Er is geen afkeer van het woordje ja-maar. De schrijver laat alleen zien dat als je op alles 'ja-maar' zegt, of 'ik ben nu eenmaal zo', of 'nou en?' dat je dan gelijk voor veel dingen de deur dichtgooit, je sluit dan ook alle mogelijkheden die er óók zijn uit.
Er is een citaat van Pipi Langkous 'Ik heb het nog nooit gedaan dus ik denk dat ik het wel kan.' Dát is omdenken.
Veel mensen zeggen bijv. 'Dat kan ik niet,' ik zelf vraag dan meestal, heb je het wel eens geprobeerd dan? En vaak is dat niet het geval. Maar door te roepen 'Ik kan het niet' sluit je ook gelijk de mogelijkheid om het te leren uit en er mogelijk verder mee te komen.
Wat de schrijver aangeeft is dat je bij een probleem, wat het ook is, eerst kijkt wat het probleem inhoudt, dan helemaal accepteert dat het probleem er is en dan er wat mee gaat doen.
Bijv. iemand die altijd op topniveau heeft hardgelopen, beschadigd zijn knie zodanig dat het niet meer kan. Het probleem is dus dat diegene niet meer hard kan lopen.
Dát accepteren is enorm moeilijk want dat lopen was diegene zijn lust en zijn leven.
Maar je kunt het niet veranderen, hardlopen kan niet meer. Maar hij heeft in als die jaren wel heel veel kennis opgedaan over hardlopen.
Als hij zich blijft focussen in, ja-maar... ik kan niet meer hardlopen, staat alles letterlijk stil, gaat al die kennis verloren.
Diegene kan ook denken, het feit is dat hardlopen niet meer gaat maar ik kan wel sportmensen/hardlopers gaan begeleiden, en zo toch wat met zijn passie doen, alleen op een andere manier dan hij aanvankelijk dacht. Dat is omdenken. Van een probleem een uitdaging maken.
Dit is even kort door de bocht de strekking van omdenken.
Dettie