Nieuwe jeugdboekrecensies t/m 5 jaar

Alle kinderen
Een ABC van gemene versjes

illustraties: Anke Kuhl
tekst: Martin Schmitz-Kuhl


Alle kinderen zijn gek op Pirania's
Behalve Agaat, die in het badje staat.


We zien hierbij een afbeelding van alle kinderen die gezellig aan de rand van een vierkante vijver staan. Ze wijzen naar de visjes in het water, het zijn piarania's met heel scherpe tandjes. In dat water staat Agaat...


Alle kinderen schaatsen op de vijver
Behalve Beatrijs, die zakt door het ijs.


Bij deze tekst zien we alle kinderen heerlijk zwieren over het ijs. Maar van één zien we alleen maar een hoofd uit een wak steken.
Je raadt het al, diegene in dat wak is Beatrijs...


Alle kinderen slaan op de vlucht
Behalve Camilla, die ontmoet een gorilla

En Camilla ontmoet niet alleen de gorilla, nee, het is veel erger! De gorilla houdt haar in zijn enorme hand en aan de overkant hangt een gemeen kijkende slang... op de achtergrond zie je een sliert kinderen weghollen.

Alle kinderen staan stil bij de afgrond.
Behalve Ger, die doet één stap te ver.


En zo wordt het hele alfabet afgewerkt. De 26 versjes zijn niet eens zo heel erg gemeen, maar in combinatie met de afbeeldingen wordt de tekst wél veel meer beladen en valser, zoals:


Alle kinderen springen in het water.
Behalve Yvon, die landt op het beton.


Hierbij zien we alle kinderen lekker spelen bij het zwembad, niets aan de hand, maar dan neemt Yvon een snoekduik van de hoge duikplank af... ze springt veel te ver, wat er daarna gebeurt zie je niet maar je voelt het bijna wel! Oei, dat zal zeer doen! Dat zal een akelige dreun geven, denk je...
Het is humor met een ondergrond van leedvermaak en daar moet je van houden.

Het bizarre is dat tijdens alle gebeurtenissen de kinderen heel stoïcijns blijven. Ze staan erbij en kijken ernaar of zelfs dat niet eens, ze gaan gewoon door met hun bezigheden. Niemand grijpt in, niemand steekt een helpende hand uit. Wat dat betreft zijn het echt gemene versjes - en plaatjes - .
Toch heb ik wel het idee dat kinderen hier vreselijk de slappe lach van krijgen. Maar heel gevoelige kinderen zullen het mogelijk allemaal wat minder grappig vinden, dat zullen de ouders, juffen, meesters of begeleiders echter zelf moeten inschatten.

Maar een ding is zeker, niemand heeft ooit op zo'n aparte manier het alfabet geleerd!


ISBN 9789024573806 | Hardcover | 64 pagina's | Uitgeverij Luitingh Sijthof | 29 oktober 2016
Vertaald door Lida Dijkstra | Leeftijd 4+

© Dettie, 3 december 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Ik zag Anaconda
Een ssssspannend verhaal vol flapjes
illustraties Emma Dodd
tekst: Jane Clarke


Wat gebeurt er als je met een verrekijker in de natuur loopt? Dan kun je van veraf toch dichtbij kijken. Een jongetje heeft dat ook ontdekt en daar gaat dit boek over. Hij vertelt ons over zijn grote avontuur op die ene dag dat hij die enorme slang zag...

We zien hem turen naar een grote Anaconda die hap, slik een teek naar binnen schrokt.
"Reken maar dat dat kriebelen kan, werd ze daar niet misselijk van?"


Maar de slang is niet dom, hij slikt gauw een skink (salamander) erachteraan, die moet de teek vinden.
"Reken maar dat dat kriebelen kan, werd ze daar niet misselijk van?"


En zo verzwelgt Anaconda het een na het andere dier, ze worden steeds groter en groter... Zelf een hele ooievaar, met poten en al, wordt opgeslokt.


De ooievaar moest de piranha verslinden
die ze had opgeslokt om de kikker te vinden
die ze had opgeslokt om de skink te verslinden
die ze had opgeslokt om de teek te vinden


En reken maar dat al die dieren in je lijf vreselijk kriebelen! Wordt Anaconda daar niet misselijk van?

Maar Anaconda gaat stug door. We kunnen haar lijf steeds voller zien worden dankzij de bijzonder vormgegeven flappen. De ene keer kunnen we haar kronkelige kronkels openklappen, en zien we o.a. de ooievaar een beetje klem zitten. De andere keer zien we de dieren afgebeeld in een spiraalvorm die van de ene bladzijde naar de andere spiraalt.
Het jongetje gaat zo op in het kijken naar Aanaconda en haar enorme maaltijd dat hij niet in de gaten heeft dat de slang op hem afkomt... En voor hij er erg in heeft wordt hij ook opgeslokt! En reken maar dat het jongetje kriebelen kan en daar wordt Anaconda heel misselijk van!


Het is een boek dat je moet zien. De slang neemt allemaal vormen aan en is af en toe zo lang dat er een uitklappagina aan te pas moet komen om hem helemaal in al zijn, letterlijk, volle glorie te kunnen aanschouwen. Ook de laatste pagina is een echte uitklapper! 
Een leuk stapelverhaal dat met een sisser afloopt.


ISBN 9789025766276 | Hardcover | 20 pagina's | Uitgeverij Gottmer | oktober 2016
Afmeting: 27,9 x 25,8 cm | Vertaald door Bette Westera | Leeftijd 3+

© Dettie, 1 december 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Anna en het luie oogje
Kathleen Amant


Als mama merkt dat Anna steeds dichter bij de televisie gaat zitten omdat ze het anders allemaal niet zo goed kan zien, neemt ze haar mee naar de oogarts. Het is een lieve mevrouw. We zien Anna in een mooie stoel zitten. Ze moet naar plaatjes kijken. Anna ziet een huis en een auto. Maar die plaatjes worden steeds kleiner. Anna moet aan de oogarts vertellen wat ze ziet, maar bij die kleine plaatjes lukt dat niet zo goed.

De oogarts zet een gekke bril op Anna's neus, daarmee kan ze testen hoe goed of slecht alles ziet. De oogarts vertelt dat Anna's ene oog lui is. Dat oog heeft helemaal geen zin om mee te kijken. Daarom moet Anna een pleister op haar andere oog, dan móet haar luie oog wel aan de slag en daar wordt hij beter van. Anna krijgt ook een heel leuke bril zodat ze alle plaatjes weer helemaal goed kan zien.
Supertrots gaat ze naar school, met haar bril op én haar mooie rode pleister met witte stippen. Niemand mag aan haar bril komen, want die is alleen van... Anna!

Op de zo kenmerkende eenvoudige manier van Kathleen Amant wordt heel duidelijk uitgelegd wat een lui oogje is en wat er dan gebeuren moet om dat oogje beter te maken. Ook zitten er weer kleine kleine grapjes in het verhaal zoals het knuffelkonijn van Anna die natuurlijk ook een brilletje en pleisters op zijn ogen moet!
Het knappe is dat Kathleen Amant alles altijd in korte zinnen weet te vertellen. Zinnen die toch alles weergeven wat nodig is zodat een kind alles goed begrijpt. Het is een vrolijk geheel geworden. Niets is meer eng of griezelig  als je de boekjes van deze schrijfster gelezen hebt!


ISBN 9789044828931 | Hardcover met ronde hoeken | 27 pagina's | Uitgeverij Clavis | oktober 2016
Afmeting 22,9 x 21,4 cm | Leeftijd vanaf 30 maanden

© Dettie, 11 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Dat is míjn vijver
Claire Garralon


Neem je kind op schoot of zet op school een groepje kinderen in een kring om je heen en doe het boekje open... Wat zien we dan?


We zien een geel eendje bij een mooie vijver staan.
'Oh! Wat een mooie vijver!
Dat is míjn vijver!'

roept hij.

Maar even later komt er een wit eendje aangewaggeld. Hij kwaakt hetzelfde.
'Oh! Wat een mooie vijver!
Dat is míjn vijver!'

Bijna krijgt het witte eendje ruzie met het gele eendje maar gelukkig besluiten ze de vijver samen te delen. Op de afbeelding zien we een stippellijn door de vijver lopen, zo kunnen we goed zien welk deel van het gele eendje en welk deel van het witte eendje is.


Maar dan komt er een rood eendje aangewandeld en even later een groen eendje en nog veel meer eendjes in allerlei kleuren. En allemaal delen ze de vijver. Er komen steeds meer stippellijntje in de vijver en steeds meer eendjes, op het laatst zie je de lijntjes geeneens meer.
Als er een zwart eendje aan komt lopen zie je hem blij kijken naar die vijver vol kleurige eendjes... Dat ziet er gezellig uit! Dat wil hij ook wel! Samen lekker zwemmen en plezier maken in de vijver. Maar er is helemaal geen plek meer om te zwemmen of plezier te maken, de vijver is zo vol dat de eendjes zich nauwelijks meer kunnen bewegen! Het is eigenlijk helemaal niet leuk meer vertellen de eendjes aan het zwarte eendje. Deze is verbaasd, dat kan toch anders, roept hij.  Kortom, het zwarte eendje heeft een superidee. Alle eendjes zijn helemaal blij, ze peddelen lekker door het water en hebben pret voor tien, maar niet voor lang...
De kinderen zullen het grappige, verrassende eind prachtig vinden, ik hoor ze al giechelen.


Onder het voorlezen kunnen we de afbeeldingen die de, duidelijk afgedrukte, tekst ondersteunen, laten zien. Claire Garralon heeft er een mooi bontgekleurd geheel van weten te maken. In al hun eenvoud maken de afbeeldingen heel goed duidelijk wat grenzen zijn en hoe je iets kunt delen met elkaar. Het boekje is ook nog eens mooi en zorgvuldig afgewerkt is. De pagina's zijn van stevig FSC-papier en de afbeeldingen zijn in fraaie heldere kleuren afgedrukt.
Leuk om cadeau te geven én om uit voor te lezen.

ISBN 9781911496014 | Hardcover | 36 pagina's | Uitgeverij Book Island | 22 oktober 2016
Afmeting 20,4 x 22,2 cm | Vertaald door Ester van Buuren | leeftijd 3+

Dettie, 10 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Waarom is iedereen toch zo triest?
Tekst en illustraties: Anna lucida - Chiara Vignocchi - Silvia Borando


Als we het boekje openslaan zien we op de witte pagina een mooi blauw visje, maar het beestje ziet er niet vrolijk uit, zijn mondhoeken wijzen zielig naar beneden. Op de volgende bladzijde lezen we dat het visje zich verdrietig en bedroefd voelt, daarom gaat hij lekker een stuk zwemmen, dan vrolijkt hij vast weer op.


Maar ook het gele visje dat hij ontmoet is verdrietig, net als de grote paarse kwal, die voelt zich ook niet zo fijn en alle andere dieren die  het blauwe visje tegenkomt zoals de sippe inktvis, de tobberige kogelvis en nog veel meer dieren, allemaal zien ze er even bedroefd of somber uit. Het blauwe visje snapt er niets van. Wat is er aan de hand? Waarom is iedereen toch zo triest?


Maar dan komt hij de schildpad tegen en die lacht! Eindelijk een vrolijk dier! Je zou er blij van worden en dat wordt het blauwe visje ook want in een handomdraai krijgt de schildpad iedereen aan het lachen! En zo wordt het uiteindelijk toch een heel vrolijk verhaal...


Het boekje zit vernuftig in elkaar, alle waterdieren zijn heel eenvoudig weergegeven, later begrijp je waarom. Elk dier heeft een eigen heldere kleur waardoor je samen het kind de kleuren kunt leren te benoemen. Verder straalt elke 'vis' een of andere mate van bedroefdheid uit wat steeds met een ander woord zoals sip, triest en dergelijke aangegeven wordt. Maar dat is nog niet alles, kinderen leren ook gelijk hoe een kwal, een inktvis, een clownsvis er min of meer uit zien, het zijn geen realistische weergaven maar ze hebben wel de contouren van de soort die genoemd wordt.
Bij elke afbeelding staat maar één zin, toch is dat voldoende. Die zinnen geven de strekking van het verhaal evengoed prima weer.


Altijd wonderbaarlijk dat in zo'n dun boekje voor kinderen zoveel wetenswaardigheden gestopt kunnen worden. Knap werk van de drie dames!

Zie ook het inkijkexemplaar


ISBN 9781911496007 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij Book Island | 22 oktober 2016
Afmeting 20,5 x 20, 5 cm. Vertaald door Jota Chabel & Edward van de Vendel | Leeftijd 3+

© Dettie, 8 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De kleine walvis in de winter
Benji Davies


"Boy woonde aan zee. Samen met zijn vader en zes katten.


Vorige zomer redde Boy een kleine walvis. Die was
aangespoeld na een storm. Samen met zijn vader bracht
hij hem terug naar zee, waar hij thuishoorde.


Maar Boy kon zijn kleine vriend niet vergeten"


Zo begint het verhaal over Boy die elke dag uitkijkt over de zee in de hoop dat het walvisje weer terugkomt. Soms denkt hij dat hem in de verte ziet zwemmen maar elke keer is het tot zijn teleurstelling iets anders.

© Benji Davies

Het wordt herfst, het wordt winter. Al die tijd heeft Boy met zijn ogen speurend over de zee naar de kleine walvis gezocht. Maar nu gaat het sneeuwen, we zien dat het strand steeds witter wordt, en het wordt zo vreselijk koud dat zelfs de zee begint de bevriezen. Papa gaat nog gauw één keer vissen... Roy zwaait hem vrolijk uit.


Maar papa komt 's avonds niet thuis en Boy wacht en wacht. Hij zit op zijn bed en tuurt naar buiten. Waar blijft papa? Ineens ziet hij iets. "Dat moet papa zijn." Gauw trekt hij zijn warme kleren en schoenen aan en dan zien we Boy hollen met zijn stormlamp, in het donker, over het ijs, in de sneeuw!


"Hoe verder Boy liep, hoe meer
sneeuw er naar beneden kwam.
Na een tijdje leek alles overal
hetzelfde.

Boy was verdwaald."


Maar dan ziet hij iets voor zich een grijze vorm... het is papa's boot! Maar papa is niet aan boord. Boy is best bang. Was de kleine walvis er maar.
En dan gebeurt er iets ongelofelijks... de kleine walvis (en zijn familie) komt Boy helpen! Samen gaan ze op zoek naar papa.


Een hartveroverend verhaal over vriendschap en moed. Een moedig is Boy! Héél moedig zelfs.
De sfeer is ondanks dat het best een spannend verhaal is, niet eng of griezelig. Dat komt onder andere door de afbeeldingen. Die zijn namelijk warm nachtgrijs met mooie oplichtende kleurelementen. Het lantaarnlicht maakt de tekeningen ook aangenaam vriendelijk om naar te kijken.


Het eerste deel over Boy getiteld De kleine walvis, dat ik helaas niet gelezen heb, is o.a. Prentenboek van het Jaar 2017 geworden maar Benji Davis sleepte nog veel meer prijzen voor dat boek in de wacht. Het zou zomaar kunnen dat dit boek ook in de prijzen gaat vallen. Daar is het mooi genoeg voor.


ISBN 9789024574841 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij Luitingh Sijthof | 10 november 2016
Afmeting 28,5 x 25,2 cm | prima vertaald door Edward van de Vendel | Leeftijd 3+

© Dettie, 2 december 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Spoken kloppen niet
illustraties: Rocio Bonilla
tekst: Eulàlia Canal


Dikke pret hebben Beer en Bosmarmot, elke dag, keer op keer. Ze dansen en zingen en gillen samen van de lach. 's Avonds liggen ze gezellig onder de bomen te kijken naar de grillige vormen van de bladeren die zich tegen de hemel aftekenen. Het leven is gewoonweg in een woord geweldig! Het mag van Bosmarmot altijd zo blijven. Maar Beer zegt op een ijskoude middag dat Eend komt spelen. Er verschijnen gelijk boze zwarte wolkjes boven het kopje van Bosmarmot.


"Bosmarmot vindt Eend niet leuk. Ze vindt Eend niet leuk en ze wil niet dat er iemand mee komt spelen en haar middagen met Beer verpest."


Bosmarmot is bang dat Beer Eend leuker zal vinden en dan is het uit met de pret. Bosmarmot wil haar vriend niet kwijt raken aan Eend.  Ze wil Beer niet delen met Eend. Kortom, Bosmarmot is stinkend jaloers. De goeiïge beer studdert ondertussen lekker in het huis, bakt gezellig een taart voor het bezoek en zorgt dat het haardvuur brand. En dat is nou net wat Bosmarmot niet kwijt wil.


Ze zit te pruilen en te sippen en verzint een list, ze zal Eend afschrikken, zodat ze wegblijft! En zo gebeurt het. Ze plaatst, zonder dat Beer het weet, gauw een bord bij de deur met een dreigende tekst erop. Dát zal Eend goed afschrikken! Maar Bosmarmot had niet gerekend op een nieuwsgierige Eend die steeds maar vragen stelt. Uiteindelijk is het Bosmarmot zelf die heel erg schrikt! - Haar snoet is dan onvergetelijk. -
En zo loopt het allemaal heel anders af dan Bosmarmot in gedachte had. Ze heeft haar lesje geleerd, delen in spelen kan ook leuk zijn.


Dikke pret hebben ze, Beer, Eend en Bosmarmot, ze dansen en zingen en gillen samen van de lach...


De illustratrice Rocio Bonilla kennen we al van het speelse, fantasievolle boekje Welke kleur heeft een zoen? In dit boekje is de stijl anders maar niet minder aantrekkelijk. Vooral bij de eerste pagina's schieten je mondhoeken vanzelf omhoog. Bosmarmot en Beer hebben zo'n plezier dat je het bijna voelt. De snoet van de boze Bosmarmot is overigens ook grappig. Wat is ze jaloers. Geweldig weergeven!


Eulàlia Canal is in het dagelijks leven psychologe en heeft daarnaast meer dan 20 kinderboeken, diverse kinderliedjes en poëzie voor de jeugd geschreven. Ze heeft eveneens meegewerkt aan verschillende jeugdprojecten op gebied van muziek en theater. Veelzijdige dame dus en dat is in dit grappige verhaal duidelijk te merken.

Zie ook het inkijkexemplaar


ISBN 9789044828597 | Hardcover | 43 pagina's | Uitgeverij Clavis | oktober 2016
Afmeting 26,9 x,25, 6 cm | Leeftijd vanaf 5 jaar

© Dettie, 22 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Cesar superoor
illustraties: Yanice Dogger
tekst: Kirstin Rozema


Konijn is helemaal zenuwachtig, wat duurt het toch lang. Eindelijk komt zuster Saartje hem halen. Vanaf nu heet hij papa Konijn want hij heeft maar liefst zeven kinderen gekregen. Zes konijnendochters en een konijnenzoon. Gauw hupt hij naar binnen. Maar wat is dat? Hij kijkt nog eens goed. Alle konijntjes zien er uit als konijntjes, behalve zijn zoon, die heeft enorm lange oren. Ze zijn wel vijf keer zo lang als die van zijn zusjes.

Hiermee begint het grappige verhaal over Cesar zoals het jongetjeskonijntje door zijn ouders genoemd wordt. Zijn zusjes vinden die lange oren van Cesar wel handig, we zien op de afbeelding dat ze er lekker onder staan te schuilen voor de regen. Ook kunnen ze elkaar niet kwijtraken als ze gaan wandelen, ze houden gewoon een stukje oor van Cesar vast. Maar Cesar vindt het minder leuk, hij struikelt telkens over zijn eigen oren en moet ze steeds wassen omdat ze aldoor vies worden. Hij wil gewone oren! Papa en mama konijn hebben een idee. Ze gaan met zijn allen naar meneer Haas die heeft een heel speciaal winkeltje waar je andere oren (en nog veel meer) kunt kopen.


Hierna volgt het leukste deel van het boek. We zien Cesar steeds met andere oren aan zijn kop. Geweldig uitgebeeld! Heb jij wel eens een konijn met zebra-oren gezien? Of met puntige kattenoortjes, of ronde leeuwenoren, of mooie puntige giraffenoren?  In dit boek zie je het! De giraffenoren staan hem best wel goed vinden Cesars zusjes, maar hij zelf vindt het maar niets. Gelukkig ziet Cesar dan iets liggen wat precies is waar hij naar zocht.
Hij ziet niet dat Papa en meneer Haas elkaar een dikke knipoog geven...


Het boekje in A5 formaat heeft sowieso met zijn konijnenkopjes op de cover al een grote aantrekkingskracht maar de inhoud is ook zo de moeite waard.
Het is echt een voorleesverhaal. Op elke pagina staan zo'n 15 regels tekst die in dikke zwarte letters zijn afgedrukt, een enkel woord wordt benadrukt in grote rode letters. Het merendeel van de afbeeldingen zijn in zwart-wit met kleuraccenten. De ene keer is de achtergrond gekleurd, de andere keer wordt een onderdeel in kleur weergegeven, dat geeft een mooi evenwicht.
Kortom, ik heb echt genoten van dit humoristische boekje.


ISBN 9789491886546 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij Droomvallei | oktober 2016
Afmeting 21,5 x 15,5 cm | leeftijd 4+

© Dettie, 11 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Grote brutale Hippo
Stuart Trotter


In het eerste boekje over Hippo lazen we hoe krenterig hij was. Hij wilde al het lekkers uit de picknickmand voor zichzelf houden. Maar de dieren van het bos leerde hem een lesje, dachten ze...  Maar of dat echt zo is?


In dit verhaal is hij namelijk opnieuw helemaal niet zo aardig. Het is gewoon een grote brutale Hippo! Hij duwt iedereen aan de kant, en wil alles hebben wat een ander heeft. Als hij de krokodil op de fiets ziet zitten, moet hij per se op die fiets, maar Hippo is dik, groot en heel zwaar, dus... fiets kapot. Maar sorry zeggen? Welnee, dat woord kent Hippo niet. En zo dendert hij de jungle door. Hij pikt het drinken van de leeuw in en zegt niet eens dankjewel. Als hij de ballonnen van het kleine aapje niet mag hebben dan prikt hij ze gauw stuk en zo blijft hij doorgaan. Hippo vraagt niets, hij pakt alles gewoon af en vriendelijk bedanken is er al helemáál niet bij. Wat een akelige, vervelende Hippo!


En dan komt boontje om zijn loontje. Dankzij al zijn akelige hebberigheid gebeurt er iets waardoor Hippo zelf hulp nodig heeft. Maar dat zal hij dan eerst maar eens vriendelijk moeten vragen, vindt de olifant...


De tekst is opgebouwd uit korte zinnen en in grote duidelijke letters afgedrukt. De schreeuwende bevelen van Hippo worden nog eens extra benadrukt door die zinnen in dikke letters af te drukken. Je hoort het bijna.
Maar zoals zo vaak in boeken voor jonge kinderen zijn de afbeeldingen het allerleukste van dit boek. De grote Hippo heeft zo'n heerlijk brutale kop waar je vanzelf om moet grinniken. Hij kijkt je aan met zo'n blik van 'wie doet me wat?' Ook naar de dieren toe heeft hij die overheersende blik en je ziet ze allemaal als het ware in elkaar krimpen bij zoveel brutaal gedoe. De leeuw lijkt bijvoorbeeld wel een bang poesje dankzij het gedrag van Hippo.


Opnieuw lijkt aan het eind van het boek alsof Hippo zijn lesje geleerd heeft. Hij weet echt wel dat hij compleet verkeerd bezig was. Toch? Of niet? Als je op de laatste afbeelding in het boek Hippo's grimmige, brutale blik ziet, vrees ik dat hij nog steeds niet al zijn streken verloren is. Wat zullen we in een volgend verhaal over hem ontdekken?

Kortom, lekker brutaal boekje!


ISBN 9789402601657 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij Aerial | oktober 2016
Afmeting 25,3 x 23 cm | Vertaald door Jeanet van den Heuvel | Leeftijd 4+

© Dettie, 8 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altBinnen spelen
Buiten spelen

Illustraties: Pauline Oud
tekst: Marianne Busser & Ron Schröder


Een omkeerboek.
Laten we eerst maar eens buiten gaan spelen, het is nu nog mooi weer..
‘Het liefste kindje van de wereld gaat buiten spelen’ staat er. Maar wel raar hoor: dat liefste kindje ben jij niet, want iedere keer als er een verhaaltje verteld is over wat dat kindje doet, staat er:


‘wat doet dat kindje nou?
kijk, het kindje zwaait naar jou!'


Dat is heel lief natuurlijk, maar waarom is die ‘jij’ niet het liefste kindje? Maar vooruit, laten we daar niet moeilijk over doen, want het is niet steeds hetzelfde kindje, dat avonturen beleeft. Er zijn gewoon heel veel allerliefste kindjes.


We zouden buiten gaan spelen, met een meisje gaan we de tuin in. Dat meisje eet gras! Bah... Gelukkig heeft mama een banaan. Dat is veel lekkerder. Op het strand speelt een jongen, dat is echt leuk, je papa en mama nat spetteren! Of we gaan naar de kinderboerderij, of steppen! Dat meisje op de step is een volhoudertje, als ze valt, staat ze gewoon weer op. En daar is een branieschoppertje dat de bal overal hard tegen aan schiet. Tot papa er genoeg van krijgt. Allemaal situaties die uit het leven gegrepen zijn. Heel herkenbaar voor kleine kinderen van een jaar of twee.


Is dat ook zo als we binnen blijven?
Eerst het boek omkeren. En ja hoor, ook de huiselijke situaties kent ieder kind: haartjes wassen, ook al wil je dat niet. Kruimels opvegen die je zelf geknoeid hebt, in een boekje zitten bladeren. Maar het lijkt wel of de kinderen binnen ondeugender zijn. Ze verscheuren papier, stoppen de beer in de wc-pot, en gooien uit boosheid speelgoed uit de box.


Heel leuk is dat verhaaltje over het kind dat zich zichtbaar verstopt, maar natuurlijk niet gevonden wordt.


Mama zegt: eerst was je weg
maar kijk, daar ben je weer
En ’t kindje schatert: leuk was dat
we doen het nog een keer
vooruit dan maar, zegt mama
verstop jij je maar vast
en ’t kindje zegt: niet kijken hoor
ik kruip achter de kast


Herkenbaar, leuk om voor te lezen in deze rijmvorm, en natuurlijk met hele leuke kleurrijke tekeningen. Weer een geslaagd boek van het schrijversechtpaar Busser & Schröder, nu voor wat kleinere kinderen. En hun ouders.


ISBN  9789048832323| Hardcover | 48 pagina's | Uitgeverij Moon | november 2016
Leeftijd tot 2 jaar

© Marjo, 7 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER