Non-fictie

Jaren van misleiding
nucleaire diplomatie in verraderlijke tijden
Mohamed ElBaradei


Je kunt een boek slechter beginnen. Meteen al op de eerste bladzijde vallen we midden in de recente wereldgeschiedenis. Mohamed ElBaradei, voorzitter van het Internationale Atoomenergie Agentschap (IAEA) zit in een restaurant in Bagdad vis te eten met de belangrijkste adviseurs van Saddam Hussein. Ze vergaderen over het al of niet in bezit hebben van massavernietigingswapens, waar het agentschap op dat moment nog geen spoor van gevonden heeft. Na de oproep van ElBaradei en Hans Blix om toch vooral open kaart te spelen en hen zo te helpen een oorlog te voorkomen, antwoordt een hooggeplaatste Irakees dat ze geen massavernietingswapens hebben, maar dat er hoe dan ook niets te helpen valt, omdat allang beslist is dat Amerika Irak gaat binnen vallen. ElBaradei denkt op dat moment nog dat de oorlog te vermijden is, en dat de Amerikanen echt niet zonder bewijs het land zullen binnen vallen. De woorden van de Irakees bleken echter profetisch. ElBaradei voelt zich verbijsterd en is er van overtuigd dat wat hij bij zijn inspecties gezien heeft, de Irakoorlog niet rechtvaardigt. De geschiedenis geeft hem daarin gelijk. De inspecties bleken een klucht, de beslissing om oorlog te gaan voeren was door Bush en de zijne al lang genomen, en gebaseerd op foutieve en moedwillig verdraaide informatie. Bush en Blair hadden, net voor de verkiezingen, de acute dreiging van Saddam Hussein’s massavernietigingswapens flink opgeblazen. Wapens die in werkelijkheid helemaal niet bestonden. Het advies van het atoomagentschap werd niet alleen genegeerd, het werd niet eens afgewacht. ElBaradei is een heer dat hij zich in dit boek alleen maar in termen van verbijstering uit laat. Ik zou wel wat andere termen weten, en vermoedelijk heeft hij die zich thuis aan de keukentafel ook wel laten ontvallen. Aan het eind van het boek haalt hij alsnog zijn gram door zich hardop af te vragen of de ongelegitimeerde oorlog tegen Irak niet aan het Internationaal gerechtshof moet worden voorgelegd en als oorlogsmisdaad moet worden gekwalificeerd. Wat mij geen geringe uitspraak lijkt.


Mohamed ElBaradei was van 1997 tot 2009 voorzitter van het Internationaal Atoom Agentschap. In 2005 werden hij en het agentschap voor dit werk onderscheiden met de nobelprijs voor de Vrede.
Dit boek is een autobiografisch verslag van zijn jaren als voorzitter en geeft een overzicht van verschillende inspecties van landen die er van verdacht worden clandestien kernwapens te ontwikkelen. We schuiven mee aan tafel bij onderhandelingen over kernwapeninspecties bij landen als Noord Korea, Libië, Irak, en Iran. En bij zijn ontmoetingen met George Bush, Hillary Clinton, Condoleezza Rice, Tony Blair, kolonel Gaddafi, de Iraanse president Ahmadinejad, en vele anderen. Al lezend is het verbijsterend om te zien hoe vaak na jaren van onderhandeling er op een háár na verdragen met landen als Noord Korea en Iran binnen handbereik liggen. De handtekeningen hoeven bij wijze van spreken alleen nog maar gezet. Waarna uit het niets een oorlogszuchtige minister , een speech houdt en de tegenpartij beledigd weigert om nog aan tafel te komen. Of dat ineens de Veiligheidsraad een resolutie aankondigt waardoor alle kansen verkeken zijn. Of dat er verkiezingen in zicht zijn waardoor partijen zich ineens oorlogszuchtig gaan profileren. Waarna het hele akkoord maar zo weer van tafel verdwijnt, en de kans op vrede in een regio of wereldwijd verder weg is dan ooit. Als lezer zit je hierbij vaak op het puntje van je stoel, en valt je mond open bij zoveel schijnbare onbenulligheid bij zulke cruciale belangen. Ook de bureaucratie van de besluitvorming is vaak ontluisterend. Iedere letter van een besluitvorming om tot een verdrag te komen gaat over duizend schijven, waardoor er vaak een mager, niet al te slagvaardig compromis uit komt. Internationale en politieke belangen en imago’s en ego’s spelen een grote rol. En de Veiligheidsraad die medewerking tot inspectie moet afdwingen is vaak lang niet zo daadkrachtig als het Atoomagentschap zou willen.


ElBaradei toont zich in dit boek een groot voorstander van de diplomatieke benadering en het blijven zoeken van de dialoog in plaats van dreiging met sancties en intimidatie. Hij is er van overtuigd dat een diplomatieke aanpak en een respectvolle benadering op de lange duur het meest succesvol is. Hij gruwt van de harde lijn, en botst hierover keer op keer met Amerika. Herhaaldelijk komt ook naar voren dat de waardigheid van een land een niet te onderschatte factor in de onderhandelingen is. Als een land het gevoel heeft dat het gezichtsverlies leidt in zijn eigen land of in de regio, verkleinen de kansen aanzienlijk. Landen als Noord Korea en Iran isoleren zichzelf vervolgens nog meer en weigeren verdere inspecties, met als gevolg dat het Atoomagentschap helemaal geen zicht meer heeft op wat er gebeurd.

Het boek is autobiografisch, dus objectief is het niet, al worden de beperkingen van het Atoomagentschap ook zeker niet uit de weg gegaan. Enige ijdelheid is de man niet vreemd, en zo af en toe wil hij met terugwerkende kracht nog graag even zijn gelijk halen, maar toch tekent zich uit het boek een idealist af. Iemand die zich met hart en ziel inzet voor een vrediger wereld, en die er van overtuigd is dat je het verst komt met diplomatie en de dialoog. In het boek zie je hem talloze malen deze visie met hand en tand verdedigen, en even zoveel talloze malen raast met name Amerika in het Bush tijdperk, als een olifant door de porseleinkast omdat er machtspolitiek gevoerd moet worden, of verkiezingen in het zicht zijn. De naam van ElBaradei wordt momenteel regelmatig genoemd in verband met het presidentschap van Egypte, en boze tongen beweren dat het hem politiek gezien goed uit komt om zich in dit boek, wat onverwachts vervroegd uit kwam, niet al te pro-Amerikaans uit te laten. Welke motieven aan dit boek ten grondslag liggen kan ik als leek niet beoordelen, maar het boek biedt hoe dan ook een boeiende inkijk in het functioneren van het internationale Atoomagentschap. Een erg interessant boek voor wie belangstelling heeft in de internationale politieke krachtsverhoudingen in ingewikkelde tijden.


ISBN 978-94-600-3314-8 Paperback 328 pagina's Uitgeverij Balans april 2011
vertaling Gerrit Jan Zwier

© Willeke, 8 juni 2011

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER