Een wereldtaal
de geschiedenis van het Esperanto
Marc van Oostendorp
Aan het eind van de negentiende eeuw gaf een joodse oogarts uit Warschau een onooglijke brochure uit over een nieuwe, door hemzelf ontwikkelde wereldtaal: het Esperanto. Binnen korte tijd lukt het Lejzer Zamenhof over de hele wereld bevlogen volgelingen aan te trekken. Na een paar jaar had hij een international netwerk opgebouwd van sprekers van zijn taal.
Wat bewoog mensen zich belangeloos in te zetten voor een ideaal dat onhaalbaar leek? Waarom besloten sommigen hun hele leven door te brengen in een kleine, maar internationale kring van mede-esperantisten? Wie waren die mensen die romans schreven, oreerden, vergaderen en scholden in een taal die bijna niemand verstond? En wat voor bedreiging zagen Hitler en Stalin in het Esperanto?
Een wereldtaal vertelt de intrigerende geschiedenis van een kunsttaal die al ruim een eeuw verwondering en bewondering wekt. We maken kennis met de belangrijkste ideologen, dichters, leraren, dwepers en volksmenners en met enkele ëverbeterde´ wereldtalen die het Esperanto kwamen beconcurreren. Even leek het erop dat het Esperanto vooral in Nederland een kans maakte. Mensen als Willem Drees zorgen ervoor dat Nederland al snel een van de centra van de beweging werd. Kees van Kooten en Wim de Bie brachten zelfs de beoogde wereldtaal in een Teleaccursus aan de man. Maar wat is er nog over van het ideaal?
NBD|Biblion recensie:
Voor het eerst is hier een beknopte, historisch goed betrouwbare Nederlandstalige geschiedenis van het Esperanto. Men krijgt een duidelijk beeld van de allervroegste periode (1887-1917), de opbloei, mogelijkheden en problemen van het Interbellum (1917-1939) en de na-oorlogse periode met zijn afscheid van de grote ideologieen. Vooral enkele gezichtsbepalende personen komen helder in beeld, maar ook tegenstanders als Hitler en Stalin. De auteur is hoogleraar Interlinguistiek en Esperanto geweest in Amsterdam. Vroegere werkjes over Zamenhof of Esperanto waren doorgaans geschreven met een propagandistische opzet. Dit boek, zonder ook maar een zweem daarvan, lijkt soms bijna geschreven door een goed geinformeerde buitenstaander. Het lijkt zich vooral op de wat sceptische lezer te richten, ook gezien de toon van het geheel. De stijl is zeer vlot leesbaar, ook voor een redelijk jong publiek. Zeer aan te raden. Er bestaat niets vergelijkbaars rond dit thema.
(Biblion recensie, G. Berveling)
Paperback 214 pagina's | Athenaeum-Polak & Van Gennep | juli 2004