Nieuwe boekrecensies

Het geheim
Kathryn Hughes

1975. Mary’s grote liefde is Thomas Roberts. Ze trouwde al met hem toen ze vijf jaar oud was (!) en deed het toen ze allebei volwassen waren nog eens dubbel en dwars over.
Ze kan haar geluk niet op als ze in verwachting raakt zeker niet als Thomas belooft dat hij dan zijn baan in de mijn op zal zeggen en haar komt helpen in het pension dat ze drijft. Maar het noodlot slaat toe zoals het dat maanden later een tweede keer doet.
Dan treft het meer mensen. Er gebeurt een vreselijk ongeluk met een busje.


Het is een idee van Trisha en Selwyn, uitbaters van een kroeg, die vanwege een brand niet open kan. Een dagje naar Blackpool.
Het is een divers gezelschap dat in het busje stapt. Selwyns ex, Babs; hun dochter Lorraine en diens vriendin Petula. De zwerver Harry mag mee omdat hij alarm heeft geslagen toen hij, slapend in het portiek, de brand opmerkte. Daisy en haar zoon Jerry, en Karl, die op het laatste moment ook zijn zoon Mikey mee moet nemen, omdat zijn ex hem niet kan gebruiken die dag. 


Er zijn wel wat spanningen die dag. En het was leuk, daar zijn ze het over eens, maar aan het eind van de dag moet Daisy een moeilijke beslissing nemen, die de levens van een aantal mensen zal beïnvloeden. En dan verongelukt het busje. Er vallen doden. De overlevenden proberen hun leven zo goed en kwaad als het gaat voort te zetten. Bijna veertig jaar gaan voorbij.


In het heden, 2016, staan opnieuw twee mensen voor een moeilijke keuze. Ze weten niet eens of ze wel een keuze hebben: Jake, de zevenjarige zoon van Michael en Beth is zwaar ziek. Als er geen donornier beschikbaar komt, zal de jongen het niet halen. De ouders zelf vormen geen match, ze zijn afhankelijk van het lot.
Als Beths moeder overlijdt en ze het huis leeg moet ruimen, heeft ze even afleiding. Mary die nooit heeft willen vertellen wie de vader van Beth is, blijkt het een en ander bewaard te hebben. Tot haar grote verrassing vindt ze een krantenknipsel en een brief, waardoor haar eigen leven en dat van haar moeder ineens heel anders blijkt te zijn.
Ze gaat op zoek. Waar zijn de mensen gebleven die betrokken waren bij het ongeluk? Wat is er gebeurd?


‘Haar leven stond op zijn kop, alles was plotseling anders. Zoals wetenschappers een manier zoeken om een naderende asteroïde uit haar baan te brengen om een rampzalige botsing met de aarde te voorkomen, zo had deze brief de koers van haar leven veranderd.’


Het zijn de mooiste verhalen: die waar het verleden en het heden een onontwarbare kluwen is, die langzaam ontrafeld wordt. Geheimen en onbeantwoorde vragen, je kan er als schrijver alle kanten mee op. Kathryn Hughes weet je dan ook te boeien tot het einde, al begint de oplettende lezer wel een vermoeden te krijgen, de finesses zijn dan nog niet duidelijk. Het einde verrast!
Hughes verweeft de sociale omstandigheden van veertig jaar geleden in haar verhaal. Het is haar kracht dat al die treurigheid geen somber verhaal opleveren. Het gaat over mensen die je in iedere laag van de maatschappij tegen kan komen, met typerende beeldende beschrijvingen.


‘Meneer Reynolds vroeg haar altijd een of ander dossier uit de onderste la van de archiefkast te pakken of een pen die hij op de grond had laten vallen op te rapen. Het duurde een week voor Babs in de gaten had dat het een truc was om onder haar rok te gluren. Het was een ware beproeving om met die man, met zijn indringende lichaamsgeur en zweetplekken, een kantoor te moeten delen. Het zou Babs niet verbazen als er paddenstoelen onder zijn oksels groeiden. Zijn overhemden spanden om zijn dikke pens, en de kwabben in zijn nek en zijn onderkin puilden over zijn kraag. Zijn kale hoofd was bleek en glimmend en zijn volle lippen waren altijd vochtig’


Ook al doet meneer Reynolds nauwelijks meer mee in het verhaal, dit stukje had je toch niet willen missen?


Fijn boek!

ISBN 9789044355062 | paperback | 304 pagina's | Uitgeverij House of the Books | juli 2020
Vertaald uit het Engels door Betty Klaasse en Yvonne de Swart

© Marjo, 11 augustus 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het huis met de kersenbloesem
Sun-mi Hwang


Dae-sun Kang keert tegen het eind van zijn leven terug naar zijn geboortestad. Als wees werd namelijk na de val uit een boom van zijn vader, die klusjesman bij een rijke familie was, geadopteerd door een Amerikaans gezin. Ondanks tegenwerking van iedereen die hem neerbuigend behandelde vanwege zijn Koreaanse achtergrond - waarvan een stiefbroer de ergste treiteraar was - werkte hij zich op tot eigenaar van een succesvol bedrijf.


De als kind gepeste Kang kocht dertig jaar later de schuur waarin hij opgroeide met zijn vader. Eveneens, bij stukjes en beetjes, kocht hij het land, de tuin en uiteindelijk het huis van de rijke familie. Er werd een hek omheen gezet en hij gaf de opdracht dat niets mocht veranderen in die woning en op dat terrein. Een vorm van wraak?


En nu is hij teruggekeerd naar de plek waar hij dus heftige herinneringen aan heeft. Mr. Park, een stoïcijns man, is sinds jaar en dag de secretaris van Kang. Hij is degene die het huis en de tuin heeft laten bewaken en onderhouden. Maar tot Kangs ontzetting is Mr. Park in gebreke gebleven. Het hek is kapot en de tuin wordt gebruikt als moestuin, een 'verschrikkelijke haan' kraait Kang elke morgen wakker, het meisje Yuri komt in zijn tuin elke dag eieren rapen, en andere kinderen gebruiken de tuin als speelplek. Het huis is van een reus weten zij Kang te vertellen, want wie zo'n huis en zoveel land kan kopen moet wel een reus zijn.


Kang gedraagt zich in de omgeving als een grimmige oude man en laat iedereen lange tijd gissen wie hij is en waar hij woont. Maar de bewoners zijn ondanks Kangs gedrag vriendelijk en als ze weten waar hij woont brengen ze soms wat eten. De kinderen, met name Yuri, doen Kang heimelijk plezier met hun openhartigheid. Met name éen jongetje Sanghun, steelt Kangs hart, maar dat laat hij in zijn grommerigheid natuurlijk niet merken.
Kang heeft inmiddels enkele van zijn vroegere klasgenoten herkent en voelt onmiddellijk weer de pijn en afkeer die zij hem bezorgden. Hij wordt daardoor overspoeld door nachtmerries en onprettige flashbacks.


Kang sleepte zichzelf naar de achtertuin. Hij had te lang in bed gelegen. Hij moest zijn gedachte ordenen. Hij wilde nooit meer zoiets dromen. Langzaam volgde hij het pad door de begroeiing. Even lopen, even uitrusten, even lopen, even uitrusten. Zo ging hij stapje voro stapje de vallei door en begon aan d eklim omhoog. Eenmaal aangekomen bij de platte rots ging hij zitten en masseerde zijn dijen met zijn vuisten.
'Het komt allemaal wel goed,' praatte Kang zichzelf moed in.


Om zijn gevoelens te uiten voert hij verder gesprekken hij tegen meneer Knobbelmans, de tumor in zijn hoofd. Diezelfde meneer Knobbelmans zorgt ervoor dat Kang notities voor zichzelf maakt van dingen die hij wil doen zoals: Koken waar ik zelf zin in heb of Een instrument leren spelen. Al is het maar één liedje. Het wordt een gitaar en de humoristische stuntelige lessen zijn bijna een boek op zich waard.


Mr Park, moet ondertussen allerlei opdrachten uitvoeren zodat Kang weer het hele terrein voor zichzelf heeft, met alle gevolgen van dien. Geen Yuri meer, geen kippen, geen moestuin, geen contact... Langzamerhand moet Kang zijn bevindingen over heden en verleden bijstellen. Hij ziet uiteindelijk wie zijn klasgenoten werkelijk zijn en hoort verhalen die hem aan het denken zetten. De nachtmerries verdwijnen, Kang kan zijn verleden loslaten en heeft een wijze les geleerd.


'Waarom haat u mij zo?' stamelde Sanghun. Hij hapte naar adem.
Kang kon geen woorden vinden. Natuurlijk haatte hij hem niet. Hij droeg alleen diep in zijn hart een jongetje met zich mee dat nooit was opgegroeid.
'U vindt alleen Pierre aardig.' Sanghun liet zich aan. Hij barstte in tranen uit en hoestte een brok vijandigheid op.
Kan zakte door zijn hurken en legde zijn handen op Sanghuns schouders. Hé, moet je goed luisteren. Er heeft hier maar één iemand een knuffel van mij gehad en dat ben jij.' [...]
En zo legden ze het bij - een kind dat al bijna aan het eind van zijn leven stond en één dat het zijne bijna verkeerd was begonnen.


Sun-mi Hwang is een Zuid-Koreaanse auteur en professor die vooral bekend is vanwege haar fabel De kip die dacht dat ze kon vliegen.


ISBN 9789026350894 | Hardcover | 225 pagina's | Uitgeverij Ambo Anthos | mei 2020
Vertaald uit het Koreaans door Mattho Mandelsloot

© Dettie, 7 augustus 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Schilderslief
Simone van der Vlugt


Als je iemand vraagt wat de naam van de vrouw van Rembrandt was dan zal het antwoord Saskia zijn of Hendrickje Stoffels. Maar Rembrandt heeft met nog een vrouw samengeleefd, te weten Geertje Dircx. Zij is veel minder bekend geworden, waarschijnlijk omdat het stel met ruzie uit elkaar ging. Rembrandt was zelfs zo boos op haar dat hij Geertje in het spinhuis (tuchthuis) liet opsluiten. Dat gegeven vond Simone van der Vlugt interessant en is de archieven in gedoken om zo meer te weten te komen over deze vrij onbekende Geertje.


Zoals we inmiddels van haar gewend zijn heeft de schrijfster vervolgens een prachtig historische roman om deze geliefde van Rembrandt geweven. We gaan met haar mee terug in de tijd, naar de hoogtijdagen van Rembrandt. Met Saskia gaat het niet goed en Geertje is aangenomen om voor Titus, de zoon van de schilder, en Saskia te zorgen. Geertje doet haar best maar na 10 maanden overlijdt Saskia. Rembrandt is kapot van verdriet maar de zaken gaan door. Geertje probeert zo goed en zo kwaad als ze kan alles op te vangen en Rembrandt bij te staan in de dingen die zich voordoen.


Rembrandt wordt verliefd op Geertje, of is hij blij dat er een vrouw voor hem zorgt? In elk geval spreekt hij zijn waardering uit en geeft haar uiteindelijk enkele sieraden, waaronder een prachtige ring, die van Saskia waren. Vanwege een clausule in Saskia's erfenis, kan Rembrandt namelijk niet meer trouwen maar Geertje ziet in de gift van Rembrandt een verkapt huwelijk. Voor haar gevoel is ze sinds die gift zijn vrouw.
Ze is gek op 'haar man'. Komt graag in het atelier waar de leerlingen werken. Ze heeft het goed en geniet van de sfeer in huis zo samen met Titus en Rembrandt.
Natuurlijk leeft ze voor de buitenwereld in zonde, maar de rebelse Rembrandt weet haar gerust te stellen. Het is prima zo.


Maar dan verschijnt de knappe, jonge Hendrickje Stoffels op het toneel... en dan verandert alles. Geertje wordt niet meer gewaardeerd, wordt terzijde geschoven en dat pikt ze niet. Zij gaat tegen de rijke, barse schilder in! Dat is zeer ongewoon en dat zal ze weten! Ze heeft haar tijd niet mee. Het wordt een pittige strijd...

Het wordt een heerlijk meeslepend verhaal, Geertje Dircx is een pittige dame die zich niet zomaar alles laat zeggen en Rembrandt is een koppige, wispelturige man. Het knalt er flink op los. Simone van der Vlugt heeft zich weer fantastisch ingeleefd in de tijd en heeft de onbekende Geertje met dit boek een blijvende stem gegeven. Achterin het boek zijn ook de papieren rond de rechtszaken opgenomen wat het boek helemaal iets extra's geeft.
Fijn boek!


ISBN 9789026346194| Hardcover | 320 pagina's | Uitgeverij Ambo Anthos | augustus 2019

© Dettie, 3 augustus 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Lied voor de vermisten
Pierre Jarawan


‘De oorlog’. Als wij westerlingen dat zeggen bedoelen we de Tweede Wereldoorlog. In de landen van het Midden-Oosten is de betekenis heel anders. In Libanon is het de Burgeroorlog die van 1975 tot 1990 het land ontwrichtte en 250.000 mensenlevens eiste. Ook vluchtten bijna aan miljoen Libanezen het land uit.


Na de onafhankelijkheidsverklaring in 1954 (tevoren stond het land onder mandaat van Frankrijk) leefden diverse geloofsgroepen min of meer vreedzaam naast elkaar, tot - onder andere door de vestiging van de staat Israël - Palestijnen in grote getale naar Libanon kwamen, waardoor moslims de grootste geloofsgroep werden. De PLO gebruikte Zuid-Libanon als uitvalbasis voor aanvallen op Israël. Zij hadden aanhangers, maar ook tegenstanders in Libanon, hetgeen na een aanslag leidde tot de Burgeroorlog. Denkend te kunnen profiteren van de chaos trokken Syrische troepen het land in, waarbij Beiroet verwoest werd.


Libanon viel feitelijk uiteen: de Syriërs controleerden het grootste deel van Oost-Libanon; de moslims beheersten Tripoli en Zuid-Libanon; Beiroet werd in een christelijk Oost-Beiroet en een islamitisch West-Beiroet verdeeld, de Groene Lijn. De moslims waren onderling ook weer verdeeld in gematigde en extremistische groepen. Een van de fanatiekste groepen was de Hezbollah. Eind december 1990 werd de nationale verzoening afgekondigd en in 1991 werd de amnestiewet aangenomen; dit hield in dat ieder die politieke misdaden begaan had tijdens de burgeroorlog niet strafrechtelijk vervolgd zou worden.


Tegen deze chaotische achtergrond spelen de verhalen die Amin ons gaat vertellen. In het heden van het boek is hij een dertiger, die terugkijkt op zijn leven. Opnieuw zijn er onlusten in Libanon, het land wordt overspoeld met Syrische vluchtelingen. Zoals dat gaat vallen door kleinere voorvallen grotere verbanden ineens op zijn plek. Heen en weer gaan zijn herinneringen, op zoek naar die verbanden. Op zoek naar wat er nu precies gebeurd is. Op zoek naar de waarheid.
Maar hij begint zijn verhalen met: ‘Yeki boed. Yeki naboed’. En dat betekent: ‘Het was zo. En het was niet zo.’
De waarheid valt niet meer te achterhalen. Is dat in een normale wereld al moeilijk, in de wirwar van oorlogshandelingen is dat schier onmogelijk. Het is een tijd waarin je niet weet wie wie is – als de ander het zelf al weet! Een wereld waarin je niet weet wat de betekenis is van bepaalde gebeurtenissen. En op welk moment begin je te vertellen?


Amin is als de onlusten gaande zijn met zijn grootmoeder in Duitsland. (Daar zit ook een geschiedenis aan vast die hij als kind niet kent of begrijpt). Als hij met zijn teta terugkeert naar Beiroet is hij twaalf jaar. Zijn klasgenoot Jafar wordt zijn grootste vriend. Maar Jafar heeft de burgeroorlog wel meegemaakt, en is er door gevormd. Het zal een rol spelen in hun vriendschap, die Amin pas laat onderkent.


De titel heeft te maken met een schilderij dat Amins moeder maakte en dat de titel draagt: Lied voor hen die worden gemist. Zij was toen ze het maakte in Parijs. Tegen de wens van de familie in, net als het geval was bij haar moeder wilde zij kunstenaar worden, hetgeen zelfs leidde tot de scheiding van haar ouders. Zij schilderde het huis in de bergen, waar Amin zijn intrek neemt terwijl hij zijn leven op orde probeert te krijgen.
De titel van het boek is evenwel Lied voor de vermisten, en dat slaat op de talloze mensen die verdwenen zijn ten tijde van de Burgeroorlog: 17.444 mensen, over wie hun familie slechts mondjesmaat duidelijkheid verkreeg, jaren nadien.


Proberen alles op een rijtje te krijgen is voor Amin die er midden in zit al een vrijwel onmogelijke zaak, voor de lezer is dat nog moeilijker. Wij Nederlanders kennen niet de geschiedenis van Libanon en omdat het voor Amin ook niet allemaal duidelijk is – bestaat er iemand die het allemaal wèl begrijpt? – en hij steeds benadrukt ‘Yeki boek. Yeki naboed’ kunnen we het maar beter niet proberen. Laat de verhalen over je heen komen. Het Lied is opgedeeld in hoofdstukken die strofen heten, er is geen chronologie. Ze zijn geschreven in een mooie soms bijna poëtische taal, waarbij je de verwoeste stad en het huis in de bergen als het ware voor je ziet. De gruwel van de oorlog is aanwezig, maar wordt beschreven door de ogen van een kind dat ermee opgroeit en bijna niet beter weet.
Dat is de sfeer die in de verhalen hangt: die van een grote onzekerheid, waarmee opgroeien sowieso - maar in oorlogstijd nog meer - gepaard gaat.


Prachtig boek, het herlezen waard.


Pierre Jarawan (1985) emigreerde op driejarige leeftijd met zijn Libanese vader en Duitse moeder naar Duitsland. Hij studeerde er Duits, Engels en film-, theater- en televisiekritiek. Hij is hét Duitse poetryslam-talent en won in de wereld van de poetryslam al vele prijzen.


ISBN 9789402704822 | paperback | 448 pagina's | Uitgeverij Harper Collins | juni 2020
Vertaald uit het Duits door Lilian Caris

© Marjo, 22 juli 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het geheim van Belmonte
Antonia Riepp


'Wat je van het leven verwachtte en wat je kreeg komt zelden overeen'


In de proloog leren we Teresa Farina en Marta Ferri kennen. Jonge meiden die hun vrienden steunen in de strijd tegen de Duitsers. Het is 1944, de jongens verschuilen zich in de bergen. Hun vriendinnen brengen eten en andere benodigdheden.
Dit keer treffen ze op hun weg terug naar het dorp Belmonte een paar Duitse soldaten. Deze ontmoeting bepaalt Teresa's verdere leven. Haar droom te gaan studeren gaat in rook op. In plaats daarvan trouwt ze niet veel later met Ettore Moretti.


Jaren later, het is de moderne tijd, treffen we in Allgäu, Duitsland de dertigjarige Simona, een werkloze landschapsarchitect. Ze vindt dat haar vriend Sebastian haar te veel onder druk zet, ze weet nog niet of ze met hem verder wil. Ze besluit naar de Marken te gaan, in Italië, voor een afkoelingsperiode.
In Belmonte, dat zich in de Marken bevindt, woont haar oma Franca al weer jaren. Na de mysterieuze verdwijning van haar moeder werd Franca opgevangen door de familie Ferri. Later vertrok ze met haar man Tobias naar Duitsland om daar een beter bestaan op te bouwen. Daar werd Marina geboren die op jonge leeftijd ongehuwd zwanger raakte: Simona werd geboren en door haar oma opgevoed.


Helaas wacht Simona een akelig bericht als ze in Belmonte aankomt: haar oma is zojuist overleden. Het testament wijst haar als erfgename aan van de hoeve. Marina erft het huis in Kempten. Marina kan niet zo goed met haar dochter overweg. Met haar moeder ook al niet trouwens.
Daar gaat een ingewikkelde familiegeschiedenis aan vooraf.


Het speelt grotendeels in Italië, in Belmonte, een klein middeleeuws dorp op een heuvel. In de Farinahoeve waar Simona het best naar haar zin heeft, vindt ze een cassettebandje. En iemand duwt in de dagen die volgen steeds een volgend bandje in de brievenbus. Wie doet dat?
Als Marina ineens opduikt houdt Simona de bandjes aanvankelijk verborgen. Eerst wil ze alles weten, want ze ontdekt al snel dat haar familie het een en ander verborgen houdt.
Er is natuurlijk ook een knappe man in de buurt, een Amerikaan, die met zichzelf in de knoop zit. Maar Simona weet ook nog niet wat ze met haar leven moet.
Er liggen moeilijke keuzes voor haar: naar Duitsland terug of in Italië blijven? Met Sebastian verder of energie steken in een nieuwe relatie?


'Vooral het vooruitzicht om misschien al binnen afzienbare tijd op een punt te belanden waarop ze zich zou realiseren dat er voortaan niet veel meer zou gebeuren in haar leven. Dat het al afgelopen zou zijn terwijl zij nog geloofde dat het pas net begon.'


Een intrigerende familiegeschiedenis ontvouwt zich heen en weer springend in de tijd met in de hoofdrol drie vrouwen, die niet van plan zijn zich te laten ringeloren door de man, zoals dat in de Italiaanse cultuur gebruikelijk is. Allemaal hebben ze te maken met die ene man die ze willen hebben, terwijl het lot er steeds een stokje voor weet te steken. Dat begint al met Franca, door haar moeder niet voor niets zo genoemd (de naam staat voor vrijheid).
Een romantische familiesaga, door Antonia Riepp krachtdadig verteld. Zonder onnodige uitweidingen, terwijl ze de sfeer van een broeierig Italië en een net zo broeierige familie toch prima weet op te roepen, houdt ze de lezer geboeid.


Antonia Riepp is het pseudoniem van een Duitse bestsellerauteur die al meer dan twintig jaar suspense-romans publiceert. Ze heeft meerdere onderscheidingen ontvangen, haar boeken zijn in verschillende talen vertaald en twee van haar bestsellers zijn verfilmd. Het Geheim van Belmonte is haar eerste historische roman, een familiesaga. De auteur woont momenteel in Allgäu.


ISBN 9789044355253  | paperback | 448 pagina's | Uitgeverij Overamstel | mei 2020
Vertaald uit het Duits door Sylvia Wevers

© Marjo, 20 juli 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 
Het marktplaatsmeisje
Carlijn Vis


Anna heeft haar zaken redelijk voor elkaar. Ze heeft een leuk flatje, vaste sportschooldagen en een baan waarin ze naar hartenlust structuur in de bedrijfsvoering aanbrengt. Het afwasschema is iets waar ze misschien het meest trots op is. Ze wil wel een partner, maar geen man die de boel overhoop gooit. Kortom, een verkeerd T-shirt, het verkeerde merk afwasmiddel of pindakaas, of andere verkeerde dingen in het winkelwagentje en Anna weet dat het niet iets voor haar is. Ze wil niet iemand waar ze aan moet sleutelen, of die ze dingen moet leren, maar iemand die gewoon de juiste is.

Ze werkt bij een bedrijf, dat ze langzaam heeft zien groeien. Haar baas is Simon en Anna vormt samen met 2 stagiaires de afdeling Officemanagement. In het nieuwe jaar zal er een nieuwe collega bijkomen, die de functie Operationsmanager krijgt. Men gaat in het nieuwe jaar ook verhuizen naar een nieuw kantoor en Anna krijgt de opdracht om het een en ander te regelen. Ze maakt een heel schema en stelt voor om het oude kantoormeubilair op Marktplaats te verkopen. Dat vindt Simon een goed idee.

Anna beschouwt Marktplaats ook als een manier om een partner te vinden. Op die manier kan ze namelijk bij mensen binnenkijken en zien of het iemand is met wie het zou kunnen klikken. Bij de verkoop van het kantoormeubilair gebeuren wel wat dingen die wat ongeloofwaardig zijn, want waarom zou iemand die zo geordend is zich ineens als een soort verleidster ontpoppen als er een man komt die een deel van het kantoormeubilair komt halen. De vrijpartij die volgt, is toch ook niet echt geloofwaardig. De komst van de nieuwe collega Heleen valt ook niet helemaal goed bij Anna. Heleen vindt dat ze de dingen een beetje verwaarloost en haar werk minder serieus lijkt te nemen.

Anna is opgegroeid in een internaat, omdat haar moeder vroeg is overleden en haar vader niet in staat is om voor haar te zorgen. Hij heeft psychische problemen, waardoor hij regelmatig in de problemen raakt en hij komt in een soort beschermd wonen project terecht. Anna zoekt hem daar regelmatig op. De vader vertelt over de reizen die hij gemaakt heeft en dat hij goed de weg in Colombia weet. Hij heeft daar vrienden wonen, maar als Anna daar vragen over stelt doet de vader onverschillig. Ze wil met hem naar Colombia en leest alles wat er over het land te vinden is. Als ze op een gegeven moment weer bij haar vader op bezoek wilt, blijkt de vader ineens verdwenen te zijn.

Het boek ontwikkelt zich een beetje vreemd. Wat begon als een verhaal over iemand op kantoor, die op zoek is naar een relatie, wordt later steeds donkerder en deels misschien minder geloofwaardig. Het einde lijkt er helemaal een beetje aangeplakt te zijn. Waarom gaat Anna eigenlijk ineens naar Colombia? Verwacht ze daar haar vader te vinden?

Wat ik eerst een leuk boek vond, waarbij ik misschien nog geneigd was over de ongeloofwaardige zaken heen te springen, eindigt toch wel een beetje onbevredigend.

ISBN 978 90 254 4417 4 | Paperback | 222 pagina’s | Atlas Contact | oktober 2014

© Renate 11 juli 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
 

De Goldbaum dynastie
Natasha Solomons


Deze roman is gebaseerd op de familie Rothschild. Zij vormen een internationale dynastie van Duits-Joodse oorsprong. De familie is vooral bekend door haar werk op financieel gebied, zoals bankieren. In Oostenrijk, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk hebben veel leden van de familie adellijke titels.


Het verhaal over de steenrijke en machtige familie Goldbaum begint in april 1911 en eindigt december 1917.
Greta Goldbaum, loot van de Weense tak van de familie, gehoorzaamt de ongeschreven wet binnen de familie, die wenst dat het Goldbaumbloed niet vervuild raakt door vreemd bloed. Ze trouwt met de haar vrij onbekende Engelse achterneef Albert.


‘Greta wilde geen goede echtgenote zijn. Ze wilde niet elk kwartaal de loonlijst van de bedienden controleren of zorgen dat er in juni genoeg lavendel werd geoogst om een jaar lang het wasgoed te kunnen parfumeren. Ze was twintig jaar lang een plichtsgetrouwe dochter geweest en het vooruitzicht een leven lang de rol te spelen van de volgzame echtgenote, gulle beschermvrouwe en toegewijde gastvrouw te moeten spelen, was te vreselijk.'


Door Albert te waarschuwen dat ze geen vertrouwen heeft in een liefdeloos huwelijk, hoopt ze er onderuit te komen. Helaas, Albert denkt dat ze koudwatervrees heeft  ‘zoals alle bruiden’, en dat het wel goed zal komen.
Ze gaat naar Londen via Parijs waar ze een tijd doorbrengt met neef Henri. Met hem kan ze goed overweg, ze wenste dat ze met hem mocht trouwen, maar Henri maakt al snel duidelijk dat zijn hart al bezet is. Niet door een Goldbaum evenwel, hij zal nooit kunnen trouwen met zijn Claire.
Albert krijgt dus te stellen met een eigengereide jongedame, maar hij heeft geduld met haar. Te veel misschien.


Het verhaal over Greta en Albert is nogal voorspelbaar, maar de achtergrond maakt het interessant. We lezen hoe de wereld van zo’n rijke familie in elkaar steekt - het zijn ook maar mensen! - waarbij de periode waarin het verhaal zich afspeelt een belangrijke rol speelt. Het zijn onzekere tijden, politiek gezien, in West-Europa en het gevoel van antisemitisme dat al eeuwen het joodse volk kwelt, bloeit weer op nu vooral het volk op moet draaien voor de hoge kosten die het versterken van de krijgsmacht met zich mee brengt. De Goldbaums zijn Joods, hun rijkdom is een doorn in het oog van het veel armere volk. Wenen lijdt onder de onlusten.


Greta is in Londen gevrijwaard van deze onrust, zij brengt haar tijd vooral door in haar tuin. Tegen de tijdgeest in neemt zij vrouwen in dienst als tuinmannen.
Dan breekt de oorlog uit, hetgeen de nodige gevolgen heeft voor de Goldbaums. Niet alleen wat hun rijkdom betreft, het grijpt ook in in de persoonlijke levens.
Dat Greta neergezet wordt als een sterke vrouw is ook een aspect van die tijd, ze gaat om met activistische vrouwen. Ze zit evenmin stil als ze de nood van de medemens ziet.


Dan is er ook nog een kleine verhaallijn over een jongen die opgroeit in de riolen van Wenen. Zijn rol wordt pas laat duidelijk en blijft onbevredigend klein.
Wat helaas ontbreekt is een – fictieve - stamboom van de Goldbaums, het was af en toe best handig geweest als je die had kunnen raadplegen. Maar de rest van het verhaal is overtuigend genoeg neergezet en boeit van begin tot eind vanwege de geschiedenis die op de achtergrond speelt en die zijn haken slaat in het leven van de familie.
Na het lezen van dit verhaal wil je eigenlijk meer weten over de familie waarop het boek gebaseerd is. Maar die leiden een teruggetrokken bestaan, hoe machtig ze ook zijn.


Natasha Solomons schrijft romans en scenario’s. Ze heeft inmiddels vijf romans op haar naam staan en haar werk is in zeventien talen vertaald. Ze woont en werkt in Dorset.


ISBN 9789026351181  | Paperback | 512 pagina’s | Uitgeverij Ambo|Anthos | mei 2020
Vertaald uit het Engels door Marion Drolsbach

© Marjo, 8 augustus 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Buiten de orde
Tomas Espedal


"Op het moment dat hij haar zag, vergat hij zijn eigen leeftijd.
Er bestond geen leeftijd bij deze ontmoeting.
De leeftijd kwam later, toen ze zich terugtrokken en verscholen in de kamer met de boeken en de spiegel."


Op een oudejaarsavondfeest ontmoet de weduwnaar de jonge vrouw. Hij is achtenveertig, zij is vierentwintig. De ontmoeting slaat in als een bom, ze hebben gelijk een stevige vrijpartij in de bibliotheek. De vrouw gaat met hem mee en vanaf die tijd zijn ze onafscheidelijk. De omgeving keurt hun verhouding af en zij trekken zich terug in het huis van de man. Hij is onvoorstelbaar gelukkig, niets aan haar is verkeerd.


"Jaar op jaar, drie, vier jaar, vijf, zes,  het geluk hield niet op, het groeide, jaar op jaar; ik had nooit gedacht dat dat mogelijk was.


Ik had gedacht dat het geluk minder zou worden, dat het zou verdwijnen, dat het in vanzelfsprekendheid en verveling zou overgaan, in geruzie en irritatie, dat het zou worden aangevreten door alledaagsheid en onbenulligheden, maar het tegenovergestelde gebeurde; het geluk nam alles in zich op wat het tegenkwam en groeide als een grote kat, het groeide en groeide: waar moest dat heen?


Ik zou bijna willen dat ik was opgehouden van haar te houden."


Hij schrijft zijn boeken, zij leest veel. Ze lezen vaak samen, elk hetzelfde boek, de harmonie is ongekend. Alles is perfect.
Maar na zes jaar verdwijnt het geluk. De jonge vrouw houdt van hem, zal altijd van hem blijven houden, maar wil meemaken wat hij heeft meegemaakt. Ze vertrekt.
De man heeft ineens weer een leeftijd, beseft dat hij zijn geluk gewoon begon te vinden toen ze er nog was.


"Pas toen ze weg was en de bank daar groot en leeg in de hoek van de kamer stond, begreep ik hoe gelukkig ik was geweest."


Het lijkt mogelijk een lofzang en klaagzang tegelijk, maar het is veel meer dan dat. Nadat de vrouw vertrokken is, komen alle belangrijke momenten in zijn leven naar boven. De ontmoeting met zijn eerste vrouw, het leven samen met haar, wat bijzonder was en veel bergen en dalen kende, de geboorte van zijn dochter én de tijd met zijn grote liefde. Dit alles in een taal waarin je de vreugde en het leed bijna letterlijk voelt. Een boek om stil van te worden.


ISBN 9789028427556 | paperback met flappen | 160 pagina's | Wereldbibliotheek | september 2018
Prachtig vertaald uit het Noors door Marianne Molenaar

© Dettie, 5 augustus 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De verdwenen brieven van Esther Durrant
Kayte Nunn


November 1951. Esther Durrant en haar man vertrekken op vakantie, naar Little Embers, een van de Scilly-eilanden. Het is dat Esther niet goed in haar vel zit - ze is zwaar depressief - anders had ze zich veel drukker gemaakt om deze vreemde bestemming, in deze tijd van het jaar. We ontdekken dat ze een zoontje hebben, maar dat hij al geruime tijd verzorgd wordt door het kindermeisje, niet door Esther.Ze  kan het niet aan, ze is moe. Zoals we te weten zullen komen heeft haar depressie een reden. Haar man zegt dan ook dat ze rust nodig heeft, maar hij blijkt dat anders te bedoelen dan zij denkt.


Het huis waar ze de komende tijd zal doorbrengen wordt bewoond door een aantal mannen, die daar ook niet voor niets zijn. Het zijn getraumatiseerde militairen, die allemaal behandeld worden door dokter Richard Creswell.
Aanvankelijk is Esther boos als ze ontdekt dat haar man er niet meer is, maar ze kan niet weg. En het went. De gesprekken met de dokter zijn onderhoudend, en afgezien van het feit dat ze haar zoontje mist, vindt ze het eigenlijk wel prettig op het eiland. Er bloeit zelfs een romance op.


Voorjaar 2018. Rachel Parker wordt aangenomen om op de Scilly- eilanden een onderzoek te starten naar de populatie kokkelschelpen - de Venus verrucosa - om veranderingen vast te kunnen stellen in het aantal, hetgeen een indicatie is voor klimaatverandering. Rachel is een eenling, en al is ze gewend aan tropische oorden, ook hier vindt ze snel haar draai. Tot ze schipbreuk lijdt met haar bootje en aanspoelt bij een klein eiland, Little Embers. De enige bewoner van dat eiland redt haar. Het is de excentrieke schilderes Leah.
Bij toeval vindt Rachel een aantal oude brieven uit 1952, en ze raakt geïntrigeerd: ze zijn nooit verzonden terwijl het adres er op staat en er ook een postzegel op zit. Ze kan het niet laten, ze leest ze en ontdekt dat het liefdesbrieven zijn. En daar wil ze meer van weten. Wie is Esther Durrant? Leeft ze nog en waar is ze dan?


Kayte Nunn weeft twee verhalen in elkaar, twee liefdesgeschiedenissen, over twee sterke vrouwen, die zich niet zomaar door een man laten inpakken, al willen die dat nog zo graag.


Geheimen uit het verleden die hun tentakels uitstrekken naar het heden, dat levert meestal een lekker feelgood verhaal op. Dat doet De verdwenen brieven van Esther Durrant ook. Nunn geeft een goede beschrijving van de Scilly-eilanden, een mooi natuurgebied voor iemand die niet specifiek voor de zon kiest. Door de wederwaardigheden van Esther en Rachel af te wisselen wordt een prettige spanningsboog gehanteerd. De overige patiënten vormen interessante personages, mannen die buiten de maatschappij vallen, en die door de controversiële behandeling van de dokter rust lijken te vinden.


Extraatje: Kayte Nunn heeft De verdwenen brieven van Esther Durrant geschreven min of meer gebaseerd op de verhalen over haar overgrootmoeder die in het verleden opgenomen geweest was in een inrichting, begin twintigste eeuw, na een postnatale depressie. Het personage van Esther, een sterke vrouw, heeft ze gebaseerd op de levens van drie moedige Engelse vrouwen.


De journalist en redacteur is geboren in Singapore, groeide op in Engeland en de Verenigde Staten, maar woont al weer meer dan 20 jaar in Australië. Van jongs af aan is schrijven haar lust en haar leven. Van haar vijf boeken is dit het eerste dan vertaald werd naar het Nederlands.


ISBN 9789044357370 | paperback | 368 pagina's | Uitgeverij House of the Books | mei 2020
Vertaald uit het Engels door  Marga Blankestijn

© Marjo, 28 juli 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Strovuur
Gerwin van der Werf


'Laten we naar Parijs gaan.' De gedachte kwam op als water maar het plan werd gelijk uitgevoerd. Elvin (20) en zijn nicht Fay (17) stoppen wat kleren in een tas en de alt-viool van Fay moet ook mee. Fay legt daarna een briefje voor haar moeder neer en ze gaan. De twee spreken af dat er geen telefoon mee gaat wat even moeilijk is, want geen contact kunnen hebben is bijna ondenkbaar, maar toch laten ze beiden het ding thuis. Ze gaan genieten, zonder afleiding van apps en dergelijke. Hun vervoermiddel is de trots van Elvin, een oude Mitsubishi Saporro.


Elvin weet totaal de weg niet maar ook dat is onderdeel van het avontuur. Hij is een jongen die het leven neemt zoals het komt. Hij is laconiek en recht voor zijn raap maar Elvin heeft ook een kort lontje, iets waar de lezer in de loop van het verhaal kennis mee maakt. Fay is anders, zij wil studeren, is behoorlijk intelligent én ziet het leven minder simpel als Elvin. Ze neigt naar melancholie en vraagt zich soms af wat het leven waard is. Fay 'was erg druk was met onzichtbaar zijn en overleven.' Fay waardeert de nonchalante manier van doen van Elvin erg en trekt zich er aan op. Zij is degene die het verhaal vertelt.


Fay en Elvin rijden gewoon naar wat voor hun gevoel richtig Parijs is, maar belanden al snel op allerlei landweggetjes die nergens op uit lijken te komen. Bij een klein benzinestation - Elvin gebruikt speciale benzine - worden ze erin geluisd en maken we voor de eerste keer kennis met de laconieke maar doeltreffende manier van doen van Elvin. En ook op hun verdere reis beleven ze bijzondere, soms excentrieke momenten die om een reactie vragen.


Ondertussen lezen we stapsgewijs wat de oorzaak is van de redelijke zwaarmoedigheid van Fay en haar ogenschijnlijk ongeïnteresseerde houding naar het leven.Gerwin van der Werf heeft dat knap en subtiel door het verhaal heen geweven. De onverschillige houding van Fay is een masker om haar innerlijke gevoelens niet te laten zien, die houding levert overigens wel enkele hilarische momenten op evenals ontroerende passages als ze dat masker even laat vallen.


En dan... steelt Fay een zestiende-eeuws koorboek uit een klooster en gek genoeg schenkt dat boek, die muziek, haar een groot gevoel van troost. Toch zet dit koorboek ook het luik naar de gevoelens van Fay open wat uiteindelijk tot een heftige en ontroerende climax leidt. Gelukkig is Elvin in de buurt...


Deze roadnovel straalt de jeugdigheid uit van de twee jonge mensen die nog niet zo snel ergens moeilijkheden in zien, maar is toch ook serieus genoeg om na het lezen een tijdje over na te denken. Gerwin van der Werf speelt in dit boek met tijd en ruimte. Het hele verhaal beslaat zes dagen en is soms bijna surrealistisch dankzij de vreemde plaatsen zoals bizarre dorpje Kruishoutem en de mensen die ze onderweg ontmoeten. Maar het verhaal is soms ook heel realistisch en aards.
Verder vraag je je aan het eind van het boek af of de reis überhaupt wel heeft plaatsgevonden...


Al deze ingrediënten maken het boek uiteindelijk tot een heerlijk en bovendien knap geconstrueerd verhaal dat je met veel plezier leest.


ISBN 9789025458843 | paperback met flappen | 246 pagina's | Uitgeverij Atlas Contact | februari 2020

© Dettie, 22 juli 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Een schildpad huilt maar één traan
Carol Campbell


"Juf Esmee en meneer Maans van het schooltje in Seekoegat zouden wel weten wat er moest gebeuren. Haar handen en armen waren kleverig van het bloed. Ze wreef langs haar broek, maar zonder resultaat. Door het droge bloed op haar T-shirt en gezicht zag ze eruit als het slachtoffer van een overval en als ze zichzelf zou hebben kunnen zien, had ze het vast uitgegild van schrik. Ze kon maar beter blijven rennen. Dan zou alles weer in orde komen."


Dit bovenstaande lijkt op het begin van een thriller maar dat is niet zo. Je zou bijna 'helaas' zeggen als je het hele verhaal kent. Degene die in dit bovenstaande fragment namelijk aan het vluchten is, is Siena, een jonge vrouw die een man heeft vermoord, ze moest wel, het was geen leven meer met hem. Ze probeert het schooltje van haar jeugd in Seekoegat te bereiken. Daar wonen de enige mensen die altijd voor haar klaarstonden en een méns van haar gemaakt hebben.


Wisselend van het heden naar het verleden komen we het verhaal van Siena en haar vrienden Boetie en Krekel te weten.
Siena is een dochter van het karretjesvolk, dat zijn mensen die door de binnenlanden van de Karoo  rondtrekken op zoek naar werk. Op gegeven moment hebben de ouders van Siena, destijds 8 jaar, voor langere tijd werk gevonden bij 'de boerin'. Een vrouw die het goed voor heeft met mensen. Ze draagt er zorg voor dat kinderen naar school gaan.


Siena trekt veel op met Boetie, die na een erg heftige gebeurtenis bij hen is komen wonen, in die zin dat hij overdag aanwezig is maar 's nachts zijn eigen plek zoekt. Boetie is gehard door zijn ervaringen en gaat zijn eigen gang. Hij is ook degene die de oude schildpad doodt waardoor alles in één klap anders wordt.
Volgens de overlevering is de schildpad is namelijk een van de oude wijze mannen van de Karoo die alles heeft gezien, vanaf het begin van de wereld. Een schildpad is de ziel van de wereld. Een schildpad huilt maar één traan en dat is wanneer hij doodgaat. Niemand wil verantwoordelijk zijn voor die ene traan. Als je die traan ziet, verandert alles. De boerin is bijna hysterisch als ze ontdekt wat Siena en Boetie gedaan hebben en Siena wordt onmiddellijk weggestuurd, naar school.  Boetie moet ook naar school maar verdwijnt, hij wil niet.


Achteraf is de school het beste wat Siena kon overkomen. Op school is er eten, maar bovenal is daar juf Esmee, die alle kinderen een gevoel van welkom geeft. Elk kind is in feite beschadigd, hun jeugd was vaak ellendig, ook dat van Krekel met zijn kromme handen, die een tijd later op school arriveert. Siena droomt ervan om onderwijzeres te worden, zij zou kinderen helpen hun naam te leren schrijven.


Drie kinderen van het karretjesvolk, drie kinderen die dezelfde kans krijgen om wat van hun leven te maken, maar alle drie op een hele verschillende manier met die kans omgaan. Uiteindelijk worden zij volwassen en keren gedrieën door omstandigheden terug naar het dorp waar Boetie en Siena hun vriendschap begonnen, een reis die diepe sporen nalaat.


We lezen over het trieste leven van het karretjesvolk én hun kinderen die moeten zien te overleven ondanks dat ze veel aan hun lot overgelaten worden. Drank en hallucinerende middelen zijn favoriet bij de volwassenen. Ouders zijn daarom vaak geen echte ouders maar de kinderen blijven toch kinderen van hun ouders. Ze blijven trouw aan de mensen die hun grootbrachten, wat soms bijna pijn doet om te lezen. 


Door het verspringen van heden naar verleden is het verhaal soms wel lastig te volgen, maar toch houdt het schrijnende verhaal je in zijn greep. Ondanks alles is het evengoed een verhaal van hoop en kracht geworden dat na het lezen een diepe en blijvende indruk achterlaat.
Prachtig boek.


ISBN 9789023959465 | Paperback | 207 pagina's inclusief verklarende woordenlijst | Uitgeverij Mozaiek | februari 2020
vertaald door Rob van der Veer

© Dettie, 20 juli 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER