Dag Bernadet,
Het zal er zeker mee te maken hebben. Ik denk dat een calvinist, ex-calvinist of iemand die wat voor een band dan ook heeft met het protestantisme aangetrokken wordt door deze roman. Hij wordt ook veel gelezen onder gelovigen. Maar er zijn ook vele ongelovigen diep onder de indruk van de roman. Je mag de vraag overigens best op Literair Nederland stellen. Je moet weten dat ik open sta voor elke vraag, maar dat je niet altijd een lief antwoord kan verwachten (zoals je gemerkt hebt). Wanneer iets mij niet aanstaat trek ik fel van leer. Daarmee schop ik mensen wel eens tegen de schenen, maar ik denk dan: wanneer iemand mij aanvalt, moet die een tegenaanval kunnen incasseren. Maar het is gebleken dat we ook daar weer uitkomen.
Ik vind dat het geloof van Hans fenomenaal is beschreven. En... met diep respect. Siebelink benijdt zijn vader, hij heeft zijn hele leven al de wens om ook een gezicht te krijgen. Dat geeft die individuele zekerheid, een metafyisch bewijs voor het bestaan van God. Wanneer je al min of meer in de kringen bent opgenomen, is er geen mooier teken dan het verblindende licht van God en de wind van de Heilige Geest.
Het gaat over een krachtige moeder, die het gezin koste wat kost bij elkaar weet te houden. En over een zwakke man, die zich gemakkelijk laat beïnvloeden. De vraag is of je die vader daar op moet beoordelen. De sfeer onder bevindelijken is dreigend. Degenen waar we minder respect voor moeten hebben zijn Joseph, Huib en zijn kornuiten. Het is een gruwelijk iets, deze vorm van waanzin (die Siebelink overigens zelf niet zo noemen wil!).
Een mooi gegeven is dat in het Nieuwe Testament de wet op de tweede plek wordt gezet, het gaat om het evangelie. De mannen uit het boek leven vanuit en door de wet. Dit maakt hen onderdanig, zeg maar: insecten. Dat is niet goed, dat bestrijd ik zelfs. Maar wat Siebelink knap heeft gedaan: het is een oudtestamentisch boek! Jezus komt er niet in voor, evenzo wordt er over het evangelie niet gerept. Je vindt strak gevormde, korte hoofdstukken. Geen opsmuk, veel symboliek.
Het gaat om de verandering, de uiterste vorm van reformatie zoals we die kennen uit 16e eeuwse geschriften van onder andere Thomas à Kempis die Hans ook leest. Maar deze worden naar mijn idee verkeerd geïnterpreteerd. Heil en verdoemenis worden gevonden en gezocht in literatuur die juist streefde naar verlichting en wedergeboorte.
Groet, Wouter