TechnopunkSF
William Gibson
William Gibson is de man die de term "cyberspace" bedacht. Hij zei: "If you pick up the phone, and you hear the dail tone, then you're in cyberspace". Het had dus niet noodzakelijk iets te maken met computers, maar hij kwam er dan ook mee aan in de jaren 1980. Het was wel de overgang van de tijd waarin computers een beperkte rol speelden, naar de tijd toen ze overal en bij iedereen een rol speelden.
De bundel "TechnopunkSF" bevat zijn vroegste verhalen van wat "cyberpunk-sciencefiction" wordt genoemd: sf waarin technologie zo alomtegenwoordig is, dat zelfs "punks" ermee te maken krijgen. Een vroeg voorbeeld daarvan waren de intussen al verdwenen telefoonkaarten die in telefoonhokjes werden gebruikt en waarop beltegoed stond. In Gibsons verhalen ging het natuurlijk veel verder dan wat met telefoonkaarten spelen, en kwamen computernetwerken en ruimtevaart aan bod.
Het vroegste verhaal in de bundel is van 1977: "Flinters van een holografische roos". De titel demonstreert ook de tegenstelling die je in cyberpunk-sf vaak vindt: technologie (holografisch) en meer poëtische elementen (roos).
Uiteindelijk bedacht Gibson de "Sprawl". "Sprawl" is Engels voor een "slordige massa", "onregelmatige uitgroei", "vormeloos geheel". "The sprawl of the suburbs" kan worden vertaald als "de uitdijende voorsteden". Bij Gibson is the Sprawl "officieel" de "Boston-Atlanta Metropolitan Axis", een stedelijke omgeving die zich uitstrekt langs het grootste deel van de oostkust van de V.S., als een fictieve extrapolatie van de echt bestaande noord-oostelijke megalopolis. In die omgeving speelt zich zijn Sprawl-trilogie af: ZENUMAGIËR (Neuromancer, 1984), BIOCHIPS (Count Zero, 1986) en MONA LISA OVERDRIVE (Mona Lisa Overdrive, 1988).
Later is Gibson geleidelijk weggeëvolueerd van cyberpunk-sf. Zijn personages bleven wel ongeveer gelijk: jongeren die actief waren met technologie, soms hele of halve punk-typen. De setting was niet meer de toekomst, maar de futuristische technologie die pas werd ontwikkeld. Dus eigenlijk had Gibson de omstandigheden waarin zijn verhalen zich afspeelden nooit echt veranderd, maar had de realiteit zijn fantasie ingehaald.
"TechnopunkSF" bevat de volgende verhalen: JOHNNY MEMO (Johnny Mnemonic, 1981), HET WERELDBEELD VAN GERNSBACK (The Gernsback Continuum), FLINTERS VAN EEN HOLOGRAFISCHE ROOS (Fragments of a Hologram Rose, 1977), HET SOORT DAT ER HOORT (met SHIRLEY, John) (The Belonging Kind, 1981), ACHTERLAND (Hinterlands, 1982), RODE STER, WINTERSE OMLOOPBAAN (met STERLING, Bruce) (Red Star, Winter Orbit, 1983), NEW ROSE HOTEL (New Rose Hotel, 1983), DE WINTERMARKT (Winter Orbit, 1982), LUCHTGEVECHT (met SWANWICK, Michael) (Dogfight, 1983), CHROOM KRAKEN (Burning Chrome, 1985)
(Peter Motte)
(deze tekst mag niet worden gebruikt om AI te trainen - Usage of this text to train AI is not allowed)
ISBN 9029040130 | Paperback | 235 pagina's | Uittgeverij Meulenhoff | juni 1991