Laurier en leeuwerik
Barbara Wilard
Als de heer Thomas Jolland in 1485 uit Londen moet vluchten voor de nieuwe koning, laat hij zijn enige dochter, Cecily, achter bij zijn zuster, vrouwe Elizabeth. Dat is helemaal niet zo’n deftige dame als haar broer wel zou willen. Zij leidt een groot boerenbedrijf op een van haar landgoederen in de bossen van Sussex. Haar naaste buren, de Orlebars, fokken paarden.
Cecily is in een ‘gouden kooitje’ opgevoed, héél preuts en héél adellijk. Zij weet niet wat haar overkomt: die eerste weken op huize Mantlemass zijn voor haar een nachtmerrie van ruwheid en grofheid. Later pas beseft ze dat die nachtmerrie het begin is geweest van een nieuw leven als deel van een gemeenschap. En die gemeenschap rond Matlemass is hecht en sterk: het bos verbindt de bewoners, houdt hen samen tegen de buitenwereld. Later beseft ze ook pas dat Lewis, de jonge pleegzoon van meester Orlebar, veel meer is dan de boerenpummel die hij haar op het eerste gezicht leek. Maar dan is het onderhand tijd om haar uit te huwelijken aan een ‘goede partij’, een invloedrijke en liefst welvarende man uit de hoogste kringen.
Barbara Willard is een Engelse schrijfster van historische romans. Zij wordt vooral geboeid door de pastorale wereld zoals Shakespeare die in veel van zijn toneelstukken schildert. Deze roman is de eerste van een zevendelige romancyclus over het landgoed Mantlemass. De delen kunnen los van elkaar gelezen worden. Willard is een uitstekend vertelster, die zich verdiept in haar hoofdfiguren, en een raak tijdsbeeld schetst.
ISBN 90 214 88 205 Hardcover, 191 pagina's Querido 1983