Non-fictie jeugd

Dat staat je goed!
Hoe kleren ons maken
Josje van Koppen


"Je bent dik of dun, lang of kort, zwart of wit... aan je lichaam kun je niet zo gemakkelijk iets veranderen. Door iets aan te trekken of op te zetten, kun je je wel op slag totaal anders voelen."


In dit verder tekstloze boek, wordt ons het belang van kleding getoond evenals de westerse kledinggeschiedenis. We zien Adam en Eva nog op blote voeten rondlopen, alleen gehuld in vijgenbladeren maar al snel raken na de zondeval de waterdichte en warme dierenhuiden 'in de mode' evenals een warme lange warme baard. Als 'handbagage' zien we de pijl en boog.  De herder loopt natuurlijk rond in wollen kleding maar dan breekt de tijd van de farao's aan en dat is heel andere koek.

De verfijnde Egyptenaren zien we afgebeeld in mooie soepelvallende gewaden, de vrouwen dragen zelfs zeer fijne, doorzichtige kleding. De Romeinen vertonen zich in tunica's die mooi geplooid om hun lijf gedrapeerd zijn. In de riddertijd is het weer heel anders, we zien zelfs een jonkvrouw met een ijzerzaagje en oliespuit klaarstaan om de ridder eventueel bij te kunnen springen in het geval van ernstige harnasroest of andere ongemakken.


We zien vrouwen in prachtige wijde hoepelrokken en mannen in kunstig gemaakte, opengewerkte kniebroeken. De kragen en diverse decolletévormen zijn ook van groot belang in de kledinggeschiedenis. We zien prachtige verfijnde kanten kragen die over de jas of het kledingstuk heen gedragen werden. We zien kragen die als een staart van een pauw om de nek heen staan of dicht op de keel zittende  'molensteenkragen'.


In de tijd van de enorme rokken met inklapbare panelen, hadden de vrouwen vreemd genoeg een zeer diep uitgesneden decolleté. Je zou denken dat het niet nodig was, omdat  alle aandacht naar de enorme rok gaat. Erg leuk is de afbeelding van de rok met baleinen die zo enorm is dat er vogels in rondvliegen. Maar ook de prent van de deftig in jacquet gestoken man die een gieter in zijn hand heeft naast de vrouw in rozenjurk doet je glimlachen.

Gelukkig voor de vrouwen komt aan al die ingesnoerde tailles en enorme kledingbouwwerken een einde. We zien ze nu in losse, maar wel kundig gemaakte kleding en wijde harembroeken rondlopen. En dan breekt De Grote Oorlog uit (1914-1918)  wat de mode op de achtergrond doet verdwijnen en de werkkleding zijn functie toont.

Na de oorlog moet er natuurlijk feest gevierd worden en breken de roaring twenties aan met de bijbehorend losse kleding met blote rug en enkelvrije rokken... In de minder gefortuneerde gezinnen komt het matrozenpakje in zwang evenals de grote strikken in het haar van de meisjes.  We zien dan ook een keurig gezinnetje afgebeeld. Moeder aan de was, vader achter de krant en de kinderen in genoemde kledij, keurig op lengte gerangschikt.

De grote ontwerpers, de film en kunstenaar krijgen steeds meer invloed op de kledingbranche. De vetkuif en het leren jack, de rock en roll outfit, het elegante modehuis Chanel pakje, het tweedelig badpak, de primaire kleuren van Rietveld... we zien ze allemaal voorbij komen in dit boek, evenals de hippie-outfit in de flower-power tijd.

Zelfs de landing op de maan veroorzaakt een ware futuristische moderage en vermoedelijk veroorzaakte de komst van de anti-conceptiepil de vrijheid in kleding voor vrouwen, benen en navels mochten voortaan getoond worden. Maar ook de anti-establishment en idem muziekstromingen zoals punk beïnvloeden het modebeeld. Hanenkammen, grote ijzeren kettingen, tatoeages en spelden door lijf en leden tonen waar jij voor staat.
De komst van de spijkerbroek, inmiddels een niet meer weg te denken kledingstuk, de popart, de bikini, de burka enz. passeren de revue evenals de sportkleding, klederdrachten, unisexoutfit en vrijetijdskleding.

Uiteindelijk zien we dat de dwingende (mode)regels op de achtergrond raken en doet het er nauwelijks meer toe of je aan een bepaald modebeeld voldoet. Het ndividu staat centraal. Je kunt dragen wat jij prettig vindt, je kunt dragen wat bij jou past. Je kunt kiezen wat jou goed staat...

Deze hele kledinggeschiedenis wordt ons getoond in knap getekende en gedetailleerde afbeeldingen van Josje van Koppen. Achterin dit mooi verzorgde boek staat nog een overzicht van de getoonde kleding met jaartallen en heel korte beschrijvingen.

Voor modeliefhebbers en in kleding geïnteresseerde mensen is dit boek een must. Eigenlijk snap ik niet waarom dit fraaie boek als kinderboek - geschikt voor kinderen vanaf  5 jaar - aangeboden wordt. Ik denk dat het die leeftijdscategorie niet zal  aanspreken, ze zien alleen figuurtjes in voor hen vreemde kleding. Er is geen verhaal omheen geschreven.
Persoonlijk zou ik het boek inschatten voor jongeren vanaf 13-14 jaar maar ook volwassen zullen dit boek zeker kunnen waarderen.


ISBN 9789044828757 | hardcover | 114 pagina's | Uitgeverij Clavis | 30 juni 2017
Afmeting 208 x 207 x 17 mm. | Leeftijd 5+

© Dettie, 23 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altLeven als een astronaut
Jouw buitenaardse avontuur!
Mark Brake


‘Als mens wil je alles verkennen. Nieuwe plaatsen bezoeken, een kloof oversteken, een vulkaan beklimmen, een nieuwe wereld bekijken. Van de tienduizenden mensen die betrokken zijn bij het verkennen van de ruimte – bij het maken van plannen, bij onderzoek en bij het bouwen van ruimtevaartuigen – zijn er maar een paar zo gelukkig dart ze echt een ruimtereis maken.

Als jij een van die gelukkigen bent, dan bereidt dit boek je voor op al die werelden anders dan de onze.’


Er wordt wel meteen duidelijk gemaakt dat je jaren en jaren studie voor de boeg hebt voor je überhaupt in aanmerking komt om astronaut te worden. Dit boek biedt hoogstens een klein inkijkje in wat je allemaal moet weten: Informatie over het zonnestelsel, over alle planeten en planetoïden, over kometen en meteoren, over sterren en sterrenstelsels, over zwarte gaten. Over zwaartekracht, ruimtevaartuigen, maanvoertuigen, ruimtepakken en nog veel en veel meer!


Grappig is dat er ineens een hoofdstuk tussen zit over extreme dingen die je gewoon op aarde kan doen, en die dan een goede oefening zijn voor je ruimtereis. Skydiven, spelunken, diepwaterduiken en bungeejumpen, dat is allemaal al eng genoeg, maar er valt dus in een mensenleven nog veel meer te ontdekken.


Behalve behoorlijk pittige informatie, die in katernen verdeeld staan over de pagina’s en op die manier makkelijk te behappen, is er ook humor te vinden… Als er informatie gegeven wordt voor een eerste ruimtereis - die helaas alleen weggelegd is voor de allerrijksten op aarde – staat er een lijstje met dingen die je mee moet nemen: Onder andere interplanetaire vakantiebrochures zijn handig, en een bungee-jumpuitrusting!


De serieuze teksten worden verlevendigd door kleurrijke en soms grappige foto’s en tekeningen. Met dit boek hoef je je voorlopig niet te vervelen!
Als je dan nog astronaut wil worden, dan weet je tenminste wat je er allemaal voor moet doen.

In co-productie met Lonely Planet werd dit prachtig uitgevoerde boek samengesteld. Het geeft zoveel informatie dat je er uren, dagen mee zoet kunt zijn.


Mark Brake
is freelance schrijver en presentator. Samen met Frank Burnet was hij een van de oprichters van het NASA Astrobiological Institute. Zijn doel is om het onderwerp ruimtevaart toegankelijk te maken voor een breed publiek.


ISBN 9789000356225 | Hardcover |160 pagina's | Uitgeverij Holkema & van Warendorff | oktober 2016
Vertaald uit het Engels door Rob de Ridder Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 6 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Bladerbeesten
Yvonne Lacet


Als kind groeide ik op in Amsterdam, in het toentertijd zo verguisde maar nu zo geliefde Amsterdam Noord. Echt veel groen zagen we daar niet en het was dan ook altijd feest als je naar oma in de Achterhoek mocht. Oma woonde in een oude voormalige boerderij - er waren geen kranen maar een pomp in de keuken - en om het huis was alles groen en kleurig. Heerlijk! Voor oma maakten we dan schilderijtjes van grasjes, bloemblaadjes, korenhalmen enz. die we op karton plakten. Het werd meestal een soort boeketje en oma hing de schilderijtjes trouw aan de muur in haar huiskamer en daar waren we dan zoooo trots op.

Dit boekje roept deze fijne herinneringen op, omdat alles wat je op de, tekstloze, pagina's ziet, gemaakt is van blaadjes. Boomblaadjes, bloemblaadjes, verse blaadjes, oude bijna doorschijnende blaadjes, gekartelde blaadjes, gekleurde blaadjes, uitgeknipte blaadjes,  en ga zo maar door. Alleen worden er dit keer geen boeketjes gemaakt maar, zoals de titel al aangeeft, heuse bladerbeesten.

Het begint al op de titelpagina waar we een lekker wollig schaap op afgebeeld zien. Het dier is gemaakt van hazenstaartjes - de grassoort welteverstaan - en haar oren zijn van esdoornzaadjes (die dingen die  zo leuk helikopteren als je ze opgooit) en haar grappige snoet is zo te zien van© Yvonne Lancet zwart karton. Twee dunne takjes vormen haar poten.

We zien een stoere leeuw met manen van zonnebloemblaadjes, een vos met zijn spitse snoet, een geweldige miereneter en een koddig roze varkentje die gemaakt is van maar zes roze bloemblaadjes. (zie de kaft van het boek).

Soms wordt er een kleinigheid toegevoegd zoals oogjes van karton, een zwierige krul van cadeaulint voor de varkensstaart, dunne rode stokjes voor de flamingo, maar voor het merendeel bestaan alle dieren uit blaadjes.


Zelf vind ik de slang met zijn mooie zwierige bladerlijf wel een leuke vondst, maar ook het piepkleine muisje met de grappige oortjes van doorzichtig berkenzaad is heel schattig. De vlinder opgebouwd van bloemblaadjes in allerlei diepe, heldere tinten is heel bijzonder. Maar de prachtige pauw spant echt de kroon. Die is helemaal opgebouwd uit grote en piepkleine bloemen, gras- en korenpluimen en nog veel meer. Het geheel is echt spectaculair en geeft je de kriebel om zelf ook aan de slag te gaan.


© Yvonne LancetVerbluffend is de vlieg met zijn doorschijnende vleugels van bijna vergaan blad. Je moet die mogelijkheid maar in die bladeren zien! Ook de libelle met zijn tere vleugels van esdoornzaad is een mooie vondst.


De bladerbeesten zijn voornamelijk verspreid over twee pagina's afgedrukt. Maar naast de afbeelding van de grotere bloemenbeesten zoals de bloemenpauw, de schildpad (ook erg mooi), de vos en de leeuw, zien we al het gebruikte natuurlijke materiaal - keurig in rijen gerangschikt - afgebeeld staan.


Je ziet alleen het eindresultaat van het gemaakte dier, dus niet hoe het opgebouwd is, maar veelal kun je dat uit de afbeelding wel herleiden. Ik mis wel enkele tips, zoals welke lijm je het beste kunt gebruiken voor je bladerbeesten, waar je op moet letten als je begint, hoe je de blaadjes eventueel tegen snel bederf of verkleuren kunt behandelen enz. Maar dat mag de pret verder niet drukken.
Het is namelijk wel een heel inspirerend boek. Als je eenmaal begint met deze bladerbeesten na te maken, of zelf iets bedenkt, dan zal je er moeilijk mee kunnen stoppen denk ik zomaar. Het resultaat is namelijk zo apart dat niemand er ongevoelig voor zal blijven en heel enthousiast zal raken.


Yvonne Lacet (1980) werkt als beeldend kunstenaar/fotograaf aan projecten waarin stedelijke omgeving, landschap en natuur een belangrijke rol spelen. Haar werk is tentoongesteld in exposities in binnen- en buitenland. Daarnaast werkt ze in opdracht voor reclamebureaus, magazines en ontwerpers.


ISBN 9789025766849 | Hardcover | 32 pagina's | Gottmer Uitgevers Groep | februari 2017
Afmeting Leeftijd ca. 4+

© Dettie, 20 maart 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

3D knip & kleurboek seizoenen
Anouck Boisrobert


Een boek om in te kleuren én te knippen! Letterlijk! Dat is nog eens bijzonder!


De titel geeft al aan wat er te kleuren en te knippen valt maar hoe en wat het resultaat wordt, zien we pas als het helemaal klaar is. Want voor iedereen zal dat heel verschillend uitpakken.


We maken in feite, in het boek zelf, een 3D schilderijtje van elk seizoen, te beginnen met de winter. De afbeeldingen van dat schilderijtje kunnen we eerst inkleuren, dat hoeft natuurlijk niet maar het maakt het geheel wel leuker.  Stap voor stap, wordt precies uitgelegd wat we kunnen doen en vooral waar we wel of niet moeten knippen.


De winterafbeelding begint met het frame ofwel de lijst van het schilderijtje, we zien die lijst afgebeeld op een pagina met in het midden een gat. Dat gat is er niet voor niets want daar beginnen we te knippen, naar het frame toe, zodat het frame van ons schilderijtje heel blijft.
Dan slaan we de bladzijde om en zien we de eerste afbeelding die ons 3D kunstwerkje gaat vullen. Ook dat kunnen we eerst inkleuren. Aan de achterkant van deze afbeelding zien we precies waar we moeten knippen. En zo gaan we door naar de volgende pagina's.
Het wintertafereeltje bestaat in totaal uit negen lagen, inclusief een mooie achtergrond van een lucht vol met dwarrelende sneeuwvlokken.
Het resultaat is echt heel apart. Er zit enorm diepte in het vrolijke winterlandschapje.


Het knipwerk is niet moeilijk, je moet alleen soms even extra opletten als je iets een klein beetje moet inknippen, zoals takken van een boom. Maar ook dat is heel goed te doen. En knip je per ongeluk toch iets verkeerd dan kun je het schilderijtje altijd 'restaureren' met een beetje plakband aan de achterkant van de afbeelding. Niemand die het ziet!  En zo kun je van alle vier de seizoenen, je eigen unieke 3D schilderijtjes maken.
Op dit filmpje, kun je precies zien hoe het moet én natuurlijk het eindresultaat, leuk is het hè.
Ik weet tenminste al wat ik deze winter ga doen!


ISBN 9789492168108 | paperback met flappen | 95 pagina's | Uitgeverij Karmijn | november 2016
vertaald door Jannemieke van Ittersum | Afmeting 25,2 x 25 cm | Leeftijd 5+

© Dettie, 6 december 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altPaardrijden, zo doe je dat!
Caroline Stamps


Het uitgangspunt voor dit boek is kinderen die er over denken om paard te gaan rijden te informeren over alles wat daar bij komt kijken. ‘Een goede ruiter is voorbereid’.


Het belangrijkste is het om te weten met wie je te maken hebt: het paard, een edel dier, intelligent en gevoelig.  Wat voor paard zou bij jou die gaat rijden passen: er wordt besproken wat voor rassen er zijn, hoe een paard de wereld ziet, en op welke manier hij communiceert.  


Een beginnende ruiter start waarschijnlijk op een manege. Ook daar wordt over verteld: over de eerste les. En vooral over hoe je al die attributen die ze daar hebben moet gebruiken bij de verzorging van je paard. Het is wel duidelijk dat je meer tijd kwijt bent met dat verzorgen dan met rijden! Voor je klaar bent met de verschillende soorten borstels, de spons en het zweetmes, de roskam en de hoevenkrabber!  Het zweetmes - ik had er nog nooit van gehoord - dat dient om het zweet te verwijderen na een inspanning. Het heet mes, maar ziet er heel anders uit.  Terwijl je het dier verzorgt leer je je paard, je maatje, kennen. In het hoofdstuk over de eerste les wordt precies uitgelegd hoe je moet gaan zitten, en hoe je kunt blijven zitten. Wat draf, galop en zo allemaal is.


Het boek is handig onderverdeeld - met een inhoudsopgave - en ieder hoofdstuk is voorzien van mooie en vooral ook duidelijke foto’s. Grote bladvullende foto's met kleinere die details laten zien. Je vindt er aanwijzingen hoe je het beste met het paard om kunt gaan, en tegelijk leer je heel veel over het dier zelf. Het boek is dus ook heel handig als je een werkstuk wil maken. Er zijn geen grote lappen tekst, maar korte informatieve stukjes, in duidelijke taal.  Er staat van alles in bijvoorbeeld over dressuur, over westernrijden en nog andere manieren van rijden. Leuk ook: hoe je je paard mooi maakt voor een show.

Dit boek is bijna compleet: over de kosten wordt niet gesproken, niet over dier ten behoeve van het paard zelf en al die attributen, maar ook niet over een dierenarts. Ook over fokken wordt niets verteld, maar dat lijkt me dan weer logisch als het boek bedoeld is voor een beginnende ruiter.
Achterin vind je een verklarende woordenlijst.


De conclusie van de schrijver, die ik onderschrijf, is: behandel je paard op de juiste manier en geniet!


ISBN 9789089418401 | Hardcover | 64 pagina's | Uitgeverij Baeckens |  augustus 2016
Vertaald uit het Engels | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 20 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De Woordenwolkjes-
machine

illustraties: Sofie Vanlishout
tekst: Kato Polfliet


Kamiel is heel erg moe. Hij vraagt mama om een glas water, maar tot zijn grote schrik komen de woorden in stukjes uit zijn mond! Het lijkt wel of ze vastzitten. Als hij eenmaal in bed ligt gebeurt het weer. Sssssslaap zacht mama, zegt hij met veel moeite.


Gelukkig is Kamiel zo moe dat hij in al gauw in slaap valt. Maar ook in zijn droom zijn die rare woorden zijn hoofd nog niet uit, want hij ziet een enorme machine die woordenwolkjes uit de lucht plukt. Alleen de goede woordjes mogen geplukt worden, vertellen de woordplukkers Flor en Fin. Zij geven Kamiel ook de woorden in zijn mond. 'Ik ben Kamiel' zegt hij tot zijn eigen verrassing ineens. Kamiel vindt het geweldig.
De mannetjes plukken en plukken en Kamiel vertelt en vertelt, totdat... er ineens weer een woord in stukjes uit zijn mond komt. Kamiel schrikt er opnieuw van, hoe kan dat nou?

Flor stelt Kamiel gelijk gerust, er is niets aan de hand, het komt door de machine, die hapert soms. Grote mensen noemen die haperingen ook wel stottertjes. Maar in Flors wereld noemen ze die toverwoordjes. Flor vertelt welke soorten toverwoordjes er allemaal zijn en hoe je ze weg kunt toveren. Kamiel vindt het helemaal geweldig en dan... is de woordenwolkjesmachine weg en hoort Kamiel zijn moeder vragen of alles oké is.
Kamiel lacht, Mama moest eens weten wat hij nu allemaal kan!


Een prettig prentenboek waarin op een speelse manier over stotteren verteld wordt.  Het jongetje Kamiel leert veel dankzij Flor en Fin en hun mooie machine. De schrijfster Kato Polifiet weet waarover ze het heeft want ze is logopedist en stottertherapeut.  Achterin het boek geeft zij interessante en nuttige informatie over stotteren, hoe het kan dat kinderen stotteren, wanneer je wel of niet spreekt over een stotterprobleem, wat de omgeving kan doen om degene die stottert te helpen, wat stottertherapie is en als laatste, allemaal adressen waar je informatie of hulp kunt vinden voor mensen die stotteren.


De gekleurde afbeeldingen ondersteunen het verhaal en zijn helder en duidelijk.


Het boekje is er een uit de BIJDEHAND serie, dat staat voor kleurrijke prentenboeken, die kinderen, ouders en opvoeders bij de hand nemen om moeilijkere thema’s bespreekbaar te maken. Prima boekje!


ISBN 97890444828009 | Hardcover | 27 pagina's | NUR 273 | Uitgeverij Clavis | september 2016
Formaat 21 x 29 cm | leeftijd 5+

© Dettie, 2 oktober 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer

 

Land in zicht!
Bedenk in 25 verrassende opdrachten het leukste land ter wereld
illustraties: Pieter Gaudesaboos
tekst: Brunhilde Borms


"Doe boek" staat er op de cover te lezen en daar is niets te weinig mee gezegd, want met dit boek zal je je de hele zomer niet vervelen.

Het begint al lekker met een groot uitvouwbaar vel papier dat volgedrukt staat met eilanden, huizen, eilandfotos', kleding, planten, meubels, voedsel enz. (zie afbeelding) en daarna volgen de persoonlijke uitdagingen. Je krijgt namelijk 31 dagen de tijd om om één van de zeven eilanden te bezoeken en daar het land van je dromen te scheppen... Daarna moet een jury jouw ontwerp goedkeuren en kun je een 'gouden' kroon verdienen en ben jij de baas van het eiland. Jawel!

De eerste opdrachten zijn: een eiland kiezen, een reisticket te kopen en afreizen naar jouw eiland en daar begint het avontuur pas echt! Je gaat namelijk jouw eiland inrichten... maar eerst moet je een vlag maken en d

aarmee word je geholpen door iemand die je kleine opdrachtjes uit te voeren, zodat je goed weet hoe jouw vlag eruit moet komen te zien. Je mag ook beslissen welke feestdagen er op het eiland te vieren zijn, zelf vind ik de Boekendag wel heel leuk, iedereen mag dan de hele dag ongestoord lezen! Maar de dag van de paprikachips heeft ook wel wat...

Je eiland moet natuurlijk een naam hebben en ook daarmee word je geholpen dankzij allerlei leuke opdrachten, waarbij je ook dingen uit het vel papier moet knippen. Als je alles gedaan hebt ga je naar het volgende hoofdstuk waar je jouw eiland moet inrichten, je kiest de bewoners en de huizen, je legt straten en tuinen aan en plant deze laatste vol groente zodat jullie ook te eten hebben.


En zo gaat het het hele boek door. Elk hoofdstuk behandelt een onderdeel van het eiland. Je legt een stad aan, koopt vervoermiddelen, plaatst verkeersborden, zorgt voor zieken- brandweer en politieauto's. Je bouwt een  fabriek en ontwerpt een dierentuin én kiest de dieren daarvoor uit, je bezoekt clubs waarvan jij moet uitvinden welke logopin zij dragen en natuurlijk richt jij ook een club op, waar je eveneens een pin voor maakt.
Jouw eiland is inmiddels zo leuk dat er ook toeristen komen. Maar die moeten wel vermaakt worden en welke tijd van het jaar is het beste voor al die mensen? En welke streekgerechten zijn er op jouw eiland? En welke postzegels heeft jouw eiland eigenlijk?

Kortom, er valt een heleboel te doen. Daarna mag je jouw eiland aan de jury op de Wereld Landen Vergadering laten zien. Belangrijk is dat je drie van jouw gekozen ministers meeneemt, dat zijn drie van de figuurtjes die jou geholpen hebben in het boek, want elk hoofdstuk heeft een eigen begeleider of raadgever, de ene keer is dat commissaris Knuppelstok, de andere keer M.C. Toerist of mevrouw Toyson etc.
Aan het eind van elk hoofdstuk moet je beoordelen of ze hun werk goed gedaan hebben.

Gelukkig is het boek van 8 tot 198 jaar en mag ik zelf ook meedoen... Je handen gaan namelijk vanzelf kriebelen om aan de slag te gaan. De opdrachten zijn soms best moeilijk maar alles bij elkaar is het een geweldig leuk Doe boek.  De afbeeldingen speels en de opzet is bijzonder. Echt een heerlijk boek om mee te nemen op vakantie.


ISBN 9789401444781 | Hardcover met bindelastiek | 96 pagina's | Uitgeverij Lannoo |  juni 2017

© Dettie, 10 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Waarom je eigen scheten soms niet zo erg stinken!
en andere weetjes over eten in je lijf
illustraties Elly Hees
tekst: Esther Walraven


Van hap tot poep, dat is het waar het in feite om draait in dit boek.  Ons wordt o.a. vanaf het moment dat je iets eet tot het moment dat je naar de wc gaat haarfijn uitgelegd wat er allemaal in je lijf gebeurt en vooral waarom dat zo werkt.


Elke keer als je een bladzijde omslaat zie je dan ook een zin staan dat begint met het woord waarom. Waarom je eet, waarom je tanden en kiezen hebt, waarom er spuug in je mond zit, waarom je trek krijgt als je een tijdje niet gegeten hebt, waarom poep stinkt, waarom poep bruin is... want je eet toch oranje sinaasappels, groene sla? 


Elke keer volgt na deze opmerking een korte maar heldere uitleg en de afbeeldingen en tekeningen erbij maken het helemáál makkelijk om alles te snappen. Ook staan er bij elk onderwerp één of meer Wist je dat... ballonnetjes. Bijvoorbeeld:


         Wist je dat...    
je blaas, net als een ballon,
kan uitrekken als er meer
 plas in komt? In totaal
past er net zoveel in als
  in twee limonade-
glazen.

Alle 'Waarom' constateringen hebben met eten en drinken te maken. Variërend van waarom je gaat boeren van cola, waarom plas helemaal niet vies is, waarom je niet elke dag hetzelfde kunt eten - gevolgd door een uitleg over de schijf van vijf - tot waarom het ene vet het andere niet is, waarom je niet zonder drinken kan, waarom je dik wordt van te veel eten, waarom je best zonder vlees kan, waarom lekker eten meestal niet gezond is, waarom smaken verschillen, waarom je niet alles rauw kunt eten. Maar ook waarom Moslims vasten, waarom veel mensen in Azië met stokjes eten, waarom niet iedereen alles kan eten (over voedselallergie), waarom je soms misselijk bent, waarom baby's alleen melk drinken, enz. enz. enz. Het is allemaal heel interessant om te lezen.

Bij al deze uitleg staan ook regelmatig kleine opdrachtjes zoals, hoeveel boterhammen heb je nodig om een uurtje te kunnen voetballen, wandelen, lezen, zwemmen etc. of zoek de verschillen in twee getekenden plaatjes van een supermarkt of aangeven wat mensen in welke landen eten. En nog veel meer dingen die je kunt beantwoorden. De oplossingen staan achter in het boek.

Dankzij de heldere kleuren, de toegankelijke taal en de humoristische tekeningen is het een heel sprankelend boek geworden waaruit je veel kunt leren. Het lijkt me ook een uitstekend boek om een spreekbeurt over te houden en misschien kun je dan gezonde chips meenemen om te laten proeven, want de recepten voor fruitchips en gezonde aardappelchips staat ook in dit boek.
Kortom, een fantastisch boek vol goede informaties, weetjes en tips rond eten en je lijf.

Zie ook het inkijkexemplaar


ISBN 9789000352470 | Hardcover | 109 pagina's | Uitgeverij Unieboek | Het Spectrum | maart 2017
Afmeting 20,5 x 20,8 cm | leeftijd 8-12 jaar

© Dettie, 4 april 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Mijn lieve vergeetopa
illustraties: Els Vermeltfoort
tekst: Ilona Lammertink


In dit mooie, ontroerende verhaal ontdekt Melle dat zijn Opa Kapitein verandert en dat vindt hij moeilijk, want zijn opa is de leukste opa van de wereld.


Elke keer als Melle naar Opa Kapitein ging dan liepen ze samen naar opa's schuurtje waar opa zijn schilderijen maakte. Opa schilderde altijd allerlei soorten boten zoals zeilboten met bolle zeilen of grote vrachtboten. Maar het was niet voor de schilderijen dat ze in het schuurtje gingen zitten. Nee, opa vertelde daar altijd zijn verhalen over de tijd dat hij nog vaarde. Opa zette dan zijn kapiteinspet op en pakte zijn verrekijker, zodat alles nog veel echter werd. Opa tuurde dan door zijn verrekijker alle schilderijen af tot hij stopte bij een van zijn zelf geschilderde schepen. Over dát schip zou het verhaal dan gaan. Melle vond de verhalen helemaal geweldig.  En altijd als het verhaal afgelopen was dan zongen ze samen hun zeemansliedje en hadden ze dikke pret.


Maar de laatste tijd doet opa wel een beetje vreemd, de ene keer is hij de weg kwijt, de andere keer gaan ze naar de hertjes maar dan eet opa het oude brood zelf op. Maar dat geeft niet vindt Melle, want opa blijft de allerliefste, geweldigste opa die er is.


En dan komt de dag dat papa en mama aan Melle vertellen dat opa ziek is, vergeetziek. Melle kan het nauwelijks geloven. Zijn opa? Opa die zoveel vertelt over zijn reizen? Opa die altijd zegt dat hij een schatkamertje vol herinneringen in zijn hoofd heeft, die opa is vergeetziek? Dat kan niet!
Maar helaas het is waar. Als Melle weer bij opa is, weet hij zelfs niet wie Melle is! Melle is boos en verdrietig tegelijk. Zijn lieve, leuke opa mag helemaal niet ziek zijn.


Maar Melle geeft niet op. Als hij opa bezoekt in het verpleeghuis, waar hij nu een kamer heeft en waar allemaal mensen met de vergeetziekte wonen, dan heeft Melle iets bij zich wat hij helemaal zelf gemaakt heeft... Vol spanning geeft hij het aan opa, en toen...
En toen had ik kippenvel, wat een geweldig goed, mooi en lief idee van Melle!


Ilona Lammertiink heeft al veel boeken voor kinderen geschreven waarin op een heldere en liefdevolle manier een probleem behandeld wordt en opnieuw weet ze de juiste toon te treffen. Op een verhalende maar toch informatieve manier vertelt ze aan kinderen wat er gebeurt met iemand die dement wordt. Kinderen zullen dit verhaal heel goed begrijpen en snappen dat hun opa of oma er ook niets aan kunnen doen.

Bij dit verhaal heeft Els Vermeltfoort warm gekleurde, toelichtende afbeeldingen gemaakt waardoor het verhaal je nog meer aanspreekt.

Achterin het boek staat veel informatie over dementie en wordt toegelicht hoe ouders of leerkrachten dementie aan kinderen kunnen uitleggen. Dat is belangrijk omdat ze anders mogelijk zelf naar - verkeerde - antwoorden gaan zoeken of verkeerde conclusies trekken als ze zien dat er iets vreemds aan de hand is met opa of oma.  Er staat bijvoorbeeld wat een kind kan voelen als iemand waar ze veel van houden dement wordt. Ook staat er een lijstje symptomen waaraan je kunt merken dat de hele toestand een kind teveel wordt en vooral wat je er dan aan kunt doen. En zo staat er nog veel meer informatie op de 2 grote pagina's vol uitleg, tips en toelichting. Een prima boek!


ISBN 9789044828894 | Hardcover | 29 pagina's | Clavis Uitgeverij | januari 2017
Formaat: 29,7 x 21,6 cm | Leeftijd 5+

© Dettie, 1 maart 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Knip je eigen beesten
Loes Riphagen


De illustrator en schrijfster Loes Riphagen is inmiddels een begrip in kinderboekenland. Ze heeft een heel eigen stijl die vooral in haar mooie boek Bij de neus genomen tot zijn recht kwam. Voor dat boek gebruikte ze een bijzondere collagetechniek zoals ze in een filmpje laat zien. Ze tekent alle figuurtjes, knipt ze dan uit en plakt ze op een groot vel papier tot ze de hele afbeelding klaar heeft.
Dankzij dit boekje kun je de beesten uit Bij de neus genomen nu ook zelf maken. Als je ze allemaal maakt heb je een afbeelding vol dieren en planten die in de jungle leven en groeien.

Natuurlijk laat Loes Riphagen als eerste zien wat je nodig hebt om al die dieren te maken. Natuurlijk zijn papier, potloden, lijm en een schaar het allerbelangrijkste. Maar je kunt nog veel meer erbij gebruiken als je dat wilt, zoals verf, inkt, ecoline een fine-liner etc.
Ze vertelt wat over kleuren, oranje is warm, blauw is koel, roze is zacht en lief. Met kleuren kun je de dieren al een karakter geven. Gevaarlijke dieren kun je bijvoorbeeld donkerpaars maken of zwart. En zo vertelt ze heel in het kort nog een paar dingetjes waarmee je o.a. de afbeeldingen en dieren een bepaalde sfeer kunt geven.

Daarna komt het eerste dier aan bod en dat is het lieveheersbeestje omdat die van die fijne ronde vormen heeft die niet zo moeilijk om uit te knippen zijn. We zien alle onderdelen die geknipt moeten worden op de linkerbladzijde staan. Die kun je overtrekken of natekenen en dan het lijfje, vleugeltjes en dergelijke plakken zodat het een compleet lieveheersbeestje wordt. Door de laagjes krijg je een leuk en speels effect.


En zo kun je allerlei dieren maken zoals een kaketoe met mooie kuif, een egel met een flinke berg stekels op zijn rug, een grappige aap die een beetje scheel kijkt, een gezellige ronde mol die uit de grond kruipt, een heuse cheeta!, een olijke olifant, een tokkelende specht, een lieve giraf, een glimlachende krokodil met mooie tanden, een slome kameel en allemaal bomen en planten.
Helemaal achterin het boekje zien we alle dieren bij elkaar.


De afbeeldingen zijn in zwart-wit afgedrukt zodat je zelf alle kleuren van de dieren en planten kunt bedenken. Het boekje is 22 x 17 cm dus de dieren zijn niet heel groot, soms zal het plakken en knippen daarom een beetje priegelwerk zijn, maar dat is ook wel weer spannend. En het resultaat is wel heel erg leuk. Echt iets om trots op te zijn.

Een leuk boekje om te kopen of cadeau te geven, voor de prijs hoef je het zeker niet te laten.


ISBN 9789026142314 | Paperback | 40 pagina's | Uitgeverij Fontein | 27 september 2016
Afmeting 22,1 x 17,2 cm met zwart-wit illustraties | Leeftijd 5 -12 jaar

© Dettie, 26 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altWonderlijke weetjes en fascinerende feiten over de ridders
Sarah Devos


Professor Kleinbrein en zijn intelligente konijn gaan ons deze keer allerlei wonderlijke weetjes en fascinerende feiten vertellen over ridders. Ridders waren er in de tijd van de Middeleeuwen, tussen ongeveer de jaren 500 en 1500. 
Kon in het begin iedereen ridder worden die het geld had om een paard en een uitrusting te kopen, later werd je alleen tot ridder geslagen als je vader en diens vader ook ridder waren.


Er werd nogal wat gevochten in deze eeuwen, over land, of gewoon omdat er om de een of andere reden ruzie was.  In 800 was er Karel de Grote, die ook heel wat strijd had moeten leveren om een rijk te vormen dat zo groot was als het zijne. En binnen dat rijk moest de orde gehandhaafd blijven, dus ridders (= vechtersbazen) bleven nuttig. Je had ook niet zo veel keuze in die tijd: Er was maar één koning of keizer. Hij verdeelde zijn land onder graven en hertogen, die zijn leenmannen waren. Deze leenmannen konden zelf ook weer hun land onderverdelen oftewel verpachten.


Als je niet bij deze rijkere stand hoorde, dan kon je geestelijke worden, of handelaar. Misschien had je het dan beter dan de horigen, die het land moesten bewerken: de boeren.  Zij werkten als slaven, hadden niets te vertellen. Hun leven was troosteloos: hard werken voor een hongerloon in een land dat niet veilig was. Je kon als boer soms een centje bijverdienen door in het leger te gaan, dan woonde je vaak wel binnen de veilige muren van een kasteel. Zo wordt uitgelegd wat het feodale stelsel was, waarbij meteen vermeld wordt dat mensen in die tijd vaak niet ouder werden dan 45 jaar.


Natuurlijk kwam er meer bij kijken om ridder te zijn: er wordt van alles verteld over de uitrusting, hun wapens, en hoe je van page, via schildknaap, eindelijk ridder werd. Jongens werden vanaf hun zevende jaar als page ondergebracht bij een andere kasteelheer, zoals ook de meisjes op die leeftijd naar een ander kasteel werden gebracht om te leren hoe ze hofdame konden zijn.
Er wordt uitgelegd hoe het zit met de heraldiek, de familiewapens. Hoe de kastelen veranderden door de eeuwen heen, en hoe het leven van een ridder er uit zag. In een tijd van vrede waren er toernooien en jacht, of men ging op bedevaart, maar vaker moest er gevochten worden: in de oorlog of op kruistocht.


Dit alles en nog veel meer kun je lezen in dit leuke informatieve boekje. Er zijn leuke humoristische tekeningen, en de toon waarop verteld wordt is persoonlijk gericht tot de jonge lezer. Zo kom je bijvoorbeeld te weten waarom wenteltrappen altijd naar rechts draaien en wat hordijzen zijn.
Een erg leuke manier om heel veel te weten te komen!


ISBN 9789401435062 | Hardcover | 121 pagina's | Uitgeverij Lannoo | september  2016
Illustraties van Heleen Brulot | Leeftijd vanaf 9 jaar

© Marjo, 13 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER