De lotgevallen van een pionier
Patrick White
Stan Parker erft een afgelegen stuk wildernis in het zuidoosten van Australië en probeert daar met veel moeite een bestaan op te bouwen met zijn vrouw Amy. De lezer wordt meegezogen in hun dramatische belevenissen: van bosbranden, droogte en overstromingen tot de bouw van een huis, het ontginnen van land en geboorte en verlies van kinderen.
Recensie:
Patrick White, die in 1990 overleed, is de enige Australiër die ooit de Nobelprijs (1973) ontving. Hij kreeg die voor ‘een episch en psychologisch verhalende kunst die een nieuw continent geïntroduceerd heeft in de literatuur’, en dat is precies hoe ook De Lotgevallen Van Een Pionier in woorden gevat kan worden. De auteur schreef dit boek, dat The Tree Of Man heette, in 1955 en was geïnspireerd op zijn verhuizing naar Castle Hill bij Sydney.
Het leven was er aan de oppervlakte zó monotoon, dat er volgens de schrijver wel een verborgen poëzie in verborgen moest liggen om het een doel te geven, en daaruit ontstond zijn vierde boek. Het gaat over Stan Parker, een weinig sociale jongeman, die op een zeker moment aan een eenzame vrouw wordt gekoppeld en samen besluiten ze zich terug te trekken in de onontgonnen wildernis ver buiten de bewoonde wereld. De man bouwt zelf zijn huis en ze moeten zorgen voor hun eigen levensonderhoud. Het is een eenzaam bestaan en er gebeurt niet veel, en dat is precies het leven dat de schrijver beoogde te doorgronden.
White beschrijft het voortkabbelende bestaan evenwel op een onovertroffen wijze waardoor je je als lezer helemaal kunt verplaatsen in deze nieuwe wereld en je een beeld kunt vormen van het bestaan aldaar. Dit is de eerste vertaling in het Nederlands van The Tree Of Man en telt 615 bladzijden.
Bron:
derecensie.nl
Zie ook
www.nobelprize.org/1973/white-bio.html
en
en.wikipedia.org/wiki/Patrick_White
(Engels)
ISBN 9789045013404 | Hardcover | 615 pagina's | Uitgeverij Atlas | juli 2012
Vertaald door Guido Golüke