In dit boek lopen twee verhalen parallel. In de vroege 18de eeuw raakt Bregtje, tien jaar, haar familie kwijt aan ‘de hete koorts’. Ze komt bij haar oom en tante te wonen. Haar oom is Frederik Ruijsch, die naam heeft gemaakt met anatomische studies. Zijn werkruimte, waarin allerlei dode mensen en dieren staan opgesteld, vormt een centraal motief in dit boek. Dode babyarmpjes worden ingepakt in een zorgvuldig gehaakt mouwtje, een dode hand (van een gehangene) is opgesteld, terwijl hij een foetus bij het nekje vasthoudt. Macaber? Nee, niet zoals Rascha Peper het schrijft, want zij beschrijft het allemaal door de ogen van Bregtje, en die vindt die flessen met overblijfselen heel normaal.
Bregtje mist vooral haar broer Rens, van wie ze aanneemt dat hij nog in leven is. Een concurrent van haar oom maakt via zijn knecht ‘de Jonker’ misbruik van dat geloof.
Het andere verhaal gaat over Ben, eveneens tien jaar oud, die met zijn vader en diens nieuwe vriendin een reis naar Petersburg maakt. Frederik Ruijsch heeft zijn collectie destijds verkocht aan Peter de Grote en nu staat een deel ervan opgesteld in een museum. Ben raakt in de ban van de schoonheid van de preparaten. Tijdens een bijzonder benauwend moment in de dierentuin van Petersburg lijkt Ben nog even contact te hebben met de drie eeuwen geleden al overleden Bregtje.
De fascinatie voor de schoonheid van de preparaten van Ruijsch inspireerde Rascha Peper tot het schrijven van dit boek (zie ook
www.nieuwamsterdam.tv
, hier is een kort fimpje te zien waarin de schrijver vertelt over de achtergrond van haar verhaal). Om eerlijk te zijn, vond ik het een stuk minder verpletterend dan de meeste van haar andere boeken. Misschien komt dat omdat ze het perspectief bij Bregtje en Ben heeft gelegd, waardoor het verhaal eerder als een spannend jeugdboek overkomt, dan als een literair werk voor volwassenen. Misschien is het haar niet gelukt haar fascinatie levend te laten worden op papier, iets waar ze bij andere fascinaties (zandkastelen, de tsarenfamilie om er maar een paar te noemen) juist zo goed in slaagde. De passages over de preparaten lezen als populair-wetenschappelijke verhandelingen en de personages Ben en Bregtje zijn niet goed uitgewerkt.
Desalniettemin is het nog altijd een beter boek dan vele anderen die tegenwoordig op de markt worden gesmeten, natuurlijk. Ik had er alleen meer van verwacht en in die zin was het dus een teleurstelling.