Belle van Zuylen
een keuze uit haar werk
Bevat naast brieven aan Constant d'Hermenches, een polemische uitval tegen Mmde de Staël in het pamflet 'Aanklacht en verdediging van Thérèse LeVasseur (= vrouw van J. J. Rousseau) en de roman 'Drie vrouwen'.
'Drie vrouwen' gaat over Emilie, van wie de ouders zijn omgekomen in de strijd van de Franse Revolutie. Zij vlucht met haar toegewijde dienstmeid, Josephine, de tweede vrouw, naar het Duitse Altendorf. Daar ontmoeten zij de bemiddelde Constance. Deze derde vrouw wordt de eerste twee in de schoot geworpen doordat zij bij hen voor de deur een ernstig ongeluk met haar koets krijgt. Constance besluit het huisje naast dat van Emilie en Josephine te betrekken. Vervolgens belanden ze in allerlei amoureuze verwikkelingen, die aanleiding zijn tot uiteenlopende gedachtes over moraal, huwelijk en plicht.
Belle van Zuylen (ook bekend onder haar getrouwde naam Madame de Charrière) werd geboren in 1740 als Isabelle Agneta Elisabeth Tuyll van Serooskerken te slot Zuylen aan de Vecht. Ze was de dochter van een invloedrijke adellijke familie en genoot een deel van haar opvoeding in Zwitserland. Terug in Nederland had ze moeite zich aan te passen en kwam ze in conflict met de kerk vanwege haar religieuze twijfels. In 1760 ontmoette ze Constant d'Hermenches met wie ze vijftien jaar lang een intensieve correspondentie onderhield.
In 1761 publiceerde ze haar eerste verhaal 'Le noble'. Een stoet van huwelijkskandidaten trok voorbij maar zij voorzag door een huwelijk zozeer haar vrijheden te verliezen dat zij allen afwees. Ten slotte sloot zij een verstandshuwelijk met de Zwitserse edelman Charles Emanuel de Charrière de Penthaz en verhuisde naar het gehucht Le Colombier onder de rook van Neuchâtel. Daar publiceerde zij vanaf 1784 een grote reeks romans, verhalen, toneelstukken, essays en pamfletten en onderhield zij een levendige correspondentie met de groten van haar tijd.
ISBN 9789028204805 | Hardcover | 212 pagina's | Van Oorschot | 1979