De atlas van afgelegen eilanden
Judith Schalansky
In De atlas van afgelegen eilanden neemt Judith Schalansky ons mee naar vijftig afgelegen oorden – van Tristan da Cunha tot het atol Clipperton, van Christmaseiland tot Paaseiland – en vertelt ze grenzeloos absurde verhalen, zoals alleen de werkelijkheid die kan bedenken. Het zijn verhalen over zeldzame dieren en zonderlinge mensen – over gestrande slaven en eenzame natuuronderzoekers, verdwaalde ontdekkers en verwarde vuurtorenwachters, vergeten schipbreukelingen en muitende matrozen. Kortom: over vrijwillige en onvrijwillige Robinsons – die bewijzen dat de avontuurlijkste reizen nog altijd in het hoofd plaatsvinden, met de vinger op de landkaart.
Recensie:
Deze zeer verzorgde atlas van vijftig afgelegen eilanden bevat per eiland telkens twee pagina's. Rechts een kaart van het eiland in een azuurblauwe zee. De linkerpagina vermeldt de geografische positie, de afstand tot de naastbije eilanden of het vasteland, de oppervlakte en het aantal eventuele bewoners, de naam (soms in verschillende talen), een tijdlijn en bevat een verhaal. Dat is meestal een historische anekdote, soms betreffende de rol van het eiland in de literatuur.
Alle kaarten zijn getekend op dezelfde schaal (ca. 1:100.000), zodat het ene eiland vrijwel de gehele kaart vult en het andere slechts een rondje in het midden vormt. Behalve een toeristische bestemming als Paaseiland kennen de meeste eilanden weinig bezoekers; veelal zijn ze haast onbereikbaar, onbewoond en ontoegankelijk of kenmerken ze zich door een bar klimaat. Een ideaal boek voor de leunstoelreiziger dus, vooral voor hen die geboeid werden door de boeken en tv-programma's van Boudewijn Büch. Met een verklarende woordenlijst en register. De Duitse auteur is publiciste en grafisch ontwerpster.
Peter Turk