Nieuwe boekrecensies

altTussenruimte
Truus Rozemond


Egbert is een veertiger, getrouwd met Annelies, met wie hij twee kinderen heeft. Eerder was hij getrouwd met Anja, maar na acht jaar verklaarde hij hun huwelijk zielloos. Zijn moeder Mieke neemt hem de scheiding nog steeds kwalijk, zij kon zo goed overweg met Anja.


Wat Egbert zijn moeder dan weer kwalijk neemt is vooral het gebrek aan aandacht toen het eerste kindje van hem en Annelies levenloos ter wereld kwam. Het was een meisje, en Eva zoals ze haar noemden, speelt nog steeds een rol in hun leven. Door het gebrek aan steun van zijn ouders zijn moeder en zoon uit elkaar gegroeid. Maar Mieke is nu gepensioneerd en heeft last van kwalen, ze wil graag meer contact met haar kleinkinderen. Als zij het weer eens probeert en het gezinnetje uitnodigt voor een vakantie op Lanzarote, haalt Annelies haar man over om op de uitnodiging in te gaan. Egbert doet dat, op zijn eigen voorwaarden.


Wat de lezer al meegekregen heeft is dat Egbert danig met zichzelf in de knoop zit. Hij heeft de dood van zijn eerste dochter nog niet verwerkt; hij is zoals veel mannen niet echt in staat zijn gevoelens te tonen. Hij is gevlucht in zijn werk als economiedocent. Met zijn kinderen gaat hij heel goed om, maar als ze eenmaal op Lanzarote zitten blijkt hij zijn depressieve neigingen niet meer te kunnen onderdrukken. Hij is een iezegrim, moppert overal op en wil eigenlijk helemaal niet met zijn ouders omgaan.


Intussen lezen we hoe Mieke eigenlijk soortgelijke problemen heeft (gehad). Hun karakters verschillen helemaal niet zoveel, ook vraagt Mieke zich af of Egbert wel de zoon van haar man is. Ligt het aan deze twijfel dat ze eigenlijk nooit een goed contact met haar zoon heeft kunnen opbouwen?
Twee moeilijke karakters bij elkaar brengen, vooral Annelies heeft haar handen vol. Egberts vader heeft niet zo veel te vertellen in het verhaal.


Het verleden speelt vanzelf een grote rol: hoe is deze afstand tussen moeder en zoon ontstaan? Bij de teksten van beide personages vinden we flashbacks, die soms verklaren wat de ander ondervonden heeft. Maar dat weet dan alleen de lezer. Het feit dat de roman grotendeels speelt op Lanzarote maakt het geheel meer leesbaar (beschrijvingen van het eiland als trekpleister), want van pittige dialogen met Rozemond het niet hebben. Het zijn vooral psychologische ontledingen.


De roman begint – verrassend – met een man als hoofdpersoon, al duurt het even voor je beseft dat de ik-verteller een man is. Het is een verhaal dat om en om verteld wordt door Egbert en Mieke, zijn moeder. Beiden zijn ik-verteller, en hun verhalen overlappen soms. We volgen als lezer de emotionele ontwikkeling, die gepaard gaat met hetgeen gebeurt in het verhaal, op de voet en in details.


In het nawoord verklaart Truus Rozemond zelf de titel, die ze heeft ontleend aan Martin Buber. Tussenruimte verwijst naar een beleving van ruimte en tijd in een ontmoeting waarin we werkelijk “zijn met de ander”. Ontmoetingen kunnen iets doen ontstaan. Dat Truus Rozemond, auteur van deze roman, psycholoog is, is overduidelijk. De twee karakters Egbert en Mieke worden zodanig ontleed dat je deze personages haast persoonlijk lijkt te kennen.


Rozemond werkte aan de Hogeschool van Amsterdam en aan de Universiteit van Amsterdam. Ze publiceerde regelmatig over haar vakgebied. Tussenruimte is haar eerste publicatie bij uitgeverij Magonia.


ISBN 9789492241191 | Paperback | 240 pagina's | Uitgeverij Magonia| oktober 2016

© Marjo, 21 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Ik ben Eleanor Oliphant (en met mij gaat het goed)
Gail Honeyman


Hoewel de dertigjarige Eleanor Oliphant al negen jaar als financieel medewerker bij hetzelfde bedrijf werkt, heeft ze nauwelijks contact met haar collega’s. Zonder hun stemmen te dempen roddelen ze over haar. Mensen mijden haar. Niet alleen vanwege het enorme litteken op haar gezicht maar ook omdat ze haar raar vinden. Eleanor heeft geaccepteerd dat andere mensen haar “getikt” noemen maar zelf vindt ze dat het goed met haar gaat. Ze heeft een keurige opvoeding genoten en weet hoe het hoort. Dat anderen zich vrijwillig als een stel barbaren gedragen, vindt ze onbegrijpelijk. Eleanor begrijpt de wereld niet en de wereld begrijpt Eleanor niet.


Al jarenlang lijkt elke week van Eleanors leven precies op de week daardoor. Op haar werk komt en gaat ze op een vast tijdstip en in haar lunchpauzes maakt ze kruiswoordpuzzels. De avonden en weekenden brengt ze door in haar ongezellige appartement, waar ze boeken leest of televisiekijkt. Op vrijdagavond koopt ze steevast een pizza, een fles chianti en twee flessen wodka. Daarna drinkt ze, het hele weekend door, tot het maandag is en ze weer naar haar werk kan. Er is geen eenzamer bestaan dan dat van Eleanor maar zelf houdt ze stug vol dat het prima met haar gaat. Ze heeft immers een baan, een dak boven haar hoofd, kleding en voedsel. Wat wil een mens nog meer?


Toch is er een verandering op komst. Eleanor heeft de man van haar leven ontmoet. Dat hij daar zelf nog niet van op de hoogte is, vormt slechts een klein obstakel. Toen Eleanors oog tijdens het optreden van een plaatselijke band op de leadzanger viel, wist ze meteen dat het slechts een kwestie van tijd zou zijn voor ze een paar zouden vormen. Wel moet ze zich goed voorbereiden op hun volgende ontmoeting. Eleanor begint met een bezoekje aan een schoonheidssalon om haar bikinilijn te laten harsen. Helaas laat de communicatie ernstig te wensen over…


Op kantoor gaat ook niet alles naar wens. Haar computer is kapot en Raymond, de nieuwe IT-medewerker, neemt zijn telefoon maar niet op. Eleanor ergert zich groen en geel aan zijn zogenaamd grappige voicemail. Precies op het moment dat ze hem wil gaan zoeken, sloft een slonzig geklede man met een terugwijkende haargrens en een buikje op haar bureau af.  Hij lijkt in niets op haar knappe leadzanger. Terwijl hij Eleanors computer repareert valt hij haar lastig met allerlei kletspraatjes. Gelukkig weet ze hem zo snel mogelijk af te poeieren. Wat haar betreft hoeven ze elkaar nooit meer tegen het lijf te lopen. Het lot beschikt echter anders. Een paar dagen later verlaten ze gelijktijdig het kantoor en loopt Raymond tot Eleanors schrik een eindje met haar op. Alsof dat nog niet erg genoeg is, steekt hij ook nog een sigaret op. Eleanor voelt zich verplicht hem op de gevaren van zijn smerige gewoonte te wijzen.


Terwijl Eleanor haar uiterste best doet van Raymond af te komen, valt even verderop een oude man op de grond. Eleanor denkt dat het om een dronkenlap gaat en wil minachtend haar weg vervolgen maar daar steekt Raymond een stokje voor. Het gaat om iemand die onwel is geworden en zij moeten hem helpen. En zo gebeurt het dat Raymond de onbekende naar het ziekenhuis vergezelt, terwijl Eleanor met de boodschappen van de zieke achterblijft. Er zit niets anders op dan de tassen met levensmiddelen naar het ziekenhuis te brengen. Tot haar verbazing wordt ze uiterst hartelijk ontvangen. Er is een verandering in gang gezet. Een verandering die Eleanor uit haar veilige schulp doet kruipen.


Ik ben Eleanor Oliphant is een ronduit fantastisch boek over een contactgestoorde vrouw die met een reden is wie ze is. Gail Honeyman heeft een debuutroman met een voortreffelijke mix van humor en verdriet geschapen. Waarom denkt Eleanor het zonder liefde en vriendschap te kunnen stellen en hoe is ze aan haar littekens gekomen? Ik moest regelmatig lachen om Eleanors onbeholpen opmerkingen maar toen een doodnormale aanraking haar met geluk vervulde, schoot ik vol.


Ik ben Eleanor Oliphant is een verhaal over intense eenzaamheid. Pas wanneer Eleanor mensen in haar leven durft toe te laten, beseft ze hoe alleen ze het grootste deel van haar leven is geweest. Met mensen omgaan betekent echter ook emoties toelaten en die had Eleanor met een reden zorgvuldig afgeschermd. Ze moet een lange weg bewandelen om de gruwelijkheden uit haar verleden voorgoed achter zich te laten. Gelukkig staat ze er niet langer alleen voor!


ISBN 9789023465379 | paperback | 400 pagina's | Uitgeverij Cargo | juni 2017
Vertaald door Hien Montijn

© Annemarie, 18 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altUne vie
Guy de Maupassant


In 1883 schreef Guy de Maupassant een roman over een jongedame uit de lagere adel, een rijke familie, in het bezit van meerdere hoeves en landhuizen. In de omgeving van Yport, in Normandië woont het gezin: het echtpaar le Perthuis des Vauds met een bijna volwassen dochter, Jeanne.
De vader houdt zich wel bezig met zakelijke activiteiten rondom zijn bezittingen, maar de dames zijn nogal ijdel. Ze wandelen wat, doen wat naaiwerk, maar hun leven is nogal saai (in onze ogen) Jeanne heeft scholing gehad, in een klooster, maar haar toekomst is, denkt ze, helemaal gericht op het vinden van een echtgenoot en een gezin stichten.


Julien de Lamare is degene die haar benadert, en zonder al te veel poespas trouwt de dan nog onschuldige en naïeve jongedame hem. Hun huwelijksreis naar Corsica is een succes. Des te harder is de teleurstelling als Jeanne ontdekt dat huwelijkstrouw niet erg hoog in het vaandel ligt van haar man. Hier blijkt overigens haar naïviteit: ze ontdekt dat ook haar ouders niet zo nauw keken. Maar met haar hele lijf en leden komt ze in opstand: moet zij dit zonder meer accepteren?


Ongeveer in dezelfde tijd dat Rosalie, haar dienstmeid die ze vertrouwde, een kind van Julien krijgt, bevalt ook Jeanne van een zoon, Paul. Haar echtgenoot komt om bij een tragisch ongeval, en ineens zijn alle ogen van het huis alleen nog maar gericht op Paul. Haar moeder is intussen overleden, een vrijgezelle tante is komen inwonen. Al deze aandacht leidt tot een ultieme verwennerij, niet zo vreemd dat Paul volledig ontspoort en le Perthuis des Vauds veel geld kost. Naar de arme Jeanne kijkt hij niet om.

Gelukkig heeft de Maupassant ook wel goede dingen in petto voor Jeanne, maar over het algemeen beschrijft hij een ongelukkig leven.
Guy de Maupassant is vertegenwoordiger van de naturalistische stroming in de literatuur, en binnen die stroming de pessimist. Jeanne is een gevangene van haar tijd en milieu, en haar ontbreekt de kracht om zich er aan te ontworstelen. Ze wordt een sombere, depressieve vrouw, en dat terwijl het allemaal zo leuk begon…


Guy de Maupassant (1850, Dieppe) wordt als een van de grote schrijvers van de 19e eeuw beschouwd. Zijn gehele oeuvre, omvattende zes romans, meer dan driehonderd novellen en korte verhalen, honderden kronieken en enkele toneelstukken en gedichten, is verschenen in een periode van tien jaar.


Zijn werk is inderdaad nogal somber, maar hij schrijft helder en direct, en is ondanks de beschrijvingen van de aard van de mens en de natuur ook in de originele taal goed leesbaar.

ISBN 2070365441| Paperback | 292 pagina's | Gallimard | 1974

© Marjo, 14 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Een hond met negen levens
W. Bruce Cameron


De eerste keer dat hij geboren werd, leefde hij samen met zijn moeder, twee broertjes en zusje in een holte in een boom. Dat hij een zwerfhond was, wist hij niet. Hij wist alleen dat hij zijn buikje vulde met melk als hij dorst had en ging slapen zodra hij door moeheid werd overmand. Toen hij groter werd droegen zijn korte pootjes hem naar buiten, waar hij elke dag op een nieuw wonder stuitte. Het leven was ongedwongen en veilig.


Op een dag wasemde zijn moeder echter pure angst uit. Vreemde grote wezens – later zou hij leren dat het mensen waren – torenden boven hun uit. Ze hadden lange stokken met lussen bij zich. Toch was hij niet bang. Een van hen, een vrouw, sprak hem zo vriendelijk toe dat hij geen behoefte voelde zich te verzetten. Gewillig liet hij zich meevoeren naar een nieuw leven. Hij belandde op een soort erf met een heleboel andere honden. De vriendelijke vrouw noemde hem Toby. Hij vond het prima, kwispelde en likte haar gezicht.


Hij was gelukkig tot een nieuwe hond hem aanviel en zijn pootje kapotbeet. Niet lang daarna kwamen er boze mannen die met papieren zwaaiden. Ze zeiden “Te veel dieren” en “Slechte huisvesting”. Toby voelde dat de vrouw vreselijk verdrietig was. Hij wilde haar troosten maar de mannen namen hem mee naar iets wat ze een “asiel” noemden. Toen ze Toby’s pootje zagen, aaiden ze hem waarna ze hem naar een andere ruimte brachten. De gemene nieuwe hond was er ook. Toby kreeg een prikje en toen werd hij moe. Heel erg moe.


Ineens was alles anders. Hij was weer een puppy en zijn poten waren niet langer kort. Hij was niet in een hol onder een boom en ook niet op een erf. Er waren nog veel meer moeders en puppy’s. Volgens de man die regelmatig bij hem kwam kijken was hij een Golden Retriever. Hij was niet langer Toby maar hij herinnerde zich zijn vorige leven nog goed. Zo wist hij precies hoe hij een poort kon openen. Daar ging hij, de wijde wereld in. Ver kwam hij niet. Een onbekende man pakte hem op, noemde hem maatje en zette hem in een grote vrachtwagen. Een nieuw avontuur was van start gegaan.


Het plezier was maar van korte duur. De man zette de vrachtwagen stil en ging weg. Hij moest in het grote gevaarte blijven en al snel werd het warm. Heel erg warm. Wat voelde hij zich ellendig en ziek! Ineens dook een gezicht op. Het was niet de man die hem had meegenomen maar een vrouw. Ze brak een raam en haalde hem uit de vrachtwagen. Toen ze voorzichtig water over zijn oververhitte lijfje goot was dat misschien wel het beste gevoel dat hij ooit had ervaren. De vrouw nam hem mee naar een huis en toen was daar ineens de jongen. O, wat was het heerlijk hem te zien. Ze hoorden bij elkaar, dat voelde hij meteen. De jongen, die Ethan heette, doopte hem Bailey. Vanaf nu moest hij een brave hond zijn. Hij wilde niets liever. Voor de jongen had hij alles over.


In Een hond met negen levens wordt Bailey drie keer opnieuw geboren. Lange tijd begrijpt hij niet waarom maar later wordt dat duidelijk. De oorspronkelijke titel A Dog’s purpose past dan ook beter bij het verhaal. Het is vreemd om een boek te lezen dat vanuit een hond is geschreven. Hoe een hond denkt weten we immers niet precies. We kunnen er enkel naar gissen. Sommige dingen vond ik niet erg aannemelijk maar is er één ding dat de schrijver heel goed heeft begrepen: een hond is in staat een mens overweldigend lief te hebben. Wat Bailey voor de jongen voelt is prachtig omschreven en uiterst herkenbaar voor iedereen die ook zo’n bijzondere hond heeft gehad.


Naar mijn mening weet en beseft Bailey dingen op een manier die niet passen bij de vermogens van een hond. Hierdoor klopt het boek voor mijn gevoel niet helemaal. De liefde die door het verhaal verweven is maakt het verhaal echter toch de moeite waard. Het is een liefde die de dood overstijgt. Soms doet een hond iets onverklaarbaars. De verklaring die schrijver W. Bruce Cameron daarvoor heeft, is ronduit ontroerend. Ik beken dat ik toch een piepklein traantje heb weggepinkt.


ISBN 9789402753028 | Ebook|  229 pagina's | HarperCollins | juni 2017
Vertaald door Jet Matla

© Annemarie, 3 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altMoed!
Chris Cleave


De Tweede Wereldoorlog bleek een kans voor veel vrouwen om eindelijk uit hun korset - soms letterlijk - los te komen. Ze konden hun steentje bijdragen aan de oorlog, zeker nu er zoveel mannen ten strijde waren getrokken.


Dit verhaal vertelt over een van hen, de achttienjarige Mary North. Zij meldt zich onmiddellijk als Engeland Duitsland de oorlog verklaart als vrijwilliger bij het ministerie van Oorlog. Het valt haar tegen dat ze ingezet wordt als lerares, maar ze probeert er het beste van te maken. Ook als ze de opdracht krijgt om al haar leerlingen vanuit Londen te evacueren naar het platteland en ze eigenlijk zonder werk zit. Maar er blijken altijd kinderen achter te blijven …


De man die haar via het Ministerie aanstuurt is Tom Shaw, met wie Mary een relatie krijgt. Tom doet zijn best om uit de oorlog te blijven al voelt hij zich toch wel een beetje schuldig als zijn beste vriend Alistair zich aanmeldt en naar het vasteland gestuurd wordt.
Als Mary Alistair ontmoet, beseft ze dat ze de verkeerde gekozen heeft. Maar een verloving verbreken dat deed je niet in die tijd. Niet zomaar.

Tegen de achtergrond van de oorlog groeien deze drie jonge mensen op. Vriendschap, jaloezie, passie en verraad vormen de ingrediënten van een spannende, maar vooral menselijke roman.

Het draait om de blokkade van Malta en de dodelijke bombardementen op Londen, twee gebeurtenissen die een enorme impact hadden op vele levens. Grootste feiten verteld door drie personages ten tonele te brengen, wiens ‘kleine’ verhaal gedeeltelijk gebaseerd is op het verleden van de schrijver.


Chris Cleave
(1973) werd in 2008 bekend door zijn roman Kleine Bij, het betoverende verhaal over een zestienjarige asielzoekster uit Nigeria, een moeder uit Engeland en het geheim dat hen bindt. Beide grootvaders van Cleave vochten in de Tweede Wereldoorlog. Hun levensverhalen, en die van zijn grootmoeders, inspireerden Chris Cleave tot het schrijven van zijn nieuwe roman. Behalve de oorlog en de sterk aan verandering onderhevige sociale omstandigheden van die tijd, brengt Cleave ook kleinere thema’s ten berde. De reacties van de Britten op de eerste donkere Amerikanen en een kind met dyslexie voor het zo genoemd werd.


Het is vooral vanwege de historische achtergrond een indrukwekkend boek, maart laten we de mooie woordkeuze van Cleave niet vergeten. Zijn mooie zinnen maken het lezen zeer plezierig.


‘De wind die haar ranselde, had al door half Londen geblazen en was aangevuld met de tinnen, vermolmende geur van alle ontbrekende dingen.’
‘Bedden waarin (...) -deze koperen theaters met onwillekeurige dialoog- lagen nu stil en verbogen te schommelen op gespleten vloeren en weenden dons de straat op.’
‘Londen was een stilgevallen grammofoon zonder hand om op te winden.’


ISBN 9789044630848 | paperback |384 pagina's | Uitgeverij Prometheus| juni 2016
Vertaald uit het Engels door Mario Molegraaf

© Marjo, 30 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"

Bevroren dromen
Anthony Doerr


David Winkler was nog maar negen jaar oud toen hij voor het eerste droomde dat iemand stierf. Het was een gruwelijke droom en Winkler weet nog goed dat hij schreeuwend wakker werd. Voelde hij toen al aan dat het meer dan alleen een droom was? Slechts twee dagen later werd zijn droom werkelijkheid. De onbekende over wie hij gedroomd had werd voor zijn ogen door een bus geschept.  Alles ging precies zoals hij had gedroomd. Zelfs het kleinste detail klopte.


In de vijftig jaar die volgden werden de dromen onderdeel van zijn leven. Meestal gingen ze over onbeduidende, dagelijkse dingen zoals een glas dat op de vloer uiteen zou spatten of een voorbijganger die iets grappigs zou doen. Niets bijzonders. Andere dromen luidden grote veranderingen in zijn leven in. Zo droomde Winkler over een ontmoeting in een supermarkt. De vrouw die in zijn droom een tijdschrift liet vallen, deed dat in werkelijkheid ook en werd kort daarna de liefde van zijn leven. Sandy verliet haar man Herman om samen met Winkler een nieuw leven te beginnen. Ze waren verliefd en tevreden en toen hun dochtertje Grace werd geboren konden ze hun geluk niet op. Er volgden ronduit vredige dromen. Een kinderhandje dat zich om zijn duim sloot of een wankele eerste stap.


En toen droomde Winkler weer dat iemand zou sterven. Het was Grace. Zijn prachtige babydochter Grace. Winkler droomde keer op keer dat hij met zijn dochter in zijn armen door een overstroming waadde. Hoever hij er alles aan deed om Grace in veiligheid te brengen, mislukte zijn poging. In zijn droom struikelde hij steeds en tijdens zijn worsteling uit het kolkende water overeind te komen, verdronk de kleine Grace. Hij, Winkler, zou er niet in slagen zijn eigen kind te redden.


Vanaf dat moment ging het bergafwaarts met Winkler. Hij smeekte Sandy hem te geloven maar hij stuitte op een muur van ongelovigheid en verzet. Sandy weigerde met hem en hun dochter voor het naderende water te vluchten. Niets wees er immers op dat er werkelijk een overstroming plaats zou vinden. Sandy geloofde niet dat Winkler voorspellende dromen had. Winkler wist echter zeker dat zijn droom zou uitkomen. Grace, zijn lieve Grace, zou verdrinken.


Winkler raakte in de war door de naderende rampspoed. Hij begon te slaapwandelen. Eerst incidenteel, later elke nacht. Sandy werd steeds bozer, vooral toen hij in zijn slaap een autorit met de kleine Grace maakte. Hun relatie kwam onder grote druk te staan en Winkler was de wanhoop nabij. Toen het water begon te stijgen, raakte hij in paniek. Het zou gaan gebeuren, het zou écht gaan gebeuren. In een poging het noodlot af te wenden, sloeg Winkler op de vlucht. Als hij er immers niet was om zijn kind te redden en te struikelen, maakte Grace nog een kans. Terwijl het water door de straten van Ohio kolkte, reisde Winkler letterlijk naar de andere kant van de wereld.


Hij deed het uit liefde. Uit liefde voor zijn vrouw en kind. Vanuit de tropen stuurde hij smeekbedes naar Sandy. Leefde hun kind nog? Begreep Sandy waarom hij was vertrokken? Sandy begreep het niet en wilde niks meer met hem te maken hebben. Toen dat eindelijk tot Winkler doordrong, brak zijn hart. Vijfentwintig jaar lang leidde hij een eenvoudig bestaan in de tropen. Vijfentwintig jaar vol onzekerheid. Zou zijn kind inmiddels tot een jonge vrouw zijn uitgegroeid of was ze al die jaren geleden in het woeste water omgekomen? Dan gebeurt er iets waardoor Winkler beseft dat het lot niet altijd vaststaat. Is hij er heel misschien al die jaren geleden toch in geslaagd het gevaar af te wenden? Winkler besluit terug te keren naar Amerika. Het is tijd om de waarheid te achterhalen, hoe pijnlijk die misschien ook is.


Bevroren dromen is de eerste roman van Anthony Doerr. Hij schreef het voor hij met zijn boek Als je het licht niet kunt zien de Pulitzerprijs in de wacht sleepte. Hoewel het twee heel verschillende verhalen zijn, is de intensiteit hetzelfde. Ook Bevroren dromen heeft me diep geraakt. Het is prachtig.


Wat dit verhaal zo mooi maakt, is de eenvoud. Op zijn vreemde dromen na, is Winkler een doodgewone, haast kleurloze man met een fascinatie voor het weer. In Winklers leven vinden geen spectaculaire gebeurtenissen plaats. Wat Winkler zo bijzonder maakt is dat hij helemaal niet bijzonder is. Winkler is gewoon Winkler en toch is hij uniek. Dat is elk mens immers. Bevroren dromen ontleent zijn kracht aan het gevoel van herkenning dat de meeste lezers zullen ervaren. We worstelen immers allemaal weleens met het leven. De doodnormale Winkler durft het aan om, met vallen en opstaan en zonder hoop op een goede afloop, de spoken uit zijn verleden onder ogen te zien. In Bevroren dromen bewijst Winkler, samen met een aantal andere inspirerende personages, dat we het allemaal in ons hebben om heel gewoon en toch bijzonder te zijn.


ISBN 9789044352221 | paperback | 429 pagina's | The House of Books | juni 2017
Vertaald door Edo Marinus

© Annemarie, 28 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De Laura's
Sara Taylor


Het boek begint al spectaculair. De dertienjarige Alex wordt midden in de nacht door haar moeder uit bed gehaald en in pyjamabroek en flanellen overhemd, met dekbed om zich heen geslagen, de auto in geduwd. Waar Alex aldoor al bang voor was, is nu gebeurd. Dit keer was de ruzie het definitieve einde van het huwelijk van haar ouders.

De kettingrokende moeder rijdt de hele nacht door en tijdens een stop haalt ze al het geld van de diverse rekeningen en knipt tot schrik van Alex de bankpasjes aan flarden...


Toen ik in mijn slaapkamer lag te luisteren naar de nadere voetstappen van mijn moeder, wist een bepaald deel van me dat alles voorgoed zou veranderen, maar toen ik er in dat wegrestaurant getuige van was dat ze confetti van haar bankpasjes maakte, kon ik dat de rest van mezelf niet toegeven. Dat gevoel alsof je valt, omdat alles wat je kent, denkt en vertrouwt in één keer onder je vandaan wordt getrokken, heeft me ruim dertig jaar vergezeld, alsof ze het met haar vingers in mijn huid had gebrand toen ze me het huis uit sleepte.


Ook de telefoon wordt later uit het autoraampje gesmeten.

Alex, die het verhaal op latere leeftijd aan ons vertelt, weet in feite weinig van moeder, wel dat ze een turbulent leven achter de rug heeft en van pleeggezin naar pleeggezin was getrokken. Ook weet ze dat moeder haar biologische ouders sinds haar tienerjaren niet meer gezien heeft. Moeder wilde er echter nooit veel over kwijt maar onderweg tijdens de lange reis van Virginia naar Californië - met grote tussenstops als het geld op is - komt Alex veel te weten of moeders leven en over de vier Laura's die van grote invloed zijn geweest op moeders leven.


Het bijzondere van dit verhaal is dat moeder letterlijk en figuurlijk een reis maakt. Moeder reist naar haar heftige verleden en maakt daar schoon schip mee, dat is nodig om verder te kunnen. Zij heeft op een kaart diverse bestemmingen aangekruist. Bij die plaatsen staan voor Alex onbegrijpelijke opmerkingen die Alex later pas zal leren begrijpen. Als het geld op is werkt moeder in café's als serveerster en wonen ze tijdelijk in spotgoedkope appartementjes, om weer verder te trekken als het weer kan. Alex gaat in die periodes naar school en is veel alleen wat overigens als prettig ervaren wordt.

Steeds als ze op een bestemming aankomen leert Alex moeder op een heel andere manier kennen. Soms is ze een onverschrokken stoere vrouw, die niet terugdeinst voor verbaal en lichamelijk geweld en soms is moeder bijna een kwetsbaar meisje. Moeder wordt steeds meer een individu, een persoon voor Alex.  Ze is niet meer 'alleen maar' moeder. Maar moeder zorgt wel steeds voor enorme verrassingen en openbaringen...

Ook Alex zelf maakt in de twee jaar dat de reis duurt grote ontwikkelingen door. Alex is plotsklaps een puber met verlangens, maar weet eigenlijk niet welke verlangens dat zijn en hoe dat brandende gevoel in haar onderlijf te verklaren is. Het is verwarrend want Alex voelt zich genderloos, voelt zich man noch vrouw. Moeder respecteert dat, zij zorgt bijvoorbeeld dat Alex niet naar gym hoeft, zodat het omkleden geen problemen oplevert, maar Alex klasgenoten weten ook niet wat Alex is en zijn nieuwsgierig... érg nieuwsgierig wat tot zeer vervelende situaties leidt.
Daarnaast heeft Alex tijdens de reis allerlei al dan niet prettige ontmoetingen met oudere en jonge mensen die ervoor zorgen dat Alex een grote ontwikkeling doormaakt en met heel andere ogen tegen dingen aan gaat kijken.

Maar als rode draad door het verhaal lopen de vier Laura's.

Tja, als je acht of negen bent en je eerste hartsvriendin krijgt, is dat de belangrijkste persoon ter wereld en weet je zeker dat jullie altijd vriendinnen zullen blijven. Maar op een dag verhuist een van jullie en laat een lege plek achter. En dan kom je iemand tegen met dezelfde naam en omdat je acht bent denk je ergens, nou ja, misschien niet direct dat ze dezelfde is, maar misschien wel dat ze van hetzelfde blok klei is gemaakt, of zo. En dan probeer je de nieuwe Laura in het gat te passen dat de oude Laura heeft achtergelaten. En het maakt niks uit dat je later weet dat de dingen later zo niet werken, want je oren blijven zich spitsen en je hart blijft sneller kloppen bij het horen van die naam. Hij zal zo bijzonder voor je blijven en altijd een snaar weten te raken en omdat hij zo bijzonder voor je is zul je mensen die zo heten meer aandacht schenken, en als je mensen aandacht geeft is de kans groot dat je bevriend raakt, tot je op je veertigste terugkijkt en beseft dat je een hele trits Laura's hebt gekend die allemaal belangrijk voor je waren [...]


Mooie roadnovel/coming of age roman die eigenlijk niet te beschrijven valt. Kortom, lees het boek en geniet!


ISBN 9789026337970 | paperback | 271 pagina's | Ambo|Anthos uitgevers | mei 2017
Vertaald door Jan de Nijs en Ambo|Anthos uitgevers

© Dettie, 23 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het kleine leven van Norbert Jones
Marloes Kemming


Norbert Jones is een man die bescheiden in het leven staat. Hij volgde de wens van zijn vader op en werd een middelmatige accountant zonder ambities, maar was tevreden. Zijn huwelijk met Emma is waardig en liefdevol. Hun leven is rustig en verloopt volgens een vast patroon, 's ochtends een eitje bij het ontbijt, 's avonds wordt de krant gelezen en na het dagelijkse glaasje port en bakje pinda's gaan ze slapen of hebben ze elkaar lief. Overdag is Norbert in de garage te vinden tussen zijn meer dan negentienduizend verzamelde voorwerpen. Norbert is zevenenzeventig.


Wat niemand weet is dat Norbert in zijn hoofd een heel ander leven leidt. Hij is een dromer. Zittend tussen zijn spullen is hij de ene keer de kleine jongen die weer bij zijn moeder thuis is en speelt met zijn zusje, de andere keer ontmoet hij zijn vrouw opnieuw en danst met haar. - Norbert is bij vlagen nog steeds verliefd op zijn vrouw.  -  Soms is hij in zijn hoofd weer op reis of bezoekt hij een voor hem belangrijke plaats. Kortom, alle verzamelde objecten bezorgen Norbert een rijk en fantasievol leven. Norbert is een gezegd mens.

Maar dan vertelt de specialist hem dat hij niet lang meer te leven heeft. Na de schok verwerkt te hebben besluit hij Emma en zijn dochter Marie niets hierover te vertellen en zijn met veel liefde bij elkaar gezochte spullen te verkopen maar alleen aan mensen die hem kunnen vertellen waarom ze dat artikel willen hebben. En zo leven we met Norbert mee en horen de verhalen die de klanten hem te vertellen hebben. Als een klant hem niet aanstaat noemt Norbert een belachelijk hoge prijs, zodat de mogelijke kopers afdruipen en andere klanten krijgen wat extra's als hun verhaal hem raakt. De gesprekken met klanten laten Norbert andere visies op een leven zien.

Het mooie aan dit verhaal is dat het ogenschijnlijk zo prettig voortkabbelt, we geniet mee met Norberts kleine pleziertjes en onuitputtelijke fantasie maar langzamerhand komt er een diepere laag bovendrijven die in stukjes en beetjes aan ons onthuld wordt. En zo ontdekken we dat achter de enorme verzameling van Norbert een schrijnende maar enorm liefdevolle reden schuilt. Daardoor blijkt dat het kleine leven van Norbert Jones grootser dan groots te zijn. 

Meer moet over dit boek niet gezegd worden. Het is een verhaal dat je moet ondergaan, een verhaal dat bij je blijft, een verhaal dat je ontroert en een verhaal dat je van kleine dagelijkse dingetjes laat genieten. Gewoon lezen en koesteren dit boek.


ISBN 9789401604727 | Paperback | 223 pagina's | Uitgeverij Xander | november 2015

© Dettie, 19 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"En elke ochtend wordt de weg naar huis steeds langer
Fredrik Backman


Hoe moet ik uitleggen dat ik hem zal verlaten voordat ik dood ben?”


Uiterlijk is hij nog steeds dezelfde, een oude man die zielsveel van zijn zoon Ted en nog veel meer van zijn kleinzoon Noah houdt. Vanbinnen heerst echter chaos. Herinneringen buitelen over elkaar heen. Soms komt ineens iets moois van vroeger naar boven, een andere keer verdwijnt iets voorgoed uit zijn geheugen. Het is beangstigend. Hij wil niets vergeten, vooral niet de liefde die hij voor zijn kleinzoon voelt.


Hoe moet hij de kleine Noah vertellen dat hij meer dan van wie dan ook ter wereld van hem houdt maar hem toch zal gaan vergeten? Hoe leg je uit dat het onvermijdelijk is, ook al zal hij uit alle macht verzet bieden? Zijn kleinzoon is het mooiste dat hem ooit is overkomen. Als opa is hij een beter mens dan als vader. Toen zijn zoon Ted opgroeide, was hij er lang niet altijd voor hem. Zijn werk nam al zijn aandacht in beslag. Nu zijn kind groot is, beseft hij dat hij fouten heeft gemaakt. Fouten die hij goed probeert te maken door zijn kleinzoon met liefde te overspoelen. Liefde die ook voor zijn zoon is bestemd.


Soms voelt hij zich verrassend helder en speelt hij wiskundespelletjes met Noah. Andere keren zwerft hij in het verleden rond en ontmoet hij zijn overleden vrouw opnieuw. Zijn geest speelt spelletjes met hem. Hè, is zijn zoon al een volwassen man? Zit hij niet meer op school? Ted is Noah en Noah is Ted. Of toch niet? Het is verwarrend allemaal.


Waarom knijp je zo hard in mijn hand, opa?” fluistert de jongen weer. “Omdat dit allemaal verdwijnt, Noahnoah. En ik wil jou het langst van alles houden.” De jongen knikt. Hij knijpt ook wat harder in opa’s hand.


Schrijver Fredrik Backman was aanvankelijk helemaal niet van plan dit verhaal over alzheimer met iemand te delen. Voorafgaand aan dit ontroerende korte verhaal vertrouwt hij de lezer toe dat hij zijn gedachten vaak op papier zet omdat het hem helpt dingen op een rijtje te krijgen. Zijn gedachten werden een verhaal, een verhaal over hoe je iemand al tijdens zijn of haar leven kunt missen. Een verhaal over een traag en intens vaarwel.


Dit is een verhaal over herinneringen en over loslaten. Het is een liefdesbrief en een langzaam afscheid tussen een man en zijn kleinzoon, en tussen en vader en zijn zoon.


Als geen ander begrijpt Fredrik Backman hoe eenvoudig en ingewikkeld tegelijk een mens in elkaar zit. Met zijn personages weet hij portretten te scheppen die deel van mijn leven gaan uitmaken. Zelfs in dit korte verhaal weet hij de genoegens van klein en groot geluk prachtig weer te geven, waarbij hij ook verdriet gul de ruimte geeft. Een lach en een traan gaan immers vaak hand in hand. Fredrik Backman is gewoonweg een fantastische schrijver en met dit korte verhaal heeft hij wederom iets heel moois gecreëerd.


ISBN 9789021406916 | Ebook| 38 pagina's | Uitgeverij Q | augustus 2017
Vertaald door Edith Sybesma

© Annemarie, 17 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altHet laatste jaar van Marvellous Ways
Sarah Winman


Wie in Cornwall geweest is, herkent het landschap en de bijbehorende sfeer onmiddellijk.
In die haast sprookjesachtige, maar van alle gemakken verstoken omgeving woont de oude vrouw, Marvellous Ways. De dorpelingen dulden haar, maar vinden haar en haar eigenaardige manier van leven op zijn zachtst gezegd vreemd, zoals ze bijvoorbeeld iedere dag het water induikt om op dat eiland in de ruïne van een kerk een kaars aan te gaan steken.


Het is 1947, het land en zijn bevolking herstelt van twee oorlogen, die allebei impact hebben gehad op het leven van Marvellous. 89 is ze nu, maar ze is nog niet klaar om te vertrekken uit dit aardse bestaan. Dat voelt ze, zoals ze zoveel dingen aanvoelde of gewoon wist.
Ze wacht. En hij komt.


Francis Drake, 22 jaar oud, heeft het nodige meegemaakt in Frankrijk, als soldaat. Op een van de laatste dagen daar heeft hij een stervende soldaat, die hij nauwelijks kende, beloofd een brief te bezorgen bij de vader van de jongen. In Cornwall. Hij zal dat ook doen, maar hij heeft niet echt iets of iemand om bij terug te komen in Engeland, en besluit eerst nog Frankrijk door te trekken.
Als hij dan toch terug is in Londen, een kapotgeschoten stad, komt hij zijn jeugdliefde tegen, Missy. Maar zij beantwoordt zijn liefde niet, en zwaar terneergeslagen gaat hij op zoek naar de geadresseerde van de brief.
Hij is de man die arriveert bij Marvellous. Een jonge man, nog maar aan het begin van zijn leven, en zij, een oude vrouw, aan het einde. Wat moeten deze mensen met elkaar?

Een zeemeermin, krabben en oesters, pruimenbrandewijn en verhalen, ze vormen de achtergrond van Het laatste jaar van Marvellous Ways. Het is een onherbergzame streek waar de twee zich bevinden met veel regen en kou, hetgeen de sfeer duidelijk mede bepaalt. Maar het is vooral een verhaal in een prachtige taal, met hulde voor de vertaler die dit over heeft weten te brengen!

‘Er knabbelt licht aan de onderkant van de hemel’

‘De aanblik stemde haar treurig, omdat ze op sommige dagen dacht dat dat precies was wat haar geest aan het worden was: een doorboorde romp.’

‘Hij had er toen niet goed uitgezien, maar mensen hadden hem met heldendaden bekleed en dat soort kleren waren te felgekleurd om de vodden de vodden van de ellende daarachter zichtbaar te laten zijn.’

‘Marvellous werd ineens losgewrikt uit de ouderdom als een zaaiaardappel uit de vertrouwde gerieflijkheid van het donker.’

‘Een keer was ze zo dom geweest om de twijfel binnen te noden. Ze zaten op het bed en zij vroeg de twijfel waarom hij er was, en de twijfel zei: Dat weet je best.‘

Personifiëren zoals hier doet Winman vaak, en dat versterkt de magie. Ook vertelt ze niet chronologisch, maar maakt gebruik van flashbacks, en laat de personages verhalen vertellen zodat het verhaal zich langzaam ontwikkelt en de lezer rustig geniet.
Zoals het debuut van Sarah Winman (toen God een konijn was) al beloofde, heeft deze roman opnieuw die prachtige stijl, en is de sfeer magisch en sprookjesachtig. Het is een genot om deze boeken te lezen, en we willen alleen maar meer…


Sarah Winman (46) groeide op in Essex. Ze volgde een acteursopleiding en speelt sindsdien in het theater, in films en in televisieseries. Ze speelde onder andere in The Discovery of Heaven, met Jeroen Krabbé. Momenteel woont Sarah Winman in Londen.


ISBN 9789492086402| paperback | 336 pagina's | Orlando |oktober 2016
Vertaald uit het Engels door Miebeth van Horn

© Marjo, 8 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altWaterstof
Ineke Berentschot


Waterstof is een chemisch element. Waterstof is het meest voorkomende element in het universum. Het is het enige element dat zonder neutronen bestaat, een los element dat gebonden moet zijn aan andere.


Ineke, de vrouw in deze roman, heeft haar geliefde met wie zij dertig jaar samen was verloren. Zij, die scheikunde gestudeerd heeft en alles weet over scheikundige processen, heeft geen idee hoe zij om moet gaan met deze nieuwe situatie. De analogie is duidelijk: ze kan in deze losse toestand niet verder. Ze moet verbintenissen maken. Maar hoe en met wie?


Haar partner Jan schreef een dagboek, dat wij als lezer ook lezen. Het is vaak poëtische taal, soms kleine gedichtjes, die in fragmenten weergegeven worden, maar omdat ze door Ineke uit het dagboek worden geplukt, kunnen wij niet weten of het dagboek misschien wel een logisch geheel was.
Deze roman is dat in ieder geval niet. Behalve de tekst die Ineke zelf schrijft en de dagboekstukjes bestaat het boek ook uit eveneens fragmentarische stukken uit de scheikundige studie 'Materie en leven' (1972) van prof. Dr. J.D. Fast.


Ineke heeft contact met een oudere man, G. genoemd, met wie ze een mailwisseling onderhoudt. Hij noemt haar Dina.


‘Ik leef al 62 jaar als ik tot Dina word geboren.’
Een mooie manier om de lezer te laten weten dat de hoofdpersoon 62 jaar oud is.
Dit soort mooie stukjes, en zinnen zijn er volop.

‘Waar dit heen gaat?
Waar gaat een winterboom heen als het april is?
De ogenschijnlijk dorre takken gaan schuil achter iets dat soepel past, dat meegeeft wanneer het waait, dat ruisende geluiden voortbrengt ineens. Aan de ogen doet het zich voor als groen.
Waar gaat dit verhaal heen?
Het gaat nergens expres heen.’

En zo is het. Zeker valt er een verloop te ontdekken in dit verhaal, maar over het algemeen is het meer een boek dat je zo af en toe eens pakt om een stukje hier en daar te lezen.


Natuurlijk is het erg persoonlijk, maar als op de eerste de beste pagina al flink gevloekt wordt (ok, steeds dezelfde woorden met een verontschuldiging er achter), staat zo’n boek me al meteen tegen. Voeg daarbij dat ik een 100% alfa ben en dus niets begrijp van die wetenschappelijke stukjes, en je snapt dat ik hele stukken oversla. Ik geef toe dat het een bijzonder boek is, maar dan wel voor een speciale lezer. Ik ben dat niet. De stukken tekst zijn wel duidelijk te onderscheiden door gebruik van andere lettertypes of gewoon een melding erbij. En niet alles is ‘moeilijke’ tekst:


‘Ik bereid ons een lunch. Gebakken aardappels. Gebakken champignons, ik laat ze expres tot goudbruin in de pan zitten waar ik anders geen geduld voor heb. Er gaan snippers knoflook mee in de pan. En de tijm heb ik van mijn balkon meegenomen.’


Ineke Berentschot zegt over haar passie voor brood bakken:


‘Het mooie van broodbakken is, dat als je meel, water en gist of zuurdesem bij elkaar brengt, zich vanzelf processen gaan afspelen. Je hoeft niets te doen, er is alleen tijd voor nodig …’


Werkt het voor haar ook zo met boeken schrijven?


ISBN 9789491728242| paperback | 312 pagina's | Trophonios Publishing | mei 2017

© Marjo, 1 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Wolfskwint
Bibi Dumon Tak


Het gezin waar de hoofdpersoon van dit verhaal uit komt, Steffie, heeft een aantal problemen.
Dat merkt de lezer al snel, want de moeder gooit een suikerpot naar de vader. Steffie is dan drie jaar, maar het voorval laat een litteken achter, op haar ziel. Ze begrijpt eenvoudig niet waarom de moeder dat heeft gedaan. En in de rest van het verhaal komt ze langzaam maar zeker achter het lot van diezelfde moeder.


Deze vrouw verdwijnt uit beeld en blijkt later, maakt een martelgang langs psychiatrische instellingen door. Ze ervaart de verschrikkingen van spanlakens, isoleercellen en elektroshocks. Ook wordt ze - geheel volgens de mores van die jaren - volgepompt met tranquillizers. Jan Foudraine had nog niet zijn prachtige aanklacht tegen de psychiatrie Wie is van hout? geschreven. En in veel instellingen voor psychiatrische zorg konden de verplegers en artsen, maar vooral ook de psychiaters en psychologen ongestoord hun gang gaan.
Tot overmaat van ramp konden familieleden ervoor zorgen dat iemand werd weggeborgen in zo'n inrichting. Een paar handtekeningen en de medewerking van een arts waren al voldoende.

De vader van Steffie en haar oudere zus Gerdi maken de moeder alleen mee op verlof en spannen aanvankelijk samen om ongunstig over haar te rapporteren aan de kliniek. Hierdoor wordt de tijd dat de moeder thuis mag zijn steeds korter. Uiteindelijk kiest Gerdi er echter voor met haar vader te breken. Steffie blijft de man trouw. Ze helpt hem met het maken van worsten in het weekend. De vader van Steffie is de zoon van een slager en een uiterst onbehouwen figuur, die ook nog eens het geld van zijn opgesloten vrouw opmaakt aan hoerenlopen.


Steffie studeert af in het Griekse en Romeinse krijgswezen, maar ze kiest ervoor om piano's te gaan stemmen. Dat beroep was in die tijd slechts aan mannen gegeven, maar ze leert het vak van een aardige stemmer, ene Starink. Op een dag komt ze bij een vrouw thuis, die een duidelijk gestoorde man heeft. Steffie ziet hoe liefdevol de vrouw haar man bejegent. Dit is in schrille tegenstelling tot wat ze thuis heeft meegemaakt met haar vader en moeder. De moeder werd vreselijk behandeld. Ook leert ze van een professor wat de wolfskwint eigenlijk is:


(...)'De natuur,' zei hij, 'kent geen rechten, en dat is het verschil met de mens.' (...) Hij had net een artikel gelezen over wolven, beesten die concerten gaven en die hun gehuil tijdens zo'n concert zeer goed op elkaar konden afstemmen.(...)

Een roedel wolven kon zich via een kwint met elkaar in contact huilen. Een andere roedel kon dan horen met hoeveel wolven ze waren en eventueel vechten of het hazenpad kiezen. De grootste groep won natuurlijk het terrein, de kleinste groep zocht een andere plek. Kon een wolf de kwint niet nadoen dan was hij onbruikbaar en werd verstoten.


De titel Wolfskwint is prachtig gekozen, want het gezin van Steffie is nooit in harmonie en de moeder wordt weggejaagd, omdat ze niet mee kan huilen met de wolven in het bos, het is in wezen een kunstzinnige vrouw, die de verkeerde man heeft gekozen en zich, zijn wreedheden niet laat welgevallen.

Maar er is meer. Steffie zelf worstelt met haar geaardheid, haar verhoudingen met mannen zijn zuiver gevoelsmatig, ze twijfelt of ze lesbisch is maar komt dan ook in de verkeerde groep vrouwen terecht. Haar huwelijk met een onverschillige man loopt op de klippen.


Uiteindelijk - dan wordt het boek echt spannend - wil ze precies weten wat er eigenlijk met haar moeder gebeurd is. Steffie gaat de confrontatie aan met ene Avine, die verpleegster was in de inrichting waar de moeder was opgesloten. Hartverscheurende taferelen ontrollen zich als Steffie de verhalen aanhoort en de rapporten en verslagen inkijkt.

In één van de verslagen staat: 'Patiënt vroeg of ik haar wilde liefkozen!' De dienstdoende arts maakt daar van, dat de moeder seksueel obsessief zou zijn. Avine heeft daar een andere mening over:


'Avine zei dat het de jaren vijftig waren, conservatieve mannen in gesteven doktersjassen, zo ging dat in die tijd. Ze draaide zich naar mij toe en zei dat mijn moeder door iedereen in de steek was gelaten, en misschien voelde ze zich, nadat ze haar hart had gelucht, nadat er eindelijk aan háár had gevraagd wat er in haar omging, veilig bij de arts, wat wisten zij ervan? Ze was bij haar kinderen weggehaald, zelfs gezonde mensen zouden hun verstand kwijtraken als het hun gebeurde.'


Steffie realiseert zich dan pas wat haar moeder eigenlijk is aangedaan en ze kan met steun van Damian haar latere levenspartner Damian in het reine komen. Ook ene Gerrit, een knaap met veel ervaring in de verpleging helpt haar.

Een huiveringwekkend boek, zeker voor mensen met ervaring in de psychiatrische hulpverlening. Dat zijn er inmiddels heel veel in Nederland. Ook de familieleden kennen het leed. Daarin is maar weinig veranderd helaas. Dumon Tak weeft de verhaallijnen mooi aan elkaar, alles heeft met alles te maken en ook de valkuil van sentimentaliteit wordt behendig omzeild door de nodige humor.

Een fraai en aangrijpend verhaal.


ISBN 9789025300364 | Paperback | 207 pagina's | Uitgeverij: Athenaeum | oktober 2013

© Karel Wasch, 30 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Obsessie
Tatiana de Rosnay


De verhuizing naar het knusse appartement staat symbool voor een nieuw begin. De veertigjarige Pascaline is in haar nopjes met haar nieuwe onderkomen. Het straalt rust uit, heeft een prettig formaat en staat op de juiste plek. In dit appartement zal ze weer gelukkig worden. Zonder Frédéric, dat wel. Hij heeft haar na al die jaren samen verlaten voor een ander. Pascaline mist hem nog elke dag.


De eerste nacht slaapt Pascaline slecht. Logisch, vindt ze zelf. Een eerste nacht in een nieuw huis is immers altijd wat onwennig. De tweede en derde nacht komt ze echter ook niet in slaap. Pascaline voelt zich bovendien niet goed. Steeds vaker wordt ze door een vreemde duizeling en een gevoel van afschuw overvallen. Heeft ze iets onder de leden of is het soms de eenzaamheid? Buitenshuis voelt ze zich namelijk kiplekker. Enkel in haar appartement voelt ze zich beroerd. Maakt het verlangen naar Frédéric haar ziek als ze alleen is?


Dan spreekt een nieuwsgierige buurvrouw haar aan. Bezorgd vraagt de vrouw of Pascaline wel goed kan slapen in een appartement waar zoiets vreselijks is gebeurd. Pascaline heeft geen idee wat de vrouw bedoelt. De uitleg die volgt zorgt ervoor dat Pascaline het appartementencomplex in paniek verlaat. Een moord. Er is een moord in haar appartement gepleegd. In de slaapkamer waar ze de slaap maar niet kan vatten is een jonge vrouw op gruwelijke wijze aan haar einde gekomen.


Pascaline kan niet langer in haar appartement blijven. Vanuit een hotel gaat ze op zoek naar een nieuw onderkomen. Het is echter al te laat. Pascaline heeft haar hervonden evenwicht verloren en wanneer haar moeder haar toevertrouwt dat ze als kind ook al eens aanvoelde dat er in een woning iets ergs was gebeurd, gaat het helemaal mis. De moord in het appartement laat haar niet meer los. Gulzig slorpt ze alle informatie die ze er maar over kan vinden op. De dader was een seriemoordenaar die meerdere jonge vrouwen heeft verkracht en vermoord.  Pascaline kan aan niks anders meer denken.


Echte vrienden heeft Pascaline niet. Ze had genoeg aan Frédéric. Haar collega Elizabeth komt het dichtst bij een vriendin in de buurt maar ook zij begrijpt niet hoe belangrijk de moorden voor Pascaline zijn geworden. Waarom blijft ze maar beweren dat het niet goed met Pascaline gaat? Snapt dan niemand wat de slachtoffers meegemaakt hebben? Snapt dan niemand hoe de moeders van de slachtoffers zich moeten voelen. Zij hebben een kind verloren. Een dochter. Pascaline herkent het verdriet, de verbitterdheid en de woede. Iedereen gaat maar gewoon door met leven. Mensen wonen onbekommerd in huizen waar mensen wanhoop en pure doodsangst hebben gevoeld. Huizen waarin mensen hebben geleden en zijn gestorven. Vermoord. Het laat Pascaline niet meer los.


In het voorwoord schrijft schrijfster Tatiana de Rosnay over haar fascinatie voor huizen. Hoe kan het dat mensen zich in het ene huis meteen prettig voelen en in het andere niet kunnen aarden? Toen ze tien jaar geleden naar een appartement in de Parijse wijk Montparnasse verhuisde, hoorde ze dat er in een nabijgelegen appartementencomplex een vrouw door de seriemoordenaar Guy Georges was vermoord. Ze vond het een vreselijk idee dat er zo dicht bij haar nieuwe thuis zoiets vreselijks was gebeurd. Toen ze op een avond langs het bewuste appartementencomplex liep, zag ze dat er licht brandde in het huis waar de moordenaar had toegeslagen. Er woonde iemand. Wist de bewoner niet dat er een moord in het appartement was gepleegd? Hoe zou het voelen om er te wonen?


Obsessie is een beklemmend verhaal over onverwerkt verdriet dat tot obsessief gedrag leidt. Het verhaal vormde voor de schrijfster het begin van een persoonlijk onderzoek naar de geschiedenis van Parijs. Welk verdriet hield zich in de oude stad schuil? Steeds opnieuw stuitte Tatiana de Rosnay op de razzia waarbij duizenden joden naar het Vélodrome d’Hiver, een wielerstadion, werden afgevoerd. Nadat ze de intense novelle Obsessie had afgerond begon de auteur dan ook aan een boek dat haar internationale bekendheid zou bezorgen: Haar naam was Sarah.


ISBN 9789026339295 | hardcover|140 pagina's | Ambo|Anthos | mei 2017
Vertaald door Martine Woudt

© Annemarie, 27 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Atomen
Sofia Nordin


Er zijn mensen in het gele huis. Mijn vader zegt dat die daar nu komen wonen. Er is een jongetje bij. Ik zie hem vanaf mijn plek op papa's schouders, maar ik ben nog niet bij hem geweest. Het is alleen van een afstand. [...]

'Hij is vijf, net als jij,' zegt papa.
Dat is raar. Hij is vijf en komt in het gele huis wonen.[...] Er heeft nooit eerder iemand in het gele huis gewoon en er is nooit iemand anders geweest die net zo oud is als ik. We zijn hier altijd alleen geweest - mama, papa en ik.
Wij wonen in het groene huis, Niemand weet waar onze tuin ophoudt en de tuin van het gele huis begint.


Aan het woord is Alma. De komst van het jongetje, Cedrik, is het begin van een zeer hechte vriendschap en eigenlijk is er  meer dan dat. Ze zijn elkaars zielsverwanten.  Ze vullen elkaar perfect aan, ze begrijpen elkaar met een half woord. Cedrik is oké, vindt Alma. Ze zijn onafscheidelijk. Spelen vaak bij de autowrakken in het bos en 'repareren' de auto's.


'We liggen naast elkaar en geven elkaar gereedschap aan. We spreken de namen op een ernstige toon uit. We zeggen niet 'mag ik' of 'dankjewel', want dat hoort niet. Cedrik snapt dat. [...]
'Kleine kruiskopschroevedraaier', zeg ik.
'Grote bacosleutel', zegt Cedrik en we reiken elkaar de spullen aan. Het is krap.

En zo verstrijken de jaren in vredige harmonie. Maar als beiden de leeftijd van elf jaar bereikt hebben, wordt de bijna paradijsachtige vriendschap ruw onderbroken door de komst van leeftijdgenote Cecilia. Zij brengt een aantal jaren opeen haar vakanties door in het tot dan toe leegstaande rode huis. Haar komst geeft uiteindelijk aan de vriendschap tussen Alma en Cedrik een onomkeerbare wending.

En nu is het zeventien jaar later. Alma is inmiddels een gerespecteerd wetenschapper die moeite heeft met contacten leggen. Af en toe pikt ze een man op in de kroeg en neemt hem mee naar huis. 


'ik neem mannen mee naar huis. Dat deed ik vroeger niet.
Ik was altijd een vrouw zonder mannen. Ik had mijn gedachten en mijn werk - de scheikunde. [...]


Ze houdt van haar werk, enkele onderdelen daarvan stellen haar ziel gerust, maar...


Andere delen blijven knagen.
Ik zit vol met zulke delen, knagende delen. Vol met lege ruimte die Cedrik heeft achtergelaten. Ik wil niet zo iemand zijn, iemand die niet op eigen houtje heel kan zijn. In anderen veracht ik het. Maar wat doe je als je zo dicht bij iemand bent geweest dat je niet goed weet waar jij ophoudt en de ander begint, en die ander verdwijnt opeens.
Ik hoop dat de mannen die ik mee naar huis neem de leegtes zullen afsluiten.


En nu zag ze opeens tijdens zo'n avond Cedrik, hij herkende haar niet. Ze nam hem mee naar huis en toen hij per ongeluk de inloopkast in stapte, draaide Alma de sleutel om. Via de gesloten deur hebben ze contact, nog steeds weet Cedrik niet dat het Alma is aan die aan andere kant van de deur. En Alma verzint de ene smoes na de andere om hem daar voorlopig te houden.


We volgen Alma's handelingen en gedachten en langzamerhand ontvouwt zich een prachtig, ontroerend en verbijsterend verhaal over de enorme, mooie, allesoverstijgende vriendschap die tussen de twee is geweest tot de dag dat Cedrik op een dag plotsklaps vertrok. Doordat Alma nu Cedrik binnen handbereik heeft, kan ze nadenken en eindelijk alle gebeurtenissen van vroeger op een rij zetten, ze kan schoon schip maken. Sofia Nordin werkt daarbij op een subtiele manier naar de climax van het verhaal maar weet ons evengoed toch compleet te verrassen.  De vriendschap blijkt zelfs nog groter en veelomvattender geweest te zijn dan we al wisten.


Maar het is niet alleen het verhaal dat je geboeid houd, het is ook de bijzonder mooie stijl die Sofia Nordin hanteert wat het boek laat uitstijgen boven de gemiddelde roman. De zinnen zijn precies goed, het woordgebruik groeit mee met het ouder worden van Alma waardoor het verhaal geloofwaardig blijft.
Kortom, lees het boek! Het is ongelooflijk prachtig.


Atomen zijn niet sentimenteel; het kan ze niet schelen aan wie ze ooit hebben toebehoord. Ze gaan zonder aarzelen een nieuwe verbinding aan, zonder een moment om te kijken.


ISBN 9789082345087 | Paperback | 174 pagina's | Uitgeverij Stortebeeker | april 2017
Vertaald door Edith Sybesma/Uitgeverij Stortebeeker

Dettie, 23 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER