Van deze schrijver wil ik ook al langer wat lezen.
In tegenstelling tot anderen hier wordt ik juist meteen aangetrokken door een titel als Specht en zoon. Mijn fantasie gaat meteen met me aan de haal en zie ik een magere man met een spitse neus voor me en de zoon die daar een kopie van is, een kleine specht dus!
Ik stel me trouwens zo voor dat de jury Otten de Gouden Dorian toebedeeld hebben om hun afschuw te uiten over deze "kwezelige katholieke" schrijver. De bedenkers van de Gouden Doerian hebben een broertje dood aan alles wat riekt naar zweverigheid, zoals in dit geval gotiek, extase, engelen etc.
Ik heb dit boek niet gelezen en weet niet in hoeverre het katholieke geloof in dit boek aanwezig is. Dat heb ik trouwens niet uit mijn duim gezogen, maar eerder gedestilleerd uit een groot interview met de schrijver in de Volkskrant van vorig jaar of het jaar daarvoor, waar Otten hier gewag van maakte.
Als ik lees over een pratend schildersdoek ben ik onmiddellijk geboeid, zeker als door middel van dit medium het leven van anderen uit de doeken wordt gedaan. Of dit surrealistisch is, weet ik niet, daarvoor moet ik het boek lezen.
Marjo, het ziet er naar uit dat je gelijk hebt, dat het niet surrealistisch genoemd mag worden als ik de omschrijving uit de Dikke van Dale erbij haal: "het legt zich toe op het uitbeelden van een soort visionaire wereld uit het onderbewustzijn, meestal dus van dingen zonder onderling verband, b.v. een vis boven een toren.
Heb ik ook even realisme opgezocht: "die uitbeeldingswijze waarbij het uitgebeelde een hoog gehalte objectief herkenbare werkelijkheid bevat".
Dan kan ik bv Eric of het klein insektenboek ook niet surrealistisch noemen, want er zijn duidelijke verbanden met de werkelijkheid.