Elisabeth Mollema 

Mo en Tijger gaan op reis
Elisabeth Mollema


Mo snapt het niet zo goed. Waarom duurt het zo lang voor ze vertrekken? Mama is druk met dit, papa met dat, maar hij is allang klaar! Zijn broertje Sem ook, en Tijger denkt nergens over na. Ze gaan naar opa, die in de duinen woont, en papa wil het liefst met die oude bus gaan.


Omdat mama niet klaar is moet Mo op Sem passen en die is nogal ondeugend. Iedere keer moet Mo maar weer zien dat hij het in orde maakt!  Als ze papa nergens kunnen vinden mag Tijger gaan speuren. Wie het eerdere deel heeft gelezen weet dat hij een speurhond is. Kan hij papa vinden?

Het tweede deel heet ‘Pech!’. Je snapt het al: dat van die oude bus was niet zo’n goed idee.
Mo maakt zich zorgen: komen ze nu wel tijd bij opa? Niet dus, ze moeten blijven slapen in een hotel. 


Deel 3 is Dief in het hotel, ook weer een veelzeggende titel.
In het hotel gebeurt weer iets dat een kluif naar Tijgers bek is: hij moet een dief opsporen!
De volgende dag vertrekken ze. Maar de bus is niet zo goed gemaakt. Het is gewoon met touwtjes aan elkaar gebonden!
En dus gaat het weer mis


Deel 4 heet ‘Kaatje Kip’
En opnieuw staan ze met pech langs de weg. De taxi bellen. Maar die komt maar niet. Papa gaat naar de boerderij die ze in de verte zien, en daar woont Kaatje Kip, een hele lieve vrouw. En een knappe vrouw ook: zij maakt de bus vast om mee te slepen! En zij heeft een oude auto staan die ze mogen lenen. Hè, hè, eindelijk naar opa!


Deel 5 heet ‘opa’. Hoe klein het autootje ook is, hij brengt hen veilig tot het huisje van opa. Maar waar is opa dan? Niet in het huis, niet in de tuin. De jongens moeten wachten terwijl hun ouders naar de buren gaan. En dan horen ze Tijger blaffen. Heeft hij een spoor naar opa gevonden?


Dit boek is speciaal geschreven voor kinderen die net hebben leren lezen. Het eerste verhaal is op E3-niveau, dat is eind groep 3. Dan volgt M4 en E4 (midden en eind groep 4) en de twee laatste verhalen zijn op M5 niveau, dat is dus midden groep 5. De spanning wordt met ieder verhaal groter.


Maar het is maar de vraag of een kind dat (misschien opnieuw) kennis maakt met Mo en Tijger kan wachten tot hij of zij zelf in staat is om alle verhalen te lezen. Het verhaal in zijn geheel is namelijk best spannend. Je wil toch weten of ze ooit nog bij opa komen!


Dat wordt ofwel voorlezen, ofwel veel moeite doen. In het eerste verhaal is het lettertype groter en zijn de zinnen heel  kort. Daarna wordt het lettertype kleiner en de zinnen langer met steeds moeilijker woorden erin. We zien mama aan de telefoon. Mo en Sem kijken sip, maar Tijger kijkt vrolijk om naar de jongens. Mama zegt dat ook dat de jongens de hond maar moeten gaan uitlaten…


‘Mama kijkt op de klok.
Ik hoop dat hij snel komt.
Want we moeten nu weleens gaan.’
Haar mobiel gaat.
O nee, denkt Mo.
Nu gaat ze vast weer heel lang praten.’


Elisabeth Mollema (1949) heeft al meer dan 70 kinderboeken geschreven, waarvan veel eerste leesboekjes en series over o.a. Olivia Engel, en Siggi & de Vikingen.


ISBN 9789048847853  | hardcover | 172 pagina's | Uitgeverij Moon | april 2019
Tekeningen van Gertie Jacquet | Leeftijd vanaf 6 jaar

© Marjo, 11 mei 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER