Nieuwe jeugdboekrecensies t/m 5 jaar

Beer of geen beer [We gaan het zien]
illustraties: Annuska Allepuz
tekst: Karl Newson


Vanaf de de cover kijkt een glimlachende beer ons aan. Maar als we even wat beter kijken zien we iets vreemds. Waarom zit die beer in een vogelnest? Wat doet hij daar? Dat komen we te weten als we het boek openslaan en gaan (voor)lezen.

We zien de beer eerst verbaasd uit zijn grot stappen, hij kijkt in het rond en vraagt zich daarna verwonderd af: 'Wat ben ik ook weer? zei hij op een keer, hij wist het niet meer. [...] Een... vogel misschien? We gaan het zien...'
En ja hoor, daarom zagen we de beer in het nestje! Hij was aan het kijken of hij een vogel was! Maar hij snapt zelf ook wel dat het niet helemaal klopt.


"Dit nest voelt wel een beetje klein.
Zou ik dan toch iets anders zijn?
Eens kijken of ik vliegen kan...
Helaas, ik bak er weinig van.
Ik ben geen vogel, maar wat dan?


We zien de beer naar beneden tuimelen, hopla het gras in, arme beer. Maar hij laat zich niet kennen en speurt gewoon door.
Misschien is hij wel een eland? Hij probeert takken bij zijn oren te maken en hij vertelt 'Ik proef een hapje gras - niks an. Dat iemand zoiets eten kan!
Die takken en dat gras... Dat voelt niet goed, dat past niet bij hem. De beer weet nu 'Ik ben geen eland, maar wat dan?' Een vos? Of een eekhoorn? Of toch een beer? We gaan het zien... denkt de beer. Hij zoekt door, wie is hij? Wat is hij?


Wat de beer niet weet, de stakker, hij werd veel te vroeg wakker.... uit zijn winterslaap!  Gelukkig zoekt hij zijn grot weer op en even later ligt hij heerlijk te knorren op zijn bladerbed. Hij slaapt en slaapt tot het lente is en dan... als hij wakker wordt... weet hij het weer... Hij is een UITGESLAPEN beer!!


De tekst is kort en op rijm, elke speurtocht eindigt met het zinnetje 'Een ... (vos, eland, vogel) dan misschien? We gaan het zien...'  Zo'n herhaling werkt altijd goed bij kinderen. Ze zullen al snel dat zinnetje meeroepen. Het is ook leuk dat kinderen dankzij de beer, leren wat voor gewoontes of eigenschappen een dier heeft. Die elegante vos vergeet je alvast nooit meer!


Bij de tekst staan - net als in haar prentenboekendebuut  Die peer is van mij  - heel fantasievolle en humoristische tekeningen van Anuska Allepuz. Ze sluiten naadloos aan bij de duidelijk afgedrukte tekst. Vooral de grappige snoet van de beer maken dat je het verhaal met veel plezier tot je neemt. En misschien kun je na het lezen van dit boek samen met de kinderen een spelletje doen, gebaseerd op de vraag 'Wie ben jij?' Daar kan nog heel wat leuks en verrassends uit voortkomen!
Fijn boek in een mooi groot formaat.


ISBN 9789025769314 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij Gottmer | juni 2018
formaat 29,5 x 25,7 cm | Vertaald op rijm door Bette Westera

© Dettie, 8 augustus 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Opa en oma Oelewapper en de geheime vrienden
illustraties: ivan en ilia
tekst: Marianne Busser en Ron Schröder


‘Het lijkt wel of alles mis gaat,’ moppert Joep als hij hoort dat de ouders van twee klasgenootjes in de problemen zitten.
Terwijl hij dat zegt, stapt hij met Jetje bij opa en oma Oelewapper binnen.


‘Dat stomme geld ook,’ zegt Jetje. ‘Het is lastig als je maar weinig geld hebt.‘
’Tja,’ zegt opa Oelewapper. ‘Maar het is ook lastig als je teveel hebt.‘
Hij zit met een papiertje in zijn hand in de krant te turen.
‘Hoe bedoel je dat, lieverd?’ vraagt oma Oelewapper.


Teveel geld!? Hoe dat zo? En dan laat opa een loterijbriefje zien, waar een grote geldprijs op is gevallen.
Meteen zegt Joep: dan kunnen we de vader van Benno en de vader van Eline wat geven!
Maar opa heeft een beter idee. Mensen vinden het gek om zomaar een hoop geld te krijgen, zegt hij. Als we nu de vader van Eline eens een groot gat laten graven in de tuin? Dan verdient hij het geld gewoon. En zo verzint opa voor de vader van Benno ook iets.


De kinderen zoeken verder naar mensen die in de problemen zitten, want ze hebben eigenlijk zelf helemaal geen wensen. En zo komen ze uit bij tante Toedeledokie. Zij is de dupe geworden van een op geld beluste wegenbouwer. Tantes huisje moet gesloopt worden, want op die plek moet een weg komen.
Natuurlijk verzint opa daar wel wat op.


De fantasie van opa kent geen grenzen, hij verzint hele leuke namen voor hemzelf en oma, als ze gaan praten met meneer Flapmann. Die meneer laat zich bedotten, maar dat hindert niet natuurlijk. Als tante Toedeledokie maar geholpen wordt!
Zij is dan ook erg blij en huilt van blijdschap…


Het derde boek over deze bijzondere opa en oma en hun aardige kleinkinderen past helemaal in het thema van de komende Kinderboekenweek: vriendschap. Natuurlijk maken Marianne Busser en Ron Schröder daar weer iets leuks van. Ha ha, volgens mij zijn die twee niet in staat om iets te schrijven dat niet leuk is!
Zoals de illustratoren ivan en ilia ook vast geen lelijke plaatjes kunnen maken. Het ziet er allemaal weer vrolijk uit. Leuk om voor te lezen samen plaatjes te kijken.
Aan het eind van het verhaal staan twee tekeningen die helemaal hetzelfde lijken. Maar dat zijn ze niet: aan de jonge lezer de vraag: kun jij de tien verschillen vinden?


Marianne Busser (1958) en Ron Schröder (1958) hebben samen inmiddels ruim driehonderdvijftig boeken en meer dan duizend liedjes gemaakt, waaronder De Winkeltjes en De sproeipoeper. Daarnaast hebben ze veel geschreven voor onderwijsmethoden, kindertijdschriften, en voor het televisieprogramma Sesamstraat.


ISBN 9789048843831 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij Moon | juli 2018
Formaat  22,7 x 22,6 cm | Leeftijd vanaf 3 jaar

© Marjo, 27 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Prinses Leentje & de weg naar het hart
Illustraties: Annelinde Tempelman
tekst: Babette van Veen


Als je een prinses bent mag je alles, en heb je een lekker lui leventje. Alles loopt op rolletjes want daar heb je je personeel voor, dus hoe is het in hemelsnaam mogelijk dat prinses Leentje niet tevreden is? Dat zal ze ons haarfijn gaan uitleggen als ze het verhaal vertelt over wat ze allemaal nièt mag: je mag nooit iets laten vallen, geen gaten in je jurken vallen of lopen sloffen. Vloeken is natuurlijk helemaal verboden en dat zou Leentje af en toe eens graag doen.


Verlangend kijkt ze naar die mooie poort die ze soms – vooral als het had geregend – in de verte ziet. Het leek wel een hart als je je ogen samenkneep. En in de boeken stond dat je een wens mocht doen als je onder de boog van kleurtjes ging staan. Dus, als ze opnieuw, voor de zoveelste keer, een vergeefse poging heeft gedaan om door te dringen tot haar koninklijke ouders, die maar niet willen snappen dat ze haar gekookte ei niet met mes en vork kan eten, en als haar ouders ruzie blijven maken – achter gesloten deuren, dat wel! – dan neemt Leentje een besluit.


‘Tja, hoe moeilijk kan het zijn?’ Leentje stampvoette terwijl ze uit het torenraam naar de plek keek waar ze zo vaak die mooie kleuren had gezien.
‘Ik heb het helemaal gehad met dat geknetter hier, de een is nog gekker dan de ander. Ik wil het grote hart vinden, dan ga ik wensen dat koning Papa en koningin Mama weer verliefd worden.’


Daar gaat ze, het moedige meisje, dat volgens de afbeelding net vijf jaar oud is: op zoek naar de regenboog, een reis vol avonturen, en nieuwe vrienden. Toedeloetje!

Babette van Veen schreef dit mooie sprookje voor kinderen die hun hart willen volgen.
Dit zegt Babette op haar site:


‘Ik zeg altijd tegen mijn kinderen, als je iets doet wat je graag doet, doe je het beter dan iemand anders. En dus regel je je eigen plekje in de maatschappij. Wil je liever werken met een streber, of iemand die neuriënd zijn of haar werk doet. Met hier of daar een flinke schram van het vallen en opstaan natuurlijk, we zijn geen van allen perfect. En gelukkig maar, dat maakt ons interessant en leuk!’


Een mooi voorleesverhaal, met heel veel kijkplezier. Annelinde Tempelman heeft er werk van gemaakt: met een beperkt aantal kleuren - hetgeen rust geeft -  heeft ze met behulp van foto’s, tekeningen en collagewerk een levensecht Leentje getoverd. De koninklijke kat is erg leuk!
Het verhaal is vaker verteld, maar kan eigenlijk niet genoeg verteld worden, zeker in deze tijd waarin kinderen nogal gepamperd worden. Laat kinderen vrij, laat ze zelf hun leven ontdekken, dat is een wijze raad!


Lees hier het interview met Babette van Veen over Prinses Leentje en de weg naar het hart.


Babette van Veen
studeerde aan de Kleinkunstacademie in Antwerpen. Daar speelde ze in twee speelfilms Blueberry Hill en Brylcream Boulevard onder regie van Robbe de Hert. In Het Nederlandse publiek kent haar vooral om haar rol als Linda Dekker in Goede Tijden, Slechte Tijden. Ook in enkele films en televisieseries is zij te zien, waaronder Raveleijn, en Baantjer. Prinses Leentje & de weg naar het hart is haar kinderboekendebuut


Annelinde Tempelman studeerde modevormgeving aan de Academie voor Beeldende Kunsten. Zij is mede-oprichter van Studio 100%.
De studio werkt inmiddels met een team van 10 art-directors/designers aan tijdschriften, boeken, stationery en verpakkingen.


Zie ook: https://www.prinsesleentje.nl


ISBN 9789048836772 | Hardcover | 56 pagina's | Moon| juni 2018|
Afmeting 25,2 x 25,2 cm | Vanaf 4 jaar maar ook voor volwassenen!

© Marjo, 20 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Een taart voor Tess
en andere vrolijke voorleesversjes over eten
Illustraties: Dagmar Stam
tekst: Marianne Busser en Ron Schröder


Versjes die over eten gaan: als ik de schrijvers een beetje ken, dan zal er toch een grote variëteit in dit boek te vinden zijn. En ja hoor: Want eten kun je lekker vinden, maar ook heel vies, en dat verschilt nog per persoon ook.

Je kan het hebben over gezond – groenten en fruit – maar als je kinderen aanspreekt is snoep natuurlijk heel belangrijk.
Je kan rijmen over trakteren, over spelen met je eten, over knoeien dus ook. Over de hoeveelheid kun je het hebben: de gevolgen van teveel snoepen. En dan kun je ook nog kokkerellen, en boodschappen doen.
Al we nu nog iets missen, dan maken Marianne Busser en Ron Schröder dat de volgende keer wel goed, maar ze komen een heel eind! En natuurlijk is er een vervolgversje, dit keer over Piepertje het eendje.


Piepertje zegt stralend: Knuffeltje kom gauw
ik teken een komkommer en die kleur ik netjes blauw
maar Knuffeltje, zijn vriendje, zegt: dat moet je echt niet doen
komkommers die zijn echt niet blauw, want die zijn altijd groen
Wat goed van jou, zegt Piepertje, wat fijn dat je dit zegt
want neem ik de verkeerde kleur, dan lijkt het niet zo echt
en als ik weer iets kleuren wil, zeg jij dan hoe het moet
want jij weet daar veel meer van af – ik kan dat niet zo goed!


En het titelversje is natuurlijk ook erg leuk:


Tess is dol op vieze dingen
't is haar echt nooit vies genoeg
vandaar dat ze voor haar verjaardag
alleen maar vieze dingen vroeg
Ze vroeg een hele vieze tuinbroek
en een vieze trui erbij
maar toen ze een hele vieze taart kreeg
was ze helemaal niet blij!


De tekeningen, van Dagmar Stam deze keer, passen helemaal bij de tekst. Aansprekende kleuren, duidelijke afbeeldingen en die wipneusjes, die blijven gewoon leuk!


Marianne Busser (1958) en Ron Schröder (1958) hebben samen inmiddels ruim driehonderdvijftig boeken en meer dan duizend liedjes gemaakt, waaronder De Winkeltjes en De sproeipoeper. Daarnaast hebben ze veel geschreven voor onderwijsmethoden, kindertijdschriften, en voor het televisieprogramma Sesamstraat.


ISBN 9789000360314 | Stevige omslag, soft-padded | 32 pagina's | Uitgeverij van Holkema & Warendorf | juni 2018 | Leeftijd 2+
Illustraties van Dagmar Stam

© Marjo, 10 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Van wie is die sok?
illustraties: Charlotte Dematons
concept: Joukje Akveld


Het vijfde deeltje uit de Van wie is die... serie. Elk deeltje heeft een eigen onderwerp en er wordt gewerkt met een vast concept. Alleen de illustrator wisselt steeds.


In het eerste deel bijvoorbeeld, getiteld Van wie is die hoed? met tekeningen van Thé Tjong King konden kinderen kiezen welke hoofddeksel bij welk personage hoorde. Daarna verschenen de boekjes Van wie is dat huis? (tekeningen van Annemarie van Haringen), Van wie is die auto? (Philip Hopman) en Van wie is die staart?  (Martijn van der Linden).


In al deze boekjes zie je rechts de vraag Van wie is die... (hoed, kroon, iglo, kasteel, tractor, politieauto, staart)? en links kunnen kinderen kiezen uit de vier weergegeven personages. Op de volgenden twee pagina's zie je dan het antwoord uitgebeeld. Dat is een prettige constructie die goed werkt.


Het bijzondere van deze boekjes is vooral dat ze dankzij de steeds wisselende illustratoren elk ook een heel eigen karakter hebben. Thé Tjong King heeft bijvoorbeeld een heel andere stijl van werken dan Martijn van der Linden. 


En nu ligt het mooie boekje Van wie is die sok? voor me met tekeningen van de door mij zo geliefde Charlotte Dematons. Zij heeft, evenals haar collega tekenaars, de tekenopdracht prachtig uitgevoerd.


Het boekje begint met de vraag Van wie is die laars? Daarboven zien we een echte stoere leren laars getekend, die kan niet anders dan van de reus zijn! - Grappig detail, de reus is zo groot dat zijn hoofd niet op de afbeelding past! -  Op de volgende twee pagina's zien we een jongetje (klein duimpje?) de laars van de voet van de slapende reus trekken. Hij gebaart naar een meisje dat ze stil moet zijn, en dat meisje is Roodkapje!


En zo heeft Dematons bij elke 'vraag en antwoord' allerlei sprookjesfiguren in haar tekeningen verwerkt, zoals; Sneeuwwitje en de zeven dwergen, de kleine zeemeermin, de (boze) prinses op de erwt enz. Het is voor kinderen om naast het geven van het juiste antwoord, natuurlijk ook heel  leuk om deze figuurtjes te herkennen. Elke afbeelding is sowieso een lust voor het oog en er valt heel veel op te zien en er staan steeds kleine verrassingen op die naar andere sprookjes verwijzen...

Kortom, opnieuw een fantastisch deeltje uit deze serie. Het is puur genieten!

ISBN 9789025761264 | Hardcover met ronde hoeken | 32 kartonnen pagina's | Gottmer | maart 2018
Leeftijd 2+

© Dettie, 5 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Zo raar
illustraties: Paul René Gauguin
tekst: Inger Hagerup


Inger Hagerup (1905-1985) heeft de naam een van de beste Noorse dichters van de twintigste eeuw te zijn. Ze heeft o.a. meerdere Zweedse en Noorse oeuvreprijzen gewonnen. Inger wordt qua stijl wel vergeleken met Annie M.G. Schmidt.  En als je de gedichten in het begin van dit boek vol kindergedichten leest dan kun je dat ook begrijpen. Bijv.

Dag mevrouwtje Eigenwijs

Dag mevrouwtje Eigenwijs.
Wij rijden samen naar Parijs
om Franse kaas te kopen.
Wat zeg je? Wil je met ons mee?
Dat vinden wij geen goed idee.
Ga jij maar lekker lopen.


Of Schoenlapper Lasse

Schoenlapper Lasse
uit Kennemerland
wil stoppen met lappen
van hakken en zolen.
Hij wil ermee kappen.
Hij klost liever kant [...]


De gedichtjes hebben ook dat speelse en rebelse in zich wat Annie M.G. Schmidt zo kenmerkte.
Maar later wordt de toon anders, dan lijken de gedichten meer mijmeringen, losse gedachten en is het sprankelende van de eerdere gedichten deels verdwenen.


Dat appelboompje


Als dat door muizen
aangevreten appelboompje
ook maar een beetje gezond verstand had gehad,
dan was het natuurlijk al lang en breed doodgegaan.
Maar kijk eens hoe uitbundig het staat te bloeien!
Gelukkig hebben aangevreten appelboompjes
geen gezond verstand.


Persoonlijk weet ik niet goed wat ik hiermee aan moet. Het is een verhaaltje, een opmerking. Je kunt eventueel de laatste regel als humoristisch beschouwen.
De gedichten veranderen in nadenkertjes, zijn serieuzer van ondertoon en ik begrijp ze niet altijd. Zoals het slotgedicht:


Koekoek

Jij bent
afstand, verlangen
feestgedruis, eenzaamheid,
zomer en herfst
tegelijk.
Vind je het goed dat ik
onder jouw wensboom
een wens
doe?


Als het woord koekoek er niet boven had gestaan had ik het nog als een ode aan iemand kunnen zien, maar dat woordje koekoek maakt het verwarrend voor mij.
Maar misschien dat de wat oudere kinderen ze wél begrijpen. Zij hebben vaak een speelsere geest dan een volwassene.


De mogelijk tegenvallende laatste gedichten worden echter ruimschoots gecompenseerd door de bijzondere afbeeldingen bij de gedichten. -  Ze zijn gemaakt door de kleinzoon van de Franse impressionist Paul Gauguin. -  Die tekeningen zijn alleen al de aanschaf van deze bundel meer dan waard. Paul René Gauguin heeft bij elk gedicht iets bijzonders gecreëerd dat volmaakt bij de tekst past. Bij de laatste gedichten vormt de tekst zelfs één geheel met de afbeelding.


Ook moet Bette Westera genoemd en geroemd worden. Zij heeft de teksten op de haar zo eigen manier vertaald. Zij voelt als geen ander het ritme aan en ze heeft daarnaast een enorme fantasie en woordenschat waardoor ze van elk gedicht een klein tekstueel juweeltje weet te maken. Bovendien weet zij precies de juiste toon te treffen waardoor het ook kinderpoëzie blijft en geen half volwassen verhaaltjes worden waar vreemde afbrekingen of rare rijmwoorden in worden gebruikt. Daar kunnen andere vertalers nog wat van leren!

Kortom, inderdaad, zoals de uitgever ook al aangeeft, een prachtige bundel met de mooiste kindergedichten uit de Noorse kinderliteratuur!


ISBN 9789025768607 | Hardcover | 96 pagina's | Gottmer | februari 2018
Vertaling Bette Westera | Leeftijd 5 -12 jaar

© Dettie, 30 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER!

 

Wat een beestenbende!
illustraties: Rocio Bonilla
tekst: Susanne Isern


Elk kind heeft wel zo'n periode dat het op alles nee zegt. Zo ook Pien de hoofdrolspeelster van dit boek. Pien zegt nee tegen tanden poetsen, haren kammen, met mes en vork eten, haar kamer opruimen, schone kleren aantrekken, in bad gaan... Pien doet lekker helemaal niets! Het is heerlijk om overal nee op te zeggen.


We zien haar op de grond in haar kamer zitten, niet in bed want dat wil ze ook niet. Ze zit lekker tussen allemaal troep met haar armen over elkaar en op haar gezicht een koppige uitdrukking. Pien zal helemaal geen ja meer zeggen, ze zegt gewoon nee tegen alles! Dat is hartstikke leuk!  Kan ze lekker doen waar ze zelf zin in heeft. Haar moeder denkt daar wel anders over 'Wat een beestenbende!' roept ze als ze Pien een nachtzoen komt geven. En dát is de toverspreuk...


Zo gauw mama weg is, ligt er ineens een leeuw te snurken in Piens kamer! En als ze zachtjes haar kamer uit gaat, ziet ze twee enorme toekans die geweldig veel lawaai maken. In de slaapkamer van papa en mama zijn beren zich aan het optutten. Een beer zien we lippenstift opdoen en de ander zoekt een mooie stropdas van papa uit... En zo gaat het door.
Pien vindt een enorm nijlpaard in bad, apen in de boekenkast en in de keuken is het helemaal een beestenbende! Daar zijn wel acht dieren bezig de koelkast te plunderen! Van pure ellende rent Pien naar buiten, naar de buurvrouw, misschien weet zij waar papa en mama zijn. Maar... buiten is ook alles veranderd! Pien weet niet wat ze ziet!


"Haar huis is weg. Gewoon verdwenen! En nu staat ze midden in een ECHTE jungle. Met bomen, slingerplanten en een heleboel dieren die allemaal lekker doen waar ze zelf zin in hebben.
'Wegwezen allemaal!'roept Pien.
Maar het helpt niet."


En als ze in een plas water kijkt ziet Pien dat ze een staart heeft! "Wat een beestenbende!" roept ze geschrokken. Komt dat allemaal nog wel goed met Pien?


Gelukkig is het een kinderboek en daarin lopen verhalen bijna altijd goed af. Maar Pien heeft haar lesje wel geleerd!


In het inkijkexemplaar kun je zien dat de afbeeldingen bij dit boek, enorm aan de sfeer bijdragen. We zien Pien met een vastberaden koppie overal nee op zeggen.
De dieren op de tekeningen hebben ook zo hun eigen bijzondere gedragingen en eetgewoontes. - Geweldig is de slang weergegeven die net een kippenboutje overdwars naar binnen heeft gewerkt - Er is zoveel te zien dat je bijvoorbeeld samen met het kind ook de plaatjes kunt bekijken en dingen kunt aanwijzen en benoemen.


Pien is eigenlijk best een stoere meid, met een heel eigen, vastberaden, willetje, maar als de beestenbende toeslaat is het gedaan met haar stoere gedrag en koppigheid. Ze wil dan het liefst dat alles weer gewoon is. Langzamerhand beseft ze dat soms ja zeggen helemaal niet zo erg is...


Zoals altijd bij deze uitgeverij is het boek weer uitstekend verzorgd en uitgevoerd. Het is dus in alle opzichten genieten!


ISBN 9789051166491 | hardcover | 40 pagina's | Uitgeverij De Vier Windstreken | mei 2018
formaat: 24,5 x 27 cm | Leeftijd 4+

© Dettie, 27 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Slobber wil knuffelen
Sean Julian


Slobber is een prachtige, lieve, groene boomdraak. Zijn rug is bedekt met boomblaadjes en ook het puntje van zijn staart eindigt in een blaadje. Slobber wil graag een knuffel van elfje Evi en vraagt dat heel beleefd aan haar. Maar Evi zegt gewoon 'Nee!' en even later zegt ze 'Je weet wel waarom.'
Helaas weet Slobber dat juist niet! Hij snapt er niets van.

Eerst doet hij een beetje zielig, wie weet dat Evi hem dan wèl een knuffel geeft, maar niks hoor, ze wordt zelfs boos! Ze ziet heus wel dat Slobber niet écht huilt.
Slobber verzint de gekste dingen. Hij geeft haar een mooie tak en probeert later een grote steen cadeau te geven, maar zelfs als hij een lief, warm, zacht konijntje uit het bos aan haar geeft blijft Evi bij haar besluit, nee is nee!
Eigenlijk is Evi helemaal niet aardig, want alle andere dieren krijgen wèl een knuffel van haar, zelf de kikker! Maar Slobber mag toekijken. Dat is niet erg eerlijk.

Slobber sjokt dan maar weg, zijn nek maakt een knik naar beneden. "Ik hoef toch al geen knuffel meer." zegt hij en gaat verdrietig op de grond liggen met zijn kop op een steen. Maar dan gebeurt er iets en Slobber reageert heel erg lief.
Dat verdient wel een heel grote knuffel vindt Evi, maar of Slobber die nu nog wel hebben wil is nog maar de vraag...
Gelukkig komt het toch nog goed en dan... weten we gelijk waarom Evi Slobber geen knuffel wil geven. Want dat is inderdaad, Bah!


Het is een fantastisch spel van aantrekken en afstoten in dit boek. Eerst het nee van Evi tegenover later het nee van Slobber. Beide nee's heffen elkaar op en zo staan ze alle twee uiteindelijk weer stevig en liefdevol naar elkaar toe in hun schoenen. De ontknoping is grappig en iets wat je ook goed tijdens het voorlezen kunt toepassen. Kinderen zullen het griezelgetverderrieleuk vinden.

Het draakje heeft een lieve snoet, je zou hem zo in huis nemen maar Evi is niet zo elfachtig. Ze moppert wat af op Slobber, maar die tegenpolen maken het verhaal juist zo aantrekkelijk. De tekst is in korte zinnen geschreven en in duidelijke letters afgedrukt.


Opnieuw een fijn en mooi verzorgd boek van deze uitgeverij.


Zie ook het inkijkexemplaar


ISBN 9789051166569 | Hardcover | 32 pagina's | Hardcover | De Vier Windstreken | mei 2018
Afmeting 21,5 x 28,7 cm | Nederlandse tekst M.E. Ander

© Dettie, 19 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER


 

Vierkant
tekst: Mac Barnett
Illustraties: Jon Klassen


Na Driehoek het tweede deeltje van de trilogie over vormen, dit keer is Vierkant de hoofdpersoon.

In tegenstelling tot het huis van Driehoek - dat vol driehoekige ornamenten en schilderijen ingericht was -  leeft Vierkant in een grot dat vol met opgestapelde vierkante blokken staat. De rest van zijn grot bestaat uit afgeronde vormen (stalacmieten en stalactieten). Vierkant duwt dagelijks een blok zijn grot uit en zet deze bovenop de heuvel. Dat is zijn werk.

Maar op een dag komt zijn vriendin Cirkel aanzweven. Vol bewondering kijkt ze naar het vierkante blok, ze vindt het knap dat Vierkant een beeld gemaakt heeft dat op hem lijkt! Zij wil ook wel een beeld dat op haar lijkt, morgen komt ze het bekijken. En voordat Vierkant kan protesteren is ze alweer weg.

We zien Vierkant bedenkelijk kijken naar zijn evenbeeld, hoe moet hij daar een cirkel van maken? "Cirkel is perfect, dus het beeld moet ook perfect zijn." Hij gaat aan de slag, maar zo eenvoudig is het niet... Vierkant ploetert door, het begint te stortregenen, maar Vierkant blijft hakken en breken. Hij wil Cirkel niet teleurstellen, ze noemde hem immers een genie! Hij werkt de hele nacht door, maar ondanks zijn grote inzet lukt het Vierkant niet een beeld van Cirkel te maken.
Moedeloos en teleurgesteld in zichzelf gaat hij slapen.
En dan arriveert Cirkel...


'Hallo genie!' zei Cirkel. 'Ik ben vroeg!'
'O moedertjelief,' fluisterde Vierkant.

'Ben je klaar?'vroeg Cirkel.
'Jazeker,' zei Vierkant. 'Ik ben er klaar mee.'


Tot zijn stomme verbazing is Cirkel wild enthousiast! Vierkant is écht een genie!
Vierkant voelt zich er niet prettig bij... Hoe kan dat nou? Klopt dat wel?


Het is al knap om vormen als personages te nemen, maar Jon Klassen maakt er ook nog eens een mooi schouwspel van. Ondanks de donkere kleurtonen in de afbeeldingen, sprankelt het verhaal toch. Opnieuw zijn het de ogen die vol expressie zitten.  Die ogen maken het verhaal. Je ziet de wanhoop, twijfel, verbazing, vermoeidheid daarin uitgedrukt. Doe dat maar eens als de het personage een vierkant zwart blok is! petje af.

Door de introductie van Cirkel in het verhaal neem ik aan dat het volgende deeltje over haar gaat en ik ben nu al benieuwd wat voor bijzonders beide heren daar weer van weten te maken!


ISBN 9789025768881 | Hardcover met ronde hoeken | 48 pagina's | Uitgeverij Gottmer | juni 2018
Afmeting 23 x 23 cm | Vertaald door J.H. Gever | Leeftijd 3+

© Dettie,  7 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Meneer Kat en het meisje
Wang Yuwei


Uitgeverij Clavis en de stad Hasselt organiseren iedere twee jaar een wedstrijd voor illustratoren van kinderboeken voor kinderen van 2 tot 7 jaar. https://www.keycolours.com
De winnaar krijgt een geldsom en het boek wordt uitgegeven door Clavis, niet de minste uitgever wat kinderboeken betreft.
Was in 2016 een Italiaans boek - Francesca Pirrone met haar boek Bruno heeft wel 100 vrienden - de winnares, nu is een Chinese illustrator in de prijzen gevallen: Wang Yuwei.


Als je Meneer Kat op de omslag ziet liggen, ben je al verkocht. Het lijkt wel of je eigen kat getekend is! Bij opening van het boek wordt je niet teleurgesteld: het is winter op de afbeelding. Een dorpje ligt eenzaam en slaperig in de sneeuw, en op de voorgrond loopt Meneer Kat, met een koffertje in zijn ene hand, en met de andere hand wrijft hij over zijn ogen.
Het kan zijn dat hij een sneeuwvlok wegveegt, maar na het lezen van het verhaal denk je daar misschien anders over!


Meneer Kat schildert. Die sneeuwvlokken zijn mooi, vindt hij, en hij gaat naar buiten met zijn verfspullen. Hij vindt ook nog wat herfstblaadjes. Er is zelfs een groene bij…  En dan ziet hij het meisje. Wat is ze klein! Ze past onder een blaadje! Maar ze is ook heel koud. Hij moet haar maar meenemen naar huis. En dan ontwikkelt zich een wonderbare vriendschap tussen de kat en het kleine wezentje.
Meneer Kat was altijd alleen, en niet gewend aan iemand om zich heen die zo rond dartelt. Het is wel wennen en ze is ook heel bijzonder. Waar ze in de sneeuw haar voeten neerzet verschijnen prachtige gele bloemen.
Maar dan op een dag is ze verdwenen. Het is lente.


Meneer Kat ziet er wel levensecht uit – je zou graag een afbeelding aan je eigen muur willen hangen! Maar zoals dat in prentenboeken gebeurt, is hij vermenselijkt. Je ziet hem zitten achter een bord met een eitje en hij leest voor. Je ziet in zijn ogen dat hij moeite heeft met de levenslust van het meisje, maar ze wint zijn hart.
Dus: veegde hij misschien geen sneeuwvlok weg, maar een traan?


Aan de binnenkant van de achterkant staat hetzelfde dorp afgebeeld, zonder Meneer Kat, maar wel met herfstblaadjes. Zou het meisje daar weer onder verstopt zijn?


We zullen het nooit weten, het geheel is sprookjesachtig en geheimzinnig, zodat er veel ruimte voor speculatie overblijft. En dat is juist mooi bij een prentenboek: je kan samen met het kind dat je voorleest, mijmeren over wat er allemaal gebeurt, en kan gebeuren. Het is ook eigenlijk de volwassen voorlezer voor wie de tekst geschreven is, de taal is namelijk niet echt kindvriendelijk. Woorden als krokant, spoedig, en inspiratie moeten uitgelegd worden.
De tekeningen zijn romantisch,  met ietwat wazige contouren. Ook de kleuren zijn vriendelijk zacht.
Dit boek verdient inderdaad een prijs. En veel lezers en kijkers!


ISBN 9789044832624 | Hardcover | 24 pagina's | Clavis | mei 2018 | Vanaf 5 jaar.
Vertaald uit het Chinees door Clavis

© Marjo, 2 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER