Nieuwe boekrecensies

Naar Lillehammer
Vonne van der Meer


Als Cécile bij een kinderspeelplaats zit vraagt een moeder haar, of ze even op haar kind wil passen, omdat ze even weg moet. De moeder keert echter niet terug en Cécile gaat met het kind, dat Faith heet, op zoek naar de moeder. Uiteindelijk neemt ze het kind maar mee naar huis, waar ze de luier vervangt door een theedoek, omdat ze, als alleenstaande oudere vrouw natuurlijk geen luiers in huis heeft. Ze vindt een briefje in haar brievenbus van de moeder, die haar vraagt om een paar dagen voor het kind te zorgen, tot zij nieuwe woonruimte heeft gevonden.

De moeder blijkt Gladys te heten en later ontfermt Cécile zich ook over haar. Gladys zit gedwongen in de prostitutie en haar pooier houdt haar min of meer gevangen, doordat hij een soort vloek heeft laten uitspreken. Daarnaast is Gladys hem veel geld schuldig, omdat hij er voor gezorgd heeft dat ze in Nederland terecht is gekomen. Eigenlijk wil Gladys naar Lillehammer, waar haar broer in een garage werkt.
Cécile probeert haar te helpen, hetgeen niet eenvoudig is. Regelmatig krijg ik de neiging om te zeggen dat ze bepaalde dingen misschien beter niet kan doen. Zou de pooier z’n melkkoetje wel willen laten gaan?

Het boek is geen echte thriller, maar het is wel een spannend verhaal geworden, waarin ook nog een dode vrouw en een rechercheur in voorkomen. Cécile ontmoet ook nog een man, waar ze verliefd op lijkt te worden.
Helaas gaat het boek een beetje als een nachtkaars uit. Ik blijf toch een beetje met de vraag zitten hoe het Gladys verder vergaat. Het is niet genoeg voor een heel nieuw boek, dus…


ISBN 978 90 254 7059 3 | Paperback | 204 pagina’s | Atlas Contact | februari 2021

© Renate 20 september 2022

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER


 

In Barbarije
Zonen van Jafeth Deel 2
John Meilink


Om deze lijvige roman over de Nederlandse slavernijgeschiedenis ten volle te kunnen volgen is enige kennis van de achtergrond wel prettig:


Barbarije was van de 16e tot in de 19e eeuw de naam van een gedeelte van de kustgebieden van Noord-Afrika. Het bestreek de huidige Noord-Afrikaanse landen zoals: Marokko, Algerije, Tunesië en Libië. De Middellandse Zee was in die eeuwen niet veilig. Schepen van de West-Indische Compagnie  die zich voornamelijk bezig hield met slavenhandel en daarom op Westelijk Afrika en Suriname en de Antillen voer. Uit Afrika werden slaven gehaald om op de plantages in de Nederlandse koloniën te werken. Onderweg kregen ze vaak te maken met piraten: Barbarijnse zeerovers, moslims die op hun beurt de blanken op de gekaapte schepen verhandelden als slaven.


In die periode zijn er meer dan een miljoen Europeanen ontvoerd. Als je geld waard was, had je kans dat er onderhandeld werd voor losgeld. Had je dat niet, dan werd je te werk gesteld onder vreselijke condities, met een zekere dood als gevolg.


Het verhaal van ‘In Barbarije’ begint in 1678. De Sint Joris, een Hollands fluitschip, is onderweg naar Suriname. Aan boord is koopman Cornelis Cats, met zijn vrouw en dochter, en zijn koopwaar: jenever. Ook aan boord is Anthonie de Wildt, een jonge boekhouder. Zij vormen samen met twee scheepslieden, Mooie Han en Kokker de hoofdpersonen die het verhaal vertellen.


Hun schip wordt gekaapt door de kapitein van de Oranjeboom – een eerder gekaapt VOC-schip. Monstafaris is slavenhandelaar in Algiers.
De bemanning wordt naar Algiers gebracht, en wordt ternauwernood in leven gehouden. Zij moeten zwaar werk doen. Over de koopman en zijn gezin zal onderhandeld worden. Alleen Anthonie heeft geluk: door zijn talenkennis wordt hij al snel gekocht om als assistent te dienen bij een geletterde Algerijn.
De zeelui Kokker en Mooie Han krijgen het hard te verduren, maar het zijn geharde mannen. Zij doen een ontsnappingspoging.


De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden heeft in die periode een gezant gestuurd. Commissaris van de Staten-Generaal Thomas Hees moet onderhandelen over een vredesakkoord, om er voor te zorgen dat Nederlandse schepen niet meer aangevallen zullen worden. Engeland en Frankrijk doen overigens ook hun best om een verdrag te sluiten. Thomas Hees wordt gek van de manier van onderhandelen die de Dey - de hoogste machthebber in Algiers - er op na houdt. Hij wordt aan het lijntje gehouden, maar hij is machteloos. Dat akkoord is namelijk vreselijk belangrijk.


In Barbarije is het verhaal dat weinig mensen kennen: hoe Nederland meedeed aan de slavenhandel is nu wel bekend, maar dat ook blanken in slavernij belandden en dat de manier waarop zij behandeld werden min of meer gelijk was aan hoe blanken zelf zwarten behandelden, dat wordt niet verteld in geschiedenislessen. Geen woord over Barbarije en wat daar gebeurde. Daarom is de reeks boeken die John Meilink schreef zeer belangrijk. Hij baseert zijn verhalen op de feiten, op historische, persoonlijke journaals van enkele personages. Soms worden die voor de leesbaarheid wel wat gemanipuleerd - zoals hij in zijn nawoord vertelt - maar die toch het verhaal goed vertellen. Ook een aantal personages hebben echt hun rol gespeeld in de geschiedenis.


Er zijn hoofdstukken in het boek verwerkt waarin dieper ingegaan wordt op de voorgeschiedenis van de belangrijkste personages.
Behalve dat het een historisch verantwoord verhaal is, wordt het ook meeslepend, en erg beeldend verteld. Je zou denken dat je zelf op zo’n schip zit, gevangen in het ruim. Dat je zelf de stank van de pest – die ook nog rondwaart! – ruikt.
En ja, af en toe is het schokkend om te lezen hoe het leven toen was. Af en toe zijn de details heel akelig. Maar zo zal het vast ook geweest zijn in die tijd.


Met een uitgebreide inhoudsopgave, een lijst met belangrijke personages en topografische kaarten voorin, en met aantekeningen, een woordenlijst en een literatuurlijst achterin. En voor illustraties is er de website: https://www.inbarbarije.nl


John Meilink (1961, Amsterdam) is opgegroeid in de Zaanstreek en woonachtig in Den Bosch. Naast zijn werk in de ICT heeft hij bijna zes jaar aan zijn debuut Kroesvee gewerkt, een historische roman over de Hollanders en de slavenhandel in de zeventiende eeuw.
In Barbarije is een losstaand tweede deel van de Zonen van Jafeth, een vierdelige serie historische romans over de Hollanders en de slavenhandel in de zeventiende eeuw.


ISBN 9789460229978 | paperback | 504 pagina's | Uitgeverij LM Publishers| mei 2022

© Marjo, 12 september 2022

Lees de reacties op het forum, klik HIER

 

Hoop is een kleine vogel
Susie Finkbeiner

 

Zin in een echt familieverhaal? Dan is Hoop is een kleine vogel zeker een aanrader. Vanuit verschillende perspectieven wordt het gezinsleven van Bruce en Linda aan je voorgelegd.


Via Linda leren wij hun leven kennen in 1975, het jaar waarin zij hun dochter Mindy uit Vietnam adopteren. Dit is een ingrijpende gebeurtenis die op iedereen die nauw betrokken is bij Bruce en Linda, zijn weerslag heeft.
Sonny, de dochter van Bruce en Linda, laat ons zien hoe haar leven in 1988 is. Door haar verhaal komen we ook meer te weten over Mindy. Hoe ervaart zij het om geadopteerd te zijn? En helemaal als Vietnamees meisje in een Amerika dat nog rouwt om de vele soldaten die omgekomen zijn tijdens de oorlog in Vietnam?
Vanuit de ogen van Bruce kijken we naar zijn huidige leven (in 2013) als vader en grootvader, maar ook als zoon van een moeder die sterk veranderd is na de dood van haar lievelingszoon Dale tijdens de Vietnamoorlog.
Deze verschillende verhaallijnen en perspectieven wisselen elkaar door het boek heen af.


De schrijfster Susie Finkbeiner gebruikt een boeiende schrijfstijl, waardoor je als lezer het verhaal verder wilt lezen ook al moet je aan het begin wel even wennen aan die verschillende perspectieven en sprongen in de tijd.
Over de schrijfster Susie Finkbeiner wordt geschreven dat haar romans pit hebben, maar ook de kwetsbare kant van mensen laten zien en ze je altijd stof tot nadenken geven. Dat is zeker het geval bij Hoop is een kleine vogel. Zo lezen we bij Bruce bijvoorbeeld:


De dichter Mary Oliver – een van mijn favorieten – stelde haar lezers eens de vraag wat ze van plan waren met hun ‘wilde en kostbare leven’ te doen. Daar heb ik veel over nagedacht sinds ik die regel voor het eerst las.
Maar vandaag, terwijl ik zo naar mijn familie sta te kijken, denk ik dat ik tot een antwoord ben gekomen.
Als het feit dat ik de zoon, echtgenoot, broer, vader en opa van al deze markante mensen ben alles is wat ik met mijn leven heb gedaan, dan is het goed genoeg.


Zien wij het zijn van een zoon/dochter, broer/zus, vader/moeder ook als een zegen? Of zijn wij nog steeds op zoek naar de invulling van het plan voor ons ‘wilde en kostbare leven’?
Zo zijn er door het hele boek heen kleine opmerkingen die je als lezer even stil zetten.
Hopelijk komt er nog een vervolg op dit boek, zoals bijvoorbeeld over de zoektocht naar de biologische familie van Mindy en wat dit met haar en haar adoptiefamilie doet!


ISBN 978 90 297 3236 9| NUR 302 | Paperback| 355 pagina’s | Uitgeverij KokBoekencentrum | april 2022
Hoop is een kleine vogel is vertaald door Carola van der Kurk-de Boer

© Els ten Voorde, 6 september 2022

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Mijn land, mijn bloed
Eline Rosenhart


Eline Rosenhart heeft met haar boek Mijn land, mijn bloed het Israëlisch-Palestijns conflict vanuit verschillende invalshoeken op een veelzijdige manier weten weer te geven. Het conflict is er één met verschillende grijstinten, zo omschrijft ze in haar voorwoord. Er is een contrast tussen ideologische standpunten en de realiteit van iedere dag. Met de drie hoofdpersonen heeft Eline Rosenhart deze ideologische standpunten en alle worstelingen die erbij horen een gezicht gegeven.
Zo is er de Palestijnse Wael, die zijn broer en zijn vriend in dit schrijnende conflict verliest. De schrijfster weet de beklemmende sfeer en de uitzichtloze omstandigheden van de Palestijnse situatie goed te omschrijven.


Ook is er een rol voor de Nederlandse Nienke, die als vrijwilligster de sociale verdeeldheid in de Israëlische maatschappij ontdekt en een relatie krijgt met een Israëli. Wat betekent het om Jood te zijn en wat doet dat met je christen-zijn? Hoe geef je dit vorm? Hoe ga je om met de angst voor aanslagen?
Daarnaast is er de Israëlische Yahav, die worstelt met haar verleden en hoe zij eigenlijk in het conflict moet staan.


Het boek is niet altijd even makkelijk te lezen. Er vinden veel gedachtesprongen in plaats die ik persoonlijk als lezer niet altijd kon volgen. Vaak worden die gedachten schuingedrukt weergegeven en zijn het citaten van andere personen.


Je streeft er altijd naar om de horizon aan te raken. Maar je zult er nooit komen. Jouw bootje zal in de zee zinken.
En Dor had gelijk gehad. Destijds had ze het niet begrepen waarom die opmerking haar zo’n pijn had gedaan. Al die tijd zag ze het als een belediging dat een vredesakkoord niet hetgeen was waarnaar ze zocht. Als er een akkoord was gekomen, zou ze er blindelings voorbij zijn gevaren. En al die tijd was haar boot lek. Al die tijd had ze ergens geweten dat ze zou zinken op zee.


Welke personen de opmerking gemaakt hebben en waarom zo’n citaat in gedachten komt, is niet altijd duidelijk. Soms staat de naam van de persoon die het gezegd heeft erbij en als je het boek bijna uit hebt, wordt het wel iets duidelijker, maar over het geheel zorgde het er bij mij als lezer voor dat het verhaal minder vaart had.
Een rode lijn door het boek zijn de geloofsworstelingen die de drie hoofdpersonen hebben. Zoals bijvoorbeeld de worsteling van Yahav:


Jonathan zei iets over bloed dat hem schoonwaste. Ze had nooit begrepen waar hij het over had. Het klonk destijds nogal luguber. Maar misschien was bloed wel het enige middel om bloed weg te wassen. Ze had geprobeerd haar leven te geven voor een doel, in ruil voor dat andere leven dat ze had genomen. Het was nooit genoeg geweest. Ze had eigenlijk altijd geweten dat er een bloedprijs was die betaald moest worden. En misschien was de enige prijs die hoog genoeg was, het bloed van die ene man zonder schuld – de man die de voeten van zijn discipelen waste.


Kortom, een boek dat de sfeer rondom het Israëlisch-Palestijns conflict goed weet te vangen, maar wel een scherpe en geconcentreerde lezer vereist.

ISBN 978 90 297 3233 8| NUR 301 | Paperback| 352 pagina’s | Uitgeverij KokBoekencentrum | april 2022

© Els ten Voorde, 1 september 2022

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Nachtman
Janneke Holwarda

 

Eigenlijk is Nachtman een vervolg op de roman Kiendops oorlog van dezelfde schrijfster. Zij schrijft proza en toneel. Haar romans Zeesteen, Maan op de heenweg, Het behouden kind en Kiendops oorlog werdengeprezen. En terecht.


Holwarda heeft een mooie toon van schrijven en is in staat de hoofdpersonen onopgesmukt neer te zetten. Zoals Willem Reinen (1930) een jazztrompettist, die in dit boek aan het woord komt. Het is een monoloque interieur. Reinen praat tegen zichzelf, denkt en herinnert zich veel. Hij is lichamelijk niet meer in orde, mede door zijn nogal turbulente manier van leven. Holwarda tekende de verhalen op uit de mond van de inmiddels bejaarde man, die veel meemaakte in zijn leven.


In Kiendops oorlog lazen we over de oorlogsjaren van Reinen in het geteisterde Arnhem, dat precies in de vuurlinie lag. Er werd vreselijk gevochten en veel geliefden van Reinen stierven. In dit boek komt die tijd nauwelijks meer ter sprake. Reinen kijkt terug op een carrière als begenadigd jazzmusicus, vrouwenversierder en drankorgel. Hij kan nauwelijks meer lopen of kauwen en krijgt een verzorgster toegewezen, ene Agatha, met een zware stem. Aanvankelijk wil haar wegsturen, maar daar trekt ze zich weinig van aan en er ontstaat een verhouding van wederzijdse acceptatie.


Ze werkt voor een organisatie, die Zorg voor je naaste heet. Ze zegt:

”Je hebt je leven omgekeerd geleefd. Je bent geboren als een chagrijnige baby. Op de foto waar je met je blote billen op een schapenvacht ligt, kan er al geen lachje af. Als kind had je een scheermestong, als puber was je trots en ernstig. Als trompettist was je ambitieus en nietsontziend. Als vader was je. Als vader. Nu, als oude man, breng je af en toe iets van lichtheid aan mensen, die dat zelf niet in huis hebben.


Reinen wil naar de muziekschool na zijn ervaringen als machinist, zeeman. Maar hij wordt niet aangenomen. Thuisgekomen legt hij woedend een plaat van Stan Getz op de grammofoon en oefent net zo lang tot hij bepaalde nummers kan spelen, vooral van de elpee waarbij Getz met J.J.Johnson samen speelt. Hij gaat in de kelder oefenen tussen de potten en weckflessen.


Once I laughed when I heard you saying

That I’ll be playing solitaire

uneasy in my easy chair

It never entered my mind

it never entered my mind


Zijn vrouw verlaat hem. Hij zorgt voor zijn zonen. Is te hardhandig.


Je kunt altijd opnieuw beginnen, dacht je. Vanaf die avond wilde je een goed mens worden, geen andere vrouwen meer neuken, niet meer liegen en stelen, niet meer vloeken of slaan
.

 Die goede voornemens worden in het leven van Reinen maar ten dele gehaald.


De rivier lijkt stil, geen golven, alleen krommen en ellipsen, met een naald in het vlakke water gegrift, maar ze stroomt nog steeds naar zee.

 

En hij speelt in allerlei jazzcombo’s. Wint zelfs een prijs op het Loosdrechts jazzfestival. De muziek loopt als een rode draad door zijn leven. We komen de namen tegen van Louis Armstrong, Chet Baker en vele andere coryfeeën, waarbij Reinen zoekt in hun muziek, naar dat ene moment dat alles samenvalt, alles klopt, misschien omdat dit in het echte leven niet gebeurt.


Als je geluk hebt-soms duurt dat bijna een leven- kom je tot de ontdekking welke noten je weg moet laten om een spannend verhaal te vertellen. Bij Brahms is dat het smachten. Bij Thelonious Monk de verlatenheid. Toots mikte recht op het hart, bij Piazzolla is het de hartverscheurende melancholie
.


Uit Argentinië, waar hij een vrouw leerde kennen neemt hij Mendoza Malbec mee, een beroemde Argentijnse wijn. Hij laat de vrouw aanvankelijk achter maar helpt haar jaren later wanneer ze ongeneeslijk ziek is geworden.


Op de kleine zwart-witfoto staat ze in haar rode jurk, de gele bloem in haar lange zwarte krullen, haar gezicht waaraan je niet kunt zien of het lacht of huilt.


Reinen gelooft niet in de hemel, want er staat ook niets in de bijbel over de hemel. Hij denk dat er een soort afrekening komt daarboven. Wie het laatst lacht, lacht alleen.
En we zien hem langzaam maar zeker steeds zwakker worden. Hij valt, komt niet meer overeind maar wordt gelukkig gevonden.


Zonder vergrootglas heb je eigenlijk geen idee wat er zich in je afspeelt. Je begint in het duister te tasten omtrent je eigen identiteit.


Het is een uitzonderlijk boek, waarbij we in de huid kruipen van een bijzonder mens. Holwarda heeft een vorm bedacht voor haar boek, die uiterst geraffineerd is en doeltreffend, maar ook ontroerend en - hoe kan het anders - bijna swingend is.
Wat een prachtig boek, dat ik in één adem mocht uitlezen!


ISBN 9789028452381| 191 blz.| Uitgeverij Wereldbibliotheek | mei 2022

© Karel Wasch augustus 2022

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Een dag om aan de balk te spijkeren
Rinus Spruit


Maarten Rietgans begint zijn werkzame leven als jongste bediende bij de Boerenleenbank, hij is dan zeventien. Hij heeft het naar zijn zin, is gebrand op perfectie. Hij zorgt dat alles makkelijk terug te vinden is. Hij loopt met gigantische bedragen door de straten van Goes en is gelukkig. 's Avonds fietst hij de vijftien kilometer weer naar huis, naar de boerderij van vader en moeder in Zevenkoten. Alles is goed.


De goedmoedige vader Jan Rietgans is een gedreven landbouwer maar het is moeder die alles bij elkaar houdt. helaas moeder overlijdt voor de ogen van haar zoon en vanaf die tijd voelt Maarten altijd haar aanwezigheid. En dan wordt hij apart genomen door de directeur, hij is te oud geworden voor jongste bediende. Hij moet achter de boekhoudmachine gaan plaatsnemen en typewerk gaan doen...
Dit is het begin van de levenslange onrust die Maarten zijn verdere leven achtervolgt.


Hij verlaat zijn woonplaats en vindt een kamer in Rotterdam, hij weet het zeker, hij wordt verpleger. Opnieuw streeft hij perfectionisme na. Maar bij tijd en wijle slaat de melancholie toe. Is dit het nou? Toch is hij goed in zijn werk, hij slaagt en wordt verpleger, later zelfs psychiatrisch verpleger, maar die onrust, die verantwoording...
Het jaagt hem weer verder, steeds opnieuw, hij wordt fotograaf, buschauffeur etc. Maar steeds overvalt hem die melancholie, die neiging naar moedeloosheid, één maal zelfs naar een depressie. Toch vindt hij het leven de moeite waard, ondanks zijn gevoelend.

De zoektocht naar een vrouw verloopt ook steeds verrassend anders. Aan de ene kant verlangt hij enorm naar een rustig gezinsleven met een fijne vrouw, aan de andere kant verbaast hij zichzelf door zijn resolute beslissingen.

Het hele verhaal over Maarten is in bedrieglijke eenvoud verteld. De zoektocht naar geluk en rust wordt prachtig beschreven. Het is een ontroerend, eerlijk, soms humoristisch zelfportret. Maarten blijkt namelijk het alter ego van Rinus Spruit.

Een boek met een gouden randje, een boek om aan de balk te spijkeren.


ISBN 9789059364486 | Paperback | 224 pagina's | Cossee | oktober 2013

© Dettie, 17 september 2022

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Een oneindig land
Patricia Engel

Het was haar idee om de non vast te binden.
Elke nacht om tien uur ging het licht in de slaapzalen uit. De meisjes werden opgesloten in hun kamer, moesten doodstil zijn en slapen tot aan het ochtendgebed bij het krieken van de dag. De nonnen geloofden in het wapen van de stilte en hielden de meisjes voor dat ze alleen daarmee hun diepste zelf konden ontdekken zonder een slaaf van de verleidingen van deze wereld te worden.


Zo begint het verhaal van Talia, een Colombiaans meisje dat opgesloten zit in een justitiële inrichting voor meisjes in de bergen van Colombia, die er alles aan wil doen om naar de Verenigde Staten te vluchten. Daar wonen haar moeder, haar broer en haar zus. Ontsnappen en direct een vlucht naar de Verenigde Staten nemen zal haar enige kans zijn om herenigd te worden met hen. Maar in Colombia zelf woont haar vader. Zal het hem ook lukken om weer naar de Verenigde Staten te komen? Zullen zij als gezin ooit samen zijn? Telkens weer wordt Talia geconfronteerd met de schrijnende omstandigheden waarin haar familie verkeerd. Als immigrantengezin uiteengerukt door deportatie.


De schrijfster Patricia Engel weet als dochter van Colombiaanse immigranten het immigrantenbeleid heel confronterend aan je voor te leggen. Haarscherp worden de constante dilemma’s van de hoofdpersonen vastgelegd.


Er was een nieuw gevoel. Alsof ze een eindpunt bereikte, terwijl ze wist dat dit het begin van iets anders betekende: haar laatste avond met haar vader in hun huis. Het enige huis dat echt van hen was geweest, anders dan de woning die haar oma aan haar moeder had nagelaten.
Ze hadden er bijna een jaar gewoond, maar het leek hun nog steeds niet te passen, alsof ze het al ontgroeid waren voordat ze er in trokken: een plek zonder herinneringen, tot vanavond tenminste, toen het opeens het enige huis was waar ze ooit thuis zou zijn.


Soms moet je het boek even wegleggen, omdat het verhaal zo naar binnen komt. Knap hoe Patricia dit hartverscheurende probleem aankaart.


ISBN 978 90 239 6113 0| NUR 302 | Paperback| 209 pagina’s | Uitgeverij Mozaïek| juni 2022
Een oneindig land is vertaald door Jetty Huisman

© Els ten Voorde, 13 september 2022

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Bloedlijn
Amélie Nothomb


Bloedlijn is een ode aan de vader van de schrijfster. Pas na zijn overlijden (2020) kon ze dit verhaal vertellen, over Patrick Nothomb, een jongeman die opgroeit in twee heel verschillende werelden.


Na het tragisch overlijden van zijn vader wordt hij opgenomen in de familie van zijn moeder te Brussel waar zijn moeder nauwelijks naar hem omkijkt, zij moet rouwen… Zijn grootouders zijn rijk, en lijken ook nauwelijks te lijden te hebben van de crisis die heerst tussen de twee wereldoorlogen. De jongen heeft het goed, maar is eenzaam.
Pas als Patrick zes jaar oud is, besluit zijn grootvader hem in ieder geval voor de zomer naar de familie van zijn vader te sturen. Hij weet wat de omstandigheden daar zijn maar staat op het standpunt dat het de jongen goed zal doen.


De familie Nothomb woont in een vervallen kasteel in de Ardennen. Het is een eigenaardig samenraapseltje van familie waar de jongen kennis mee maakt. Ook de normen en waarden, de manier van met elkaar omgaan is totaal anders dan hij kent. Zijn grootvader heeft nog nooit gehoord van delen, en de schaarse hoeveelheid voedsel (daar is wèl crisis) komt nauwelijks op de borden van de jongste bewoners terecht, waar Patrick ook toe behoort. Het is dus vechten voor je bestaan.


Als hij vies en behoorlijk vermagerd weer in Brussel aankomt schrikken zijn grootouders daar enorm van, maar de jongen geeft aan dat hij weer terug wil naar de Ardennen! Hij heeft daar misschien geen luxueus leventje, maar wel gezelschap en misschien zelfs vrienden. Ze laten hem gaan, en zo leert Patrick zich staande te houden in een harde wereld. Iets waar hij als volwassene profijt van zal trekken.
Het verhaal vertelt over deze jeugdjaren, en - meer summier - over het vervolg, de loopbaan, en de liefde.
Het eindigt waar het in de proloog begon: Patrick staat voor een vuurpeloton in Congo.


Een prachtig verhaal dat gebaseerd is op het leven van Amélies vader. Hij vertelt zijn eigen verhaal, over een veelbewogen leven.


‘Het enige wat ik voel is een heftige emotie: ik leef. Ieder ogenblik kan tot in het oneindige worden opgedeeld, de dood krijgt me niet te pakken. Ik ga helemaal op in het kloppende hart van het heden.’


Zo de dood in de ogen kunnen kijken, hoe kan dat? Voor een deel begrijp je dat als je leest over zijn jeugd in de Ardennen. Daar voelde hij dat hij lééfde. Zoals hij dat niet voelde  in het saaie Brussel.


Het verhaal dat zijn dochter optekent is - zoals haar autobiografische romans dat veelal ook zijn – boeiend. Niet alleen het deel van zijn jeugd, ook de jaren in Congo, in Stanleyville, zijn indringend, met een duidelijke link tussen de twee perioden. Omdat je de afloop in feite al kent, kun je dit boek gerust vaker lezen, bijvoorbeeld om te genieten van de gebezigde taal.


Amélie Nothomb, schrijversnaam van jonkvrouw Fabienne Claire Nothomb (1966), is een Franstalig Belgische schrijfster.


ISBN  9789401617291| hardcover | 176 pagina's | Uitgeverij Xander| juli 2022
Vertaald uit het Frans door Marijke Arijs

© Marjo, 4 september 2022

Lees de reacties op het forum, klik HIER

 

Slapeloos
Jon Fosse


'De Noorse meester van het langzame proza' wordt Jon Fosse ook wel genoemd.
Het Parool schrijft: "Hij heeft een reputatie opgebouwd als schrijver van verstilde toneelstukken waarin weinig gebeurt, maar des te meer wordt opgeroepen."
Als je dit boekje gelezen hebt begrijp je onmiddellijk wat hiermee bedoeld wordt. Het maakt dat alles wat gebeurt meer nadruk krijgt, dat alles wat gezegd wordt meer impact heeft, ondanks het ogenschijnlijk eenvoudige verhaal. In enkele rake zinnen kan Fosse gelijk een indrukwekkend beeld schetsen:


We hebben geen plekje om te wonen, zei Alida
En het is laat in de herfst, het is donker en koud, en we moeten toch ergens wonen, zei zij
en toen bleven ze staan zonder iets te zeggen
En ik moet gauw bevallen, ik kan elk moment bevallen, zegt zij
Ja, zegt Asle
En we kunnen nergens heen, zegt zij


Opvallend is dat er nauwelijks leestekens gebruikt worden, wat een poëtische indruk geeft. Fosses kracht zit hem vooral in het kleine, het nauwelijks benoembare, de subtiele wisselwerking en kracht en liefde die Alida en Asle voor elkaar uitdragen ondanks hun zeer jonge leeftijd. 

Asle en Alida, zijn alle twee zeventien jaar, die alleen elkaar nog hebben. Beiden hebben een niet zo prettige jeugd gehad. En nu is Asles moeder overleden, wat hem een wees maakt.
En nu moet hij het boothuis uit. Alida's moeder weigert het stel in huis te nemen, ondanks de vergevorderde staat van Alida's zwangerschap. Ze gaan als een Jozef en Maria op weg naar het Noorse kustplaatsje Bjørgvin. Daar staan zoveel huizen, daar vinden ze vast onderdak. Helaas, iedereen weigert het jonge paar.


Wat moeten we doen, vraagt Alida
We moeten onderdak vinden voor de nacht, zegt zij
Ja, zegt Asle
We hebben wel bij twintig aangeklopt om te vragen, zegt Alida
Wel meer, zegt Asle.
En niemand wil ons onderdak geven, zegt zij
Nee, zegt hij
Het is te koud om buiten te slapen, en we zijn zo nat, zegt zij


Tijdens hun zoektocht lezen we via hun dromen, visioenen en herinneringen hoe zijn elkaar ontmoet hebben en wat maakte dat zij nu door Bjørgvin zwerven. Het maakt het boek licht mystiek en soms op een prettige manier raadselachtig.
Na lezing heb je het gevoel iets wezenlijks meegemaakt te hebben. Het is ongekend mooi.


ISBN 9789028423497 | Paperback met flappen | 79 pagina's | Wereldbibliotheek | juli 2010
Vertaald door Marianne Molenaar en Uitgeverij Wereldbibliotheek

© Dettie, 27 augustus 2022

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De andere helft van Augusta Hope
Joanna Glen


"Julia gleed sereen op de wereld, kort voor middernacht op 31 juli. Ik kwam een paar minuten later, maar toen was het al augustus, waardoor wij een tweeling waren die niet dezelfde geboortedatum had."


Het woord sereen is tekenend voor de beschrijving van Augusta's tweelingzus. Het woord sereen betekent helder en kalm en past bij Julia. Zij is de mooiste van de twee, zij past zich aan, weet altijd het goede te zeggen en is vriendelijk en gelijkmoedig. Augusta daarentegen is, tot wanhoop van haar ouders en onderwijzers, druk, nieuwsgierig en leergierig, recalcitrant, ze wil echt álles weten, ze is gek op taal en met name op woorden. Het woordenboek is haar vriend.  Ze kent ook de herkomst en betekenis van de woorden en gebruikt ze ook. Haar lievelingsland is Burundi, puur om de schoonheid van het woord.
In poëzie heeft Augusta haar draai gevonden. Ze aanbidt het gespeel met woorden en hun betekenis. Het gedicht De woonwagen en de marskramer is favoriet, daar staat precies in waar Augusta zo naar verlangt.


'Als ik alleen was, las ik het telkens weer. Mijn hart ging er sneller van kloppen, mijn ziel leefde ervan op en ik hoorde gezang in mijn binnenste opborrelen. 'Waar hij vandaan komt weet niemand.' Ik zag mezelf al in de woonwagen zitten. 'Noch waar hij naartoe gaat, maar hij gaat aldoor verder.'


Maar als zij zou vertrekken dan zou ze geen Justa meer zijn...  De tweeling vormt namelijk zo'n twee-eenheid dat ze zichzelf Justa genoemd hebben en dat zal altijd zo blijven, denken ze...


Toch vormt de vakantie in La Higuera, Spanje het keerpunt. Waar Augusta aanvankelijk zo blij was dat ze naar dat land gingen zodat ze haar Spaans kon oefenen, zo verdrietig en wanhopig is ze later daarover Er is daar iets gebeurd met Julia waardoor hun verbond verbroken is, maar wat? Augusta weet het niet.


Na die vakantie is alles compleet veranderd, vader verliest zijn werk, Julia trouwt met Diego, de knappe buurjongen waar beiden in hun kinderjaren verliefd op waren en Augusta vertrekt naar de universiteit. Julia is zwanger. Augusta is Julia kwijt.


Ondertussen lezen we om en om met dat van Augusta het hartverscheurende verhaal over Parfait, de jonge kunstzinnige vluchteling uit Burundi. De verschrikkingen die hij meemaakt zorgen ervoor dat hij uiteindelijk met zijn broertje Zion naar Spanje vlucht, helaas Zion komt nooit aan...
Parfait weet zich geen raad, zoekt naar rust in zijn lijf, zoekt en zoekt en zoekt naar een nieuw thuis, naar een bron van inkomsten, naar contact. Toch is er altijd dat ene sprankje hoop dat hem overeind houdt.


Natuurlijk ontmoeten Augusta en Parfait elkaar op een gegeven moment en Augusta's achternaam is Hope...
Ze herkennen elkaar onmiddellijk. Beiden zijn dolende zielen, beiden voelden ze zich nergens thuis. Ze herkennen elkaar zo goed dat het eng is.
Langzamerhand grijpt hun leven in elkaar en ontdekken ze hoe verbonden ze in feite al met elkaar waren.


Het is een veelomvattend verhaal, waarbij de tegenstellingen tussen vrijheid en dwang en vrijgevochten en volgzaam zijn duidelijk naar voren komen. Het verhaal van Parfait die de burgeroorlog ontvlucht is aangrijpend, net als zijn pogingen om overeind te blijven in een totaal nieuw land. Het is frappant dat de strijd van Augusta om te ontsnappen uit de verstikkende benauwenis van haar ouderlijk huis en haar woonomgeving veel gelijkenissen vertoont met dat van Parfait, op het feit na dat bij Parfait het letterlijk een zaak van leven en dood is. Voor Augusta is het een geestelijke strijd om te overleven.


Het is een erg knap, ontroerend en aangrijpend debuut wat Joanna Glen heeft neergezet. Lezen!


ISBN 9789493081475 | paperback | 336 pagina's | Uitgeverij Orlando | augustus 2020
Vertaald uit het Engels door Anke ten Doeschate

© Dettie, 15 augustus 2022

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER