Ik zit hier te grinniken.
Je zou me erg verrast hebben als je dit boek goed had gevonden. Geen boek voor jou inderdaad. Je zegt in het begin al dat het boek je niet trekt. Maar ja, debuut hè, je moet wel
Ik vind niet dat het boek verkeerd afloopt. De ik-figuur stelt een daad.
Naar mijn gevoel is het zo dat alle aandacht naar Ernst gaat, de ik-figuur bestaat wel maar wordt nauwelijks opgemerkt. Alles draait om Ernst, daarnaast verwachten de ouders wel dat de ik-figuur
hun dromen waarmaakt.
"Ik was de nageboorte met een verwachtingspatroon" Niets verstikkender dan dat, het slaat hem lam. De ik-figuur heeft nauwelijks een eigen identiteit in de ogen van zijn ouders. Hij is de goedmaker, alles wat ze bij Ernst gehoopt hadden moet hij waarmaken. Ik ga verder onder de verklapper
V
e
r
k
l
a
p
p
e
r
Kemal is het figuur die de ik-figuur doet voelen dat hij wél bestaat. De ik-figuur blijkt iets goed te kunnen en Kemal weet dat en merkt hem op. Maar Kemal wordt ook opgemerkt door de familie en dat is wat anders.
Op het eind maakt de ik-figuur eindelijk een keus. Hij kiest voor zijn broer. Ik vind ook niet dat het verkeerd afloopt. De jongens zullen niet ver komen maar er is wel wat in gang gezet. Er zal nu ook eindelijk eens naar de ik-figuur geluisterd worden, maar zijn ouders weten nu ook dat Ernst hem niet onverschillig laat en dat hij wil knokken voor zijn broer. Hem het allerbeste gunt in een waardige omgeving. Dat zal ook voor de ouders een prettig idee zijn.
Hij is dan wel in een tehuis geplaatst maar de ik-figuur vindt het daar zo mensonwaardig dat hij iets
moet ondernemen.
Hij zegt niet voor niets “
Dit was geen instelling, dit was een reservaat”
Wat die ene zin betreft die jij aanhaalt weet ik de contekst niet meer, en het boek is bij jou dus ik kan het ook niet opzoeken. Zoals jij het aangeeft lijkt het wel alsof het hun eigen schuld is. Maar dan zou hij het ook over zijn eigen moeder hebben natuurlijk, en ik denk niet dat hij zo over zijn moeder denkt.
Emotieloos vind ik het ook niet. Juist niet. Maar de ik-figuur vertelt het op die manier zodat de werkelijkheid niet al te rauw wordt. Hij is duidelijk stapelgek op zijn broer, maar hij ziet ook hoe de omgeving reageert. Hij is de stakker met 'zo'n broer'. Hij ziet hoe zijn broer gebruikt wordt voor winkeldiefstal. Hij ziet hoe de instelling is en vindt het afschuwelijk. Door de scherpe humor probeert hij alles te hanteren. Van zijn ouders hoeft hij ook niets te verwachten die hebben het te druk met zichzelf. Dat maak ik er dan van hè. Zo komt het verhaal op mij over.
Dettie