maar... wat is nu de échte oorzaak van Sosuke's vlucht naar de tempel?
Als Sosuke weet dat zijn vroegere beste vriend, wiens vrouw hij afgepakt heeft, (sorry het staat er echt) is hij
compleet in paniek. Maar waardoor? Omdat zijn huisbaas Sakai zijn broer en Yasui avonturiers noemde, twee maal
zelfs (blz 124 en 125) het woord avonturier vervult hem met angst... In andere woorden Sosuke vlucht weg
voor het concept avonturier zelf (zie de uitleg over Zarathustra)
- In het Japans heeft Natsume Soseki steeds een ruimte opgelaten tussen de drie karakters die het woord
avonturier aangeeft (bo-ken-sha) -
In het gedeelte dat Sosuke het gesprek met Sakai overdenkt (blz 131 van... Sakai had zijn broer een avonturier
genoemd tot ... zich verbeelde) blijkt de grote betekenis van het woord avonturier voor Sosuke, het woord haalt
al zijn schuldgevoel en berouw naar yasui toe weer naar boven.
Het is onnodig te zeggen dat het woord dezelfde betekenis heeft als Zarathustra tot zijn publiek, de avonturiers,
spreekt om hen zijn visie over de poort te vertellen. De avonturiers worden verbeeld als mensen met gewaagde
vrije denkbeelden en boude beweringen. Voor de behouden en onzekere Sosuke die zich 'schuldig' en 'verstikt in
zijn lot' voelt, heeft het woord een precies tegenovergestelde betekenis.
Avontuur is de degeneratie/het verval zelf!
En nu de draai... in zijn vlucht van het angstaanjagende woord avonturier begeeft Sosuke zich zelf in een
avontuur! Hij vlucht naar een afgelegen plek, een Zen tempel, waar hij zelf wordt opgezadeld met een
onoplosbaar/ondoorgrondelijk raadsel, een raadsel dat nauw verwant is aan Nietzsches raadsel: Hoe zag jouw
gezicht eruit voor je ouders geboren waren?
(Soseki's raadsel gesteld door de Zen meester is: Wat was mijn oorspronkelijke gezicht voor mijn vader en
moeder geboren waren)
Sosuke denkt er over na en op blz 140 staat: Hij vond dat hij eerst voor zover hij kon de moed moest opbrengen
om de koan (het raadsel) onder handen te nemen. Waar hem dat heen zou leiden, wat voor uitwerking dat op zijn
geest zou hebben, wist hij zelf niet. Aangetrokken door het mooie woord satori (verlichting) besloot hij dit
onbekende avontuur te ondernemen.
Hij had vaag hoop dat hij, als het avontuur slaagde, misschien wel zijn onrustige en onzekere, zwakke zelf
kon redden.
De schrijver, Natsume Soseki maakt dus een connectie tussen Nietzsches wereld van raadsels en wil en Zen (verlichting).
Want Zen zelf is, beweert Soseki, een avontuur dat een krachtige vastberadenheid vraagt en een handhaving van
alledaagse logica vraagt, iets waar Sosuke niet toe in staat is.
In hoofdstuk 5 (blz 43) pakt Sosuke in de wachtkamer van de tandarts het blad Succes en daarin leest hij
dat succes steunt op energiek voorwaarts gaan met een koppig vastgehouden doel voor ogen. Maar we lezen
onmiddellijk daarna dat succes en Sosuke heel ver van elkaar af staan.
In plaats daarvan is Sosuke aangetrokken tot een gedicht van Zenrinkushu die hem later aanzet tot het lezen van
De Analecten van Confusius wat ons weer voorbereid op zijn uiteindelijke vlucht naar de Zen tempel.
Maar als zijn vrouw vraagt of hij iets gevonden heeft in het werk van Confusius zegt hij nee, niets. De willoze
Sosuke is niet in staat om succes te hebben, en ook ziet het er niet naar uit dat hij succes zal hebben in het
nieuwe religieuze avontuur waarin hij zich gestort heeft.
wordt vervolgd