Nieuwe jeugdboekrecensies 6+

altAnnabelleke
illustraties: Monique van Hout
tekst: Miriam Borgermans



Het boek ziet er alvast erg mooi uit. Mooie sprekende kleuren, die uitstekend blijken te passen bij de verhalen, zelfs aanvullend zijn.


Maar de verhalen, tjee, die Annabelleke! Ik heb meelij met de ouders! Zij is een ontzettend stout kind. Origineel, zegt haar vader, die vindt dat je alles moet doen om een kind blij te laten zijn. Maar als je dit boek leest heb je daar wel je bedenkingen bij. Is dit de opvoeding van vandaag de dag? Het wordt namelijk een eigentijds boek genoemd. Gelukkig weet ik beter!

'Toch was Annabelleke als baby’tje lief.
Baby’tjes kunnen niet stout zijn.
Maar baby’tjes groeien.
Hun hersentjes groeien.
Hun scherpe nageltjes groeien.
Ze ballen hun handen tot vuistjes en op een dag…
knijpen ze in je neus!
Zo ging het ook bij Annabelleke.
Annabelleke werd elke dat een beetje meer
brutaal
ondeugend
ongehoorzaam
steeds meer, tot...
Annebelleke HET ALLERSTOUTSTE KINDJE VAN DE HELE WERELD
was geworden.'

Met angst en vrees ziet de familie het meisje en haar ouders op bezoek komen. En ze ervaren iedere keer weer dat hoe ze ook proberen hun dierbare spulletjes veilig te stellen, Annabelleke ze toch iedere keer weer weet te vinden. Dat gaat niet eens expres. Ze heeft gewoon een neus voor de dingen die het stoutst zijn.
En berg je maar als ze iets in haar hoofd heeft gehaald. Ze kan me toch schreeuwen en krijsen, pagina's vol WEEEH!!!


Het is niet eens vreemd dat haar ouders haar steeds haar zin geven (Maar wel zeer onverstandig). De kinderen uit haar klas vinden haar eigenlijk wel leuk: zo gebeurt er nog eens iets! Alleen Diederik, de braafste jongen van de klas, vindt haar verschrikkelijk. En de juffen zijn het met hem eens. Maar ja, ook Annabelleke moet naar school. Naar juf Emma die de ouders vraagt te komen omdat de punten van hun dochter zo laag zijn. Maar Annabelleke heeft de '2' die ze kreeg prachtig versierd, er een mooie zon van gemaakt,en de ouders snappen er niks van: zo'n laag punt voor zo'n prachtige tekening! Wat een domme juf!


Annabelleke is zo ontzettend stout, zo vreselijk stout, dat je het meisje griezelig vindt. Je durft niet in haar buurt te komen. Maar misschien, heel misschien hoeven we nu (na het laatste verhaal in dit boek) niet meer bang te zijn…


Miriam Borgermans (Vught, 1965) is een Vlaamse schrijfster, van zowel verhalen voor volwassenen als Young Adults. En superleuke kinderboeken.
De samenwerking met Monique van den Hout (http://www.moniquevandenhout.nl ) is heel goed gekozen. Het is een boek geworden om van te genieten. Mooi vormgegeven. Ik vraag me wel af: zouden de kinderen die dit lezen door Annabelleke geïnspireerd raken?
Ze zullen het in ieder geval heerlijke verhalen vinden, dat weet ik zeker!


ISBN 9789044827828 | Hardcover | 144 pagina's | Uitgeverij Clavis | september 2017
Om voor te lezen vanaf 5 jaar, om zelf te lezen vanaf 7 jaar.

© Marjo, 7 december 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Ik ben de baas
illustraties: Alex de Wolf
tekst: Arend van Dam


Jacoba woont in een kasteel. Haar vader, Willem, is een ridder en haar moeder is een  gravin. Ze heeft geen broers of zusjes en dat vindt ze niet leuk want daardoor heeft ze niemand om mee te spelen. Van haar ouders mag ze niet met de jongens van het dorp omgaan en die houden juist van die spannende zwaardgevechten met elkaar! 

Als Jacoba vijf jaar is, vertelt haar vader dat hij een prins voor haar gevonden heeft. Prins Jan van Frankrijk. Later zal ze met hem trouwen. Daar is Jacoba helemaal niet blij mee! Dat vindt ze helemaal niets! Toch moet het zegt haar vader. Gelukkig is de prins heel aardig en tien jaar later trouwen ze en zijn ze in Frankrijk zelfs erg gelukkig met elkaar. Maar helaas Jan wordt ziek en gaat dood. Jacoba is heel verdrietig en gaat weer terug naar haar ouders. Maar als ze aankomt is haar vader ook stervende. En zo komt het dat Jacoba even later een vrouw zonder man maar met een groot stuk land en een kasteel is.


Jacoba, inmiddels gravin van Holland en Zeeland beleeft nog veel meer. Ze trouwt opnieuw, weer met een Jan, maar het kasteel en het land blijft van mij zegt Jacoba, ik ben daarover de baas!  Jacoba is strijdlustig en knokt letterlijk om haar land en kasteel te kunnen behouden. Maar tijden veranderen en dappere ridders tellen niet meer zo mee. Jacoba gaat zware tijden tegemoet... toch wil ze nog steeds de baas zijn en haar kasteel hebben...


Maar land heeft ze niet meer.
En ook geen kasteel.
En ook geen man.
Alleen een kist.
Een kist met een jurk.
En een vogel in een kooi.


Ik heb altijd pech, denkt Jacoba. Maar of dat waar is?


Opnieuw een prettig en leerzaam deeltje op AVI M4 niveau uit de serie Zelf lezen over lang geleden... Deze keer over Jacoba van Beieren. De zinnen zijn kort maar wel goed geconstrueerd. Het is geen kinderachtig verhaal geworden. Op de gekleurde afbeeldingen kun je zien dat Jacoba zich niet in een hoekje laat drukken. Ze is duidelijk de baas en dat maakt het verhaal des te leuker. Hopelijk volgen nog veel van deze deeltjes. Ze zijn een plezier om te lezen.

ISBN 9789000354658 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij Holkema & Warendorf | september 2017

© Dettie, 11 november 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altHarrie den Haon van den Haajkaantseboan
tekst: Erik van Os
Illustraties: Marieke Koenen



Harrie den Haon van de Haajkaantsebaon
heej ooveral nen heekel aon:
smèèrreges assie op moet staon,
saoves nòr zenen iepert gaon,
wè heetie daor nen heekel aon!


Wie dit kan lezen en begrijpen moet wel een Tilburger van geboorte zijn. Dit is namelijk het echte Tilburgse dialect.
Niet alleen de taal, ook de tekeningen in het boek zijn voor en Tilburger heel herkenbaar. Overal vind je die typische Tilburgse gebouwen: bijvoorbeeld het kroepoekdak van het station, de kerk op de Heuvel, het paleis, het kerkhof aan de Bredaseweg, alles komt voorbij.


De achtjarige Harrie wil niets, nee, hij heeft overal een hekel aan. Een joch dat meer tegendraads is, heb je nog nooit gezien! Zelfs de Tilburgse kermis is niet goed genoeg voor hem!
Dit humoristische stripverhaal is een uitgave van de Tilburgse uitgeverij Zwijsen en de Stichting Tilburgse Taol. De tekeningen zijn grappig en kleurig, de tekst een uitdaging! Het boek wordt begeleid door een online animatiefilm met de gezongen versie van Harrie den Haon van de Haajkaantsebaon.


http://www.tilburgsetaol.nl/harrie

ISBN 9789048733507 | hardcover| 32 pagina's | Uitgeverij Zwijsen | september 2017
Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 27 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altWiebeltand
Tekst: Isabelle de Ridder
Illustraties: Monique Dozy


Een boek met een achttiental verhaaltjes over Pleuntje, een meisje van 5 jaar. Ze heeft een vriend, Joep, die net zo oud is. Samen beleven ze avonturen, maar er zijn ook een aantal verhaaltjes die alleen over Pleun gaan.


In het eerste verhaal maken ze samen een toneelstukje. Ze zijn oma Pleun en opa Joep. Ze verkleden zich natuurlijk, en willen hun sketchje ook opvoeren voor papa en mama. En terwijl zij de dingen toepassen die ze kennen van van hun opa’s en oma’s, stappen Pleuns echte opa en oma binnen. Gelukkig kunnen zij er om lachen dat eigenlijk de draak gestoken wordt met hun ouderdom. Want, zegt oma, zij zijn helemaal nog niet moeilijk ter been, en horen nog best. Ja ja, dat blijkt!

Een verhaaltje waar je de humor al terugvindt die in de meeste verhaaltjes zit. Het zijn heel herkenbare situaties: Pleuntje gaat logeren; gaat op vakantie, en is ook wel eens een beetje ziek. En natuurlijk is er de wiebeltand van de titel... Daarin vertelt mama dat er iets bestaat als een tandenfee. Maar dat aardigheidje loopt niet helemaal goed.

Als ze bij neef Tom op de verjaardag is, ontdekt ze dat in zijn huis ook boven een wc is. Nou, daar moet ze ook eens even kijken, en ze smiespelt tegen papa dat ze even moet. Maar wat doet papa even later voor de deur van de beneden-wc? Hij vraagt degene die daar op zit of hij moet helpen met billen afvegen!
Het probleem van wat je moet meenemen als je gaat logeren, is ook erg herkenbaar. Want als Beer meegaat moet zijn bed ook mee natuurlijk!
Voor oudere lezers is er al snel een vergelijking gemaakt met de verhalen van Jip en Janneke maar Pleuntje en Joep zijn natuurlijk kinderen van deze tijd.


Als je vijf jaar bent neem je de dingen nog letterlijk. En Pleun is ook een kind dat nog niet ‘geleerd’ heeft dat je soms beter leugentjes om bestwil kunt vertellen. Iets geheim houden is reuze moeilijk!  En wat vindt ze het leuk om te horen dat ze al een heel eindje over de grens kan spreken. Ze kent immers woorden als bureau, en computer!


Erg leuk om voor te lezen, kinderen reageren hier waarschijnlijk onmiddellijk op omdat zij dit ook meemaken in hun leven. En dus kan je het ook zelf lezen als je wat ouder bent, het blijft leuk.


Isabelle de Ridder volgde een studie Nederlands en de Pabo, werkte als tekstschrijver en redacteur maar stond ook voor de klas. En ze maakt tijd vrij voor het schrijven van kinderboeken. Over Pleuntje schreef ze al eerder verhalen die gebundeld werden in een boek.


ISBN 9789044829501 | Hardcover | 144 pagina's | Uitgeverij Clavis | juli 2017
Leeftijd vanaf 5 jaar

© Marjo, 4 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Stoffige streken
Verhalen uit De Heksenkeet: Deel 4
illustraties: Marieke Nelissen
tekst: Femke Dekker


In dit vierde deel over de heksen Sybil, Luna, Stella en Lidwien die in de De Heksenkeet, een oude scheve villa bovenop een berg wonen staat de snibbige, beetje gemene, ijdele heks Stella centraal.

Als het verhaal begint zit Stella weer eens in bad. Ze geniet van het weelderige schuim maar vooral van zichzelf. Wat is ze toch mooi, wat heeft ze toch prachtig haar en die beeldschone slanke handen! Maar dan hoort ze geluiden uit haar huiskamer komen... ze begrijpt het gelijk, dat is haar hond Troela, wat is die nu weer aan het uitspoken? Wij als lezer weten dat al, Troela zit achter Fladder, de vleermuis van Luna, aan. Dat gekke beest hangt eerst heerlijk aan de lamp en even later zien we hem grijnzend in de gordijnen bengelen, dat mag natuurlijk niet van Troela en daarom dendert de roze Troela dwars door alles heen achter Fladder aan, een spoor van gebroken en omgevallen troep achterlatend.

Stella doet gauw de spin in haar haren die vervolgens razendsnel haar natte lokken in suikerspinmodel brengt, want onopgeschmukt kan ze zich niet vertonen. Ze wikkelt zich in een handdoek en dendert naar de kamer. Ze jaagt vervolgens Fladder het raam uit en gaat, keurig als ze is, onmiddellijk aan de slag om die hele bende weer op te ruimen. Maar de stof en troep die Stella opzuigt komt er net zo hard aan de achterkant van de stofzuiger weer uit, nu zit àlles bedekt onder een dikke laag grijze stof. Zelf de waakdraak is eronder verdwenen.

Tot overmaat van ramp zuigt ze Troela ook nog op! Het arme dier steekt alleen nog met zijn snoet uit de stofzuigerslang! Het lukt Stella niet het beest daar vandaan te toveren, ze is woedend, ze is razend, ze is in alle staten! Ze brult de namen van haar medebewoners in de Heksenkeet. Ze moeten komen helpen! En wel nu!  Maar dat maakt de bende uiteindelijk alleen nog maar erger... 

Opnieuw een knotsgek verhaal met net zulke knotsgekke afbeeldingen. Ik blijf Lidwien, de heks met de enorme lange nek die alle kanten op sliert de leukste heks vinden. Het is hilarisch om te zien hoe zij zich voortbeweegt. Maar Stella zelf is ook geweldig, haar nuffige gedrag, haar keurige hondje met strikje in het roze hondenhaar, maar vooral haar torenhoge kapsel waaraan een spin hangt maakt het verhaal lekker doldwaas. De fantasie van Femke Dekker en Marieke Nelissen is ongekend, alles kan. Verzin het maar en zij maken het nog gekker...

Heerlijk boek, geschreven in korte en goed leesbare zinnen, met als verrassing een stickervel vol heksenattributen om je eigen zelf te maken magische opruimdoos (werkwijze in het boek) mee te versieren!


ISBN 9789025766535 | Hardcover | 112 pagina's | Uitgeverij Gottmer | mei 2017
Leeftijd 7+

© Dettie, 27 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDe steen van Eileen
Siggi & de Vikingen 2
Illustraties: Eliane Gerrits
Tekst: Elisabeth Mollema


Aan het einde van het eerste deel ‘De vloek van Freya’, hebben de Vikingen het eiland verlaten waar ze al eeuwenlang vast zaten vanwege de vloek van Freya. Ze hebben goede hoop om ergens te komen waar het beter is. Want dat heeft tante Brunhilde voorspeld. Alleen komt ook nu haar voorspelling niet uit...


Ze komen in een storm terecht en spoelen aan op een eiland waar een vreemd geluid klinkt en waar schapen lopen. De volwassenen, sommigen gewond, sturen de kinderen weg om uit te zoeken wat dat voor geluid is. Ulli, Knut, Brit en Siggi hebben alleen maar wat blauwe plekken, alleen Siggi is tot zijn grote verdriet zijn talisman kwijt. Ze vinden het prima om op pad te gaan. Maar het is geen prettig eiland waar ze zijn. Er zijn veel mistflarden die het zicht belemmeren, en soms soppen ze door het moeras. En dat geluid!!! Het dringt door merg en been, zo akelig! Waar het vandaan komt, zien ze al snel, en ze ontdekken ook dat het geen onbewoond eiland is. Een jongen benadert hen, met de talisman van Siggi! Dat is dan meteen een vriend voor het leven! Hij stelt zich voor als Mac.


Dan weet de lezer al wel dat de Vikingen geland zijn op een Schots eiland. Ze leren hun gewoonten kennen: whisky, haggis, de Spelen. Allemaal prima, maar de Vikingen willen hier niet blijven. Alleen, behalve dat hun schepen kapot zijn, nemen de Schotten ook Britt en Ulli gevangen!


Tot hun eigen ellende spoelen Slungel en Sip, die na het vertrek van de Vikingen ook van wal zijn gestoken, op hetzelfde eiland aan. Ze dachten zij vrij te zijn, maar binnen de kortste keren zijn ze weer slaaf! Ze beginnen te denken dat ze Romeinen zijn, maar dat kan niet, zeggen de Schotten en de Vikingen: de Romeinen zijn allang verleden tijd!


Zullen Ulli en Brit bevrijd worden? En komen de Vikingen hier ooit weg?


Net als in het eerste deel wordt er af en toe informatie verstopt in het verhaal, in dit geval vooral over de Schotten. En ook in dit deel zijn er veel cartoonachtige tekeningen en is het lettertype groot en duidelijk. Aan de binnenkant van de omslag staat een kaart getekend van het eiland, met de Clans er op aangegeven.
Met weer veel actie en veel humor is dit een prima vervolg op het eerste deel


!ISBN 9789048840687 | Hardcover | 336 pagina's | Moon | september 2016
Leeftijd vanaf 9 jaar

© Marjo, 23 november 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altBallerinadroom
Illustraties van Ella Okstad
Michaëla en Elaine De Prince


Michaëla DePrince (geboren in 1995 als Mabinty Bangura) is balletdanseres. Toen ze opgroeide in Siërra Leone, had niemand een idee dat ze dit zou kunnen bereiken. Ze was een arm weesmeisje, zonder enig idee van haar afkomst, laat staan haar toekomst. Bovendien leed ze aan vitiligo, een ziekte waardoor ze op haar huis pigmentvlekken heeft. Daarom werd ze gepest en uitgescholden voor duivelskind.


Tussen 1991 en 2002 woedde in Sierra Leone een burgeroorlog, hetgeen een zegen bleek voor het meisje. Het weeshuis werd gebombardeerd en de kinderen kwamen in een vluchtelingenkamp terecht. Daar zagen Elaine en Charles DePrince uit New Jersey haar. Mabinty en Mia een vriendinnetje werden geadopteerd en meegenomen naar Amerika. Haar nieuwe moeder ontdekte waar Mabinty, nu Michaëla, van droomde en gaf haar een kans: ze mocht op balletles. Door heel hard aan haar talent te werken overwon ze de grenzen van het stereotiepe schoonheidsbeeld in de balletwereld. Inmiddels is zij tweede soliste bij Het Nationale Ballet.  Als kinderen haar vragen ‘Hoe kan ik mijn droom waarmaken?’ zegt ze:


‘Het maakt niet uit wat je droom is. Of je nu dokter wilt worden, of leraar, schrijver of ballerina. Elke droom begint met de eerste stap. En daarna moet je hard werken en elke dag oefenen. Als je nooit opgeeft, kan op een dag ook jouw droom werkelijkheid worden.’


Met haar adoptiemoeder, Elaine DePrince, schreef Michaëla eerder een boek voor volwassenen. Nu hebben zij ook een versie kinderen gemaakt. Het boek heeft een duidelijke bladspiegel, en de moeilijke termen die te maken hebben met ballet worden uitgelegd. Ella Okstad maakte de leuke tekeningen erbij.


Wie bekend is in de balletwereld weet wel wie Michaela DePrince is. Ik had geen idee, maar ben na het lezen van dit boekje onmiddellijk op zoek gegaan naar meer informatie. Het is een succesverhaal, een verhaal dat aangeeft dat het zeer zeker kan lonen als je voor je droom gaat.


Hier vind je haar levensverhaal.


ISBN 9789025113896 | hardcover |64 pagina's | Uitgeverij Holland| september 2016
Vertaald uit het Engels door Marieke Hoogland | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 18 oktober 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Doolhof zoekboek: Mijn wereld
Caroline Selmes


Als kind was ik al een echte boekenwurm. Vol enthousiasme verslond ik het ene avontuur na het andere. Naast mijn “gewone” boeken was ik ook dol op mijn boek met zoekplaten. Ik vond het heerlijk me op de pagina’s vol bijzondere afbeeldingen te storten en elke keer weer wat anders te ontdekken. Toen ik het Doolhof zoekboek: Mijn wereld onder ogen kreeg, was ik dan ook meteen enthousiast.


Wat meteen bevalt is het formaat van het boek. De bladzijdes zijn ongeveer 33,5 cm lang en 25 cm breed, waardoor de zoekplaten mooi groot zijn afgebeeld. De bladzijdes zijn van een stevig soort karton zodat het boek niet meteen sneuvelt als kinderen het zelf tevoorschijn halen. De hoekjes van de bladzijdes zullen na verloop van tijd wat slijtage kunnen gaan vertonen maar ik heb er alle vertrouwen in dat de rest van het boek lange tijd mooi zal blijven.


Het allerbelangrijkste is natuurlijk de inhoud. Het boek bestaat uit 15 doolhoven die elk twee bladzijdes in beslag nemen. Elk doolhof bevindt zich in een ander deel van de wereld. Allereerst is het amazonewoud afgebeeld. Daarna volgen Japan, Cappadocië, Madagaskar, de Mexicaanse woestijn, de Ha Longbaai, de Afrikaanse savanne, het Groot Barrièrerif, Machu Picchu, China, IJsland, Bryce Canyon, de Himalaya, De Grote Meren en Noorwegen.


Elk doolhof begint met een korte uitleg van het gebied en de dingen die je onderweg tegen zult komen. Dit staat bijvoorbeeld bij Machu Picchu:


Op naar Peru! In het westen van het Andesgebergte op 2438 meter hoogte, was deze Incastad in de 15e eeuw een heilige plaats. Vertrouw de spugende lama’s niet en vermijd de gevaarlijke zwarte weduwe. Je zal geen tijd hebben om naar de muzikanten te luisteren maar bewonder zeker de groene gaai bij aankomst!


Het doolhof begint heel logisch bij het bordje “Start” en eindigt bij het bordje “Aankomst”. Uiteraard is het de bedoeling dat je het doolhof doorkruist. Bij het eindpunt staat steeds een extra opdracht waarvan de oplossing op de zoekplaat te vinden is. Bij IJsland staat bijvoorbeeld het volgende: “Proficiat! Hoeveel vissen gaan alle papegaaiduikers samen opeten?


De teksten zijn voor zesjarigen soms wat aan de moeilijke kant, ook omdat het in het Vlaams is geschreven, maar de moeilijkheidsgraad van de zoekplaten past goed bij deze leeftijd. Achterin staan alle oplossingen vermeld op kleine versies van de zoekplaten. Een heldere lijn geeft de route door het doolhof aan en de oplossingen van de extra zoekopdrachten zijn omcirkeld.


Ik heb genoten van de prachtige, kleurrijke prenten waarop van alles te zien valt. Spelenderwijs leren kinderen allerlei leuke wetenswaardigheden over een aantal bijzondere gebieden en landen. Zo zie je in Japan kersenbloesem, Koi en sumoworstelaars en in Cappadocië de beroemde luchtballonnen. De enige overeenkomst tussen de doolhoven is de tekenstijl van illustratrice Caroline Selmes. Verder is elk doolhof uniek. Op de website van Caroline Selmes kun je zien hoe prachtig dit boek in elkaar zit.


Doolhof zoekboek: Mijn wereld biedt een vrolijke en speelse manier om kinderen kennis te laten maken met de grote diversiteit van onze planeet. Wat bij betreft is dit fraaie boek dan ook een absolute aanrader.


ISBN 9789461317049  | hardcover| 38 pagina's | Van Halewyck | augustus 2017
Vanaf 6 jaar

© Annemarie, 15 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Blitz! De jacht op het monster
illustraties: Lars Deltrap
tekst: Rian Visser


Een nieuw verhaal over Blitz en het vogeltje Priet. Deze keer zweeft er geen troep door de ruimte, zoals in deel 3, maar wel een monster! Een paars monster! Priet heeft het zelf gezien.


Het zweeft door de ruimte.
Het vloog om mij heen
En het wilde mij pakken.
Maar ik vloog snel weg.


Blitz trekt eens aan zijn lange neus, dat doet hij altijd als hij nadenkt. Even later blijkt dat het muziekding verdwenen is. Zou het monster het mee hebben genomen?


Even later komt Vodder langs. Vodder haalt troep op met zijn kar en hij brengt kunst van Tinka, zijn vriendin, naar de aarde. Die kunst is gemaakt van allerlei dingen die Vodder onderweg in de ruimte vindt. Omdat Priet zo bang is voor het monster vraagt Vodder of Priet en Blitz met hem meegaan naar de aarde. 'Dan zijn jullie er even uit. Lekker weg van bol Nul,' zegt Vodder. En dat vinden ze een heel goed idee. Dan kan Blitz gelijk zijn vrienden Rob en Moes weer eens zien!


Maar onderweg gebeurt er weer iets vreemds, er trekt iets aan hun kar, maar wat? 'Het leek wel een soort zuigding. Maar ik zag niets.' zegt Blitz. Priet voelt alweer de bibbers door zijn kleine lijfje gaan. Het is vast het monster! Maar gelukkig landen ze veilig op aarde en hebben de tijd van hun leven. Rob en Moes mogen daarna zelfs mee naar bol Nul. Nadat alles ingeslagen is voor het 'ruimtekamp' gaan ze op weg en weer hebben ze last van het zuigding, wat zou het toch zijn? En dan, op een nacht, gebeurt het...


Rob ziet iets paars.
Het zweeft recht op hem af. [...]
'Grrr,' zegt de paarse schim.
Ik neem je mee!'
'Help!' roept Rob.


Door de schreeuw van Rob heeft Moes nog net gezien dat Rob door het paarse monster werd meegenomen. En nu moeten ze met zijn allen Rob redden. Maar hoe? Blitz zijn neus doet helemaal zeer van het nadenken. Hij verzint een plan, als ze nu eens met de ruimtebrommer het monster achterna gaan... 

Opnieuw een lekker humoristisch en fantasievol verhaal op AVI E4 niveau. Rian Visser weet het zo te brengen dat je onmiddellijk gelooft dat bol Nul, Blitz, Priet en Vodder bestaan. Het avontuur dat ze in de ruimte beleven is spannend en heerlijk om te lezen.
Lars Deltrap weet ook nu weer de woorden van Rian Visser om te zetten in grappige, vlotte, kleurrijke tekeningen.
Prima boek voor de kinderboekenweek 2017 dat als thema Griezelen heeft.


ISBN 9789025767549 | Hardcover | 159 pagina's | Uitgeverij Gottmer | juni 2017

© Dettie, 3 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altHoe ik een weerwolf werd
Illustraties van Lars Deltrap
tekst: Ulf Stark



De vader van Ulf heeft op zijn tandartspraktijk een schedel staan. Als papa zoals iedere dag een dutje doet, pakt de oudere broer van Ulf de schedel, om indruk te maken op zijn vriend. Door een ongelukkige beweging van Ulf gaat de zoemer af en wordt papa wakker. Wat zijn jullie aan het uitspoken?


Natuurlijk ontkennen de jongens dat ze iets verkeerds deden. Ulf zegt: ‘Jonas heeft ook niet aan de doodskop gezeten.’ Als Jonas straf krijgt, neemt hij wraak. Hij vertelt Ulf van alles over weerwolven en maakt zijn broertje bang.
Nou ja, vindt Jonas, bang zijn hoeft niet. Maar ‘s nachts gebeuren er akelige dingen. Ulf wordt gebeten! Hij weet het zeker! Dan kan hij maar beter het huis uit gaan, want nu is hij zelf een weerwolf en dan gaat hij vast zijn ouders bijten…


Ook dit verhaal is spannend, griezelig zelfs. Maar ook met humor. Dit verhaal is niet voor een beginnende lezer, maar een kind dat snel en graag leert, kan hier lekker zijn tanden in zetten. Of zou hij dan een weerwolf worden?


Het boekje past binnen het thema van de kinderboekenweek 2017. De schedel wordt bijvoorbeeld doodskop genoemd, en de weerwolf lijkt levensecht. Het boek behoort tot de serie "Tijgerlezen', waarin plezier in lezen voorop staat.


De deeltjes zijn er in verschillende moeilijkheidsgraad:

- Voor als je net kunt lezen zijn er leesboeken met weinig tekst en eenvoudige zinnen, die ook fijn zijn om voor te lezen.

- Voor wie al een beetje geoefend heeft, zijn er échte leesboeken met langere verhalen.


De boeken met het Tijgerlezenlogo zijn veelal geschreven door bekende schrijvers en illustratoren. Bij alle boeken is bovendien lesmateriaal ontwikkeld. Ook zijn er filmpjes gemaakt van alle afzonderlijke boeken.


Meer informatie op www.tijgerlezen.nl


ISBN 9789045120188| hardcover |48 pagina's | Uitgeverij Querido| oktober 2016 
Vertaald uit het Zweeds door Edward van de Vendel | Leeftijd vanaf 6 jaar

© Marjo, 21 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER