De Canneheuveltjes in Indië
Marie Ovink-Soer
Met Bandteekening en Platen van Rie Cramer
Het gezin van de Canneheuveltjes bestaat uit: Vader, Dolf, Jan, Nel en Fritsje. Zij wonen in Soerabaia met de bedienden Kokki, Wongso, Tidjem en Kromo. Moeder en de kleine Dolly zijn een paar jaar geleden meegesleurd in een modder- en lavastroom en jammerlijk verdronken. Sindsdien wonen zij in Soerabaia en zorgt er een juffrouw voor het moederloze gezin. Helaas is zij erg streng en gemeen, vooral als de poes jongen heeft gekregen en zij de moeder poes en de kleintjes verdrinkt. Nu wordt de juffrouw weggestuurd en komt tante Letje voor de kinderen zorgen. Een heerlijke tijd breekt nu aan. Tante Letje vindt alles goed wat de kinderen doen. "Zij heeft een prettig en opgeruimd humeur, doch stond achteraan, toen het verstand werd uitgedeeld".
Nel en Fritsje, die Poekeloekie of Poekie wordt genoemd, zijn nu altijd samen kattekwaad aan het uithalen. Zij worden de parkieten genoemd.
De kinderen voeren in de kampong een tournée-spel op. Met behulp van Tidjem's moeder en de djait (naaister), worden er verkleedkleren gemaakt.
Vader moet voor zijn werk naar Holland en als hij na een tijd terugkomt, heeft hij een nieuwe moeder voor de kinderen meegebracht. De nieuwe mevrouw Canneheuvel is een heel lieve moeder voor de kinderen. Als ze later naar een gecostumeerd bal gaan, maakt zij de kleding. Dolf gaat als Assistent Resident, Fritsje als Oppas, Nel wordt een Raden-Ajoe en Jan een Chinees.
Er wordt op z'n Hollands Sint-Nicolaas gevierd, met een "echte" Sinterklaas en Zwarte Piet. De kinderen hebben allemaal cadeautjes voor elkaar gemaakt en ook voor vader, moeder en tante Letje. Nel's grootste geschenk zijn twee kleine krieltjes, een haantje en een hennetje.
De kinderen zijn dol blij als er na een jaar een tweeling broertje en zusje, Careltje en Lientje, worden geboren. Doch groot is hun verdriet, wanneer Careltjes levenslampje uit gaat en vader hem moet begraven. Later bezoeken zij allemaal samen het kleine grafje.
Omdat Jan en Nel niet tegen het warme klimaat kunnen, brengt het gezin de zomervakantie in de koele bergen door. Na het eindexamen van Dolf, besluit het gezin naar Holland terug te keren en nemen zij afscheid van Java. Als de boot zich in beweging zet en de kade langzaam wegschuift, heeft Nel het moeilijk om afscheid van haar vriendin Lous te nemen en ook het afscheid van tante Letje en de bedienden, die achterblijven op de kade, valt het gezin zwaar. Zij zwaaien met hoed of zakdoek en roepen:"Vaarwel, vaarwel, 't ga u goed. Vaarwel, tot wederzien."
Uitgever G. B. van Goor Zonen's U.M.
Voor het eerst verschenen in 1912
Voor 9 jaar en ouder
De Canneheuveltjes-serie bestaat uit:
De Canneheuveltjes in Indië, 1912
De Canneheuveltjes in Holland, 1915
Puck, 1917
Hoe Puck 'n Canneheuveltje werd, 1920
Huize Canneheuvel ("De Duiventil"), 1922
Zie ook Oude jeugdboeken
www.oudejeugdboeken.nl/start2.html?/schrijvers/cramer.html
---