Louis Stiller / Jabik de Vries

Wachtland
de nachtwaker, de fotograaf en het wordende eiland
tekst: Louis Stiller en Jabik de Vries
fotografie: Jabik de Vries


Frits, een oude theatervriend, vertelde aan Jabik de Vries hoe zijn dochtertje bij het naar bed brengen naar buiten wees en zei  "Donkerland'.

Diezelfde Frits gaat in Amsterdam-IJburg wonen. De eerste keer dat de fotograaf het grote bouwterrein aan de rand van de stad bezocht was bestond de kavel nog uit moederpoelen en zandheuvels.
'Dit is het dan,' zei Frits grijnzend, wijzend op een groot gat. 'Maak jij de foto's?'
De fotograaf komt zijn belofte na maar de eerste keer dat hij de kavel wil fotograferen verdwaalt hij. Het was winter.


Ik kon de kavel moeilijk vinden, verdwaalde in het gebied en in de tijd. Het werd langzaam donker, de sluitertijden werden steeds langer, ik moest de camera op zandbergen, buizen en stapels stenen plaatsen om het beeld vast te kunnen leggen (statief niet vergeten de volgende keer). Pas toen ik de sluitertijd verlengde tot anderhale minuut, zag ik dat de foto iets liet zien wat ik daarvoor nooit eerder had gezien: een scherpe afbakening van wat is, en wat wordt - van het bestaande en het levende.
Wat beweegt verdwijnt op een nachtfoto; wat niet beschenen  wordt ook. De duisternis bleek een scherprechter, maar ook een vriend.


Bij toeval ontdekte Jabik de Vries toen de schoonheid van nachtfotografie.


De nacht, donkerland, maakt alles anders. Alles komt dan tot rust, alles staat uit te dampen, op adem te komen. Kaarten heb geen nut en zelfs de maateenheden zijn anders. Het bouwterrein fascineert hem, doet hem denken aan de landjes dat elk kind wel kent, de verlaten stukjes grond waar je speelde of een hut maakte. In de nacht zijn de geluiden anders, er zijn geen mensen. 'Wat is vast, wanneer de sterren en de maan strepen door de lucht trekken?' filosofeert de schrijver als hij de bewegingsstreepjes bij de sterren en de maan op zijn foto's ziet.
De enige mens die  fotograaf tegenkomt is de nachtwaker. Aanvankelijk is het contact koel, de mannen zeggen elkaar gedag. De nachtwaker is niet zo'n prater. Toch ontstaat er een soort band. Langzamerhand worden de praatjes iets langer, vrienden zullen ze nooit worden maar ze delen iets waar ze beiden van houden, de nacht met al zijn geheimen en geluiden.


Frits is helemaal niet zo gecharmeerd van de foto's, toch kan Jabik het niet laten.  Drie jaar (2007-2009) lang trekt hij regelmatig naar het bouwterrein. Hij maakt het zich eigen, ziet de veranderingen en legt op zijn manier de bouw van de woningen vast. Later maakte hij ook enkele foto's van de verbouwing van het Amsterdamse Centraal Station en het Rijksmuseum, maar IJburg blijft trekken tot het zo goed als klaar is.
Deze nachtelijke bezoeken resulteerden in dit schitterende fotoboek, onder elke foto (107 stuks) staat telkens de locatie, datum, tijd en sluitertijd. De foto's zijn adembenemend in hun zogenaamde eenvoud. De fotograaf brengt ons van Donkerland, via Wordland, Weifelland en Hoogland naar Wachtland.
En zo zijn we via deze beelden getuige van de wereld die nooit meer terugkomt...


Jabik de Vries werd tijdens zijn nachtelijke tochten regelmatig begeleid door schrijver Louis Stiller, die samen met Jabik een lang verhalend essay bij de foto's schreef. Deze tekst is verrassend aangenaam om te lezen. Zij varieert van terugblikken op de omgeving in de jeugd, herinneringen aan een moeder die aan het 'verijlen' is, verhalen over de oude woning in Amsterdam-West van Jabik, over de woning in de Bijlmermeer van Frits tot mooie bespiegelende gedachten...

Alles wat ik tot nu toe heb gedaan, heb bedacht, heb gezien, is een pleidooi voor het wachten, bedacht ik vannacht, toen ik wakker werd van gekraak boven me. Het wachten op tijd. Het wachten zonder woorden. Geduld hebben om nieuwe gebieden zichzelf te zien worden, om gebouwen en pleinen plekken te laten worden. Om bewoners zelf het heft in handen te zien nemen.

Wachten zou een deel van het ontwerp moeten zijn. Architecten zouden erin geschoold moeten worden, overheden zouden het boven aan hun agenda moeten hebben staan. Punt 1: wachten.
Dit is ook een pleidooi voor witte en grijze gaten in het ontwerp. Voor het niet alles meteen en volledig invullen door ontwikkelaars en overheden. Voor overloopgebieden, landjes en poelen. Voor plekken zonder hekken - plekken die nog iets moeten worden.
Dit is een pleidooi voor meer wachtland.


Dit boek is een aanrader als leesboek maar ook zeer interessant en aantrekkelijk  voor mensen die zelf fotograferen en/of geïnteresseerd zijn in (de bouw van) Amsterdam.

Zie ook http://www.wachtland.nl

ISBN 9789056920050 Paperback 231 pagina's Uitgeverij Album 8 april 2010

© Dettie,  april 2010

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER