Hallo Bernadet en Marjo,
Ik ben het niet eens met Marjo, want dan zou ik T. Mann ook een saaie schrijver vinden en dat vind ik helemaal niet. Alleen zei ik, dat ik begrip kan opbrengen voor het feit dat moderne lezers moeite hebben met het lezen van Thomas Mann. Interessant voorbeeld is een commentaar van Xandra Schutte tegenwoordig hoofdredacteur van Vrij Nederland. Op dat commentaar stuitte ik op internet bij toeval. Ik geloof dat ik het vond door te zoeken naar informatie over Pe Hawinkels, die een aantal romans van T. Mann in het nederlands heeft vertaald. Enfin, Schutte vond T. Mann vooral een zeur, een aartsmoralist die lezers niet met zijn paternalistische overpeinzingen moest lastig vallen.
Nou oke dan. Waarom vind ik T. Mann zo'n grote schrijver. Laat vooraf zeggen, dat T. Mann net als S. Vestdijk niet een stylistisch constante schrijver is (maar dat is een typisch kenmerk voor de grillige romantische geest, waar zoveel gedachten tegelijkertijd dringen, dat het wonder is dat ze er niet allemaal tegelijk uitkomen). Heel opvallend is dat de Buddenbrooks in archaische stijl beginnen, net als De Toverberg is me bij herlezing opgevallen. Maar daarna loopt het wel goed, al laat hij hier en daar in het reusachtige boek een paar steekjes vallen.
Daar heb ik bij de eerste keer lezen ram over heen gelezen, omdat ik in een roes verkeerde. Maar het verhaal wat zich zowel in de Buddenbrooks als De Toverberg ontvouwt wist deze schoonheidsvlekjes weer uit. Beide boeken bevatten tal van boeiende, zeer menselijke personages, waardoor je door blijft lezen. Wat dat betreft is de Toverberg een humoristischer boek dan De Buddenbrooks.
Het knappe van de Buddenbrooks is hoe Mann hier de opkomst en de neergang van een koopmansfamilie haarfijn weet te schilderen. Maar het is niet alleen dat, het is ook een definitieve verandering van tijd wat de familie achtervolgt. De moderne tijd met al zijn gevolgen bereikt ook hun stad en fascinerend is hoe laat Mann zien hoe al die verschillende mensen binnen die familie proberen met hun situatie klaar te komen. Dat lukt dus niet en voor een aantal volgt onverbiddellijk de neergang.
In de Toverberg goochelt Mann met het beeld van de zieke en niet-zieke en die twee verweven zich met elkaar zodat op een gegeven moment een niet-zieke op de Toverberg (een sanatorium in Davos) toch een zieke wordt. Gezonde mensen worden daar door de baas en dokter met de nek aangekeken. Een groot deel van het boek worden er filosofische schijngevechten gehouden, waarmee Mann symbolisch probeert een antwoord te geven op de meest diepliggende vragen over de zin van het menselijk bestaan.
Maar niet alle boeken van T. Mann zijn zo hoogdravend van toon. Neem de baas en zijn hond, er pas nog overgesproken. Een uiterst licht werkje waar je Thomas op uiterst amusante wijze vertelt over de wandelingen met zijn hond en over zijn soms eigenaardige dierlijke gedragingen.
Er zijn meer lichtere werkjes door Thomas Mann geschreven.
Kort samengevat, bewonder ik deze schrijver omdat hij een van de weinige grote kroniekeurs van het oude Europa is.
groetjes,
Roel