jeugd 6-9 jaar

Jeanet Kingma

http://www.jeanetkingma.exto.nl

http://www.myriamberenschot.nl

 

Viltstiftbos
Jeanet Kingma


'Buiten spelen! Alweer! Tasko smeet zijn potlood op tafel. Hij had helemaal geen zin om naar buiten te gaan!'
Was hij net lekker een kasteel aan het tekenen wat heel goed lukte en nu moet hij van zijn moeder naar buiten! Want ze moet stofzuigen en opruimen. Naar zijn kamer gaan kan ook niet want daar doet opa zijn middagdutje. Opa is gevallen en woont tijdelijk bij hun in huis. Opa slaapt in Tasko's kamer, daardoor voelt zijn kamer ook al niet meer als zijn kamer. Zuchtend ruimt Tasko zijn tekenspullen op en pakt zijn skateboard en zijn helm, dan maar naar buiten.
Hij weet dan nog niet wat voor avontuur hem daar te wachten staat...


Buiten ziet hij zijn nieuwe buurmeisje Fenna. Zij baalt ook, maar dan om een andere reden. Ze wilde helemaal niet verhuizen want bij haar oude huis was een mooi bos met heel veel dieren en nu woont ze hier, bij een druk, lawaaiïg viaduct waar de vrachtwagens overheen denderen. Haar vader is nu boswachter van de natuur in de stad in plaats van in het bos. Ze praten wat tot Fenna naar huis moet.


Als Fenna weg is, gaat Tasko kijken wat ze nu eigenlijk in het distelveld deed. Hij ziet een kastje, dat een oude brievenbus blijkt te zijn, met daarin een tekening gemaakt met viltstift en kleurpotlood door elkaar. Hij ziet een huis en een bruin en lichtblauw paard. Verder een soort paardrijvrouw die een zweep vasthoudt. Ze kijkt niet aardig en haar benen zijn een beetje raar getekend. De bomen achter het huis zijn met groene viltstift gemaakt.
Die tekening is vast van Fenna, denkt Tasko, hij rolt hem op en neemt hem mee naar huis. Daar tekent hij er van alles bij, een stoere ridder, een grote vogel en... een half ijscobusje, net of die de tekening binnen komt rijden. Dat is het leuke van tekenen, op een tekening kan alles!
Daarna stopt hij de tekening terug in de brievenbus. Hij is heel benieuwd wat Fenna zal zeggen...


Nou, Fenna vindt het superleuk! Ze gaan samen weer naar het veldje en zien een grote vogel vliegen. Fenna weet alles van vogels en zegt dat het een heel bijzondere buizerd is. Ze gaan erachteraan en komen uit bij een busje van een ijscoman. Tasko gaat gauw geld halen en ze bestellen hun ijsje, maar de ijscoman wil helemaal geen geld, hij wil het pepermuntje van opa! Het ijs is heel speciaal, zo speciaal zelfs dat zo gauw ze hun ijsje op hebben de hele omgeving verandert. Het viaduct is weg, ze zijn bij een bos, er loopt een bruin en een lichtblauw paard... Tasko beseft ineens dat ze in hun eigen tekening beland zijn! Het bos, is het viltstiftbos!


Het grappige van dit verhaal is dat alles wat op de tekening staat tot leven is gekomen, de bomen, de paarden, de ridder, de grote vogel, alles. Het is leuk hoe er mee gespeeld wordt door de schrijfster. Het lichtblauwe paard wordt grijs als hij zich bedroefd voelt, de onaardige paardrijvrouw loopt mank. De roofvogel speelt een belangrijke rol en de ridder is écht stoer en hij rijdt op het bruine paard. Hij is overigens zijn kasteel kwijt...


Tasko vindt het allemaal een beetje griezelig, al die rare geluiden in het bos. Maar natuurkind Fenna vindt dat heel gewoon, maar zij vindt die mensen eigenlijk een beetje eng. Daar kan Tasko haar dan weer bij helpen.
Het wordt nog heel spannend allemaal want de paardrijvrouw is écht niet aardig en veroorzaakt een hoop problemen. Maar de hoofdvraag is, hoe komen Fenna en Tasko weer uit de tekening en willen ze dat eigenlijk wel?


Kortom, een heerlijk meeslepend verhaal waarvan elk kind zal genieten!


ISBN 9789044832877 | Hardcover | 173 pagina's | Uitgeverij Clavis | augustus 2018 | Leeftijd vanaf 9 jaar
Geïllustreerd door Myriam Berenschot

© Dettie, 18 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Viltstiftbos
Jeanet Kingma


Tasko baalt. Hij kan niet op zijn eigen kamer spelen, omdat opa daar logeert. Die is gevallen en kan voorlopig niet in zijn eigen huis wonen. Opa heeft de hele kamer in gebruik, er staat een postoel en een looprek. Ook verandert opa dingen aan de legobouwwerken van Tasko.


‘Een eigen kamer was net een zachte trui die precies paste. Als hij hem aanhad dacht hij vanzelf aan goede dingen. En als het nodig was kon hij zich er helemaal in verstoppen.’ Tja, nu gaat dat dus niet. Een beetje boos gaat hij buiten skateboarden.


Daar ontmoet hij het meisje dat pas in de straat is komen wonen. Ze vertelt dat ze Fenna heet. Dat ze eerst in een bos woonde met haar vader die boswachter is. Nu moet haar vader het stuk land dat begroeid is met distels in de gaten houden. Maar Fenna kwam uit dat veld. Wat is ze daar wezen doen? Tasko is nieuwsgierig en gaat op zoek.


En achter in het veld, bij het drukke viaduct, staat een brievenbus. Met een opgerolde brief erin. Als hij hem er uit trekt en bekijkt ziet hij een tekening. Viltstift en kleurpotlood door elkaar. Twee paarden, een huis met enorme deuren, een paardrijvrouw, die kwaad keek. En achter het huis bomen. Dit heeft Fenna vast gemaakt!


Nu is Tasko dol op tekenen. Op zo'n tekening kan je immers alles laten gebeuren!
Hij neemt de witte rol mee en tekent er thuis van alles bij: een ridder in vol ornaat op een van de paarden, een roofvogel in de lucht, en zomaar, omdat het grappig was, een busje dat net niet op het vel papier paste, met op de zijkant het woord IJS. Tasko stopt de tekening terug in de brievenbus.


Natuurlijk ziet Fenna dat de volgende dag, maar voor hij er over kan vertellen klinkt het lawaai van een auto. Een ijscowagen! Snel haalt Tasko geld voor een ijsje. En het ijsje, dat ze tegen betaling van een pepermuntje (!) van de ijscoman krijgen verandert alles! Letterlijk: ineens is er geen autoviaduct meer, er vliegt een buizerd, en er duikt een paard op! Tasko beseft dat ze IN de tekening zijn! Maar hoe komen ze er dan weer uit?


Fenna is een natuurmeisje, Tasko een stadsjongen. Allebei zijn ze boos, omdat hun leven opeens veranderd is en zij daar niets aan kunnen doen. Ze vullen elkaar aan, en beleven een fantastisch avontuur, met ridders en paarden en een boosaardige vrouw. Hun verleden, die de achterliggende reden is van hetgeen ze getekend hebben, speelt een rol in de oplossing van de zoektocht naar de uitweg.
Een heerlijk fantasierijk verhaal over vriendschap, dierenmishandeling en een magisch kasteel.


Na Mosselvogel verschijnt nu het tweede boek van Jeanet Kingma. Zij is schrijver en beeldend kunstenaar. Ze maakt kunstenaarsboeken in zeer kleine oplagen, waarin ze beeld en tekst combineert. Haar favoriete druktechnieken zijn: houtsnede en sjabloondruk. Maar hopelijk heeft ze nog meer van dit soort mooie kinderboeken in haar hoofd!


ISBN 9789044832877 | Hardcover | 173 pagina's | Uitgeverij Clavis | augustus 2018 | Leeftijd vanaf 9 jaar
Geïllustreerd door Myriam Berenschot

© Marjo, 18 september 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altMosselvogel
Jeanet Kingma

Het is vakantie en Riska is met haar ouders en jongere broertje Chiel aan zee. De grootste hobby van Riska is het bestuderen van vogels. Ze heeft een prachtig boek Vogels van Europa, waar ze heel vaak in bladert. En natuurlijk heeft ze het meegenomen naar de camping.
Wat ze ook graag doet is over het strand lopen struinen op zoek naar bijzondere schelpen, of misschien wel haaientanden.
Op de eerste dag al vindt ze een haaientand. Is dat even geluk hebben! Ze heeft ook een mossel opgeraapt: 


‘Raar groot was hij. Zwart, met bovenop een glinsterplek. Ik zakte op mijn hurken. Eigenlijk had ik al genoeg schelpen: kleine roze, een mooi slakkenhuis en grote gladde in heel veel kleuren grijs. Toch pakte ik de schelp op. Hij was dicht! Zou er nog een diertje in zitten? Ik draaide hem rond. Aan één kant zat een zilverig vlekje. Mooi! ‘


Ze vindt het erg jammer als Chiel met zijn wilde gedrag haar emmer omgooit. Waar is die schelp nou? Ze vindt hem niet terug.


Even later ontmoeten ze een jongen die vertelt dat hij op zoek is naar haaientanden. Hij heeft zelfs een speciale zeef bij zich. Maar wat hij ook heeft is een dichte mossel! En die lijkt wel erg veel op de mossel die Riska kwijt was.
Sjoerd wil graag ruilen, maar Riska trapt er niet in. Pas later, als ze meer met elkaar gaan optrekken, en samen een hut gaan bouwen ‘verboden voor kinderen onder de acht’, ruilt ze in een opwelling toch (ter wille van de vriendschap?). En ze ontdekt iets vreemds: de mossel die ze in een blauw doosje heeft gelegd, gaat langzaam open, en ze ziet een roze ding. Wat is dat? Een diertje?


Sjoerd is de enige die ze erover vertelt. Samen kijken ze wat er gebeurt. Er komt een heel vreemd diertje uit de mossel. Een vogel! Ze beseffen al snel dat ze dit niet rond moeten bazuinen.
Op de camping woont een mevrouw die sieraden maakt met bijzondere veertjes, en er loopt een man rond die bijzondere vogels wil spotten. De kinderen vertellen dus niemand wat zij hebben. Maar een vogel moet vliegen, een vogel heeft vrijheid nodig.


Jeanet Kingma schrijft over vriendschap. Enerzijds is er de realistische vriendschap tussen twee kinderen, anderzijds is er hun gezamenlijke zorg voor een fantasiedier.
Riska is een verlegen, bescheiden meisje, dat door de ik-vorm heel goed naar voren komt. Als lezer voel je haar aarzeling, beleef je mee hoe ze langzaam vertrouwen schenkt, en hoe door de gebeurtenissen op de camping haar zelfvertrouwen groeit. Het is daardoor een heel gevoelig boek geworden, een erg mooi verhaal, en het zou jammer zijn als  het slechts een bepaalde groep lezers zou aanspreken.


Jeanet Kingma (Almelo, 1967) is kunstenaar en docent. Dit is haar eerste boek voor kinderen. Moge er maar veel volgen!

ISBN  9789044827057 | Hardcover| 156 pagina's | Uitgeverij Clavis | april 2016
Illustraties van Myriam Berenschot | Leeftijd vanaf 8 jaar. NUR 282

© Marjo, 5 juni 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Lees meer...

Pagina 1 van 2

<< Start < Vorige 1 2 Volgende > Einde >>