Literaire tijdschriften

De Gids. nr. 4 2016.


Het trotse literaire tijdschrift De Gids bestaat al sinds 1837. In 2013 besloot het Fonds der Letteren de subsidie stop te zetten. De Groene Amsterdammer besloot De Gids echter over te nemen van de Arbeiderspers en het is nu een bijlage, die lezers van De Groene, 8 maal per jaar ontvangen. Daarnaast kan men zich nog steeds abonneren op het blad dat in een Berliner-formaat op krantenpapier verschijnt.
Edzard Mik is hoofdredacteur van een redactie, die verder bestaat uit Roel Bentz van den Berg, Piet Gerbrandy, Adriaan van Veldhuizen, Dirk Vis, Dirk van Weelden en Nina Wijers.


In dit nummer, dat begint met een stuk van Van den Berg over de Grote Verwarring, die getemd kan worden, u raadt het al, met mooie poëzie, een gitaarakkoord of een prima verhaal. Willem Otterspeer de biograaf van Hermans, besteedt aandacht aan de verbondenheid van taal en werkelijkheid, die in de letteren niet te scheiden is, maar helaas bij veel academici is gaan dienen om slechts de werkelijkheid te beschrijven. Een fraai betoog en een wake-up call.
Mattijs van der Port breekt daarna een lans voor film, als medium dat de wetenschap zou kunnen verbreden en verdiepen. Hiermee naadloos aansluitend bij het voorwoord van Van den Berg. En het is tijd voor het eerste verhaal van deze keer, de zwaar onderschatte Rob van Essen. Een mooi verhaal over een contactgestoorde man, die de verandering in zijn wijk en het contact met zijn vrienden niet meer aan kan. Gedichten vervolgens van Mark Boog


(...) Het huis is een lichaam waarvan
de inhoud berekend kan worden(...)


Een mooi verhaal is ook Juni van Sanneke van Hassel, de schrijfster van IJsregen en Witte Veder. Ze komt uit de school van Alma Mathijsen en heeft een groot talent. 'U hallucineert, zou Van de Ven zeggen, hij is bijna met pensioen, mijn dokter in zijn villa een paar straten verder, slaapwandelend scharrelt hij tussen de oude instrumenten in z'n souterrain.' Mooi dat proza, bijna Nescio!


Een mooi debuut van de getalenteerde Jente Posthuma. Het lange gedicht van Sasja Janssen Naar de klote kon me niet boeien. Komt dat door de puberale titel?


Het essay van Piet Gerbrandy over poëzie des te meer. Hij durft te stellen: 'Hoe fraai ook geconstrueerd, het compacte gedicht, het gedicht als kleinood van woorden, overtuigt niet meer. Het is tijd voor een poëzie die genres doorbreekt en groots en belachelijk durft te zijn. Poëzie waarin het hart van de dichter klopt.'En hij neemt ons mee langs dichters als Mallarmé, Rilke en Kouwenaar.


Vervolgens weer mooie poëzie van Marwin Vos. Gedichten, die in elkaar overlopen. We lezen bijvoorbeeld:


'Omdat we lopen onder de bloesembomen, ook 's nachts
vuilcontainers ontpoppen zich als tankgeschut bij de bankkantoren, (...)


Meester Jacob Groot, de mysterieuze schrijver, uitgever, komt nog met een verhaal en Henk van der Waal (Gedicht) en Nina Polak (Boekbesprekingen) besluiten dit nummer.


Het is duidelijk, De Gids legt de lat hoog. Geen makkelijke bijdragen maar wel de tijdgeest dienende inzendingen. Moge het blad de tand des tijds blijven trotseren!


ISBN 9789079539338 | paperback | uitg. De Groene Amsterdammer 2016


© Karel Wasch, 8 november 2016

lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER