Felix Bohr 

Voor de ondergang klVoor de ondergang
Hitlers jaren in de Wolfsschanze
Felix Bohr

In 1933 kwam Hitler in Duitsland aan de macht. De daaropvolgende jaren waren voor het regime een succes: de economie bloeide op, de immense werkeloosheid verdween in korte tijd, in 1938 voegde Oostenrijk zich bij het Duitse Rijk. De nazi-elite baadde in weelde en leidde een decadent-luxueus leven.

In plaats van tevreden te zijn met wat was bereikt, ontketende Hitler een oorlog van mondiale omvang. In 1941 overrompelde hij met een Blitzkrieg de Sovjet-Unie, want daar lag de ‘Lebensraum’ die het Duitse rijk voor zijn voortbestaan nodig zou hebben.
Om leiding te geven aan deze oorlog, werd een commandopost gebouwd in Oost-Pruisen in de omgeving van Rastenburg. Hitler gaf er de naam Wolfsschanze aan.

Nu ligt dit gebied in Polen en trekt het voormalige hoofdkwartier van Hitler ongeveer 350.000 bezoekers per jaar. Ik was er zelf in 2014 en zag hoe toeristen in oude pantserwagens over het gigantische terrein werden gereden. De restanten van de vele bunkers, diep verscholen in de bosse, verbonden door voetpaden met daarboven camouflagenetten, maakten indruk. Tegelijk was de sfeer naargeestig en beklemmend. 
De nazileiders trokken zich terug uit hun paleizen om vanaf 1941 op deze eenzame plek vrijwillig als mollen half onder de grond te gaan leven. Alles wat ze hadden bereikt, ging in deze oorlog verloren. 

De Wolfsschanze was in een moerassig gebied gebouwd. Felix Bohr schrijft dat er nauwelijks een zonnestraal door de boomkruinen heen drong. In de vertrekken van barakken en bunkers hing een klamme lucht. Het terrein was vergeven van de muggen.
De nazitop had paleizen ingewisseld voor bunkers met metersdikke muren gelegen achter hoge prikkeldraadhekken. Overal patrouilleerden SS’ers en waren er strenge veiligheidsmaatregelen van toepassing om een volledig isolement te waarborgen.

En toch pleegde Claus von Stauffenberg op 20 juli 1944 in dit zwaarbeveiligde complex een aanslag op de Führer tijdens een stafbespreking. Er vielen vier doden en er waren meerdere gewonden. Als door een wonder ontsnapte Hitler aan de dood. Zijn kleren waren gescheurd, zijn trommelvliezen kapot, maar ernstige verwondingen waren er niet. Van de twee bommen in de aktentas van Von Stauffenberg had hij er slechts één op scherp kunnen zetten. Het eikenhouten tafelblad en een zware tafelpoot hadden de dictator afgeschermd. Vanwege de warmte stonden de ramen open waardoor de kracht van de explosie afnam.

Nergens anders bracht Hitler tijdens de Tweede Wereldoorlog zoveel tijd door als hier in dit verlaten gebied. Hij was nog maar sporadisch in Berlijn. Toen Russische legers de Wolfsschanze naderden, keerde Hitler in november 1944 noodgedwongen terug naar Berlijn. De hoofdstad werd vrijwel dag en nacht gebombardeerd. Daarom moest Hitler ook in Berlijn een onder de grond gelegen bunker betrekken. In deze Führerbunker, waarin de dictator het daglicht helemaal niet meer zag, pleegde hij uiteindelijk zelfmoord (april 1945).

Aan de hand van dagboeken, memoires, brieven, getuigenissen en andere bronnen geeft Felix Bohr een levendig verslag van de laatste levensjaren van Hitler en het leven van diens entourage.
Volgens hem was het gevolg van het isolement en het ongezonde leven dat Hitler het contact met de werkelijkheid verloor. Dat gold ook voor zijn entourage. Het front en het dagelijks leven van de Duitse bevolking in een kapotgebombardeerd land lag ver buiten hun voorstellingsvermogen.

De focus van het boek ligt niet alleen op Hitler. De auteur bespreekt welke ministers en generaals in de bunker aanwezig waren, hij beschrijft het dagelijkse leven in de Wolfsschanze, gaat in op de rol van de ongeveer dertig vrouwen die als typiste en administratieve medewerkers waren aangesteld. 

De aanslag op Hitler wordt uitgebreid beschreven. Zijn gezondheid en de pogingen van lijfarts dr. Morell om de Führer met pepmiddelen op de been te houden krijgen ruime aandacht.

Hitler kon charmant en attent zijn voor zijn medewerkers. Stalin en Mao boezemden hun omgeving een dodelijke angst in. De ondergeschikten van Hitler waren op hem gesteld. Toen bleek dat de oma van een typiste een Jodin was, ontsloeg Hitler haar. Maar hij gaf zes maanden salaris mee en zorgde ervoor dat de familie niet gedeporteerd werd.

Eén hoofdstuk gaat over de Holocaust, die vanuit deze bunker werd aangestuurd en waarvoor Himmler regelmatig op bezoek kwam om orders te krijgen en resultaten te vermelden. Hoewel er geen enkel schriftelijk stuk bestaat waarin Hitler de opdracht gaf voor deze genocide, is het onmogelijk dat deze zonder zijn goedkeuring zou hebben plaatsgehad. Alles werd in het werk gesteld om de moordmachinerie te verheimelijken, maar er sijpelde onvermijdelijk toch informatie door naar de samenleving. ‘Wir haben es nicht gewusst?’ Iedereen die het wilde weten, kon het weten, noteert Bohr.

Dit buitengewoon interessante boek maakt duidelijk dat in dit inmiddels bijna vergeten oord beslissingen van het grootste belang zijn genomen. Bohr pleit er dan ook voor om op het terrein een groot documentatiecentrum neer te zetten. Bezoekers kunnen dan kennisnemen van de geschiedenis van Hitlers hoofdkwartier, maar ook van de vreselijke terreur die op deze plek werd bedacht en over Europa werd uitgestort.
Een uitstekende suggestie, als het authentieke karakter van de Wolfsschanze maar wel behouden blijft. Auschwitz is al verworden tot een attractie waar horden fotograferende toeristen in rijen langs verbrandingsovens en galgen worden geleid. Bij het voormalige vernietigingskamp Sobibor gaat het dezelfde kant op. Als we ons rekenschap geven van ons verleden, moeten we dat niet in de mal van ‘vermaak’ gieten.

Dit uitstekend geschreven en goed gedocumenteerde boek geeft een indringend beeld van de laatste levensjaren van Hitler, voor zijn definitieve ondergang, wegkwijnend in een bunker, maar tot zijn dood nog steeds in staat om als een gewonde leeuw om zich heen te slaan.

In de tekst zijn bijna dertig foto’s opgenomen. Een plattegrond van het bunkercomplex en twee kaarten geven inzicht in de ligging van het hoofdkwartier en het verloop van de strijd tegen de Russen. Notenapparaat, literatuuropgave en een register ontbreken niet.
Kortom: prima werk van auteur en uitgever.

Felix Bohr (1982) is historicus en journalist. Hij is hoofd van de geschiedenisredactie van Der Spiegel.  

ISBN 9789029555203 | Paperback | Omvang 320 blz. | Uitgeverij De Arbeiderspers| 25 juni 2026

© Henk Hofman, 20 juli 2026

Lees de reacties op het Forum en/of reageer, klik HIER.