Vervolg op "De verzopen katten en de Hollander". Na Japan, de dagboeknotities van de tijd in Nieuw-Zeeland. Het boek valt grofweg uiteen in drie delen. Het eerste deel gaat voornamelijk over het contact van het echtpaar met hun Nederlandse overburen en is minder gevarieerd dan "De verzopen katten en de Hollander". Het wordt zelfs een beetje saai. Door het veelvuldige contact ontstaan er irritaties en de auteur belandt in een crisis, die prachtige, zeer Voskuiliaanse dialogen met zijn echtgenote opleveren in het tweede deel. In het derde gedeelte gaat hij in therapie, hetgeen hele mooie, analyserende gesprekken met zijn psychiater tot gevolg heeft. Hier gaat het boek veel dieper dan het ogenschijnlijk onbenullige, zij het vermakelijke, van het eerste boek en het eerste gedeelte van dit boek. Al met al een enigszins wisselend niveau, maar ik ben toch benieuwd hoe het de auteur verder vergaan is. Het vervolg "Het verdronken land" ga ik zeker lezen.