Het leven een gebruiksaanwijzing
Georges Perec
Toen Het leven een gebruiksaanwijzing - door Italo Calvino geroemd als 'de laatste grote gebeurtenis in de geschiedenis van de roman' - in 1978 verscheen werd het direct bekroond met de Prix Médicis. En in 1995, het jaar waarin de Nederlandse vertaling voor het eerst verscheen, werd het door de verzamelde Vlaamse en Nederlandse kritiek uitgeroepen tot het beste boek van dat jaar.
De roman is een magistraal literair vlechtwerk van de bizarre levensverhalen van bewoners in een groot oud flatgebouw in Parijs. Excentrieke miljonairs, croupiers, moordenaars, necrofiele schilders, televisieproducenten, danseressen, kamermeisjes en coureurs passeren de revue. Maar hoe uitzonderlijk die personages ook mogen zijn, het is de banale, nooit ondervraagde, alledaagse werkelijkheid die Perec op minutieuze wijze beschrijft en onder de loep neemt, en die deze roman zo bijzonder maakt.
Dit is een boek van wanhoop, liefde en verraad, een 'wonderbaarlijk compleet boek' dat een heel nieuw beeld van de wereld geeft en geschreven is door een auteur die vaak in één adem genoemd wordt met literaire grootheden als Joyce, Nabokov en Borges.
Recensie
Centraal in deze speelse roman staat, als een wereld op zich, een negen verdiepingen tellend monumentaal pand, dat de illusie wekt voor de eeuwigheid te zijn gebouwd en aanleiding geeft tot allerlei verhalen over de bewoners en hun omgeving, toen en nu. Feiten en andere uiterlijkheden moeten het houvast bieden om greep op de wereld te krijgen. Zo er al sprake is van duidende psychologie, dan beperkt die zich tot de oppervlakkige stimulus-responswerking. Uiteindelijk resten slechts raadselachtige sporen, nauwelijks te reconstrueren tot het oorspronkelijke beeld; zoals de puzzels waarmee de miljardair Bartlebooth - een associatie met die andere rijke reiziger, de 'Barnabooth' (1908) van Larbaud - zijn leven vult en die hij via een ingenieus procedé ten slotte weer reduceert tot een blanco vel. De roman vormt zo een compilatie van grillige voorvallen, obsessies en belevenissen van allerlei bizarre figuren gedurende bijna anderhalve eeuw (1833-1975).
Eigenlijk een superieure, erudiete speurdersroman, waarvoor Georges Pérec (1936-1982) in 1978 de Prix Médicis ontving. Een van de literaire klassieken van de twintigste eeuw. Kleine druk.
Menno Gnodde
ISBN 9789029506441| Paperback | 576 pagina's | De Arbeiderspers | april 2016
vertaald door Edu Borger