Nieuwe jeugdboekrecensies t/m 5 jaar

Stipjesreeks 0
Boerderij - Dieren - Voertuigen - Woordjes



Vier kleine boekjes vormen de nieuwe Stipjesreeks van uitgeverij Ballon.
Of er meer komen in deze reeks is nog onbekend, maar dit zijn al wel precies die onderwerpen waar kinderen graag naar kijken, en wat ze misschien ook al herkennen. Ze zijn geschikt voor de kleintjes vanaf een jaar of een.


Het zijn kleine kleurrijke aansprekende boekjes, handzaam ook voor kleine handjes, en van fijn dik karton. Met een plastic laagje, afwasbaar dus. Geschikt voor al die kinderhandjes die nog geen idee hebben wat zuinigheid is.
Het kind bekijkt de afbeeldingen en een oudere meelezer zegt de woorden (kan ook een ander kind zijn trouwens, leuk voor een oudere broer of zus, die misschien zelf nog niet leest).
Het is simpel, maar het is heel erg belangrijk voor de woordenschat van een kind!


De afbeeldingen zijn eenvoudig. Als er sprake is van een banaan, dan staat er ook alleen een banaan afgebeeld. Er zijn geen details omheen getekend die afleiden. Als kan het voorwerp wel ‘aangekleed’ zijn, dan zit er bijvoorbeeld iemand in de voertuigen, of het varken staat in de modder. Dat nodigt dan weer uit om wat meer te vertellen over zo’n auto, of dat varken.
Daarom is het ook uitstekend dat in ieder boekje naast de gangbare dieren, voertuigen of woordjes ook wat minder bekende staan. Het gaat er natuurlijk om dat ze niet alleen de vertrouwde dingen die ze al kennen zien en benoemen, maar ook nieuwe woorden leren.


In Dieren staat naast de beer bijvoorbeeld een vos, en naast een vis is er het zeepaardje.
In het boekje over boerderijdieren zijn de koe, een schaap, en de boer en boerin wel bekend, maar niet alle kinderen zullen een pauw of een kalkoen herkennen.
Wat voertuigen betreft de duikboot. Hier is overigens het verschil tussen een bus en een bestelwagen minimaal. Dat zal nog lastig zijn!
Woordjes. Wat zou daar nou in staan? Het zijn huis-, tuin- en keukenwoordjes. Een banaan, een bed, een bal, stoel of kinderwagen. Maar een boekenkast waar nauwelijks boeken in staan, die lijkt me toch wel lastig! En de soep, hm. Maar: goed om iets van te leren!


Dieren  - ISBN  9789403220758
Boerderij  - ISBN  9789403220796
Voertuigen  - ISBN 9789403220772
Woordjes  - ISBN  9789403220734


Hardcover | 20 pagina's | Uitgeverij Ballon/Standaard | januari 2021
Afmetingen 9,8 x 9,8 x 1,2 cm | Leeftijd vanaf 1 jaar

© Marjo, 22 januari 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

14 muisjes en de maan
Kazuo Iwamura


Kazui Iwamura studeerde aan The Tokyo National University of Fine Arts and Music, en begint zijn carrière als illustrator voor televisieprogramma's voor kinderen. Hij heeft tientalen kinderboeken getekend en geschreven die allemaal erg populair zijn. Kazuo Iwamura woont met zijn familie in Mashiko, bij Tokio.
De '14 muisjes' boeken van deze schrijver en illustrator zijn inmiddels wereldwijd bekend.


In dit boek heeft de familie muis weer een leuk plan. In Japan is het namelijk de gewoonte om met zijn allen de volle herfstmaan te bewonderen en dat is precies wat ze gaan doen. Maar dan moeten ze wel eerst kijken waar ze het beste zicht op de maan hebben en dat is natuurlijk niet in een muizenhol onderaan een boom!
Gelukkig is de hele muizenfamilie heel handig en samen bouwen ze stapje voor stapje een prachtig platform in hun boom. We beleven het hele bouwproces met ze mee dankzij de prachtige afbeeldingen van Iwamura.
Tijdens het bouwen zien de muisjes ook van alles en wij mogen zoeken naar de diertjes die ze onderweg tegenkomen.


Het platform is geweldig geworden en alle muisjes genieten van de lucht die heel mooi rood kleurt door de ondergaande zon, ze zijn zelf ook helemaal rozerood... En dan na even wachten verschijnt de maan! Iedereen is diep onder de indruk en ze bedanken de maan voor het mooie licht. Wat is dit weer een fantastische belevenis voor de familie muis.

Deze keer is het boek helemaal perfect. De voorgaande keren werden er namelijk vragen gesteld in de boeken die je nog niet kon weten omdat de antwoorden pas verder in het boek te vinden waren. Deze keer zijn de vragen veel beter afgestemd op de afbeeldingen, die zoals altijd schilderachtig mooi zijn.
Het is echt een genot om naar alles te kijken, vooral de zonsondergang en de opkomst van de maan zijn erg indrukwekkend weergegeven. Je zou ze allemaal willen laten zien.
Fantastisch boek!


ISBN 9789044837964 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij Clavis | september 2020
Nederlandse tekst Clavis | Afmeting 29.9 x 21,7 cm | Leeftijd 3+

© Dettie, 28 december 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Wat is er met jou gebeurd?
Illustraties: Karen George
Tekst: James Catchpole


Op de cover van het boek zien we een jongetje en meisje, elk staande op een schommel. Niets bijzonders zou je zeggen maar het jongetje heeft maar één been. Als je dan de titel dan nog een keer leest, snap je gelijk waar het verhaal over gaat.


Dat jongetje heet Joep en elke keer als iemand hem ziet dan krijgt hij vroeger of later wel die vraag "Wat is er met jou gebeurd? te horen. Of "Is je been eraf gevallen?" Of: "Het is zeker een trucje of niet? Jij verstopt je been." En zo blijven ze maar doorgaan, ze verzinnen de gekste verhalen, die overigens allemaal geweldig uitgebeeld worden door Karen George.


Joep heeft alle redenen al een keer gehoord en reageert heel laconiek. Boeie, dat hij één been heeft, dat weet hij zelf ook wel, bovendien wat maakt het nou helemaal uit? Hij gaat daarom gewoon door met piraatje spelen en krokodillen verslaan. Alle andere kinderen staan er daardoor even wat bedremmeld bij tot er een meisje naar Joep toe komt. "Is dat een krokodil daar beneden?" vraagt ze.
"Ja, ik denk het wel," zegt Joep. Er zijn ook haaien volgens hem "En ze lusten graag piraten!" roept hij.


En daarmee is de focus van het ene been van Joep verplaatst naar de krokodil en de haaien want piraatje spelen is leuk en Joep bewijst dat je dat ook heel goed met één been kunt doen. Naderhand doet het er helemaal niet meer toe dat Joep 'anders' is. Alle kinderen hebben gewoon lol met zijn allen.


Joep heeft ze daarmee een wijze les gegeven. Het gaat er helemaal niet om hoe je eruit ziet, of je een handicap hebt, maar wel hoe jij en de anderen er mee omgaan. Hij laat zien dat al die opmerkingen en vragen over zijn 'handicap' heel vervelend en saai zijn. Het is gewoon zo dat iemand, met of zonder been, arm, voet of andere 'gebreken' precies hetzelfde is als iedereen. Dus waarom al dat gevraag?


Dit met humor geschreven boek zal als het voorgelezen wordt, vast veel gespreksstof opleveren, want wees nou eerlijk, iedereen is soms een beetje anders.


De auteur James Catchpole heeft zelf maar één been en schreef dit boek om duidelijk te maken welke impact de vraag 'Wat is er met jou gebeurd' heeft op mensen met een beperking. Bekijk deze Engelse video met daarin zijn uitleg.
(Achterin het boek staat een toelichting van de schrijver over hoe je het beste kunt reageren naar mensen toe die gehandicapt zijn.)


Zie ook het inkijkexemplaar


ISBN 9789051168174 | Hardcover | 32 pagina's | De Vier Windstreken | november 2020
Afmeting 24 x 24 cm | Nederlandse tekst Monique Berdes | Leeftijd 4+

© Dettie, 17 december 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De parasol van Camille
Liu Hao


Op de cover van dit boek zien we een vrije bewerking van een schilderij van de bekende kunstschilder Claude Monet (1840-1926) getiteld vrouw met parasol. Bij het openslaan van het boek zien we nog een schilderij van een vrouw met parasol. Getiteld Mevrouw (Camille) Monet met haar zoon. Aan dezelfde wand zien we een van de vele beroemd geworden schilderijen met waterlelies. Daaronder een portretje van Claude Monet zelf.
Dankzij deze afbeeldingen hebben we al kunnen kennismaken met de hoofdpersonen uit dit boek.


Camille, de vrouw met de parasol speelt namelijk een belangrijke rol in dit verhaal. Het grappige is dat zij de lucht in vliegt als er een flinke wind opsteekt. Hangend aan haar parasol zien we haar met haar parasol in de sterrennacht van tijdgenoot Vincent van Gogh over de sterren dansen. Maar dan valt ze... midden in de vijver vol waterlelies van haar man!

Zoals het in verhalen zomaar kan gaan, mond de vijver uit in de zee en dobbert Camille naar een prachtige goudgele horizon die bestaat uit zonnig gekleurde velden met hier en daar een hooiberg.


Tussen de hooibergen en
met haar gezicht naar de zon toe
ziet ze iemand die haar o, zo dierbaar is.

iemand die ze lang kwijt was.


Het is een man... hij schildert!


Dit ontroerend verhaal tilt liefde over de dood heen - Monet verloor zijn vrouw door een ziekte - . De ontmoeting is hartverwarmend. De parasol staat symbool voor beschutting vinden. Dat klinkt allemaal heel zwaar maar dat is het juist helemaal niet. Het boek is zeker geschikt voor kinderen vanaf 5 jaar, want het verhaal is eenvoudig en de afbeeldingen zijn licht en aantrekkelijk.  Liu Hao heeft alles op een heel speelse en fantasievolle manier uitgebeeld en de werken van Monet op een mooie soepele manier laten overlopen in elkaar. Leuk is dat er ook een kleine hint wordt gegeven naar de voor die tijd geldende ongebruikelijke manier van schilderen (impressionisme) wat niet gelijk geaccepteerd werd door de bevolking en kunstkenners.
Voor volwassenen die dit verhaal voorlezen is deze diepere laag een bijzonder extraatje.


Dit boek werd ontdekt dankzij de illustratoren Key Collors Competition China, een samenwerking tussen Yunnan Aurora Publishing House Co., Ltd., Beijing Yutian Hanfeng Books Co., Ltd. en Clavis Uitgeverij. Liu Hao is naar mijn persoonlijke mening een van de betere winnaars uit deze jaarlijkse competitie.


ISBN 9789044839753 | hardcover | 27 pagina's | Clavis | november 2020

© Dettie, 7 december 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De muur van meneer Mo
Illustraties: Connie Snoek
Tekst: Ellen DeLange


Ella's vader, Meneer Mo, ontwerpt en bouwt huizen, al die huizen hebben dezelfde kleur, want dat willen de bewoners van het dorp nu eenmaal. We zien straten vol grijze huizen met een rood dak, elk huis is hetzelfde. Alle ramen en deuren zitten op dezelfde plek. Het is gewoon heel erg saai om te zien. Meneer Mo vindt al dat eentonige grijs vreselijk, hij zou zo graag eens een bijzonder huis met prachtige kleuren willen maken.


De enige plek waar hij zijn fantasie kwijt kan is thuis, met de vriendjes en vriendinnetjes van Ella. Samen met hen tekent hij de mooiste, kleurige huizen die er zijn. Ze hebben een toren of ronde deuren en zijn er heel vrolijk uit dankzij al dat rood, geel, paars, groen of elke andere kleur die de kinderen mooi vinden. Maar het is niet genoeg voor meneer Mo, hij wil écht die huizen vol kleur maken, maar niemand in het dorp wil het. Zij willen alles hetzelfde net als iedereen. Niemand waagt zich aan iets nieuws.


Meneer Mo kan niet meer tegen al die akelige grijsheid en wordt steeds somberder en verdrietiger. Op een dag stopt hij zelfs met huizen bouwen. De dorpelingen vinden het maar niets en zijn blij als ze meneer Mo op een dag horen timmeren. Maar wat bouwt hij nu? Een lange, hoge felgele muur! En daarachter is meneer Mo druk bezig, niemand mag het zien... De bewoners halen al snel hun schouders op, meneer Mo doet maar.



Maar de kinderen zijn stapelgek op die fleurige meneer Mo én ze zijn ook heel nieuwsgierig.  Zij mogen van hem wèl komen kijken en ze helpen zelfs mee! De bewoners beginnen nu toch ook wel benieuwd te worden. Wat doet meneer Mo toch achter die muur?

© Connie Snoek


Het verhaal geeft aan hoe belangrijk kleur (aanbrengen) in je leven is. Wil je grijs en grauw of geel en blauw? Het verschil is enorm! De afbeeldingen bij het verhaal zijn heel fantasievol, het zijn ook geen zoete kindertekeningen maar krachtige illustraties. Meneer Mo is een stoere neushoorn met kwastjes aan zijn oren. De muur van meneer Mo is ook een échte grote muur waar je letterlijk en figuurlijk niet omheen kunt.
Meneer Mo heeft die grijze wereld daardoor ook helemaal buitengesloten. Alleen de kleurrijke kinderen zijn welkom.
De vriendjes en vriendinnetjes van Ella zijn overigens ook stoere en karaktervolle dieren, die genieten van de fleurige ideeën van meneer Mo.

En de kleuren...? Die kun je beter zelf bekijken!

Een heel origineel boek. Het vormt misschien ook een leuke aanleiding om kinderen zelf aan de slag te laten gaan. Wat voor huis willen zij?


ISBN 9789044838084 | Hardcover | 27 pagina's | Uitgeverij Clavis | oktober 2020
Afmeting 33,3 x 24,3 | Leeftijd 5+

© Dettie, 25 november 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Altijd dichtbij
Mark Janssen


Als je een illustrator al vele jaren volgt dan maak je ook zijn hele ontwikkeling mee.


Mijn eerste 'ontmoeting' met de tekening van Mark Janssen was dankzij de afbeeldingen in zwart-grijstinten van Stijn en Storm in De voetbalgoden (1e deel 2007) boeken. Vervolgens las ik de boekjes over het elfje Marie, 2011-2014) die waren in kleur en het was heel bijzonder om te zien hoe speels en vrolijk de afbeeldingen van Janssens hand waren. Het was een aangename verrassing. Vooral het laatste Marie boekje waarin Janssen toch een andere stijl hanteerde dan in de eerdere delen.
Langzamerhand kreeg de illustrator een heel eigen stijl, je herkende zijn levendig gekleurde afbeeldingen gelijk in alle boeken die hij illustreerde.


En toen verscheen het boek Kodo - De weg van de Boog. We zagen daarin heel ander werk van Mark Janssen, de afbeeldingen waren veel belangrijker dan in de andere boeken, ze ondersteunden het verhaal maar namen ook het verhaal af en toe over. Dat boek lijkt de ommekeer te zijn, want langzamerhand verscheen er steeds meer eigen werk van Mark Janssen in boekvorm, zoals o.a.; Niets gebeurd, Dino's bestaan niet, Stop! Monsters! Eiland en Raar. Al deze boeken hebben hun eigen visitekaartje vol blije kleuren, het talent van Mark Janssen komt daarin steeds beter tot uiting en dan... verschijnt Altijd dichtbij...


Het contrast met zijn andere werk kan haast niet groter zijn. Waar de illustrator in andere boeken met een heel losse hand, groots tekent en schildert, is dit boek namelijk uiterst gedetailleerd en in zwart-wit uitgevoerd. Toch had het niet anders kunnen zijn dan wat het nu is. Deze afbeeldingen passen prachtig bij de inhoud van het verhaal, kleur had er alleen maar afbreuk aan gedaan.


Het verhaal gaat over een jongetje Babu, woonachtig in Nepal - waar Mark Janssen als ambassadeur van Stichting Thang doorheen reisde- . Babu is verdrietig en boos omdat zijn oma overleden is. We zien hem stilletjes staan bij een grote plas water die een grote tempel weerspiegelt. Dat water komt terug in de volgende prent. Babu zwemt in het grote meer, dieper en dieper tot zin boosheid zich langzaam oplost. Babu zoekt naar antwoorden, probeert te begrijpen waarom oma er niet meer is. Babu zoekt in zijn eentje de natuur op, staart naar de wolken, klimt heel hoog om dichter bij oma te zijn.
Hij moet flink zijn, dat had zijn oma gezegd, maar hoe doe je dat als je iemand zo mist.
Oma heeft hem dat eigenlijk ook verteld en langzamerhand dringen haar woorden écht tot hem door...


De afbeeldingen die het schitterende Nepal in al zijn facetten laat zien, zijn bijna sereen en lijken levensecht, toch heeft Mark Janssen in de weergave van de natuur deels ook zijn eigen onvoorstelbare en invoelende fantasie gebruikt.
Een prachtig boek, om stil van te worden.


Zie ook het YouTube filmpje met Mark Janssen over Altijd dichtbij, k


ISBN 9789047712640 | Hardcover goud op snee | 30 pagina's | Lemniscaat | oktober 2020
Afmeting  Vanaf 5 jaar

Dettie, 12 november 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Op een koude winternacht
Illustraties: Isabelle Arsenault
Tekst: Jean E. Pendziwol


Een klein scheppingsverhaal over een nacht waarin het ging sneeuwen


Wat kan er zoal gebeuren op een koude winternacht, als jij ligt te slapen? Dat laten de
Canadese Pendziwol en Arsenault ons zien in het sfeervolle prentenboek Op een koude winternacht. Bart Moeyaert vertaalde de tekst.


“Op een koude winternacht…”, zo begint ook het verhaal van dit prentenboek: “Op een koude winternacht, toen jij onder je deken van dons lag te slapen, maakte ik een tekening voor je,” luidt de volledige tekst op de eerste pagina. Ernaast een tekening van een slapend jongetje, dat diep onder de dekens ligt. Zijn neus steekt er nog net bovenuit. Boven het bed zien we een pikzwart kader in een zwartgrijze muur. Het raam dat ons uitzicht biedt op de donkere nacht. Maar hé… daar valt een sneeuwvlok.


Al snel blijkt de nacht buiten niet zo donker te zijn. Witte vlokken sneeuw lichten op in de nacht en bedekken de wereld om het huis, waarin het jongetje zo vredig ligt te slapen. Een paar pagina’s verderop luidt het dan weer “Op een koude winternacht…” en er volgt een anekdote over de sparren in het bos. De titel blijkt zich telkens als een refrein te herhalen, bij aanvang van een nieuwe episode, waarna we een nieuwe beschrijving kunnen lezen van een dier in dat besneeuwde landschap, of van de omgeving; een ree met haar jong, een grote, grijze uil, twee sneeuwhazen en een vos, maar ook de sterren en het Noorderlicht, dat door Pendziwol poëtisch beschreven wordt als “muziek in de lucht.


De illustraties van Isabelle Arsenault volgen het verhaal en vullen het aan. We zien meer dan we lezen. Zo wordt bijvoorbeeld beschreven hoe de sneeuw de wereld bedekt met een deken van dons. Waar die wereld uit bestaat, wordt in de prent uitgebeeld; het huis van het jongetje, een stukje bos, een hek en een besneeuwde weide.


Arsenaults illustraties zijn uitgevoerd in voornamelijk zwart, grijs, bruin en wit, met hier en daar een opvallend kleuraccent, zoals bijvoorbeeld de rode appels op de voorkant van het boek, of de groene uiteinden van de verder met sneeuw bedekte takken van de spar. Deze stijl is kenmerkend voor het werk van Arsenault. Iedere kleur draagt haar eigen symbolische waarde, aldus Arsenault in een interview op haar website, en het is daarom dat ze haar kleurgebruik beperkt tot die kleuren die het meeste recht doen aan het onderwerp. Zo geeft kleur een andere dimensie aan de illustraties.
Wat verder opvalt aan de stijl van de illustraties is de decoratieve lijnvoering, bijvoorbeeld in de weergave van takken en kruinen van bomen. Het decoratieve effect wordt veroorzaakt door de regelmatige patronen van de lijnen. Over een eerder prentenboek dat ze illustreerde (Migrant,  Trottier en Arsenault) zegt ze in het hierboven aangehaalde interview, dat ze zich liet inspireren door de patronen van quilts. Op illustraties van dat boek zie je ook die decoratieve lijnvoering terug.


Terug naar het verhaal, waar op één van de laatste bladzijdes de volledige tekst van de eerste pagina van het boek wordt herhaald. Het verschil zit in de illustratie; in plaats van een raam als een zwart vlak, deze keer een raam als een wit vlak. In plaats van een jongetje met de ogen gesloten een jongetje met de ogen open en wat ijskristallen rondom het raam. Het is dag en op de bladzijde die volgt geeft een illustratie dat weer over een dubbele pagina in totaal andere kleuren dan in de rest van het boek.
In zachtblauwe en witte tinten met wat lichtgeel, het ijle licht van het begin van een winterse, koude dag, schetst Arsenault het landschap waar het raam op uitziet. Alle dieren die in het boek voorbij kwamen, komen hier in kleur terug. De roestbruine reeën en de oranjebruine vos vormen een warm contrast in het ijzige landschap.


‘Toen ik klaar was liet ik je wakker strelen door het eerste licht van de koude winterdag, mooi en volmaakt en bijzonder – net als jij.’, luidt de tekst. Wie de ik-verteller is, wordt niet duidelijk in het boek, maar dat stoort niet. Je kunt daar tijdens het voorlezen interessante gesprekken over voeren: ‘Wie zou toch de ‘ik’ in het verhaal zijn?’ Ook over de tekening, die aan het begin van het prentenboek genoemd wordt, kun je vragen stellen: Wie maakt de tekening? En wordt er eigenlijk wel echt een tekening gemaakt?
De tekening blijkt uiteindelijk een metafoor voor het besneeuwde, schilderachtige landschap.  Pendziwol en Arsenault hebben samen een prachtig prentenboek gemaakt, dat is geschreven als een klein scheppingsverhaal over een nacht waarin het ging sneeuwen.


(Gebruikte bron: https://www.isabellearsenault.com, geraadpleegd op 12-01-2021)


ISBN 9789045125022 | Hardcover | 32 pagina's | Querido | november 2020
Vertaald door Bart Moyaert | Leeftijd ca. 4+

© Mariska Venema, 12 januari 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Toto en het nieuwe elfje
Esther Miskotte


Opnieuw een verhaal over elfje Toto en we komen oude bekenden tegen zoals o.a. Plofje de Uil.


Dit keer komt er een nieuw elfje in de klas.  Juf Elvira stelt hem voor. Hij heet Momo en komt uit het Donkere Dennenbos.
'Gallo! Ieke bien Momo,' zegt hij vrolijk.
Kas en Toto vinden Momo maar een gek elfje, hij lijkt wel een mot! vindt Kas. Momo het Motje, giechelen ze. En als Momo op de trommel speelt, bakt hij er ook niets van. Toto vindt dat hij dat veel beter kan.


Momo blijkt voor Toto en Kas een echte stoorzender, in zijn enthousiasme verraad hij het verstopplekje van Toto en ook met andere spelletjes denk hij leuk mee te doen met Toto en Kas. De twee elfjes, met name Kas, willen echter helemaal niet dat hij meedoet! Kas is zelfs heel onaardig tegen Momo, is hij misschien een beetje jaloers?


's Nachts ligt Toto in zijn bloembedje en kan niet slapen, hij voelt zich schuldig. Zodirekt gaat het nu helemaal niet goed met Momo. Hij besluit zijn grote vriend Plofje om raad te vragen. Maar wie zit daar vrolijk te praten met Plofje? Het is Momo! Gelukkig is Plofje een heel wijs uiltje...


Net als in het vorige boek zit er ook in dit boek een les, dit keer over uitsluiten en accepteren. Het boek is gelukkig wel wat pittiger qua verhaal dan het eerste boek. Wel lastig is dat de namen Toto en Momo zo op elkaar lijken, waardoor je snel in verwarring komt. Ook is het jammer dat Esther Miskotte de elfjes afbeeldt als kinderen met vleugeltjes. Het zijn geen echte elfjes ook al hebben ze puntoortjes.


Het verhaal wordt grappig door het accent van Toto, maar ook dit verhaal is niet echt een voltreffer. Het is vrij braaf, weinig sprankelend en loopt ook een beetje stijfjes af. Jammer want op zich is het idee wel erg leuk.


ISBN 9789044839999 | Hardcover | 27 pagina's | Uitgeverij Clavis | november 2020
Afmeting 30 x 21,9 cm |  Leeftijd 4+

© Dettie, 28 december 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het jaar van de Kerstman
illustraties: Frederico Van Lunter
tekst: Rik Peters


Gelijk als je het boek openslaat vliegen de opdrachten je bij wijze van spreken om je oren, 'Vind jij op elke tekening de 15 muisjes?' staat er bijvoorbeeld. Of, 'Zoek de Dino in de pakjeskamer." En: "Meedoen is belangrijker dan winnen. Vind jij alle medailles in de sportkamer?" In totaal staan er 17 opdrachten op die eerste twee pagina's. Het maakt gelijk nieuwsgierig, wat zal je allemaal te zien krijgen als er nu al zoveel opzoekdingen gevraagd worden?

Nou... er is héél veel te zien! We gaan namelijk op bezoek bij de Kerstman zodat we kunnen kijken wat hij de rest van het jaar doet. Dus de tijd dat hij niet door de lucht vliegt en cadeautjes rondbrengt.

We zien hem in een érg rommelige kamer zitten, in een grote leunstoel. Het rendier ligt aan zijn voeten te slapen. Alle muren hangen vol met schilderijen en tekeningen. Maar de kerstman heeft ook een tuin met allemaal bomen die hij in rendiermodel geknipt heeft. Het zijn geen dennenbomen maar bomen met blaadjes en die zijn allemaal versierd met ballen en lampjes, slingers, sterren, bananen, autobanden, stoelen en zelfs hondenhokken! Want ook de rest van het jaar vindt de Kerstman zo'n opgetuigde boom superleuk om te zien.


En zo'n arrenslee is natuurlijk heel mooi, maar die gebruikt hij alleen in december. Van januari tot november stapt de Kerstman toch veel liever in een auto, en wel in zijn supersnelle, knalrode kerstmobiel. Op de afbeelding kun je zijn hele garage bekijken die ramvol met spullen staat en de Kerstman zelf herken je bijna niet, zijn hele baard zit onder de zwarte vlekken door het gesleutel aan zijn mooie auto. Op dit plaatje moet je ook dingen zoeken, zoals een muizenhol, een tekening van een poes, de meeuw waar de kerstman bevriend mee is enz. Omdat er zoveel in de garage hangt, ligt en zit, is dat is soms nog best moeilijk!


Verder zien we dat de Kerstman een eigen sportkamer heeft, want dat geloop op een dak en gesjouw met cadeautjes is best zwaar, daar moet je een goede conditie voor hebben! Dus oefent de Kerstman heel veel aan de rekstokken en met zware gewichten. Best knap van de Kerstman! De Kerstman heeft héél veel sportspullen, eigenlijk word je al een beetje moe als je ze alleen al bekijkt! Maar de Kerstman gebruikt ze dus.


En zo leren we via de afbeeldingen en de 'gekke woordjes' tekst wat de Kerstman het hele jaar door doet en dat is heel veel. De Kerstman bewaart ook alles wat hij krijgt. "De hele bups en de hele rimram. Elke prutselknutsel en friemelfröbel. Alles." Eigenlijk is de Kerstman het hele jaar bezig om in de decembermaand alles helemaal goed voor elkaar te hebben. Daar heeft hij alles voor over want Kerstmis is een mooi feest, dat vier je samen, maar stiekem denkt de Kerstman 'Als je samen bent, is het elke dag een beetje kerst...'
En zo is het!


ISBN 9789044839630 | Hardcover | 27 pagina's | Uitgeverij Clavis | oktober 2020
Leeftijd 5+

© Dettie, 11 december 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Samen zijn we thuis
illustraties: Chris Sasaki
tekst: Stephanie Parsley Ledyard


Bij het openslaan van het boek komen we gelijk terecht in een gezellige straat met winkeltjes. Op de volgende pagina loopt de straat nog door. We zien buurvrouwen vanuit hun raam met elkaar kletsen, poezen die lekker in de vensterbanken liggen, een hond bewaakt zijn huis, mensen van allerlei afmetingen en kleur lopen er rond, duiven pikken wat graantjes en in één huis in die straat woont een meisje...

Zij is dus lekker thuis, maar wat is thuis eigenlijk?
We lezen dat thuis bijvoorbeeld het kleedje in de gang is en de mand voor onze schoenen.
Thuis is je eigen bed.
Thuis is waar je met je ogen dicht de weg weet.
Thuis is een knuffel krijgen als je er weer bent.
Thuis is aan tafel eten met de mensen waar je van houdt, enz.


Maar hoe is het als je gaat verhuizen?
Dat overkomt het meisje. Het is leuk en niet leuk. Het vertrouwde thuis laat ze achter, het nieuwe moet nog komen.
Maar hangt thuis zijn af van het huis? Of van de mensen?
Daar is dit boekje heel duidelijk over.


Mooi verhaal dat je even na laat denken wat thuis eigenlijk is en wat het voor je betekent. Je kunt hierover met kinderen een leuk gesprek beginnen, wat vinden zij echt bij hun thuis horen? En wat zouden zij ervan vinden als ze ergens anders gingen wonen? In een nieuwe straat, een nieuw huis. Is dat dan ook thuis? Of (nog) niet? Praatstof genoeg!

De modern aandoende afbeeldingen hebben mooie diepe kleuren en geven vanzelf al een thuisgevoel. Het verhaal is optimistisch en helder. De zinnen zijn kort en in duidelijke letters afgedrukt.
Al met al, een fijn en hartverwarmend boek.


ISBN 9789025773427 | Hardcover | 40 pagina's | NUR 273 | Uitgeverij Gottmer | november 2020
Afmeting 24,5 x 24,5 cm | Vertaald door Jaap Robben  | leeftijd 3+

© Dettie, 2 december 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Sinterklaas-
liedjes

Mark Janssen


Jongens, heb je 't al vernomen?
Tiralalali, tiralalala.
Sinterklaas is aangekomen,
tiralalali, tiralalala.


Vandaag 14 november 2020 komt Sinterklaas ons weer met zijn bezoek vereren en kunnen de kinderen weer lekker wegdromen over de cadeautjes die ze hopen te krijgen. Maar omdat er nu zo'n raar virus heerst kunnen veel kinderen niet bij de intocht aanwezig zijn. Gelukkig kunnen ze in het Sinterklaasjournaal zien dat hij toch écht wel aangekomen is.


En dan begint de tijd van verlanglijstjes maken en Sinterklaasliedjes zingen! Maar hoe gingen ze ook alweer? Een jaar lang liedjes onthouden is ook best wel lang. Gelukkig helpt Mark Janssen de kinderen daarbij dankzij dit grote boek waar wel twaalf liedjes in staan die je mee kunt zingen, hoe de wijs is van al die liedjes kun je beluisteren op Spotify Lemniscaat (Discografie). De tekst kun je lezen in het boek.


Natuurlijk heeft Mark Janssen weer heel mooie afbeeldingen bij de liedjes gemaakt maar het grappige is dat Sinterklaas zelf er helemaal niet op te zien is! Wat we wel zien zijn allemaal kinderen die Sinterklaas helpen met cadeautjes rondbrengen. Ze hebben hun eigen kleren aan, alleen hebben ze een pietenmuts of een sinterklaasmijter op. En soms zijn hun gezichten een beetje vuil gemaakt zodat ze niet zo opvallen in het donker. 


Deze hulpsintjes en -pietjes beleven best wel spannende dingen. Ze moeten heel hard tegen de wind in fietsen, op gladde daken lopen en een kind valt zelfs in een gracht! Gelukkig heeft een jongetje de staf van Sinterklaas bij zich dus het loopt toch nog goed af. Op het dak komen ze allemaal poezen tegen en bij de dierentuin is een olifant heel blij om de kinderen te zien, maar oei wat is hij groot!
Op elke afbeelding zien we ook dat steeds bij één van de kinderen iets mis gaat, dan kun je zien hoe moeilijk het is om hulpsint of -piet te zijn.
Alle kinderen doen dus vreselijk hun best om alles op tijd rond te brengen en daarna zijn ze eindelijk zelf aan de beurt en krijgen ze cadeautjes van...


Mark Janssen heeft duidelijk goed nagedacht over dit boek, het ontbreken van de Sint en zijn hulpjes kan geen enkele discussie  oproepen over mogelijke discriminatie, zelfs in de liedjes komen de pieten niet voor! Het bijzondere is dat je het eigenlijk niet mist want de sfeer die Mark Janssen weet op te roepen in het boek is evengoed een échte Sinterklaassfeer!
Het is gewoon weer heerlijk genieten.


ISBN 9789047712213 | Hardcover | 32 pagina's | Lemniscaat | oktober 2020
Afmeting 33,6 x 25 cm | Leeftijd 2 tot 8+
De liedjes op spotify zijn gezongen door Jesse Goossens, begeleiding Chris Oelemeijer

© Dettie, 14 november 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER