Moeder is een dingkjpgMoeder is een ding
Henry Sepers

‘Ze hebben moeder moeten afvoeren, want ze was gestruikeld over een kamerplant. Nu is ze eindelijk weer thuis.’

Een cryptische opening, want al snel blijkt dat ze overleden is.
Moeder is een ding geworden.
Haar drie kinderen waren erbij toen ze de laatste adem uitblies. Op dat moment was ze in het hospice, en de kinderen besloten haar mee naar huis te nemen.
De kinderen, dat zijn Magda, Lieke en hun broer Helmer. Deze laatste is degene die het vaakst als vertelstem optreedt. Op de momenten dat zijn zussen vertellen, is het eigenlijk ook Helmer.
Af en toe benoemt hij dat:


‘Het is niet eenvoudig, Magda, om je in iemand als jou te verplaatsen. Zie dit als een poging daartoe. Ik kan je niet in mijn armen nemen, want dan verstijf je, ‘je geen vragen stellen want dan word je boos en zeg je dat ik met mezelf moet bemoeien.’

‘Voelde je je werkelijk zo gewoon, Lieke, zo weinig bijzonder vergeleken bij Magda en mij, of is het een etiket dat ik op je plak, was je alleen in mijn ogen de zachte kopie van moeder, altijd bezig met ‘de lieve vrede’.


Magda is het gevoelige kind. De anderen hebben heel vaak rekening met haar gehouden, haar ontzien, beschermd. Ze sloot zich op, kon geen geluiden verdragen. Tekenen, dat was wat ze deed: de hele dag tekenen.
Lieke is de inschikkelijke, die het iedereen naar de zin wilde maken.
Hun vader kreeg Parkinson, hetgeen hij beschouwde als een straf van god: hij was erg gelovig. Al lijkt hij dat op het einde even vergeten.


‘In vader streden vroomheid, een neiging tot slachtofferschap, schuldgevoel en onderkoelde humor voortdurend om voorrang. Ik zie ze voor me, die gezichten: het gekwetste gezicht, het devote, het zondige, het droogkloterige.’


Helmer, de halfbroer, is een succesvolle schrijver-dichter. Zijn biologische moeder ‘de Vrouw’ is weggecijferd. Hij weet niets van zijn eerste levensjaren en kreeg geen antwoord op zijn vragen.
Nu hij optreedt als verteller en dat ook in de naam van andere gezinsleden doet, gebruikt hij deze macht en geeft hij, voor zover mogelijk, zelf de antwoorden.
Wat we lezen is het verhaal van een gezin, hoe ze met elkaar omgingen, wat de rol van ieder gezinslid was en hoe ze nu de dood van de moeder verwerken. Rouw dus. Acceptatie van wat er misschien niet zo leuk was binnen het gezin. Het leven is wat het is en het zal ook verder gaan.

Het perspectief in deze roman is verrassend. Speels vooral, want al lijkt het of de zussen een stem hebben, in feite is dat niet zo. Maar eigenlijk doet het er niet toe, dat het beeld vertekend is, ook het verhaal is zoals het is.
Iedere zin in dit boek heeft betekenis, het herlezen waard. Mooie taal, scherpe observeringen, en een onderhuidse spanning.

Henry Sepers (Den Haag, 1955) is schrijver en dichter. Hij debuteerde in 1993 met de roman Het feest van de mollen. Zijn eerste dichtbundel was Baaierd en verscheen in 2009. Sepers schrijft interviews met dichters voor Schrijven Magazine en werkte eerder als leraar Nederlands, het laatst op het Vossius Gymnasium in Amsterdam. Hij publiceerde in o.a. De Gids, Maatstaf, Hollands Maandblad en de Poëziekrant. Zijn dichtbundel Spreekt de troubadour werd genomineerd voor de J.C. Bloem-poëzieprijs 2013. Sepers fotografeert ook en maakt poëziefilms. Enkele films zijn vertoond op het Nederlands Poëziefilm Festival.

ISBN 9789492241931| Paperback | 224 pagina's | Uitgeverij Magonia | februari 2026

© Marjo, 6 mei 2026

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER