Ferguut of de Ridder met het Witte Schild
Willem Kuiper (ed)
Op een ochtend ziet de boerenzoon Ferguut angstig weggedoken achter de ploeg van zijn vader een gezelschap ridders langstrekken. Nooit eerder had hij ridders gezien; hij kende ridders alleen uit de verhalen van zijn moeder, die van adel was. Als hij van een achterop komende jongen hoort dat het koning Artur en zijn ridders van de Ronde Tafel waren, besluit hij het ouderlijk huis te verlaten en zijn geluk aan Arturs hof te beproeven.
Rond 1200 schreef een verder onbekend gebleven, vermoedelijk Waalse auteur Guillaumes li Clers een Arturroman in verzen, li Chevalier au Biet Escu alias Fergus. Tussen ongeveer 1240 en 1250 werd deze roman in het Vlaams vertaald. Hoewel de Ferguut zich goed laat lezen als een zelfstandig verhaal over de droomcarrière van een jongeman uit de Schotse Achterhoek, is het in wezen een parodie op de laatste roman van de Noord-Franse auteur Chrétien de Troyes, Li contes du Graal alias Perceval.
De Ferguut is de oudste Middelnederlandse Arturroman, die ook nog eens compleet bewaard is gebleven. De eerste helft is een getrouwe vertaling van het origineel, de tweede een navertelling uit het hoofd Daarbij werden verhaalelementen veranderd, weggelaten en toegevoegd, maar de plot bleef dezelfde: de uiteindelijk succesvolle -zoektocht van de jonge ridder Ferguut naar zijn geliefde Galiëne.
De vertaler:
Willem Kuiper (1948) is verbonden aan de Leerstoelgroep Historische Nederlandse Letterkunde van de Universiteit van Amsterdam, en vertaalde samen met Rob Resoort eerder in de Griffioenreeks Het ongelukkige leven van Esopus (1990) en Maria op de markt (1995).
ISBN 9025327478 Ingenaaid, 139 pagina's Verschenen: oktober 2002 Athenaeum-Polak & Van Gennep/Griffioen
Zie ook:
www.literatuurgeschiedenis.nl/teksten.asp?ID=17
Morgen een nieuw boek over dit thema.