Nieuwe jeugdboekrecensies 15+

Birthday
Een verjaardag, twee vrienden, zes jaar
Meredith Russo


Het vlot raast door de buis en schiet in de bochten zo hoog tegen de wanden op dat het lijkt alsof we elk moment kunnen gaan vliegen. Eric lacht als een gek en houdt zijn armen voor zijn gezicht tegen het water dat over ons heen sproeit. Ik lach ook. De spanning bouwt zich steeds verder op en overheerst elke andere emotie, tot ik uiteindelijk in het donker schreeuw: 'Eric! Ik wil een meisje zijn!'
'Hartstikke goed!' roept Eric.
En ik kan het niet geloven.
Hartstikke goed? Hartstikke goed. Hij zei dat het hartstikke goed was.


Stel je bent een jongen, net dertien, en je hebt je beste vriend eindelijk op de wildwaterglijbaan durven vertellen dat je je een meisje voelt, maar die vriend heeft het niet gehoord! Dat overkomt Morgan die vanaf zijn geboorte bevriend is met Eric. Ze zijn op dezelfde dag, hetzelfde tijdstip en op dezelfde plaats geboren. Hun verjaardagen vieren ze altijd samen. Deze verjaardagen vormen de rode draad in dit verhaal. Elk jaar op die dag vertellen Eric en Morgan, in door hen zelf vertelde hoofdstukken, wat hen op dat moment bezighoudt en dat is veel en soms ook behoorlijk heftig. We beleven hun verjaardagen mee vanaf hun dertiende tot en met hun achttiende verjaardag.


Morgan worstelt enorm met zijn genderidentiteit. Nadat bleek dat Eric zijn bekentenis niet had gehoord, durfde hij het niet nog een keer te vertellen. Wat volgt zijn jaren die Morgan zeer doen, die hem heel wanhopig maken, die hem heen en weer doen slingeren tussen accepteren van zijn geaardheid en ageren tegen de situatie. Hij wordt uitgescholden voor homo, terwijl hij dat niet is. Hij is een meisje! Maar hoe vertel je dat?
Naast deze problematiek is er ook nog de rouwverwerking rondom zijn overleden moeder, die op een prachtige manier haar zoon toch nog steeds haar liefde toont. De vader van Morgan verwerkt zijn verdriet om zijn vrouw op zijn eigen manier en hoewel vader en zoon stapelgek op elkaar zijn, leven ze wel elk op hun eigen eiland waardoor het voor Morgan niet makkelijker wordt gemaakt om te vertellen wat in hem leeft.


Eric heeft het eveneens niet makkelijk. Er zijn grote problemen thuis dankzij de zeer dominante vader. Zijn wil is wet. De oudere broers van Eric, reageren elk op hun eigen manier op hun vader, waarbij verbaal geweld hoogtij viert.


De twee jongens zijn heel goed bevriend maar hebben natuurlijk ook een eigen leven, wat soms tot botsingen leidt. De verjaardag is wel altijd heel belangrijk, als het even kan zien ze elkaar toch die dag. Ze blijven ondanks sommige heftige meningsverschillen elkaar die dag toch opzoeken. Die vriendschap is toch heel erg belangrijk voor hen alle twee.


De gevoelens rond de identiteit van Morgan zijn heftig maar mooi beschreven. De verwarring, de hoop dat het niet zo is, maar weten dat het wel zo is, de impact die zijn geaardheid heeft op zijn omgeving en toekomstplannen. Het voorzichtig uitproberen hoe het is als een meisje door de wereld te gaan, de angst op ontdekking. Het is er allemaal en wordt allemaal aan ons verteld. En Eric op zijn beurt, vertelt zijn verhaal, die toch onlosmakelijk met zijn zeer goede vriend Eric verweven is. Het einde is erg romantisch...


'Ik wilde graag over een transpersonage schrijven, omdat ik zelf transgender ben. Ik kan niet genoeg benadrukken hoe belangrijk fatsoenlijke representatie is,' meldt de schrijfster ons. Met dit boek heeft ze deze representatie uitstekend vormgegeven.


ISBN 9789000370450 | Hardcover | 256 pagina's | Uitgeverij Best of YA | oktober 2019
Vertaald door Margot Reesink | Leeftijd 15+

© Dettie, 24 november 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Mijn held de huurmoordenaar
Coen de Kort


Stomverbaasd en een beetje angstig kijkt een jong meisje toe als een oudere man zich door een gat in de muur van de ruimte waar zij zich bevindt naar binnen wurmt.


‘Hoe ben je binnengekomen?’ De opa steekt zijn handen door de opening in de muur, trekt een grote steen naar voren en dicht op die manier het gat. Niets meer van te zien.
‘Door de deur. Dat leek me makkelijker dan op mijn rug door een muizengat.’


Het is een toonzettend begin van een goed verhaal voor jongeren. Wie is dat meisje? Wie is die man? Waar bevinden ze zich en waarom?
Vragen die allemaal op zijn tijd beantwoord worden.


Het meisje is de zestienjarige Roos. Ze heeft zich verscholen voor een hagelbui in een ruimte die bij een gevangenis bleek te horen. Wel raar dat de deur zo makkelijk open te maken was.
De oudere man ‘de opa’ is een nu net ontsnapte gevangene, en degene die er voor gezorgd heeft dat die deur niet echt vergrendeld was.
Roos besluit dat hij ongevaarlijk is en gaat met hem mee, als hij volgens een door hem goed uitgedacht plan de buitenwereld in stapt. Ze zou ook eigenlijk niet goed weten wat ze anders moet, ze is weggelopen. Eerst uit het huis van haar pleegouders, waarna ze introk bij Wesley, die een heel fout vriendje bleek te zijn. Ook van hem is ze ontsnapt. Leo, zo heet de opa, lijkt in ieder geval een stuk aardiger dan de mensen van wie ze weg gerend is.
En hoewel ze natuurlijk een blok aan zijn been is, blijkt Leo inderdaad aardig. Hij zorgt voor het meisje. Ze heeft het beter dan ze ooit gehad heeft!
En dan komt het moment dat ze beschoten worden door mannen op een motor.


‘Aan niets zie je waartoe hij in staat kan zijn. Op-en-top een gentleman. Fijngevoelig en welopgevoed. Liefhebber van klassieke muziek en sushi. De vriendelijkheid zelve. Die doet geen vlieg kwaad, zou je denken. Tot hij boos wordt. Tot er iemand in de weg loopt. Tot iemand hem of zijn naasten iets aandoet. Dan verandert hij in een commando. En Leo is niet alleen. Nee, het is een compleet wespennest, en kunnen flink steken. Maar ik ben van de man gaan houden. Hij is mijn opa.‘


Voor ze het beseft is Roos beland in een harde criminele wereld vol geweld waar ze haar leven niet zeker is. De situatie loopt danig uit de hand als Leo er achter komt wat er precies aan de hand is. Hij probeert Roos er wel buiten te houden, maar heeft geen idee hoe eigengereid zij is.


Wie het debuut van Coen de Kort kent, herkent het personage Leo de Meijer. Ook in dat verhaal biedt Leo een jongere - Ahmed was dat - een uitweg uit een netelige omstandigheid. Hij pakt het nu anders aan - probeert dat tenminste - hij is niet van plan om zelf nog als crimineel verder te leven, en Roos is natuurlijk ook nog een meisje. Hij wil dat zij terug gaat naar het pleeggezin, maar door omstandigheden wordt dat uitgesteld en zo komt het dat Roos verzeild raakt in een benarde situatie waarin alleen grof geweld nog uitkomst lijkt te bieden.


Dus ja, ook deze ‘Coen de Kort’ is een boek met veel geweld, maar om de een of andere reden lijkt het hier minder ernstig. Is dat vanwege de personages? De oude man, die een bepaalde voorkennis heeft en het jonge meisje? Of komt het doordat het bijna ‘geoorloofd geweld’ lijkt te zijn in de zin van het goed tegen het kwaad? Dit boek vind ik wel het beste boek van de vier: achter het geweld schuilt een fijngevoelig verhaal.


Net als bij de eerdere boeken is de schrijfstijl vlot en duidelijk, in een taal die jongeren goed begrijpen. Flitsende dialogen - Roos is een pittige jongedame met gevoel voor humor – en een fijne spanningsboog. Jongeren (meisjes) kunnen zich herkennen in Roos, een normale jonge tiener die door de omstandigheden in heel vervelende situaties verzeild raakt. Het kan iedereen gebeuren.


Coen de Kort (1956, Tilburg) volgde Kunstacademie in Den Bosch. Zijn boeken die spelen aan de - donkere - rand van de samenleving spreken jongeren aan.


ISBN 9789044835823 | Hardcover | 123 pagina’s | Uitgeverij Clavis | september 2019
Leeftijd vanaf 15 jaar.

© Marjo, 24 oktober 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Wie denk je wel dat je bent?
Kaat de Kock


‘Laat me nu alsjeblieft met rust,’ zeg ik. ‘Ik wil mijn normale leven terug.’
‘Het is nooit je normale leven geweest,’ bromt hij en hij zet de kraag van zijn jas op en wandelt weg door de drabbige, smeltende sneeuw.’


De achttienjarige Eva is na school aan het werk gegaan, ze zit achter de kassa van een buurtsuper.
Een groot deel van haar vrije tijd gaat op aan de toneelvereniging, waar ze vooral met studenten omgaat, waaronder Jana, met wie ze sinds de middelbare school bevriend is. Er is ook de oudere Evelien, die aast op de rol die Eva heeft gekregen.


Eva doet haar best, ze  leert haar tekst tot ze die helemaal kent. Zeker als ze een gesprek heeft afgeluisterd waarbij ze Jana hoorde zeggen dat zij, Eva, dom is. 
Het wordt niet gezegd, maar tussen de regels door lijkt Eva last te hebben van een minderwaardigheidscomplex. Ook vraagt ze zich af of haar moeder vreemd gaat met die Hans, met wie ze zo vaak optrekt. Eva’s vader werkt in de avonden, diens afwezigheid is eigenlijk de enige rol die hij heeft in het verhaal.


Gelukkig is er Yoda, haar hond met wie ze zich wat kan afreageren. Maar bij een zo’n wandeling botst ze tegen een man op, ze kent hem niet, maar het lijkt alsof hij haar wel kent. Als de man haar begint te stalken, wordt het allemaal wel eng. Zeker als het haar ook haar concentratie kost in de toneelzaal, en ze uit de vereniging gestoten wordt. Als die man haar weer een keer lastigvalt, wordt ze gered door een buurjongen, Art.
Maar de engerd geeft niet op. Hij beweert dat hij haar vader is! In een brief legt hij uit wat er volgens hem gebeurd is toen Eva nog een baby was. Als hem duidelijk wordt dat ze hem niet wil geloven gaat hij te ver. Het wordt allemaal alleen maar erger…


Een verhaal in drie delen, van elkaar gescheiden door een zwarte pagina.
Kaat de Kock voert langzaam de spanning op tot het een heuse thriller wordt. De situatie wordt zeer nijpend, en het is zeer de vraag of dit nog goed kan komen!
De schrijfster heeft enkele verrassingen in petto voor je het boek uit hebt. Het is een Young Adult, en inderdaad kan de jongere lezer zich prima identificeren met Eva. Het gaat over relaties met anderen, met een romantisch lijntje erbij, maar het thrillerelement overheerst.


Kaat De Kock (1975, Bornem, België) studeerde Germaanse taal- en letterkunde en werkt als freelance redacteur en vertaler.


ISBN 9789044836387 | hardcover | 139 pagina's | Uitgeverij Clavis | juni 2019
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 5 oktober 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het meisje met de vlechtjes
Wilma Geldof


De vijftienjarige Freddie Oversteegen heeft mede door haar communistische moeder een groot besef van ongelijkheid meegekregen. Al vanaf het begin van de Jodenvervolging in Duitsland waren er Joodse onderduikers bij hen in huis. Haar ouders zijn gescheiden, iets waar de buurt schande over spreekt, maar Freddie en haar oudere zus, Truus zijn doordrongen van een moreel besef. Als zij dan ook gevraagd worden om bij een verzetsgroep aan te sluiten, is dat wat hen drijft. De Duitser is de vijand, en die mogen zij dwars zitten.


Maar al snel lopen ze tegen de vraag aan hoever ze daarin kunnen en willen gaan. Want de groep waarin zij meedraaien ‘omdat zij jong zijn en er onschuldig uitzien’ gaat steeds verder in het verzet dat zij plegen. Ze waren meisjes, dus onschuldig: aan vrouwelijke daders werd niet gedacht. Freddie zag er bovendien nog jonger uit met die vlechtjes in haar haar. Freddie kon verzetsdaden plegen zonder op te vallen.
Freddie en Truus krijgen ook een pistool, met schietlessen. Ze moeten onderduiken, apart en steeds op andere adressen. Hun moeder is ook ondergedoken, die zien ze lange tijd niet.


Freddie is natuurlijk ook een puber. Ze is verliefd, denkt ze. Ze heeft een oogje op Peter, de kruidenierszoon. Maar hij heeft een vrijstelling om zijn vader te helpen, en die vader koopt van de Duitsers. Aan wiens kant staan zij eigenlijk? Later gebeurt er nog iets vreselijks waardoor haar vriendschap met Peter nog meer op de spits gedreven wordt. Maar voorlopig is het erger dat ze hem niets mag vertellen, en dat accepteert hij niet. Als ze een relatie wil moet ze hem vertrouwen, vindt hij.
Freddie ontdekt dat verzet bieden in het geheim meer problemen met zich meebrengt: geen veilig thuis hebben, je mond houden, tegen absoluut iedereen, doen alsof je iemand anders bent en ja, hoever ga je in je verzet?


Wilma Geldof heeft haar verhaal gebaseerd op het leven van Freddie Oversteegen, die zij geïnterviewd heeft. Helaas is mevrouw Oversteegen op 5 september, een dag voor haar 93ste verjaardag overleden en heeft zij de verschijning van het boek niet meer meegemaakt. Maar ze wist natuurlijk wel dat het er zou komen, en dat was voor haar een belangrijke erkenning. Haar vriendin was namelijk Hannie Schaft, het meisje met het rode haar. Over Hannie is veel geschreven, ze kreeg zelfs een film. Truus zocht zelf erkenning, maar voor Freddie die dat niet deed, was er tot nu toe niets.


Wilma Geldof beschrijft hoe de jonge Freddie heen en weer geslingerd werd tussen angst en moed. Was het wel goed dat zij meewerkte aan een moord? Ja, een Duitser. En het zou wel waar zijn wat de leider van de groep zei, dat de dood van die ene man vele andere slachtoffers voorkwam, maar toch…


Het boek is een mix van waarheid en fictie. De waarheid vertelt over de oorlog, angst, dood, honger, de overheersing van de Duitsers. En omdat de schrijfster absoluut weet hoe ze de innerlijke roerselen van een pubermeisje weer moet geven, is ook de fictieve kant van het verhaal dik in orde.


Wilma Geldof (1962, Alphen aan den Rijn) werkte gedurende vijftien jaar als Sociaal Psychiatrisch Verpleegkundige in de Geestelijke Gezondheidszorg. Dit is haar elfde jeugdboek.


ISBN 9789024581597  | hardcover | 224 pagina's | Uitgeverij Luitingh-Sijthoff | november 2018
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 18 augustus 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De regen is warm
Joke Benoot


‘Maar Geert,’ zei Elias, en ik keek naar hem, hij had zo’n scheve grijns. ‘Het is soms toch ook fijn om water te voelen op je vel?‘ We stapten uit en bleven allebei in de regen staan, met ons gezicht naar de lucht. Elias deed zijn mond open en probeerde te drinken. ‘Trouwens de regen is warm’, zei hij.’


De bijna elfjarige Elias (half-elf, zegt hij zelf) en de dertiger Geert zijn beide betrokken bij de instelling ‘De Wilgen.’ Elias is bewoner, al vanaf zijn vierde is hij uit huis geplaatst, omdat zijn moeder het niet meer aan kon. Hij heeft nog een jonger zusje, Amber, zij woont in een pleeggezin.


Je zou Elias een bijzondere jongen kunnen noemen, erg slim is hij niet, maar zijn observaties kunnen messcherp zijn. Hoewel hij het best prima vindt in De Wilgen, woont hij natuurlijk liever bij zijn moeder. Dat het contact met haar niet soepel loopt en dat hij gepest wordt op school, dat zijn dingen waar hij niet zo goed mee om kan gaan. 


Geert is zijn begeleider. Hij woont in de buurt, is getrouwd met Lisa. De komst van hun eerste kind heeft een grote impact op Geert, angst voor de verantwoordelijkheid beheerst hem. Daardoor let hij misschien wat minder goed op, op Elias, maar ook op de zestienjarige Chloë, die ook al jaren in de instelling woont en ook onder Geerts hoede staat.
Chloë is een paar jaar weg geweest, maar het liep fout tussen haar pleegouders, ze moest terug. Sindsdien zegt ze geen woord meer in De Wilgen, en al gaat het niet goed op school – ze spijbelt veel – daar praat ze wel.


Behalve deze drie mensen hebben ook nog anderen een stem in het verhaal. Er is de zesenzestigjarige Ana, een Spaanse, een vluchteling uit de tijd van Franco, die haar tijd doorbrengt met manden vlechten. Zij heeft een groep Spaanse vriendinnen, met wie ze danst. Omdat ze niet ver van de instelling woont, is het niet zo vreemd dat ze op een dag in contact komt met een van de bewoners. Ook Ana heeft geheimen, die door Chloë worden ontdekt als zij een soort dagbesteding bij Ana krijgt. En dan is daar Wendy, de moeder van Elias, die haar leven maar niet op de rails krijgt.
Dat probleem proberen de anderen ook aan te pakken, ieder op een eigen manier. Een half-elfjarige, een zestienjarige, een dertigjarige en een zestigjarige, leeftijd maakt geen onderscheid, hoewel hun manier van aanpakken wel verschilt.


‘Veel mensen op het domein doen dat, de pijn wegstoppen, zo ver ze kunnen. Maar of we het nu willen of niet, we zijn altijd onze wortels. Als we zouden rondkijken in het bos zouden we dat zien.’


Joke Benoot is kinderpsychologe, zij weet waarover ze het heeft. Een schrijfster is ze ook, dat zien we duidelijk in haar eerste boek voor jongeren. Dat is geen gemakkelijk boek, haar stijl is haast literair te noemen – met symboliek en mooie zinnen, en het verhaal is heftig. Want alle problemen komen vrijwel tegelijk tot een ontlading.


Benoot gebruikt het beeld van een boom: het boek is verdeeld in Wortels, Blad, Stam en Bloem. Binnen die delen wisselt ze vaak van vertelperspectief. Alle personages hebben een eigen verhaal, die soms maar vaker niet overlappen. En iedereen heeft een eigen stem. Vooral de manier waarop ze de jongen vorm geeft maakt indruk. Zijn IQ is dan niet groot, zijn EQ is dat wel!


‘We hebben heel hard meegezongen met dat liedje dat hij ook altijd in de groep opzet van Devit Bowwie en toen zelfs ‘Papawoetè’, mijn lievelingslied. Het werd nog lievelingser door de auto en door ons die bijna door de hele wereld zoefden. Het was de tweede mooiste keer dat ik er naar geluisterd heb. De eerste mooiste keer was toen ik het mocht horen door de oortjes van Chloë terwijl we in het gras lagen buiten en toen ging ik dansen en zij ook en we dansten keiraar en superspeciaal want we zaten achter de bomen en niemand kon iets zien.’


Voor wie de uitdaging aan wil gaan: een prachtig boek over een jeugdinstelling en zijn bewoners een onderwerp waar we niet veel over horen.
O ja, Joke Benoot is Vlaams, voor Nederlandse jongeren zijn een aantal woorden vreemd. Wat is bijvoorbeeld een ’sjotterkas’?


ISBN 9789025114213  | Hardcover | 184 pagina's | Uitgeverij Clavis | juli 2019
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 26 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Grensgangers
Aline Sax


9 november 2019 is het dertig jaar geleden dat de Berlijnse muur viel. Dit boek vertelt - in romanvorm - over de bouw, het leven met de muur én de afbraak van die muur. Het boek is daardoor opgedeeld in drie periodes 1961, 1977 en 1989 en daarin wordt steeds één familielid van dezelfde familie uitgelicht.

In het verhaal dat zich afspeelt in 1961 wordt verteld over Julian die in Oost Duitsland woont maar werkt en uitgaat in het Westen. Hij is een zogenaamde Westganger. Hij heeft het naar zijn zin, het leven is goed. Hij krijgt zelfs een leuke vriendin, Heike. Kortom, er kan hem niets meer gebeuren, dacht hij...
Wat gebeurt er? Na een kleine ruzie komt Heike de volgende dag niet meer naar hem toe.  Julian baalt, zo erg was die ruzie toch niet? Maar even later begrijpt hij waarom ze niet kwam. West-Berlijn is niet meer toegankelijk. De boel is hermetisch afgesloten, diegene die toch een poging waagt naar het westen te vluchten wordt rucksichlos doodgeschoten.

Samen met zijn broer onderzoeken ze hoe ze toch de grens over kunnen komen. Zijn er hiaten in de afsluiting, heeft de Stasi iets over het hoofd gezien? We lezen over de pogingen van mensen die het erop wagen. Maar vooral lezen we wat er in Julien omgaat. Waar is Heike, wil ze hem nog wel? Zal het hem lukken? Aline Sax weet op heel indringende wijze de twijfel en angst weer te geven. De Stasi is overal aanwezig. Zelfs op plekken waar niemand het verwacht.
Het einde is heftig en verbijsterend maar wat moest Julien anders?


In 1977 maken we kennis met Julians nicht en neef Marthe en Florian. Vluchten is niet aan de orde, wél het regime aan de kaak stellen, naar voorbeeld van Weiße Rose, een Duitse verzetsgroep in de Tweede Wereldoorlog. De groep riep op tot geweldloos verzet tegen het naziregime. De groep bestond uit vijf studenten: Willi Graf, Christoph Probst, Alexander Schmorell en broer en zus Hans Scholl en Sophie Scholl en zij verspreidde anti-oorlogspamfletten. 
Marthe en Florian zijn aangesloten bij een clandestien leesclub dat verboden boeken leest, maar zij willen meer, zij willen net als hun voorbeelden pamfletten verspreiden, hun visie aanhangig maken. Maar wie is te vertrouwen? Is er wel iémand te vertrouwen?
Broer en zus worden opgepakt, krijgen het heel zwaar, wat door Aline sax prachtig verwoord wordt, de angst en de spanning is bijna voelbaar.


In 1989 is het Sybille die bij de opa en oma van Marthe en Florian woont, die eveneens met het strenge regime te maken krijgt. Zij heeft echter niets met politiek. Ze leeft haar leventje, maakt lol met haar vrienden en doet haar werk. Daarnaast zorgt ze voor haar grootouders. Opa is dement en vraagt veel zorg. Ze helpt haar grootmoeder zoveel ze kan. Maar als oma onverwacht wordt opgenomen en in coma raakt wordt alles heel anders. In het westen zijn de ziekenhuizen moderner en de artsen kundiger. Ze zal Florian moeten vinden want met een contact in het westen kan haar oma misschien naar zo'n ziekenhuis. Plots verschijnt Marthe ook weer, nadat ze jarenlang niets van zich heeft laten horen. Marthe zoekt Florian ook... En nu verschijnt ook hier de Stasi, ze willen dat Sybille dingen die ze opmerkt bij haar vrienden, familie, werk en dergelijk aan hen vertelt, misschien dat zij dan oma wel naar het westen weten te krijgen. Oma heeft wel vrij reizen, maar e ris geen geld beschikbaar. Daar kan de Stasi wel voor zorgen als Sybille hen tenminste wil helpen.
Maar alles loopt heel anders dan zij denken. De muur valt...


Het is een verbijsterend boek, waarin vooral de macht van de Stasi zijn grillige wegen laat zien. De Stasi weet alles! Ook dingen die ze onmogelijk konden weten. Elke keer vraag je je af of er toch verraders zijn, ofwel mensen die net als Sybille bijna gedwongen worden om mee te werken omdat er anders de gevolgen voor familieleden keihard zullen zijn.
Het is vooral die eeuwige twijfel, de eeuwige achterdocht die een hoofdrol speelt. Elke keer verwacht je dat het nu wel goed zit maar dan is er toch ineens die ommekeer dat alles op losse schroeven zet. Er speelt natuurlijk veel meer, maar dat kan niet allemaal verteld worden.

Het is een boek dat je gewoon moet lezen. Het liefs in één keer, achter elkaar uitlezen. En dan nog een keer en nog een keer en ...


ISBN 9789059088610 | Paperback | 352 pagina's | Uitgeverij Davidsfonds | oktober 2017
Leeftijd 16+ en volwassenen

Dettie, 6 november 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Dance or Die
Truth or Dance 3
Chinouk Thijssen


De vier vriendinnen maken zich op voor het laatste jaar aan de balletacademie. Alle vier zouden ze een glansrijke carrière tegemoet gaan in de balletwereld, dat wisten ze zeker. Helaas weten we na twee eerdere delen al dat hun droom niet uit zal komen. Verteller India en Zoë zijn nog in de race, maar Nikki is gestopt met de opleiding en probeert het nu in de moderne dans. En Lisa, de vierde, heeft een ongeluk gehad, en hoort dat ze het dansen wel vergeten kan.


Zou dit ook gebeurd zijn als er niet die groepschat was geweest? Als er niet een of andere geheimzinnige persoon hun leven had vergald met zijn akelige berichten en opdrachten?


‘IK BEN NOG LANG NIET KLAAR MET JULLIE. WE ZULLEN EENS ZIEN HOELANG JULLIE HET GAAN VOLHOUDEN.
SPOILER: NIET LANG.’


Zo begint het nieuwe schooljaar. Nadat er eerder al onschuldige slachtoffers zijn gevallen worden ze gewaarschuwd dat er nog meer gaat gebeuren. Het lijkt er ook op dat ze het niet zullen kunnen voorkomen. De stalker is er altijd, getuige de foto’s die hij /zij stuurt. En weet alles.
Zelfs hun telefoons zijn niet veilig, iemand lijkt die op afstand te bedienen. En opnieuw vallen er slachtoffers, degene die hier achter zit gaat erg ver.


Er wordt maar één plek vergeven voor de auditie bij het Nationaal Ballet. En Truth or Dance is duidelijk van plan er alles aan te doen om te voorkomen dat India of Zoë, in hun groepje de kanshebbers, die plek gaat bemachtigen. De terreur gaat steeds verder. India krijgt meer last van paniekaanvallen, haar prestaties lijden er onder, en ze lijkt af te stevenen op een eetstoornis. 
Opnieuw blijkt degene die achter Truth or Dance zit alles te weten: als India's vriend Levi zegt sterke vermoedens te hebben over wie er achter zit grijpt de stalker in voor hij een naam kan noemen.


Het verhaal wordt verteld vanuit India. Zij heeft niet alleen geen idee wie de dader is, ze kan ook niet ontdekken waarom die persoon hun leven wil verzieken. Er zijn wel een paar meisjes bij wie ze het zich zou kunnen voorstellen dat zij dit doen, maar dan gebeuren er weer dingen die niet passen in zo’n dadersprofiel.
Het blijft tot het einde toe spannend, en… dan heeft Chinouk Thijssen nog een verrassing in petto!


Ondanks dat de proloog een blik vooruit werpt, weet je als lezer net zo min als de slachtoffers wie er achter de Truth or Dancegroepschat zit. De boog staat erg gespannen, steeds beschuldig je als lezer - net als India - iemand, en moet je dat terugtrekken. Je gaat zelfs die zwarte kat - Obama! - beschuldigen, als die zijn intrek neemt in de flat!


Ook in dit derde deel neemt Chinouk Thijssen je mee in de balletwereld. Zonder dat het stoort, het zit zodanig in het verhaal verweven dat ook iemand die niets heeft met ballet of dans doorleest tot het einde. Want al is het natuurlijk een belangrijk onderdeel van het verhaal, het interessante is vooral hoe de relaties tussen de vier vriendinnen en de mensen om hen heen zich ontwikkelen. Het draait om jaloezie en rivaliteit, vriendschap en opbloeiende liefde. Samen met het sterk aanwezige thrillerelement - zoals ook in de eerdere delen - maken deze trilogie spekkie voor het bekkie van de (jonge) lezer.


Chinouk Thijssen (Rotterdam, 1983) is een van de bekendste boekvloggers van Nederland. Ze is auteur en tekstredacteur voor verschillende uitgeverijen Ze schrijft columns en Young Adult thrillers.  Met haar trilogie Truth or Dance heeft zij al een grote schare bewonderaars gekregen.
Aan de verfilming van haar eerdere boek Fataal Spel wordt intussen gewerkt.


ISBN 9789044837438 | Hardcover | 286 pagina's | Uitgeverij Clavis | september 2019 | leeftijd 15+

© Marjo, 15 oktober 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het meisje met de vlechtjes
Wilma Geldof


Dit is het begin - augustus 1941.
Aan het woord is Freddie, bijna 16 jaar. Zij vertelt ons dat op die augustusdag een man op bezoek kwam. 


'Ik heb gehoord dat de dochters van rooie Truus van der Molen geen bangeriken zijn,'
Rooie Truus, zo noemen ze mijn moeder.
Ik kijk naar mijn zus. Ik weet niet wat ik moet zeggen.
Jij moet nu het woord voeren, zeg ik met mijn blik, jij bent de oudste en de verstandigste, dat zeg je toch altijd zelf?
'Wat wilt u van ons?' vraagt Truus. Ze klinkt serieus en volwassen.
De man slaat zijn handen in elkaar. 'Ik heb plannen,' zegt hij met gewichtige stem, 'om een strijdgroep tegen het fascisme te organiseren. Om de moffen steviger aan te pakken. En daarvoor heb ik mensen nodig die durven, mensen die niet gauw bang zijn.' hij stopt en kijkt ons om beurten aan. 'Meer dan koerierswerk, posters plakken of stakingspamfletten rondbrengen...'


Dit laatste is precies wat Freddie en haar zus Truus (18 jaar) al deden. Moeder is een rooie, ofwel een communist, die haar dochters het een en ander bijgebracht heeft over het klaarstaan voor anderen en heeft derhalve ook joodse onderduikers in huis. Vandaar ook het 'lichte' verzetwerk wat de meisjes al deden. Maar nu wordt het anders, serieuzer. Truus wil weten waarom uitgerekend zij en haar zusje uitgekozen zijn voor dat werk. 'Jullie zijn nog méisjes! Geen mof zal jullie ergens van verdenken! is het antwoord.


Wat volgt is het aangrijpende verhaal van de twee meiden die steeds zwaardere opdrachten krijgen. 'Maak jullie handen niet vuil.' 'Wordt niet als de moffen' waarschuwde moeder. Maar wat is de grens? Wanneer zijn verzetsdaden rechtvaardig en wanneer gaan ze te ver in hun handelen?
Deze vraag loopt als een rode draad door het verhaal heen.


Aanvankelijk heeft de verzetsgroep succes met haar acties, de man had gelijk, niemand verwacht dat twee van die jonge meiden tot zulke grote verzetsdaden in staat zijn. Freddie is degene die haar gevoel het meest toont, Truus lijkt hard en onverzettelijk. Wat moet dat moet, lijkt haar motto. Maar de acties worden grimmiger, de meisjes krijgen elk een pistool en daarbij behorende opdrachten... De twee zussen maken ook kennis met Hannie Schaft, die later bekend werd als het meisje met het rode haar. Ze voeren gedrieën opdrachten uit.


Naarmate de oorlog langer duurt, wordt het het verzet steeds moeilijker gemaakt, verzetsleden worden opgepakt, afgevoerd of erger, geliquideerd. De represaillemaatregelen van de Duitsers op acties van het verzet zijn keihard en meedogenloos.
De zussen wonen op steeds verschillende onderduikadressen, waar hun moeder ondergedoken zit weten ze niet. Freddie mist haar moeder enorm. Ze stikt af en toe in haar gevoelens, loopt soms bijna over van alles wat ze ziet, doet en hoort, maar gelukkig is er lieve oma Baruch, een joodse onderduikster, met haar eindeloze geduld.


En dan breekt winter 1944-1945 aan, het seizoen dat onder de naam hongerwinter de geschiedenis in is gegaan en daarmee komen we bij het meest aangrijpende deel van het boek. Iedereen is moe, iedereen heeft honger, leden uit de groep worden verraden, er groeit onderling wantrouwen want wie van hen is de verrader?
De eens zo hechte groep die elkaar blindelings vertrouwde is er niet meer, er is teveel gebeurd, de groep heeft teveel gezien en meegemaakt. De spanning wordt steeds groter, steeds is er de angst van gepakt worden, van mislukking en wat gebeurt er dan? Slaat diegene door? of niet? Relaties buiten het verzetsleven worden steeds moeizamer. Niemand mag iets vertellen maar de buitenwacht vermoed van alles en willen niet dat hun geliefden gevaar lopen.


'Angst leer je af,' zeg ik. 'En als ik doodga heb ik wel het góede gedaan.'
'Als je doodgaat? Peters stem is scherp. 'Wat doe je allemaal? Waar zeg je ja tegen?'


Ondertussen slaat bij Freddie de twijfel toe, is het écht wel goed wat ze doen? Zijn haar acties écht gerechtvaardigd? Heeft ze haar handen toch vuil gemaakt? Ze weet zichzelf wel steeds weer moed in te praten maar de twijfel wordt steeds groter, vooral als blijkt dat zaken niet altijd zo waren als zij gedacht hadden. Hoe moet je daarmee omgaan?


Het verhaal is erg indrukwekkend. Wilma Geldof heeft door de stem van Freddie te gebruiken de oorlog voelbaar gemaakt. In prachtige bewoordingen beschrijft ze de thuiskomst van de twee zussen en hun moeder. Het huis waar alles nog precies zo staat als ze het achterlieten, niets is veranderd, alleen beseft Freddie zich, zij zelf zullen nooit meer diegenen zijn die ze waren voordat ze het huis verlieten. Daar zit ondanks dat het 'maar' een kleine vier jaar beslaat, een heel leven tussen.


De Haarlemse Freddie Oversteegen en haar zus hebben daadwerkelijk in het verzet gezeten. Het was schrijnend dat zij pas op 14 april 2014 - zeventig jaar later - het Mobilisatie- Oorlogskruis ontvingen voor hun strijd tegen de nazi's. Hoewel het boek grotendeels fictie is heeft Wilma Geldof wel het verhaal van Freddie als basis gebruikt. Dit boek betekende veel voor Freddie, helaas heeft ze de publicatie niet meer mee kunnen maken, ze overleed op 5 september 2018, een dag voor haar 93e verjaardag.


ISBN 9789024581597 | Hardcover | 333 pagina's | Uitgeverij Luitingh-Sijthoff | november 2018
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Dettie, 19 augustus 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Sneeuw in september
Kathelijn Vervarcke


Zowel in Nederland als in België komt juveniele reuma voor bij ongeveer 2000 tot 3000 kinderen. JIA is een chronische ziekte, hetgeen betekent dat het niet vanzelf overgaat. Jeugdreuma is niet hetzelfde als reuma bij volwassenen. Het verloop van de ziekte is anders, net als de behandeling en de vooruitzichten. Er zijn verschillende soorten jeugdreuma, maar bij allemaal zijn de gewrichten of spieren chronisch ontstoken.


Kathelijn Vervarcke vond het tijd worden om de problemen van deze jongeren onder de aandacht te brengen.
Haar hoofdpersoon de bijna negentienjarige Jutta heeft al een hele ziektegeschiedenis als ze van haar reumatoloog te horen krijgt dat werken of kinderen krijgen voor haar niet zal zijn weggelegd.
Zijn de woorden van de arts bedoeld om haar wakker te schudden? In ieder geval besluit ze niet bij de pakken neer te gaan zitten.


‘Ik moet mezelf genezen. Iemand moet het doen. De enige persoon die de sleutel tot zelfgenezing in handen heeft, ben ikzelf.’


Ze gooit al haar medicijnen weg en besluit haar verhaal te vertellen in een blog waarin ze haar ziekte Malevolus noemt. Over hoe ze op haar elfde te horen kreeg dat ze leed aan reuma. Vanaf dat moment leverde ze steeds weer stukjes in van een normaal leven. Ze kon niet meedoen met gymmen. Paardrijden was niet te doen. Steeds vaker miste ze lessen, tot ze tenslotte les aan huis kreeg. Gitaar spelen viel al snel af, en ook de piano kostte te veel kracht. Tenslotte ging ze bij een koor, om toch maar iets van een hobby te hebben.


Ook vertelt ze in haar blog wat ze allemaal uitprobeert, met veel experimentele middelen. Dat verloopt met vallen en opstaan, maar gelukkig steunt haar vader haar.
Jutta’s enige vriendin is een lotgenoot, Maud, die hetzelfde te horen heeft gekregen van haar arts. Maar Maud reageert totaal anders. Zij begint serieus na te denken over euthanasie. Het lijkt het einde te zijn van hun vriendschap, maar Jutta beseft op tijd dat ieder recht heeft op een eigen manier van leven. Of doodgaan. Hoe moeilijk het ook is, ze blijft contact houden.
Maud schrijft haar een briefje waarin de volgende zin staat:


'Toen ik te horen kreeg dat de medische wetenschap me alleen nog verdovende middelen kon bieden, voelde dat op die warme nazomerdag als een onverwachte sneeuwbui in september.'


Heeft Jutta geluk? Is haar ziekte anders dan die van Maud? Heeft ze meer hulp dan haar vriendin? Of is ze van nature sterker?
Jutta is geschokt als Maud haar vertelt dat ze het uitgemaakt heeft met haar vriend ‘om hem verdriet te besparen’. Maar Tibo en diens zus Lena blijken een grote steun te zijn voor Jutta.


Het verhaal is goed opgezet: twee meisjes die ieder op hun eigen manier omgaan met hun ziekte, waarbij het meest optimistische meisje de hoofdrol krijgt. Zo blijft de toon ook positief, hoewel duidelijk gemaakt wordt dat geen twee mensen hetzelfde zijn en dus ook andere reageren, bovendien hoeven de verschijnselen niet gelijk te zijn.


Waarschijnlijk staat niet in het boek vermeld dat Vervarcke het verhaal over Jutta en Maud gebaseerd heeft op de verhalen van twee meisjes, van wie zij het verhaal hoorde, omdat ze die verhalen volledig gefictionaliseerd heeft. Maar een verwijzing naar waar je meer informatie over jeugdreuma kan vinden was toch wel prettig geweest. Dit zijn de sites:


https://www.reumanet.be
en https://reumanederland.nl


Kathelijn Vervarcke (1976) is een auteur en regisseur uit Vlaanderen.  Ook geeft zij les op een middelbare school in Oostende. Zij schreef eerder de Young Adults Tot de zon aan de horizon vriest en Zwerfsteen.


ISBN 9789461319616 | paperback | 232 pagina's | Uitgeverij van Halewyjck | juni 2019
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 30 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De jongen met twee namen
Maggie Harcourt



"Verliefd op de auteur van je nieuwe lievelingsboek...
Samen met haar vader organiseert Lexi boekenconferenties. Vele weekenden brengt ze door in hotels en ze maakt vrienden voor het leven. Dan leest ze een boek dat haar wereld veranderd. "


Deze flaptekst sprak me wel aan, vooral omdat ik zelf ook een boekengek ben en weet dat sommige boeken diepe en blijvende indruk kunnen maken. De mogelijkheid om de schrijver te ontmoeten van zo'n boek is dan helemaal aantrekkelijk. Dat overkomt Lexi, de hoofdpersoon van dit boek.


Dankzij de boekenconferenties ontmoet ze Haydn Swift, het pseudoniem van Aidan Green. Aanvankelijk vindt ze hem een arrogante bal gehakt maar ze ontdekt dat de schrijver, Haydn, heel anders is dan Aidan. Op deze laatste wordt ze verliefd maar dat wil ze eigenlijk niet weten. Om deze verliefdheid draait het hele verhaal. De boekenconferenties zijn de omlijsting daarvan en eigenlijk weet je al vanaf het begin hoe het tussen die twee zal aflopen.


Het begint nog wel aardig. Lexi zit nog op school (VWO), haar ouders zijn gescheiden.  Moeder woont in Frankrijk met haar vriendin. Lexi woont bij haar vader en in de weekenden is ze de - uitstekende - assistente van hem. Vader is een chaoot maar wel goed in zijn vak. Lexi heeft aan het begin van het boek gehoord dat haar vader gaat hertrouwen met Bea en dat zint haar niet. Bea is wel aardig maar echte vriendinnen zullen ze nooit worden. Je verwacht dat dit gegeven dieper uitgewerkt zal worden maar het verdwijnt uiteindelijk in het niets.


De grote steun en toeverlaat op het werk is Samira ofwel Sam, die van Lexi's leeftijd is. Zij helpt mee om de boekenconferenties tot stand te brengen en voert de opdrachten van Lexi uit. Sam kleedt zich bijzonder, is excentriek en recht voor zijn raap. Soms is dat laatste confronterend maar Lexi weet daardoor wel precies wat ze aan Sam heeft. In feite is Sam een boeiender personage dan Lexi.


De hechte groep mensen die werken voor haar vader zijn als familie voor Lexi, ze voelt zich bij hen als een vis in het water, deze wereld kent ze en kan ze overzien.
Maar is dit ook wat ze haar hele verdere leven wil doen? Aanvankelijk dacht ze van wel maar Aidan zorgt ervoor dat ze toch gaat nadenken over haar toekomst, wordt het niet eens tijd stappen buiten de veilige wereld die ze kent te zetten? 


Het verhaal kabbelt nogal voort en doet erg Amerikaans aan, de schrijfster komt echter, tot mijn verrassing, uit Wales. De taal van Lexi is gemaakt grappig. Sam is veel authentieker. Lexi's verliefdheid is er wel maar de jongen waar ze verliefd op is, komt niet goed uit de verf. Je leert hem niet kennen.
Er gebeuren verder dingen die erg onwaarschijnlijk zijn en soms wel op een romantische soap lijken. En natuurlijk, zoals het in een liefdesroman altijd gebeurt, lijkt het alsof de twee elkaar niet zullen vinden door een 'derde' die de boel op zijn kop zet, maar dit wordt op een zeer geforceerde manier rechtgetrokken. 


Het kostte me veel moeite het boek uit te lezen en ik heb er dan ook lang over gedaan. Na afloop blijven er veel vraagtekens en open eindjes achter. Jammer want de ingrediënten voor het verhaal zijn prima, het idee is leuk maar de uitvoering is te rommelig en te gewild populair qua taal. Het geheel viel me uiteindelijk behoorlijk tegen.

ISBN 9789025876739 | Paperback | 349 pagina's | Uitgeverij Young & Awesome | februari 2019
Leeftijd 15+

© Dettie, 20 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER