Zolang te water
Simon Vinkenoog
Zolang te water, Een alibi, was in 1954 het scandaleuze romandebuut van Simon Vinkenoog. Een krachtig pleidooi voor dit boek hield Louis Paul Boon: 'Zolang te water is een mooi boek en een moedig boek, zelfs al wil het "geen vragen oproepen". Of juist daarom. Het geeft slechts een getuigenis. Het zegt dieper en overtuigender nog dan De Avonden dat deze jeugd aan haar lot werd overgelaten, nadat men ze niet meer met het bekende kluitje in het riet kreeg. En bijna zonder pijn bekent het, dat zij diep pessimistisch, ongelovig en amoreel is... en juist hierdoor geeft het een kaakslag aan de oudere generaties, die optimistisch, gelovig en immoreel waren.'
In 1988, op zoek naar sporen van Nederlandse schrijvers in Parijs begin jaren vijftig, schreef Theodor Holman in Het Parool: 'En wat te denken over, voor mij, de mooiste roman uit die tijd: Zolang te water van Simon Vinkenoog. Dat boek, uitgekomen in de mooiste serie van na de Tweede Wereldoorlog, namelijk de Literaire Pocketserie van De Bezige Bij, heeft ook het mooiste omslag dat ik ken: een foto van Ed van der Elsken ( ... ) en bevat tevens een van de allermooiste zinnen uit de naoorlogse literatuur, althans dat vond ik toen ik zeventien was: ..."En 's nachts moest het elektrische licht uit en staken we een kaars aan en zochten jazzmuziek op duitse stations die tot laat in de nacht uitzonden, ze had een radio meegebracht.
De auteur:
Simon Vinkenoog (Amsterdam 1928) publiceerde na zijn prozadebuut Zolang te water een aantal andere min of meer autobiografische verhalen, alsmede bloemlezingen, dichtbundels en essays. Hij is redacteur van het tijdschrift BRES en houdt zich de laatste jaren voornamelijk bezig met gesproken-woordmanifestaties.