Nieuwe jeugdboekrecensies 10+

altAnna's grote reis
Inez van Loon


In het Scheepvaartmuseum bevindt zich een dagboek van de hand van de kapiteinsdochter Anna Abrahamsz. Zij hield een reisjournaal bij toen zij een reis maakte naar Nederlands-Indië, in het jaar 1847.


'In het begin van de maand Julij van het jaar 1847 werden wij door onzen Vader eens zeer aangenaam verrast. Daar Vader van de beurs tehuis komende, ons het welkomende nieuws vertelde, dat wij met moeder de reis naar Oost Indiën waartoe Vader zich gereed maakte, zouden mede doen’, zo opende Anna Abrahamsz haar Journaal eener Oostindiesche Reis in 1847 & 1848.’


Dat journaal is voor de lezer van nu lastig leesbaar, maar Inez van Loon heeft zich door dit journaal laten inspireren. Anna’s Grote Reis is het gefictionaliseerde verhaal vrij naar de avonturen van de twaalfjarige Anna. In dat verhaal woont Anna met haar iets oudere zus Saskia, en jongere zusje Kaatje in Amsterdam aan de Bloemgracht. De vader van het gezin is kapitein van het koopvaardijschip Urania, en bevond zich op zee toen zijn enige zoon Cornelis kwam te overlijden,. Deze trieste boodschap wacht hem als hij beladen met cadeautjes voor zijn kinderen terugkomt. Hun ellende wordt nog groter als vader Abrahams de opdracht krijgt weer een reis te ondernemen. Hij vindt dat hij thuis moet blijven en de oplossing is snel gevonden: het gezin vaart mee naar Batavia!


We volgen Anna en haar zusjes op hun reis, over zee, en in Nederlands-Indië, waar twee broers van de moeder wonen. Saskia, de oudere zus, is een plichtsgetrouw meisje, dat zich braaf naar de wensen van haar moeder voegt, en de fratsen die haar jongere zusje uithaalt misprijzend gadeslaat.
Tussen de regels door begrijpt de lezer dat zij ook wel een beetje jaloers is, maar zij kan haar moeder niet voor alles op laten draaien, nu die nog zo verdrietig is om het verlies van haar zoontje.


En Anna en de zesjarige Kaatje genieten volop van het nieuwe leven. O ja, er moet ook gestudeerd worden, daar zijn werkjes en boeken voor meegenomen, maar er is volop de tijd om op onderzoek uit te gaan. Anna legt contact met een scheepsjongen. Michiel komt uit het Amsterdams weeshuis, en is heel slim. Hij kan lezen, hetgeen niet gebruikelijk blijkt te zijn. Hoewel een aantal leden van de familie, ook Saskia, het helemaal geen goed idee vindt, mag de jongen mee naar het huis waar de Abrahamszen logeren. Handig voor Anna, want Michiel kent een beetje Maleis, en heeft ook een woordenboekje. En hij helpt haar meerdere keren uit de penarie, want natuurlijk heeft ze geen idee van de gevaren!


In het oorspronkelijk reisjournaal is een van de ooms Eduard Douwes Dekker. Ook al begrijp ik dat Inez van Loon dat feit niet uitgebuit heeft in dit verhaal dat immers voor jonge kinderen is, vind ik het toch ook wel jammer.
In Anna’s Grote Reis heten de ooms Julius en Karel, twee heel verschillende mannen.
Door het verhaal krijgt de lezer een goed beeld van het leven aan boord en in Java. Ook wel van Amsterdam, maar dat is heel summier, omdat het gezin al snel op reis vertrekt. Nu Inez van Loon er voor gekozen heeft om zich niet te houden aan het oorspronkelijke journaal, kan ze vrij allerlei elementen in het verhaal brengen. Een jonge kantjil (dwerghertje), een verwende mondaine jongedame, die volkomen het tegendeel is van de meisjes, maar voor wie Saskia een mateloze bewondering heeft. Een plantageboer die zich niet wenst aan te passen aan de manier van leven van andere plantage-eigenaren, en op sobere wijze zijn dagen doorbrengt. Allerlei elementen die het boek een stuk levendiger maken, zodat jonge lezers kunnen genieten terwijl ze leren.


Want leren doen ze: over hoe het er aan toe ging in de negentiende eeuw, met oude woorden en een bijbehorende woordenlijst achterin. En op de binnenkanten van de omslag staan kaarten, zodat je kunt zien hoe de reis was, en waar in Amsterdam je nu nog kan gaan kijken waar het gezin leefde.


Als je foto’s wilt zien van oud Amsterdam en Indië kun je een kijkje nemen op de Facebookpagina van Anna. Hier staan ook foto’s van Anna’s schoolschriftje. En kijk ook even hiernaar


ISBN 9780448291741 | Hardcover | 222 pagina's | Clavis Uitgeverij | september 2016
Leeftijd vanaf 11 jaar

© Marjo, 16 februari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altSerafina en de zwarte mantel
Deel 1 Serefina trilogie
Robert Beatty


De twaalfjarige Serafina woont al haar hele leven met haar vader in het souterrain van een enorm groot huis. Dat huis en de grond er om heen vormt een groot landgoed in North Carolina, jaren geleden gebouwd door George Vanderbilt. Serafina’s vader werkte mee aan de bouw, en is er nooit meer weg gegaan. Hij onderhoudt de machines. Wat niemand weet is dat hij er echt nooit weggaat: hij en Serafina verstoppen zich na het werk ‘tussen de dampende leidingen en metalen gereedschappen in de werkplaats, als verstekelingen in de machinekamer van een groot schip.’ Zij hebben geen huis om naar terug te gaan. Er is geen familie. Een moeder is er ook niet, en daar wil haar vader niet over praten.


Ze hebben het goed, weet Serafina. In de loop der jaren hebben ze er een min of meer gezellige ruimte van gemaakt en een bepaalde routine opgebouwd. Overdag werkt haar vader, en slaapt Serafina benden, verstopt voor nieuwsgierige ogen. Als haar vader terugkomt, eten ze, en vertelt hij verhalen. Hij heeft haar leren lezen en schrijven, zodat ze de boeken kan lezen die hij meesmokkelt uit de enorme bibliotheek van meneer Vanderbilt.
Toen ze ouder werd, en minder sliep, maakte ze zich nuttig door muizen en ratten te vangen. Dat kan ze inmiddels zo goed dat vader haar ERV-er noemt: Eerste RattenVanger. Zo heeft ook Serafina een taak in het grote huis.
Maar ook leerde ze het hele huis van haver tot gort kennen: zonder dat haar vader dat wist ging ze op verkenning. Ze is klein, mager, en superlenig, kan ’s nachts net zo goed zien als overdag.  ‘Ze is heel goed in zich onbespied voortbewegen, niet alleen om ratten te vangen, maar ook om mensen uit de weg te gaan.’


En dan hoort ze op een dag een vreemd ruisend geluid. Er liep iemand door de gangen, iemand met schoenen met harde zolen. ‘Ze zag een schaduw van een lange, zwarte gestalte die een zwak brandende lantaarn droeg. En er liep nog iemand achter hem.’
Een man? Een kind?


De volgende dag hoort ze over de verdwijning van een meisje, Clara. En dat meisje is niet de enige die verdwijnt. Ook Serafina zelf wordt opgejaagd. Zal ze in staat zijn de geheimzinnige man in zijn zwarte mantel te ontmaskeren?
Als het neefje van George Vanderbilt plotseling oog in oog met haar staat, moet ze er alles voor doen om er voor te zorgen dat haar bestaan geheim blijft. Maar de jongen, de twaalfjarige Braeden is een bijzondere jongen. En loopt ook gevaar…


Genoeg ingrediënten om een superspannend verhaal te verwachten. En dat wordt het dan ook. Om het grote landhuis heen ligt nog een donker gevaarlijk bos, waar voor Serafina een absoluut verbod op ligt. Maar of het door dat verbod komt, of door het bos zelf: ze wordt er onweerstaanbaar door aangetrokken! Al beseft ze heel goed dat het erg gevaarlijk is. Niet alleen voor haar: ook voor andere kinderen.


Serafina en de zwarte mantel is het eerste deel van een driedelige reeks, waarin Serafina de hoofdrol speelt. Zij is een bijzonder meisje, met speciale gaven zonder dat die echt magisch zijn.


Het kan aan de vertaling liggen, maar de taal is soms nogal pittig voor tienjarigen. Het kan helemaal geen kwaad dat kinderen nieuwe woorden leren, maar: piedestal, opossum, vogelperspectief?
De beschrijvingen van de omgeving en van het landhuis zijn vrij gedetailleerd, maar gelukkig vormen de spannende scenes een goed tegenwicht. Het meisje is het vertelperspectief, maar door de dialogen van de personages komt er soms ook een gezichtspunt van anderen. Ook dat is goed voor het lekker door lezen, vooral omdat Serafina niet naar school is geweest en bepaalde dingen gewoon niet weet.


Dit boek wordt een kruising genoemd tussen Harry Potter en Downton Abbey. Het is dus niet Harry’s toverstaf die dat deel van de overkomst inlost, maar verder verklap ik het niet. Downton Abbey is natuurlijk het landgoed van Vanderbilt. Hm, nou ja, wat je wil.
Het boek heeft 40 weken lang op de New York Times bestsellerlist gestaan, en won de Pat Conroy Southern Book Prize in 2016.
Het wordt door uitgeverij Lannoo gelanceerd in samenwerking met Celebrate Books en is de eerste Junior Box, thema Hunted Magic: een hebbedingetjesdoos: broche, hanger, een kaartspel, allemaal heel leuk.


Robert Beatty woont zelf in de Blue Ridge Mountains bij Asheville, North Carolina met vrouw en dochters, zijn assistenten. Het landgoed bestaat echt: http://www.biltmore.com en de bossen ook.


ISBN 9789401438438 | Paperback | 312 pagina's | Uitgeverij Lannoo | januari 2017
Vertaald uit het Engels door Mireille Vroege | Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 6 februari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDoor
over het lezen van de sterren
Carolien Hermans


Kinderen maken in groep 8 op de meeste basisscholen de citotoets. Dat is op zichzelf al een bron van veel spanning, maar wat nu als je van tevoren weet dat je beste vriendin en jijzelf heel verschillend zullen gaan scoren?


Omdat ze van nature al een piekeraar is, zit de elfjarige Door heel erg met dat probleem. Haar beste vriendin Edith – ze noemt haar Ed – zal waarschijnlijk naar de Mavo gaan, en Door weet dat zijzelf makkelijk naar het atheneum kan. Er is maar één oplossing. Edith kan niet beter leren, dus Door moet de toets slecht maken.
Het weekend voordat de toets zal beginnen zijn haar ouders het helemaal zat, en ze sturen Door naar opa, die in verzorgingshuis De Rustenberg woont. Gewoonlijk wil Door dat wel, maar ze zijn pas geweest!

‘Nou’, begon mam aarzelend, ‘we gaan niet zo’n makkelijke tijd door.’ Terwijl ze dit zei, wierp ze OVERDUIDELIJK een blik in mijn richting.
‘Wat heb ik nou weer gedaan?’ roep ik verontwaardigd uit.
‘Niets, niets,’ zei pap sussend. ‘Het is alleen…’
‘Alleen wat?’
‘Nou, dit dus., zoals jij doet en zoals jij reageert,’ zei mam.

Pap en mam zijn het beu, en daar gaan ze, Door en haar dertienjarige broer Walt. Maar ook Ed mag mee. In Rustenberg is een logeerkamer, waar ze gedrieën best op kunnen.
Opa vindt het best gezellig. Hij is dan misschien wel oud, hij blijkt jong van geest te zijn, en zijn vrienden zijn dat ook. Want als de kinderen ’s nachts op ontdekking gaan en in de problemen komen, krijgen ze meteen steun van de oudere mensen. Of dat genoeg zal zijn om tegenstand te bieden aan de humeurige huismeester en de strenge hoofdzuster?


‘In haar ogen zijn oude mensen hulpeloze kasplantjes die niet meer voor zichzelf kunnen zorgen en ook niet meer voor zichzelf kunnen denken. En dus beslist de hoofdzuster wat goed voor hen is en wat niet.’


Aan enkele straftaken, zoals het ontbijt rondbrengen, ontkomen ze niet. Maar zo kan Door rondsnuffelen op de kamer van die ene mevrouw die zo raar uitgedost is, en volgens de geruchten een waarzegster is. Als ze echt bijzondere gaven heeft, dan kan ze Door vast wel helpen met de moeilijke keuze waar ze voor staat. Want maandag begint de toets...


Erg leuk verhaal, de kinderen zijn ondernemend en opvoeden is aan hun opa niet bepaald besteed, hetgeen een leuke insteek geeft. Door en Ed zijn nogal bijgelovig, bang voor bijna alles wat beweegt. Wat die meiden al niet voor rare dingen in hun tas hebben zitten!
Walt, de broer, speelt vooral een rol in het verhaal doordat er weetjes in het boek staan over wat hem bezighoudt: natuurkunde en technologische snufjes. Wat minder geslaagd is, zijn de dagboeknotities van Door in een pietepeuterig  ‘geschreven’ lettertype. Het is ook onduidelijk waarom dat nodig is, het verhaal wordt al door Door verteld in de ik-vorm.
Maar misschien heeft de doelgroep daar helemaal geen moeite mee.


Carolien Hermans (Amsterdam, 1969) is docent aan de opleiding docent muziek, Conservatorium Amsterdam. Tevens is zij onderzoeksdocent bij de faculteit Kunst en Economie en de Master of Education, Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht. Zij heeft twee kinderen.

ISBN 9789044823196 | Hardcover | 234 pagina's | Uitgeverij Clavis | januari 2016
Tekeningen van Ineke Marynissen | Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 25 januari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altStorm
Letters van vuur
Karen van Holst-Pellekaan


'Zijn hoofd bonkte van de gedachten. Wat zou er precies in die verbrande boeken hebben gestaan? Wat was er zo verboden? Hoe kon je nou fout geloven? Je geloofde in God, dat deed iedereen. Dat kon je toch niet verkeerd doen?'


Antwerpen, 1521.
De twaalfjarige Storm wil net als zijn vader Klaas Voeten drukker worden. Letterzetten gaat hem al wel goed af, maar de machines bedienen daar is hij niet sterk genoeg voor. Gelukkig hebben ze daar Herman voor, de aardige drukkersknecht. Storm ziet zijn toekomst al helemaal voor zich.


Maar de eerste helft van de zestiende eeuw is de tijd waarin Luther grote aanhang verwierf. Een aantal burgers, net als iedereen onderdanen van de zeer katholieke Karel de Vijfde, begonnen kritisch te worden. De kerk en de Paus werd almaar rijker, terwijl zij armer werden. Wat Luther verkondigde was nog zo gek niet: weg met al dat uiterlijk vertoon en terug naar de basis: het geloof in God hoefde niet samen te gaan met het kopen dan (dure) aflaten.
En terwijl Storms moeder streng katholiek bleef, was zijn vader Lutheraans geworden. Dat veroorzaakte nogal eens ruzie in het gezin. Storm hoorde dat aan zonder te weten waar het over ging. Maar daar zou hij snel genoeg achter komen, want zijn vader liet het niet bij woorden: hij drukte ook verboden boeken.
Op het moment dat schout onder leiding van ketterjager Frans van der Hulst de drukkerij binnenvalt, is Storm daar ook. Hij weet de verboden brief waar zijn vader mee bezig was, te redden, maar is vanaf dan zijn leven niet meer zeker. Tijdens zijn vlucht leert hij het meisje Marieke kennen, die in de ondergrondse tunnels van de stad woont. Zij helpt hem als hij hoort dat zijn vader veroordeeld is tot de brandstapel. Storm moet hem redden!


Een spannend fictief avontuur dat speelt tijdens een waar gebeurde episode uit onze geschiedenis: altijd goed! Behalve dat jongeren een prima, meeslepend verhaal lezen met een dosis romantiek, leren ze ook nog het een en ander over de geschiedenis. Dit verhaal is verfilmd, het is de verboeking door Karen van Holst Pellekaan, scenarioschrijfster. Aangezien het in 2017 500 jaar geleden is dat Maarten Luther zijn 95 stellingen op de deur van de slotkerk te Wittenberg spijkerde, is 2017 het jaar van Luther. Vast niet toevallig dus, dit boek en de film. In het boek zijn kleurenfoto’s uit de film opgenomen.


Karen van Holst Pellekaan schrijft scenario’s voor (jeugd)speelfilms, (jeugd)televisieseries en jeugdboeken, waaronder prentenboeken, kinderboeken en jongerenboeken. Karen is haar veelzijdige carrière begonnen als schrijver van theaterstukken. Tussen 1980 en 2000 heeft zij vele jeugdseries voor de VPRO geschreven, waarmee vele generaties zijn opgegroeid. Wie kent haar niet van de jeugdtelevisieserie Loenatik (VPRO). Andere jeugdfilms van haar hand zijn onder andere Achtste Groepers Huilen Niet (Gouden Kalf publieksprijs), Oorlogsgeheimen (Gouden Kalf speciale juryprijs ) en Code M, allen geregisseerd door Dennis Bots. Storm is de volgende speelfilm van beide makers.


ISBN 9789402601589 | hardcover | 192 pagina's | Uitgeverij Aerial | oktober 2016
Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 7 januari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altKing Kong
Jeroen Serruys

Het boek begint met een korte cursieve tekst:

je hoeft niets te zeggen
als dat goed is voor jou
kunnen we dat afspreken?
niet dat je al ooit iets gezegd hebt
toch niet tegen mij
daarom heb ik jou ook uitgekozen
omdat jij nooit iets zegt
jij zult mijn geheim niet doorvertellen


Dat roept meteen vragen op: wie is hier aan het woord? Tegen wie heeft hij of zij het?
En dat geheim?
Als op de volgende pagina het verhaal verder gaat is er sprake van een pastoor, dus een van de vragen lijkt beantwoord.
Soms is de tekst luid en duidelijk, soms ook moet je tussen de regels door lezen. Een uitdaging voor de jongere lezer.


trouwens ik ben junior
de kleine
mijn vader is senior
de grote
junior is iets amerikaans
mijn moeder is sonja
gewoon sonja
maar ze is wel gek
ze danst op haar blote voeten


Het kind dat aan het woord is, een jongen – leeftijd onduidelijk - rond 10, 11 jaar? - ontdekt de geheimen van de Grote Boze Wereld, en probeert antwoorden te krijgen op de vragen die dan bij hem opkomen. Geheimen en raadsels, waarop langzaam antwoorden komen.
De verteller is een sympathieke knul, dromerig en onschuldig. Een kind dat jonge lezers zullen herkennen. En dan geschreven op een prachtige manier.

Hoe zullen we het noemen? Een verhaal is het, een mooi, ingetogen verhaal. Maar het is in een bijzondere vorm neergezet. Woorden, zinnen op een enkele pagina, of soms ook langere stukken tekst, maar dan met korte zinnetjes, met nauwelijks enige interpunctie. En met die cursieve stukjes tussendoor. Op de achterkant van het mooi vormgegeven boekje staat: een prozagedicht.
En dit prozagedicht is het debuut van Jeroen Serruys. Heel mooi!

ISBN  9789044828214 | Hardcover| 336 pagina's | Uitgeverij Clavis | januari 2017
Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 4 januari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altWonder
R. J. Palacio


'Ik heet August, en ik ga niet beschrijven hoe ik er uit zie. Wat je ook denkt, ik weet bijna zeker dat het erger is.'


August Pullman is geboren met een gezichtsafwijking, en ook na veel operaties ziet hij er nog heel ongewoon uit. Hij heeft jarenlang een helm opgehad, draagt graag truien met capuchons en vindt Halloween de fijnste dag van het jaar.


Nu hij tien jaar is moet hij naar de middenschool. Tot dan toe heeft zijn moeder hem les gegeven, maar dat gaat niet meer. In Amerika, waar het boek speelt gaan kinderen tot hun tiende naar de basisschool, en tot hun veertiende naar een middenschool.
Nu is het moment om op een school te beginnen, zeggen zijn ouders, die het evenwel ook niet weten. Want al zijn zij dol op hun zoon, ze weten natuurlijk wel hoe moeilijk hij het gaat krijgen. De directeur van de school heeft August uitgenodigd nog voor de school begint: hij zal worden rondgeleid door drie leerlingen. Julian, Charlotte en Jack. Een van hen wordt een vijand, een ander zegt onverschillig gedag als ze elkaar tegenkomen, en de derde lijkt een vriend te worden.
Dit is wel exemplarisch: er zullen altijd pestkoppen zijn, kinderen die vinden dat ze zelf machtiger worden door iemand anders neerbuigend te behandelen. Ook kinderen die zich afzijdig houden vormen een grote groep. Klein is de groep die door uiterlijke schijn heen kijkt.


Helaas voor August blijkt die groep nog kleiner dan hij verwachtte. Er moet heel wat gebeuren, hij moet heel wat verduren voor het tij keert.
De schrijver maakt van de jongen een sterk figuur, die zich in ieder geval gesteund weet door zijn ouders, zijn zus en de hond. Hij heeft het moeilijk, maar laat ook duidelijk merken dat hij de afschuw en de schrik van de anderen begrijpt. Hij heeft immers een vreselijk mismaakt gezicht!
Het is een realistisch verhaal, en ik ben bang dat een kind (of volwassene) niet eens mismaakt hoeft te zijn, om de dingen mee te maken die August meemaakt.


Een klasgenoot vraagt aan hem: “Blijf je er altijd zo uitzien, August? Ik bedoel, kun je geen plastische chirurgie doen of zo?” Waarop Auggie grijnst en naar zijn gezicht wijst: “Hallo? Dit ís plastische chirurgie!”


Het is een Amerikaans debuut, je kan er donder op zeggen dat er een romantische afloop zal zijn. Het boek is inmiddels ook verfilmd.
Het boek heeft acht delen, met korte hoofdstukken met steeds een ander vertelperspectief. Daardoor lees je ook over hoe anderen ervaren dat een kind als August in hun midden is. Bijvoorbeeld hoe de zus, vier jaar ouder, er mee moet leven dat zij altijd de tweede viool speelt. De jongen zelf heeft wel het vaakst het woord.
Een enkel hoofdstuk is nogal moeilijk: die waar uitgelegd wordt wat voor syndroom de jongen precies heeft. De rest is goed te lezen voor een tienjarige.


ISBN 9789045119533 | Paperback | 352 pagina's | Uitgeverij Querido | juni 2016
Vertaald uit het Engels door Esther Ottens | Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 6 februari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Alleen op de wereld
Hector Malot
illustraties: Charlotte Dematons
tekst hertaald en bewerkt: Tiny Fisscher


"Kijk uit! Neem de tijd als je aan dit boek begint, want wie Alleen op de wereld openslaat is voorlopig onbereikbaar," staat op de cover van dit boek te lezen. En die waarschuwing is terecht, het verhaal sleept je gelijk mee de avonturen van Rémi in.


Iedereen heeft natuurlijk wel eens van het boek gehoord, het verhaal over de vondeling Rémi dat Hector Malot in 1878 schreef in grote samenwerking met zijn tienjarige dochtertje Lucie. Hij las namelijk elk hoofdstuk aan haar voor en zij voorzag het van commentaar.
Hij draagt het boek dan ook op aan Lucie en schreef in zijn voorwoord. Tijdens het schrijven van dit boek heb ik voortdurend aan jou gedacht, mijn kind, en is je naam voortdurend op mijn lippen geweest. ‘Zou Lucie dit begrijpen?’ dacht ik, ‘zou Lucie dit interessant vinden?’


Het verhaal is in de daarop opvolgende ca. 140 jaar al in vele uitvoeringen uitgegeven, er zijn films en toneelstukken van gemaakt en ook in Nederland werd er de nodige aandacht aan besteed.  In de jaren 1979 tot 1980 en 1996 tot 1997 verscheen het verhaal bijvoorbeeld als tekenfilmserie, bestaande uit 51 afleveringen, op het Nederlandse scherm en werd het meerdere keren keren in boek- en zelfs in stripvorm uitgegeven. En nu staat het verhaal weer volop in de belangstelling. Het boekenpanel van DWDD besprak in november 2016 deze nieuwe, aangepaste vertaling door Tiny Fisscher. En in december 2016 zond de VPRO een splinternieuwe, eveneens gemoderniseerde Nederlandse televisieversie uit.
Ondanks dat - ik kijk zelden tv - kende ik, gek genoeg, het verhaal alleen van horen zeggen, ik had het nog nooit gelezen of een van de films gezien.


Het was dan ook erg prettig dat ik dit boek ter recensie aangeboden kreeg mét daarbij afbeeldingen van een van mijn favoriete illustratrices nog wel.. Eindelijk zou ik te weten komen waarom dit verhaal al meer dan een eeuw lang zo'n enorm succes is. Na het dichtslaan van het boek begreep ik dat volkomen.


Vanaf de eerste pagina leef je mee met Rémi die zo liefdevol is opgevoed door moeder Barberin. Maar als hij een jaar of acht is, hoort hij dat zij niet zijn echte moeder is, maar dat hij een vondeling is. Rémi wordt door zijn akelige stiefvader verkocht aan Vitalis een oude man die met zijn twee honden en aapje Jolie Coeur, dwars door Frankrijk zwerft. Gelukkig is Vitalis erg goed voor Rémi en de jongen leert veel van de oude, wijze man.
Rémi heeft het best naar zijn zin zo zwervend langs de Franse wegen, maar ook aan dit geluk komt een eind als Vitalis sterft en Rémi het verder alleen moet zien te reden. Hij is dan met recht alleen op de wereld. Je houdt je hart vast voor de jongen.
Rémi ontmoet daarna allerlei mensen waaronder heel akelige maar ook lieve, invoelende mensen die de jongen wel verder willen helpen. Helaas, elke keer opnieuw gebeurt er iets waardoor Rémi weer helemaal opnieuw moet beginnen. Maar Rémi is een knokker en gaat door, totdat alles goed is...
Gelukkig helpt het lot hem ook een handje.


Na afloop sla je het met een zucht dicht, wat een fantastisch mooi verhaal! Je denkt vervolgens, wat een geluk dat Tiny Fisscher door het verhaal 'geroepen' werd, zoals zij in een interview website meldt. Ze wilde dat jongeren ook konden genieten van de belevenissen van Rémi en heeft daarom de tekst uitstekend bewerkt naar deze opgefriste versie, zodat het ook voor hen een erg tot de verbeelding sprekend verhaal is geworden. 
Erom huilen, zoals aangekondigd was bij de levering van het boek, hoefde ik niet. Maar het verhaal is bij vlagen wel aangrijpend.


Illustratrice Charlotte Dematons heeft zelfs voor dit boek de hele route, die ook afgebeeld in het boek staat, afgelegd die Remi door Frankrijk gelopen heeft Daardoor stralen haar afbeeldingen bij het verhaal een heel mooie Franse sfeer uit.  Dat ze zelf oorspronkelijk Française is, zal er ook zeker aan bijgedragen hebben.

Het boek zelf is fraai verzorgd, wat voor mij altijd een extra cadeautje bij een boek is. Het is mooi gebonden, heeft een leeslint en de afgedrukte tekst is prettig en goed leesbaar. De warm gekleurde, sfeervolle afbeeldingen van Charlotte Dematons beslaan soms een hele pagina, een andere keer een kwart pagina of minder. - De omslag van het boek is zelfs  verkozen tot Mooiste Boekomslag van 2016. -
Kortom, het geheel is een prachtig geschenk dat de uitgeverij ons geleverd heeft. Dank daarvoor.


Zie ook het bijzondere you-tube filmpje over de makers van dit boek.


ISBN 9789025761844 | Hardcover | 288 pagina's | Uitgeverij Gottmer | november 2017
Leeftijd 10+ (voorlezen 7+)

© Dettie, 29 januari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Spelbederf
(De voetbalgoden deel 16)
Gerard van Gemert


Onze twee voetbalgoden, Stein en Storm, staat weer een spannende tijd te wachten. Zoals altijd is de bedachtzame en rustige Stijn in zijn hoofd al druk bezig met de aanstaande wedstrijd van hun club Kick '69 tegen aartsrivaal Sparta '43. De laconieke maar driftige Storm ziet het allemaal wel. Hij maakt zich nooit zo druk.


Maar eerst gaan ze even naar een jeugdwedstrijd bij hun oude club FC Rapitas kijken. Daar ontmoeten ze Bas de Witte die volgens Stijn lid is van de voetbalmaffia. Stijn maakt een praatje met hem maar Bas heeft het vooral over het grote succes en de enorme bekendheid van de twee jongens. Bas eindigt het gesprekje met de mysterieuze woorden'"Geniet er maar van. Voor je het weet is het allemaal voorbij."


Stijn en Storm zijn alle twee tot hun vreugde geselecteerd voor de wedstrijd tegen Sparta '43. - De jongens spelen namelijk sinds kort in het eerste team van Kick'69 en hun debuut verliep uitstekend. - maar onderweg naar het stadion wordt de tas van Storm gepikt door een kleine jongen.  Storm rent er gelijk achteraan en Stijn houdt zijn hart vast, hij kent zijn heethoofdige vriend door en door. Maar Storm neemt Diego, zoals de zesjarige jongen blijkt te heten, mee naar het stadion, het spelershome in! De jongen kan zijn geluk niet op. Hij is namelijk een grote voetbalfan, hij heet immers niet voor niets naar Diego Maradonna!


De wedstrijd is spannend maar niet bevredigend, totdat Stijn een strafschop mag nemen. Hij, Stijn! Eén van de jongste spelers... en hij schiet de bal in! Hij kan zijn geluk niet op. Maar de trainer is niet tevreden over het spel van Kick én de wedstrijd is bovendien nog niet afgelopen. Een bloedspannende tweede helft volgt. Het eind van de wedstrijd is zelfs ronduit verbijsterend... Maar dan tijdens de nabespreking met een journalist komt een vrouw aanrennen, zij beschuldigt Stijn en Storm van ontvoering van Diego!
En alsof dat niet genoeg is blijkt later ook nog dat Femke, de vriendin van Stijn gekidnapt is in Italië, net nu de twee jongens naar Rome vertrekken... Hoe zal dat aflopen?

Het is opnieuw een verhaal gemaakt volgens het enige echte Gerard van Gemert basisrecept. De ingrediënten daarvan zijn; twee grote opscheplepels voetbal, twee flinke eetlepels spanning, een partje Bert Pringel en een vleugje liefde. Maar deze keer is het eindresultaat van het 'gerecht' een beetje flauw uitgevallen, ofwel het verhaal is dit keer een beetje vlak. De gebeurtenis rond Femke is vrij vergezocht en het verhaal over het jongetje komt niet goed uit de verf. Dat neemt niet weg dat het evengoed lekker wegleest maar ik heb leukere en spannender verhalen gelezen over onze voetbalgoden.

Wel moet opgemerkt worden dat het bijzondere van het volgen van deze serie is dat de jongens steeds ietsje ouder en volwassener worden wat eveneens op de zwart-wit afbeeldingen van Mark Janssen te zien. De knullen van weleer zijn inmiddels flinke pubers geworden. Heel apart.


ISBN 9789044828641 | Hardcover | 161 pagina's | Uitgeverij Clavis | december 2016
Leeftijd ca. 10+

© Dettie, 10 januari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De kloof
Jan Terlouw


Vijfenveertig jaar geleden vond in het land Berg en Dal een enorme aardbeving plaats. Vanaf die tijd loopt er een enorme kloof dwars door het land heen, van de woestijn in het zuidwesten naar het hooggebergte in het noordoosten.  De kloof zigzagt door het land en is onpeilbaar diep, erin afdalen is onmogelijk vanwege de bedwelmende gassen.


De twee landsdelen worden in verloop van tijd Bergen en Dal genoemd. De eerste jaren was contact tussen de twee landsdelen onmogelijk maar inmiddels is er wel een telefoonlijn aangelegd, de telefonische contacten verlopen echter voornamelijk via het postkantoor. Veel bewoners hebben namelijk nog geen eigen telefoonverbinding.
De kloof is helaas net te breed om een brug zonder pijlers te kunnen aanleggen en vliegverkeer bestaat nog niet. Om van het ene gebied naar het andere te reizen moet een lange, loodzware tocht op kamelen door de woestijn ondernomen worden. Eenmaal per maand vertrekt er een karavaan die post, goederen en mensen meeneemt. De reis duurt twee weken.


Bergen dat in het noordwesten ligt, is inmiddels uitgegroeid tot een welvarend gedeelte. Het klimaat is daar veel gunstiger dan in het droge, hete Dal in het het zuidoosten. Bovendien zijn in Bergen de drie hogescholen gevestigd waardoor de technische ontwikkelingen daar sneller gaan dan in Dal. Omdat Dal in de veronderstelling verkeerde dat het contact met Bergen snel hersteld zou worden, ondernam het weinig om de schade na de aardbeving te herstellen en nieuwe scholen en bedrijven te bouwen en raakte zodoende steeds meer verarmd. De contrasten tussen beide delen is door de kloof uiteindelijk steeds groter geworden.


- Er was wel een man Doeve Bouwmeester, een briljante hoogleraar uit Bergen met Dalse pleegouders die onderzoek deed naar de mogelijkheden van de bouw van een brug, hij wilde daarvoor het bijzondere titanium gebruiken. Hij had al vergevorderde plannen, maar na een wandeling langs de kloof is hij plotseling verdwenen, men neemt aan dat hij in de kloof gevallen is. -


Het verhaal in dit boek draait om de intelligente Ginder Sekoer, 16 jaar, die in de Bergense stad Lovendal woont met zijn moeder en grootmoeder. Oma, is bijzonder, zeer modern en de eerste vrouw in Bergen die ooit ingenieur is geworden. Twee jaar voor haar dood laat ze Ginder papieren en schriften zien die ze in een la bewaart. Ze heeft namelijk een geheim zegt ze en dat geheim staat in die papieren. Na haar dood moet Ginder die papieren lezen, Ginder zal haar dan beter begrijpen.
Maar helaas, Ginder is na zijn eindexamen net tien dagen op kamp als zijn grootmoeder overlijdt en zijn moeder heeft al haar spullen al weggegooid. 'Ik dacht laat ik het meteen maar doen, later word ik er opnieuw verdrietig van,' geeft zijn moeder als verklaring voor haar handelen.
Het enige wat Ginder nog rest zijn een paar snippers papier die hij op de vuilnisbelt vindt maar daar is geen touw aan vast te knopen.


Joost, de vader van Ginder is een idealist en wilde zijn hulp en kennis uitdragen in Dal. Ginders moeder voelde daar niets voor en uiteindelijk besloten de twee uit elkaar te gaan. Ginder heeft zijn vader al tien jaar niet meer gezien en besluit hem op te zoeken. Tijdens de zware, hete tocht naar Dal ontmoet hij een vriendelijke man, Domen Compagne, die onderweg is naar zijn zestienjarige dochter Barbara. Onlangs is zijn vrouw overleden en hij wil er zijn voor Barbara. Ginder ontmoet ook de goochelaar Joren Verloren, die alleen in rijmende dichtvorm praat. Beide mannen én Barbara blijken van grote invloed op het vervolg van Ginders reis én leven...


Het geheim van oma laat Ginder namelijk niet los en de bedachtzame Ginder ontdekt steeds meer zaken die het daglicht niet kunnen verdragen. Het lijkt erop dat de bouw van de brug het cruciale punt is waar alles om draaide en nog steeds draait. De speurtochten van Ginger rakelen zelfs het verhaal rond de verdwenen Doeve Bouwmeester weer op. Ginder ontdekt zoveel dat hij uiteindelijk met de dood bedreigd wordt.
Gelukkig heeft hij een uitstekende bondgenoot gevonden in Barbara, ondanks hun jonge leeftijd weten ze dat zij voor elkaar bestemd zijn. Ze zijn smoorverliefd. Samen zoeken ze verder en komen steeds dichter bij de waarheid...


Het is een spannend verhaal, hoewel het vrij traag verteld wordt. Jan Terlouw legt namelijk veel uit, zodat we hem vooral niet verkeerd zullen begrijpen. Aan een kant is het ook wel nodig want de speurtocht van Ginder is niet eenvoudig. Maar het is de vraag of jongeren deze langzame vertelstijl  kunnen waarderen. Toch is het verhaal zeker de moeite waard.


Naast de speurtocht van Ginder worden fijntjes de verschillen tussen arm en rijk door het verhaal heen geweven en vooral de oorzaken daarvan.  De grote honger naar macht is een van de onderdelen hierin. Zoals in veel van zijn boeken is de maatschappelijke betrokkenheid van Jan Terlouw dus ook in dit boek goed merkbaar. Maar er wordt geen grote nadruk gelegd op de economische, financiële en maatschappelijke verschillen in Bergen en Dal, het wordt alleen wel vermeld en uitgelegd. Het is echter vooral het verhaal over de jonge Ginder die dankzij zijn onderzoekende geest een zeer spannend, gevaarlijk avontuur beleeft.


ISBN 9789047708476 | Hardcover | 213 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat | februari 2016
Leeftijd 10+

© Dettie, 5 januari 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Young Scientist vakantieboek
Winter 2017
New Scientist


Sinds afgelopen mei is in het populairwetenschappelijk tijdschrift New Scientist een nieuwe rubriek te vinden. Met de kinderrubriek Young Scientist wil het magazine jonge lezers enthousiasmeren voor de wetenschap. Afgelopen zomer werd de rubriek aangevuld met een zomerboek en nu is er ook een winterboek verschenen. Jonge wetenschappers maar ook kinderen die gewoonweg dol op puzzels en raadsels zijn, zullen uren met dit leuke vakantieboek zoet zijn.


Het boek is geschikt voor kinderen van 8 tot 12 jaar. Het is opgedeeld in de volgende tien winterse thema’s: winter, sneeuw, ijs, kou, ijsberen, pinguïns, zeehonden, skiën en snowboarden, schaatsen en tot slot sleeën. In elke categorie wisselen puzzels en boeiende wetenschappelijke artikelen elkaar af. Zo begint het boek met twee punt-naar-puntpuzzels. Normaal trek je een streepje van 1 naar 2, naar 3 etc. Dit keer is het anders. Dit winterboek is immers speciaal voor echte bollebozen gemaakt! De getallen in de eerste puzzel zijn priemgetallen en die van de tweede puzzel komen uit de reeks van Fibonacci. Er wordt duidelijk uitgelegd wat priemgetallen zijn en hoe de reeks van Fibonacci in elkaar zit, waarna kinderen het zojuist geleerde meteen in praktijk kunnen brengen. Natuurlijk ontstaan er uiteindelijk twee winterse afbeeldingen.


De eerste twee puzzels worden opgevolgd door een informatief gedeelte over winter. Wat is winter precies? Erg boeiend is het stukje over het Noorse plaatsje Tromsø waar het maar liefst twee maanden per jaar donker is. De volgende puzzel is een rebus en daarna volgt een artikel over winterslaap. Vervolgens volgen tal van verschillende puzzels en boeiende teksten elkaar op waarbij meteen opvalt dat dit boek heel divers is. Er zijn lettersudoku’s, doolhoven, zoek-de-verschillenplaatjes, geheime boodschappen, ontwar-de-dradenopdrachten en filippinepuzzels. De meeste puzzels komen meerdere keren in het boek terug zodat de puzzelaar ze steeds beter onder de knie kan krijgen. Ze zijn steeds aangepast aan het thema waar ze onder vallen. Achterin het boek staan de oplossingen vermeld, evenals een bijzondere prijsvraag.


Naast puzzels staat dit winterboek boordevol boeiende feiten en leuke wetenswaardigheden. Hoewel de onderwerpen uiteenlopend zijn, zorgt het overkoepelende winterse thema ervoor dat ze samen een mooi geheel vormen. Er komen bijvoorbeeld dieren die op koude plekken leven aan bod en kinderen leren hoe ze zelf aan onderzoeken kunnen bijdragen. Zo kunnen ze bijvoorbeeld thuis, via de computer, meehelpen met een pinguïnonderzoek. Ook winterse buitenactiviteiten worden duidelijk beschreven. Er valt buiten in de kou heel wat plezier te beleven! De makers van het boek hebben er rekening mee gehouden dat kinderen het niet altijd prettig vinden om enorme lappen tekst te lezen. De teksten in dit boek zijn dan ook kort en overzichtelijk. Vaak zijn ze ook in blokjes tekst opgedeeld zodat kinderen een blokje per keer kunnen lezen.


Dit uitgebreide winterboek is leerzaam maar vooral ook erg leuk. Ook over de vormgeving is goed nagedacht. Het is een vrolijk boek maar niet te druk. Elk thema heeft een eigen kleur waardoor het geheel kleurig maar ook rustig is. Schoolvakanties, familiebezoekjes en lange autoritten vormen met dit boek geen enkele uitdaging meer. Ook zonder beeldschermen en spelcomputers zullen kinderen zich nu urenlang vermaken. Actief bezig zijn is toch veel beter dan passief naar een scherm staren?! De voldoening die het oplossen van de puzzels schenkt, zal veel blije gezichten opleveren. Ik hoop dat er nog veel Young Scientist vakantieboeken zullen volgen!


ISBN 9789085715856 | paperback | 100 pagina's | New Scientist | november 2016
Voor kinderen van kinderen van 8 tot 12 jaar

© Annemarie, 27 december 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER