Nieuwe jeugdboekrecensies t/m 5 jaar

Agent en Boef en de gladde grapjes
Illustraties: Kees de Boer
tekst: Tjibbe Veldkamp


Boef zit in bad en zegt dat de zeep op is. Agent brengt nieuwe zeep, maar glijdt uit over zeep die Boef op de vloer heeft gesmeerd. Boef ontsnapt en steelt veel zeep. Hij is makkelijk te volgen, door alle uitglijdende mensen.
Agent bedenkt een plan. Hij zet allemaal dozen met zeep op een plein, om Boef te lokken. Rond de dozen smeert Agent zeep. Maar Boef doorziet zijn plan! Zal Boef ontkomen?


In verhouding staat er weinig tekst bij de paginagrote illustraties. Die zijn vrolijk, grappig, kleurrijk en hebben heel leuke details. Hierdoor is dit boek niet alleen een voorleesboek, maar ook een aanwijs- en zoekboek.
Om meermaals van te genieten met peuters en kleuters!


Agent en Boef en de gladde grapjes is het zesde deel in de prentenboekreeks van Agent en Boef. Het is als los verhaal te lezen.


Zie ook het inkijkexemplaar


ISBN 9789401433358 | Hardcover | 32 pagina's | NUR 273 |Uitgeverij Lannoo | 14 juni 2016
Afmeting 22 x 25cm | Leeftijd 5+

© © Trenke Riksten-Unsworth, 29 juni 2016

Lees de reactie op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Heksenwens
illustraties: Lisa Brandenburg
tekst: Guy Daniëls


Het is eindelijk weer eens een mooie zonnige dag. De heksentweeling Ella en Casper en hun broertje spelen heerlijk in de tuin. Als ze de buurvrouw zien vraagt Ella haar of haar dochter Mona ook buiten mag komen spelen. Maar tot hun grote schrik vertelt deze dat Mona nog steeds ziek is! en dat is ze al zo lang. Casper en Ella gaan gauw bij Mona kijken en Ella ziet dat Mona onder haar heksenhoed helemaal kaal is, al de mooie krullen van Mona zijn weg! 'Dat komt door de medicijnen' vertelt Mona, 'maar het groeit later wel weer terug.'  Dokter Bezemsteel heeft verteld dat het nog maanden kan duren voor ze weer helemaal beter is. Mona is nu ook nog te zwak om te vliegen op de bezem, dan valt ze er vanaf, vertelt Mona's moeder.

Ella vindt dat heel zielig voor Mona, want dan kan ze ook niet naar het Grote Heksenbal. Ze vindt het helemaal niet eerlijk, Mona kan er toch ook niets aan doen dat ze ziek is? Ze piekert en puzzelt... zou ze nou echt niets kunnen verzinnen zodat Mona toch mee kan? Ineens weet ze het! Ze gaat naar opa die weet vast wel iets te verzinnen. En ja hoor, opa tekent en schetst, hij kan wel iets maken voor Mona, maar dat kost wel geld...
Ook daar wordt een oplossing voor gevonden. En zo komt het dat Mona toch naar het Grote Heksenbal kan. Hoe? dat moeten jullie zelf maar lezen.

Naast dat het een hartverwarmend verhaal is over vriendschap en elkaar helpen is het ook nog eens een heel mooi verzorgd boek met grappige illustraties van Lisa Brandenbrug. De jonge heksjes hebben allemaal een mooie zwarte puntmuts op en de oudere heksen hebben grote wratten op hun lange neuzen of spitse kin. Opa heeft een lieve ronde snoet, een dikke bos grijs haar en... een dikke bolle neus vol witte pukkels!
Er zitten overal muisjes gezellig te kijken naar alles wat er gebeurt en ze helpen soms zelfs mee! In de vensterbank staan potjes met vleesetende plantjes en de poppen van de kinderen zijn miniatuurheksjes. Dit allemaal in mooie warme kleuren, er is niets engs aan.
Erg leuk gedaan allemaal.

De Vlaamse schrijver Guy Daniëls draagt dit boek op aan alle vrijwilligers én aan de wenskinderen van Make-A-Wish. Deze schitterende organisatie vervult wensen van kinderen met een levensbedreigende ziekte. De gehele opbrengst van het boek gaat dan ook naar Make-A-Wish Vlaanderen.  Daarom een warme oproep! Steun dit project en koop het boek via http://www.makeawish.be 
Het boek is geschikt voor kleuters en kinderen van het 1e en 2e leerjaar.


Klik hier om de folder te downloaden. (Je kunt ook gewoon de folder downloaden en delen via sociale media!)


ISBN 9789044825992 | Hardcover | 27 pagina's | Uitgeverij Clavis | september 2015
Afmeting 29,7 x 21,5 cm | Voor alle heksjes en tovenaars vanaf 4 jaar

© Dettie, 28 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Word wakker Walter
illustraties: Pieter Gaudesaboos
tekst: Lorraine Francis


Als je dit prentenboek onder ogen krijgt, valt naast de flinke afmeting gelijk de aparte cover op. We zien een jongetje, hangend aan mooie glanzende ballonnen, de lucht in vliegen, in zijn ene hand houdt hij een druipend ijsje, aan zijn andere arm zitten de ballonnen vastgeknoopt. Het jongetje hangt achterover met zijn ogen dicht. Een hand grijpt nog net op tijd zijn beentje...
Dat ziet er spannend uit en roept vragen op. Wat is er aan de hand met dat jongetje? Waarom heeft hij zijn ogen dicht? Is hij bang?


Als we het boek openslaan, lezen we dat het jongetje Walter heet en dat hij niet bang maar wel heel moe is. Walter slaapt alleen maar, altijd en overal. 
We zien hem in het zwembad, slapend, liggend in het water. We zien hem al slapend bezig met zijn ontbijt. Ook tijdens het maken van een schilderij en al spelend op de wip valt hij, met zijn kin op de plank, in slaap. In het aquarium, midden op straat en zelfs op zijn eigen verjaardagsfeestje ligt Walter te slapen. Overal waar Walter is valt hij in een diepe slaap.


Natuurlijk zijn Walters ouders ongerust en gaan met hem naar de dokter, maar zelfs de professor van het ziekenhuis kan hen niet helpen. Walters vader en moeder bezoeken een tv dokter en een wijze medicijnvrouw die diep in de jungle woont maar zelfs zij kan niet voorkomen dat Walter steeds maar weer in slaap valt. Kortom, Walters ouders proberen van alles, tot een enorm orkest en een robot die onder Walters voeten kriebelt aan toe maar niets helpt, Walter blijft slapen, totdat...


Naast dat het een heel grappig verhaal is dat in korte zinnen verteld wordt, zijn vooral de illustraties het vermelden waard.
De illustrator vertelt in een interview dat hij geïnspireerd raakt door oude prentenboeken en voorwerpen, met name die uit de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. De prenten van Pieter Goudesaboos hebben heel vaag ook wel iets weg van de afbeeldingen van Fiep Westendorp. Zij kon eveneens het absurde, het afwijkende, op een speelse manier uitvergroten en weergeven.


In dit boek tref je dat fantasievolle uitvergroten ook aan. Juist daardoor wordt alles zo humoristisch ook al kunnen een aantal dingen helemaal niet, zoals in het aquarium ondergedompeld slapen terwijl een reuzeninktvis Walters been vasthoudt. Maar dat geeft niet. Daardoor begrijpen we nóg beter dat Walter écht zijn ogen niet open kan houden. Walter slaapt gewoon dwars door alle bijzondere gebeurtenissen heen!
Maar het is niet alleen maar dat speelse wat zo aantrekkelijk is. Het zijn ook de gebruikte kleuren, de mooie gemengde techniek en niet te vergeten het vakmanschap van Gaudesaboos die de afbeeldingen zo weergaloos maken.

Een heel apart, kleurrijk, komisch boek. Uitstekend geschikt om voor het slapen gaan uit voor te lezen.


Lorraine Francis schrijft prentenboeken en is bibliothecaris voor de kinderboekenafdeling in een Ierse bibliotheek.
Pieter Gaudesaboos werkt als illustrator, vormgever en auteur. Hij valt op door zijn gevarieerde, eigenzinnige stijl.


ISBN 9789401435649 | Hardcover | NUR 273 | 40 pagina's | Uitgeverij Lannoo | 18 mei 2016
Afmeting 32,7 x 24,8 cm | Vertaald door Siska Goeminne | Leeftijd 4+

© Dettie, 27 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Pip en Posy en het nieuwe vriendje
Axel Scheffler


De boekjes over Konijn Pip en Muis Posy zijn razend populair. Dit is alweer het zevende deel over de twee grote vrienden. Deze keer gaan ze naar het strand en hebben het enorm naar hun zin. Ze doen wat zoveel kinderen doen; mooie schelpen verzamelen in een emmertje, een kuil graven, visjes in het water zoeken etc. Posy is helemaal slaperig geworden van al dat spelen in de zon en ze gaat even lekker samen met Kikker de knuffel onder de parasol een dutje doen.


Naast de plek van Pip en Posy is ondertussen iemand anders komen zitten. Hij heet Vic vertelt hij en Vic  heeft heel veel spullen meegenomen die hij allemaal rond zijn strandtentje heeft gelegd. We zien o.a. een surfplank, een strandbal, een radio, een schep, tafeltennisbatjes en een balletje, een duikbril en zwemvliezen. Dat ziet er wel heel aantrekkelijk uit. Als Vic vraagt aan Pip of hij zin heeft om te spelen dan wil Pip dat wel! Posy slaapt toch. Ze voetballen samen, doen handstand en Pip mag zelfs de duikbril en flippers gebruiken waarmee hij gekke capriolen uithaalt.


Maar dan wordt Posy wakker en zij vindt het helemaal niet leuk dat Pip zo'n plezier met Vic heeft. Ze is stiekem een beetje jaloers. Maar als het drietal een ijsje gaan halen en een meeuw het ijsje van Vic wegpikt, vindt Posy dat toch wel heel zielig voor Vic...
Uiteindelijk komt alles helemaal goed en hebben ze met zijn drieën nog veel plezier.

Een boekje over vriendschap en jaloers zijn maar dat wordt niet al te erg aangedikt. Het is vooral een verhaaltje zoals het er in de kleine kinderwereld aan toe gaat. Kinderen zijn gauw boos of verdrietig maar dat is ook zo weer over vooral als je, zoals in dit geval, ontdekt dat je met zijn drieën ook heel fijn kunt spelen.

De afbeeldingen zijn in heldere kleuren getekend. De figuurtjes zijn met een zwarte lijn omkaderd waardoor ze mooi aftekenen tegen de achtergrond.
 
Voor mij was het een eerste kennismaking met Pip en Posy maar het zal zeker niet de laatste zijn.

ISBN 9789025765347 | Hardcover met foam | 32 pagina's | Uitgeverij Gottmer | juni 2016
Afmeting 22 x 22 cm | Vertaald door J.H. Gever | leeftijd 2+

© Dettie, 25 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Jan Politieman
Ruth Wielockx


In het begin van het boek worden we vriendelijk welkom geheten op het politiebureau waar Jan Politieman werkt. Er is gelijk al veel te bekijken want bij het politiebureau zien we onder andere allemaal politieauto's staan, op het dak staat een echte politiehelikopter en we zien zelfs een politieman met de speurhond Snuffel trainen.

Die dag krijgt Jan Politieman een belangrijke opdracht, hij moet van de hoofdcommissaris een dikke brief posten en dat is niet zomaar een brief, op de envelop staat met grote dikke letters topgeheim. Die mag niet kwijtraken, daar mag onderweg niets mee gebeuren.
Maar... onderweg wordt de pet van Jan gestolen! Natuurlijk wil Jan Politieman zijn pet terug hebben en springt gelijk op de politiemotor om de dief te vinden maar die is nergens te zien. Dan moet speurhond Snuffel maar meehelpen om de pet te zoeken. Al snel heeft Snuffel een spoor te pakken en die gaat regelrecht naar de bakker. Maar ook daar is nergens de pet van Jan te vinden...


Arme Jan, hij zoekt en hij zoekt. Samen met Snuffel rijdt hij kriskras door de stad, vermomt hij zich en vliegt hij zelfs als het donker is met de helikopter boven de stad. Met de zoeklichten aan moet de dief van zijn pet toch te vinden zijn, denkt hij. Maar nee hoor, de pet is en blijft weg...
Verdrietig sjokt Jan naar het bureau, kan hij nu niet eens meer een dief vangen? Even later ontdekt hij ook nog tot zijn grote schrik dat hij de belangrijke envelop vergeten is te posten! Wat een rotdag! Maar dan...


Wat Jan niet weet, maar wij als lezer wel , is dat met Jan een grap wordt uitgehaald. Op elke afbeelding zie je, als je goed oplet, wel iets waardoor je weet waarom de pet van Jan gestolen is. Maar Jan weet dat niet en hij kan de dief van zijn pet maar niet vinden. En zo komt het dat Jan alles wat hij geleerd heeft, uitprobeert om de dief en zijn mooie politiepet terug te vinden.
Jan en Snuffel gaan bijvoorbeeld op patrouille, doorzoeken een winkel, gaan undercover enz. Ondertussen zie je de collega's van Jan lachend met van alles rondlopen. Maar toch is het geen nare grap, want ze hebben een fijne verrassing bedacht voor Jan waar hij heel blij mee zal zijn... maar welke verrassing dat is, zie je pas op het eind van het boek.


Ruth Wielockx heeft met haar verhaal en afbeeldingen een heel speelse manier gevonden om kinderen te tonen wat er allemaal te zien is in en rond een politiebureau en wat een politieman allemaal kan doen om een dief op te sporen. Opnieuw een mooi verzorgd, vlot, fleurig boek boordevol informatie van deze eigentijdse schrijfster en illustratrice.


ISBN 9789044826081 | Hardcover | 27 pagina's | Uitgeverij Clavis | april 2016
Afmeting 26,9  x 25,7 cm | Leeftijd 3+

© Dettie, 13 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Kamperen!
Philip Waechter


Zwierend en zwaaiend met zijn schooltas loopt Tim naar huis, hij heeft eindelijk vakantie! Onderweg koopt hij alvast een lekker ijsje om het te vieren.
Papa en mama zijn zoals altijd op zijn laatste schooldag al druk bezig met inpakken want ze gaan kamperen! Hoera.


De hele auto wordt volgestouwd. - We zien papa met een rood hoofd nog het allerlaatste in de auto proppen - het blijft keer op keer een verrassing dat alles er weer in past. Nadat ze zeker weten dat ze niets vergeten zijn, begint de reis. Om even later weer om te keren, mama is namelijk vergeten hun huissleutels aan de buurvrouw te geven. Maar dan zijn ze toch eindelijk definitief op weg. Na een lange reis komen ze aan op de vertrouwde camping. Tim kent de weg nog op het terrein. Na het gebruikelijke gekibbel van papa en mama rond de tent opzetten zijn ze er helemaal klaar voor. Het is nu écht vakantie!


Tim geniet. Hij vindt nieuwe vriendjes en observeert alle campinggasten met al hun eigenaardigheden. De dagen vliegen voorbij. Volgens Tim is het de mooiste zomer die je kunt bedenken. Hij gaat alleen naar de campingwinkel, heeft zo zijn kleine eigen avontuurtjes, zoals surfen in zee, een vis vangen,  een briefje in een fles vinden, elkaar griezelverhalen vertellen enz. Kortom, het is een fantastische, geweldige, supermegafijne vakantie!


Het verhaal is net geen stripboek maar het scheelt niet veel. Alles wordt wel in tekeningen weergegeven. Maar de ene keer beslaat de afbeelding een hele pagina en de andere keer worden situaties in negen kleine ingekaderde tekeningen op een bladzijde weergegeven. Grappig zijn de interpretaties over de campingbewoners en al hun hebbelijkheden maar ook alle bezigheden die Tim uitvoert in de vakantie die in kleine tekeningen zijn weergegeven zijn erg leuk om te zien.
Soms staat er tekst bij de afbeeldingen, een andere keer zijn woorden overbodig en zegt de afbeelding al genoeg. Dat maakt het verhaal heel erg speels en prettig om te volgen. Natuurlijk scheelt het ook dat Tim een vrolijk jongetje is. Hij heeft plezier in alles en vermaakt zich uitstekend.
Het verhaal eindigt nogal abrupt maar duidelijk is inmiddels wel dat kamperen heerlijk is.


Zie ook het Inkijkexemplaar


Philip Waechter is een geprezen Duits illustrator. Hij studeerde vormgeving en illustratie. Hij maakte al verschillende prentenboeken die wereldwijd werden vertaald.


ISBN 9789401433037 | Hardcover | 22cm x 28cm | NUR 273 | 36 pagina's | Lannoo | 5 april 2016
Vertaald door Edward van de Vendel. | leeftijd 5+

© Dettie, 7 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDe kleurenkabouters
illustraties: Emilie Timmermans
tekst: Emy Geyskens


Als je kleine kinderen vertrouwd wil maken met kleuren, dan is dit het juiste boek. (Nou ja, vooruit, er zijn er meer, maar als je dan toch kan kiezen?) De kleurenkabouters in dit boek helpen jonge kinderen de primaire kleuren te leren kennen, terwijl zij een klein avontuur beleven waarbij ze omringd zijn door allerlei voorwerpen of levende wezens die dezelfde kleur hebben.
Je kan het boek willekeurig ergens openklappen op een dubbele pagina, en een kleur spettert je tegemoet.
Toevallig is de kleur die bij mij open valt groen. Allerlei tinten groen.


Links op de pagina zit kabouter Groen, met zijn voeten in het water. Hij heeft namelijk hard gewerkt: er staat een kruiwagen en er liggen tuinhandschoenen. Hij wil zich wat verfrissen en uitrusten. Naast hem zitten kikkers. Groen natuurlijk. Om hen heen is de natuur gezellig groen en er zijn ook diertjes: een groene rups, een groene libel, en... een vis. Maar o jee, dat is geen groene vis!! Het water is ook niet groen...En dan zie je dat er wel meer voorwerpen zijn die niet groen zijn: er zijn takken: bruin! De tuinhandschoenen: geel. Zo wordt het contrast met de kleur groen nog duidelijker.


Als je zo met een kind meekijkt, dan vallen de details steeds meer op. Er is heel veel te zien, en dan heb ik de omlijsting van dit getekende verhaaltje nog niet genoemd. Boven en onder de afbeelding staan voorwerpen en levende wezens getekend, die er niet zozeer zijn om de kleur groen uit te beelden - maar dat wel doen - als wel om aan te geven wat er allemaal past bij een vijver met kikkers. Je kan al die afbeeldingen terugzoeken – en vinden – op de twee pagina’s. Het woord staat erbij, met lidwoord.


En zo wordt steeds een kleur behandeld. Het is dus een zoekboek. Een kleurenzoekboek, dat ook geschikt is om te leren wat er bij elkaar hoort. Binnen de afbeelding staat ook nog een stukje tekst. Eerlijk gezegd vind ik die tekstregeltjes wat overbodig, maar ze zijn wel op rijm, en dat is dan wel weer leuk.


Er zijn veel meer kleurenkabouters: rood, blauw, geel, zwart, wit (ook heel mooi!) oranje, paars, bruin, roze (heel goed!) en grijs. Ieder met een eigen verhaal, en met daarbij behorende voorwerpen. Bij iedere kabouter wordt ook nog een vraag gesteld: wat eet deze kleurkabouter graag?

Het boek is stevig uitgevoerd en geeft heel veel kijk- en leerplezier voor jonge kinderen.

ISBN  9789059241763 | Hardcover met dikke, glanzende bladzijden | 32 pagina's | Uitgeverij Baeckens | april 2016
Leeftijd vanaf 2 jaar.

© Marjo, 3 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Jij tussen vele anderen
illustraties: Merel Eyckerman
tekst: Saskia Goeminne


Over de wereld krioelen
zevenduizend miljoen honderd mensen
als miertjes in het gras.
Ze lopen, ze zitten, denken na, springen op.
Ze rennen van hier naar daar en weer terug.

Sommigen weten heel goed waarom ze rennen
en waarheen. Anderen hebben geen idee,
of lopen zo maar mee.


Zo begint dit mooie boek over mensen. Mensen in soorten en maten, mensen in allerlei kleuren, in allerlei huizen. Vrolijke mensen, angstige en stoere mensen. Jonge en oude mensen.
We lezen waar al deze mensen wonen, de een in een hoge toren in de stad, de ander in een huisje op een veld. Sommigen wonen in een boot of een tent. Ze wonen op een berg of in een woestijn, op ijskoude plekken of heel warme plekken.

Wat doen al die mensen? Hoe zien ze eruit? In het boek wordt ons daarover onder andere verteld.


"Mensen hebben rare dingen aan hun lijf:
een putje in hun buik, lelletjes aan hun oren,
bruine stipjes op hun neus. [...]
Ze hebben ook een hoofd. Daar denken ze soms mee."


"Je kunt mensen mengen,
en dan krijg je nieuwe mensen,
in andere kleuren en andere vormen."


Overal zijn mensen, de een is vrolijk, de ander somber, de een gelooft in een God of in niets. Er zijn mensen die graag lezen, er zijn mensen die graag alleen zijn, er zijn mensen die graag veel mensen om zich heen hebben, er zijn lieve, norse, koppige, slimme, grappige en enge mensen.


Kortom er zijn miljoenen mensen... maar er is er niet een zoals jij!


Dit alles, en nog veel meer, wordt ons in dit boek gezegd en getoond. Het is alsof aan een buitenstaander verteld wordt wat een mens eigenlijk is en hoe bijzonder die mens is. Op de paginagrote afbeeldingen zien we allerlei mensen, in al hun enorme variëteit, met en in al hun verschillende kleding, gedrag, houding, geloof, gewoontes, en gebaren. Het is prachtig weergegeven in . Elke afbeelding heeft veel te bieden waardoor je er met kinderen uitstekend over kunt praten. Maar wat het boek vooral aangeeft, is hoe uniek en bijzonder elk persoon is, en dat is een mooie les om te leren.


Zie ook het inkijkexemplaar


Siska Goeminne is opgegroeid in Deinze en woont in Kessel-Lo. Ze studeerde Germaanse talen en Kunst- en cultuurbeleid. Ze is fulltime jeugdauteur, vertaler en redacteur. Ze schrijft boeken voor heel jonge en iets oudere kinderen en tieners. Haar vertaling van Sneeuw! kreeg een Zilveren Griffel. Het Fantastische verhaal van Ferre en Frie stond op de longlist van de Gouden Uil en de Boekenleeuw. 


Merel Eyckerman is opgegroeid in Turnhout en woont nu in Bevel. Ze studeerde Illustratie in Hasselt. Ze is sinds 2003 illustrator en archeologisch tekenaar. Ze heeft al een dertigtal kinderboeken geïllustreerd, waaronder kartonboeken, prentenboeken en eerste lezers. Merels boeken zijn vertaald in het Frans, Engels, Russisch, Hongaars, Spaans en Koreaans.


ISBN 9789462910713 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij De Eenhoorn |
Afmeting: 30,5 x 21,7 cm | Leeftijd: 5+

© Dettie, 29 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Leren is leuk!
illustraties: Eve Tharlet
tekst: Brigitte Weniger


Iedere avond leest Micha Muis zijn vrienden een verhaaltje voor.
Als hij deze keer het boek dichtklapt, zucht Maaike Mol: 'Ik wil ook zo goed kunnen lezen als jij.'
'Dan moet je dat leren,' zegt Sam Slaapmuis.
Maar Erik Egel roept : 'Waar dan? Wij hebben hier in het bos toch geen school!'


En daarmee begint dit verhaal. Want als er geen school is hoe kunnen de dieren dan bijvoorbeeld leren lezen en schrijven?

De dieren besluiten een bosschool op te richten en slepen tafels en stoeltjes naar hun bosklas. Al snel komen ze erachter dat iedereen wel een talent heeft. Maarten Merel is heel handig en kan prachtig zingen dus hij wordt hun zang- en handvaardigheidsleraar. Sam Slaapmuis is heel lenig en wordt de gymleraar. Maaike Mol kan heel goed horen, ruiken en voelen en zo komt het dat zij voortaan zintuigenles geeft.
De dieren genieten enorm van alle lessen en leren heel veel.


De enige die een beetje sipjes kijkt is Erik Egel. Wat kan hij nou eigenlijk? Waarin kan hij nou les geven? Gelukkig komt hij er achter als hij met zijn stekels een vos weet te verjagen. Hij kan iedereen leren hoe ze zich moeten beschermen!
En zo leren alle dieren elke dag weer nieuwe dingen van elkaar! Zo is leren heel leuk!


De tekst in het boek is in duidelijke letters afgedrukt en bestaat - voor een kinderboek -  uit vrij lange zinnen maar de taal is helder en goed te begrijpen.

Bij het verhaal staan afbeeldingen van Eve Tharlet, die al vele kinderboeken geïllustreerd heeft. Ze stopt veel humor en fantasie in haar prenten. We zien bijvoorbeeld de kikker met een stel stenen op zijn hoofd sjouwen, later blijken dat de stoelen in de klas te zijn. De tafels zijn ronde plakjes hout en de kok gebruikt een enorme bril om zijn gerechten door de zon warm te laten maken. En zo zijn er allemaal kleine grapjes in de afbeeldingen verborgen.

Dit verhaal laat zien dat elk dier (of mens) zijn eigen unieke talenten heeft maar het is bovenal een erg leuk verhaal dat je met een glimlach uitleest.


Zie ook het inkijkexemplaar


ISBN  9789051165104 | Hardcover | NUR 273-274 | 32 pagina's | Uitgeverij De Vier Windstreken | februari 2016
Vertaald door Merel de Vink | Leeftijd 4 jaar en ouder

© Dettie, 27 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altLeren is leuk!
illustraties: Eve Tharlet
tekst: Brigitte Weniger


Het werkt aanstekelijk: Micha Muis kan al lezen en leest iedere avond voor aan zijn vrienden. Dan willen zij het ook leren!
Micha is niet te beroerd, maar - roept Erik - wij hebben hier in het bos helemaal geen school!
Dat hoeft ook niet zegt Micha: om te leren hoef je alleen maar een leraar te hebben. Nou, dat wil Micha wel zijn. En niet alleen Micha! Het grappige is namelijk dat ieder dier een bepaald talent heeft, en dat kunnen ze elkaar allemaal leren.


Maarten Merel kan les geven in zingen, of in handvaardigheid, want hij weet hoe hij van rietstengels papier kan maken. Handig als je wil leren schrijven. Sam Slaapmuis blijkt bereid te zijn om gymles te geven, dan kunnen ze na een les lang stilzitten ook even rondhupsen en springen. Maaike Mol is nagenoeg blind en kan heel goed ruiken, horen en zien. Ze wil de anderen wel laten zien hoe dat moet. En zo ontstaat er een heel bijzondere bosschool, en ontdekken de dieren hoe leuk het is om dingen te leren!
En ook leren ze hoe handig het is om een egel als vriend te hebben. Want als een vos in hun territorium komt, is Erik Egel degene die kan helpen. En wat kan Kasper de Kikker dan?


Natuurlijk heeft een boek als dit een duidelijke boodschap. Een boodschap waar kinderen misschien wel helemaal geen zin in hebben. Maar gelukkig is het een prachtig getekend boek. De tekeningen van Eve Tharlet hebben iets romantisch, met warme ietwat wazige kleuren. Er zijn heel veel grappige details: Erik Egel met een muts op die gevouwen is van een krant en Maarten Merel die vliegt op een vliegtuigje van papier. Het avontuur met de vos is heel beeldend getekend.


Zie ook het inkijkexemplaar


Brigitte Weninger (Kufstein, 1960) is een Oostenrijks schrijfster met vele kinderboeken op haar naam.


ISBN  9789051165104 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij De Vier Windstreken | februari 2016
Vertaald uit het Duits door Merel de Vink  | Leeftijd vanaf 4 jaar


© Marjo, 25 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altPinokkio, de ondeugende pop
Illustraties: Alessio Castellani
tekst: Iris Boter


- Het klassieke verhaal opnieuw verteld. Uitgegeven in samenwerking met de Efteling. -


Eigenlijk een prentenboek en dus voor de allerkleinsten, maar ik durf het gerust een boek voor alle leeftijden te noemen. Is niet de Efteling zelf ook voor alle leeftijden? Oké, jongeren mijden het Sprookjesbos, maar als ze ouder zijn en/of zelf kinderen hebben, komen ze er weer terug.


Het verhaal van dit klassieke sprookje is intussen zeker bekend. De houten pop die tot leven komt en dan zo ondeugend blijkt te zijn dat zijn neus gaat groeien en maar doorgroeit. Het is ook wel bekend dat het de jongen gaat lukken om zijn grootste wens en die van Gepetto zijn maker uit te laten komen: hij wordt een echte jongen, dank zij de fee.
Het verhaal wordt in grote snelle stappen verteld, maar er wordt niets overgeslagen. En wat er niet verteld wordt, kun je zien op de fraaie tekeningen.


Het boek is heel mooi: een stevige kaft met prachtige kleurenillustraties, in het bekende Eftelingsfeertje. Op alle pagina’s is heel veel te zien. Het verhaal wordt verteld in delen, met op iedere pagina kleine blokjes tekst. Maar het is vooral een kijkboek: Een boek dat menig kind iedere avond voorgelezen wil hebben.


Er is de laatste tijd nogal wat aandacht voor de houten pop geweest, en menigeen heeft genoten van de musical die te zien was in de Efteling. Komende herfst gaat de musical ook nog reizen door Nederland en België en kan iedereen het gaan zien. En heb je het dan nog gemist, of wil je meer, dan kun je in de Efteling gaan kijken naar deze nieuwste attractie, het 29e sprookje. Begin je met dit boek, dan is de voorpret er al vast!

Zie ook het Inkijkexemplaar


ISBN  9789000350445 | H ardcover| 32 pagina's | NUR 273 | Uitgegeven door de Efteling en Van Goor| mei 2016
Leeftijd tot 5 jaar

© Marjo, 15 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Anna en Konijn
Kathleen Amant


Grote verwennerij, want er staan dit keer drie Annaverhalen in deze verzamelbundel en ze gaan allemaal over Anna en haar lieve knuffel genaamd Konijn. 

In Mijn liefste vriendje lezen we hoe Anna naar haar knuffel zoekt. 'Konij-ijn, waar ben je? Waar heb je je verstopt? roept Anna. Gelukkig vindt ze hem, hij zat in een doos. 'Was je bang?' vraagt Anna. Ze knuffelt hem gauw en vertelt dat hij niet meer bang hoeft te zijn want Anna is nu lekker bij hem.
Maar als ze met hem speelt en hoog in de lucht gooit valt Konijn op de grond! Maar knuffels kunnen gelukkig wel tegen een stootje. Ze dansen, schommelen en wandelen samen en dan gaan ze heerlijk... knuffelen!

In het verhaaltje Konijn is vies is Anna een beetje ondeugend, ze lust geen soep en voert het gauw aan Konijn. Maar mama is ook niet gek en is een beetje boos op Anna omdat ze haar soep niet opgegeten heeft en Konijn? Konijn is helemaal vies, hij zit onder de soep. Arm Konijn hij moet de wasmachine in. We zien Konijn gehutseklutst in de wasmachine worden. Gelukkig is het geen echt Konijn. En als Konijn weer droog is, knuffelt Anna hem weer helemaal zacht!

In het het laatste verhaal Ik wil mijn knuffel is Konijn - na het welterusten zeggen, tanden poetsen, plassen en verhaaltje voorlezen - verdwenen. Papa en Anna zoeken hem overal, waar kan hij nou zijn? Hij is niet op de wc, of onder het kussen. Ze zoeken en zoeken en dan... ziet Anna zijn pootjes. Konijn had zich onder haar dekbed verstopt. En met haar knuffelvriendje dicht tegen haar aan, gaat Anna lekker slapen.

Wie de Annaboekjes kent, weet inmiddels dat ze altijd een optimistische ondertoon hebben. Anna is altijd opgewekt en heeft het lekker naar haar zin.
Kathleen Amant weet dat kleine kinderwereldje, waarin alles een avontuur is,  altijd goed te verbeelden en verwoorden. De kinderfantasietjes van Anna zijn zo lekker eenvoudig maar ook zo levensecht. Een kind kan écht zo opgaan in het spel en die herkenning maakt de Annaboekjes juist zo leuk. Ik val in herhaling maar dit driedubbeldikke Annaboek is opnieuw een erg fijn (vakantie)boek geworden, geschikt voor kinderen vanaf 2,5 jaar.


ISBN 9789044827347 | Hardcover 25 x 26 cm | 96 pagina's | Uitgeverij Clavis | april 2016
- De verhalen zijn eerder als afzonderlijke boekjes uitgegeven - | Leeftijd 2,5+

© Dettie, 8 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Hoera, wij hebben een tuin!
Gerda Muller


Anna en Benjamin zijn verhuisd naar een huis met een enorme tuin. Op de afbeelding is te zien dat het huis midden in de stad staat. Ook zien we marktkraampjes en winkeltjes in de straat waar de kinderen komen te wonen. De kinderen zijn vreselijk blij dat ze in zo'n leuk huis en gezellige buurt komen te wonen. Maar het is vooral die tuin die ze helemaal te gek vinden.

Benjamins handen kriebelen al om daaraan te beginnen want de tuin is erg verwaarloosd. Samen met papa en mama tekenen ze een tuinplan want Benjamin wil een klein tuintje voor zichzelf en Anna wil groente kweken en mama wil bloemen, een grasveld en een terras. Maar eerst moet alle troep uit de tuin en tuingereedschap gekocht worden en dan... kunnen ze eindelijk aan de slag.


Er wordt gespit en geharkt en gezaaid. Mama is heel blij dat de zieke oude appelboom kan blijven staan, want een tuinman weet gelukkig hoe hij de boom weer beter kan maken. Tante Lisa brengt stekjes mee voor Lisa en Benjamin en ze mogen zelf ook zaadjes kopen voor bloemen en groente. Om uit al die zakjes zaad te kiezen is nog best moeilijk! En dan kan het zaaien en planten beginnen.
Gelukkig krijgen ze ook hulp van Louis, de buurjongen die in de bovenwoning van het huis woont. Hij weet alles van tuinieren. Louis zit in een rolstoel maar op zijn balkon kan hij mooi overal bij.  Het staat dan ook vol met mooie planten en bloemen. Soms stopt hij dingen in een emmer aan een touw en laat die dan naar beneden zakken voor Benjamin en Anna.


De kinderen hebben de tijd van hun leven, helemaal als de bloemen opkomen en later gaan bloeien en de groente uit Anna's tuintje klaar is om geoogst te worden. Ze zijn puur trots op zichzelf. Soms gaan ze lekker picknicken op het gras met kinderen uit hun klas. In de vakantie past Louis vanaf zijn balkon op de tuin en schrijft brieven om te vertellen wat hij daarin allemaal ziet.
En zo tuinieren ze het hele jaar door. Ze plukken de appels, planten bollen voor het volgende jaar. Rooien Anna's aardappels en maken een composthoop. Ze genieten van de paddenstoelen in de herfst en in de winter van de mooie witte tuin vol sneeuw. En dan... wordt het weer voorjaar.


In het boek staan mooie, gedetailleerde afbeeldingen waarop je precies kunt zien wat er in dat jaar allemaal gebeurt in de tuin. Het is duidelijk dat de planten en bloemen niet vanzelf groeien en bloeien, je moet er wel wat voor doen. Maar het resultaat is er dan ook naar. Tegen je eigen gekweekte groente kan niets op. Ook de prachtige bloemen in Benjamins tuin zijn een mooie beloning voor al het werk.


Maar naast al het tuinwerk is er ook aandacht voor de vogels die de tuin bezoeken evenals voor de vlinders, wormen en andere dieren die in een tuin voorkomen. Achterin het boek staan nog tips voor balkonplanten en uitleg over hoe zaadjes van bloemen  zich kunnen verspreiden, hoe je moet zaaien en bollen en klimplanten moet planten. Verder staan er ook nog erg leuke knutseltips in het boek, zoals een mooie bladerkroon maken of kettingen maken van zaden en noten.
Het is een boek om vrolijk van te worden want het is puur genieten als je al dat fraais ziet.

Zie ook het inkijkexemplaar (Engels)


Gerda Muller
werd geboren in Naarden in 1926. Ze kreeg haar opleiding op de Rietveld-academie in Amsterdam en op de École Etienne te Parijs. Ze illustreerde en schreef ruim 120 kinderboeken, die in veel landen zijn uitgegeven. Sinds 1953 woont ze in Parijs.


ISBN 9789060387818 | Hardcover 28,5 x 20,4 cm| 40 pagina's | NUR 273 | Uitgeverij Christofoor | februari 2016
Herziene uitgave van 'Mijn tuin tussen de huizen' (1990) | Vertaald door Maeike de Wolff-Russchen | leeftijd 4 +

© Dettie, 7 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altKippetje Sneeuwwitje en de zeven uiltjes
Francesca Rossi


Iedereen kent wel het sprookje van de gebroeders Grimm over het mooie meisje Sneeuwwitje en haar jaloerse stiefmoeder. Zoveel bewerkingen, zoveel hervertellingen, en nog meer films en strips, kan daar nog meer bij? Het antwoord is ja, vindt de Italiaanse ontwerpster Francesca Rossi.
Vinden wij dat ook? Dan zullen we de nieuwe bewerking eens goed moeten bekijken.


De omslag, van een zacht materiaal, in heldere kleuren roept grote verwachtingen op. We slaan het boek open. Na twee binnenpagina’s vol kleine uiltjes kijkt op de volgende pagina een lief wit kippetje ons aan. Ze lacht terwijl ze wolken stof opveegt. De titelpagina volgt. We worden aardig in spanning gehouden. Maar dan begint het verhaal, dat helemaal het aloude sprookje volgt.


In het kippenhok waarin tien kippen wonen is de grootste kip de lieveling van de boerin. Ze krijgt de lekkerste hapjes en ze wordt groter en dikker. Maar ook onuitstaanbaarder.  Als er een nieuw kuiken uit het ei komt – zo wit als sneeuw, met grote zwarte ogen en een kersenrood kammetje op haar hoofd – is al snel dit kippetje, ons Sneeuwwitje, de favoriet van de boerin. Wat is de Koninginkip boos! Dat kleine kreng, daar moet mee afgerekend worden. Terwijl ze driftig rondscharrelt rijpt er een geniaal idee: iedere nacht sluipt er een hongerige vos rond het kippenhok. En ze fluistert hem toe: ‘Morgenavond kun je je grote slag slaan: ‘Sneeuwwitje zal helemaal alleen op het binnenhof staan...’
We weten allemaal dat de vos Sneeuwwitje niet zal kunnen pakken, maar hoe dit kleine kippetje ontsnapt en hoe het met haar verder gaat? Want het is gevaarlijk als ze de Koninginkip nu onderschat..


Prachtig, prachtig! Mooie paginavullende tekeningen, in heldere sprekende kleuren,
Het verhaal wordt met veel humor verteld, is dus reuze leuk om voor te lezen. Zo mogen meer sprookjes bewerkt worden!


Francesca Rossi 
(1983) heeft verschillende bekroningen op haar naam. Ze werkt voor diverse Italiaanse uitgevers.


ISBN  9789059241770 | zachte hardcover| 48 pagina's | Uitgeverij Baeckens| april 2016
Vertaald uit het Italiaans door Catalina Steenkoop Leeftijd vanaf 3 jaar.

© Marjo, 2 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER