Oase Farafra
Anita Baaijens
Toen Arita Baaijens voor het eerst in Farafra kwam was het een rustig lemen dorp in een vergeten uithoek van de Egyptische woestijn. De bevolking leefde geïsoleerd en teruggetrokken zoals zij al eeuwen had gedaan. Tot er in de oase op grote diepte een enorme hoeveelheid water werd ontdekt, goed voor het bevloeien van duizenden hectares land. Met de aanleg van een asfaltweg naar de hoofdstad Cairo en het aanboren van waterputten veranderde er veel. Auto's verschenen in het dorp, er kwamen een telefooncentrale, een ziekenhuis, flats en rond de nieuwe waterbronnen verschenen nederzettingen, bewoond door vreemdelingen uit de Nijlvallei. De éénentwintigste eeuw bereikt het dorp met duizelingwekkende vaart. Oase Farafra is een persoonlijk verhaal over de weemoed naar het verleden en de mogelijkheden voor de toekomst.
NBD|Biblion recensie
De schrijfster, een relatief bekende publiciste over het Midden-Oosten, geeft in dit boek een beeld van de veranderingen in de Farafra-oase, diep in West-Egypte, waar zij een half jaar verbleef. Farafra was tot de aanleg van een asfaltweg ver na de Tweede Wereldoorlog erg afgesloten van de buitenwereld. In de jaren '60 is er ruim voldoende water aangeboord om de oase uit te breiden. Zij bezocht de oase voordien verschillende keren en kende een klein aantal bewoners persoonlijk. Om de veranderingen in de Farafra samenleving te doorgronden achtte zij een langer verblijf noodzakelijk. Zij ontmoet er de autochtone bewoners, die de oase nooit verlieten en geen kennis hebben van de Nijlvallei en al helemaal niet van het hectische Caïro, de paar lokale jongeren die de buitenwereld wel kennen, en de Egyptenaren die als ambtenaren gestuurd zijn of boeren die vanuit de Nijlvallei komen werken op nieuw ontgonnen land. De schrijfster geeft een leesbaar beeld van de spanning tussen deze groepen en vooral in de autochtone groep die hun tradities onomkeerbaar zien verdwijnen.
(Biblion recensie, F.C. v. Leeuwen.)
ISBN: 9789025424923 Paperback 208 pagina's | Uitgeverij Contact | april 1998