Nieuwe jeugdboekrecensies 6+

Help, ik ben een pony
Gertrud Jetten

Lottie is dol op Salsa, haar pony. Ze zou het liefst de hele dag met de pony bezig zijn, maar ze moet ook nog naar school natuurlijk. Als het woensdagmiddag is heeft ze evenwel alle tijd, en dan bedenkt ze wat ze eens zullen gaan doen: spelletjes, of wandelen? Of zou ze Salsa opzadelen en gaan rijden?
Maar eerst de verzorging: borstelen! Als Lottie die bewuste middag naar de stal loopt vindt ze daar een nieuwe emmer met paardensnoepjes. Eens kijken wat dat is, ze had de emmer nog niet eerder gezien. Ze geeft haar pony er eentje, en eigenlijk ruiken ze zo lekker dat ze er zelf ook wel een zou lusten! Maar nee, niet doen, het zijn paardensnoepjes!
Toch, als de middag voorbij is en ze alles weer netjes opruimt, staat Lottie weer bij die emmer en ze kan het niet laten: ze likt er aan:

‘Het bruiste in haar mond. Het fonkelde. Het was net bubbeltjesfris, maar dan lekkerder.'

En Lottie proeft er een.  Haar hele lichaam begint te kriebelen en tintelen. Haar kleren scheuren, haar bloed bruiste en al haar spieren deden pijn. Wat gebeurde er?
Als ze naar beneden kijkt, ziet ze harige benen en lichtbruine hoeven. En ze heeft een staart! 
Lottie de Groot is veranderd in een pony!

Lotties moeder is de enige die denkt te zien wat er gebeurd is, als ze haar dochter komt zoeken en alleen maar een tweede pony vindt. Maar niemand gelooft haar, ze wordt zelfs in een inrichting gestopt en moet ‘rustigaantjes’ slikken. En Lottie kan niet praten natuurlijk!

Ja, met de pony wel, als ze in de stal gezet wordt naast Salsa vertelt die haar van alles over het leven van een pony. Lottie is verbaasd. Zij wist niet dat je een zadel aan moet laten passen aan je pony! En een bit in je mond, wat hindert dat? Nou, daar komt ze nog wel achter!

Maar intussen staat het huis op zijn kop. Zelfs de politie wordt er bij gehaald. Waar is Lottie gebleven?
Als haar moeder opgenomen wordt omdat ze maar blijft volhouden dat Lottie een pony is geworden en haar vader toch weer moet gaan werken, doet hij iets heel doms. Maar hoe kon hij weten dat hij Lottie – en Salsa - niet had moeten verkopen? 


En zo begint een reis langs allerlei soorten mensen die pony’s houden: de een doet dat voor de kinderen, of heeft een manege. Een ander wil dressuurwedstrijden doen, en nog een ander vindt het leuk om een pony te showen. En sommige mensen zijn goed voor hun paarden, anderen zien alleen geld blinken. Lottie reist het hele land door, van Friesland naar Limburg wordt ze vervoerd in een trailer. Salsa is ze dan al kwijt. Ze wordt steeds wanhopiger. Maar als het dan moet, dan zal ze wel proberen hooi en brok lekker te vinden…

Dit is een totaal anders dan anders verhaal over pony’s en paardenmeisjes! Hoewel er natuurlijk wel in verwerkt is hoe je voor je pony moet zorgen is de manier waarop heel speels en zelfs sprookjesachtig. Wantr stel je voor dat je ineens geen mens meer bent, maar een paard! Bizar!
Dit is ook voor kinderen -  meisjes - leuk als zij geen paardenmeisje zijn!
Zal Lottie ooit nog weer dat meisje worden dat ze ooit was?  


ISBN 9789020673838 | hardcover | 160 pagina's | Kluitman | september 2018| Leeftijd vanaf 9 jaar
Met tekeningen van Dorith Graef


© Marjo, 18 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Haas en zijn vrienden
illustraties: Gertie Jacquet
tekst: Annemarie Bon


In dit stevige boek vindt de jonge lezer zes verhalen die met hem of haar meegroeien. Van AVI Start, einde groep 3 naar niveau M4, midden groep 4. De illustraties zijn herkenbaar, kleurrijk en bedekken soms twee pagina’s, met leuke details en soms ook met teksten erin. Die platen lijken vaak wel zoekplaten, zoveel is er te zien! De gezichtsuitdrukkingen van de dieren passen precies bij de tekst, de illustraties maken dan ook onderdeel uit van het verhaal.
Vaak zijn dialogen zo geschreven en getekend dat je kinderen kan aanwijzen die Haas zijn, of Raaf. Erg leuk!


Behalve dat het technisch gedeelte prima in orde is, is ook de inhoud van de verhalen zodanig dat het jonge kinderen zeker aanspreekt. De dieren zijn typetjes, dat vinden kinderen op die leeftijd prettig, want herkenbaar: Raaf is een hebberd en schaamt zich niet om dingen die hij wil hebben te stelen. Duif is natuurlijk postbode. Kip is een heel net en ordelijk dier -  ha, wel eens een kip in het echt meegemaakt? -  maar ze is ook een moederkloek, en dat past wel degelijk!
En Haas zelf, dat is de antiheld, die steeds in de problemen komt en dan door zijn vrienden geholpen wordt.
De verhalen, zes in totaal, gaan over herkenbare dingen: Over een lach en een traan: naar de kermis! Waar Haas een prijs wint die Raaf wil hebben! Maar als Haas de gewonnen beer ruilt voor een zak koekjes, komt het aloude gezegde uit: van ruilen komt huilen.


Over verliefdheid en jaloezie: Haas is verliefd op Kip en wil haar natuurlijk in de watten leggen. Eerst wil hij haar een ring geven, maar die valt in het water. Dat wordt een heel avontuur onder water om die ring terug te vinden! Maar als Kip buikpijn heeft, wat moet je dan? Dan blijkt Haas leuke mopjes te kunnen vertellen!  Of het helpt?


Over vriendschap: hoe je je vrienden helpt en zelf ook geholpen wordt. Want Haas is heel gastvrij en maakt zijn huisje helemaal in orde voor het bezoek van een verre neef, die hij eigenlijk niet kent. Maar die neef blijkt een klaploper te zijn die bovendien alles vernielt. Hoe krijgt Haas de neef weg, en hoe krijgt hij zijn huisje weer op orde? Precies, Haas heeft vrienden.


En over een ongewenste gast in de vorm van een stinkdier. De dieren in het bos willen hem niet. ‘Wij hoeven geen vreemden.’ zegt Raaf. Maar Haas snapt er niks van, Stinkie is toch heel aardig?
Actuele thema's in leuke verhaaltjes, kinderen van deze tijd worden toch maar verwend!


Annemarie Bon (1954, Den Bosch) was biochemisch analiste, freelance journaliste voor het Brabants Dagblad en hoofdredacteur van de kinderbladen Taptoe en Okki voordat zij verhalen en boeken voor jong en oud ging schrijven. In 2001 startte Annemarie Bon als zelfstandig tekstschrijver. Naast boeken voor jonge kinderen schreef zij ook non-fictie en fictie voor kinderen tot 15 jaar.
Haas is waarschijnlijk haar bekendste personage. Gertie Jacquet is in deze boeken een vaste medewerker.


ISBN 9789048847112 | Hardcover | 216 pagina's | Moon | augustus 2018
Afmeting 22,6 x 17,7 cm. |  Leeftijd:  vanaf 6 jaar

© Marjo, 7 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Mijn Clementine
Illustraties: Roberto Innocenti
Tekst: Amy Novetsky



‘Dit is mijn schip, mijn Clementine. Ze zinkt.
Samen hebben we de wereld gezien, mijn meisje en ik.’


Hier kan alleen maar een man aan het woord zijn die met de zee verknocht is, en speciaal met dat ene schip, waar hij zijn leven op doorgebracht heeft.


Het verhaal dat de ik-persoon vertelt over de Clementine begint in de jaren dertig, als een jongen ziet hoe het schip gebouwd wordt. Hij droomt ervan om kapitein te worden en zo geschiedt het.
Als de Clementine klaar is om het water op te gaan, is de jongen aan boord. Hij vertelt over de reizen over de hele wereld, over wat hij allemaal gezien heeft. En ja, hij blijft enthousiast, al is het leven als zeeman zwaar. Wanneer de Tweede Wereldoorlog uitbreekt krijgt de Clementine een andere taak. Geen vrachtschip meer, maar een oorlogsschip, met de jongen als kapitein. Dan wordt er oorlogsmateriaal geladen, in plaats van exotisch fruit!


Ze zorgen voor elkaar, het schip en de man, zijn onafscheidelijk tot het einde, als de Clementine de zee van de andere kant gaat bekijken, op de bodem.


Is de man dan nooit aan wal? Jawel, hij heeft tussendoor tijd weten te maken voor een vrouw, zijn Alice, maar die komt duidelijk op de tweede plaats! Ze lijkt er tevreden mee te zijn en zorgt voor hun dochter. Maar haar brieven vinden de echtgenoot waar hij zich ook bevindt!


De tekst van dit verhaal is summier, het wordt vooral uit de doeken gedaan door de fraaie illustraties van Roberto Innocenti. Op die haast fotografische beelden zijn veel details te zien over het leven aan boord van een schip, voor, tijdens en na de oorlog. Het schip zelf krijgt nog extra aandacht in de vorm van een schematische tekening.
Ook is er informatie over de handel die gedreven wordt over de hele wereld, en de reizen die daarbij horen. Clementine komt tot leven! 


Dan wordt toch nog even vermeld dat de Clementine nooit gebouwd is, maar dit soort schip, koelschip of reefer’ bestaat wel degelijk! Een schip van meer dan 90 meter lang, en twaalf meter breed, enorm!


Dit boek heeft alles: een mooi verhaal, dat zowel grafisch weergegeven wordt als in tekst, en bovendien veel informatie bevat.

Op zijn pintrestpagina zie je meer van het werk van Roberto Innocenti (Toscane, 1940)
De samenwerking met de Amerikaanse kinderboekenschrijfster Amy Novetsky is zeer geslaagd.


ISBN 9789044832839 | Hardcover | 38 pagina's | Uitgeverij Clavis | mei 2018
Afmeting 25 x 24,9 cm | Leeftijd: 8+

© Marjo, 5 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Een vriendin voor opa
Vivian den Hollander


Tom en Mila’s derde avontuur met opa.

De oppas van de kinderen is opa Bak, die er dan wel ruig en schrikwekkend uitziet, maar die we hebben leren kennen als een vlotte man, die nog erg actief is en ook heel gezellig is. Des te vreemder vinden de kinderen het als opa een keer helemaal niet vrolijk is, maar wat sombertjes op de bank zit.
‘Is er iets?‘ vraagt Mila. ‘Nee hoor’, zegt opa.’
Maar hij wil niet voetballen en wil ook niet laten zien hoe hij een radslag maakt.
Wat is er dan aan de hand met opa?


Mila denkt het te begrijpen als opa vertelt over zijn broer die op vakantie is met een vriendin.
Hm, misschien wil opa ook wel een vriendin?
Dan zullen ze eens op zoek gaan!
Ze hangen een briefje op in de supermarkt. Maar natuurlijk vinden vrouwen die opa met zijn wilde baard en dikke buik niet zomaar meteen leuk.


‘Heeft er nog iemand gebeld?’ vraagt Mila.
Opa schudt zijn hoofd. En hij kijkt best sip.
Mila kan er bijna niet meer tegen.
Opa is juist zo leuk. Waarom komt er niemand meer?’


Aan het feit dat opa oud is kunnen Mila en Tom niets doen, maar ze kunnen wel zijn haar fatsoeneren. Op naar de kapper!
En daar gebeurt het…


De woordkeus is aangepast aan het juiste niveau, er zijn veel dialogen - die lezen makkelijker - en het verhaal is van begin tot einde herkenbaar en humoristisch. Dat zijn de tekeningen van Saskia Halfmouw ook. Soms klein, soms bladvullend vullen ze het verhaal prima aan en hebben veel leuke details.


De boeken van Mila en Tom met hun opa zijn heerlijke verhalen voor beginnende lezers.
Een vriendin voor opa is kerntitel voor de Kinderboekenweek 2018.

ISBN 9789000360703 | Hardcover | 32 pagina's | van Holkema & Warendorff| augustus 2018| Vanaf 7 jaar/ AVI M 4
Illustraties van Saskia Halfmouw

© Marjo, 14 september 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Dog Man
Dav Pilkey


Een agent die alleen kan blaffen en reuze goed kan snuffelen, hoe verzin je het! Je snapt het als je het verhaal leest over hoe Dogman ontstond uit de slimme hond Kees en zijn domme baas agent de Ridder, een soort Frankenstein verhaal, met veel humor. En het is notabene hun grootste vijand, Karel de kater, die de wording van Dogman  heeft veroorzaakt, en daar heeft hij veel spijt van.
Want Dogman kan niet praten maar dat maakt hij goed doordat hij reuze slim is. Dogman groeit uit tot een superheld!


Maar Karel zint op wraak: hij moet en zal die stomme Dogman de baas zijn!
Er volgen enkele avonturen: over hoe Karel een reuze stofzuiger bedenkt om Dogman mee op te zuigen; Hoe Dogman er voor zorgt dat de ontslagen Baas weer terug komt op zijn post, en hoe hij het probleem van de onzichtbaarheidsspray oplost. En een verhaal waarin we ontdekken hoe het komt dat mensen zo slim zijn!
Het leukste verhaal is dat van de knakworstjes, die tot leven komen.


De tekeningen zijn eenvoudig, en de tekst past daarbij. Alles in een duidelijke bladspiegel en felle kleuren. Pilkey heeft een leuk grapje bedacht, dat enkele keren gebruikt wordt in het boek: de Omsla-no-scoop. Door twee opeenvolgende pagina's snel heen en weer te bewegen ontstaat een bewegend effect, en natuurlijk zijn de tekeningen zo gemaakt dat het een heel leuk effect geeft.


Leuke woordgrapjes, onderbroekenlol, en een superheld. Daar zullen kinderen wel van smullen!


Dogman is een nieuwe graphic novel serie uit Amerika, die vier boeken zal beslaan. Er is ook al een film in de maak, begrijp ik.
In dit genre is er intussen al heel wat verschenen, allemaal bedoeld voor kinderen die niet graag lezen of er moeite mee hebben.


De schrijver en tekenaar van deze serie,  Dav Pilkey kwam zelf door zijn ADHD en dyslexie vaak in de problemen. In die tijd begon hij met tekenen. In het voorwoord, ook in stripvorm, verteld hij hoe zijn alterego’s Sjors en Harold begonnen met het boek Kapitein-Onderbroek, gevolgd door Dogman.
En ook leuk: achter in het boek staat heel duidelijk voorgedaan hoe je zelf de hoofdfiguren kunt tekenen!


ISBN 9789492899019 | hardcover | 231 pagina's | Uitgeverij Condor| juni 2018
Vertaald uit het Engels door Tjibbe Veldkamp | Vanaf 9 jaar

© Marjo, 17 augustus 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Olle en de boekenvloek
Brenda Heijnis


Olle Piekema probeert zich niets aan te trekken van zijn klasgenootje Aurora, maar ze is een ontzettende pestkop. Hij is haar doelwit: ze sluit hem op als ze de kans krijgt of steekt zijn banden lek. Maar ze moet van zijn zusje Jet afblijven, vindt Olle, dus hij verdraagt het lijdzaam. Hij heeft zijn verzameling jojo’s om hem af te leiden. Een jojo in zijn broekzak, om vast te houden, of een trucje mee te doen, dat maakt hem rustig.


Het valt hem meteen op als Aurora er op een dag niet is als hij naar school fietst. En ze komt die dag ook niet naar school. Nou ja, ze kunnen heel goed zonder haar. Maar de moeder van Aurora haalt er natuurlijk de politie bij, Olle en zijn maatje Bibi zien de agenten op straat. Ze lijken niet veel te doen behalve wat rondkijken op straat. Zo zullen ze Aurora vast niet vinden, en de twee kinderen besluiten zelf wat te gaan ondernemen. Ze maken posters om op te hangen bijvoorbeeld.
Maar Aurora was slechts de eerste! Puck is de tweede die verdwijnt…
En daar blijft het niet bij. Ook Jet verdwijnt! Het hele dorp staat op zijn kop.
Er komen agenten op school:


‘Zoals gezegd, heeft deze zaak onze hoogste prioriteit,’ baste hij.
‘Hebben ze andere prioriteiten dan?’ fluisterde Bibi. Ze trok haar wenkbrauw op.
‘Tot die tijd zorgen jullie ervoor dat jullie nooit alleen buiten zijn. De straten en de school worden scherp bewaakt. Na de lessen gaan jullie direct naar huis.’


Natuurlijk zijn Olle en Bibi dat niet van plan. Zij willen weten wat er aan de hand is. Ze hebben al iets vreemds gezien in de dorpsbibliotheek. De man die de boel bestiert laat duidelijk merken dat hij een hekel heeft aan kinderen, en dat in een bibliotheek! En daar zien ze iets zeer eigenaardigs op het moment dat er weer een kind verdwijnt. Ze hebben een volwassene nodig: opa Bram.-  De andere volwassenen komen er niet zo best vanaf in dit verhaal. Ze zijn een beetje stereotype zoals dat vaak het geval is in kinderboeken. -


Een lekker fantasievol verhaal, spannend en een grote dosis magie. De lezer weet een klein beetje van wat er met de kinderen gebeurt, doordat er in een ander lettertype verteld wordt over de verdwenen kinderen. Hun situatie lijkt onoplosbaar, dus de lezer is zeer nieuwsgierig naar hoe Olle dit probleem op gaat lossen! Met de hulp van Bibi en opa natuurlijk.


Boeken, de verhalen daarin eigenlijk, spelen een grote rol. Grappig is het als zo’n beschreven wereld gaat leven! Bibi maakt graag lijstjes en de hoofdrolspelers zijn kinderen die de boosdoener te slim af zijn. De zwart-wit tekeningen van Esther Leeuwrik zijn grappig, en passen goed bij het verhaal.


Brenda Heijnse
(1985, De Rijp) is art-director, heeft voor de klas gestaan en richtte toen een eigen bedrijf op: Brenda Heijnis Creatieve Communicatie. Olle en de boekenvloek is niet haar eerste boek. Eerder verscheen een gedichtenbundel met de titel Waar de wind waait.


ISBN 9789044832082| hardcover |185 pagina's | Uitgeverij Clavis| juni 2018 | Leeftijd vanaf 8 jaar
Tekeningen van Esther Leeuwrik

© Marjo, 25 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Viltstiftbos
Jeanet Kingma


'Buiten spelen! Alweer! Tasko smeet zijn potlood op tafel. Hij had helemaal geen zin om naar buiten te gaan!'
Hij was net lekker een kasteel aan het tekenen die heel goed lukte en nu moet hij van zijn moeder naar buiten! Want ze moet stofzuigen en opruimen. Naar zijn kamer gaan kan ook niet want daar doet opa zijn middagdutje. Opa is gevallen en woont tijdelijk bij hun in huis. Opa slaapt in Tasko's kamer. Daardoor voelt zijn kamer ook al niet meer als zijn kamer. Zuchtend ruimt Tasko zijn tekenspullen op en pakt zijn skateboard en zijn helm, dan maar naar buiten. Hij weet dan nog niet wat voor avontuur hem daar te wachten staat!


Buiten ziet hij zijn nieuwe buurmeisje Fenna. Zij baalt ook, maar dan om een andere reden. Ze wilde helemaal niet verhuizen want bij haar oude huis was een mooi bos met heel veel dieren en nu woont ze hier, bij een druk, lawaaiïg viaduct waar de vrachtwagens overheen denderen. Haar vader is nu boswachter van de natuur in de stad in plaats van in het bos. Ze praten wat tot Fenna naar huis moet.


Als Fenna weg is, gaat Tasko kijken wat ze nu eigenlijk in het distelveld deed. Hij ziet een kastje, dat een oude brievenbus blijkt te zijn, met daarin een tekening gemaakt met viltstift en kleurpotlood door elkaar. Hij ziet een huis en een bruin en lichtblauw paard. Verder een soort paardrijvrouw die een zweep vasthoudt. Ze kijkt niet aardig en haar benen zijn een beetje raar getekend. De bomen achter het huis zijn met groene viltstift gemaakt.
Die tekening is vast van Fenna, denkt Tasko, hij rolt hem op en neemt hem mee naar huis. Daar tekent hij er van alles bij, een stoere ridder, een grote vogel en... een half ijscobusje, net of die de tekening binnen komt rijden. Dat is het leuke van tekenen, op een tekening kan alles!
Daarna stopt hij de tekening terug in de brievenbus. Hij is heel benieuwd wat Fenna zal zeggen...


Nou, Fenna vindt het superleuk! Ze gaan samen weer naar het veldje en zien een grote vogel vliegen. Fenna weet alles van vogels en zegt dat het een heel bijzondere buizerd is. Ze gaan erachter aan en komen uit bij een busje van een ijscoman. Tasco gaat gauw geld halen en ze bestellen hun ijsje, maar de ijscoman wil geen geld, hij wil het pepermuntje van opa! Het ijs is heel speciaal, zo speciaal zelfs dat zo gauw ze hun ijsje op hebben de hele omgeving verandert. Het viaduct is weg, ze zijn bij een bos, er loopt een bruin en een lichtblauw paard... Tasko beseft ineens dat ze in hun eigen tekening beland zijn! Het bos, is het viltstiftbos!


Het grappige van dit verhaal is dat alles wat op de tekening staat tot leven is gekomen, de bomen, de paarden, de ridder, de grote vogel, alles. Het is leuk hoe er mee gespeeld wordt door de schrijfster. Het lichtblauwe paard wordt grijs als hij zich bedroefd voelt, de onaardige paardrijvrouw loopt mank. De roofvogel speelt een belangrijke rol en de ridder is écht stoer en hij rijdt op het bruine paard. Hij is overigens zijn kasteel kwijt...


Tasko vindt het allemaal een beetje griezelig, al die rare geluiden in het bos. Maar natuurkind Fenna vindt dat heel gewoon, maar zij vindt die mensen eigenlijk een beetje eng. Daar kan Tasko haar dan weer bij helpen.
Het wordt nog heel spannend allemaal want de paardrijvrouw is écht niet aardig en veroorzaakt een hoop problemen. Maar de hoofdvraag is, hoe komen Fenna en Tasko weer uit de tekening en willen ze dat eigenlijk wel?


Kortom, een heerlijk meeslepend verhaal waarvan elk kind zal genieten!


ISBN 9789044832877 | Hardcover | 173 pagina's | Uitgeverij Clavis | augustus 2018 | Leeftijd vanaf 9 jaar
Geïllustreerd door Myriam Berenschot

© Dettie, 18 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Evi praat met paarden
Nicolle Christiaansen


Het eerste deel van een nieuwe serie over paarden waarin we kennis maken met Evi, een tienjarig paardenmeisje.


Ze is het liefst bij haar buren, daar hebben ze pony’s, en het gezin houdt zich bezig met wedstrijden. Evi rijdt zelf niet echt, al kan ze het wel. Ze laat alleen de pony’s uitlopen als die de wedstrijd achter de rug hebben. Maar ze is wel druk met het verzorgen: poetsen, kammen, staarten vlechten, alles wat nodig is om de pony’s er mooi uit te laten zien.
Haar buurmeisje en vriendin Julie, die zes jaar ouder is en zo goed rijdt dat ze veel wedstrijden wint, denkt dat ze daardoor meer punten halen, maar Evi weet wel beter. De pony’s zelf zien er graag mooi uit en dan lopen ze beter! Zoiets kan ze niet zeggen, ze zouden haar voor gek verklaren. Hoe kan ze zoiets nu weten?


'Evi luistert niet meer. Ze pakt het zadel. Meteen spant Sponge zijn spieren. Zijn oren gaan boos naar achteren. ‘Rustig maar.’ Evi legt haar hand op Sponges schouder. Ze klopt zachtjes. ’Ik doe voorzichtig’.
Sponge draait zijn oren weer naar voren. Langzaam legt Evi het zadel op zijn plek. Pas als ze de singel vastmaakt, merkt ze dat Fenna en Marjan naar haar staan te kijken.
‘Hoe doe jij dat?’ vraagt Marjan.’


Maar dan verhuizen de buren, en het is maar afwachten wie de nieuwe buren zullen zijn! Zouden ze ook paarden hebben?


Gelukkig, er rijdt een trailer het terrein op! Al snel blijkt dat het geluk met Evi is: de nieuwe buren hebben pony’s én paarden! En ze zijn heel aardig, ze vinden het prima als Evi de paarden komt verzorgen!
Zij behandelen paarden heel anders dan Julie deed: er is zelfs een waakpony! Tommie loopt gewoon vrij rond, en hij hinnikt als er vreemden op het terrein komen.
Evi mag hem laten zien hoe groot het terrein is. En later doet ze dat nog eens bij de losloopwei, ook daar ‘leren’ de paarden eerst hoe groot de wei is.


Buurvrouw Ina lijkt erg streng en mopperig, maar ze is wel heel goed met paarden. Ze zal het Evi ook leren, zegt ze, hoe ze paardentaal kan gebruiken. Maar dan snapt Evi niet waarom Ina de pony die Diederik heet steeds Dikkie noemt! Ziet ze echt niet dat Diederik dat vreselijk vindt? En hoe kan ze nou zeggen dat het bruine paard saai is? Geen wonder dat het paard een beetje ziekjes in de hoek staat met hangend hoofd! Evi weet maar al te goed hoe dat is, omdat kinderen op school haar ook maar saai vinden. Dat is helemaal niet leuk! En Prins is helemaal niet saai!


Dit eerste verhaal begint rustig, waarschijnlijk om de jonge lezers net als sommige personages in het boek te laten wennen aan het idee van praten met paarden. De volgende deeltjes mogen dus best wat spannender worden! Of je dan ook andere lezers trekt, jongens en meisjes die niks met paarden hebben, dat is de vraag. Ook de omslag geeft heel duidelijk aan wat de inhoud is! De manier van schrijven is prettig, en als je van paarden houdt, dan is dit een prima boek


Nicolle Christiaanse (1964, Tilburg) heeft het geluk zelf op het platteland te wonen. Zij studeerde voor drogist en natuurkundig therapeute, maar schrijven was en is haar grote hobby. Eerder schreef ze de series De Bleshof en de AVI-boeken over Choco het minipaardje.
De serie over Evi zal ook vast wel in de smaak vallen.


ISBN 9789020623710 | hardcover | 111 pagina's | Uitgeverij Kluitman| september 2018|
Zwart-wittekeningen van Melanie Broekhoven | Leeftijd vanaf 9 jaar

© Marjo, 5 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Een kameel op de stoep
Anka Jacobs


‘Buitensluiten is een vreselijk gevoel. Zowel voor mensen als voor dieren. Buitensluiten omdat iemand anders is dan jij is jammer, want je kan juist veel leuke dingen van elkaar leren.’

Bij het voorstelrondje weet je als volwassene meteen: dit gaat een heel leuk boek worden! Kinderen zullen de verwijzingen niet allemaal door hebben, maar er is ook voor hen genoeg humor in het verhaal te vinden. Bobik  bijvoorbeeld is een Russische straathond, een wereldberoemde bokser die altijd een jojo bij zich heeft. En Bokt, het miniatuurpaard uit Saoedi-Arabië, is getrouwd met Frans de Flamingo uit Aruba!


Dat Alli, de Duitse adelaar een trots hart heeft en een grote snavel, dat zal kinderen niet zo veel doen, maar dat Ferrari de schildpad uit Griekenland een skateboard gebruikt om overal op tijd te zijn, ha ha, deze is wel de leukste! Dan is er Holy, de koe uit India. Ook voor haar is de naam zeer goed gekozen, en dat ze een hekel heeft aan leren tassen en schoenen is te begrijpen. Kamelia, de kameel uit Oman, is de mooiste van de dieren die in het boek voorkomen, en zij gaat trouwen! Met Nomaad, ook uit Oman. Maar eigenlijk is Nomaad een dromedaris, hij heeft maar één bult! Is Kamelia dan misschien ook een dromedaris? Op geen enkele tekening geeft zij zich bloot, we zien alleen haar mooie koppie.
Nog meer dieren: Lola, de kangoeroe uit Australië; Red, de panda (!) uit China, die altijd en overal zijn eigen eetstokjes meeneemt; De twee stinkdieren, Tinka en Eva, die Amerikaanse geheim agenten zijn, en Bobik moeten bespioneren. Er is een corgi uit Engeland: Abel, en Appie, de neusaap uit Borneo, met die grote neus waarmee hij iedereen wil begroeten.
Is er geen dier uit Nederland? Jawel hoor, dat is VIP (Very Important Pig), een miniatuurvarken, de baas van de boerenbank!


Al deze dieren zijn vrienden van Carlos de cavia, die in Mexico woont en de Allerbeste Mais teelt: Tacokoning is hij, en via de tacohandel heeft hij de vrienden leren kennen.
Als Nomaad een mailtje stuurt naar Carlos, of ze een weekje vakantie mogen komen houden, omdat ze moe zijn van het huwelijksfeest dat een week geduurd heeft, ziet Carlos een reden om een feest te organiseren. ‘Maak van een cavia geen kameel’ schreef Nomaad, maar Carlos pakt flink uit.


Je hebt het voorstelrondje gevolgd? Dan weet je dat de vrienden allemaal heel verschillend Inderdaad is er de nodige verwarring, zijn er kleine en grotere ergernissen en zelfs ruzies, maar het ergste is dat Carlos een grote muur om zijn haciënda heeft staan, en… daar kunnen Nomaad en Kamelia niet door.
Vandaar de titel: een kameel op de stoep!

Natuurlijk wordt het opgelost, en kan er feest gevierd worden. Hoewel, gaat dat wel lukken? Alli zegt:


‘Ik vind dat VIP een kaaskop is. Appie is lui. En Tinka en Eva zijn een stelletje luidruchtige Amerikanen. Eros of Ferrari, hoe hij ook mag heten, is gewoon een onbetrouwbare Griek die niet wil werken, Abel denkt dat hij als koninklijke Brit beter is dan de rest, Red is een poepchinees, Bobik een Russische zuipschuit en Holy komt uit India en die is dus arm en leeft in viezigheid.
Allí heeft niet door dat de beestenboel heel stil is geworden. Hij is niet te stoppen. ‘Bokt denkt dat vrouwen niets waard zijn en Frans is een roze uitslover.’
‘Nee hoor,’ roept Bokt boos. ‘Ik ben een minipaard en jij een grote pestkop.’


Dit is een knotsgek en toch heel serieus boek met heel veel verwijzingen naar de multiculturele samenleving waar immers ook niet alles op rolletjes loopt. In dit boek worden zowat alle vooroordelen op de hak genomen, en de boodschap is dat zoiets niet hoeft te verhinderen om goede vrienden te worden.
Als je dit boek voorleest kan je daar nog eens extra aandacht aan besteden.


En dan de illustraties van Ellen Hooghoudt. Die zijn een feest op zich! Er is heel veel te zien op de fleurige soms twee pagina’s vullende tekeningen. Ook in die tekeningen worden de stereotypen aangedikt, maar de dansende Holy, of het bruidspaar, die tekeningen zijn zo ontzettend leuk!


Anka Jacobs (47) woonde en werkte zestien jaar in Amerika, waar zij kopstukken uit de internationale politiek en zakenwereld adviseerde over hoe ze zich het beste kunnen gedragen in internationale situaties. Weer terug schreef zij studieboeken tot ze besloot zich eens aan een kinderboek te wagen. Met succes denk ik!


ISBN 9789463132183 | Hardcover | 112 pagina's | Memphis Belle International Amsterdam B. | september 2018| 
Illustraties van Ellen Hooghoudt | Leeftijd: 6+

© Marjo, 26 september 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Op reis met Mary Poppins
Naar het werk van Pamela Lyndon Travers
Hélène Druvert


Soms vragen mensen mij, waarom lees jij, als volwassene, nou eigenlijk kinderboeken? Wat is daar nou aan? Je ziet de scepsis in hun ogen. Het is dan moeilijk om uit te leggen omdat alles wat je enthousiast te berde brengt niet echt helpt. Je kunt zeggen het zijn vaak vlotte, grappige verhalen, al dan niet met prachtige prenten erbij. Je kunt vertellen dat moeilijke onderwerpen vaak zo prachtig en eenvoudig verwoord worden. Je kunt vertellen dat je geniet van de kleuren en de lay-out, maar mijn relaas wordt evengoed met duidelijk ongeloof aangehoord. Het is praten tegen dovemansoren. De stellige mening van de ander blijft recht overeind... Een kinderboek is voor kínderen en blijft voor kinderen!

Maar nu is er dìt boek! Daarmee kun je eindelijk laten zien waarom kinderboeken zo geweldig kunnen zijn.
Ten eerste kent nagenoeg iedereen het heerlijke verhaal over Mary Poppins - de gouvernante die aan een paraplu door de lucht vliegt - De vrouw die de kinderen Michael en Jane Banks allerlei magische avonturen bezorgt. Jong en oud hebben hiervan genoten. Dat maakt het boek al aantrekkelijk.

Daarnaast zijn er de prachtige, bijzondere, zwart-wit illustraties, dit keer geen geschilderde of getekende prenten maar prachtig uitgesneden afbeeldingen. Het is onvoorstelbaar hoe gedetailleerd deze uitgewerkt zijn. Achter de ramen van de huizen zien we figuurtjes theedrinken, zelfs de theepot is uitgesneden en ook de kat voor het raam ontbreekt niet. - Het boek is daarom niet geschikt voor de allerkleinsten want die snappen nog niet dat je niet zomaar die fragiele uitgewerkte pagina's kunt omslaan. Daar moet je toch wel voorzichtig mee zijn. Tussen elke pagina ligt dan ook ter bescherming vloeipapier zodat je niet gelijk de kleine subtiele uitwerkingen beschadigd. -


Het in korte zinnen opgestelde eerste verhaal speelt zich af in Londen en de twee kinderen en Mary, wandelen o.a. langs een prachtig uitgewerkte Big Ben en ook Buckingham Palace met een schitterend uitgesneden hek en de heen en weer marcherende wacht met hoge muts ontbreken niet. - Bijzonder is dat de open afbeeldingen telkens al een klein stukje van het vervolg weergeven. -


Als de kinderen 's avonds in bed liggen en Jane nog even een zeeschelp tegen haar oor drukt zijn ze ineens in onderwaterland mèt Mary! Lekker zwemmen tussen de vissen. Later mogen ze ook nog mee de sterrenhemel in waar alle fonkelende en stralende dierlijke sterrenbeelden een prachtige circusvoorstelling geven.

En dan... is het uit met de pret en moeten de kinderen echt naar bed.

Zo'n mooi boek steelt toch ieders hart, van jong tot oud. Dat kan gewoon niet missen!


Zie ook de afbeeldingen op de site van Hélène Druvert


ISBN 9789000363353 | Opengewerkte hardcover | 40 pagina's | Uitgeverij Van Goor | juli 2018
Afmeting 28,1 x 21 cm | Vertaald door Annelies Jorna | Leeftijd ca. 6+

© Dettie, 5 september 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De Zuurtjes
illustraties: Benjamin Leroy
tekst: Jaap Robben


“Aan de Selderijstraat op nummer 33 wonen de broers Harry en Huibert Zuur. Hun huis lijkt zomaar een bleek huis met een gekamde deurmat en een schone stoep. Maar wie beter kijkt, ziet dat hun stoep zó schoon is alsof hij dagelijks wordt gestofzuigd.
Binnen bij de Zuurtjes verandert nooit iets. Behalve dat de kamers ongemerkt krapper worden. Nog even en ze zijn zo smal als gangen. Dit komt doordat de Zuurtjes elke maand opnieuw behangen. Harry en Huibert zijn namelijk zo zuur dat zelfs hun bloemetjesbehang ervan verwelkt.”


Zo begint het boek “De Zuurtjes”. We maken kennis met de broers Harry en Huibert Zuur. Ze wonen samen in hun ouderlijk huis. Leven hun leven volgens een vast patroon. Hun ontbijt bestaat altijd uit zure haring dat ze wegspoelen met een kopje witlofthee met een scheutje augurkensap. Drie keer per week maaien ze het strookje groen in hun achtertuin en ’s middags zitten ze in hun stoelen voor het raam en noteren ze alle overtredingen die in hun straat worden gemaakt.
Om beurten lopen ze naar het portret van hun moeder om te kijken of het nog wel recht hangt. En om kwart voor vijf is het tijd voor het dagelijks klachtenkwartiertje van de gemeente. Zo gaat het al jaren, tot grote tevredenheid van de beide zure broers. Maar dan op een dag valt er een brief op de deurmat.


“De Zuurtjes verslikken zich van schrik. “dat, dat, dat is geen rekening, maar, maar…dat is…”piept Harry. Versteend blijven ze op de deurmat staan. Ze halen adem om iets te zeggen, maar blazen dan weer uit. Voor Agaat Zuur staat er op de voorkant. In Huiberts nekt trekt zenuwachtig een spiertje.

Minuten tikken voorbij.

“Misschien…” zegt Huibert, maar hij schudt zijn hoofd. “Als we nou….” “Kunnen we niet….”

Ze kijken allebei naar de brievenbus. Harry strekt langzaam zijn arm en laat de envelop terug naar buiten glijden.

Stilte.

“Er is niets gebeurd,” fluistert Harry. “Afgesproken?”
Huibert knikt. Ze haasten zich terug naar hun stoelen.


Maar het mag niet baten. De brief zet hun rustige en voorspelbare leventje op z’n kop.


Jaap Robben heeft een dolkomisch verhaal geschreven over twee zonderlinge broers. Broers die er rare gewoontes op na houden. Die hun moeder vereren. Als de brievenbus kleppert roepen ze in koor; “ sssttt….moeder slaapt.” Maar waar is die moeder? En wat is er met hun vader gebeurd? En wat is er toch met dat piepklein strookje gras in hun achtertuin, waar niemand op mag lopen?


Het boek is werkelijk fantastisch geïllustreerd door Benjamin Leroy. Zijn grappige en kleurrijke tekeningen zijn een lust voor het oog. Er valt zoveel op te zien. Soms neemt de tekenaar het over van de schrijver en vertelt hij het verhaal. Zoals de droom van de broers. Als ze in hun een nachtje doorbrengen in de pikdonkere caravan.


Een hilarisch boek met allerlei wendingen en ontwikkelingen. Het blijft spannend tot de laatste bladzijde. Met veel plezier heb ik het voorgelezen aan m’n klas. Een groep 7-8. Mijn leerlingen smulden ervan.


ISBN 9789044516715| Hardcover | 161 pagina's | Uitgeverij De Geus | juli 2010
Leeftijd 8+

©Eric Heugens, 10 augustus 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Blind vertrouwen
illustraties: Kelli Draws
tekst: Trenke Riksten-Unsworth


Trenke Riksten-Unsworth heeft al veel AVI-boeken geschreven en dat kan ze goed. Waar andere AVI boeken nog wel eens willen vervallen in verhalen met een woordgebruik dat duidelijk gezocht is vanwege de regels die aan AVI boeken verbonden zijn, weet Trenke Riksten-Unsworth keer op keer een erg prettig leesbaar en spannend verhaal neer te zetten. Je merkt totaal niet dat zij rekening moet houden met het AVI niveau zo vlot en vloeiend zijn haar boeken geschreven.
Ook met dit verhaal pakt ze je beet en sleept ze je mee het avontuur in.


Het begint allemaal met de ontmoeting tussen Janko, de nieuwe buurjongen, en Bert. De jongens mogen elkaar gelijk hoewel Bert in het begin nog wel even staat te stuntelen, Janko is namelijk blind, is hij al snel eraan gewend en de jongens worden dikke vrienden die elkaar haarfijn aanvoelen. Het frapante is dat Janko niets kan zien, maar hij ruikt alles wel veel scherper dan een ander. En dat blijkt nog heel goed van pas te komen...


Op een dag namelijk, nadat Bert Janko heeft leren skelteren, en ze het huis van Bert binnen lopen, roept Janko ineens dat ze weg moeten en snel ook. Hij pakt Berts arm en rent heel hard weg tot helemaal achterin de tuin en dan horen ze een knal! En glasgerinkel! Wat is er gebeurd? Als de jongens gaan kijken zien ze dat het huis in brand staat en Berts moeder is nog binnen!
Ze is in de slaapkamer boven en kan niet naar beneden komen want de trap is door de ontploffing weggeblazen...


Bert en zijn zus Petra willen niet dat mama in het huis blijft ook al lijkt ze veilig daarboven, maar je weet maar nooit, ze moeten iets doen! Maar wat?
Gelukkig zijn Janko en Petra's vriendin Ilse er ook nog...


Opnieuw heeft Trenke Riksten-Unsworth een lekker spannend verhaal neergezet dat bovendien een flinke vaart heeft. Ze gebruikt leuke details waar je als mens tegenaan kunt lopen als je iets snel wilt doen, zoals in dit geval het uitschuiven van de ladder wat nogal moeilijk gaat. Dat maakt het verhaal levensecht. Ook de omgang tussen de jongens waarvan er een blind is, is goed weergegeven. Janko laat zien wat voor hem handig is, wat hij makkelijk zelf kan en waarmee hij hulp nodig heeft. Het is duidelijk dat de schrijfster zich daarin terdege verdiept heeft.


De letters zijn redelijk groot en duidelijk afgedrukt zodat ze voor de beginnende lezer geen probleem vormen.
Bij het verhaal staan toepasselijke zwart-wit afbeeldingen van Kelli Draws.

Kortom, grote aanrader!


ISBN 9789492844262 | Hardcover | 47 pagina's | Uitgeverij Droomvallei | juli 2018
Leeftijd: AVI-E5 (ca 8-9 jr)

© Dettie, 23 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER