Op bladzijde een van het boek Wampie, waarin uitvoerig beschreven wordt hoe Wampie wakker wordt, bekroop mij een Joop ter Heul gevoel. Verder deed de alwetende verteller, die zelfs de gedachten van een eekhoorn kan verwoorden, mij erg gedateerd aan. Maar de beschrijving van de overrompelende verliefdheid van Wampie voor Dolf vond ik tijdloos! En het gedeelte over de verkleedpartij past m.i. in een Theater van de lach productie.
Marjo noemt het boek filmisch.
De film en de bioscoop spelen in ieder geval een belangrijke rol in het boek:
blz 17: ik ben niet twee, maar drie keer met Agaatje naar de bioscoop geweest...
blz 18: maar gelijkvormige partjes bioscooppubliek..
blz 22: goddank, ze leek op niemand van de film...
blz 61: nee, dan ga ik liever aan de film.
blz 89: geweigerd bij een film van "alleen boven achttien jaar".
blz 90:helemaal alleen naar de bios...
blz 92: vond ik in de bios .... tot halverwege de hoofdfilm..
blz 95: die man in de film gisteren...
blz 119: net als in de films waar ze van hield...
en misschien zijn er nog wel meer voorbeelden te vinden.
De Bijenkorf heeft in 1985 het boek "Honderd helden uit de Nederlandse literatuur" uitgebracht, Petronella Geertruida van Rosande (Wampie) is een van die 100 helden.
A. den Doolaard behoort zeker niet tot de naturalisten, maar tot de groep schrijvers van tussen de eerste en tweede wereldoorlog. P. Calis noemt A. den Doolaard in het boek "Het spel en de knikkers , een literatuurgeschiedenis van 1880 tot heden", net als Van den Bergh en Marsman en Slauerhoff, mensen die een voorkeur hebben voor 'gevaarlijk leven', voor avontuur, voor kracht en vaart, in hun werk zijn "futuristisch - vitalistische trekken" te vinden.
Deze generatie van twintigers was o.a. bekend met nieuwe media als film en radio en vond Nederland maar gezapig, saai en kleinburgerlijk, waar bijna nooit iets gebeurde.
Een NIPO enquete uit 1951 noemt als meest gelezen auteurs: Anne de Vries, A.M. de Jong, Jan de Hartog, Ina Boudier - Bakker, Piet Bakker, A. den Doolaaard en Antoon Coolen. De vertellers. Maar de genoemde auteurs werden in de jaren vijftig nauwelijks tot de literatuur gerekend; hun werk keeg zelden op de literatuurpagina van krant of tijdschrift enige aandacht. (Ton Anbeek: na de oorlog. De Nederlandse roman 1945 - 1960).
In 2006 is in de serie "Geschiedenis van de Nederlandse literatuur" een deel over de periode 1945 - 2005 verschenen. Over den Doolaard wordt alleen vermeld dat zijn werk (en dat van de andere hierboven genoemde poulaire vertellers) vaak in mooi gebonden delen via intekenlijsten verkocht werd.
Zal Wampie over vijfig jaar nog gelezen worden?
Jeannette