jeugd 4-5 jaar

Éric Puybaret

Doornroosje
illustraties: Éric Puybaret
tekst: Élodie Fondacci


Het aloude sprookje in een splinternieuw, eigentijds jasje.


Voor wie het verhaal over Doornroosje of De Schone slaapster niet kent. Het gaat over een koning en koningin die al lange tijd verlangen naar een kindje. De koningin probeert van alles zoals heel vieze drankjes - in dit boek prachtig weergegeven door een koningin die al neus dichtknijpend een vies mengseltje drinkt -, ze danst als een indiaan om een groot vuur heen, ze laat een rookmachine komen die bliksem maakt, kortom, de koningin deed er  alles aan om toch maar het zo zeer gewenste kind te krijgen. Op een dag zit ze in bad en daar verschijnt een kikker die op haar buik springt, haar buik zwelt op tot hij zo rond als een ballon is. De koningin is eindelijk zwanger!


Het prinsesje wordt geboren, er is groot feest in het Rijk der Duizend Torens en zeven feeën komen hun goede wensen brengen. Maar vlak voordat de zevende fee haar wens zal uitspreken komt de boze fee binnenstormen. Ze vertelt dat het prinsesje op haar zestiende verjaardag zich aan een spinnewiel zal prikken en daarop dood zal neervallen. Gelukkig kan de zevende fee deze vreselijke vloek omzetten in 100 jaar slapen. En zo gebeurt het...
Na 100 jaar komt er een knappe prins langs die Doornroosje wakker kust en ze leefden nog lang en gelukkig.


Dit boek koos ik uit vanwege de tekenaar, Éric Puybaret. Zijn prentenboek De rode stelten vind ik adembenemend mooi. Daar wilde ik wel meer van, veel meer. Het blijft altijd spannend of je dan niet teleurgesteld wordt maar gelukkig is er opnieuw een topprestatie geleverd, de afbeelding zijn stuk voor stuk kleine juweeltjes. Ze zijn een mix van een magische maar moderne vormgeving. De kleuren zijn warmhelder. Het vakmanschap spat van de bladzijden af. Opmerkelijk is ook dat de prinses zich dit keer verwondt ze zich aan een grote, kennelijk scherpe, draadspoel van een kantklosser!


Maar niet alleen de tekenaar leverde een topprestatie, ook Élodie Fondacci verdient een groot compliment. Om een eeuwenoud sprookje zo van deze tijd te maken en toch het originele karakter weten te behouden getuigt van grote klasse. Het sprookje is in vlotte, humoristische, hedendaagse, sprankelende taal herschreven. Net als als De rode stelten is dit opnieuw zo'n boek waarvan je wilt dat iedereen het ziet en leest.

Zie ook het Inkijkexemplaar


ISBN 9789462344341 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij Abimo | oktober 2015
Formaat 28 x 27 cm | Uitstekend vertaald door Lies Lavrijsen | Leeftijd 4+

© Dettie, 22 februari 2015

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

de Rode Stelten
Éric Puybaret


Leopold woont in een waterstad. De huizen staan op palen. De straten zijn rivieren, de steegjes zijn beekjes. De mensen lopen op stelten hoog boven het water uit.
Leopold heeft de langste stelten van iedereen. Ze zijn gemaakt van het hout van een rode populier, het rechtste en sterkste hout dat er is.
Omdat Leopold boven iedereen uit torent kent hij haast geen mensen maar wel veel vogels.  Zijn enige echte vriend is de ekster.

Die avond is er feest in de stad, het grote winterfeest wordt gevierd. Mensen versieren de gevels van de stad en ze roepen naar Leopold of hij ze wil helpen, hij kan overal bij. Maar Leopolds stelten zijn zo hoog, hij hoort het geroep niet.
Alle bewoners hebben lichtjes aan hun stelten en er wordt een groot vuur gestookt. Ekster vertelt aan Leopold dat hij ook naar het feest gaat. Hij ziet er prachtig uit met de lampjes aan zijn vleugels, maar Leopold hoort hem niet. Hij kijkt naar de sterren...

© Éric Puybaret

Ineens beseft Leopold dat hij helemaal alleen is en kijkt eindelijk naar beneden. Daar is het mooi met al die lichtjes. Leopold wil het beter zien, hij buigt voorover, hij wil de mensen horen... Maar hij schrikt. De mensen zijn niet blij meer, de lichtjes doven uit.
Er is een ramp gebeurd... De hele houtstapel is in het water gevallen, al het hout voor de winter is weg, het feest is over, de mensen gaan terug naar hun koude huizen...
Maar dan ruiken ze een heel bijzonder geur, en langzaam wordt het weer warmer in de stad. Ze zeggen dat populierenhout wel zeventig dagen brandt...



Prachtig sfeervol, beetje mystiek verhaal. De taal draagt sterk bij aan het weergeven van het dromerige sprookjesachtige leventje van Leopold.
De thema's eenzaamheid, elkaar helpen, fantasie, feest, zoals de uitgever aangeeft komen goed uit de verf.


Wat het boek vooral zo bijzonder maakt zijn de adembenemend mooie afbeeldingen. Er is zelfs een afbeelding die je verticaal open moet klappen zodat de enorme lengte van Leopolds stelten goed zichtbaar wordt, daarbij moet opgemerkt worden dat het boek zelf al een flinke afmeting heeft.
Illustratoren van kinderboeken verdienen eigenlijk veel meer aandacht dan ze nu krijgen. Veel van hen zijn ware kunstenaars. Zo ook Éric Puybarey.  Zijn werk wordt terecht vergeleken met Benjamin Lacombe en Rebecca Dautremer. Hij heeft inderdaad het tere, het fijne in zijn werk van Dautremer en het schitterende ingetogen dromerige van Lacombe. Zelf vind ik ook neigen naar het surrealistische werk van René Margritte met daarbij een lichte Salvador Dalí toets.


Het is zo'n boek dat je koestert, dat je naast je hebt liggen, dat je aan iedereen wil laten zien. Elke afbeelding zou je aan je muur willen hangen.
Het is een kinderboek voor kinderen vanaf 4 jaar, of zij op die leeftijd de afbeeldingen naar waarde weten in te schatten is wel de vraag, maar de sfeer en het dromerige verhaal zullen ze zeker heel erg waarderen.
De volwassenen die het voorrecht mogen smaken om uit dit boek te kunnen voorlezen zullen zeker helemaal onder de indruk zijn van dit schitterende boek.  Gewoon kopen dus en dan genieten, genieten, genieten!


ISBN 9789462342538 Hardcover 32 pagina's Uitgeverij Abimo oktober 2014
Afmeting 27,5 x 36 cm Leeftijd 4+

© Dettie, 30 oktober 2014

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER!