Non-fictie jeugd

Aletta en de giraf
van gewoon naar speciaal of buitengewoon onderwijs
Martine Delfos


Aletta is helemaal gek op giraffen maar als haar broertje Mark vraagt waarom zij ze leuk vindt, weet ze zo snel geen antwoord. Dat heeft ze wel vaker dat ze geen antwoord weet als iemand haar iets vraagt. Dat vindt ze heel vervelend en dan voelt ze zich dom, ook al weet ze dat ze dat niet is. Als mama haar 's avonds naar bed brengt zucht Aletta: 'Was ik maar een giraf', want dieren zijn niet dom als ze niet kunnen lezen.
En dan vertelt Aletta haar dat ze het zo naar vindt dat ze op school niet alles net zo snel kan als de andere kinderen in de klas. Ze moet er helemaal diep van zuchten. De juf wil haar wel helpen maar heeft niet altijd tijd daarvoor, er zijn nog zoveel andere kinderen in de klas. Aletta wil heel graag leren maar ze kan het gewoon niet zo snel.
Mama vindt dat heel verdrietig voor haar én voor de juf  en ze vertelt dat er scholen bestaan waarin veel minder kinderen in een klas zitten waardoor de juf veel meer tijd heeft om haar te helpen. Mama wil niet dat Aletta verdrietig is en belooft dat ze naar zo'n school zal zoeken want ze vindt Aletta veel te lief en bijzonder. Aletta is helemaal blij, ze hoeft niet meer te zuchten, ze is bijzonder!


Het boek over Aletta is een therapeutisch kinderboek en is bedoeld voor kinderen die van het reguliere naar het speciale of buitengewone (basis)onderwijs gaan. Dat klinkt  zwaar maar dat is het helemaal niet. In het verhaal over Aletta wordt op een erg prettige manier verteld dat sommige kinderen niet alles zo snel kunnen bijbenen maar dat het niet betekent dat ze dom zijn. Aletta wordt er onzeker door en gaat twijfelen aan zichzelf en dat is de bedoeling niet. Aletta kan zelfs heel veel alleen gaat dat wel in haar eigen tempo. Op een andere school hoeft alles ook niet zo snel en dat is dan veel fijner, dan zal ze zien dat ze net zo goed kan leren als alle andere kinderen in haar klas.
Op elke rechterpagina staan kleine tekstblokjes voor ouders en begeleiders.
Op elke linkerpagina staan vrolijke, humoristische zwart-wit tekeningen van Sjeng Schupp.

Het boek kan helpen om dit onderwerp te bespreken en kinderen helpen om te vertellen over hun verdriet en verwarde gevoelens. Het is een voorleesverhaal voor kinderen in de basisschoolleeftijd van 6 tot 10-12 jaar.
Het is een leuk, optimistisch verhaal. Kinderen in het reguliere onderwijs die dit verhaal horen willen daarna vast ook naar zo'n leuke school waar de juf veel tijd voor ze heeft!


ISBN 978 90 8560 533 1 Hardcover 38 pagina's Uitgeverij Niño februari 2008
Nur 854 (Opvoeding van kinderen en jongeren) leeftijd 6  tot 10-12 jaar

© Dettie, 26 januari 2012

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Ik ga naar papa!
Over ouders in de gevangenis
Martine Delfos


Elvira heeft al heel vaak aan mama gevraagd of ze mee mag, maar elke keer zegt mama nee. Elvira weet zeker dat ze naar papa gaat. Waarom mag ze dan niet mee? Zou papa in het ziekenhuis liggen en heel erg ziek zijn? Oma zegt dat het niet zo is maar waar is papa dan? Hij is al heel lang weg. En iedereen kijkt zo raar als ze het over papa hebben. Eindelijk vertelt mama dat papa niet ziek is maar in de gevangenis zit!
Elvira is helemaal blij en opgelucht. Papa is niet dood zoals ze soms wel eens dacht en hij is niet boos en niet ziek!  Ze gaan zelfs op bezoek bij papa! Hij wil haar heel graag zien! Hoera!


Het verhaal over Elvira is een voorleesverhaal voor kinderen van vier tot tien jaar.
Het is verder een boekje om kinderen te helpen begrijpen wat het betekent als een van de ouders in de gevangenis zit.  De omgeving kan vreemd doen of boos zijn of zich schamen. Voor een kind is dat moeilijk te begrijpen. Voor een kind blijft het gewoon papa of mama en zijn ze niet ineens 'een crimineel' geworden. Het kind wil papa gewoon zien en mist hem heel erg.


Achterin het boek staat duidelijk uitgelegd hoe een bezoek in zijn werk gaat. Je kunt er niet zomaar naar binnen lopen en je mag ook geen spullen mee naar binnen nemen, je moet alles in een kluisje doen. Ook een cadeautje mag je niet zomaar meenemen, dat moet eerst nagekeken worden of er bijvoorbeeld geen drugs in zitten. En zo zijn er nog meer dingen. Er wordt dus heel duidelijk uitgelegd wat wel en niet mag en hoe alles in zijn werk gaat als iemand op bezoek mag komen.
Ook wordt verteld over speciale ouder-kinddagen en over Exodus Nederland (http://www.exodus.nl). Het Exodus vrijwilligersnetwerk biedt onder andere hulp aan familieleden van (ex-)gedetineerden. Het Ouders, Kinderen en Detentie (OKD) project bijvoorbeeld maakt het mogelijk dat gedetineerde ouders en hun kind (eren) elkaar maandelijks kunnen zien in een kindvriendelijke ruimte in de gevangenis.
Er staan echter nog veel meer internetadressen in het boek waar kinderen en begeleiders informatie kunnen krijgen over dit onderwerp.
Achterin het boek staan nog Tips voor het omgaan met kinderen die een ouder in detentie hebben. 

Op elke linkerpagina staan blauw-witte afbeeldingen die inspelen op de tekst.
Bij het verhaal over Elvira staan rechtsonder ook toelichtingen voor ouders en begeleiders.
Al met al een zeer informatief boekje waarin in duidelijke, heldere taal verteld wordt wat er allemaal speelt als een van de ouders in de gevangenis belandt.


Klik hier voor een audiofragment van radio Avro, de praktijk, over 'Ik ga naar papa!'

ISBN 9789085605607 Hardcover 46 pagina's Uitgeverij Niño (In samenwerking met Exodus)

Dettie, 25 januari 2012

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altExtreem weer
Margaret Hynes


‘De zon heeft de aarde omhelsd, en we zullen de gevolgen van deze liefde nog zien.’ (Sitting Bull)


Er gaat nauwelijks een dag voorbij zonder dat je een babbeltje maakt over het weer. Toch?
Als je dit boek gelezen hebt, ben je nog meer op de hoogte en kun je anderen verbazen met je kennis over allerlei weertypes.  Je kunt vertellen over wolken, over zeestromen, en over hoe de zon de drijvende kracht is voor het ontstaan van alle weertypes.
In begrijpelijke taal wordt uitgelegd hoe de zon de lucht verwarmt, zodat deze opstijgt: daar hebben we de wind. Omdat de aarde draait en de zon niet overal tegelijk kan verwarmen, hebben we verschillende luchtstromingen.
De warmte van de zon is ook de oorzaak van de verdamping van water. Die waterdamp vormt de wolken, die het begin zijn van regen, sneeuw, en onweer.
Zo ontstaat iedere weersoort. En omdat de verwarming niet constant is, en de verdamping ook niet, kunnen er soms extreme weersomstandigheden ontstaan. Daar gaat dit boek vooral over.


Alles over orkanen en tornado’s wordt uitgelegd. Orkanen, tyfonen en cyclonen zijn overigens hetzelfde weersverschijnsel! Tornado’s, ook wervelwind genoemd, zijn luchtzuilen, terwijl orkanen ontstaan uit een kleine onweersbui en uitgroeien tot een enorme stormwind. Beiden zijn zo krachtig en allesvernietigend, dat wij hier in ons kikkerlandje in onze handen mogen klappen dat ze hier nauwelijks voorkomen.
Omdat deze weersoorten rampen veroorzaken – overstromingen, modderstromen, stormvloeden en nog veel meer ellende - is er ook een hoofdstuk over rampen in het boek, en wordt er verteld over de reddingswerkers. Ook droogte kan een probleem zijn: er wordt verteld over woestijnen, waar per jaar minder dan 25 centimeter neerslag valt.
Er is informatie over de Noordpool, en over de Zuidpool; over de sneeuw in de bergen, waar lawines kunnen ontstaan. Het kan niet ontbreken: een hoofdstuk over de klimaatverandering, vooral gericht op onderzoek. Daarmee houdt de bescherming tegen water weer verband: er wordt verteld over de stormvloedkering. Nee, niet die wij in Nederland kennen, maar die van Londen.
Het is nu eenmaal een van oorsprong Engels boek.
Maar als je meer informatie zoekt daarover, zijn er genoeg websites te vinden. Veel ervan worden genoemd in het boek, en die zijn gelukkig grotendeels aangepast, zodat de jeugd het in het Nederlands kan lezen. Er staan leuke weetjes op de pagina’s, quotes, en natuurlijk wordt alles wat er verteld wordt geïllustreerd: prachtige foto’s, kadertjes met duidelijke tekeningen over hoe het werkt.
Ik zei het al: als je dit boek leest, kan niemand je meer iets wijsmaken over het weer!


ISBN  9789054617723 | 45 pagina's  | Baeckens  | december 2011
Vertaald uit het Engels door Guy Brugmans

© Marjo, 12 januari 2012

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De jonge sporenzoeker
David Melbeck

Dit boek is voor kinderen die het leuk vinden om te ontdekken welke dieren er in hun omgeving leven. Er staat namelijk precies in verteld hoe en waar je sporen van dieren kunt vinden. Maar ook hoe je een heel mooie verzameling kunt aanleggen over diersporen.
Het boek begint met de basisuitrusting voor speurneuzen zoals o.a. een pincet, vergrootglas, wandelschoenen, zakmes, notitieboekje, rugzak, doosjes en potjes om je ontdekkingen in te doen en nog een paar dingetjes.
Daarna wordt verteld hoe je een wildpad kunt vinden, dat is een pad waarover dieren elke dag lopen, en waar je op moet letten als je naar pootafdrukken (prenten) zoekt.  Op tekeningen in het boek zie je hoe je aan de pootafdrukken kunt zien welke dieren er gelopen hebben. Een paard herken je natuurlijk aan het hoefijzer, maar er staat ook een tekening bij van een pootafdruk van een paard zonder hoefijzers. En een hert heeft veel bredere afdrukken dan een ree.
Het leuke is dat je ook aan andere dingen kunt zien welk dier over het wildpad is gelopen. Een wild zwijn schuren bijvoorbeeld graag met hun rug tegen een boom. Je ziet dan modder of haren aan die boom zitten en de plek waar ze tegen de boom aan schuren is afgesleten. Maar je kunt ook aan hun keutels en wroetplekken zien dat er wilde zwijnen langsgekomen zijn.
Een zwijn heeft hoeven maar andere dieren zoals de wolf of het konijn hebben voetkussens en ook daarvan zijn er heel veel getekend zodat je kunt herkennen welk dier het was.
Een eekhoorn of veldmuis heeft weer andere afdrukken, namelijk 'handjes'. En afdrukken van vogelpootjes zijn natuurlijk weer heel anders.
Naast alle tekeningen van allerlei pootafdrukken staat in het boek ook hoe je die pootafdrukken kunt bewaren, door er bijv. een foto van de afdruk te maken met een centimeter erbij of een gipsafdruk maken.

Er staat zoveel in het boek, zoals het herkennen van vogelnesten, wat je allemaal in een braakbal van uilen kunt vinden, hoe je aan etensresten en keutels kunt zien welk dier ergens woont of gewoond heeft, hoe en waarom bevers een dam bouwen en ga zo maar door.
Dankzij dit boek met zijn vele tekeningen kun je als een speurneus door het bos of de duinen lopen en zo heel veel dingen zien waar andere kinderen aan voorbij lopen. Eenmaal thuis maak je met alle dingen die je gevonden hebt een eigen museumpje en zelfs daarvoor staan tips in het boek!
Het is een heel leuk boek waarbij je ook nog eens heel bijzondere dingen leert. Een boek voor een échte sporenzoeker!


ISBN 9789052108315 Hardcover 64 pagina's | Tirion natuur | november 2011
Illustraties  Amandine Labarre en Stéphane Sénégas Vertaald door Lily van Haren
Vanaf 10 jaar

© Dettie, 3 december 2011

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER!

 

altMeer weten over een Romeinse stad
Conrad Mason

Aan de hand van het leven van een Romeins gezinnetje wordt het leven in een Romeinse stad uit de  doeken gedaan. Niet Rome, maar Nova Urbs.
De familie Flavius bestaat uit vader Quntus een politicus, moeder Livia, ‘zijn vrouw’ (geen verdere aanduiding, dat is ook duidelijk), Julia de dochter, Titus, de zoon en hun slaaf Cleon.
‘Slaven zijn vreemdelingen die voor de Romeinen werken’ staat er. Dat is wel erg kort door de bocht! Cleon wordt verder in het boek ook meer als een bediende ten tonele gebracht, die gewillig doet wat hem gevraagd wordt,  maar tegelijk laat het boek zien hoe op de markt geketende slaven verkocht worden! Daar staat een aantal mensen, slaven, op een rij, aan elkaar gebonden met een bordje tekst om hun nek. Voor hen staat een stel kopers die zich afvragen wie ze zullen kopen. Onder het flapje zie je dat die ene slaaf kan lezen en schrijven, en die willen ze wel.
Waarom Cleon dan zo braaf en gedienstig is, net als de hoofdslaaf Agathon, dat wordt verder niet uitgelegd. Is niet nodig voor tere kinderzieltjes, zal men gedacht hebben. Verer kun je informatie vinden over het boerenleven op het platteland, over de badhuizen, en de wagenrennen in de arena.
Her en der staan wel wat Latijnse woorden, maar de specifiek Romeinse benamingen worden blijkbaar te moeilijk gevonden voor kinderen. Dat een badhuis thermae heette, en dat de wagenrennen plaatsvonden in een hippodroom kom je niet te weten.
Maar ik dacht dat een boek over de Romeinen mij niets nieuws kon vertellen, maar toen Agathon boodschappen moest gaan doen en aan de lezer de vraag wordt gesteld of die alles kan vinden, ging ik er van uit dat het een grapje was. Tussen de honing, wijn, kreeft en appels  staat: hazelmuizen.
Ha, verderop staat hoe er gegeten wordt: liggend, met dansende en fluitende slaven als vermaak, en een menu. En wat staat er op dat menu? Juist.
De meer-weten-boeken zijn een feest voor het oog, en jonge lezertjes zullen net als ik nieuwsgierig zijn naar wat er achter al die flapjes zit.


ISBN 9781409531340| hardcover | 48 pagina's | Usborne | november 2011
Leeftijd: niet voor kinderen onder de drie, maar verder mogen alle leergierige kinderen dit boek inzien!

© Marjo, 23 november 2011

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altPiraten
Peter Crisp


Vandaag heb ik veel geleerd, met piraten was ik nog niet zo bekend.
Op de eerste pagina’s zie je hoe de schepen er uit zagen, van het oudste teruggevonden galjoen tot de nieuwste manier van piraterij met snelle motorbootjes. En ook de herkomst van het woord piraat: het komt van ‘peiran’, oud-Grieks voor aanvallen.
In de volgende hoofdstukken wordt verteld hoe piraterij er door de eeuwen heen bij stond. Al uit de achtste eeuw voor Christus zijn overblijfselen gevonden. Het gaat dan vooral over piraterij in de Middellandse zeegebieden, waar het fenomeen eeuwenlang bleef bestaan. Je had de Cilicische piraten, die bijvoorbeeld ooit Caesar - toen hij nog geen keizer was – gekidnapt hebben. Hij beloofde de zeerovers hun losgeld, maar ook zegde hij toe dat hij ze allemaal zou kruisigen. En dat heeft hij gedaan.
In latere eeuwen kwamen de rovers uit Noord-Afrika: de barbarijse piraten, die de kust onveilig maakten van de 16e tot de 19e eeuw. Een beroemde zeerover was Barbarossa, die ook nog pasja van Algiers werd.
Helaas komen de Turken er niet goed vanaf in dit verhaal, ze worden vaak als bemanning gezien op piratenschepen, bij de Cilicische piraten al, maar ook bij de Barberijnen. In Turkije werden er zelfs piraten opgeleid: de Janitsaren. Die – toen ook al - zich beschouwden als heilige strijders voor de islam. Het gaat de piraten niet alleen om het roven van kostbaarheden en geld: ze namen meestal ook de bemanning mee om ze te verkopen als slaven. De Vikingen deden dat bijvoorbeeld in de achtste eeuw ook met de kloosterlingen die zij in Groot-Brittannië gevangen namen.
In de zestiende eeuw werd kapitein Francis Drake, een Britse piraat, nog eervol onthaald door zijn koningin Elizabeth, maar later, in de achttiende eeuw werden in hetzelfde Engeland zeerovers berecht en opgehangen. Zo’n hangman diende als afschrikbeeld. Hielp het?
Hm..


Zeerovers zijn van alle tijden, ze zijn er nog steeds, al wordt over de moderne Somalische piraten niet meer verteld dan dat ze met snelle motorbootjes te werk gaan.
Dit mooi vormgegeven boek staat vol met feiten. Wisten jullie dat er ook vrouwelijke zeerovers waren?  Je leest met welke wapens er gevochten werd, en hoe de regels aan boord van een schip waren. Ook vind je informatie over de Franse piraten, over Zwartbaard de verschrikkelijkste piraat ooit, die alleen door zijn uiterlijk de tegenstander al op de knieën dwong.
Er wordt verteld over het boek ‘Schateiland’, over films die er over gemaakt zijn, en dan blijken er ook in de Chinese wateren nog piraten geweest te zijn.
Kortom, als je dit boek gelezen hebt, weet je zoveel meer! En dan wordt er nog melding gemaakt van hoe je aan nog meer info kunt komen: musea, internet, boeken..
Weer een heel mooi boek!


ISBN 9789054617716 | hardcover | 48 pagina’s | Baeckens | 2011
Vertaald uit het  Engels door  Guy Brugmans Leeftijd vanaf 12 jaar.

© Marjo, 25 januari 2012

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Vicks
De eerste stap, duik en grom van ijsbeertje Vicks
Mack


Vicks is het ijsbeertje dat op 6 december 2010 geboren is in Diergaarde Blijdorp in Rotterdam. Via schitterende videobeelden kon je zijn ontwikkelingen volgen. En nu is er dit boek om de eerste verjaardag van Vicks te vieren.


Het begint natuurlijk met de mooie foto van moeder beer met de pasgeboren Vicks die dan net zo groot is als een eekhoorn! Moeder beer en Vicks blijven vier maanden in hun hol en dan begint voor Vicks het grote avontuur dat leven heet. Hij mag naar buiten en alle nieuwe dingen gaan ontdekken. Natuurlijk is alles heel spannend, want wat is dat nou voor raar ding dat zomaar uit de lucht komt aanfladderen. Dat heeft hij nog nooit gezien, gauw schuilen bij mama.
En dat water is ook al zo bijzonder, het is koud en voelt heel gek maar het is ook wel lekker maar hoe kom je nu weer uit dat water? En hoe krijg je die druppels nu uit je vacht? Vicks heeft nog zoveel te leren. Maar langzamerhand durft hij meer en op het laatst duikt hij met een grote sprong in het water en doet gekke kunstjes voor het onderwaterraam in de dierentuin. En dan is het jaar alweer om en is Vicks van piepklein pluizebolletje uitgegroeid tot een lekkere ronde, flinke, stoere ijsbeer.


Zelf heb ik de hele ontwikkeling rond Vicks gevolgd via de video's die Blijgaarde uitzond op hun internetadres en dat was fascinerend om te zien. Het blijft bijzonder om zo'n piepklein beertje dat nog niets kan alles te zien leren en ontdekken. In dit boek is dat ook mooi vastgelegd. Daarnaast staan er nog allemaal weetjes over ijsberen, bijv. hoe je kunt zien dat het een jongetje of meisje is... jongetjes plassen naar beneden en meisjes naar achteren. Dit wordt verduidelijkt met grappige tekeningetjes. En zo staan er nog veel meer weetjes in.


Een jong dier vertederd altijd en natuurlijk doet Vicks dat ook. De foto dat hij voor het eerst zijn vacht uitschudt is geweldig, je ziet bijna dat het nog best moeilijk is... Ook de foto dat Vicks aan het spelen is met zijn moeder is hartverwarmend. Vol overgave houdt moeder haar kop scheef zodat Vick er lekker in kan knauwen!
Kortom, een lief boek dat mede door de mooie foto's ook volwassenen erg aan zal staan.


ISBN 9789044817522 Hardcover 32 pagina's | Clavis B.V.B.A. | december 2011
Vanaf 3 jaar

© Dettie, 19 januari 2012

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altZoogdieren
David Burnie
uit de serie 'Navigators


In de serie Navigators is dit een algemeen boek over zoogdieren.
Er zijn ongeveer 5.500 soorten, en er worden nog steeds nieuwe soorten gevonden, maar het boek heeft niet genoeg pagina’s om die allemaal te behandelen. Er is een keuze gemaakt: de hoofdstukken gaan soms over een bepaalde verzamelsoort: walvissen en orka’s; apen en mensapen of beren.
Maar ook kun je een indeling vinden naar wat de soort ‘doet’: een hoofdstuk over nachtdieren, eentje over zelfverdediging. Het hoofdstuk over dieren met lange tanden, dat zijn de vleeseters, zoals de poema. Het dier dat je vanaf die pagina aanstaart is angstaanjagend!
Sommige dieren worden slechts in één zinnetje genoemd, over andere staat er meer informatie. De bever bijvoorbeeld krijgt een hele pagina, maar de huismuis moet het met een paar regeltjes doen. Maar dan staat er aan de zijkant van de pagina, zoals steeds een link naar internetpagina’s waar je meer info kunt vinden.
Stokstaartjes zijn zulke leuke diertjes, ik ben blij dat ook zij een flinke pagina krijgen, waar af en toe een stukje afgesnoept wordt door de neushoorn en het luipaard.
En naakte molratten, ik had ze nog nooit gezien, fascinerende beestjes. Zij komen in Oost-Afrika voor.


Natuurlijk wordt er ook nog wat verteld over hoe de dieren bedreigd worden door de verandering van klimaat, maar vooral door de mens.
Natuurlijk is er een register  waarmee je alle voorkomende dieren terug kunt vinden, een verklarende woordenlijst en achterin nog wat informatie over waar je sommige van de dieren persoonlijk kunt ontmoeten, de dierentuinen, de sites op internet. Voor een mammoet moet je natuurlijk naar een museum, en olifanten zijn vaak nog wel in dierentuinen te zijn. Voor degenen die niet op safari kan in Afrika zijn films over de dieren van de savannes.


ISBN 9789054617730| hardcover | 48 pagina's | Baeckens |december 2011
Vanaf 9 jaar

© Marjo, 20 december 2011

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

alt

Gaandeweg
Dimitri Leue & Stef Stessel


        ‘Mijn geheugen is  vol.
Ik moet er dingen uitgooien,
Ik wis een herfstdag uit het jaar dat ik negen was.
Het regende en ik mocht niet buiten spelen.
Ik maak plaats voor de god Ghanesh.
En voor een offer in de tempel
wis ik om het even welke schooldag
uit om het even welk jaar.’


Voor me ligt een mooi boek, vol met foto’s en wat tekst. Die tekst is een mengvorm tussen poëzie en proza. De hoofdpersoon heeft gedroomd dat hij nog maar drieëndertig dagen te leven heeft en gaat de wereld rond op zoek naar antwoorden. Wie of wat is God? Wat is de zin van het leven? Hoe ga je met de dood om?


‘Om geest te worden van de ether moet je gewoon verdwijnen.
Oplossen.
De oplossing voor mij.’


‘De veer waarmee ik schrijf, heet adem.
Het papier waarop ik schrijf, heet leven.
Ze zijn beide bijna op.’


En zo kan ik wel bezig blijven, het zijn mooie teksten. Misschien wat hoogdravend, maar eigenlijk passen ze wel bij de foto’s. Die geven de wereld weer van India, Mali, Mexico en Guatemala, en tenslotte China en Taiwan. Een mooi bladerboek, met  tekstjes om over na te denken. Het zijn misschien dooddoeners, maar ook daar kun je over peinzen.
Wat de waarheid is van dit boek, dat mag de lezer zelf uitmaken. 

ISBN 9789020972610| Hardcover |112 pagina's | Lannoo | november 2007
Fotografie Stef Stessel Leeftijd 15 plus

© Marjo, 27 november 2011

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altBlonde manen
mijn leven met paardenkracht
Sofie Rozendaal

De twaalfjarige Sofie ziet er als een berg tegenop om na de zomervakantie naar de middelbare school te gaan. Ze voelt zich veilig en op haar gemak in het kleine dorp waar ze woont. Het vooruitzicht van een grote verandering in haar leven bezorgt haar de kriebels. Kan alles maar bij het oude blijven. Dan ontdekt ze samen met haar beste vriendin Noortje een weiland waar paarden en een pony staan. Sofie is onder de indruk van de prachtige dieren en zoekt ze steeds vaker op.  Ze heeft geen verstand van paarden of pony’s en gaat puur op haar gevoel af. Als snel sluit ze vriendschap met de pony, een kleine shetlander. Ook de paarden in de wei raken gewend aan de bezoekjes van Sofie.

Wanneer aan het eind van de zomer de paarden één voor één door hun eigenaars worden opgehaald is Sofie heel verdrietig. Ook haar geliefde shetlander, die ze Daisy noemde, is op een dag verdwenen. Het contact met de paarden heeft haar goed gedaan. Haar ouders hebben dit ook opgemerkt en vervullen Sofies grootste wens: een eigen paard. Het wordt een haflinger die van Sofie de naam Lotje krijgt.

Sofie moet nog veel leren over paarden en gelukkig helpt Noortje haar hierbij. Lotje en Sofie groeien in de loop der jaren naar elkaar toe en er ontstaat een wederzijdse genegenheid. Toch is het soms ploeteren voor de inmiddels 17-jarige Sofie want een paard heeft veel aandacht en een goede verzorging nodig. Bovendien is een paard gevoelig en heeft het een geheel eigen willetje. Inmiddels heeft ze ook een vriendje en hij vindt het niet prettig dat ze zoveel tijd met haar paard doorbrengt. En er moet tijd aan school besteed worden. Sofie worstelt met haar havo-opleiding en de vooruitzichten zijn niet gunstig. Gaat ze haar diploma halen?

Dit autobiografische boek is opgedeeld in drie delen. Het eerste deel gaat over de 12-jarige Sofie die voor het eerst kennis maakt met paarden. Het tweede gedeelte gaat over de komst van haflinger Lotje. Sofie zit dan in de eerste klas van de middelbare school. Dan maakt het verhaal een sprong want in het derde deel is Sofie 17 jaar oud en worstelt ze met de combinatie paard, school en vriendje. In de eerste twee delen worden de ervaringen van Sofie uitgebreid beschreven maar in deel drie wordt het verhaal helaas heel beknopt uit de doeken gedaan en vrij abrupt afgerond.

Aan het eind van elk deel staan twee interviews. Geïnterviewd zijn bijvoorbeeld een dierenarts gespecialiseerd in paarden, een paardentrainer en een dierentolk. Het zijn boeiende toevoegingen maar ik had het prettiger gevonden om deze interviews achterin het boek aan te treffen. Hoewel ze goed aansluiten bij het verhaal leidde het me af. Liever had ik eerst het verhaal volledig gelezen en daarna de interviews. In het midden van het boek staan prachtige foto’s. Ook dit had ik liever anders ingedeeld gezien. Nu staan er onderwerpen op de foto’s die nog niet aan bod gekomen zijn. Wat van mij weggelaten had mogen worden zijn de illustraties die door Sofie zijn gemaakt. Het boek is rijkelijk gevuld met potloodtekeningen die meer passen bij een kinderboek dan bij een roman voor jong-volwassen.


Blonde manen is vooral een heel persoonlijk document geworden. Technisch hapert er het een en ander maar de schrijfster is ook pas 24.  Het is mooi om te lezen over de liefde tussen paard en mens. De nadruk wordt gelegd op een meer natuurlijke omgang met paarden. Dat juich ik toe. Alhoewel het boek ook over opgroeien gaat vind ik het vooral een boek voor paardenliefhebbers.

ISBN 9789052108612| Paperback |192 pagina's |Tirion Uitgevers| oktober 2011
Met foto’s en illustraties van Jacomien en Sofie Rozendaal
Vanaf 14 jaar

© Annemarie, 21 november 2011

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER