Nieuwe jeugdboekrecensies 13+

Geen weg terug
Elvin Post


‘Waarom heb ik niet naar mijn gevoel geluisterd? Waarom heb ik niet heel hard ‘nee’ geroepen? Nee, we doen dit niet. Geen sprake van.
De vraag stellen is hem beantwoorden.
Omdat ik daar te slap voor ben. Omdat ik altijd Fleur laat beslissen, waar het ook over gaat. Ik weet niet wie ik meer haat: Fleur om haar roekeloosheid of mezelf vanwege mijn gebrek aan karakter.’


Zo begint Geen weg terug met een inkijkje in het leven van Eva dat helemaal op zijn kop staat nadat zij samen met haar vriendinnen Anna, Fleur en Kim getuigen zijn geweest van de gevolgen van een liquidatie.


Eva is 17 jaar, zit in de vijfde en verheugt zich enorm op het weekendje naar Schoorl waarin ze samen met haar vriendinnen gaat vieren dat ze over zijn naar de zesde. Maar eerst nog het schoolfeest. Van haar ouders mag ze om half twee thuiskomen onder de voorwaarde dat ze samen met haar vriendinnen naar huis fietst. Tijdens het schoolfeest gaat de tijd snel, waardoor de meiden te laat vertrekken om op tijd thuis te komen.


Fleur fietst samen met Kim voorop en beslist de kortere route via de Diergaardetunnel te nemen om zo tijd te besparen. Het is een enge tunnel en Eva zou nooit alleen door die tunnel gaan fietsen, maar nu volgt ze, zoals ze Fleur zo vaak volgt. Zodra ze uit de tunnel komen, zien ze een zwarte Mercedes dwars over de weg staan. Naast de geopende portieren liggen twee mannen. Ze lijken allebei overleden te zijn. Eva wil direct 112 bellen, maar Fleur sommeert haar daarmee te wachten als ze op de achterbank van de auto een tas ziet liggen. Onverschrokken haalt Fleur de tas uit de auto. Er blijkt een enorm geldbedrag in te zitten.


Vanaf dat moment beginnen de talloze dilemma’s die door de rest van het boek heen aan de orde komen. Wat zou jij doen als je een tas met € 80.000 vindt? Zou je de politie bellen? Zou je de tas aan hen geven of zou je het voor jezelf houden? Hoe zou jij reageren als je een andere mening hebt dan de rest van de groep? Zou je erin meegaan of zou je op je standpunt blijven? En wat zou je doen met de mannen die op straat liggen? Zou je hulp voor hen inroepen of zou je willen verzwijgen dat je daar bent geweest? Wat doe je met spijt? Hoe ga je om met de keuzes die je gemaakt hebt en die allerlei nare gevolgen met zich meebrengen?


Elvin Post weet met deze jeugdthriller de situatie van alle kanten te belichten. Vanuit het oogpunt van Eva en Anna wordt het verhaal afwisselend aan ons voorgelegd en je krijgt als lezer een goed beeld van de personages. Hij laat de spanning in het boek goed oplopen, al zijn sommige situaties wat onrealistisch.
Hopelijk volgen er nog meer jeugdthrillers van zijn hand!


ISBN 978 90 261 6014 1| NUR 284 | Hardcover | 255 pagina’s | Uitgeverij De Fontein| februari 2022
Leeftijd 13+

© Els ten Voorde, 2 maart 2022

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Schuld & Vlinders
Simone van der Vlugt


Een omnibus van twee eerder uitgegeven boeken. Schuld verscheen in 2007, Vlinders een jaar later.
In beide boeken is de dertienjarige Zoë het hoofdpersonage.


In het eerste boek is Zoë pas in Hoorn komen wonen met haar moeder en broer Tijmen. Hun ouders zijn gescheiden, en haar vader is in Gouda blijven wonen met een nieuwe vrouw.
Niet alleen hun moeder heeft er veel moeite mee, ook Zoë en Tijmen hebben het nog niet verwerkt. Voor Zoë is er een extra last. Zij is helderziend, ze ziet de aura’s die om mensen heen hangen en ze ziet overledenen. Haar opa bijvoorbeeld. Ook krijgt ze flitsen over de toekomst.


In Gouda voorzag zij dat haar beste vriendin Evi zou verongelukken bij het ponyrijden, en ze had haar gewaarschuwd. Maar kon Evi’s dood toch niet voorkomen. Een schuldgevoel kwelt haar. Had ze niet meer moeten doen? Maar wat als de dood voorbestemd was en Evi dan wel op een andere manier omgekomen zou zijn?
Omdat haar gave mensen verbijstert en velen niet bereid zijn haar te geloven, is het extra moeilijk voor Zoë om met hetgeen zij ziet om te gaan.
Een nieuwe stad, een nieuwe school, misschien wel nieuwe vrienden, wie weet wat de toekomst brengt? Dat ‘ziet’ ze dan weer niet, want zo werkt het niet, al denken mensen dat ze dan zomaar alles ‘weet’. En wat ze weet over de toekomst van haar vader, wil ze dat wel vertellen?


Op haar nieuwe school maakt ze inderdaad langzaam vriendinnen. Een ervan is Renske, een meisje dat in de klas een beetje een buitenbeentje is. Zoë weet maar al te goed hoe dat voelt, en bovendien heeft ze bij Renske een van haar eerste beelden: Renske mankeert iets. Maar wat? En hoe maakt ze haar duidelijk dat ze naar de dokter moet?
In de klas zit ze naast Ivar, een gothic, die haar klasgenoten links laten liggen. Ze voelt dat er met hem ook iets is. Maar hij is moeilijk te benaderen.
In het tweede boek zijn we een aantal maanden verder. Zoë begint zich thuis te voelen in Hoorn.
Maar dan valt haar oog op een jongen die op het schoolplein staat.


‘Zoë werpt een blik om zich heen, maar niemand besteedt enige aandacht aan de jongen. Zijn ogen zijn echt op haar gericht, op haar alleen. En het is best een lekker ding. Blond, groot, cool gekleed.
Zonder aarzelen lacht Zoë terug.
‘Hé, weet jij wie dat is?’ Ze stoot Shanna aan, die naast haar in hun vriendengroepje staat.
Shanna volgt haar blik. ‘Wie?’


Shanna ziet die jongen dus helemaal niet. Zoë ontdekt later dat het Olaf is, een jongen die een jaar eerder in elkaar geschopt is. Een onbekende persoon heeft het voorval gefilmd en zet dat filmpje steeds opnieuw op YouTube, waarna de politie het weer weghaalt. De daders zijn nooit gepakt, een feit waar de vader van Olaf niet mee kan leven. Zolang dat het geval is kan Olaf geen rust vinden. Hij vraagt Zoë om hulp.
Dat is nogal een opdracht voor haar. Ze moet nu wel tegen een paar mensen vertellen dat ze helderziend is. Maar hoe zullen die reageren? En zal het haar lukken om Olaf, en zijn vader, te helpen?


Simone van der Vlugt (1966) begon haar carrière als schrijfster van jeugdboeken, vaak vanuit een historische basis. Zij won daarbij een aantal keer de Prijs van de Jonge Jury. Later verkreeg ze onder volwassenen bekendheid door haar thrillers, waarvan de eerste De reünie al meteen in de prijzen viel. En ze schreef historische romans voor volwassenen, zoals Jacoba, Dochter van Holland, en onlangs Ginevra.


ISBN  9789047713876 | hardcover| 312 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat| november 2021
Leeftijd 13+

© Marjo, 1 januari 2022

Lees de reacties op het forum, klik HIER

 


Zomer voor altijd
Jenny Han


‘Niet te geloven dat je er echt bent.’ Hij klinkt bijna verlegen wanneer hij antwoordt: ‘Vind ik ook.’
Dan aarzelt hij: ‘Wil je nog met me mee?’
Ik kan niet geloven dat hij dat nog moet vragen. Met hem zou ik overal naar toe gaan.’


Dit stukje tekst staat in deel een. Het duurde even voor je er achter kwam wie deze ‘hij’ was.
In dat eerste en het tweede deel las je ook over het dilemma van Belly: twee leuke jongens waar ze iedere zomer mee optrekt in Cousins, in het strandhuis van de familie Fisher. De twee broers Conrad en Jeremiah, haar beste vrienden, haar maatjes voor het leven, ze houdt van hen allebei.  Ze weet dan ook zeker dat ze met een van deze twee haar leven verder zal doorbrengen. Mevrouw Fisher zal ze zijn, absoluut! Maar welke van de twee zal het worden?


In het derde deel is Belly, nu Isabel, nauwelijks achttien, maar al bijna volwassen. Dat denkt ze tenminste. Ze studeert inmiddels op de universiteit.
In het begin van het verhaal deelt ze het leven met een van de twee broers, platonisch nog allemaal. Hij studeert op dezelfde universiteit. Het is een enorme schok als ze ontdekt dat hij in de korte periode dat het niet goed ging tussen hen omgegaan is met een ander meisje. Vooral dat hij het haar niet verteld heeft stoort haar enorm.


‘Het betekende niets. Ik zweer het je.’
Hij probeerde mijn arm aan te raken en ik kromp ineen. Ik veegde mijn wangen droog en zei: ‘Voor jou betekent seks misschien niets, maar voor mij wel en dat wist je. Je hebt alles kapotgemaakt. Ik zal je nooit meer vertrouwen.’


‘Nooit’. ‘Altijd’. Het zijn nog kinderen, niet de volwassenen die ze denken te zijn. De enige manier die hij bedenkt om het goed te maken is haar ten huwelijk te vragen. En Belly zegt ja. Meteen beginnen ze te plannen, ze willen het komende studiejaar al samen wonen dus de bruiloft zal al binnen een paar maanden zijn.
Belly merkt wel dat vrijwel iedereen het afkeurt. Vooral haar moeder protesteert.


‘Mijn moeder leegde haar champagneglas in een grote slok. ‘Jullie tweeën gaan niet trouwen, punt uit. Jullie zitten verdorie nog allebei op school. Het is belachelijk.’
Meneer Fisher schraapte zijn keel en zei: Misschien kunnen we het er beter nog een keer over hebben wanneer jullie allebei afgestudeerd zijn.’
‘Een paar jaar daarna.’ vulde mijn moeder aan.’


Maar ze houden koppig vol, en plannen verder. Ook als Belly’s moeder zegt dat ze er niet bij zal zijn. En dan, langzaam maar zeker, komen er ook twijfels bij Belly.
Kan ze inderdaad met deze jongen haar verdere leven delen? Misschien is ze zelf nog te jong, maar hij gedraagt zich zeker onvolwassen…


Zoals in de eerdere twee boeken beleef je de diepe zielenroerselen van een jong meisje, al is een huwelijk natuurlijk wel een uiterste. In het derde deel heeft Jeremiah geen stem. Conrad wel, af en toe.
Loopt het af zoals je vanaf het begin in deel een al denkt dat het af zal lopen?


Jenny Han (Richmond, Virginia) studeerde aan de University of North Carolina in Chapel Hill. Ze haalde haar diploma in creatief schrijven aan the New School.


ISBN 9789048858910 | Paperback | 304 pagina's | Uitgeverij Moon| juni 2021
Eerder uitgegeven in juni 2010 | Vertaald uit het Engels door Sandra van de Ven | Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 7 september 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Twee fonkelrode sterren in de blinkend witte sneeuw
Het ongelooflijke verhaal van de tweeling Nadja en Viktor
Davide Morosinotto


Viktor Nikolajevitsj Danilov en Nadja Nikolajevitsj Danilov zijn een tweeling. Niet eeneiig, en onafscheidelijk zijn ze ook niet maar ze hebben wel een bijzondere band.


Hun ouders werken bij de Hermitage als in 1941 de Duitsers Rusland binnenvallen. Hun ouders krijgen de opdracht zoveel mogelijk kunstvoorwerpen in te pakken om ze in veiligheid te brengen. Als er een mogelijkheid is dat kinderen eveneens in veiligheid gebracht worden, weg uit Leningrad dat belegerd gaat worden, gaan de twee met de kindertrein mee. In de chaos belanden ze in verschillende treinen. Het zou nog erger worden: de ene trein, met Viktor, rijdt naar Tatastan, die van Nadja strandt in Mga. (Voor wie de topografie van Rusland niet kent, staan er kaarten bij het verhaal!) Na een paar dagen komt het nieuws dat de trein van Nadja platgebombardeerd is. Dat is ook wel zo, maar blijkbaar was niet bekend dat de kinderen niet meer in die trein zaten!


De lezer weet dat omdat allebei de kinderen een dagboek bijhouden. Door een gelukkige omstandigheid zijn zij in het bezit van schriften, en we lezen om en om over hun avonturen.
Viktor belandt op een boerderij, waar hij hard moet werken. Onder het communistische regime wordt er geen onderscheid gemaakt: iedereen moet meehelpen.
Hij is vast van plan om te vluchten, hij heeft zijn vader beloofd dat hij en Nadja bij elkaar zullen blijven! Hij wil dus terug westwaarts. Eerst Moskou, dan Leningrad.
Nadja is intussen na een aantal gevaarlijke avonturen in een fort beland, op een eiland in het Ladogameer, met een aantal kinderen en Russische militairen. Zij worden belaagd door de vijand.


Beide kinderen zijn er van overtuigd dat de ander nog leeft. Ze zouden het weten, zeggen ze, als dat niet zo is. Mede daarom blijven ze doorgaan, ze moeten elkaar terugvinden! Kost wat kost. En het kost veel, het is tenslotte een oorlogsverhaal. En de afstanden zijn enorm in het door oorlog verscheurde land.


De vorm van het boek is bijzonder: niet alleen zijn het de dagboeken van de twee die we lezen, na alle gebeurtenissen: er is nog een lezer: de Russische kolonel Smirnof, een rechtgeaarde Rus, die aantekeningen maakt in het dagboek. Hij heeft de papieren geordend, voor zover mogelijk.
Als hij een deel gelezen heeft maakt hij rapporten, waarin we zijn conclusies lezen. Hij zal na lezing bepalen of de kinderen schuldig of niet schuldig zijn. Zijn ze staatsgevaarlijk? Hebben ze zich schuldig gemaakt aan spionage en anti-Russische acties. Soms schrijft hij in de kantlijn dat hij iets nader moet onderzoeken, of de genoemde personen misschien ook schuldig zijn. Of dat een bepaalde persoon juist een eervolle vermelding verdient.


De verschillende dagboeken zijn rood voor Viktor en blauw voor Nadja.
Zullen zij elkaar terugvinden?


Wat een ongelooflijk verhaal! Niet in de zin dat het absoluut uit de duim gezogen is, maar omdat het gaat over verbijsterende gebeurtenissen tegen de achtergrond van de tweede wereldoorlog in Rusland. Want die geschiedenis krijgen we natuurlijk ook mee: het gaat over strijd, over vluchtelingen, over de strafkampen, over honger en ijzige kou, over alles wat met oorlog te maken heeft.
Mooi uitgevoerd en meeslepend.


Davide Morosinotto (1980) studeerde communicatie. Hij is de Italiaanse schrijver van het spannende avonturenboek 'Het mysterieuze horloge van Walker & Dawn'. Hij won voor dit boek verschillende prijzen, zoals de Andersen Award, een grote internationale prijs voor jeugdliteratuur.


ISBN 9789059247260 | Hardcover | 480 pagina's | Uitgeverij Baeckens | april 2020
Vertaald uit het Italiaans door Pieter van der Drift en Manon Smits | Leeftijd 12+

© Marjo, 12 augustus 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het heksenhotel
Anna van Praag


De twaalfjarige Laura zit in een moeilijke periode. Omdat ze de basisschool vaarwel heeft gezegd, volgt nu de middelbare school. Maar het wordt niet de school van haar eigen keuze, maar die van haar moeder. En dan vertellen haar ouders ook nog dat ze uit elkaar gaan! Cynisch denkt Laura dat het toch weinig verschil zal maken, ze zien hun moeder die een bekende en dus drukke hartchirurg is toch nauwelijks. De ene au pair na de andere woont in hun huis.


En dan ineens, van de ene dag op de andere lijkt het wel, zit Laura met haar vijfjarige zusje Elvie en hun vader in Ierland! Zoals dat vaker het geval is bij haar vader, pakten ze hals over kop hun koffers.
Maar, wordt dit wel een gewone vakantie?
Ze logeren in een hotel – Het Coven Hotel. Als ze de weg gaan vragen in een oude kroeg, die Annie’s Place heet, maakt Laura een praatje met de eigenaresse:


‘Ze knikte en wees naar mij. ‘Laura,’ zei ze met haar kraakstem. Dat had ze papa natuurlijk horen zeggen, maar een beetje griezelig was het wel. Ze bleef me aanstaren en ik staarde terug. Totdat ik echt misselijk werd van die kleine rooddoorlopen oogjes en ik mijn telefoon pakte.‘No,’ zei Annie. Ik keek op, ze maakte een gebaar dat ook ‘keel doorsnijden’ kon betekenen. Bedoelde ze ze nou echt dat er geen bereik was?
Toen papa terugkwam zei ik het meteen. ‘Nu zijn we echt verloren, er is hier geen netwerk.’
Papa schoof naast me aan de bar. ‘Dan zijn we er vast bijna.’
Hij glimlachte charmant naar Annie. ‘Het Coven hotel?’
Alsof hij haar een klap had gegeven. Annie deinsde achteruit en daarna schoot ze naar voren. Ik voelde Elvie schokken.
‘Cursed.’ hijgde Annie.


Als Annie vervolgens een verhaal vertelt over heksen, en offers, krijgt Laura ineens zin om verder te gaan. Cool! Heksen?!
Het is nog waar ook: de eigenaresse van het hotel, Dana, noemt zich opperpriesteres, en er worden allerlei bijzondere feesten, gehouden, midden in de nacht bijvoorbeeld. Heksenkringen, rituelen, wicca, kruidendrankjes, Laura vindt het eigenlijk allemaal wel leuk. Als dus haar moeder belt, en haar er aan herinnert dat ze nog spullen moeten kopen voor de nieuwe school, en dat ze dus echt naar huis moeten komen, baalt ze stevig.
En toch: is het allemaal wel zo pluis als het er uit ziet? Heeft Annie misschien gelijk, en is Dana gevaarlijk? Het lijkt wel of ze gedachten kan lezen, niet normaal toch?
Is het wel zo’n verstandig besluit van haar vader om in Ierland te blijven?


Een spannend verhaal met een dosis romantiek, want Laura wordt ook verliefd. Als een rechtgeaarde tiener houdt ze een dagboek bij, de notities vinden we tussen het verhaal door. Vanzelfsprekend gaat het vooral over hekserij, met voor- en tegenstanders. Er blijft weinig ruimte voor iets anders. Kijkt er wel iemand om naar Elvie? Eigenlijk kijkt er ook niemand om naar Laura, en al is ze dat haar leven lang wel gewend, zo hoort het natuurlijk niet. De gebeurtenissen vormen haar, zodat het verhaal naast een toch wel griezelig heksenverhaal ook een coming of ageverhaal is.


Het heksenhotel is een heruitgave, opgefrist door de schrijfster. Het verscheen oorspronkelijk in 2009 en blijkt al jaren op de leeslijst van de (oude) Canon van de Nederlandse Geschiedenis te staan. Beetje vreemd, het verhaal speelt zich af in Ierland!


Anna van Praag (1967, Amsterdam) studeerde Spaans en werkte bij diverse theatergezelschappen en filmfestivals. Voor ‘Het verhalenkasteel’ gaf ze jarenlang trainingen aan leerkrachten over voorlezen.


ISBN 9789047713661 | Hardcover | 164 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat | juni 2021
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 19 juli  2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Tiffany Dop
Tjibbe Veldkamp


"Ik was dertien en wilde een baby." [...]
Ik vond mijn babyplan helemaal geniaal, maar er was één minpuntje. De seks. Daar had ik weinig zin in. Ik had nog nooit gezoend. Maar zonder seks werd je niet zwanger, voor zover ik wist. Dus het moest maar even."


Spectaculairder kan een boek niet beginnen. Maar het vervolg wordt nóg verbluffender. Tiffany Dop - bats veur de kop - zoekt een man die ze wel als vader van haar kindje wil. Het liefst een slappe man, dan kan ze hem aan als hij wil vechten, die een beetje schoon is. 's Ochtends ziet ze de ideale kandidaat en achtervolgt hem. Hij blijkt in een café te werken en als hij de zaak opent, glipt ze mee naar binnen en kleedt zich gelijk maar uit. Dat had ze op de pornosite gezien en dat leek haar wel makkelijk...
De man gaat gelukkig niet op haar 'uitnodiging' in, maar geeft wel tips.


Maar waarom wil Tiffany een baby? Dat is de vraag natuurlijk. Eigenlijk is het antwoord heel simpel. De dag ervoor drukte een vrouw een kindje bij Tiffany op schoot. 'Schat, pas even op, wil je? zei ze erbij.  En toen gebeurde het... Tiffany smolt helemaal weg. De stoere meid verdween en ze voelde ineens allemaal zachtheid en liefheid in zichzelf. Die Tifanny kende ze niet. Die Tiffany was haar beter ik, begreep ze.

Die nacht lag ze wakker.

"Ik dacht aan het kleine meisje. Ik zag haar voor me. Haar rode wangetjes, haar verbaasde blik, haar dunne blonde haartjes.[...]
Ik legde een vinger tegen mijn wang en deed alsof het haar handje was. Ik legde een vinger tegen mijn wang en deed alsof het haar wang was. Ik hield mijn armen zoals ik ze gehouden had toen ik haar vasthield. Ik was van top tot teen gelukkig."


En vanaf dat moment wil ze een eigen baby, een kindje helemaal van zichzelf.

Tiffany is weinig liefde gewend. Thuis komen er veel 'vrienden' van haar moeder over de vloer. Dan is er tenminste eten. Naast moeder zijn er nog de broertjes Danny en Bruce, die het met de waarheid en school ook niet zo nauw nemen. Zelf is ze ook geen lieverdje en als het moet vecht ze zich letterlijk een weg door haar leven. De baby heeft als het ware haar ogen geopend, ze weet nu dat er meer is dan die rauwe wereld waarin ze opgroeit. Ze heeft voor het eerst een heel warm gevoel gehad, je zou het zowaar liefde kunnen noemen.


De zoektocht naar een man die haar zwanger kan maken, gaat verder en ze probeert ene Olivier op de wc van een de bibliotheek te verleiden. Op dezelfde manier als de caféman. Maar ook Olivier weigert... Ze weet dan nog niet dat deze Olivier haar wereld zal veranderen...

Het verhaal is vaak hilarisch maar de ondertoon is in feite schrijnend. De liefdeloos opgegroeide, stoere, 'onverschillige' Tiffany vindt in feite alles wat er gebeurt in huis normaal, ze weet niet beter. Moeder Sheila is ongenadig, ze zou bij wijze van spreken haar eigen dochter verkopen als het moet.
Gelukkig heeft ze één iemand gekend die in haar geloofde, dat blijkt haar uitweg geweest te zijn. En nu is er Olivier die op heel subtiele wijze Tifanny ook de goede kant op helpt.


Het verhaal is op luchtige toon gebracht en je zit vaak te grinniken om de naïeve onschuld van Tiffany, maar tegelijkertijd lees je met gekromde tenen over de onverschillige houding van Sheila. Je gunt de geweldige Tiffany daardoor ook een Olivier want je sluit die stoere, kwetsbare meid onvoorwaardelijk in je hart.
Lezen!


ISBN 9789047713678 | Hardcover | 118 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat | december 2021
Bekroond met een Zilveren Griffel | Leeftijd 13+
Tiffany Dop verscheen voor het eerst in 2009 onder dezelfde titel. Voor deze nieuwe uitgave is het verhaal herzien.

Dettie, 25 januari 2022

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De vlucht van de zeemeeuw
Greet Beukenkamp


‘Het is koud hier op het water. Ze trekt de rits van haar jack nog wat omhoog en snuift de zilte, vochtige lucht op. Behalve het geluid van de motoren en het gekrijs van een paar meeuwen is het stil op de boot. Het bovendek is verlaten.’


Schoolkamp. Voor sommigen een feest, voor anderen een gruwel. Met deze 2 havo klas gaan twee leraren en twee moeders mee. Klassenmentor Paul De Wilde is zich er terdege van bewust dat zich in de groep enkele potentiële bommetjes bevinden. Hij hoopt dat de meer autoritaire gymleraar Haneman hen in het gareel kan houden. In de groep bevinden zich namelijk een paar pestkoppen, die het speciaal gemunt hebben op een paar klasgenoten. Een daarvan, Patrick, is weerbaar, de ander, Ivo, absoluut niet.


Deze Ivo is een gevoelige en bedeesde jongen, verknocht aan zijn viool. Hij accepteert alles gelaten, maar wat erger is: de rest van de klas laat het ook gebeuren, terwijl ze echt wel weten wat er aan de hand is. Maar zij zijn bang voor de pesters: Daan is de grootste kwelgeest. Dennis, Bert en Ron zijn meelopers.  En er is Chris, die zelf niet lijkt te beseffen wat zijn plannetjes aanrichten. Als hij dat wel beseft is hij een gemenerik pur sang.


Op Terschelling is het voor de volwassenen onmogelijk alles in de gaten te houden, de pestkoppen profiteren er van. De tent van Ivo nat spuiten, de spullen van de jongen in zee gooien, een confronterende foto maken, en nog erger.
Hen achteraf streng toespreken haalt niets uit en ‘ach’, zegt de Wilde: ‘na dit schooljaar valt die groep uit elkaar, eentje blijft zitten, een ander gaat naar het VMBO.’
Nu heeft de Wilde zelf een akelige link met het eiland, iets uit het verleden, misschien handelt hij daarom niet adequaat?
Het kamp loopt in ieder geval allemaal danig uit de hand en komt tot een climax op de bonte avond, de laatste avond.
Het boek eindigt met de bootreis, zoals het ook  begonnen is. Een tocht over het water die vergezeld gaat van meeuwen.


‘Opeens breekt de zon door en de veren van de meeuw krijgen een gouden gloed. Tegelijk geeft hij een schelle kreet. Nicolet weet dat hij afscheid van haar neemt, want hij wiekt weg en vliegt in een wijde boog in de richting van de Noordzee. Hij wordt kleiner en kleiner totdat hij niet meer is dan een stip. Hij komt niet meer terug.’


Het voornaamste thema is pesten, maar er komende nog allerlei kleinere thema’s aan de orde. Logisch natuurlijk: zouden het alleen evenwichtige gelijksoortige kinderen zijn, dan was er geen enkele reden om te pesten.
De stijl is belangrijk: het verhaal zou een stuk minder ingrijpend geweest zijn als het door een enkele verteller gedaan zou zijn. Maar alle leerlingen van 2d krijgen het woord. De volwassenen die er bij zijn niet!
Bij iedere leerling lees je over hun eigen besognes, over hun achtergronden, en de reacties op hun medeleerlingen.


Het boek is eerder verschenen in 1992 onder de titel ’Al het water van de zee’. Het is bewerkt en gemoderniseerd (sociale media) voor deze nieuwe uitgave. Grappig: toen was het klas 2a die op kamp ging! Achterin vind je informatie over pesten waar je eventueel terecht kunt, met telefoonnummers voor zowel Nederland als België.
Een goed idee, deze nieuwe uitgave.


Greet Beukenkamp (Haarlem, 1939) was oorspronkelijk onderwijzeres, studeerde later psychologie aan de Universiteit van Amsterdam. Nadat ze was begonnen toneelstukken te schrijven en regisseren voor groep 8 van de basisschool en deze waren uitgegeven, wijdde ze zich aan het schrijven van kinderboeken. In 1992 kwam haar eerste boek Een lange reis op korte pootjes uit en tot 2017 verscheen jaarlijks  een boek.


ISBN 9789044841558| hardcover | 305 pagina's | Uitgeverij Clavis | juni 2021
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 19 september  2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Een zomer zonder jou
Jenny Han


Belly, kort voor Isabel brengt al jaren de zomer door in het strandhuis in Cousins, het huis van Susannah en haar gezin. Laurel, Belly’s moeder is Susannahs beste vriendin. Diens twee zoons, Conrad en Jeremiah zijn ook altijd van de partij evenals Belly’s broer Steven. De echtgenoten laten zich hoogstens een weekje zien.


In deel een hebben we gelezen hoe de jongens ineens de jongedame ontdekten in het kind dat ze altijd als een jonger zusje beschouwden. Het heeft de verhoudingen totaal veranderd. Belly vond dat prima, was zij immers al niet jaren verliefd op Conrad?
Maar Jeremiah is ook erg leuk. Dat is een probleem…
Helaas is deze zomer behalve de zomer van ontluikende liefde ook de zomer van een schokkende ontdekking: Susannah is ziek.


Alles is anders als de volgende zomer aanbreekt, de zomer waar het in dit boek over gaat.
Belly vindt het vreselijk maar de zomers in Cousins lijken voorgoed voorbij. Het weinige contact dat Belly met de jongens heeft buiten de zomer om loopt ook al niet naar wens. Wat er gebeurt, wordt in flashbacks verteld, in het heden brengt Belly de zomer door in Boston.
Haar vriendin Taylor die haar al die zomers moest missen vindt het heerlijk, en probeert Belly mee te slepen naar allerlei feesten en wil haar aan allerlei jongens koppelen. Maar als er één ding is waar Belly nu achter komt: Taylor is een ander soort meisje dan zijzelf, vindt ze het nog wel leuk om vriendin met haar te zijn?
Haar moeder is niet in haar normale doen, Steven gaat zijn eigen weg, deze zomer is absoluut waardeloos. Hoe komt ze de tijd door?
En dan neemt Jeremiah contact op: Conrad is verdwenen. Misschien kan Belly helpen zoeken?


Het is geen rozengeur en maneschijn in dit tweede deel. Wat er allemaal gebeurt, verklap ik niet maar het neigt sterk naar het melodramatische. Het is waarschijnlijk aan de prettige schrijfstijl van Jenny Han te danken dat het geheel toch lekker leest. Ze wisselt goed af: heden en verleden lopen door elkaar, zoals ook de goede dingen wisselen met de akelige. En Jeremiah mag af en toe zijn zegje doen, dat brengt er ook jeu in.
Wat dit deel interessant maakt is dat de band tussen de broers een grote rol speelt. Conrad is de oudste, en Jeremiah keek altijd op tegen zijn grote broer. Toch was er een competitiestrijd gaande.


‘Hij was altijd slimmer, sneller – gewoon beter. Het punt is dat ik hem dat altijd heb gegund. Hij was gewoon Conrad. Hij kon er niks aan doen dat hij goed was in die dingen. Hij kon er niks aan doen dat hij nooit verloor met UNO of wedstrijdjes of cijfers. Misschien had ik het ergens nodig, iemand om tegen op te kijken. Mijn grote broer, de jongen die niet kon verliezen.
Maar er was die ene keer, toen ik dertien was. We waren in de zitkamer aan het worstelen.’


Die gebeurtenis, waarbij de jongste de oudste kon verslaan, was een openbaring voor Jeremiah, door de manier waarop hun vader er op reageerde. Vanaf dat moment was alles anders.
Niettemin gaat het ook in dit tweede deel vooral om de liefde: de beide jongens, Jeremiah en Conrad blijven het probleem voor Belly. Zou ze nu een definitieve keuze maken?

Nou…er komt nog een derde deel, waar aan het einde van dit tweede boek tergend nieuwsgierigmakend naar verwezen wordt. Doorlezen moet.


Jenny Han (Richmond, Virginia) studeerde aan de University of North Carolina in Chapel Hill. Ze haalde haar diploma in creatief schrijven aan the New School.


ISBN 9789048858859 | paperback | 255 pagina's | Uitgeverij Moon| juni 2021
Eerder uitgegeven in juni 2010 | Vertaald uit het Engels door Sandra van de Ven | Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 19 augustus  2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De zomer waarin alles veranderde
Jenny Han


‘Niet te geloven dat je er echt bent.’
Hij klinkt bijna verlegen wanneer hij antwoordt: ‘Vind ik ook.’
Dan aarzelt hij: ‘Wil je nog met me mee?’
Ik kan niet geloven dat hij dat nog moet vragen. Met hem zou ik overal naar toe gaan.’


Wie is de jongen/man in dit stukje tekst waarmee het boek begint?
Om daar achter te komen is er de trilogie van Jenny Han. Dit is het eerste deel, waarin we de ik-figuur leren kennen: Belly, kort voor Isabel. Ze gaat met haar moeder Laurel, en haar oudere broer Steven naar het strandhuis waar ze voor zover Belly zich kan herinneren alle zomers van hun leven hebben doorgebracht. Het huis is van de vriendin van Laurel. Susannah woont er in de zomer met haar twee zoons, Conrad en Jeremiah. En die twee zijn de broers die Belly altijd wenste.


Maar nu is ze bijna zestien, en ook de jongens zijn op een leeftijd – 18 en 16 jaar - dat ze een andersoortige belangstelling hebben voor een meisje dat er uit ziet als Belly. Weg is het kleine zusje, daar staat ineens een mooie jonge vrouw!


‘Conrad nam me even van top tot teen op, zoals de jongens in het winkelcentrum weleens deden. Nog nooit had hij zo naar me gekeken. Niet één keer. Ik voelde de blos die in de auto op was komen zetten terugkomen. Jeremiah daarentegen was stomverbaasd. Hij keek naar me alsof hij me niet eens herkende.’


Haar moeder beseft ook dat kleine meisjes groot worden en ze laat Belly meer vrij: ze mag naar feestjes. En wat ze nog niet mag doet ze stiekem natuurlijk, als een rechtgeaarde tiener! Maar het is best lastig nu dit anders is. Wie van de twee vindt ze nu het leukst? Of kiest ze niet voor een van deze twee, maar een andere jongeman? Want natuurlijk zijn die er ook!
En was het wel zo’n goede beslissing om haar vriendin Taylor te vragen om een weekje te komen logeren?
Er is wel een probleem: als ze nu verliefd wordt, wat moet ze daar dan mee als de zomer voorbij is en er weer lange maanden zijn waarin ze deze jongens niet zal zien?


‘Ik vroeg me altijd af hoe de jongens er in december uitzagen. Dan probeerde ik me ze voor te stellen met een rode sjaal en een coltrui, met rode wangen, staand naast een kerstboom, maar het beeld leek altijd nep. Ik kende de winterse Jeremiah en de winterse Conrad niet, en ik was jaloers op iedereen die ze wel kende.’


Er is nog meer anders deze zomer. Er hangt een vreemde sfeer. Er is iets met Susannah. Is zij soms net als Laurel bezig met een scheiding? (de echtgenoten zijn er overigens nauwelijks in de zomer, zij werken.)
Wat is er toch aan de hand?


Een lekkere meidenroman over een meisje met wie tieners zich zeker zullen kunnen vereenzelvigen.
Het leest als een trein, kaart precies die problemen aan waar meiden zich mee bezig houden, en het is natuurlijk heerlijk romantisch. Al wordt de donkere kant van het leven niet veronachtzaamd.


Heb je genoten van deel 1, dan heb je nog twee delen te gaan. Het is immers een trilogie.


Jenny Han (Richmond, Virginia) studeerde aan de University of North Carolina in Chapel Hill. Ze haalde haar diploma in creatief schrijven aan the New School.


ISBN 9789048805693 | paperback | 255 pagina's | Uitgeverij Moon| juni 2021
Eerder uitgegeven in juni 2010 | Vertaald uit het Engels door Sandra van de Ven | Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 23 juli  2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Woeker
De Invasie deel 1
Kenneth Oppel


De drie buitenbeentjes die in dezelfde klas zitten, hadden nooit gedacht dat ze samen een avontuur als dit zouden beleven.
Als je buitenbeentje bent val je er immers buiten. Maar nu gebeurt er iets waardoor zij in het voordeel blijken te zijn. Maar hoe dat kan? Dat wordt nog een heel verhaal.


We maken kennis met Anaya. Zij is allergisch voor zowat alles waar je maar allergisch voor kunt zijn, heeft voedselintolerantie. Astma en acne horen er ook bij. Ze vindt zichzelf lelijk. En ze wil zo graag knap zijn net als Petra, die ooit haar beste vriendin was. Waarom is die vriendschap voorbij? Wat is er fout gegaan? Eigenlijk is dat niet de vraag. Dat is meer hoe ze het uit de wereld kunnen helpen. Want Petra is een van de andere buitenbeentjes: zij is dan misschien een knappe meid, ze is allergisch voor water! Gewoon water! Ze kan het drinken, maar douchen, zichzelf wassen, in de regen lopen, dat gaat allemaal niet. Ze vindt zichzelf best zielig, want voordat dit probleem op kwam zetten was ze dol op: zwemmen!
En dan is er Seth. Hij is wees en woont bij het zoveelste pleeggezin, en durft nauwelijks te hopen dat hij bij deze mensen mag blijven. Zijn probleem zijn de littekens op zijn armen. Iedereen denkt dat hij zichzelf snijdt of zo, maar wat het echt is, durft hij niet te vertellen.
Hij houdt afstand tot de anderen. Tot Anaya ontdekt hoe goed hij kan tekenen. Misschien wil hij helpen bij de schoolkrant?


En dan op een dag begint het te regenen. Niet zomaar wat te regenen, over de hele wereld bleef het gestaag regenen.
Als Anaya de dag er op naar buiten kijkt ziet ze vreemde planten. Ze lijken wel zwart. En ze zijn overal!
Haar vader is botanicus en gespecialiseerd in grassen. Hij kent deze nieuwe plantensoort niet, en als die dan ook nog blijkt te groeien terwijl je er naar kijkt, gaat hij naar het proefstation om onderzoek te doen.
Dat is hard nodig, de planten zijn gewelddadig!


Wat daarmee bedoeld wordt en waarom onze drie hoofdpersonen er geen last van blijken te hebben, dat is een bijzonder en intrigerend verhaal. Zij vertellen om en om, waarbij er steeds een symbool boven het hoofdstuk staat. Het wordt in de loop van het verhaal duidelijk waar dat tekentje voor staat.


Dit is een boek dat je echt niet meer weglegt als je eenmaal begonnen bent!


Kinderen kennen de serie over de vleermuizen waarschijnlijk niet, maar die serie (Zonnevlerk, Zilvervlerk en Vuurvlerk) was in het begin van deze eeuw best populair.
Al moet gezegd worden dat waar je in die boeken een paar pagina’s moet doorbijten, dat in deze nieuwe dus absoluut niet het geval is. Er is een spannende proloog – eigenlijk een hoofdstuk dat je ergens verderop tussen de andere hoofdstukken kunt plaatsen – maar ook zonder die tekst zit je meteen in het verhaal. Het gegeven van de drie jongelui is intrigerend, en Kenneth Oppel wacht niet lang voor hij de spanningsboog laat beginnen. En die wordt erg hoog!
Nu is het met een boog zo dat die weer naar beneden gaat, en dat is dan ook zo: op het moment dat duidelijk wordt hoe ze het gevaar moeten afwenden, zakt de spanning wat in. Maar er komen nog twee delen, dus het is absoluut niet gedaan! Maar dat weet je al bij de laatste zin…


Kenneth Oppel (1967) is een Canadese schrijver van kinderboeken. Na de vleermuisserie is er niets meer van hem vertaald. Tot nu.

ISBN 978949318928| paperback | 312 pagina's | Uitgeverij Condor | april 2021
Vertaald uit het Engels door Maria Postema | Leeftijd vanaf 13 jaar.

© Marjo, 29 april 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER