Martine Letterie 

Nooit meer thuis
Martine Letterie


Opnieuw vertelt Martine Letterie over een bepaalde periode uit de geschiedenis die door velen die er mee te maken kregen als schokkend ervaren werd. Als je leest over zo’n periode zijn het vaak grove feiten en zelfs al staat er bij dat er kinderen bij betrokken waren, dan is dat meestal ook als getallen.
Lezen vanuit een kind over hoe het was als je zoiets aan den lijve ondervond maakt natuurlijk veel meer indruk. Zeker als je het zo boeiend beschrijft als Letterie doet.

Ook in Nooit meer thuis laat ze een kind vertellen: de 12-jarige Lily vertrekt met haar oudere zus Joyce en hun ouders uit Indië, het land waar ze altijd gewoond heeft, en dat ze beschouwt als haar vaderland. Ze heeft de Nederlandse identiteit, en weet niet beter als ze hoort thuis in Indië, toen nog een kolonie van Nederland.


Toch was haar leven al niet meer zoals ze het kende. Ze woonden in een groot huis op Java, met bedienden. Het leven was er goed. Tot de tweede wereldoorlog uitbrak en in 1942 de Japanners kwamen. De bezetters sloten Nederlanders op in de zogenaamde Jappenkampen. Zij waren krijgsgevangenen. Toen de Jappen verslagen waren, bleek teruggaan naar hun oude leven niet mogelijk. Vrijheidsstrijders profiteerden van de chaos in het land. Niet alleen de Jappen moesten weg, de Nederlanders ook. Zij stelden hen voor de keus: Indonesiërs worden of maken dat je weg komt.  Degenen die voor de Nederlanders vochten konden ook maar beter maken dat ze wegkwamen.


Lily’s haar vader was zo’n KNIL-officier. Ze zijn vluchtelingen als ze in 1949 aan boord gaan van het schip MS Oranje, op weg naar een land dat ze niet kent. En dat land is zo anders dan wat ze kent: het is er koud en nat – en het wordt nog erger, het is nu nog zomer! Lily’s vader wordt met TBC opgenomen in een sanatorium, moeder en haar dochters krijgen een kamer toegewezen in een pension in Den Haag.
De meisjes passen zich zo goed en kwaad als het gaat aan, maar hun moeder lijkt het op te geven.
Maar dan hebben zij nog geluk: ze staan hoog op reen lijst voor een eigen woning, omdat hun vader officier is!


Op het schip naar Nederland heeft Lily een jongen leren kennen, die dat geluk niet heeft. Hij is met zijn moeder terechtgekomen in kamp Westerbork, dat nu Schattenberg heet, maar een kamp blijft een kamp. Bennie, zo heet de jongen, had haar al verteld dat het absoluut niet leuk zou zijn in Nederland, dat ze gepest zou worden. Lily wilde het niet geloven, maar komt tot de ontdekking dat hij gelijk had. Wat nu? Toegeven aan haar heimwee, of toch maar het beste er van maken? Gelukkig kan ze haar vader bezoeken en kan ze ook naar haar tante Bé in Den Haag, een gezellig optimistisch mens.


Natuurlijk kan je in een jeugdboek niet alle facetten van een ingewikkelde periode als dit beschrijven. Martine Letterie beperkt zich dan ook vooral tot een gezin dat vanwege het beroep van de vader hun luxe leventje vaarwel moet zeggen. Leefden ze eerst als een welgestelde familie, nu moeten ze ieder dubbeltje omdraaien en wordt bovendien voor hen beslist waar ze wonen, wat ze eten en wat voor kleren ze dragen!
Daartegenover wordt Bennie ten tonele gebracht, uit een ander milieu, die een broer heeft die revolutionair was. Iemand dus die door een KNIL-er bestreden werd.
Ook is er een dienstweigeraar in het verhaal, die dus niet wilde vechten en daarvoor gestraft wordt.


Letterie besloot het magische tintje dat verbonden is aan Nederlands-Indië te gebruiken: Lily ziet verschijningen, eerst op het schip: een oudere man bij wie bloed over zijn gezicht druipt, later ziet ze haar jongere broertje, dat al jong overleden is. Dit lijkt er een beetje als een extraatje bij gehaald te zijn, en had voor een nuchtere Hollander best meer uitgelegd mogen worden.


Maar zoals gezegd: je kan nu eenmaal niet alles vertellen. Wil de lezer meer weten dan moet je op zoek gaan. Of misschien kan Martine Letterie zelf nog meer hierover schrijven! Haar stijl is heel toegankelijk, zonder uitweidingen, die afleiden van het verhaal. Deze rechttoe rechtaan stijl is prima voor de doelgroep, die immers niet zitten te wachten op een geschiedenisles!


Martine Letterie (Amsterdam, 12 december 1958) is een Nederlandse schrijfster van kinderboeken. In 1996 verscheen haar eerste kinderboek. Ze schrijft voornamelijk historische kinderboeken, die gebaseerd zijn op waargebeurde verhalen.


ISBN 9789025873028 | hardcover | 176 pagina's | Uitgeverij Leopold | september 2017
Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 27 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER