Literair Tijdschrift:
De Parelduiker/Nr.3/ 2016
De Parelduiker is sinds 1996 de waardige opvolger van Het Oog in 't zeil. Het is een zeer lezenswaardig literair-historisch tijdschrift. De titel is ontleend aan een zin van Multatuli: 'Een parelduiker vreest de modder niet!' En dat is waar bijna in ieder nummer worden historische feiten en feitjes door diverse auteurs behendig onder het stof (de modder?) vandaan gehaald.
Hoofdartikel in deze aflevering is een verhaal over publicist Bert Jansen (1949-2002) van de hand van Rutger Vahl. Jansen werkte aanvankelijk bij de Muziekkrant Oor maar na een avond met erg veel drank was hij opeens zijn vriendin en zijn huis kwijt aan de hoofdredacteur. Later bij Aloha, wilde hij een gooi doen naar literaire roem. Dat zou dramatisch uitpakken.
In 1975 kwam bij De Bezige Bij, Nozzing but ze bloes uit, een aantal autobiografische teksten. Het boek werd welwillend ontvangen, hield een belofte in. In 1975 werden de columns Vijftien jaar muziek en nog steeds vlekken in de lakens gebundeld uit Aloha. Dat was een idee van Wim Noordhoek van de VPRO. Jansen mocht voor de VARA Nederpopzien en Wonderland presenteren en leek de wind in de zeilen te hebben.
Nog steeds gekweld door verdriet over het verlies van geliefde en have kwam hij met Verder naar het Noorden, een zelfmoordepos, bij uitgever Bert Bakker. De verhouding met de Bij was door geklungel van Jansen bekoeld. Het zelfmoordconcept werd door de verzamelde critici afgekraakt evenals de opvolgers De Zanger, niet het lied (1979) en Zweedse meisjes over het zeemansleven. Boudewijn Büch schreef in het Leidsch Dagblad: 'In het genre spannend jongensboek voor volwassenen kan ik het bijzonder aanbevelen als vakantielectuur!'Vilein en voor Jansen een soort doodsteek.
Hij weidde zich nu aan een dikke biografie over Harry Muskee de frontman van Cuby and the Blizzards (Kubaert en de Sneeuwstormers?) die echter bleef steken in kapotte schrijfmachines weggegooide bladzijden en een overmaat aan details. De legende zou het wijdlopige relaas gaan heten maar de uitgevers zagen er niets in. Manuscripten werden nu alleen nog maar geweigerd en Jansen belandde als docent bij 't Colofon, de Schrijversvakschool. Jansen had vaak knoertharde kritiek op de leerlingen. Was dat uit persoonlijke frustratie? Wel ontmoette hij Janneke een leerlinge, waar hij twee kinderen bij kreeg. Zijn geluk met haar was maar van korte duur. Hij overleed in 2002. De dikke biografie over Muskee, geschreven door Jeroen Wielaert, werd door journalisten uitgeroepen tot het 'beste popboek van Nederland en Vlaanderen.' Maar dat bleef Jansen bespaard, hij was al overleden.
Er is in dit nummer veel meer lezenswaardigs. Een stuk van ex-Parool journalist Paul Arnoldussen over antiquaar Wout Vuyk (1922-2016). Vuyk hield zijn nering aan het Singel in Amsterdam. Hij was vooral decadent, onberekenbaar en kocht en verkocht boeken vaak op een onbegrijpelijke manier. Vooral de prijzen waren moeilijk te volgen. Graag geziene gast was uitgever Johan Polak.
Diezelfde Polak speelt ook een rol in het artikel over de Amerikaanse auteur James Purdy (1914-2009). Purdy was door Polak al in vertaling uitgegeven en raakte vooral hier bekend door de televisie-uitzending van Adriaan van Dis waarin hij optrad als een geestige wat verlegen man. Naast de officiële uitgaven via Polak & Van Gennep, van zijn verhalen stortten tal van Drukkers in de marge zich op zijn werk. Zo was er bijvoorbeeld Jan Erik Bouman uit Utrecht met zijn handpers, die een bibliofiele uitgave verzorgde van Kitty Blue. A fairy tale in een oplage van 111 exemplaren. Nu een collectors item. Purdy bedankte de margedrukkers veelal met dankbrieven en tekeningen. Menno Voskuil verrichtte het speurwerk voor dit interessante verhaal.
Op donderdag 12 mei zond de VARA op de radio een interview uit van de blinde dichter Jan Wit met J.C. Bloem die toen 75 jaar was maar al jaren geen gedichten meer schreef. Bloem woonde inmiddels in Kalenberg waar naast het huis Clara Eggink op een woonboot de wacht hield. De weergave van het interview is vooral erg braaf, Wit ziet huizenhoog tegen Bloem op en durft nergens door te vragen. De laatste alinea van het stuk is wel hilarisch. Daar blijkt dat Bloem zich voor het interview had ingedronken en hij haalt tal van feiten en feitjes door elkaar. Die zijn dan wel weer keurig gedocumenteerd. Te keurig?
Bart Slijper duikt in zijn bijdrage in het verschijnsel De Tachtigers en sport. Deden ze alleen aan schaken, zoals Multatuli of speelden ze tennis zoals Gorter? Het wordt nauwgezet uit de doeken gedaan.
Onbekende foto's van niemand minder dan J.J. Slauerhoff (1898-1936) doken plotseling op in een schenking aan het Letterkundig Museum van één van de nazaten van Lenie van der Goes. Zij was een vrouw, die Slauerhoff op één van zijn reizen ontmoette in Indië. Hier herstelde Slauerhoff van een ziekte. Lenie was vrouw van Eerland, een saaie arts. Ze werd dodelijk verliefd op Slauerhoff, die zijn reputatie als womanizer weer eens eer aandeed en haar weglokte bij haar man. Lenie scheidde zelfs maar eenmaal in Nederland liep haar verhouding met de dichter ook al snel stuk. De foto's zijn zeldzaam en mooi. Jammergenoeg wilden de erfgenamen weinig tot niets over de hele affaire kwijt.
Hans Olink schreef een stuk over het geheim van concentratiekamp Buchenwald, waar niet alleen SS'ers maar ook communisten wandaden pleegden. We zijn via de rockartiest Udo Lindenberg terug in de DDR. Hoe listig dekten de heersers daar het verleden af?
Last but not least een interessante bespreking van publicaties door margedrukkers door Jan Paul Hinrichs.
Een fraai nummer van een interessant blad!
Zie ook
www.parelduiker.nl
Uitgever: Bas Lubberhuizen blz: 73
© Karel Wasch, 5 september 2016