Nieuwe jeugdboekrecensies 13+

altHet achterhuis
Anne Frank

tekeningen: David Polonski
tekstbewerking: Ari Folman


Het verhaal van het achterhuis is voor de meesten van ons bekend waarschijnlijk, en ook voor nieuwe generaties moet dit een verhaal zijn waar ze kennis van nemen. Voor diegene die moeite hebben met de hoeveelheid woorden in het dagboek zelf, hebben Ari Folman en David Polonsky een prachtige stripbewerking gemaakt.


Het boek verschijnt ter gelegenheid van een jubileum: zeventig jaar geleden werd Het Achterhuis voor het eerst gepubliceerd. Achterin het boek staat een verantwoording, want een bewerking naar een graphic novel betekent dat het verhaal niet identiek kan zijn. Maar Anne’s dagboek wordt wel grotendeels gevolgd. Steeds werden dertig pagina’s van de oorspronkelijke tekst bewerkt tot tien pagina’s in stripvorm, maar er staan ook volledige pagina’s uit haar boek in, in dezelfde bewoordingen.


De tekeningen zijn prachtig, en geven behalve het verhaal ook gedachten, dromen en fantasieën weer. Deze weergave spreekt jongeren absoluut meer aan dat stukken geschreven tekst! Wie het dagboek zelf gelezen heeft, kan gerust zijn: hoewel een stripverhaal heel anders overkomt, is dat alleen de vorm. Aan het verhaal van Anne zelf is niets veranderd. Een uitgave als deze is heel toegankelijk voor diegenen die niet zo graag lezen.


De uitgave kwam tot stand in samenwerking met het Anne Frank Fonds Basel.
David Polonsky (Tel Aviv) heeft vooral de tekeningen verzorgd, Ari Folman (Haifa) is verantwoordelijk voor de tekst.
Eerder werkten zij samen aan de film Wals met Bashir (winnaar van een Golden Globe, een César en een British Independent Film Award) over Folmans eigen ervaringen tijdens de eerste Libanon-oorlog. Daarna bewerkten zij dat verhaal tot een graphic novel.


ISBN 9789044632910 | Paperback | 160 pagina's | Uitgeverij Prometheus | oktober 2017 |
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 8 maart 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altIk noem je Blue
Ellie van den Bos


Twee jongeren delen een stukje van hun leven op een niet nader benoemd Italiaans eiland. Zij, een veertienjarige puber die het Hollands welvaren vertegenwoordigt, hij een Afrikaanse leeftijdgenoot, die een land in oorlog zonder toekomst verlaten heeft op weg naar… ja, hij heeft geen idee.
Als hun blikken elkaar ontmoeten, weet de lezer al het een en ander van hen.


Sanne is enig kind, van onlangs gescheiden ouders. Zij hoopt nog dat het allemaal weer goed komt, zeker na een afgeluisterd telefoontje dat haar vader voert.Toch knaagt het: dat plan waarover haar moeder haar al verteld heeft, en waarom Sanne eigenlijk bij haar vader wil gaan wonen brengt haar aan het twijfelen: was het wel met haar moeder waarmee Evert – zo noemt ze haar vader – in gesprek was? 


Met hem is ze op dat eiland, voor een vakantie. Hij laat haar grotendeels haar eigen gang gaan, als ze maar belt. Maar op het eiland heeft Sanne niet overal bereik, en dat zorgt voor ongerustheid bij beide ouders. Want ze fietst overal rond - ook waar ze eigenlijk niet mag komen, de noordkant - en legt contacten. Ze is geschokt als ze te maken krijgt met bootvluchtelingen die opgesloten worden in een kamp aan de andere kant van het eiland. Die jongen die ze in de haven zag: zit hij daar?


Mady was met zijn moeder en vele onbekenden onderweg naar een veilig land, toen hun bootje omsloeg. Een Italiaanse visser wist acht van de mensen die op die boot zaten te redden. Mady’s moeder is naar het ziekenhuis gebracht, Mady wil naar haar toe, maar is nu een voortvluchtige, nagezeten door de politie.

Hoe verschillend zijn deze twee jongeren. En toch ook: hoe gelijk! Beiden vinden hun eigen gezin belangrijk. Mady is zeer gehecht aan de guts, waarmee hij hout bewerkt, net als zijn vader. Sanne hecht bijzondere waarde aan de camera die ze van haar opa kreeg. Ze zijn allebei niet bang om de wereld te ontdekken, al zijn ook daar natuurlijk verschillen. Toch vinden ze elkaar daar op dat Italiaanse eiland, en nee, er is geen sprake van een zwijmelende verliefdheid. Gewoon een jongen en een meisje. Dat is een goede keuze van de schrijfster, zoals ik ook de titel heel goed gekozen vind. Want wie is die Blue? Het intrigeert.


Het aankaarten van de vluchtelingenproblematiek is nodig, en het is actueel. Ellie van den Bos laat verschillende kanten van deze kwestie zien: de ellende van de vluchteling, maar ook de – begrijpelijke – reactie van de eilandbewoners. Want: ‘Ieder voelt zijn eigen pijn het meest’.
Dat lijkt het uitgangspunt van deze jongerenroman. Want natuurlijk is het erg, dat mensen zich gedwongen voelen hun huis en haard te verlaten op zoek naar het onbekende dat allicht beter is, maar ook de problemen van een Westers kind dat niet hoeft te vluchten en kan rekenen op een veilig huis, zijn belangrijk.


Wat de schrijfster ook prima doet is spanning in het verhaal brengen. De lezer wil weten hoe het af loopt. Door de verhaallijnen af te wisselen wordt die spanning goed opgebouwd.
Wat er evenwel fout gaat is de Franse taal. Je kan je voorstellen dat Sanne geen perfect Frans spreekt, maar daarom hoeft het in het boek nog niet fout te zijn.
Beginnersfoutjes? Laten we het hopen.


ISBN 9789089549860 | Paperback | 227 pagina's | Uitgeverij Elikser | september 2017
Leeftijd vanaf 14 jaar

© Marjo, 16 februari 2018 

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altFoert met Knoert
Jesper Wung-Sung


‘Hij heet William. En op allerlei manieren is hij een gelukskind. Hij heeft twee ouders. Hij woont in een huis. Hij krijgt iedere dag te eten.
Maar dan is er Knoert.’


William, twaalf jaar oud, ligt op bed. Hij is verdrietig, en verveelt zich. Knoert zit op het voeteneind. William wil spelen, maar Knoert reageert niet op zijn pogingen. Dus begint William gewoon. Hij telt tot honderd, en nadat hij heeft geroepen dat hij eraan komt, komt hij moeizaam van zijn bed, pakt een grillspies, en begint op een zwarte sporttas in te steken.
‘Je bent dood, gast! Dood! Schreeuw gast, schreeuw maar! Dood! Dood!’

Pas als we veel later begrijpen wie Knoert is, kunnen we deze scene begrijpen. Als Knoert dikker wordt, ziet William er steeds slechter uit. En andersom. Knoert en William, ze zijn met elkaar verbonden. Als Knoert de jongen probeert te stimuleren om de dingen te doen die een normale jongen doet, komt William in de problemen. Hij klimt bijvoorbeeld in een hoge boom en durft er niet meer uit. Maar hij ontmoet ook aardige mensen die hij anders niet gekend zou hebben.


Soms is William op school. Hij zit naast zijn vriend Sebastiaan. Maar is hij zijn vriend nog wel? Hij doet anders. En Katrien, dat meisje dat William zo leuk vindt? Wat wil zij nu eigenlijk?


‘Ken je dat? Op het moment dat je thuiskomt en de deur opendoet, weet je dat het mis is.
William pakt de klink vast en hij weet het. Hij doet de deur achter zich dicht en luistert naar zijn lichaam zoals een miljoen keer eerder, maar alles klinkt nog steeds zoals het hoort. De hal ziet er ook uit zoals hij er altijd uit ziet.
Maar als William de deur naar de keuken opendoet, twijfelt hij niet meer. De stilte.’


Als je zover bent gekomen met lezen weet je wat er aan de hand is. Je kent de strijd die William voert met Knoert. Het wordt slechts een enkele keer expliciet verteld: William is ernstig ziek. Maar hij is een gevoelige jongen met veel fantasie. En hij wil gewoon leven, zoals iedere twaalfjarige dat wil: naar school gaan, verliefd zijn en vooral: gezond zijn.


Het verhaal blijft lang onduidelijk, en is daardoor vooral voor de betere lezer. Maar durf je door te lezen dan ga je mee in alle emoties waar William mee te maken krijgt. Dit is een fantastisch gevoelvol verhaal, dat je diep raakt.


Jesper Wung-Sung (1971, Kopenhagen) heeft eerder Uitbraak en Dubbelgangers geschreven, ook al van die mooie boeken. Hij heeft een indirecte manier van schrijven, en juist dat maken de verhalen zo bijzonder. Uitleggen hoeft niet, de lezer begrijpt toch wel waar het over gaat.


ISBN 9789044829662 | Hardcover | 232 pagina's | Uitgeverij Clavis | mei 2017
Vertaald door Annelies van Hees | Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 12 december 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altVluchteling
Alan Gratz


Drie kinderen, drie verhalen. Bijzondere verhalen, want deze kinderen leiden niet een normaal leven. Ze zijn op de vlucht. Een actuele jeugdroman, die even spannend is als aangrijpend.


We volgen de dertienjarige Jozef, een jongen uit West-Duitsland, dat toen nog gewoon Duitsland was. Het is 1938, en Hitler krijgt steeds meer macht. ‘Juden heraus’ klinkt het steeds vaker. En Jozef is joods. Wat kan hij daar aan doen?
Als de vader van het gezin opgepakt wordt door de nazi’s, is het duidelijk: ze moeten weg. Als zes maanden later hun vader vrijgelaten wordt, vlucht het gezin: vader, moeder, Jozef en Ruth. Al snel blijkt dat Jozef, hoe jong hij ook is, eigenlijk de man in huis is. Zijn vader is nog maar een schim van wie hij was, in hem leeft een grote angst, die het hem onmogelijk maakt te leven als voorheen. Samen met vele andere joodse gezinnen zitten ze op een schip dat hen naar Amerika zal brengen. Dat is althans de bedoeling. Maar niemand wil de joden opnemen.
Zie ook https://www.smithsonianmag.com


Isabel woont op Cuba, dat geleid wordt door Fidel Castro. Cuba was een arm communistisch land, dat zich alleen kon bedruipen doordat de Sovjet-Unie het land steunde. Maar in 1989 hield de Sovjet-Unie op te bestaan, en daar zat Cuba: er was geen ander (rijk) land bereid steun te verlenen, en de bevolking leed honger. In 1994 beloofde Castro dat de Cubanen vrij waren om te vertrekken. Dat deden ze massaal: een exodus naar Miami. Maar daar zat Amerika niet op te wachten: zij stuurden mensen die ze op zee aantroffen terug. Alleen wie voet aan land wist te zetten – en dat werd erg moeilijk gemaakt – mocht blijven.

Isabel is een van de vertrekkenden. Met haar vader, opa en hoogzwangere moeder stapt ze in het bootje dat de buurman gemaakt heeft. Ze heeft een oogje op de buurjongen, Ivan, en droomt er van samen met hem een mooi leven op te bouwen. In Amerika. Maar niet alleen is het bootje niet echt zeewaardig, ook zij stuiten op Amerikaanse boten die hen tegen willen houden.
Zie ook www.nrc.nl/nieuws/1994


De derde hoofdpersoon is Mahmoud. Hij woont in Aleppo, dat dubbel belegerd wordt: door het Syrische leger èn door de rebellen. Als ook hun huis gebombardeerd wordt, besluiten zijn ouders te vertrekken, ze willen naar Duitsland. Mahmoud heeft een broertje Waleed en een babyzusje, Hana. Het is 2015, Europa is de vluchtelingenstroom zat, er worden muren gebouwd om Hongarije, om Oostenrijk. Zal het hen lukken om ongedeerd in Duitsland aan te komen? Ze krijgen te maken met mensensmokkelaars die er alleen op uit zijn hen geld afhandig te maken, waardoor bijvoorbeeld de overtocht naar Griekenland erg gevaarlijk is geworden.


Drie kinderen in totaal andere situaties. Alle drie moeten ze hun vertrouwde wereld achterlaten. Moeten ze op de vlucht, en zijn daarbij voortdurend in gevaar. Ze willen alleen maar rustig leven, ze hopen op veiligheid en dromen over een betere toekomst.


Om en om volgen we Jozef, Mahmoud en Isabel, in korte hoofdstukken waardoor de spanningsboog vrij hoog is. Je wilt immers weten hoe het verder gaat. Het is spannend. Maar hopelijk beseffen jonge lezers ook dat het geen lekker spannend verhaal is. Het is wat kinderen in alle tijden ergens ter wereld door moeten maken. Kinderen die ook liever in een huis wonen, gezellig met hun ouders, broertjes en zusjes. Samen met hun vrienden mopperen over school, over hun leraren, tegen de regels aanschoppen. Maar dat zit er voor veel kinderen niet in. Voor hen is het leven puur overleven. Zorgen dat je in leven blijft, dat je naasten in leven blijven. Een hard leven. Spannend in de zin van een avontuur? Nee, eigenlijk niet. Spannend in de zin van zullen ze het redden? Ja, dat wel. Maar dit boek leidt hopelijk vooral tot bezinning. Bedenken hoe goed jij het hebt. Zodat je mensen die het moeilijker hebben niet met de nek aankijkt.


Alan Gratz (1972, Knoxville, Tennessee) studeerde aan de Universiteit van Tennessee, waar hij eerst zijn bachelor in creatief schrijven heeft gehaald en daarna zijn master in Engelse educatie. Tegenwoordig is hij auteur van verschillende bekende young adult boeken, waaronder projekt 1065.

www.alangratz.com

ISBN 9789020654585 | paperback | 240 pagina's | Kluitman | september 2017
Vertaald uit het Engels door Carla Hazewindus | Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 25 oktober 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Ik noem je Blue
Ellie van den Bos



In dit actuele boek lezen we over de Nederlandse Sanne (14) die getuige is van de aankomst van een stel drenkelingen die door de visser Giuseppe uit zee zijn opgepikt. Onder hen bevindt zich een jongen, Mady, die moet toezien dat zijn moeder in vliegende vaart naar het ziekenhuis gebracht wordt, ze is er slecht aan toe.
Sanne, die samen met haar vader op vakantie is op het Italiaanse eiland, is erg begaan met de jongen. Gelukkig spreekt ze goed Frans en kan ze de jongen vertellen waar zijn moeder naartoe is gebracht. Helaas moet hij al snel weg, mee naar het opvangkamp.


Een spannend begin, je wil gelijk weten hoe het verder gaat met Mady en zijn moeder. Maar ook is je nieuwsgierigheid gewekt rond Sanne's verblijf op het eiland. Waarom is ze daar alleen met haar vader? En hoe komt het dat ze daar in har eentje rondloopt? Dat laatste komen we al snel te weten. Haar vader, die verder een ondergeschikte rol in het verhaal speelt, is een fanatiek duiker en Sanne fotografeert liever met het fototoestel van opa. Vader Evert laat haar vrij, ze moet alleen beloven niet naar een bepaald gedeelte van het eiland te gaan. En dat is nu net waar het opvangcentrum ligt en ze wil zo graag weten hoe het met Mady is.


Ondertussen lezen we ook hoe het Mady vergaat. Het enige wat hij in zijn hoofd heeft is zijn moeder vinden. Hij had immers zijn vader beloofd goed voor haar te zorgen Maar hoe komt hij het met hekken omheinde en goed bewaakte kamp uit? Maar als daar een paar dagen later brand uitbreekt grijpt hij de kans om te ontsnappen gelijk aan. Hij vlucht naar het strand en verstopt zich in een grot.


Sanne heeft inmiddels ook zo haar problemen, ze moet met haar vader praten over het geheim van haar moeder, maar is dat gesprek nog wel nodig? Uiteindelijk ontdekt ze dat haar vader ook een groot geheim heeft die hij zorgvuldig voor haar verborgen heeft gehouden. Sanne is razend... Papa kan barsten. Ze vlucht naar het strand en zo ontmoeten de twee elkaar weer. Ze worden niet gelijk grote vrienden. Ze kijken beiden eerst ruime tijd de kat uit de boom, ze hebben sowieso al genoeg aan hun hoofd en meer problemen hoeven ze er niet bij te hebben. Maar toch proberen ze elkaar te helpen én vooral de moeder van Mady zien te vinden. Maar zal dat lukken voordat Mady zelf gevonden wordt en terug moet nar het kamp?


De schrijfster heeft zich gedegen voorbereid op dit verhaal. Ze reisde hiervoor naar het Italiaanse eiland Lampedusa om in contact te komen met bewoners en vluchtelingen. In Nederland bezocht zij het Asiel Zoekers Centrum in Ter Apel en het Centrum voor Alleenstaande Minderjarige Asielzoekers in Drachten. Op de speciale facebookpagina  kunnen we de foto's zien die zij op Lampedusa heeft gemaakt van het opvangkamp, het ziekenhuis enz.
Daarom is het wel jammer dat ze ondanks de goede ingrediënten voor dit verhaal, het niet echt tot een sluitend geheel weet te brengen. Het verhaal komt niet helemaal uit de verf. Er blijven losse eindjes over.

Jammer want Ellie van den Bos heeft met Mady en Sanne twee kinderen met een heel eigen karakter neergezet. Daarnaast zijn er de oude, vriendelijke visser Guiseppe en zijn vrouw die onderling een zeer uitgesproken mening hebben over de vluchtelingen op het eiland. Daardoor laat de schrijfster goed zien waar vluchtelingen tegenaan lopen in het land van aankomst. Er is warmte, er is achterdocht. Er is protest en goede wil. Maar in het verhaal worden suggesties gewekt die niet waargemaakt worden. Sanne fotografeert bijvoorbeeld na de brand stiekem bewakers in het opvangkamp, terwijl fotograferen streng verboden is. Je verwacht dat dat gevolgen zal hebben maar er wordt verder niets mee gedaan. De zoektocht naar de moeder van Mady komt ook een beetje vreemd over, vanaf het begin weten we dat ze in het ziekenhuis ligt... je begrijpt wel wat de schrijfster probeert aan te geven maar echt geloofwaardig is het niet.


Toch zal ik dit boek zeker aanbevelen als heel geschikt boek voor jongeren, omdat wel de problematiek rond de vluchtelingen in goed begrijpbare taal en op een toegankelijke manier wordt neergezet. Ellie van den Bos heeft geen oordeel, ze registreert, ze toont.  Het is  verder ook een meeslepend en spannend verhaal om te lezen met af en toe licht aangrijpend. Het is zeker geen slecht boek, ik heb dit debuut met plezier gelezen en het verhaal zal me zeker bijblijven, alleen had het qua verteltrant nog wel een beetje bijgeschaafd kunnen worden.


ISBN 9789089549860 | Paperback |227 pagina's | Uitgeverij Elikser | september 2017
Leeftijd 14+

© Dettie, 24 oktober 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDe verrader van Elmhudde
Deel 2 De WitchWorld-legenden
Ton Theunis


Daar zit ze dan, in de zwarte toren en ze kan er niet uit. De zwarte heks is weg. Maar het ziet er naar uit dat de zestienjarige Elaine van Berlichem de rest van haar leven zal moeten slijten in het torenkamertje. Daglicht is namelijk funest voor haar. Ze heeft er wel gezelschap: haar schildknaap Ivar is haar trouw, en Toerio doet zijn best om een oplossing te vinden. Maar hij is evenmin vrij om te gaan en staan waar hij wil, want als ze hem te pakken krijgen is hij zijn leven niet zeker. Elaine weet niet wat hij uitgespookt heeft, maar zelf heeft ze alle vertrouwen in de trol. Dat hij blijft vindt ze bijzonder, want er is iets aan de hand met haar:


‘Misschien is Elenne niet als ieder ander meisje,’ zei hij zacht. ‘Misschien is zij degene waarop de tijden hebben gewacht.’
‘De tijden?’ Ze stond op en liep doelloos door de torenkamer. ‘Waar heb je het over?’
‘De verhalen. Moeder…’
‘Ach, hou toch op over je moeder!’
Opnieuw bulderde haar stem in plotselinge razernij door de ruimte. Het aardewerk rammelde op de tafel. Een wandkleed wapperde langs de muur. Een lege waterkan spatte in honderd scherven uiteen.’
(-)
‘Wat gebeurt er met me?’


Toerio zegt dat het het zwarte is, ze zal langzaam net zo worden als de zwarte heks. Maar dat wil Elaine helemaal niet! Misschien moet ze dat magische boek dat ze toch niet kan lezen ook maar met rust laten. Maar aan de andere kant: het kan misschien ook wel nuttig zijn. En naarmate ze ‘zwarter’ wordt, kan ze meer ontcijferen.


Ivar gaat intussen op zoek naar Semalion, de wijze. Onderweg beleeft hij vele avonturen, waarvan een deel echt gevaarlijk. Toch maakt hij ook vrienden, die later erg nuttig blijken. Als hij een groepje jongelingen, wankelaren genoemd, ontmoet, hoort hij dat de Verhevene, de Heer van Almeria, een afgevaardigde van de Raad van Bestemming naar het kasteel heeft gestuurd om te controleren of het verhaal dat de zwarte heks weg is, wel klopt. Maar deze man, Imnowid, vermoedt een valstrik en is niet van plan die opdracht uit te voeren.
Inderdaad blijken er mensen uit te zijn op totale macht, en daar heel veel voor over te hebben. Iedereen die daar tegen is, loopt gevaar. Ook Ivar, en zeker Toerio. Die wordt immers nog steeds gezocht. Hij blijkt de verrader van Elmhudde te zijn. Wie of wat is Elmhudde? En wat heeft Toerio dan gedaan?


Er zijn vele personages die allemaal hun eigen agenda hebben. Omdat we als lezers de ‘goeden’ volgen, weten wat zij willen, en al dat gedraai en gekonkel van hun tegenstanders maakt het verhaal best wel ingewikkeld. Maar ook reuze spannend! Alles draait om hebzucht, en zucht naar macht. Er wordt heel wat gedronken en gevochten. 


Heel erg grappig is de plaats Nurks. Ra, ra?


‘Wat is het eigenlijk?‘
‘Nurks?’ vroeg Bozin. ‘Een eiland.’
‘Nou ja,’ vulde Odamin aan. ‘Niet helemaal. Er loopt een weg heen. Maar de Nurksen willen niet dat je die betreedt. Niemand is er welkom.’
‘Waarom niet?’
‘Ze moeten niets hebben van buitenstaanders.’
(-)
‘Nurksen bedoel je? Die vallen best mee hoor. Als je ze niet tart.’
‘En niet in hun dorpje komt,’ zei Bozin.
‘Hun palingen laat voor wat ze zijn.’
‘Hun tempels in ere houdt.’
‘Hun dochters niet aankijkt.’


‘Ik ben heel benieuwd hoe het Elaine verder vergaat in deel 2!' schreef ik bij deel 1. En ik ben absoluut niet teleurgesteld. Ik heb er weer van genoten, heerlijke humor, en reuze spannend, met al die figuren die hun eigen plannetjes willen waarmaken. Het valt wel aan te raden te beginnen met het eerste boek.


Ton Theunis (1959) werkte zeventien jaar in allerlei functies voor het ministerie van Justitie en schreef thrillers gebaseerd op zijn ervaringen in de criminele wereld. Hij is initiatiefnemer en algemeen directeur van Witchworld, dat in 2020 zijn deuren opent.


ISBN 9789462970823| Paperback | 384 pagina's | Uitgeverij de Kring | oktober 2017
Leeftijd vanaf 12 jaar

© Marjo, 18 februari 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDe wolventemmer
Barbara Jurgens


‘Het dier bleef haar strak aankijken, zijn gele blik boorde zich in de hare. De sneeuwgeur verdween naar de achtergrond. Nu rook ze iets anders. Weeïg, ijzerachtig, was dat… bloed? Ze zag een rode maan, laaghangend boven een helling. Het maanlicht wierp lange schaduwen van tientallen, honderden dieren in de sneeuw.’


Op weg naar school heeft de veertienjarige Runa een vreemde ontmoeting. Is dat een wolf? In Nederland? Wat doet dat dier hier? En wat betekenen die beelden van sneeuw, van nog meer dieren?


Runa zit nog maar net op een nieuwe school, maar weet al dat dit het niet gaat worden. Ze voelt zich een buitenbeentje, zo anders is ze dan de meiden die de toon aangeven in haar klas, en die haar dat met plezier inpeperen. Als Runa zich in het nauw gedreven voelt, verliest ze haar zelfbeheersing: ze valt de pester aan, en bijt haar!
Het voorval leidt tot een schorsing, maar het kan Runa niets schelen. Ze wil nooit meer naar die school! En dus vindt ze het ook helemaal niet erg dat Nonna vanuit Italië om hulp vraagt. Ze is gevallen, heeft haar heup gebroken. Runa en haar zus Isa vertrekken met hun moeder Eva naar de Italiaanse alpen.


In dorpje San Umberto, ver afgelegen van de buitenwereld, blijken de dorpelingen zich erg druk te maken om de hoeveelheid wolven in de omgeving. Hun kinderen zijn niet veilig, zeggen ze. Onder leiding van de hoteleigenaar Giacomo, willen veel boeren niets liever dan op jacht gaan. Als Isa op een dag gaat skiën en niet terug komt, is dat koren op hun molen. Pas echt menens wordt het echter als het vierjarige zoontje van Giacomo dood gevonden wordt. De wolven krijgen de schuld, de klopjacht is niet meer te stoppen.


Maar er zijn ook tegenstanders. Boswachter Taddeo en zijn vrouw bijvoorbeeld. En Barberina, een zonderlinge oude vrouw die niet meer spreekt sinds een dramatische gebeurtenis in een ver verleden. Zij heeft een bijzondere belangstelling voor Runa. Die ene skileraar, Rocco, heeft dat ook: en Runa wordt ook verliefd op hem. Maar wie is Rocco? Hij is niet als andere jongens…


Als de jacht van start gaat, spreekt Barberina Runa aan: er is een speciale taak die zij moet vervullen! Maar eerst moet ze Isa vinden! Bij de zoektocht krijgt ze hulp uit onverwachte hoek…


Het meisje Runa heeft een speciale gave: ze kan agressieve honden met een blik tot bedaren brengen. Daarover lijkt ze niet eens verbaasd. Het verhaal over de halfwolven dat haar later verteld wordt, evenmin. Het is alsof ze het altijd al wist. Naarmate haar bijzondere krachten toenemen, beseft ze ook dat ze een doel heeft in haar leven. Ze hoopt alleen dat Rocco daar bij betrokken zal zijn.


'Jij bent er ook eentje,' zei hij plotseling.
'Watte?' vroeg ze, met volle mond.
Taddeo aarzelde en schudde toen zijn hoofd. 'Dat je een b-b-bijzondere griet bent. Kom, t-t-tijd om naar huis te gaan.'


Het verhaal is een beetje onevenwichtig. Hoewel in het eerste deel de geheimzinnige wolf al wel opduikt, zijn de aanwijzingen dat er iets bijzonders staat te gebeuren nog minimaal. De magie, die in het tweede deel een grote rol speelt, komt toch een beetje als een verrassing. Runa is geen tienermeisje dat te maken krijgt met de gebruikelijke tienerproblemen, maar een bijzondere jonge dame. Het ietwat gezapige begin neemt een andere wending als het gezin eenmaal in Italië is, de spanning neemt rap toe. Een argeloze lezer kan dus wel verrast worden. Maar daar is eigenlijk niets mis mee...


Het is een onderhoudend en boeiend verhaal, dat tenslotte ook gaat over de strijd tussen goed en kwaad. Ik wil het geen fantasy noemen, dit verhaal lijkt meer op een sprookje. Een sprookje dat je zou kunnen vertalen naar de moderne maatschappij, zoals het sprookjes betaamt.
Er is ook een open einde en niet alle vragen worden beantwoord.


Barbara Jurgens, acteur en scenarist, schreef tv-series als Fort Alpha en Keyzer & de Boer. Haar jeugdfilm Vechtmeisje komt in 2018 in de bioscoop. De wolventemmer is haar debuut als kinderboekenauteur. Barbara woont en werkt in Amsterdam.


ISBN 9789048839506 | hardcover | 304 pagina's | Moon| november 2017
Leeftijd vanaf 12 jaar

© Marjo, 13 januari 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altChallenge
Annemarie Bon

​Na het overlijden van de vader van Jens boekt zijn moeder zonder overleg een vakantie naar Spanje. Naar Torremolinos! Wat moeten ze daar! Een van de meest toeristische plekken van Spanje! Begrijpt zijn moeder nu niet dat Jens daar absoluut niet heen wil! Als ze nu een mooi natuurgebied zou hebben gekozen, ja, dat was in de geest van zijn vader geweest. Jens trok er namelijk altijd op uit met zijn vader om mooie natuurfoto’s en filmpjes te maken. De Loosdrechtse Plassen, de Drunense duinen, de Waddeneilanden.
Jens wil niet mee naar Spanje. Maar hij is zestien, en hij mag niet alleen thuis blijven. Onder protest vergezelt hij mokkend zijn moeder en kleinere broertje naar een bloedheet Spanje.


Een paar dagen voor zijn vader overleed, was Jens nog bij hem in diens flat. Hij had een brief gevonden, aan hem zelf geadresseerd, maar die had hij nog niet gelezen. Toen zijn vader er een dag later voor koos er niet meer voor hem te zijn, durfde Jens het ook niet meer. Want misschien had hij kunnen voorkomen dat zijn vader uit het leven stapte? Hij wil het niet weten. Hij durft het niet te lezen.  Maar hij heeft de brief wel bij zich.


Als Jens de achttienjarige Frank en diens jongere zusje Sophie ontmoet, denkt hij dat de vakantie toch nog leuk kan worden. Het zijn twee avontuurlijke vrijgevochten jongelui en Frank lijkt helemaal geen grenzen te kennen. Ergens voelt Jens wel dat het niet echt jongeren zijn met wie hij om zou moeten gaan, maar het is beter dan op het strand liggen bakken.
Jens vraagt zijn moeder of hij met deze twee jongeren mag gaan backpacken. Wat kan er nou gebeuren in saai Spanje? Overleg met de ouders volgt, en met David, de vriend van Jens die ook in Spanje op vakantie is, maar op een andere plek. Het mag! Vergezeld van wijze raadgevingen pakken ze hun rugzakken in.
Natuurlijk verloopt het allemaal anders dan Jens dacht. Hij wordt geconfronteerd met zichzelf, en met wie zijn vader was. En Spanje blijkt wel degelijk een gevaarlijk land.


De titel en de ondertitel ‘hoe ver wil je gaan?’ verwijzen naar het spel dat Frank en Sophie willen spelen, Truth or Dare. Annemarie Bon beschrijft hoe Jens die zijn verlies nog aan het verwerken is, extra gevoelig is. Hij zit met zichzelf in de knoop, en dan doe je dingen die je anders niet zou doen. Oog in oog met gevaar zie je de dingen anders.
Een mooi verhaal dat je ook kan lezen als een spannend avontuur.


Annemarie Bon (Den Bosch, 1954) heeft gewerkt als freelance journalist, en ontdekte al snel haar talent voor het schrijven. Sinds 2002 schrijft ze van alles en voor alle leeftijden: fictie, non fictie en educatief materiaal. Ze heeft ondertussen meer dan 150 titels op haar naam staan.


ISBN 9789048842643 | hardcover | 170 pagina's | Moon | november 2017
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 29 november 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDe Spiegelmoorden
deel 7 Team Mortis

Bjorn van den Eynde


Zoals in deel 6 al duidelijk werd, zijn de twee tortelduifjes, Erika en Andreas gebrouilleerd. Andreas is zelfs uit het team gestapt en Erika heeft geen idee waar hij is. Maar eigenlijk kan ze de jongen nog niet loslaten, hij was immers haar grote liefde! 


Intussen gaat het werk door. Celine Schield, de baas van Team Mortis heeft haar er op uit gestuurd om contact te leggen met Claudio de Santis. Op het moment dat ze de oom van Claudio spot en ontdekt dat er vreemde dingen gebeuren, valt haar back-up weg. Via een oortelefoontje steunde Felix haar namelijk, maar ze is nu op zichzelf aangewezen. Dat blijkt nogal gevaarlijk: De Santis en zijn partner in crime zien haar en ze kan maar net op tijd ontsnappen. Nielsen en Felix pikken haar op.


Celine is niet blij met haar actie, en nu ze dan toch op het spoor van oom en neef de Santis zitten, willen ze dat Erika naar Finland gaat. Een andere opdracht! Als zelfs Nielsen aan de kant van Celine blijkt te staan en hij zijn nichtje opsluit zodat ze de volgende dag op het vliegtuig kan worden gezet, is Erika woest! 
Dan hoort ze dat de Santis betrokken zouden zijn bij verdwijningszaken van zes jaar terug, dus dan wil ze juist verder speuren. Zeker omdat ze ontdekt heeft dat de zaak speelt in Valdagno. Dat is de stad waar Andreas vandaan komt. De plek waar zijn ouders zijn omgekomen bij een brand! Waar zijn zusje Luka Maria in het ziekenhuis terecht is gekomen en na twee weken zou zijn overleden.
Ze vertrouwt Celine niet meer: waarom mag zij niet op de zaak blijven?


Haar besluit is snel genomen: als ze niet samen met het team de zaak van deze verdwijningen onderzoeken, dan doet zij het wel in haar eentje! Ze verdwijnt.
En raakt verzeild in een superspannend avontuur waarin ze grotendeels op zichzelf is aangewezen. Op de juiste momenten is er ook hulp gelukkig, maar ze komt wel degelijk in risicovolle situaties terecht. Ook duiken er mensen op die ze al heel lang uit het oog verloren was. Of dit allemaal wel goed kan aflopen?


In een eerste hoofdstuk wordt enigszins aangegeven waar de plot om draait, en wat de titel spiegelmoorden betekent: er is een meisje op de vlucht, en helaas weet zij niet te ontsnappen. Zij wordt teruggevonden in een kist, met om zich heen de scherven van een spiegel. Wat is daar de betekenis van? Wat heeft dit meisje te maken met andere verdwijningen? Zij blijkt ook al zes jaar vermist geweest te zijn.


Als je al zes delen uit deze serie gelezen hebt, dan zou je denken dat je al wel een beetje weet hoe het zal verlopen. Maar Bjorn van den Eynde weet de lezer opnieuw te boeien en er voor te zorgen dat je dit boek in één ruk uit wilt lezen!  Het is verrassend en bekend tegelijk. Rondom het plot zijn er de verwikkelingen rond de teamleden. Een heerlijk avontuur van Team Mortis!
En dan begint het lange wachten weer...


ISBN 9789059244511 | paperback | 400 pagina's | Bakermat | november 2017

© Marjo, 29 oktober 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altLivestream
Buddy Tegenbosch


‘Ik dacht altijd dat ik het zou weten als ik op het punt stond een belangrijke beslissing te nemen. Ik dacht dat ik me bewust zou zijn van dat ene moment als het eenmaal zo ver was.’



Niets blijkt minder waar. De zeventienjarige Rick heeft geen idee wat er allemaal gebeurt als hij op kerstavond arriveert in New York. Zijn gastheer is niet thuis. Hij laat zijn bagage achter en gaat op verkenning in de voor hem onbekende stad.
Al snel ontmoet hij in de metro een meisje. Hij ziet dat ze ook Nederlandse is en spreekt haar aan. Dat zijn bizarre avontuur dan al begonnen is, weet hij nog niet. De lezer ook niet trouwens.


Het meisje Kris nodigt hem uit om de avond op een speciale manier door te brengen. Als hij er op in gaat, ontmoet hij haar vrienden: Noah, Jason, Rose en Alicia. Rick krijgt een rol toebedeeld in een gearrangeerde gebeurtenis, die gefilmd wordt om op YouTube te zetten. Maar alles loopt heel anders dan hem voorgespiegeld is. Kris verdwijnt.
Als Rick getuige is van haar ontvoering denkt hij er verder niet bij na: hij gaat haar achterna. Dan volgt een opeenvolging van bizarre gebeurtenissen, niet zonder gevaar. Hij begrijpt steeds minder van wat er eigenlijk gebeurt, maar gaat stug door. Hij reageert op hetgeen er gebeurt, instinctief haast. Nadenken komt later wel.

Het is een verhaal dat je meesleurt in een verbazingwekkende opeenvolging van situaties die Rick als normale Hollandse jongen nooit eerder heeft meegemaakt. Superspannend!
Boven de hoofdstukken staat aangegeven hoe laat het is, en meteen de tijd dat Rick al wakker is. Hij heeft namelijk besloten een eventuele jetlag te bestrijden door niet te gaan slapen. Dat verklaart voor een deel zijn reacties op bepaalde situaties en laat je soms ook twijfelen: is dit wel allemaal echt?
De ontknoping is verrassend!

Buddy Tegenbosch heeft ook videotrailers gemaakt voor dit boek en online media spelen een rol in Livestream. Voor die trailers vloog hij met filmer/fotograaf Martijn van de Griendt even heen en weer naar New York. Om precies twintig uur in Manhattan te zijn, net als zijn hoofdrolspelers.


https://www.youtube.com/watch?v=pQjOTPS6pvw


Buddy Tegenbosch (1975, Eindhoven) heeft de Sportacademie afgerond, maar werd toen piloot. Sinds 2000 is hij werkzaam als piloot bij Lufthansa in Duitsland.
Zijn eerste jeugdroman, Pokerface, was kerntitel van de Jonge Jury en is verkozen tot Jonge Lijster. Zijn tweede boek, Oog om oog, was eveneens een succes.

ISBN 9789000356973 | Paperback | 192 pagina's | Van Goor | september 2017
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 25 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER