De strijd van Dasar
Tekst: Peter Vervloed
Illustraties: John Rabou
Een boek uit de serie Terugblikken. Terugblikken is een serie prentenboeken en leesboeken die aansluiten bij de canon van de Nederlandse geschiedenis. Naast mooie illustraties en spannende verhalen bevatten de leesboeken en prentenboeken ieder ook een aantal informatieve bladzijden over het betreffende tijdvak of de tijd waarin het boek speelt. Dit gebeurt met tekst en veel foto`s. Ook wordt informatie gegeven over interessante en leuke musea, van wie de collectie aansluit bij de tijd waarin het verhaal speelt.
De schrijver vertelt dat de Indonesische vader van zijn vrouw overleed. Indonesië was in een ver verleden een kolonie van Nederland. Daar werden specerijen, thee, koffie, suiker en tabak vandaan gehaald. Die handel leverde veel geld voor Nederland op. De mensen in Indonesië, toen Nederlands Indië genoemd, werkten voor de Nederlanders en echt leuk was dat niet voor hen.
Bij het leeghalen van het huis van zijn schoonvader kwam de schrijver een pak papier tegen met een elastiek er om. Dat pak papier had de titel: dwangarbeid en onderdrukking in Indië. De schrijver begon te lezen en kon niet meer stoppen, uit die papieren onstond het verhaal van Dasar...
Het is 1856. Op Java dwingt het Nederlandse bestuur de boeren, onder wie Dasars vader, te werken aan een weg door de bergen.
"Zijn vader haat het werk aan de weg. dat begrijpt Dasar maar al te goed. Een boer hoort op het rijstveld, niet in de bergen. Bovendien heeft de weg geen nut voor de boeren in de omtrek. Hij dient alleen om de rijke Hollandse meneren en mevrouwen met hun dure spullen comfortabel van de ene sta naar de andere te vervoeren. Dat had meneer De Kock tegen sultan Ageng de Vierde gezegd. En die Hollandse meneer is de baas: hij is de assistent resident. Daarom had de sultan de boeren gevraagd stenen los te hakken, op de ossenkarren te laden en weer stenen los te hakken, van 's morgens vroeg tot 's avons na zonsondergang. Zonder dat ze er een cent voor betaald kregen. En de boeren hadden deemoedig hun hoofd gebogen. De sultan mocht dit van hen vragen."
Doordat de boeren aan de weg moeten werken kunnen ze hun land niet meer onderhouden en dan hebben ze ook geen rijst. Dasar probeert, samen met zijn moeder, te doen wat hij kan maar zo goed als zijn vader kunnen ze niet werken. Tijdens de middagpauze van zijn vader komt Dasar altijd fluitspelen voor de mannen die werken aan de weg. Hij kan prachtig spelen en dan vergeten de boeren even hun moeheid.
De sultan heeft het voor het zeggen maar hij moet ook meneer De Kock gehoorzamen. Als die arbeiders nodig heeft moet de sultan er voor zorgen. Helaas, er komt een lawine en Dasars vader raakt bedolven onder de stenen en overleeft het niet.
Maar het leven gaat door, er moet gewerkt worden op het land, hoeveel verdriet ze ook hebben. En dan komt de opzichter, Dasar moet de plaats van zijn vader innemen... Dat nooit! denkt Dasar. Hij gaat naar de sultan maar die kan (of wil?) hem niet helpen. Dan maar naar meneer De Kock denkt Dasar, ik ben niet bang voor hem... Dit is het begin van een spannend en ontroerend verhaal waarbij te hopen is dat het voor de boeren beter zal worden.
Achterin het boek staan foto's van een koffieplantage en arbeiders in een theemagazijn, een arbeider op een rijstveld én foto's van een blanke plantersfamilie en het huis van Multatuli. Verteld wordt hoe het toentertijd was voor de inlandse bevolking om te leven onder het blanke Nederlandse bestuur en de omgekochte sultan of regent. Wat Multatuli probeerde te doen was hier een eind aan maken, wat hem niet lukte.
Het boek begint met de introductie van de schrijver die rechtstreeks het woord richt tot de lezers. Dit doet hij meerdere keren in de loop van het verhaal. Ook last hij midden in het verhaal, als leespauze, een sprookje in. Hoe mooi het sprookje ook is en hoe aardig de schrijver ook 'praat', dit had van mij weg mogen blijven, het voegt niets toe aan het doel van het verhaal, namelijk informatie geven over het leven in Nederlands-Indie. Het verhaal zelf, over Dasar is goed geschreven en vertelt helder hoe het moet zijn geweest voor de bevolking. Het is af en toe ontroerend zoals bij de dood van Dasars vader en de ontmoeting van Dasar met de zoon van meneer De Kock. Het verhaal kan een mooie inleiding zijn om een spreekbeurt te houden over Nederlands-Indië of om door te gaan op koloniale periode in de Nederlandse geschiedenis.
Het boek zelf is mooi uitgevoerd. De illustraties van John Rabou zijn uitermate sfeervol en goed ingeleefd. Uitstekend boek.
ISBN 9789053003442 Hardcover 93 pagina's Uitgeverij Delubas oktober 2009
vanaf 8 jaar
© Dettie, maart 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Over stresskippen en vegaburgers
Netty van Kaathoven & Evelyne Gorter
De hele klas gaat naar de boerderij. Daar krijgen de kinderen een enorme schuur te zien vol slachtkippen. Nanou woont nog niet zo lang in het dorp, ze komt uit de stad, en zij wilde al niet mee naar de boerderij omdat ze dit vreselijk vindt om te zien. Maar, ze zien ook leuke dingen zoals de geboorte van een kalfje, een stiertje. Maar dat kalfje kan niet bij zijn moeder blijven, aan een stiertje heeft een boer niets, die geeft geen melk. Dus het stiertje moet weg en dat vinden de kinderen maar zielig voor hem. Nanou is weggelopen, ze is zelfs teruggefietst naar school want ze vindt het echt heel erg zoals er op de boerderij met dieren omgegaan wordt. Koeien die binnen staan, kippen die heel dicht op elkaar in een grote schuur zitten... Maar de meester is boos, ze had niet zomaar weg mogen gaan. Nanou biedt aan om als straf een spreekbeurt te houden over waarom ze geen dieren eet en waarom ze niet van boerderijen houdt. Dat vindt de meester een prima idee. Ralph vindt Nanou maar raar en buiten krijgen ze dan ook flinke ruzie.
Gelukkig is Ralph ziek als Nanou haar spreekbeurt houdt. Ze vertelt heel veel over het ellendige leven dat veel dieren hebben, koeien die nooit buiten komen, kippen die elkaar doodpikken, kalfjes die bewust te weinig ijzer krijgen zodat hun vlees mooi blank blijft enz. De kinderen én de meester zijn er allemaal een beetje beroerd van. Maar het lijkt ze ook heel moeilijk om nooit meer vlees te eten, geen lekkere hamburger meer, geen worst, geen kroketten... Steeds maar kaas eten lijkt ze ook niets.
Na de pauze bedenken de kinderen wat je kunt doen tegen dierenleed. Ze verzinnen allerlei oplossingen en Faure stelt voor om op kamp op de kampeerboerderij vegetarisch te leren koken. Dat vindt iedereen een superidee. Meester gaat vragen of het kan, of de kok op het kamp wil helpen en gelukkig wil hij dat en ook de moeder van Nanou komt helpen. Ze zullen één dag vegeatrisch eten. De kinderen vinden het geweldig behalve Ralph, die vindt het een stom plan.
Hij begint zelfs Nanou op een heel vervelende manier te pesten. Maar Nanou is gewend dat kinderen zo doen omdat zij anders is dan de rest.
Eenmaal op kamp hebben ze onder het koken de grootste lol, zelfs Ralph doet mee. Maar als ze willen beginnen aan het eten dan blijkt waarom hij zo leuk meedeed... arme Ralph, het was niet voor niets dat hij zo raar deed. Nu iedereen weet waarom hij zich zo vreemd gedroeg is het niet erg meer en Nanou is erg opgelucht. Daarna gaan ze gauw het heerlijke eten opeten.
En van dat heerlijke eten staan alle recepten (28) in het boek! Wat dacht je van meloenspiesjes of aardappelkaaskroketjes of pindasoep of aardblije ijsjes. Na de bladzijden met recepten wordt nog verteld wat mensen vroeger en nu eten en waarom je voor bepaald eten kiest, wat er voor voedingsstoffen in eten zit en welke je nodig hebt om gezond te blijven en nog veel meer extra informatie over eten.
Netty van Kaathoven schreef het verhaal en Evelyne Gorter schreef de receptie en overige informatie.
Het verhaal is helder en duidelijk verteld, toch denk ik dat je dit een kind niet zomaar moet laten lezen. Er is volgens mij wel begeleiding bij nodig om een kind dat vragen heeft gelijk te kunnen informeren over bijvoorbeeld dieren in legbatterijen etc. De behandeling van dieren wordt nogal hard verteld in dit boek waardoor kinderen mogelijk behoorlijk kunnen schrikken. Verderop in het boek kunnen de kinderen kiezen wat ze willen, wel vlees eten, een beetje vlees eten, geen vlees eten, alleen biologisch vlees eten etc. Ze leren dus het eten van vlees op verschillende manieren te bekijken. Maar het begin van het boek leidt bijna tot accuut vegetariër worden vind ik, tenzij het goed gebracht wordt en de ouders of meester of juf de kinderen inderdaad het gevoel geven dat ze kunnen kiezen wat ze willen doen. Het samen koken van vegetarisch eten, gebruik makend van de recepten in dit boek, zou een goed idee kunnen zijn om te laten zien dat eten zonder vlees ook lekker is.
Op de site van de uitgever staan ook lessuggesties en een werkblad
ISBN 978 90 8560 562 1 Hardcover 126 pagina's Uitgeverij SWP Niño september 2009
Leeftijd 10 - 12 jaar
http://www.nettyvankaathoven.nl
http://www.evelynegorter.nl/
© Dettie, maart 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
De tovervinger
Roald Dahl
Het buurmeisje van de familie Kreitjes kan niet uitstaan dat meneer Kreitjes en zijn twee zonen Flip en Willem graag op jacht gaan.
"Als je het mij vraagt, is het helemaal verkeerd dat mannen en jongens dieren doodschieten, zomaar voor hun plezier. Iedere keer dat ik naar ze toe ging, probeerde ik ze aan hun verstand te brengen dat ze ermee op moesten houden, maar dan lachten ze me vierkant uit."
Het buurmeisje werd zelfs zo boos dat er rode vlekken voor haar ogen kwamen en ze met haar tovervinger zwaaide...
Diezelfde dag komen meneer Kreitjes en Flip en Willem weer thuis met 16 eenden die ze neergeschoten hebben. De vier heel grote eenden kregen ze maar niet te pakken en het gekke is, die eenden achtervolgden de drie mensen naar huis!
De volgende ochtend werd de familie Kreitjes wakker en ze hadden vleugels in plaats van armen en ze waren gekrompen! Meneer en mevrouw Kreitjes waren in paniek maar Flip en Willem vonden het wel leuk en vlogen zo het raam uit.
"Wat denk je, zouden wij dat ook kunnen, lieve man?
"Ik zie niet in waarom niet," zei meneer Kreitjes.
"Vooruit laten we het proberen.
Meneer Kreitjes begon flink met zijn vleugels te klapwieken, en hup, daar ging hij omhoog.
Toen deed mevrouw Kreitjes hetzelfde.
"Help!" riep ze toen ze voelde dat ze de lucht in ging. "Red mij!"
"Toe maar," zei meneer Kreitjes. "Niet bang zijn!"
En zo vlogen ze het raam uit, hoog de lucht in, en het duurde niet lang of ze hadden Flip en Willem ingehaald.
Toen ze naar beneden keken zagen ze de vier grote eenden hun huis bezetten... waar moesten ze nu slapen?
Meneer Kreitjes besloot een nest te bouwen, dat was nog best lastig als je geen handen hebt, ze moesten net als de vogels elk takje in hun mond meenemen.
"Probeer het eens," zei meneer Kreitjes. hij was heel trots op zijn werk.
"O, wat prachtig!" riep mevrouw Kreitjes terwijl ze in het nest ging zitten. "Ik heb het gevoel dat ik zo een ei zou kunnen leggen!"
Maar zo leuk is het natuurlijk niet in een nest te wonen als je gewend bent aan een lekker zacht bed en een lekker warm huis. En hoe komen ze aan eten? Ze kunnen niets pakken zonder handen...
De nacht in het nest is vreselijk en de volgende ochtend staan de grote eenden buiten, met geweren, ze gaan jagen... op de familie Kreitjes!
Roald Dahl is bekend om zijn humorvolle, soms griezelige, soms bizarre verhalen. Dit is ook weer een lekker gek verhaal zoals alleen hij het kan schrijven. Een verhaal vol fantasie en deze keer met een boodschap... jagen is écht niet leuk!
De zwart-wit afbeeldingen zijn zoals altijd van Quentin Blake, zijn naam staat voor leuke, grappige tekeningen.
Deze keer zijn ze echter niet helemaal duidelijk, ik vraag me af of ze oorspronkelijk in kleur of groter waren maar dat kan ik nergens vinden. Nu zijn het pentekeningen die met grof zwart/grijs potlood zijn 'ingekleurd'. Maar de afbeeldingen blijven evengoed erg grappig, vooral als de familie Kreitjes een nest aan het bouwen is.
Een boek om vaak uit voor te lezen.
(Tien procent van de opbrengst van dit boek gaat naar diverse Roald-Dahl liefdadigheidsinstellingen.)
ISBN 9789026127960 Hardcover 64 pagina's | Fontein | jubileumeditie editie | februari 2010 Vanaf 8 jaar
Vertaald door Harriët Freezer
© Dettie, februari 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Met opa in de sneeuw
Tekst: Stefan Boonen
Illustraties: Marja Meijer
Gitte, Emma, Isa, Pelle, Pieter, Bram en Freya zijn bij opa en oma. Het sneeuwt buiten. Een paar kinderen zijn bezig met een huisje en een pindaketting voor de vogeltjes maar Gitte wil buiten spelen. Dat wil iedereen wel! Opa heeft er ook wel zin in maar eerst moet iedereen een muts op en laarzen en handschoenen aan van opa want anders is het veel te koud.
Opa gooit gelijk met sneeuwballen en de kinderen gaan achter hem aan. Opa rent naar het schuurtje, daar staat de slee en hij sleept de kinderen om beurten met de slee naar het bos. Onderweg waarschuwt hij de hele tijd . "Doe voorzichtig, val niet, niet te wild, glij niet te hard naar beneden..." totdat...
Arme opa , hij was zo bezorgd dat hij zelf niet goed oplette en nu heeft hij het zo koud en is hij zo moe...
Maar de kinderen vinden hem wel een echte sneeuwopa!
Vrolijk verhaal over een stel kinderen die met hun opa in de sneeuw spelen. Tussen neus en lippen door wordt verteld en gentoond wat je allemaal met en in de sneeuw kunt doen.
Op elke pagina staat een illustratie van Marja Meijer, soms is één afbeelding over twee pagina's afgedrukt.
Grappig is dat ook de kleine ongelukjes verteld en getekend worden, zoals bij het te hard trekken aan de slee waardoor de kinderen 'er om beurten weer afdonderen'. De illustraties zijn eenvoudig maar vrolijk en duidelijk. Zeker na deze lange winter (2009/2010) valt er veel op te herkennen.
De tekst is prima, in duidelijke letters afgedrukt en niet te moeilijk zodat het ook voor de kleintjes goed te volgen is.
Leuk en mooi verzorgd voorleesboekje.
ISBN 9769044811476 Hardcover, 32 pagina's Uitgeverij Clavis februari 2010
Vanaf 4 jaar
© Dettie, februari 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Leila - Met een kameel achter de coulissen
Elisabeth Mollema
Sharon en Leila zijn behalve zusjes ook vriendinnen. En Leila is ondanks dat ze anderhalf jaar jonger is een soort oppasser. Als Sharon ergens heen gaat moet zij mee op haar te letten. Hun ouders zijn overbezorgd voor Sharon en schijnen te denken dat Leila zich wel kan redden. Vaak is dat leuk, maar het is net of ze daardoor minder om Leila geven. Leila is ook degene die het boek schrijft: een biografie van haar straks beroemde zus. Want er gloort een bijzondere toekomst voor Sharon!
Ze wordt ontdekt door een jongen van de televisie die wil dat ze gaat meedoen in een soapserie. En Leila moet overal mee naar toe. Natuurlijk is dat spannend, en vindt ze het niet erg om in de studio rond te hangen, maar al die belangstelling voor haar zus! En zij dan?
Het wordt nog erger als een jongen die zij ontmoet heeft ook steeds maar over Sharon praat. Jaloezie steekt de kop op. Ze wil dat niet, ze wil het beste en leukste voor haar zus, maar ze wil zelf ook IEmand zijn. Ze voelt
zich eenzaam, iedereen kijkt alleen naar Sharon en ook Sharon zelf heeft geen aandacht voor Leila.
Als Leila's vriendje hen wegbrengt naar de studio's en daar ook blijft, moet het wel tot een crisis komen.
Is de liefde sterk genoeg?
Leuk boek. Na ieder hoofdstuk staan er lijstjes, die een leidraad vormen
voor hoe je beroemd kunt worden.
Nog een paar citaten:
'Hij rook naar jonge hertjes met een tikkeltje motorolie en een vleugje citroen'
"Sharon lijkt soms eens stofzuiger: ze slokt je gewoon op'
'Burney heeft een stem die het midden houdt tussen het geluid van een dikke bruine honingbeer en een hommel die in het voorjaar op zoek is naar de eerste bloemetjes.'
ISBN 90 8568 011 5 Hardcover 96 pagina's | Terra | juni 2005
Leeftijd 13 - 15 jaar
© Marjo, februari 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Minkes tegenbeeld
Caja Cazemier
Het boek begint met een proloog: een meisje is getuige van een vervelende gebeurtenis: in de duinen ziet ze hoe een meisje lastig gevallen wordt door een jongen, maar is niet in staat om te gaan helpen. Ze rent weg.
Drie jaar later gaat het verhaal verder met Minke en Evelien. Als Evelien na de zomervakantie op school komt ziet ze er een meisje dat ze niet kent. En toch ook weer wel! Ze komt haar bekend voor, maar ze herinnert het zich niet. Ze blijken buren. Een jaar of zeven eerder woonde Minke in het huis waar Evelien nu woont, voor ze naar een van de Waddeneilanden verhuisde. Nu ze op school gaat op het vasteland woont ze door de week bij haar vroegere buren.
Minke zit in 4 Havo, Evelien is blijven zitten, zit nu in de 3e. Zodoende horen ze tot dezelfde vriendengroep. Ze raken bevriend, al zijn ze heel verschillend. Minke is een bescheiden serieus meisje, dat niet geïnteresseerd is in mode, uiterlijk of jongens. Niet zoals Evelien dat is. Zij heeft haar kamer zelf prachtig ingericht, vindt Minke, in het huis waar ze nu met haar moeder en diens vriendin woont. Haar ouders zijn gescheiden.
Evelien denkt dat ze een makkelijk jaar zal hebben, ze heeft alle stof immers al gehad. Maar ze zit niet lekker in haar vel, leren lukt niet, ze is chagrijnig, krijgt ruzie thuis, niets gaat goed. De jongen waar ze een oogje op heeft blijkt voor Minke te vallen, en als ze nog meer onvoldoendes haalt - en dat zit er dus dik in - mag ze niet mee naar het eiland voor een logeerpartij bij Minke.
Minke heeft ook een probleem: toen ze nog op het vasteland woonde had ze een vriendje, Jeroen, die ze een beetje uit het oog verloor toen ze eenmaal verhuisd was. Eén keer nog komt hij op vakantie naar het eiland en trekken ze weer met elkaar op. Maar er gaat iets mis. En nu duikt hij steeds weer op voor haar neus, valt hij haar lastig. Maar het is 'haar' Jeroen niet meer: hij blowt, spijbelt, is een profiteur en een nietsnut. Ze wil hem niet. Als hij weer eens heel vervelend doet, is het Evelien die haar te hulp komt, maar vreemd genoeg is Evelien boos op haar! Minke snapt er niets van, maar dat doet Evelien ook niet...
Dit een goede jongerenroman, over meisjes met hun pubergevoelens, over liefde en jaloezie. Door om en om de meisjes de verteller te laten zijn, wordt er ook nog wat spanning ingebouwd. De lezer weet wat er in de meisjes leeft, en begrijpt heel goed hoe de vork in de steel zit. Dat geeft inzicht in de karakters, begrip voor hun daden. De jeugdige lezer kan zich goed inleven, omdat het een realistisch verhaal is.
Mooie psychologische jeugdroman.
Isbn 90 269 8882 6 Paperback 143 pagina's | Unieboek | augustus 1996
Vanaf 13 jaar
© Marjo, februari 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Helemaal Fien!
Harmen van Straaten
Fien baalt als een stekker, ze kan niet op vakantie want haar moeder moet werken. Bovendien moet de verwarming gerepareerd worden en dat gaat waarschijnlijk veel geld kosten. Haar broer Bert mag met Mark mee naar een vakantiepark maar zij gaat nergens heen... Gingen Sjoerd en Juliano maar op vakantie dan kon ze met een van hen mee. Maar die gaan ook al niet weg. Hun moeders wonen alleen en hebben geen geld voor een vakantie.
Fien en de twee jongens zijn heel goede vrienden. Ze noemen zich de 'piraten van de Kariben'.
Maar... Juliano gaat met zijn moeder naar een hotel, ze moeten een tante helpen die haar heup gebroken heeft en hij mag iemand meenemen... Fien is helemaal blij maar wil niet weg zonder Sjoerd, want echte piraten zijn trouw aan elkaar. Gelukkig mag Sjoerd ook mee.
De duivenmeneer brengt ze weg maar wat duurt de reis lang, Fien trekt gekke gezichten naar mensen en een meneer in een gele auto wordt daar heel erg boos om. Als ze gaan tanken is die meneer er ook! En Fien plaagt hem nog meer... Niemand snapt wat er gebeurd is maar die meneer is wel heel chagrijnig vindt iedereen.
Maar dan wil het busje van de duivenmeneer niet starten, ze kunnen niet verder. Fien ziet haar hele vakantie al niet doorgaan. Gelukkig zijn er een paar mannen die het hele groepje wel naar het hotel willen brengen, en één man, Marco, is wel heel aardig tegen Juliano's moeder. Fien ziet dat ze elkaar wel heel erg leuk vinden... Hij zal ze ook komen ophalen om ze weer naar huis te brengen!
Het hotel blijkt een dierenpension, dat is helemaal te gek. Natuurlijk moeten de jongens van Fien laten zien dat ze échte piraten zijn en met de grote honden gaan wandelen... dat is nu echt helemaal Fien!
Maar... Fien krijgt het ook wel een beetje benauwd want 's nachts hoort ze rare geluiden én de meneer met de gele auto ziet ze weer, als dat maar goed afloopt...
Een lekker vrolijk boekje met grappige zwart-wit illustraties van Georgien Overwater. De hoofdstukken hebben de volgende titels Helemaal wel, Helemaal weg, Helemaal niet, Helemaal anders, Helemaal niet eng, Helemaal niet bang, Helemaal geslaagd, Helemaal goed, Helemaal blij, Helemaal als nieuw.
Zelf vind ik het boek Helemaal leuk. Het is een verhaal over lef hebben en weten tot hoever je kan gaan. Ook zijn er verschillende soorten lef. Je kan stoer doen maar ook een beetje bang zijn. Of écht lef hebben, op een goede manier, zoals het meisje dat later in het verhaal erbij komt. Maar de leukste lef is natuurlijk piratenlef en dat hebben ze allemaal!
Eerder verschenen de boeken
Op en top Fien!’ en ‘Fien in de hoofdrol’
Zie ook http://www.harmenvanstraaten.nl
ISBN 9789049923839 Hardcover 79 pagina's Uitgeverij Pimento, september 2009
Leeftijd Vanaf 7 jaar
© Dettie, maart 2010
Lees de reacties op het foum en/of reageer, klik HIER
De zwarte panter
Gerard van Gemert
Als fan van de boeken over Stijn en Storm ben ik altijd blij als er weer een nieuw deel uit is. Dit boek is alweer deel zes over de voetbalgoden en het is weer een lekker verhaal.
Stijn en Storm zijn natuurlijk nog helemaal gek van voetballen en ze hebben nog steeds een goed contact met Bert Pringel, hun grote voetbalheld, die in het Nederlands elftal speelt.
Nu het WK voetbal in Zuid-Afrika er aan komt willen Stijn en Storm natuurlijk weten hoe Bert speelt. Maar dan mogen de jongens met het nationale jeugdelftal ook gaan spelen in Zuid-Afrika! Dat ze zelf daar mogen spelen is uniek. En... ze kunnen de wedstrijd waarin Bert speelt dan met eigen ogen zien! Dat is helemáál geweldig.
Ondertussen hoort Stijn dat het niet zo goed met Femke gaat. De mentor van haar school en Femke's moeder vragen of hij niet eens met haar wil gaan praten. Stijn is nog steeds erg gek op Femke maar hun verkering is uit en Femke heeft zelfs Stijn van haar chatbox gegooid. Nadat ze elkaar gesproken hebben vliegen de vonken toch nog steeds over en weer maar zag Stijn haar niet met Maikel lopen? Stijn voelt dat er iets niet goed zit, maar wat? Maar... Femke praat wel weer met Stijn via de chat.
Stijn probeert Femke uit zijn hoofd te krijgen als hij met het elftal in Zuid-Afrika is maar tijdens het chatten met haar vertelt ze eindelijk wat er allemaal aan de hand is... ze wordt beschuldigd van diefstal op school.
Als haar problemen nu maar niet Stijn teveel beïnvloeden tijdens het voetballen.
En Storm doet zijn naam ook weer eer aan. Paki, de Zuid-Afrikaanse 'gids' heeft tijdens een training Mosegi bij zich, een jongen uit de sloppenwijken. Mosegi blijkt geweldig te kunnen keepen! later, tijdens een excursie ziet Storm Mosegi en volgt hem, waardoor Storm en Stijn in een heel spannende situatie komen...
Al met al weer een lekker spannend verhaal dat wel veel over voetbal gaat natuurlijk maar daarnaast gebeuren ook weer allerlei verrasende dingen. Het boek is iets rustiger dan de voorgaande boeken en de latere gebeurtenissen rond Mosegi voel je al aankomen maar dat maakt niets uit. Ik zou erg teleurgesteld zijn geweest als het niet zo gelopen was.
De zwart-wit illustraties van Mark Janssen worden steeds levendiger, leuk!
Hopelijk gaat Gerard van Gemert nog een tijdje door met zijn Voetbalgodenboeken. Het blijven erg prettige boeken om te lezen. In ieder geval verschijnt er weer een nieuw deel rond september 2010. Alvast iets om naar uit te kijken.
ISBN 9789044812350 Hardcover 160 pagina's | Clavis | maart 2010
Leeftijd 9+
© Dettie, maart 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Spiegeljongen
Floortje Zwigtman
Het derde deel van De groene bloem trilogie. Na de delen Tegenspel en Schijnbewegingen , die goed afzonderlijk te lezen zijn, vormt Spiegeljongen het schitterende sluitstuk van deze serie.
Adrian Mayfield, woonachtig in Londen, komende uit de lagere sociale klasse, is de hoofdpersoon in deze boeken. Hij werkt in een kledingzaak waar de zwaarlijvige Augustus Trops een kostuum komt kopen en deze Trops valt op de knappe Adrian. Trops, een Vlaamse kunstschilder, vraagt of Adrian voor hem wil poseren en van het een komt het ander. Door deze man ontdekt Adrian dat hij homoseksueel is. Adrian wordt de beschermeling van Trops en deze introduceert hem in de kringen waarin ook Oscar Wilde verkeert.
Door zijn knappe uiterlijk en zijn intelligentie wordt Adrian al snel min of meer geaccepteerd door de high society. Adrian heeft de tijd van zijn leven. Maar als iedereen in de zomer vertrekt naar het buitenland ziet hij zich gedwongen, uit geldgebrek, te prostitueren in de herenliefde. De groep jongens waar hij mee omgaat zijn keihard. Het is ieder voor zich.
Later wordt Adrian schildersmodel voor Vincent Farley, een steenrijke man van goede komaf, en ze worden hevig verliefd op elkaar. Helaas door de commotie rond Oscar Wilde verandert er veel in het Londense leven. Als Vincent ontdekt dat Adrian zichzelf als hoer aangeboden heeft, kan Adrian vertrekken... Daarmee eindigt deel twee.
In deel drie pakken we dus de draad weer op. Adrian is berooid en kapot achtergebleven. Vincent was zijn grote liefde en hij kan niet begrijpen dat Vincent door kan leven in zijn schijnwereld. Hij gelooft ook niet dat het zomaar kan, wat zij samen hadden was té goed om te beeïndigen. Vincent zal en moet inzien dat hun liefde recht van bestaan heeft. Adrian wil niet zomaar aan de kant worden gezet omdat hij mogelijk een smet op de goede naam van de Farley's werpt.
Als hoort dat Vincent trouwplannen heeft móet hij naar Parijs, hij móet daar Vincent spreken en hem laten inzien dat een huwelijk ondenkbaar is. Hun liefde is daarvoor te groot. Maar het is het aloude liedje, hij heeft geen geld. Gelukkig is daar Lady Kinderly, de zieke en excentrieke 'dame' die de pijn van Adrian begrijpt. Zij moet toch naar Parijs voor 'zaken', Adrian kan met haar en haar gezelschap mee. Na een zoektocht vinden ze Vincent en zijn aanstaande bruid. Dankzij Lady Kinderly krijgt Adrian zijn gesprek met Vincent dat uitermate moeilijk en pijnlijk is. Daarna zint Adrian op wraak. Hij zal het al die Fairly's betaald zetten.
“Alles in me wat hem vroeger had willen kussen en koesteren wilde hem nu pijn doen.”
Maar erger is de innerlijke pijn van Adrian zelf, hij is totaal van de kaart na de scheiding van zijn grote liefde. Hij wordt heen en weer geslingerd in zijn gevoelens die variëren van intense liefde en intense haat voor Vincent.
Hij belandt in een diepe put en doet in zijn wanhoop dingen die op zijn minst niet erg slim zijn. De gevolgen zijn hem dan ook bijna noodlottig. Daarna zal Adrian verder moeten, de weg terug is lang... hij zal de confrontatie met zichzelf en zijn omgeving aan moeten.
‘Ik heb nu eenmaal een grotere belangstelling voor het verleden dan voor deze tijd. Waarschijnlijk omdat ik het zo leuk vind een wereld in elkaar te zetten. Ik wil weten wat die mensen deden als ze ’s morgens opstonden, wat ze zagen als ze uit het raam keken, wat voor kleren ze aantrokken, wat ze roken, wat ze hoorden, wat ze aten. Juist door zulke details wint een boek enorm aan sfeer.’
Deze woorden van Floortje Zwigtman geven precies aan wat ze doet in dit boek. Ze weet een sfeer te creeëren die maakt dat het lijkt alsof je er zelf bij bent. Maar ook haar personages spreken tot de verbeelding. Ik denk dat niemand Lady Kinderly nog vergeet na het lezen van dit boek.
Was Adrian in de eerste twee boeken een aardige jongen waarbij het nou eenmaal gelopen was zoals het liep, in dit deel is het af en toe een rotzak. Zijn vriendelijke gevoelens zijn weg. Hij voelt zelfs nauwelijks meer wat. Alleen die intense leegte. Eigenlijk maakt dit Adrian 'leuker'. Zijn gevoelens zijn schrijnend en hij is af en toe keihard maar Adrian is daardoor wel meer mens.
Het boek leest net als de eerste twee delen als een trein. De rode draad door alle boeken is de toestand rond Oscar Wilde die het proces rondom sodomie moet ondergaan (1895). Elke keer opnieuw heeft dit gevolgen voor de homoseksuelen in heel Engeland zo ook voor Adrian. Het proces wordt zeer beeldend beschreven. De ondergang van Wilde is compleet. Als een uitgebluste man verlaat hij de rechtzaal, tot grote ontsteltenis van Adrian.
Bij de rest van het boek trek je wel heel af en toe je wenkbrauwen op, enkele dingen zijn wel érg toevallig zoals de kans om naar Parijs te kunnen of de zus van Vincent die ineens een brief stuurt waardoor Adrian weer actie kan ondernemen. Alle losse eindjes worden in dit boek aan elkaar geknoopt, soms lijken deze een beetje geforceerd zoals bij Trops die wel een erg vreemde weg in slaat. Voor het goede, had er eigenlijk nog een boek moeten volgen om alles in hetzelfde tempo als de eerste twee delen te vertellen.
Maar het mag de leespret niet drukken, het is opnieuw een schitterend boek geworden, persoonlijk vind ik dit deel zelfs het beste van de drie. Elke vrije minuut liet ik me weer onderdompelen in het Victoriaanse Londen en merkte dat ik langzamer ging lezen naarmate het eind naderde. Ik wilde niet dat het over was en dat wil wat zeggen voor iemand die een behoorlijke afkeer van dikke boeken heeft.
ISBN 9789026122927 Hardcover 621 pagina's | Fontein | februari 2010
Leeftijd vanaf 15 jaar
© Dettie, februari 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Love street 13
Maureen Johnson
Dit boek had ik even achter gehouden omdat ik me er op verheugde. Eerst het serieuze werk en dan dit boek. Het vorige boek Kamer 16 was erg vrolijk en grappig. Maar helaas, Love street 13 viel tegen.
In Kamer 16 gaat het over Scarlett die met haar ouders, broer en twee zussen in een oud art-deco hotel woont. Dat hotel is nagenoeg failliet en iedereen probeert van alles om toch het hoofd boven water te houden. Gelukkig krijgen ze een bijzondere gast, mevrouw Amberson, die de hele zomer blijft en Scarlett nodig heeft als assistent. Wat volgt is een leuk verhaal dat ik toentertijd met veel plezier gelezen heb.
De flaptekst van Love street 13 belooft meer leuke gebeurtenissen maar ik was op gegeven moment op bladzijde 117 en dacht wat is er nu eigenlijk gebeurd? Nog helemaal niets. Scarlett is nog steeds verliefd op Eric en droomt daar eindeloos over door. Mevrouw Amberson woont niet meer in het hotel, maar heeft een appartement van een vriendin overgenomen. Scarlett is nog steeds haar assistent.
Zo apart en bijzonder als deze vrouw in het boek Kamer 16 was zo weinig komt ze in dit boek uit de verf. En dat is eigenlijk de hele makke van dit boek. Niemand komt goed uit de verf.
Alle personages hangen er een beetje bij, de gebeurtenissen zijn vaak een herhaling uit Kamer 16, zoals de afkeer van Scarlett en haar broer Spencer voor Chip, de vriend van hun zus Lola. Zusje Marlene is dezelfde vervelende klier en de ouders spelen opnieuw nauwelijks een rol. Maar verder ontwikkelt het verhaal zich nauwelijks, het sukkelt maar voort.
Op de flaptekst staat: "Zo moet ze (Scarlett) aanpappen met Max, de irritante broer van een jonge actrice. Overal waar Scarlett heen gaat, duikt hij op. Wat moet ze daar nu van denken?"
Max speelt nauwelijk een rol in het boek, laat staan dat hij overal opduikt.
Verder staat op de flaptekst: "Wanneer haar oudste zus vertelt dat ze tijdens haar vakantie in Las Vegas getrouwd is met haar 18-jarige vriendje, staat Scarletts leven op zijn kop."
Die zus trouwt bijna op het eind van het boek en echt spectaculair wordt het allemaal niet, hooguit een beetje op het verlate huwelijksfeest, maar ook dat is niet echt zo spannend of komisch als de gebeurtenissen in Kamer 16. In dat boek leefde je mee met iedereen en hoopte je op de goede afloop maar als je dit boek dichtslaat vraag je je af wat er nu eigenlijk gebeurd is en dat is bitter weinig.
Helaas zijn vervolgdelen vaak zwakker dan het eerste boek. Er wordt geprobeerd voort te borduren op het succes, maar wat deel één zo leuk of goed maakte ontbreekt dan bij de volgende delen. Zo ook bij dit boek. Maureen Johnson schrijft leuke, vrolijke meidenboeken maar laat ze haar energie steken in echt nieuwe verhalen of meer tijd steken in het vervolg. Het verhaal in Love street 13 wordt uitgesmeerd over 297 pagina's en het lijkt alsof Johnson nauwelijks inspiratie had, het is bijna saai te noemen zeker ten opzichte van Kamer 16. Jammer! Ze kan veel beter.
Ik heb, gezien het eind van dit boek, het gevoel dat er meer boeken over Scarlett en haar familie komen. Hopelijk worden die dan weer net zo humoristisch en goed uitgewerkt als Kamer 16.
(Beide boeken zijn goed afzonderlijk te lezen.)
ISBN 9789026127182 Paperback 297 pagina's Uitgeverij De Fontein, februari 2010
Vertaald door Jeske Nelissen, Geschikt voor 13-15 jaar.
© Dettie, februari 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
Iep!
Joke van Leeuwen
“Neem drie lijnen buigt ze een beetje om schuif ze tegen elkaar en hier is het landschap waarin dit verhaal begint. De zon schijnt erboven, maar die past niet op de bladzij. Er moeten nog struiken bij en bomen.
En paden.
Daar lopen wel eens mensen over, en torren en slakken. Torren en slakken weten niet dat ze daar lopen. Mensen wel. Zoals de man in de verte. Hij kijkt naar de vogels.
En hij weet het”
Zo begint “Iep”en de toon is meteen gezet, want de taal is prachtig. Filosofisch bijna af en toe.
De man uit de eerste regels is Warre, Warre houd van vogels, en vooral van het kijken naar vogels. Op een dag kijkt hij, al vogels kijkend, onder een struik. Dat doet hij anders nooit, maar die dag wel.
Onder de struik ligt een sóórt vogel, maar dan met beentjes, maar ook met vleugeltjes, het is een vogel in de vorm van een meisje: Viegeltje. Warre neemt haar mee naar huis en ontfermt zich over haar, samen met zijn vrouw Tine. Ze verstoppen haar vleugeltjes. Dat wel. Want dat zullen de mensen niet begrijpen, een vogelmeisje met vleugeltjes. Warre en Tine zorgen voor Viegeltje met alles wat ze in zich hebben. Maar op een dag blijkt Vliegeltje toch gevlogen. Zonder dag te zeggen. Dat is nog het ergste. Dat ze geen dag heeft gezegd. En dus gaan ze op zoek. Samen. En tijdens die zoektocht komen ze allerlei wonderbaarlijke mensen tegen, en samen zoeken ze verder, maar iedere keer als ze haar bijna hebben blijkt Viegeltje toch weer gevlogen. Totdat ze haar uiteindelijk toch vinden. Zou het deze keer wel lukken “dag” te zeggen?
Dit boek heeft eigenlijk alles wat een kinderboek zou moeten hebben, de taal is prachtig, er staan zinnen in die je drie keer wilt overlezen zo mooi zijn ze, het verhaal is af en toe vertederend en af en toe spannend en de tekeningen zijn buitengewoon grappig.
Leuk om te lezen vanaf een jaar of tien, om voor te lezen kan het denk ik al wel iets jonger.
Een aanrader.
Joke van Leeuwen heeft met dit boek de Woutertje Pieterse Prijs 1997 gewonnen, de bekroning voor het beste literaire kinderboek.
ISBN 9789045104447, uitgave Volkskrant, Woutertje Pieters Prijs, 2007, 150 pagina’s
©Willeke, februari 2010
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER