Non-fictie

Klaas Tammes

Een verdwaalde intellectueel
Hans Gruijters
Van kroegbaas tot eerste burgemeester van Lelystad
Klaas Tammes


Hans Gruijters is geboren in 1931 in Helmond en overleed in 2005. Zijn loopbaan bestaat uit een bonte afwisseling van banen en nevenfuncties: journalist, kroegbaas, oprichter van D66, minister, burgemeester van Lelystad (1980-1996), voorzitter van het Productschap voor Gedestilleerde dranken, president-commissaris van het Bouwfonds Nederlandse Gemeenten. Gruijters was een kleurrijke persoon, wars van conventies en totaal ongevoelig voor correcte sociale en politieke omgangsvormen. Gruijters was eerst en vooral zichzelf.


Deze bijna vergeten persoon is door Klaas Tammes weer op het podium gezet. In een meeslepend geschreven verhaal laat Tammes de vele facetten zien die deel uitmaken van het complexe karakter van Gruijters. Ongeduldig, opvliegend, vaak tactloos, soms ook bot, maar wel recht door zee, warm voor zijn chauffeur en secretaresse, trouw aan zijn aan alcoholverslaafde vrouw, begaafd en zeer belezen. Toch wel een man uit een stuk, vind ik.


Binnen de partij die hij zelf had opgericht, werd Gruijters al gauw een omstreden figuur. Hij was voor het plaatsen van kruisraketten, hij was voorstander van kernenergie, hij vond dat Nederland ‘vol’ was en keerde zich tegen immigratie, hij kantte zich niet tegen de levering van reactorvaten aan het apartheidsregime in Zuid-Afrika. Dat soort standpunten paste niet binnen het ideologische profiel dat D66 zich had aangemeten. En Gruijters was er de man niet naar zijn mening achter de kiezen te houden. Een jaar voor zijn overlijden zegde Gruijters zijn lidmaatschap van de partij op. Hij was er toen al bijna vergeten.


Dat is eigenlijk ook het grote probleem bij Gruijters. Hij brak niet echt door in de Nederlandse politiek, hoe capabel hij ook was. Dat lag aan zijn moeilijke thuissituatie en aan zijn scherpe tong. Jammer, want deze man, die zich in geen enkel hokje liet vangen en die niet aan partijpolitiek deed, had gemakkelijk op gelijke voet met Den Uyl, Wiegel, Lubbers en Van Agt het landsbeleid kunnen bepalen.


In de grillige loopbaan van Gruijters, die via de kroeg en het ministerschap naar het burgemeesterschap leidde, zijn een paar constante patronen aan te wijzen.


Het eerste is zijn liefde voor lezen. Gruijters verslond boeken, hij las altijd en overal. In de wachtrij, in de auto (met chauffeur), in het restaurant, op zijn werk, thuis. Hij had altijd een boek of een tijdschrift bij zich. Als hij zich op een vergadering ergerde aan ‘het gedoe’ liep hij soms weg om ergens in een hoekje te gaan lezen. Deze permanente leeshonger verschafte hem een enorme kennis en daarmee een voorsprong op zijn omgeving. Vrijwel niemand kon in het debat op tegen Gruijters, en al helemaal niet in de gemeenteraad van Lelystad.


Een tweede constante in zijn leven is zijn integriteit. Hij heeft zijn vrouw nooit laten vallen, maar altijd gesteund. Zijn toewijding aan Lelystad staat buiten kijf. Hij heeft de stad bekwaam bestuurd, al vonden sommigen (en hijzelf ook) het burgemeesterschap beneden zijn statuur. In zijn declaratiegedrag was hij heel nauwgezet. Bij hem raakten geen bonnetjes zoek. Hij verantwoordde zich zorgvuldig.


De derde trek die opvalt in het leven van Gruijters is zijn gave om te speechen. Uit zijn hoofd, strooiend met citaten en humoristische c.q. sarcastische opmerkingen, en heel overtuigend.


Tammes heeft er een prachtig boek van gemaakt. Uitgebreid bronnenonderzoek ging aan dit boek vooraf. Complete (kranten)archieven zijn geraadpleegd. Zo’n 80 interviews zijn afgenomen. Het boek dat op basis van al dit onderzoek is geschreven, vult het zwart-witbeeld van Gruijters aan met tussentinten. De ongepolijste politicus Gruijters zou in dit tijdvak niet passen, maar eigenlijk was hij ook al in zijn eigen tijd een buitenbeentje. Toch denken de meeste mensen die met Gruijters te maken hebben gehad met waardering aan hem terug.


Dat bleek ook wel toen uitgever en auteur het boek presenteerden op 27 februari jl. in Lelystad. De zaal was te klein om de schare belangstellenden te bevatten. Hans Wiegel was aanwezig en nam het eerste exemplaar in ontvangst. Voormalig minister-president Van Agt was er, evenals vriend Jan Nagel. De opvolgers van Gruijters als burgemeester van Lelystad zaten op de eerste rij. Voor een doorsneefiguur zouden deze prominenten op hun leeftijd de moeite niet hebben genomen. Ze kwamen uit respect voor een man van formaat.


Het boek is uitstekend en met veel gevoel voor humor geschreven. Het boek is heel compleet, want voorzien van een notenapparaat, een bijlage met citaten van en over minister Gruijters, de familiestamboom, een overzicht van de bronnen en een personenregister. Bovendien is het boek geïllustreerd. Auteur en uitgever verdienen voor dit alles een compliment.


Opmerkelijk is de compositie. De lezer verwacht dat thema’s in chronologische volgorde aan de orde komen. Dat past bij boeken over historie en zeker bij een biografie. Tammes focust op Lelystad en onderbreekt zijn verhaal met ‘Vensters’ die weer teruggrijpen op voorgaande zaken en dus de chronologie doorbreken. Het Venster Helmond waarin de jeugd van Gruijters aan de orde komt, is zelfs het laatste hoofdstuk. Voor het goede begrip van de gang van zaken is de chronologische volgorde meer geschikt.


Tammes is sociaal geograaf en is zelf ook burgemeester geweest van drie gemeenten in de Betuwe. In 2018 schreef hij een boek over Ridder van Rappard, die burgemeester van Gorinchem was. Van Rappard en Gruijters hebben dat bonkige en dwarse met elkaar gemeen. Daar heeft de hoffelijke auteur weer helemaal niets van.


Dit mooi geschreven portret van Gruijters, dat zich als vanzelf laat lezen, beveel ik graag aan. Het boek geeft een herbeleving van het politieke spektakel uit de laatste twintig jaar van de vorige eeuw.


ISBN 9789044641295 | Paperback | 285 pagina’s | Uitgeverij Prometheus | februari 2020

© Henk Hofman, 3 maart 2020

Lees de reacties op het Forum en/of reageer. Klik HIER