Het gulden vlies van thulekHet gulden vlies van Thule
3. Kinderen van Moeder Aarde
Thea Beckman

Na de eerdere delen springen we een aantal jaren verder. Helaas voor Thule zijn de Badeners erin geslaagd om een aantal steden in de kuststrook te bezetten, onder andere Gothab. Ze deden dat zoals Badeners dat altijd doen, met grof geweld. Ze hebben de steden vrijwel compleet vernietigd. Ze kwamen het land moderniseren, en er beschaving brengen, door eerst het volk te onderwerpen.
Zo doe je dat, een kolonie stichten.
Al snel krijgen ze te maken met de sluwheid van de Thulenen. Ze plegen steeds weer sabotage, de Badeners worden er gek van: deze in hun ogen achterbakse manier van oorlog voeren, daar kunnen ze niet tegen.

Elvira Kamgut komt met haar moeder, broer en zus, naar Upernavik. Ze nemen hun intrek in een mooi huis – dat net als alle huizen geen elektriciteit of stromend water heeft.
Haar vader is eerder aangekomen, aangesteld als ondergouverneur. Hij is een rechtschapen man, en doet zijn best om zijn taak te volbrengen. Daarom bindt hij ook de strijd aan met de corruptie die volop heerst.
Elvira sluit al snel vriendschap met een paard, en een zwerfhond. Met hen gaat ze de omgeving verkennen. Zij vindt het land prachtig en geniet! En zo ontmoet ze Beda, een oudere Thuleense, die haar helpt de taal te leren. Elvira is de uitverkorene, zegt ze.

Als de gouverneur besluit om een flinke legermacht het land in te sturen, besluit hij dat de ondergouverneur mee moet. Die is verbaasd: hij is immers geen militair!
Er zal iets anders achter gezeten hebben, denkt Elvira later: haar vader komt niet terug. Overigens vele anderen evenmin, de opmars is gestuit op Thuleens weerstand.
Elvira besluit het land in te trekken om haar vader te zoeken. Ze voelt zich veilig genoeg: ze heeft ontdekt dat jongens en mannen steeds de klos zijn, vrouwen en meisjes niet. En ze heeft haar paard en hond bij zich.
Tijdens deze tocht leert ze Thuleense woudlopers kennen, onder wie Tjalf, de kleinzoon van Thura. Zij brengen Elvira naar Thura, en vertellen haar onderweg over de geschiedenis en de cultuur van Thule.
Thura is nogal verbitterd: haar echtgenoot en dochter kwamen om het leven bij de Badense veroveringen. De nieuwe Konega is nog jong, ze is de kleindochter van Thura, zus van Tjalf.
Helaas is het idee van Thura om een vrouw als ambassadrice in te zetten geen succes.

In deel twee leren we Shasita en haar zussen kennen. Drie ondernemende meisjes, die net als Elvira proberen de taal onder de knie te krijgen. Als hun vader contact wil zoeken met de inheemse bevolking stelt Shasita voor dat zij met hun drieën het land intrekken. Tegen de wil van hun ouders vertrekken ze. Met Sepp, een jongeman als ‘bescherming’. Maar het verloopt allemaal heel anders dan ze voor ogen hadden. Tenslotte komen ook zij bij Thura en dus bij Elvira terecht.
Eenmaal weer in het Badense gebied worden ze natuurlijk gewantrouwd. Meisjes! Niks waard.
De machthebbers lachen als Elvira duidelijk maakt dat de Onega wel wil praten, maar dan met één of meerdere vrouwen! Hilariteit en ongeloof bij de mannen.

Dat is opnieuw het thema dat Thea Beckman driftig verwerkt in haar boek: de oneerlijke ongelijkheid tussen man en vrouw. Net als in de eerdere delen wordt verwezen naar de zogenaamde West-Europese beschaving, en zijn er parallellen getrokken met de Tweede Wereldoorlog.
Het Gulden Vlies, een schapenvacht doordrenkt met goudstof, is een artikel dat de Badeners graag willen hebben. Het vormt een onderdeel van de onderhandelingen die van start gaan.

Een prachtige trilogie, die met recht opnieuw uitgegeven werd. Hopelijk trekt het verhaal over Thule vele nieuwe lezers!

ISBN 9789047718796 | Hardcover | 399 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat | juli 2026

© Marjo, 21 oktober 2026

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER