Martine Glaser 

De Bokkenbrigade
Martine Glaser


Mickey (=Michelle, maar zo noemt alleen tante Jo haar) hoort van haar moeder wel eens wat over de huurders van de woningcorporatie, want daar werkt zij. Samen verbazen ze zich dan wel eens over sommige mensen, die ruzie lijken te zoéken. Maar nu is het wel heel erg: want is het om de buren te pesten dat mensen een geit in de tuin hebben gezet? Later zou je dat wel gaan denken, want als Mickey met haar vrienden een reddingsoperatie op zet, kraait er geen haan naar de geit die verdwenen is.
Wat Mickey gedaan heeft? Omdat de buren dreigden het dier te doden met een groot slagersmes, heeft ze met Mark, Kaspar en Natasja het dier ontvoerd uit de tuin en hem ondergebracht - tijdelijk, want het is bouwvakvakantie – op een bouwplaats.
Intussen doen ze hun best een betere plek te vinden. Marks oma wil wel helpen. Zij woont in een bejaardentehuis en daar is het maar saai. Een geit – en nog andere dieren - dat willen de oudjes wel. Maar helaas: de directeur wil het niet. Of zou hij zwichten voor alle acties die de bewoners van Avondrood organiseren?
Het wordt steeds dringender, want op de bouwplaats zwerven een stel ongure mannen rond. Wat moeten die daar? Ze mogen Jojo, zo is de geit gedoopt, niet vinden!
De verwikkelingen rond deze feiten worden met vaart en veel humor verteld. Het zijn eigenlijk wel grote-mensenproblemen waar de kinderen mee om gaan: een directeur die te maken heeft met een streng bestuur dat er een eigen agenda op na houdt en problemen van huurders, die niet kunnen betalen, maar als kinderen zulke kwesties aanpakken, gebeurt dat op een verrassende en speelse manier. Dat geeft leuke situaties, soms wat vergezocht misschien, maar dat is geen probleem.


´De meneer keek Kaspar lang en ernstig aan. Toen wendde hij zijn blik naar mij, en daarna weer naar Kaspar. ´Zo´n maffe directeur hè. Weet je wie hier de regels echt vaststellen? De raad van bestuur, beste jongen. Allemaal heel geleerde mensen. Heel belangrijk ook. Ze hebben allemaal minstens één lintje, zo belangrijk zijn ze. En volgens hen is het hier geweldig, punt uit.
'Wonen hun ouders hier?' wilde ik weten.
De meneer staarde me verbaasd aan. ´Wat is dat nou voor een vraag?'
'Dat vraagt mijn moeder altijd aan die mensen die huizen voor Goed Wonen bedenken. Arsjie...´
'Architecten', begreep de meneer.
'Architecten. Zou je hier zelf willen wonen? vraagt ze dan. En als ze nee zeggen, stuurt ze ze terug. Dan moeten ze weer opnieuw beginnen.'
De meneer keek om zich heen alsof hij de gang voor het eerst in zijn leven zag. Van de glimmende vloer naar het raam. Van de plantenbak naar het plafond. Van het bordje Afd A1 naar het piepkleine tulpenschilderijtje op de lange witte muur. ´Ik zou hier wel willen wonen,´zei hij tenslotte treurig. 'Tenminste... Hoewel...'


Martine Glaser heeft er nog een flinke dosis romantiek bij gedaan, zeker niet overheersend, waardoor het zowel voor jongens als voor meisjes een geschikt boek is. Het heeft alles waarmee je een paar uurtjes gezellig kan doorbrengen. Het is immers reuze spannend om er achter te komen of de kinderen voor elkaar krijgen wat ze nastreven!
Er is een ik-verteller, waardoor je direct op de gebeurtenissen zit vanuit Mickey’s kijk op de wereld.
Voor de gevorderde lezer, vanwege de thematiek en omdat er geen illustraties zijn.


ISBN 9789048816194 | Hardcover | 160 pagina's | Uitgeverij Moon | november 2011
Leeftijd vanaf 10 jaar.

© Marjo, 24 maart 2013

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER