een meisje van elf jaar vertelt ook háár pestverhaal en geeft tips.


De titel van het boek geeft twee dingen aan;
Ten eerste dat degene die gepest wordt niet wil dat zij of hij buitengesloten wordt, dus niet wil dat kinderen wegrennen.
Ten tweede dat je niet weg moet rennen voor het pesten, maar het open moet gooien en beter bespreekbaar moet maken. Dit boek helpt daar goed bij.


Enige minpuntje van dit boek is dat er alleen een link naar een Vlaamse instelling tegen pesten genoemd wordt en geen Nederlandse instelling.
Maar verder is het al met al een vrij compleet boek met veel informatie voor kinderen die gepest worden én voor hun ouders of leerkrachten.


Het boek is een deel uit de Pleisterserie. Dat is een boekenserie waarin gevoelige onderwerpen bespreekbaar worden gemaakt. Deze boeken bevatten een warm verhaal, een spelletje, een versje of liedje en informatieve informatie voor volwassenen. Op deze manier nodigt Pleister uit tot praten met en begrip krijgen voor elkaar.


ISBN 9789044843361 | Hardcover | 48 pagina's | Uitgeverij Clavis | augustus 2021
Afmeting 26,8 x 25,6 | Vanaf 6 jaar

© Dettie, 6 september 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De jongen die met draken zong
5e en laatste deel
Andy Shepherd


‘Grootvader zegt dat sommige dingen niet in woorden zijn uit te drukken. Draken horen daar zeker bij.’

Waarschijnlijk ken je Tomas? Een tijd geleden ontdekte hij dat in de tuin van zijn grootvader draakjes groeien. Er staat namelijk een drakenfruitboom, en als de vruchten rijp zijn, blijken daar allerlei soorten draakjes in te zitten. Vliegende, vuurspuwende, bommenpoepende draakjes, die nog ondeugend zijn ook! Dit moet niet algemeen bekend worden natuurlijk, maar Tomas heeft een paar trouwe vrienden die hij deelgenoot maakt: eerst alleen de tweeling Kai en Kat en Ted. Later kwamen daar Liam en Aura bij. En het kleine zusje van Tomas, Lolli, die is ook op de hoogte.


Ze hebben allemaal hun eigen draakje(s). Voor Tomas is er de bliksemdraak Zwier. Tomas ontdekt dat hij een speciale gave heeft, die in het volgend avontuur heel handig is.Tot zijn verbijstering heeft Chouko van de botanische tuin namelijk stekjes meegenomen! Wat als zij ontdekt wat dat gaat opleveren? Toch vindt hij het nog erger als blijkt dat Chouko niet eens weet hoe ze er voor moet zorgen. De stekjes dreigen dood te gaan.


Er gebeurt nog veel meer in dit boek: de tweeling gaat terug naar China, waar ze vandaan komen. Ze hopen dat hun draakjes hen zullen volgen.
En Lolli mist haar draak vreselijk. Ze is er bijna ziek van. Waar is Fikkie gebleven? Zal hij ooit wel terug komen?
En ook ontdekt Tomas dat Aura een geheim heeft. Het is zelfs zo geheim dat ze het zelf niet wist!
Tomas vindt het eerst ook geen leuke ontdekking, hij is zelfs jaloers. En wat zullen de gevolgen zijn?


Het verhaal is waarschijnlijk het duidelijkst als je de boeken op volgorde leest. Dan geniet je ook meer van dit vijfde verhaal waarin enkele dingen op hun plaats vallen. Afgezien daarvan is het opnieuw een hilarisch avontuur. Want die draakjes stellen je nogal eens voor verrassingen.
Het boek gaat over vriendschap, met alle haken en ogen, over dieren en tuinieren. En over chocola…


‘Moet je je voorstellen wat er allemaal kan.’


Nou, heel veel, en dat is reuze leuk! Net als de tekeningen.
Het boek is toegespitst op jonge lezers, met een duidelijk lettertype en een ruime bladspiegel, en veel humor natuurlijk!


Andy Shepherd, van oorsprong lerares debuteerde met De jongen die draken kweekte. De samenwerking met Sara Ogilvie, die grappige zwartwittekeningen maakt, is (bijna) net zo vruchtbaar als de drakenfruitboom. Inmiddels zijn er vijf boeken, waarvan dit helaas het laatste is.


ISBN 9789047712206| hardcover | 272 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat | juni 2021
Tekeningen van Sara Ogilvie | Vertaald uit het Engels door Jesse Goossens | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 24 augustus  2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De beestachtige bedreiging
De monsterdokter - deel 2
John Kelly


In het eerste deel is Appie zomaar assistent geworden van de monsterdokter, Annie v.d. Keuken-Trap. Zij heeft haar praktijk om de hoek van een straat waar de mensenwereld overgaat in de monsterwereld.


In dit nieuwe avontuur komt hij Morris Mors tegen, een monster dat hij in het eerste avontuur ook geholpen heeft. Hij laat een hond uit die geen .ont heeft, maar wel twee koppen. Hij moet zelf zo hard lachen als hij vertelt hoe de honden heten dat zijn oren er af vliegen. Hij gaat dus maar mee naar de praktijk van de monsterdokter, dan kan Appie de oren er weer aan naaien. Maar er is iets aan de hand daar: ze horen een enorm kabaal dat uit de praktijk lijkt te komen. Een kabaal, een enorm gebonk! Wat is dat in hemelsnaam? Het moet wel heel erg zijn, want alle patiënten die in de wachtkamer zaten rennen en vliegen de wachtruimte uit. Compleet in paniek!


’Waarom zijn jullie in hemelsnaam zo bang?’ vroeg ik. ‘Er is toch zeker niets wat jullie nog iets kan doen? Jullie zijn hartstikke dood!’
‘Groentjes als jij hebben echt geen idee hoe gevaarlijk zo’n Lieve is voor monsters en dingen, hè?’ zei Morris schamper. ‘Dat zombies dood zijn, wil nog niet zeggen dat ze niets hebben om voor te leven hoor!’


Even later stuitert er een kanonskogel door het raam. Maar het is helemaal geen kogel, het is de dokter! Appie is nieuwsgierig: wat is er toch aan de hand? Wat is dat lieve waar ze zo bang voor zijn? Is dat misschien die groene stengel die zich om het been van de dokter wikkelt? En waarom bang zijn voor iets liefs? Hij snapt er niets van.
Dat zal de dokter hem eens haarfijn uitleggen, terwijl ze druk is zich te bevrijden van de Trifid. Want dat is die groene stengel. Die is enorm groot, een kwestie van verkeerde verzorging, dat kan Appie wel oplossen.


Het is niet zo gemakkelijk als hij dacht! En het is niet de Schijn-Heilige waar het om gaat!
Het probleem ontdekt hij als de telefoon gaat: ze worden gesommeerd naar Zwartegat te komen, waar een Schijn-Heilige gesignaleerd is. Het is een Lieve S.
Huh? Een wat? Appie zoekt het maar even op in zijn Dr Zalvers almanak van monsterkwalen. Lieve S.staat voor: ‘Lieve Is Echt Verschrikkelijk Eng Schattig’.  Reuze cute. Onweerstaanbaar schattig dus.
Waarom is dat een gevaar voor monsters?  En waarom heeft de dokter ineens zo’n haast als ze hoort dat inspecteur Schaarmans al naar Zwartegat onderweg is?


De beschrijving van Lieve is hilarisch! Het gaat om een bolletje van dons, zacht en mooi roze van kleur, blijkbaar gevaarlijk voor monsters. Niet voor Appie, maar die raakt op zijn eigen manier in de ban van QTie, als ze haar eenmaal gelokaliseerd hebben. Foute boel, want zo kan hij de monsters niet helpen. Zal het de dokter en Appie lukken om QTie te temmen? Of worden alle QTies vernietigd zoals Schaarmans dat wil?


Het avontuur zit vol met grappige vondsten, niet alleen verhaalelementen, maar ook in de taal. Er zijn kaders uit de Almanak die nadere uitleg geven indien nodig. bijvoorbeeld over Lieve S. Meneer Wijngaard is een slak; mevrouw Vingerling een monster met tentakels; er is sprake van een insta-tuk-tukaccount; er zijn  slush-puppy’s en nog veel meer van zulke dingen. Ontzettend grappig.


Ook de tekeningen, zwart-wit, gemaakt door Kelly himself, zijn grappig. Soms is het een klein tekeningetje, soms paginagroot. Er wordt gespeeld met de typografie, en er is een voorproefje van het volgende boek.
De vertaling is uitstekend!


John Robert Kelly (1964, Stockton-on-Tees, Engeland) is illustrator en ontwerper van kinderboeken. Zijn boeken zijn onder andere The Robot Zoo en Everyday Machines, die beide werden genomineerd voor de Rhône-Poulenc Junior Prize.


ISBN 9789048854714  | Hardcover | 192 pagina's | Uitgeverij Moon | april 2021
Vertaald uit het Engels door Willem Jan Kok | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 15 augustus 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER