Dreverhaven en Katadreuffe in
Karakter
Ferdinand Bordewijk
De achttienjarig dienstbode Jacoba Katadreuffe heeft een kortstondige verhouding met de deurwaarder A.B. Dreverhaven. Uit deze relatie wordt een zoon geboren, genaamd Jacob Willem Katadreuffe. Jacoba weigert met Dreverhaven te trouwen en erkent hem niet als de vader van haar zoon. Zelfs zijn financiële steun weigert zij.
De kleine Jacob groeit op in een arme wijk van Rotterdam, zonder te weten wie zijn biologische vader is. Jacoba verdient wat geld met de verkoop van handwerk en zodoende kunnen ze naar een minder arme wijk verhuizen. Na de lagere school heeft Jacob verschillende baantjes en enkele jaren later neemt hij een sigarenwinkeltje in Den Haag over. Hiervoor leent hij geld bij de kredietbank, niet wetende dat zijn vader de eigenaar is. Op een dag komt zijn vader de sigarenwinkel bezoeken, samen met Mr. de Gankelaar. Dreverhaven verklaart de zaak failliet, en moet Jacob zijn bezittingen verkopen en weer bij zijn moeder in Rotterdam gaan wonen. Bij de taxatie blijkt dat zijn bezit bestaat uit een serie boeken ter waarde van slechts vijftien gulden. Door dit geringe bedrag wordt het faillissement opgeheven. Jacob weet de sympathie van de curator, Mr. de Gankelaar, te winnen en krijgt, als hij 21 jaar is, een baantje als bediende op het advocatenkantoor van Mr. Stroomkoning. Het is een groot advocatenkantoor waar vijf naamborden naast de deur hangen. Als Jacob dit ziet, besluit hij dat hij zelf ook advocaat wil worden.
Met zijn eigen inkomen gaat hij op zichzelf wonen (op de zolder van de conciërge van het advocatenkantoor) en volgt hij een zelfstudie. Opnieuw vraagt zijn vader het faillissement van Jacob aan. Jacob gaat bij hem langs voor opheldering. Dreverhaven maakt voor zijn eigen zoon geen uitzondering; deze is immers ook debiteur en moet gewoon betalen. De volgende dag treft Jacob een financiële regeling met Mr. Stroomkoning. Na al zijn schulden te hebben afbetaald trotseert Jacob zijn vader, door bij de Voorschotbank van Dreverhaven geld te lenen voor zijn studie. Jacob volgt bij het advocatenkantoor de personeelschef op die, op advies van Dreverhaven, geld heeft verduisterd. Kort voor het beëindigen van zijn studie, vraag Dreverhaven opnieuw het faillissement van zijn zoon aan. Deze wordt echter afgewezen. Bij een ontmoeting biedt de vader zijn zoon een mes aan. Jacob laat het echter in de put vallen, tot grote woede van Dreverhaven.
Jacob slaagt voor zijn staatsexamen en krijgt van alle medewerkers de felicitaties. Kort daarna trouwt Lorna te George, secretaresse bij het advocatenkantoor, met een andere man. Jacob zag zijn relatie met haar slechts als een manier om hogerop te komen. Lorna neemt ontslag. Later beseft hij dat zij zijn grote liefde was. In een simpele rechtszaak staan vader en zoon vervolgens tegenover elkaar. Hun laatste ontmoeting hebben zij als Jacob tot advocaat is beëdigd. Mr. Schuwagt (eigenlijk Dreverhaven) maakt tegen de beëdiging op vier gronden bezwaar. Deze bezwaren worden echter nietig verklaard. Daarop stapt Jacob voor de laatste maal naar zijn vader toe. Op een koele en zakelijke manier maakt hij hem duidelijk: "Ik erken u niet meer als mijn vader, u bestaat niet meer voor mij. U heeft mij alleen maar tegengewerkt". Waarop Dreverhaven antwoordt: "Of geholpen..."
Meer over F. Bordewijk, klik
members.lycos.nl/mbc/bordewijk.html
Een van de mooiste boeken die ik ooit gelezen heb.
Bernadet