De buik van Elvis
Coen de Jonge
Aan zonden geen gebrek in de jazz. Ook rock en blues staan stijf van de verhalen over lieden die in verzoeking kwamen. Genotmiddelen, dames, moord en doodslag – – we treffen het allemaal aan. Ook het swingende vlees is zwak. Maar ondanks al die dwalingen en zijpaden hebben de musici altijd een houvast: hun muziek. Daarover gaan de verhalen die Coen de Jonge schrijft in (onder meer) het blad JAZZ. Over zwervers, ritselaars, driftkoppen, trendsetters, vreet- of rotzakken en genieëën –– en nog veel meer.
Simon Vinkenoog: ‘‘Met een trefzekere pen en schijnbare nonchalance. Hij blijkt niet alleen over een zuiver luisterend oor, maar ook over een open liefderijk oog te beschikken.'' Deze bundel bevat stukken met een verrassende kijk op het muzikale bedrijf: op het leven van befaamde of miskende musici, op onbekende aspecten, op randverschijnselen en kernzaken. Meestal spelen die in de wereld van de jazz, maar ook aanpalende genres komen geregeld aan bod.
En er zijn er enkele gevoelige portretten van kanonnen als Chet Baker, Miles Davis en Clifford Brown. De auteur legt vaak opmerkelijke verbanden, er zijn hilarische en droeve anecdotes en humor en ernst wisselen elkaar af. En bij dat alles staat de liefde voor swingende muziek voorop.
ISBN 9054521309 Ingenaaid, 156 pagina's Met illustraties Verschenen: juni 2005 Uitgeverij Passage