Non-fictie jeugd

3D knip & kleurboek seizoenen
Anouck Boisrobert


Een boek om in te kleuren én te knippen! Letterlijk! Dat is nog eens bijzonder!


De titel geeft al aan wat er te kleuren en te knippen valt maar hoe en wat het resultaat wordt, zien we pas als het helemaal klaar is. Want voor iedereen zal dat heel verschillend uitpakken.


We maken in feite, in het boek zelf, een 3D schilderijtje van elk seizoen, te beginnen met de winter. De afbeeldingen van dat schilderijtje kunnen we eerst inkleuren, dat hoeft natuurlijk niet maar het maakt het geheel wel leuker.  Stap voor stap, wordt precies uitgelegd wat we kunnen doen en vooral waar we wel of niet moeten knippen.


De winterafbeelding begint met het frame ofwel de lijst van het schilderijtje, we zien die lijst afgebeeld op een pagina met in het midden een gat. Dat gat is er niet voor niets want daar beginnen we te knippen, naar het frame toe, zodat het frame van ons schilderijtje heel blijft.
Dan slaan we de bladzijde om en zien we de eerste afbeelding die ons 3D kunstwerkje gaat vullen. Ook dat kunnen we eerst inkleuren. Aan de achterkant van deze afbeelding zien we precies waar we moeten knippen. En zo gaan we door naar de volgende pagina's.
Het wintertafereeltje bestaat in totaal uit negen lagen, inclusief een mooie achtergrond van een lucht vol met dwarrelende sneeuwvlokken.
Het resultaat is echt heel apart. Er zit enorm diepte in het vrolijke winterlandschapje.


Het knipwerk is niet moeilijk, je moet alleen soms even extra opletten als je iets een klein beetje moet inknippen, zoals takken van een boom. Maar ook dat is heel goed te doen. En knip je per ongeluk toch iets verkeerd dan kun je het schilderijtje altijd 'restaureren' met een beetje plakband aan de achterkant van de afbeelding. Niemand die het ziet!  En zo kun je van alle vier de seizoenen, je eigen unieke 3D schilderijtjes maken.
Op dit filmpje, kun je precies zien hoe het moet én natuurlijk het eindresultaat, leuk is het hè.
Ik weet tenminste al wat ik deze winter ga doen!


ISBN 9789492168108 | paperback met flappen | 95 pagina's | Uitgeverij Karmijn | november 2016
vertaald door Jannemieke van Ittersum | Afmeting 25,2 x 25 cm | Leeftijd 5+

© Dettie, 6 december 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altPaardrijden, zo doe je dat!
Caroline Stamps


Het uitgangspunt voor dit boek is kinderen die er over denken om paard te gaan rijden te informeren over alles wat daar bij komt kijken. ‘Een goede ruiter is voorbereid’.


Het belangrijkste is het om te weten met wie je te maken hebt: het paard, een edel dier, intelligent en gevoelig.  Wat voor paard zou bij jou die gaat rijden passen: er wordt besproken wat voor rassen er zijn, hoe een paard de wereld ziet, en op welke manier hij communiceert.  


Een beginnende ruiter start waarschijnlijk op een manege. Ook daar wordt over verteld: over de eerste les. En vooral over hoe je al die attributen die ze daar hebben moet gebruiken bij de verzorging van je paard. Het is wel duidelijk dat je meer tijd kwijt bent met dat verzorgen dan met rijden! Voor je klaar bent met de verschillende soorten borstels, de spons en het zweetmes, de roskam en de hoevenkrabber!  Het zweetmes - ik had er nog nooit van gehoord - dat dient om het zweet te verwijderen na een inspanning. Het heet mes, maar ziet er heel anders uit.  Terwijl je het dier verzorgt leer je je paard, je maatje, kennen. In het hoofdstuk over de eerste les wordt precies uitgelegd hoe je moet gaan zitten, en hoe je kunt blijven zitten. Wat draf, galop en zo allemaal is.


Het boek is handig onderverdeeld - met een inhoudsopgave - en ieder hoofdstuk is voorzien van mooie en vooral ook duidelijke foto’s. Grote bladvullende foto's met kleinere die details laten zien. Je vindt er aanwijzingen hoe je het beste met het paard om kunt gaan, en tegelijk leer je heel veel over het dier zelf. Het boek is dus ook heel handig als je een werkstuk wil maken. Er zijn geen grote lappen tekst, maar korte informatieve stukjes, in duidelijke taal.  Er staat van alles in bijvoorbeeld over dressuur, over westernrijden en nog andere manieren van rijden. Leuk ook: hoe je je paard mooi maakt voor een show.

Dit boek is bijna compleet: over de kosten wordt niet gesproken, niet over dier ten behoeve van het paard zelf en al die attributen, maar ook niet over een dierenarts. Ook over fokken wordt niets verteld, maar dat lijkt me dan weer logisch als het boek bedoeld is voor een beginnende ruiter.
Achterin vind je een verklarende woordenlijst.


De conclusie van de schrijver, die ik onderschrijf, is: behandel je paard op de juiste manier en geniet!


ISBN 9789089418401 | Hardcover | 64 pagina's | Uitgeverij Baeckens |  augustus 2016
Vertaald uit het Engels | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 20 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De Woordenwolkjes-
machine

illustraties: Sofie Vanlishout
tekst: Kato Polfliet


Kamiel is heel erg moe. Hij vraagt mama om een glas water, maar tot zijn grote schrik komen de woorden in stukjes uit zijn mond! Het lijkt wel of ze vastzitten. Als hij eenmaal in bed ligt gebeurt het weer. Sssssslaap zacht mama, zegt hij met veel moeite.


Gelukkig is Kamiel zo moe dat hij in al gauw in slaap valt. Maar ook in zijn droom zijn die rare woorden zijn hoofd nog niet uit, want hij ziet een enorme machine die woordenwolkjes uit de lucht plukt. Alleen de goede woordjes mogen geplukt worden, vertellen de woordplukkers Flor en Fin. Zij geven Kamiel ook de woorden in zijn mond. 'Ik ben Kamiel' zegt hij tot zijn eigen verrassing ineens. Kamiel vindt het geweldig.
De mannetjes plukken en plukken en Kamiel vertelt en vertelt, totdat... er ineens weer een woord in stukjes uit zijn mond komt. Kamiel schrikt er opnieuw van, hoe kan dat nou?

Flor stelt Kamiel gelijk gerust, er is niets aan de hand, het komt door de machine, die hapert soms. Grote mensen noemen die haperingen ook wel stottertjes. Maar in Flors wereld noemen ze die toverwoordjes. Flor vertelt welke soorten toverwoordjes er allemaal zijn en hoe je ze weg kunt toveren. Kamiel vindt het helemaal geweldig en dan... is de woordenwolkjesmachine weg en hoort Kamiel zijn moeder vragen of alles oké is.
Kamiel lacht, Mama moest eens weten wat hij nu allemaal kan!


Een prettig prentenboek waarin op een speelse manier over stotteren verteld wordt.  Het jongetje Kamiel leert veel dankzij Flor en Fin en hun mooie machine. De schrijfster Kato Polifiet weet waarover ze het heeft want ze is logopedist en stottertherapeut.  Achterin het boek geeft zij interessante en nuttige informatie over stotteren, hoe het kan dat kinderen stotteren, wanneer je wel of niet spreekt over een stotterprobleem, wat de omgeving kan doen om degene die stottert te helpen, wat stottertherapie is en als laatste, allemaal adressen waar je informatie of hulp kunt vinden voor mensen die stotteren.


De gekleurde afbeeldingen ondersteunen het verhaal en zijn helder en duidelijk.


Het boekje is er een uit de BIJDEHAND serie, dat staat voor kleurrijke prentenboeken, die kinderen, ouders en opvoeders bij de hand nemen om moeilijkere thema’s bespreekbaar te maken. Prima boekje!


ISBN 97890444828009 | Hardcover | 27 pagina's | NUR 273 | Uitgeverij Clavis | september 2016
Formaat 21 x 29 cm | leeftijd 5+

© Dettie, 2 oktober 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer

 

Dus jij en mama hebben het gedaan?!
illustraties: Anke Kuhl
tekst: Katharina von der Gathen


101 kindervragen over seks


In het voorwoord schrijft Katharina von der Gathen dat de vragen daadwerkelijk door kinderen van de basisschool gesteld zijn. Ze mochten hun vraag  op een papiertje schrijven en in een doos doen. Zonder hun naam erbij te schrijven. De belofte was: Op alle vragen komt een antwoord. De belangrijkste vragen kun je terugvinden in dit blok - het boek slaat namelijk open als een kladblok -.


De vragen zijn heel gevarieerd, en vaak heel rechtstreeks. Je kunt het zo gek niet bedenken of het wordt wel gevraagd.
Zo vraagt een kind bijvoorbeeld: Hoe lang wordt een piemel?  - De tekening daarbij is overigens geweldig, je ziet een jongen staan met een piemel die als een boa constrictor om zijn lijf gekronkeld zit. - Het antwoord is serieus, direct en helder.

Mooie vragen zijn ook:
- Waarom wordt een vagina poes genoemd. (Ook hier is de bijbehorende afbeelding weer geweldig. )
- Waarom hangen borsten naar beneden?
- Moet je van seks lachen?
- Wanneer doen ze het eigenlijk?
- Kun je met je billen of met je oor ook seks hebben?
- Kan een baby in de buik een scheet laten?
- Waarom doet een bevalling zo zeer?
- Hoe komt melk uit de borsten?
- Kan een oma kinderen krijgen? (met een afbeelding van een hoogzwangere zeer oude vrouw met wandelstokje)
- Kunnen kinderen homo zijn?
- Kun je onder water vrijen
- Waarom word je verlegen als je iemands penis of vagina ziet?
- Schamen mensen zich niet als ze seks hebben?


En zo zijn er in totaal 101 vragen rond onderwerpen als hormonen, seks, kinderen krijgen, pubertijd en puberteit enz. Soms staan het briefje met de vraag erbij afgebeeld inclusief doorhalingen en fouten. (kunne dieren hoomoo zijn?, Hoe groot is een zaatje? Zijn kinderen slim na de geboorten?))

Op alle vragen wordt een kort, serieus en deskundig antwoord gegeven. De gekleurde afbeeldingen erbij zijn erg humoristisch, het maakt dat je regelmatig met een brede grijns zit te lezen.  Omdat de vragen zo speels gebracht worden, is het ook makkelijker om de verlegenheid en taboesfeer rond dit onderwerp te overwinnen.

Kortom een uitstekend bokje/blok voor kinderen vanaf 8 jaar die een eerlijk en goed antwoord op al hun vragen willen hebben.


ISBN 9789025760588 | Hardcover | 112 pagina's | Uitgeverij Gottmer | juni 2015
Afmeting: 15 x 19 cm | Vertaald door Esther Ottens | Leeftijd 8+

© Dettie, 21 september 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Bewaren

Bewaren

 

altRivieren, zeeën en oceanen
Mack


Met de serie Wondere Wereld heeft de uitgeverij een prachtserie te pakken!


Dit boek vertelt over zeeën en rivieren, eigenlijk over alles in onze natuur waar zich water bevindt, en dat op een heel duidelijke manier. Het is een serie die gemaakt is voor kinderen. Die kunnen er dan ook heel goed mee uit de voeten: mooie foto’s, duidelijke tekst.


Alleen maar informatie geven, hoe interessant ook, is tegenwoordig niet meer genoeg en de schrijver heeft zich dat terdege gerealiseerd: De foto’s zijn ‘opgeleukt’ met stripachtige figuurtjes, er is bijvoorbeeld een vis met een lampje!
Ieder hoofdstuk, dat twee behapbare pagina’s beslaat, heeft steeds een klein extra informatiegedeelte heeft over een onderwerp dat zijdelings verband houdt. En aan het eind staat een klein quizvraagje met eveneens een striptekeningetje. Soms moet je dan echt de tekst goed begrepen hebben, om het antwoord te kunnen geven, soms is het ook een kwestie van goed kijken, of tellen.


Wie meer te weten wil komen over rivieren, beken en andere waterstromen, geniet van alle informatie. Hoe komt het dat water op deze plek zoet is, maar daarginds juist zout, en wat is dan brak water? Natuurlijk komen er ook dieren aan de orde, waarom bijvoorbeeld olifanten niet zonder water kunnen. Wat is eb en vloed? Beroemde en bijzondere rivieren worden benoemd, en er wordt verteld over beroemde waterplekken als de Dode Zee, maar ook Bangkok. Wat die stad met water heeft?Tja, dan zal je het boek moeten lezen...


En dan stuiten we op het enige minpuntje: er zijn geen pagina-aanduidingen en dus ook geen inhoudsopgave. Wel zijn er handige overzichtkaartjes, zodat je steeds kan zien waar de plek waar het over gaat zich bevindt. 


Toen Mack zelf nog klein was zat hij altijd te tekenen. Later, na school, is hij eerst schrijver geworden. Maar tekenen is natuurlijk veel leuker. Daarom ging hij in 1995 naar de kunstacademie in Den Haag.
Voor Diergaarde Blijdorp illustreert Mack veel dieren. Hij tekent ze niet na, maar probeert hun karakter vast te leggen in simpele lijnen.

ISBN  9789044827415 | Hardcover| NUR 228 | 80 pagina's | Uitgeverij Clavis | juni 2016
Formaat 25 x 28 cm | Leeftijd vanaf 5 jaar.

© Marjo, 23 juli 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De arend
Renne


In dit derde deel uit de serie Wilde dieren in de natuur wordt het leven en gedrag van de steenarend besproken. Gelijk als we het boek openslaan zien we afbeeldingen die de ontwikkeling van deze arend, van lief wit pluizig kuikentje tot volwassen vogel toont. 


Vervolgens lezen en zien we op de gekleurde en gedetailleerde illustraties waar deze arend woont, namelijk in de bergen. We zien hem o.a. vliegen en bovenop een bergtop zitten waarvandaan hij alles in de gaten houdt. Op de volgende twee pagina's wordt alles over de bouw van de arend verteld en zo komen we te weten dat zijn vleugels uitgestrekt wel 2.20 meter lang zijn! Hij wordt niet voor niets 'de machtigste vogel van de bergen' genoemd. Aan het uiteinde van zijn snavel zit een haakje en de randen zijn heel scherp. Ook zijn klauwen zijn zo scherp als een mes...


We lezen dat een arend niet gauw zal vechten met een andere arend en hij blijft zijn hele leven bij één vrouwtje. We zien hoe de arend danst om zijn vrouwtje te veroveren, ze grijpen soms zelfs elkaars poten vast om samen door de lucht te zwieren!
Ook wordt precies uitgelegd hoe ze hun nest bouwen en hoe ze later hun jongen verzorgen. Arenden eten het liefst marmotjes... maar ook konijn of andere knaagdieren, reptielen, kleine vogels en heel soms een lammetje of een berggeitje maar die zijn vaak al ziek.


Er wordt nog veel meer verteld, zoals wie zijn vijanden zijn, welke soorten arenden er zijn, hoe de jongen opgroeien en wanneer ze uitvliegen enz.
De getekende illustraties geven een goed, helder beeld bij al die informatie.


'Voor alle natuurliefhebbers vanaf 5 jaar' staat op de cover te lezen, maar die leeftijd vind ik persoonlijk wat te laag. De gebruikte woorden in de, overigens duidelijke, tekst zijn voor die leeftijd nog te moeilijk. Hoewel achterin het boek wel een woordenlijst staat onder de titel 'leuke woordjes om te leren' waarin aan aantal van de gebruikte moeilijke woorden worden uitgelegd.
Geïnteresseerde kinderen vanaf een jaar of zeven zullen zeker enorm genieten van dit boek. Het is ook uitstekend te gebruiken om er een spreekbeurt mee voor te bereiden.
Een mooi verzorgd, informatief boek.


ISBN 9789044827460 | Hardcover | 27 pagina's | NUR 223 | Uitgeverij Clavis | juni 2016
Afmeting 26,9 x 25,7 cm | Leeftijd 5-7+

Dettie, 8 juli 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Knip je eigen beesten
Loes Riphagen


De illustrator en schrijfster Loes Riphagen is inmiddels een begrip in kinderboekenland. Ze heeft een heel eigen stijl die vooral in haar mooie boek Bij de neus genomen tot zijn recht kwam. Voor dat boek gebruikte ze een bijzondere collagetechniek zoals ze in een filmpje laat zien. Ze tekent alle figuurtjes, knipt ze dan uit en plakt ze op een groot vel papier tot ze de hele afbeelding klaar heeft.
Dankzij dit boekje kun je de beesten uit Bij de neus genomen nu ook zelf maken. Als je ze allemaal maakt heb je een afbeelding vol dieren en planten die in de jungle leven en groeien.

Natuurlijk laat Loes Riphagen als eerste zien wat je nodig hebt om al die dieren te maken. Natuurlijk zijn papier, potloden, lijm en een schaar het allerbelangrijkste. Maar je kunt nog veel meer erbij gebruiken als je dat wilt, zoals verf, inkt, ecoline een fine-liner etc.
Ze vertelt wat over kleuren, oranje is warm, blauw is koel, roze is zacht en lief. Met kleuren kun je de dieren al een karakter geven. Gevaarlijke dieren kun je bijvoorbeeld donkerpaars maken of zwart. En zo vertelt ze heel in het kort nog een paar dingetjes waarmee je o.a. de afbeeldingen en dieren een bepaalde sfeer kunt geven.

Daarna komt het eerste dier aan bod en dat is het lieveheersbeestje omdat die van die fijne ronde vormen heeft die niet zo moeilijk om uit te knippen zijn. We zien alle onderdelen die geknipt moeten worden op de linkerbladzijde staan. Die kun je overtrekken of natekenen en dan het lijfje, vleugeltjes en dergelijke plakken zodat het een compleet lieveheersbeestje wordt. Door de laagjes krijg je een leuk en speels effect.


En zo kun je allerlei dieren maken zoals een kaketoe met mooie kuif, een egel met een flinke berg stekels op zijn rug, een grappige aap die een beetje scheel kijkt, een gezellige ronde mol die uit de grond kruipt, een heuse cheeta!, een olijke olifant, een tokkelende specht, een lieve giraf, een glimlachende krokodil met mooie tanden, een slome kameel en allemaal bomen en planten.
Helemaal achterin het boekje zien we alle dieren bij elkaar.


De afbeeldingen zijn in zwart-wit afgedrukt zodat je zelf alle kleuren van de dieren en planten kunt bedenken. Het boekje is 22 x 17 cm dus de dieren zijn niet heel groot, soms zal het plakken en knippen daarom een beetje priegelwerk zijn, maar dat is ook wel weer spannend. En het resultaat is wel heel erg leuk. Echt iets om trots op te zijn.

Een leuk boekje om te kopen of cadeau te geven, voor de prijs hoef je het zeker niet te laten.


ISBN 9789026142314 | Paperback | 40 pagina's | Uitgeverij Fontein | 27 september 2016
Afmeting 22,1 x 17,2 cm met zwart-wit illustraties | Leeftijd 5 -12 jaar

© Dettie, 26 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altWonderlijke weetjes en fascinerende feiten over de ridders
Sarah Devos


Professor Kleinbrein en zijn intelligente konijn gaan ons deze keer allerlei wonderlijke weetjes en fascinerende feiten vertellen over ridders. Ridders waren er in de tijd van de Middeleeuwen, tussen ongeveer de jaren 500 en 1500. 
Kon in het begin iedereen ridder worden die het geld had om een paard en een uitrusting te kopen, later werd je alleen tot ridder geslagen als je vader en diens vader ook ridder waren.


Er werd nogal wat gevochten in deze eeuwen, over land, of gewoon omdat er om de een of andere reden ruzie was.  In 800 was er Karel de Grote, die ook heel wat strijd had moeten leveren om een rijk te vormen dat zo groot was als het zijne. En binnen dat rijk moest de orde gehandhaafd blijven, dus ridders (= vechtersbazen) bleven nuttig. Je had ook niet zo veel keuze in die tijd: Er was maar één koning of keizer. Hij verdeelde zijn land onder graven en hertogen, die zijn leenmannen waren. Deze leenmannen konden zelf ook weer hun land onderverdelen oftewel verpachten.


Als je niet bij deze rijkere stand hoorde, dan kon je geestelijke worden, of handelaar. Misschien had je het dan beter dan de horigen, die het land moesten bewerken: de boeren.  Zij werkten als slaven, hadden niets te vertellen. Hun leven was troosteloos: hard werken voor een hongerloon in een land dat niet veilig was. Je kon als boer soms een centje bijverdienen door in het leger te gaan, dan woonde je vaak wel binnen de veilige muren van een kasteel. Zo wordt uitgelegd wat het feodale stelsel was, waarbij meteen vermeld wordt dat mensen in die tijd vaak niet ouder werden dan 45 jaar.


Natuurlijk kwam er meer bij kijken om ridder te zijn: er wordt van alles verteld over de uitrusting, hun wapens, en hoe je van page, via schildknaap, eindelijk ridder werd. Jongens werden vanaf hun zevende jaar als page ondergebracht bij een andere kasteelheer, zoals ook de meisjes op die leeftijd naar een ander kasteel werden gebracht om te leren hoe ze hofdame konden zijn.
Er wordt uitgelegd hoe het zit met de heraldiek, de familiewapens. Hoe de kastelen veranderden door de eeuwen heen, en hoe het leven van een ridder er uit zag. In een tijd van vrede waren er toernooien en jacht, of men ging op bedevaart, maar vaker moest er gevochten worden: in de oorlog of op kruistocht.


Dit alles en nog veel meer kun je lezen in dit leuke informatieve boekje. Er zijn leuke humoristische tekeningen, en de toon waarop verteld wordt is persoonlijk gericht tot de jonge lezer. Zo kom je bijvoorbeeld te weten waarom wenteltrappen altijd naar rechts draaien en wat hordijzen zijn.
Een erg leuke manier om heel veel te weten te komen!


ISBN 9789401435062 | Hardcover | 121 pagina's | Uitgeverij Lannoo | september  2016
Illustraties van Heleen Brulot | Leeftijd vanaf 9 jaar

© Marjo, 13 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het coolste vriendenboek ter wereld
Brunhilde Borms en Eva Mouton (ill)


Onvermijdelijk in iedere klas; vriendenboekjes die eindeloos de ronde doen in vriendengroepen. Met  bijna altijd dezelfde standaard vragen… wat zijn je hobby’s, wat is je lievelingseten enz.. Dit boekje pakt het net iets anders aan. Het principe is hetzelfde, je geeft het boekje aan een van je vrienden, maar die beantwoordt geen standaard vragen, maar kiest één vraag en één opdracht, verdeeld over twee pagina’s.


Bijvoorbeeld:

-          Wat hebben we het laatst samen gegeten en
           waar was dat?


-          Welke titel zou het boek hebben waarin wij de
           hoofdpersonages zijn.


-          Noteer hier de laatste twee berichtjes die wij
           elkaar gestuurd hebben.


-          Wel liedje past bij onze vriendschap


-          Waar hebben wij onlangs heel erg om gelachen


-          noteer hier het recept van het gerecht wat jij het
           liefst maakt. Geef er het boodschappenlijstje bij.


-          Ontwerp hier het huis waar je later graag wilt
           wonen en plak (ander opdrachtvak) hier enkele
           afbeeldingen op schetsen van hoe het er
           binnen uit zal zien.


-          Ontwerp een stripfiguur.


-          Maak een fanpagina over iemand die
           je bewonderd


-          Maak een filmaffiche voor een film die je
           iedereen aanbeveelt


Het boek hoeft niet op volgorde ingevuld, iedereen mag zelf een vraag en opdracht uitzoeken die hij leuk vindt. Alle vragen en opdrachten komen twee keer voor in het boek en er is ruimte om te tekenen, plakken, knippen of knutselen, zodat het boekje er als het goed is, op het laatst uit ziet als een waar kunstwerk.

Daarnaast zijn er voorkeurpagina’s en lijstjespagina’s waar meerdere vrienden hun voorkeuren in kunnen vullen, bijvoorbeeld over hun favoriete stad, dier, sneakers, hoofddeksels, toetjes of groente. Of waar ze kunnen antwoorden op de vraag wat de spannendste momenten zijn die ze ooit beleefd hebben, wat ze heel graag goed zouden willen kunnen, waar ze over dromen, waar ze voor sparen enz..


Eva Mouton maakte de grappige illustraties, waardoor het geheel er vrolijk en uitnodigend uitziet. Een leuk boekje om te geven of te krijgen, met net een originelere insteek dan de doorsnee vriendenboekjes, je vrienden moeten creatiever aan de slag, je komt nog eens wat te weten van de ander en er zitten nog leuke stickers bij ook.


Zie ook het inkijkexemplaar


ISBN 978 94 014 3570 3 | Hardcover | 76 pagina's | NUR 214 | Uitgeverij Lannoo | augustus  2016
Afmeting  24,6 x 17, 6 cm leeftijd tot ca. 12 jaar

© Willeke, 26 september 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

 

altDe oma van mijn oma van mijn oma
hoe het leven vroeger was
Marc  ter Horst


Op een vrolijke omslag zie je drie dames genieten van het leven. Ze schommelen er op los... Als je eenmaal gaat lezen kom je er achter dat het leven van de dames niet altijd over rozen ging.


In de op zich staande hoofdstukjes wordt de jonge lezer aangesproken, waarbij er van uit gegaan wordt dat de grootouders van deze lezer rond 1950 geboren zijn. Hun opa’s en oma’s leefden een halve eeuw eerder, en zo ga je met iedere opa en oma vijftig jaar terug in de tijd. Oma en opa, dat is familie. Hoe zag hun gezin er uit?


Het hoofdstuk heet ‘mijn oma heeft een broer en zus; de oma van mijn oma had drie broers en twee zussen; de oma van mijn oma van mijn oma had drie broers en zeven zussen.’
Maar hoe komt dat dan? Waarom zijn de kinderen van nu ook niet gezellig met z’n veertienen?
Vervolgens wordt uitgelegd dat kinderen geld kosten, maar ook nuttig kunnen zijn, omdat ze kunnen meehelpen in het bedrijf, op de boerderij, van de ouders. En ze kunnen voor de ouders zorgen als die oud worden. Zo dacht men er over in de negentiende eeuw: een groot gezin was toch wel prettig. Kinderen gingen in die tijd ook sneller dood, de medische zorg was niet zo best. Dus was het prettig om meer kinderen te hebben. En - heel belangrijk  -  kinderen kwamen eigenlijk gewoon, je kon dat niet tegenhouden. ‘Ja, dan moet je minder vrijen. Maar dat had niet iedereen zin in’.  En daar was ook het geloof: in de Bijbel staat ‘gaat heen en vermenigvuldigt u.’
Op een heel prettige toon wordt met veel humor verteld hoe het leven was in de tijd van eerdere generaties. Zonder moeilijke woorden te gebruiken, en vooral ook met grappige tekeningen erbij.


Een ander voorbeeld dat kinderen met verbazing zullen lezen gaat over communicatie.
‘Mijn oma stuurt een appje, de oma van mijn oma stuurde een telegram, de oma van de oma van de oma van mijn oma stuurde een brief’
Onvoorstelbaar immers dat je vroeger niet de hele dag op je mobieltje zat te kijken! En dat een vrouw niet eens mocht stemmen in de tijd van de oma van de oma van mijn oma!


En zo komt alles aan de orde: boodschappen doen. Elektriciteit; boeken en andere vrijetijdsbestedingen; reizen en de weg vinden; gezondheid en hygiëne.  Ook de veranderende kijk op het leven, en over andere nationaliteiten die naar ons land kwamen en komen.
En er wordt gerelativeerd: mijn opa vond vroeger alles beter, de opa van mijn opa vond vroeger alles beter  en de opa van de opa van mijn opa vond vroeger alles beter…


Vroeger hè, vroeger… dat waren andere tijden. Het is erg leuk dat kinderen de geschiedenis om deze manier kunnen lezen. Ieder hoofdstuk is als een spannend verhaaltje, je gelooft gewoon niet wat je leest.


Het boek begint met een inhoudsopgave, op zich al leuk vormgegeven, en de tekeningen van Eliane Gerrits zijn zeer geslaagd.

Marc ter Horst (1968) schreef ook 'Hé aardbewoner' (2014) en 'Van oerknal tot robot'* (2015).  Hij studeerde Literatuurwetenschappen en werkt als tekstschrijver voor onder andere websites, musea en educatieve uitgeverijen.


ISBN 9789025765811 | hardcover |96 pagina's | Uitgeverij Gottmer |augustus 2016
Geïllustreerd door Eliane Gerrits. Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 11 september 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Bewaren

 

altDe arend
Renne


In dit weer zeer fraaie boek wordt van alles verteld over de arend.
De afbeeldingen zijn zeer precies uitgevoerde tekeningen die weergeven hoe deze machtige roofvogel er uit ziet: natuurlijk de zeer opvallende snavel (die hier bek wordt genoemd??) en de krachtige klauwen, met vlijmscherpe nagels. En de mooie bruine ‘broek’ die een arend heeft is ook heel duidelijk te zien. Er wordt verteld dat de spanwijdte van zijn vleugels wel 2 meter en twintig centimeter lang kan zijn. Als je je voorstelt dat je zo’n vogel in je huiskamer hebt, krijg je een idee. Een vliegende deur zeggen ze wel eens..
Na een paar pagina’s blijkt het boek te gaan over de steenarend, slechts een van de vele soorten. En die komt nu net in onze contreien niet voor.


De informatie over jongen krijgen, wanneer de jongen uitvliegen, en voor wie de arend zelf bang moet zijn komen voor de meeste soorten wel overeen. Als je het hoofdstuk leest over de prooi van de steenarend, wie de dieren zijn die moeten maken dat ze wegkomen als hij overvliegt, zie je ook veel overeenkomsten. Vossen, konijnen en hazen, hermelijnen, jonge geitjes en lammetjes en meer van dit soort kleine dieren hebben wij ook. Maar in Nederland leven geen marmotten in het wild, en laat dat nou net het lievelingskostje zijn van een steenarend! In België kan je hem wel tegenkomen, nou ja, over zien vliegen.


Er is een hoofdstuk dat gaat over hoe de mens in de loop der tijden deze machtige vogel is gaan vereren. Hij is een mythisch wezen geworden. Er staat een kort regeltje over hoe de arend als symbool staat afgebeeld op schilden van ridders, maar waarom niet vermelden dat hij ook nu nog in vele landen afgebeeld wordt als wapendier?


Als laatste wordt vermeld dat de arend tot de familie van de Accipitridae behoort,  dagroofvogels. En er volgt een rijtje ‘familieleden’ met afbeeldingen, en hier miste ik in het rijtje onze eigen buizerd, en ben even gaan snuffelen:


De Accipitriformes zijn een orde van vogels. De orde telt 4 families met in totaal 260 soorten.
Familie Accipitridae (Havikachtigen)
Familie Cathartidae (Gieren van de Nieuwe Wereld)
Familie Pandionidae (Visarenden)
Familie Sagittariidae (Secretarisvogels)


De havikachtigen (of sperwerachtigen, arendachtigen zijn een familie van vogels uit de orde van de Accipitriformes. Het zijn dagroofvogels. Tot deze familie behoren onder andere de arenden, buizerds, gieren van de Oude Wereld, wouwen, sperwers, haviken en kiekendieven. De familie telt rond de 250 soorten.


Dus de buizerd en de steenarend zijn takken van dezelfde familie, zoals alle in het boek vermelde familieleden, maar de buizerd werd niet belangrijk genoeg bevonden voor een vermelding.


Dit allemaal terzijde. Het is een heel fraai uitgevoerd boek, met verder heel goede informatie.
Want of deze opmerkingen allemaal belangrijk zijn in een boek als dit is natuurlijk de vraag. Het is immers heel duidelijk dat het voor jonge kinderen bedoeld is, je merkt het duidelijk aan de manier waarop de lezer wordt aangesproken. De tekeningen zijn prachtig, en ach, als een jonge lezer zich dezelfde vragen stelt dan is er elders wel extra informatie voorhanden.


ISBN 9789044827460 | Hardcover | 27 pagina's | Uitgeverij Clavis | juni 2016
Leeftijd vanaf 5 jaar

© Marjo, 24 juli 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER