Het beleg van Lissabon
José Saramago
In Het Beleg van Lissabon laat men zich meeslepen in een historische roman die de geschiedenis eerst op haar kop zet om ze vervolgens - anders én leerzamer - te reconstrueren. De eerste Portugese koning, Dom Afonso Henriques, slaat in 1147 een beleg om Lissabon teneinde de stad te veroveren op de Moren. Daarbij krijgt hij hulp van Engelse, Vlaamse en Duitse kruisvaarders die, op doorreis naar het Heilige Land, in Porto aan wal zijn gegaan. Als beloning mogen zij de stad na inname plunderen. Zó staat het in de geschiedenisboeken.
NBD|Biblion recensie
De eerste Portugese Christen-koning Dom Alfonso Henriques slaat in 1147 het beleg om Lissabon om de stad van de Moren te bevrijden. Hij krijgt hulp van kruisvaarders uit allerlei landen, op doorreis naar het heilige Land in Porto aan wal gegaan. Als beloning plunderen zij de stad. Dit is de ware geschiedenis in 'Het beleg van Lissabon', die de corrector Raimundo Silva gereed maakt voor de uitgave. Deze begaat echter opzettelijk fraude, dodelijk voor een corrector. Hij wijzigt uit protest tegen zijn bescheiden beroep het thema door het woordje NIET toe te voegen: 'De kruisvaarders besloten de Portugezen niet te helpen'. Silva's bedrog wordt ontdekt. Ontslag wacht hem, maar hij blijft in dienst, zij het ook onder curatele van Maria Sara. Zij stelt hem voor een roman te schrijven met dit thema. De historische werkelijkheid wordt geweld aangedaan, maar een schitterende waarheid tussen mensen licht op: liefde betekent immers het einde van elk beleg. Gesprekken tussen hen flitsen van het heden naar de werkelijkheid van acht eeuwen geleden. Een fantastische vondst in de fraaie vertaling van Harrie Lemmens.
Volle bladspiegel, kleine druk. De auteur ontving de Nobelprijs 1998.
(Biblion recensie, Dr. Th. Hoogbergen.)
ISBN 9789029534925 Hardcover 278 pagina's | Arbeiderspers |
Vertaald door Harrie Lemmens