De avonturen van Cipollino
Gianni Rodari
‘Vrijheid betekent dat niemand over je beslist’
Op een dag komt de Prins met zijn Hofcitroenen en zijn soldaten, de Citroentjes, langs de hut waar het gezin Cipolla woont. In het gedrang wordt vader Cipollone naar voren geduwd, hij stapt per ongeluk op de tenen van de gouverneur, en wordt opgepakt.
Cipollino vindt het vreselijk: zijn vader bij de grootste schurken in het gevang!
Maar Cipollone legt uit dat het niet zo is:
‘Dus het is een eer om in de gevangenis te zitten?’
‘Soms wel. Normaal gesproken zijn gevangenissen voor dieven en moordenaars, maar sinds Prins Limone regeert, zitten die bij hem aan het hof, terwijl goede burgers achter de tralies verdwijnen.’
Op dat moment besluit Cipollino dat hij in opstand zal komen. Hij trekt de wijde wereld in en vindt vele medestanders: Meneer Courgette, die niet eens past in het huisje waar hij woont, Pirro Prei met zijn enorme snor, professor Pero Peer, schoenmaker meester Rozijn, het dienstmeisje Aardbeitje, Boontje, zoon van de voddenman en nog vele anderen. Met hen gaat hij de strijd aan tegen Ridder Pomodoro, de twee Gravinnekes van de Kersengaard en het leger citroentjes.
Het is geen strijd met wapens, Cipollino verzint listen om de Prins en zijn Hofhouding voor gek te zetten en blunders te laten begaan. Mevrouw Mol speelt daarbij een belangrijke rol...
Het zijn inderdaad personages van groenten en fruit – een overzicht bevindt zich voorin - die zich vaak – maar niet altijd – gedragen als hun aard is. Het geheel is een schelmenroman: de onderdrukten nemen het op tegen de tirannieke overheersers. Natuurlijk zijn de opstandelingen slimmer: macht kweekt angst. Dan is vriendschap gecombineerd met moed sterker.
Het wordt verteld in hoofdstukken met een aanduiding als ‘waarin...(dit of dat gebeurt) voorzien van mooie, vaak grappige illustraties. De dialogen zijn vlot, en er zitten grappen in.
Of kinderen de thematiek begrijpen is de vraag. Dit verhaal is geschreven door een Italiaan in 1950, de tweede wereldoorlog was net voorbij, en de tirannieke Mussolini heerste niet meer. (Jonge) lezers kennen deze achtergrond niet, hebben nog nooit gehoord van fascisten en communisten. Weet je dat wèl, dan krijgt dit verhaal meer betekenis. Dan is het een verhaal over verzet tegen tirannie.
Zonder die kennis is het een fantasieverhaal. Ook leuk, maar niet wat de schrijver voor ogen had.
Ook de vertaling laat af en toe een steek vallen. Wordt bij de familie Cipolla opgemerkt dat ‘als je als ui ter wereld komt, het huilen je nader staat dan het lachen’, waarmee de naam cipolla verklaard wordt, bij Topias de muis - in het Italiaans topo, doet men geen poging. Mevrouw Mol wordt om onverklaarbare reden ineens ‘hij’, om even verderop weer ‘zij’ te worden.
En waarom ‘mister’ Peen? Afgestudeerd in Leiden? Een aardbeving in Groningen?
Kinderen zullen het niet merken...
Gianni Rodari (1920 – 1980) schreef deze klassieker uit de Italiaanse kinderliteratuur. Hij kreeg in 1970 de Hans Christian Andersen Prijs.
ISBN 9789493408098 | Hardcover | 248 pagina's | Uitgeverij Parade | september 2025
Illustraties van Chiara Baglioni | Vertaald uit het Italiaans door Cris Manzoni | Leeftijd vanaf 10 jaar
© Marjo, 5 mei 2026
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER